Jaarstukken Dantumadiel 2025 26-05-2026 bewerkt_v2
Tekst van het document
1.4 Tarieven Het tarief van iedere lokale heffing wordt in het najaar door middel van een apart raadsvoorstel vastgesteld. Met inachtneming van hetgeen hiervoor is opgemerkt over de beleidskaders waarbinnen in algemeenheid beslissingen worden genomen over tariefontwikkelingen, zijn hierna de precieze effecten daarvan voor het jaar 2025 ten opzichte van 2024 weergegeven.
82
Tarieven 2025 Tarief 2024
Tarief 2025
Procentuele correctie
OZB-eigenaar woningen
0,1411%
0,1395%
-/- 1,13%
OZB-eigenaar niet-woning
0,2978%
0,3076%
+/+ 3,29%
OZB-gebruiker
0,2317%
0,2393%
+/+ 3,28%
€ 1,00
€ 1,00
0%
div.
div.
div.
Eenpersoonshuishouden
€ 204,72
€ 209,22
+/+ 2,20%
Meerpersoonshuishouden
€ 255,75
€ 261,38
+/+ 2,20%
Woningen
€ 188,23
€ 188,23
0%
Bedrijven
€ 229,15
€ 229,15
0%
Verpleeg- en verzorgingshuizen
€ 271,95
€ 271,95
0%
Garageboxen
€ 20,34
€ 20,34
0%
Belasting soort
Toeristenbelasting Leges Afvalstoffenheffing
Rioolheffing
83
1.5 Belastingopbrengsten Onderstaande tabel geeft een beeld van de voor het jaar 2025 begrote opbrengsten en werkelijke ontvangsten voor de belastingen, rechten en heffingen. Opbrengsten belastingen (bedragen x 1.000 euro) Belasting soort
Opbrengst 2025
Begroting 2025
Saldo
OZB-eigenaar woningen
3.609
3.606
3
OZB-eigenaar niet-woning
769
777
-8
OZB-gebruiker
449
469
-20
Toeristenbelasting
43
47
-4
Afvalstoffenheffing
1.992
1.982
10
Rioolheffing
1.583
1.554
29
Leges
762
591
171
Totaal
9.207
9.026
181
1.6 Kostendekking afvalstoffenheffing, rioolheffing, en leges Afvalstoffenheffing en Rioolheffing De afvalstoffenheffing is een bestemmingsheffing omdat de opbrengst niet naar de algemene middelen vloeit, maar dient ter dekking van de kosten van afvalinzameling en -verwerking. Het uitgangspunt is dat deze kosten inclusief de kosten van kwijtscheldingen volledig gedekt worden uit de opbrengst van de afvalstoffenheffing. Eventuele overschotten of minder kosten worden gestort in een egalisatievoorziening waardoor het geld beschikbaar blijft voor Afval. De kosten voor het beheren en in stand houden van het rioolstelsel worden door een heffing verhaald. Gemeenten hebben naast de zorgplicht voor stedelijk afvalwater en hemelwater ook de zorgplicht voor grondwater. Het uitgangspunt is dat deze kosten inclusief de kosten van kwijtscheldingen volledig gedekt worden uit de opbrengst voor de rioolheffing. Eventuele overschotten of minder kosten worden gestort in een egalisatievoorziening waardoor het geld beschikbaar blijft voor Riolering.
84
Leges In de begroting wordt jaarlijks een beeld geschetst van de te verwachten opbrengsten van de belastingen, rechten en heffingen en in de jaarrekening een beeld van de daadwerkelijk gerealiseerde bedragen. In onderstaande tabel is een overzicht opgenomen van die begrote kosten en de gerealiseerde opbrengsten voor het jaar 2025. Kort samengevat ziet het beeld voor de leges er als volgt uit: Opbrengsten 2025
Toegerekende kosten (ANG)
Kostendekking
Hoofdstuk 1 Algemene Dienstverlening
341
458
74%
Hoofdstuk 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving / omgevingsvergunning
403
455
89%
Totaal titel 1 en 2
744
913
81%
Hoofdstuk 3 Dienstverlening vallend onder Europese Dienstenrichtlijnen
18
40
45%
Totaal Legesverordening
762
953
80%
(bedragen x € 1.000)
1.7 Vergelijking woonlasten op basis van Atlas van de lokale belastingen Elk jaar publiceert het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (Coelo), een onafhankelijk onderzoeksinstituut verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen, de zogenoemde Atlas van de lokale belastingen. Dat Atlas geeft jaarlijks een overzicht van de heffingen van gemeenten, provincies en waterschappen, waaraan wij voor het jaar 2025 de onderstaande tabellen hebben ontleend. Het Coelo berekent de woonlasten over de gemiddelde WOZ-waarde per gemeente van de koopwoningen. Voorheen werd uitgegaan van de gemiddelde waarde van koop- en huurwoningen tezamen. De gemiddelde woningwaarde waar het Coelo mee rekent ligt dus hoger dan de gemiddelde woningwaarde die de gemeente gebruikt om de tarieven te berekenen. Volgens het Coelo is de gemiddelde WOZ-waarde 2025 van koopwoningen in de gemeente Dantumadiel € 387.174. In die tabellen worden de gemiddelde woonlasten voor de eigenaar-bewoner en de huurder weergegeven, alsmede de provinciale en landelijke rangorde voor wat betreft de meerpersoonshuishoudens. In het verlengde daarvan hebben wij, zowel in relatieve als absolute zin, de afwijkingen ten opzichte van het Friese gemiddelde weergegeven.
85
Woonlasten 2025 eigenaar – bewoner
Eenpersoons
Meerpersoons
Rangorde provinciaal (meerpersoons)
Rangorde landelijk (meerpersoons)
Dantumadiel
€ 938
€ 990
13
119
Gemiddelde in Friesland
€ 811
€ 927
In procenten
116%
107%
In euro's
€ 127
€ 63
Gemeente
Verhoudingen t.o.v. Fries gemiddelde
De provinciale rangorde is in 2025 ten opzichte van 2024 verbeterd. De gemeente is gestegen van plaats 15 naar plaats 13. Nummer 1 heeft de laagste woonlasten (Ameland) en nummer 18 de hoogste (Schiermonnikoog). Woonlasten 2025 huurder
Eenpersoons
Meerpersoons
Rangorde provinciaal (meerpersoons)
Rangorde landelijk (meerpersoons)
Dantumadiel
€ 397
€ 450
7
142
Gemiddelde in Friesland
€ 350
€ 470
In procenten
113%
96%
In euro's
€ 47
€ -20
Gemeente
Verhoudingen t.o.v. Fries gemiddelde
Voor de huurder met een meerpersoonshuishouden geldt, dat de provinciale positie in 2025 is verbeterd ten opzichte van 2024. Van plek 9 naar plek 7. Nummer 1 heeft de laagste woonlasten (Weststellingwerf) en nummer 18 de hoogste (Waadhoeke).
86
Paragraaf weerstandvermogen 2.1 Inleiding Als gemeente streven wij naar een optimale dienstverlening en goede voorzieningen voor onze inwoners. Een belangrijke voorwaarde om deze doelstelling te realiseren is een gezonde financiële positie. In deze paragraaf treft u een beoordeling aan van de beschikbare weerstandscapaciteit en de minimaal vereiste weerstandscapaciteit vanuit de Nota Risicomanagement en Weerstandsvermogen. Daarnaast treft u een risico inventarisatie aan en aantal financiële kengetallen die een beeld geven van de financiële positie van de gemeente. Vanuit wet- en regelgeving is het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) het voornaamste kader voor deze paragraaf. De lokale kaders zijn uitgewerkt in de Financiële verordening (2023) en de Nota Risicomanagement en Weerstandsvermogen (2024).
2.2 Beschikbare- en vereiste weerstandscapaciteit Middels de nota risicomanagement en weerstandsvermogen beschikt de gemeente Dantumadiel over een beleid voor het omgaan met risico's en het weerstandsvermogen. Het doel van het beleid is om gezonde financiële basis te creëren voor de komende jaren. De drie belangrijkste pijlers van de nota risicomanagement en weerstandsvermogen zijn: 1. Het inventariseren van risico's middels NARIS en het verbeteren van inzicht in risico's en de beheersing daar van; 2. Het jaarlijks bespreken van de financiële houdbaarheidstest van de VNG in de auditcommissie; 3. Het vaststellen van de minimale weerstandscapaciteit op € 10 miljoen óf op basis van de risico inventarisatie uit NARIS indien deze hoger is. In deze paragraaf lichten we een en ander toe over de derde pijler en in hoeverre er op dit moment wordt voldaan aan de minimaal vereiste weerstandscapaciteit. Middels de nota risicomanagement en weerstandsvermogen is de minimale weerstandscapaciteit vastgesteld op 10 miljoen euro tenzij de benodigde weerstandscapaciteit op basis van de risico inventarisatie uit NARIS een hogere waarde vereist. De grens van € 10 miljoen euro is vastgesteld om mogelijke verliesjaren in de toekomst op te kunnen vangen.
Daarbij is de ervaring uit het verleden dat een nadelig resultaat van € 4 miljoen gedurende de drie daar opeenvolgende jaren omgebogen kan worden met ieder jaar een verbeter van € 1 miljoen. Daar uit volgt dan de rekensom (€4 miljoen + € 3 miljoen + € 2 miljoen + € 1 miljoen) dat er in een dergelijke situatie € 10 miljoen euro vereist is om deze tegenvaller op te vangen. In het geval dat het weerstandsvermogen daadwerkelijk nodig is om tegenvallers op te vangen kan het weerstandsvermogen onder de gewenste ondergrens van € 10 miljoen komen. Op zo’n moment is het vaak niet mogelijk om het weerstandsvermogen direct weer op het gewenste niveau te krijgen. In de praktijk zal vaak een ombuiging nodig zijn alvorens een aanvulling van het weerstandsvermogen mogelijk is. Het doel van het weerstandsvermogen is ook om de financieel moeilijke jaren door te komen en in die periode aan de wettelijke (toezichts)eisen te voldoen. In deze situatie zal het College in de paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing rapporteren welke acties worden ondernomen om het weerstandsvermogen (op termijn) weer op de gewenste ondergrens te krijgen. 87
In Tabel 1 is de stand van de Algemene reserve ultimo 2025 afgezet tegen de vereiste weerstandscapaciteit zoals voorgeschreven door de Nota risicomanagement en weerstandsvermogen. De beschikbare weerstandscapaciteit is hoger dan de vereiste weerstandscapaciteit. De gemeente Dantumadiel voldoet hiermee aan de nota risicomanagement en weerstandsvermogen. Tabel 1: Algemene reserve afgezet tegen de vereiste weerstandscapaciteit Bedragen x € 1.000
Rekening 2025
Beschikbare weerstandscapaciteit
15.095
Vereiste weerstandscapaciteit
10.000
Ruimte (+) / tekort (-)
5.095
Beschikbare weerstandscapaciteit Stand Algemene reserve 1 januari
13.783
Onttrekkingen (-)
2.605
Stortingen (+)
165
Resultaat bestemming 2024 (+)
3.751
Stand Algemene reserve 31 december
15.095
Vereiste weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit o.b.v. risico inventarisatie
3.301
Benodigde weerstandscapaciteit voor verliesjaren
10.000
Vereiste weerstandscapaciteit
10.000
88
2.3 Benodigde weerstandscapaciteit o.b.v. risico inventarisatie Risico inventarisatie Als organisatie hebben wij een risico inventarisatie uitgevoerd om te beoordelen of de benodigde weerstandscapaciteit niet hoger moet zijn dan de vereiste 10 miljoen euro. Hierbij is gebruik gemaakt van het softwareprogramma NARIS waarmee risico's systematisch in kaart kunnen worden gebracht en beoordeeld. Uit de inventarisatie zijn vanuit de gemeente in totaal 36 risico's in beeld gebracht. In het onderstaande overzicht wordt de top 10 van deze risico’s gepresenteerd die de hoogste bijdrage leveren aan de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit. Deze top 10 risico’s bepalen gezamenlijk voor 62,5% de benodigde weerstandscapaciteit. De risico inventarisatie geeft een goed inzicht in de aanwezige risico’s en stelt organisatie en bestuur in staat beter te sturen op de beheersing van risico’s en te bepalen welke weerstandscapaciteit nodig is om financiële schade voortkomend uit risico’s te ondervangen. Het plan is om de komende jaren het inzicht in risico’s en de sturing en beheersing van de risico’s verder te ontwikkelen. In Tabel 2 treft u een overzicht aan van de top-10 risico’s van de gemeente Dantumadiel. Op basis van de geïnventariseerde risico's is een risicosimulatie uitgevoerd in NARIS. De risicosimulatie is toegepast omdat het reserveren van het maximale bedrag niet nodig is.
De risico's zullen immers niet allemaal tegelijk en in hun maximale omvang optreden. Figuur 1 en Tabel 3 tonen de resultaten van de risicosimulatie. Voor de bepaling van de benodigde weerstandscapaciteit gaan we, conform de nota weerstandsvermogen en risicomanagement, uit van een zekerheidspercentage van 90%. Uit Tabel 3 is op te maken dat het voor 90% zeker is dat alle risico's kunnen worden afgedekt met een weerstandscapaciteit van afgerond € 3.301.000, dit is de benodigde weerstandscapaciteit op basis van de risico inventarisatie . Tabel 2: belangrijkste financiële risico’s Risiconummer
Risico omschrijving
Gevolgen
Invloed
R9
Zorgaanbieder gaat failliet
Financieel - Mogelijk betaalde voorschotten (jeugd) worden niet meer ingezet voor zorg. Er zal opnieuw zorg ingekocht en betaald moeten worden.
12,16%
R67
Toename van het aantal jeugdvoorzieningen door meer aanvragen dan verwacht.
Financieel - Er komt een overschrijding op de begrote budgetten. Deze overschrijding is afhankelijk van de zorgvraag en varieert per zwaarte van de zorgindicatie.
12,08%
R23
Overtreding AVG
Financieel - Boetes uit hoofde van de AVG zijn omvangrijk van aard.
9,68%
R38
Prijsstijging van uit te besteden werk. Vertraging in leveringen. Prijsstijging inkoop bouwmateriaal.
Financieel - Toenemende kosten bij onderhoud, vervanging en nieuwe projecten.
6,01%
R68
IT Hack / Ransomware
Financieel - Als gevolg van een IT Hack of Ransomware is er een risico op directe en
4,92%
89
Risiconummer
Risico omschrijving
Gevolgen
Invloed
indirecte schade en samenhangende kosten.
Herverdeling van gemeentefonds kan negatief uitpakken voor individuele gemeente
Financieel - Een wijziging in de verdelings systematiek van de Algemene uitkering kan een grote impact hebben op de baten van de gemeente.
4,84%
R50
Tekort in exploitatie gesubsidieerde organisaties
Financieel - Gesubsidieerde organisaties en verbonden partijen kloppen voor de financiering aan bij de gemeente. Zicht en invloed op de kosten van deze organisaties is beperkt.
4,23%
R41
Lopende grondexploitaties worden verliesgevend, dan wel minder winstgevend.
Financieel - Lopende grondexploitaties worden verliesgevend, dan wel minder winstgevend.
3,33%
Acute en hoge inflatie
Financieel - Door een acute stijging van het prijspeil stijgen de kosten op korte termijn. Op langere termijn wordt een stijgend prijspeil gecompenseerd vanuit de batenkant (o.a. Algemene uitkering).
2,93%
Het risico op een stijgende rente
Financieel - Stijgende rente kan op langere termijn voor hogere kapitaallasten zorgen. Korte termijn is afgedekt door langlopende rentecontracten.
2,42%
R62
R63
R60
90
Figuur 1: Uitkomsten kansverdeling
Tabel 3: Benodigde weerstandscapaciteit bij verschillende zekerheidspercentages Percentage
Bedrag
10%
€ 1.002.550
20%
€ 1.276.946
30%
€ 1.505.320
40%
€ 1.715.657
50%
€ 1.929.576
60%
€ 2.158.086
70%
€ 2.429.204
80%
€ 2.779.009
90%
€ 3.300.833
91
Ratio weerstandsvermogen De beschikbare weerstandscapaciteit zijn de middelen en mogelijkheden waar de gemeente over beschikt om niet begrote kosten te dekken. Voor de gemeente Dantumadiel betreft dit de middelen in de Algemene reserve. De middelen in de Algemene reserve zijn vrij besteedbaar. De beschikbare weerstandscapaciteit ultimo 2025 is gelijk aan € 15.095.000, zie Tabel 4. Tabel 4: Beschikbare weerstandscapaciteit Weerstand
Rekening 2025
Algemene reserve (vrij bestaadbaar)
€ 15.095.000
Totale weerstandscapaciteit
€ 15.095.000
Om te bepalen of de beschikbare weerstandscapaciteit toereikend is wordt de benodigde weerstandscapaciteit afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. We leggen hier dus een relatie tussen de financieel gekwantificeerde risico's en de mate waarin deze risico's opgevangen kunnen worden middels de vrij besteedbare middelen. De uitkomst van deze berekening noemen we het weerstandsvermogen. Onderstaande de berekening van het weerstandsvermogen voor de gemeente Dantumadiel in 2025. Beschikbare weerstandscapaciteit Weerstandsvermogen
=
-------------------------------------------Benodigde weerstandscapaciteit
€ 15.095.000 =
------------------
= 4,57
€ 3.301.000
NARIS heeft in samenwerking met de Universiteit Twente een normtabel ontwikkeld voor de beoordeling van het weerstandsvermogen, zie Tabel 5. De ratio van de de gemeente Dantumadiel valt eind 2025 in klasse A. Dit duidt op een uitstekend weerstandsvermogen. Overigens kan het weerstandsvermogen ook berekend worden op basis van de benodigde weerstandscapaciteit voor verliesjaren, in dat geval komt het weerstandsvermogen uit op 1,51 en is daarmee nog steeds ruim voldoende. Tabel 5: Weerstandsnorm Waarderingscijfer
Ratio
Betekenis
A
> 2,0
Uitstekend
B
1,4 - 2,0
Ruim voldoende
C
1,0 - 1,4
Voldoende
D
0,8 - 1,0
Matig
92
Waarderingscijfer
Ratio
Betekenis
E
0,6 - 0,8
Onvoldoende
F
< 0,6
Ruim onvoldoende
2.4 Kengetallen De kengetallen in deze paragraaf zijn getallen die de verhouding uitdrukken tussen bepaalde onderdelen van het resultaat en/of de balans en kunnen helpen bij de beoordeling van de financiële positie van gemeenten. Deze kengetallen maken inzichtelijk over hoeveel financiële ruimte de gemeente beschikt om structurele- en incidentele lasten te kunnen dekken of opvangen. Ze geven zodoende inzicht in de financiële weerbaar- en wendbaarheid van de gemeente. Het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) schrijft de volgende kengetallen voor. •
Netto schuldquote;
•
Solvabiliteitsratio;
•
Grondexploitatie;
•
Structurele exploitatieruimte;
•
Belastingcapaciteit.
In Tabel 6 zijn de kengetallen weergegeven. Per kengetal volgt een korte uitleg over wat het kengetal weergeeft en wat de signaalwaarde is. Tabel 6, Kengetallen BBV Rekening 2024
Begroting 2025
Rekening 2025
Netto schuldquote
24%
67%
23%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
21%
64%
20%
Solvabiliteitsratio
27%
18%
30%
Grondexploitatie
2%
2%
2%
Structurele exploitatieruimte
4%
4%
6%
96%*
85%
94%
Kengetal
Belastingcapaciteit
93
* De belastingcapaciteit is in 2024 berekend op basis van de landelijke gemeentelijke woonlasten van 2023, de landelijke cijfers van 2024 waren destijds nog niet beschikbaar. In de jaarstukken is een belastingcapaciteit gepresenteerd van 103%. Wanneer we de belastingcapaciteit 2024 opnieuw berekenen komen we op een belastingcapaciteit van 96%. Netto schuldquote / Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen Bij de Netto schuldquote worden de netto schulden afgezet tegen het totaal saldo van baten. Hoe hoger het percentage des te groter is de druk van schulden (rentelasten) op de exploitatie. Een hoge schuldendruk heeft niet alleen invloed op de exploitatie maar geeft ook minder mogelijkheden om geld te lenen in geval van investeringen of financiële stress. Een lage schuldquote maakt de gemeente financieel weerbaar. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre er sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- en exclusief doorgeleende gelden weergegeven. De VNG adviseert om de schuldquote binnen de 100% te houden. De signaalwaarde voor de netto schuldquote bedraagt 130%, bij deze signaalwaarde is sprake van een relatief hoge schuldendruk.
De netto schulquote is in 2025 licht gedaald ten opzicht van 2024. De daling is het gevolg van een afname van de schulden (teller) door onder andere de aflossing op langlopende leningen. Daarnaast is de omvang van de totale baten (noemer) gestegen wat eveneens zorgt voor een daling van de schuldquote. In de begroting 2025 is sprake van een forse stijging van de netto schuldquote als gevolg van het aantrekken van langlopende leningen voor investeringen in materiële vaste activa. Een aantal geplande investeringen zijn (nog) niet gerealiseerd, de behoefte om deze te financieren middels langlopende leningen is hiermee ook vooruitgeschoven in de tijd. Solvabiliteitsratio Bij de solvabiliteitsratio wordt het eigen vermogen van de gemeente afgezet tegen het balanstotaal. Feitelijk vertelt deze ratio hoe groot het deel van de bezittingen is dat gefinancierd is met eigen vermogen (positief resultaat vanuit het verleden). De solvabiliteitsratio daalt wanneer er ofwel meer vreemde vermogen (leningen) worden aangetrokken of er sprake is van verliesjaren (afname eigen vermogen). Een hoge solvabiliteitsratio maakt de gemeente financieel weerbaar omdat zij verliesjaren op kan vangen en in staat is om indien nodig investeringen te financieren met vreemd vermogen. De VNG adviseert om de solvabiliteit boven de 20% te houden.
De signaalwaarde voor de solvabiliteit bedraagt 0%, bij deze signaalwaarde is sprake van een lage solvabiliteitsratio. De solvabiliteitsratio is in 2025 gestegen ten opzichte van 2024. De stijging is te verklaren door een toename van het eigen vermogen. De stijging van het eigen vermogen is gedreven door een toename van de algemene reserve, de bestemming van het resultaat van 2024 is hoger dan de onttrekkingen in 2025. Daarnaast is er vermogen gestort in de reserve volkshuisvesting, deze middelen worden in de toekomst aangewend voor investeringen vanuit het volkshuisvestingsfonds. In de begroting 2025 is sprake van een daling van de solvabiliteitsratio als gevolg van de geplande investeringen in materiële vaste activa. Het hogere balanstotaal in combinatie met de financiering met vreemd vermogen zorgt voor een lagere aandeel eigen vermogen en zodoende een lagere solvabiliteit. Een aantal geplande investeringen zijn (nog) niet gerealiseerd en vooruitgeschoven in de tijd.
94
Grondexploitatie Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie (waarde van de grond) is ten opzichte van het totaal saldo van baten. Hoe minder grond een gemeente verkoopt, hoe hoger de grondpositie en hoe hoger de boekwaarde. Een grondexploitatie van 10% of hoger wordt beschouwd als kwetsbaar. Een laag percentage en in sommige jaren negatief, zoals door de jaren heen het geval is, betekent dat de grondposities van de gemeente beperkt zijn. Het aandeel van de grondexploitaties is ongewijzigd ten opzichte van vorig jaar. De waarde van de bouwgronden in exploitatie is gestegen (teller) maar het totaal saldo van baten is in dezelfde mate gestegen (noemer). Per saldo is de verhouding ongewijzigd. Structurele exploitatieruimte Bij deze ratio wordt het structurele resultaat (resultaat minus incidentele baten en lasten) afgezet tegen het totaal saldo van baten. Een positief structureel resultaat laat zien dat er genoeg baten zijn om de lasten nu en in de toekomst te dekken. Een hoge ratio is een positief signaal voor de toekomstige houdbaarheid. Vanzelfsprekend is de signaalwaarde hier 0%. De structurele exploitatieruimte is hoger dan het voorgaande jaar omdat de baten meer zijn gestegen dan de lasten. De stijging van de baten is voornamelijk het gevolg van een stijging van de algemene uitkering.
Belastingcapaciteit Bij de berekening van de belastingcapaciteit worden de woonlasten (OZB, Riool- en afvalstoffenheffing) in de gemeente Dantumadiel afgezet tegen het landelijk gemiddelde (Bron: COELO). Hierbij is een lage belastingcapaciteit positief omdat er bij een lage belastingcapaciteit nog ruimte is om belastingen te verhogen en op die manier de inkomsten van de gemeente te verhogen. Deze ruimte maakte de gemeente financieel weerbaar in geval verliesjaren. De belastingcapaciteit is in 2025 gedaald ten opzichte van 2024. De gemeentelijke woonlasten van Dantumadiel zijn het afgelopen jaar met 1,6% gestegen , voornamelijk als gevolg van een kleine stijging in de OZB (inflatie correctie). De gemeentelijke woonlasten zijn landelijk echter met 3,6% gestegen, voornamelijk als gevolg van een stijging in de afvalstoffenheffing. Omdat de landelijke woonlasten harder zijn gestegen dan die van de gemeente Dantumadiel daalt de belastingcapaciteit.
95
Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen 3.1 Inleiding De gemeente Dantumadiel heeft ruim 3.390 hectare openbare ruimte in beheer. Er vinden veel activiteiten plaats, zoals wonen, werken en recreëren. Voor deze activiteiten zijn veel gemeentelijke kapitaalgoederen nodig, als wegen, riolering, kunstwerken, groen, verlichting en gebouwen. In deze paragraaf wordt er een weergave gegeven van de stand van zaken van het kapitaalgoederenbeheer in de gemeente Dantumadiel. Onderhoud van kapitaalgoederen beslaat een substantieel deel van de begroting en een integraal overzicht is belangrijk voor een goed inzicht in de financiële positie. De gemeente Dantumadiel heeft de volgende arealen in onderhoud: Areaal
Onderverdeeld
Aantal
Gebouwen
20
Wegen
Verhardingen
1.625.691
Bomen
In stuks m2
7.325
stuks
Natuurlijke beplanting
340.673
m2
Hagen
10.529
m2
Gras
1.676.960
m2
35.342
m2
297
stuks
3.499
stuks
Groen
Cultuurbeplanting Speel/sporttoestellen Lichtmasten
lichtpunten
Beleidsplannen In 2021 zijn alle beleidsplannen (opnieuw) vastgesteld. Hieronder een overzicht van deze plannen: Onderdeel
Plan
Datum vaststelling plan Gemeenteraad
Plan nog actueel
Toelichting
Wegen
Beleid / beheerplan wegen
2021
Ja
plan gaat over 2022 t/m 2026
Kunstwerken
Beleid / beheerplan kunstwerken
2021
Ja
plan gaat over 2022 t/m 2026
96
Onderdeel
Plan
Datum vaststelling plan Gemeenteraad
Plan nog actueel
Toelichting
Openbare verlichting
Onderhoudsplan O.V.
2021
Ja
plan gaat over 2022 t/m 2026
Gebouwen
M.O.P. Gebouwen
2021
Ja
plan gaat over 2022 t/m 2026
Waterwegen
Beleidsplan Waterwegen Dantumadiel
2021
Ja
plan gaat over 2022 t/m 2026
Riolering
Gemeentelijke Rioleringsplan
2021
Ja
Groen
Beleid / beheerplan Groen
2021
Ja
plan gaat over 2022 t/m 2026
Beleidskader Gebouwen In het beleid / beheerplan Gebouwen (vaststelling jan 2021) heeft de raad onderhoudsniveau Conditiescore 3 vastgesteld. Tevens zijn de investeringen voor de komende jaren in de begroting van 2022 en verder opgenomen die onlosmakelijk verbonden zijn met het in stand houden van het kapitaalgoed. Duurzaamheidsmaatregelen, met een terugverdientijd korter dan 5 jaar, zijn meegenomen in dit plan. Nieuwbouw, grootschalige verbouwingen en functionele verbeteringen vallen buiten dit beleidsplan. Kosten als gevolg van (nieuwe) wetten en regels op het gebied van verduurzaming vallen eveneens buiten dit beleidsplan. Op dit moment loopt er een (vervolg) onderzoek naar het verbouwen van het gemeentehuis. Beleidskader Wegen In het beleid / beheerplan Wegen (vaststelling jan 2021) heeft de raad onderhoudsniveau Basis vastgesteld. Tevens zijn de investeringen voor de komende jaren in de begroting van 2022 e.v. opgenomen die onlosmakelijk verbonden zijn met het in stand houden van het kapitaalgoed. Beleidskader Straatverlichting In het beleid / beheerplan straatverlichting (vaststelling jan 2021) is een instandhoudingsniveau in beeld gebracht. Tevens zijn de investeringen voor de komende jaren in beeld gebracht die onlosmakelijk verbonden zijn met de instandhouding van het kapitaalgoed. Daarnaast; niet verlichten, tenzij,. Sober en doelmatig verlichten, tenzij..
Er wordt onderscheid gemaakt in functioneel en esthetisch reinigen van armaturen respectievelijk masten. De raad heeft besloten om de lichtmasten periodiek (1 x per 5 jaar) schoon te maken. (mast en armatuur) Beleidskader Groen In het beleid / beheerplan Groen (vaststelling nov 2021) heeft de raad onderhoudsniveau Basis vastgesteld. Tevens zijn de investeringen voor de komende jaren in de begroting van 2022 en verder opgenomen die onlosmakelijk verbonden zijn met het in stand houden van het kapitaalgoed. 97
Beleidskader Kunstwerken In het beleid / beheerplan Kunstwerken (vaststelling nov 2021) is een instandhoudingsniveau in beeld gebracht. Een lager onderhoudsniveau is niet mogelijk zonder dat er kapitaalvernietiging plaatsvindt. Tevens zijn de investeringen voor de komende jaren in de begroting van 2022 en verder opgenomen die onlosmakelijk verbonden zijn met het in stand houden van het kapitaalgoed. Beleidskader rioleringen Het beleid en de ontwikkelingen op het gebied van riolering c.a. ligt vast in Gemeentelijk Riolerings Plan (GRP). Dit plan is in december 2021 vastgesteld. Dit is een zgn. verbreed rioleringsplan waarin ook alle taken op basis van de waterwet zijn geïntegreerd. Belangrijk item binnen de gehele waterketen vormt momenteel efficiëntieverbetering. Dit mede ingegeven door landelijk beleid. Om efficiëntieverbetering te behalen wordt breed ingezet op intensivering van samenwerking. Binnen Dantumadiel komt dit op verschillende manieren tot uiting. Met de gemeente Noardeast-Fryslân wordt op een gestructureerde manier op verschillende manieren samengewerkt. Verder wordt er Friesland breed samen gewerkt binnen het `Fries bestuursakkoord waterketen`. In dit verband wordt ook nadrukkelijk samenwerking met het Wetterskip Fryslân verbeterd. Het GRP geeft aan op welke wijze het areaal aan rioleringen wordt beheerd.
Kostendekking van dit beheer vindt plaats op basis van de rioolheffing. De bij het GRP behorende kostendekking berekening vormt dan ook de basis voor deze rioolheffing. Beleidskader waterwegen Met het beleid / beheerplan Waterwegen (november 2021) is er door de raad een instandhoudingsniveau vastgesteld. Een lager onderhoudsniveau is niet mogelijk zonder dat er problemen ontstaan. Het benodigd budget voor het baggeren is bepaald op basis van een cyclische benadering. Peilingen moeten uitwijzen waar en wanneer er gebaggerd moet worden. In 2022 is er een uitvoeringsplan opgesteld. Onderhoud verhardingen Eén maal per 2 jaar wordt er een visuele weginspectie uitgevoerd ten behoeve van het vaststellen van het groot onderhoud. De laatste inspecties zijn in de eerste helft van 2024 uitgevoerd. De inspectiegegevens zijn ingebracht in het wegbeheersysteem. De onderhoudsstrategieën voor de wegverhardingen zijn gestoeld op de landelijk toegepaste methodiek (gedragsmodellen) van het CROW (kenniscentrum voor verkeer, vervoer en infrastructuur). In de eerste helft van 2026 worden er nieuwe weginspecties uitgevoerd. Binnen de uitvoering van het onderhoud is een tweedeling aangebracht tussen groot en klein onderhoud. Klein onderhoud wordt uitgevoerd door de afdeling Gemeentewerken en groot onderhoud wordt uitbesteed aan aannemers.
Het klein onderhoud aan verharding betreft het herstel van elementenverhardingen. Dit klein onderhoud wordt uitgevoerd naar aanleiding van eigen constatering, na meldingen van burgers / bedrijven of na opmerkingen die worden gemaakt tijdens het schouwen van de openbare ruimte. Daarnaast vinden er ook reconstructies plaats aan wegen, die aan het einde van hun technische levensduur zijn of waarvan de inrichting niet meer aansluit op het gebruik. De raad heeft in januari 2021, met het vaststellen van het beleid / beheerplan Wegen, gekozen voor een kwaliteitsniveau Basis. Het niveau Basis vertegenwoordigt een cijfer van 5,5 – 7,4. In de afbeelding hieronder wordt de kwaliteit afgebeeld van de inspecties in 2018, 2020, 2022 en 2024. 98
Uit de afbeelding hierboven is op te maken dat de gemiddelde kwaliteit, gemeten in het voorjaar van 2024 net iets onder Basis is (5,1). Dit is een lichte daling ten opzichte van de inspecties in 2022. Dit is te verklaren vanwege het feit dat er in 2023 en 2024 relatief veel vervangingsopgaves in voorbereiding waren en vanaf 2024 in uitvoering zijn gekomen. Voorbeelden hiervan zijn: • • • • • • •
De fietspaden Rinewal en Koekspaad; De Foarstrjitte in De Westereen; De opwaardering fietsroute Damwald - Feanwalden; De afwaardering van de hoofdrijbaan Damwald - De Falom; De Aylvawei en Eysingawei in Rinsumageast; Fugelbuurt in De Westereen; Foarwei Damwald;
Een aantal van bovenstaande projecten zijn inmiddels al uitgevoerd. De resterende projecten worden binnenkort uitgevoerd. Nadat deze projecten zijn uitgevoerd zal naar verwachting de algehele kwaliteit toenemen. Daarnaast is begin 2024 het netverzwaringsproject Nulelie van start gegaan. Om deze kabel aan te leggen is het nodig om verhardingen open te breken. Ondanks goed overleg met Liander over het opleveren van de sleuven, laat de kwaliteit te wensen over. De gemeente heeft inmiddels goede afspraken met Liander gemaakt over het herstel ervan. De inspecties zijn een momentopname. De gemeente voert continu onderhoud uit. Met de uitgevoerde onderhoudswerkzaamheden in de afgelopen periode kan het gemiddelde onderhoudsniveau iets verschuiven. In 2026 worden de wegen opnieuw geïnspecteerd.
99
Onderhoud sportvelden Het dagelijks en groot onderhoud van sportvelden wordt uitgevoerd c.q. gecoördineerd door de afdeling Openbare Werken. Het onderhoud aan de sportvelden bestaat uit de volgende werkzaamheden: maaien sportvelden dmv robotmaaiers, vegen (= grasvelden ontdoen van gras en blad) (gemiddeld 5 keer per jaar), rollen (4 keer per jaar), beluchten (= perforeren grasmat tot een diepte van 25 á 30 mm), beregenen (afhankelijk van de weersomstandigheden), slepen oefenhoeken, bemesten (2 keer per jaar), bosplantsoen dunnen / snoeien / versnipperen, doorspuiten drainage, jaarlijks groot onderhoud hoofdvelden, herstellen doelgebieden, herstellen belijning, bezanden, beluchten, doorzaaien, onkruidbestrijding, jaarlijks groot onderhoud trainingsvelden, frezen / profileren, inzaaien, onderhoud overige voorzieningen, hekken, veldafrastering, hekwerken, goals, ballenvangers, bestrating / betegeling, opknippen beplanting, mollenbestrijding, chemische onkruidbestrijding velden, watergangen. Bijkomende kosten voor onderhoudswerkzaamheden sportvelden betreffen aanschaf van zand voor bezanden (bij groot onderhoud), aanschaf van kunstmeststoffen, keuring van grondmonsters, advisering over maatregelen groot onderhoud, onderhoud van borden, composteren van groenafval, kosten grondwaterbelasting provincie.
Onderhoud algemeen Groen Het dagelijks onderhoud van het openbaar groen wordt volgens onderhoudsschema’s op vastgestelde onderhoudsniveau ’s onderhouden. Het onderhoudsniveau wordt geborgd middels een doorlopende kwaliteitsschouw van de openbare ruimte waardoor, waar nodig, tijdig kan worden bijgestuurd. Het groot onderhoud en de vervangingen worden uitgevoerd naar aanleiding van jaarlijkse inspecties. Onderhoud speelvoorzieningen Het onderhoud wordt uitgevoerd door de speelplaatscommissies. Voor dit onderhoudswerk krijgen de speelplaatscommissies subsidie van de gemeente. Periodiek inspecteert de gemeente de speeltoestellen en legt de rapportages vast in een beheersysteem. Onderhoud rioleringen Alle werkzaamheden t.b.v. rioleringen worden uitgevoerd c.q. gecoördineerd door de afdeling Openbare Werken inclusief de beleidsmatige aspecten en bewaakt het hydraulisch en hygiënisch functioneren van de riolering. Het dagelijks onderhoud bestaat uit een groot aantal werkzaamheden waaronder; ledigen van straat en trottoirkolken, reinigen en inspecteren van leidingen, vegen van goten, inspectie en onderhoud van pompen en gemalen, reparatie van kleinere lekkages, etc. Vrijkomend slib uit onderhoud werkzaamheden wordt afgevoerd naar de Omrin. Groot onderhoud aan en vervangingen aan het rioleringssysteem wordt uitgevoerd op basis van inspecties.
Inspectie gegevens worden bijgehouden in een geautomatiseerd systeem op basis waarvan jaarlijks het vervangingsprogramma wordt opgesteld. Naast vervangingen worden ook optimalisaties doorgevoerd. Hierbij valt te denken aan het ombouwen van verbeterd gescheiden stelsels, hydraulische of milieukundige aanpassingen van het stelsel en het afkoppelen van regenwater. Onderhoud waterwegen Onderhoud van waterwegen is te verdelen in watervoerendheid en bevaarbaarheid. Ten aanzien van watervoerendheid moeten alle gemeentelijke watergangen voldoen aan de keur van het waterschap. Hiertoe worden de sloten uitgemaaid. Incidenteel moet er worden gebaggerd. 100