CConstaterende datDantumadiel
Koppel je AI →
Document · PDF

331 Brief aan raad - Beantwoording technische vragen Begroting 2026

Raadsvergadering (Dantumadiel) 3 november 2025, gemeente DantumadielBij agendapunt: Begroting 20265.328 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan de leden van de raad van de gemeente Dantumadiel Postbus 22 9104 ZG Damwâld

Ons kenmerk: Behandeld door: E-mailadres: Datum college:

2025-263568 College van burgemeester en wethouders m.vanderlei@dantumadiel.frl 13 oktober 2025

Onderwerp: Beantwoording technische vragen Begroting 2026 en 2e Turap 2025 Geachte raad, Op 4 oktober en 6 oktober zijn er, op grond van artikel 35 Reglement van Orde, schriftelijke vragen ontvangen over de Begroting 2026 en de 2e Turap. De vragen zijn afkomstig van de fracties van:. 1. SGP d.d. 4 oktober 2025 2. CDA d.d. 6 oktober 2025 3. GBD d.d. 6 oktober 2025 In deze brief geven wij antwoord op de gestelde vragen. 1. Vragen SGP d.d. 4 oktober 2025 Vraag 1.1 Blz. 16, Programma 2: Mienskip. Sub: 203.1: kunt u aangeven of het aanbod van culturele activiteiten met 10% is toegenomen t.o.v. 2022? Zo ja, welke activiteiten zijn dit? Zo nee, wat is de oorzaak dat het niet gehaald is en wat is er nodig om dit doel wel te halen? Antwoord: Bij gebrek aan een nul-meting is het erg lastig om aan te geven of de culturele activiteiten zijn toegenomen. Er veel aandacht geweest voor culturele activiteiten in samenwerking met de lokale partijen op dit gebied zoals bijvoorbeeld Bibliotheek, de Waldsang en de scholen. Ook heeft de gemeente vele lokale initiatieven in de dorpen actief ondersteund. Vraag 1.2 Blz. 20, in het algemeen zien we een positiever beeld t.o.v. het jaar er voor van de uniforme beleidsindicatoren (3.5), wat Dantumadiel betreft. Alleen het relatief verzuim is behoorlijk meer geworden.

Kunnen we hieruit afleiden dat er meer grip op deze zaak komt en dat preventie door bijvoorbeeld de gebiedsteams, een helpende hand bied? Of kunt u toelichten wat voor eventuele andere oorzaak dit heeft? Antwoord: Het klopt dat leerlingen beter in beeld worden gebracht door de goede samenwerking tussen leerplicht en het gebiedsteam. Ook is het zo dat door het geven van voorlichting (door leerplicht en het gebiedsteam) op vooral de basisscholen, leerlingen sneller worden gemeld bij leerplicht. De complexe casuïstiek zorgt ervoor dat er vaker een verzuimmelding gedaan moet worden door school. Dat kan betekenen dat er meerdere acties uitgezet moeten worden om het gewenste resultaat te bereiken. Ook is er een extra leerplichtambtenaar ingezet voor ondersteuning van de Leerplichtfunctie.

Vraag 1.3 Blz. 24, het resultaat van Programma 3 is t.o.v. 2025 bijna € 2 miljoen lager (negatiever). We zien wel dat de lasten voor de WMO daalt. Andere deelprogramma’s stijgen de kosten waardoor het resultaat lager uitvalt. Kunnen we vaststellen dat de grip op de WMO toeneemt? Zo ja, hoe vliegt het college dit aan? En wat zijn de oorzaken dat de kosten van de andere deelprogramma’s zijn gestegen? Antwoord: In onderstaande tabel worden de mutaties in programma 3 weergegeven tussen de primitieve begroting 2025 en primitieve begroting 2026. De mutaties verklaren een verschil van € 2,3 miljoen negatief.

Bedragen (x 1 mln)

Baten Lasten Saldo Oekraïne opvang * -2,2 2,2 Middelen BUIG 1,4 -1,4 Middelen duurzame inrichting Sociaal Domein -0,3 -0,3 Reintegratie en Beschut werken -0,4 -0,4 Meicirculaire voor de Sociale werkvoorziening -0,3 -0,3 Jeugdzorg tekort 2024 -0,3 -0,3 Pilot Jeugdzorg -0,1 -0,1 Indexatie apparaatskosten -0,4 -0,4 Maatschapelijke Diensttijd 0,5 -0,5 Extra uitgaven leerlingenvervoer -0,1 -0,1 Overige -0,2 -0,2 -0,4 + Totaal -0,6 -1,7 -2,3 * Binnen de WMO zijn ook de baten en lasten voor de opvang van Oekraïners geraamd. Vraag 1.4 Blz. 28, Programma 5. U noemt ‘het opzetten van lokale energiecoörperaties worden gestimuleerd en inwoners helpen om te isoleren en om energiebesparende middelen toepassen’. In het licht van de netcongestie en het stimuleren en helpen van het voorgaande citaat, zijn we benieuwd wat u er concreet mee bedoeld. Hoe wilt u meehelpen, en stimuleren? Antwoord: Er zijn ondanks de netcongestie wel initiatieven die leven in de gemeenschap ten aanzien van de opwekking van duurzame energie. Netcongestie speelt hierbij natuurlijk wel een rol. Maar plannen hebben vaak een looptijd van enkele jaren voordat ze zijn gerealiseerd, de verwachting is dat er vanaf 2028 waarschijnlijk weer meer ruimte komt op het net. Deze initiatieven uit de gemeenschap ondersteunen wij.

Daarnaast helpen we inwoners met isoleren middels de isolatiesubsidie en is er de Ljochtbus voor kleine energiebesparende maatregelen, ook is er een energiecoach en een witgoedwissel om energiebesparing te stimuleren. Vraag 1.5 Als u wijst op alternatieve energievoorzieningen, wordt er dan ook onderzoek gedaan naar het opslaan van energie, zoals een thuisbatterij? Antwoord: We werken samen met Elkenien Grien, een vrijwilligersorganisatie gehuisvest in Dokkum. Zij hebben voorlichting gegeven onder de inwoners van Dantumadiel over de thuisbatterij. Er is veel vraag naar informatie hierover, die informatie wordt op deze wijze verstrekt. U vraagt naar onderzoek door de gemeente van opslaan van energie zoals bij een thuisbatterij. Dat doen wij niet, dat laten we aan technische bedrijven over, wij volgen de markt voor wat betreft de nieuwe ontwikkelingen op dat gebied.

Vraag 1.6 Blz. 28, afvalscheiding. U wijst in sub 502.1 er op dat u de mienskip er van bewust wil maken en er bij betrokken moet worden om afval te scheiden. Dantumadiel kent een grijze en groene container, een chemiebox en er wordt oud papier opgehaald. Om het afval nog beter te scheiden, heeft u ook wel eens onderzoek gedaan om plastic apart te scheiden? Zo ja, is er al eens onderzoek naar gedaan en wat zou dan de reden zijn dat het niet ingevoerd is? Antwoord: Er is geen specifiek onderzoek geweest naar het apart scheiden van plastic in onze gemeente. Het restafval uit de gemeente wordt verwerkt door Omrin. Omrin heeft een nascheidingsinstallatie waarmee het goed het plastic en andere afvalstromen uit het restafval kan scheiden. Het is daarom niet nodig om daarnaast bronscheiding van plastic toe te passen, voordat het afval naar Omrin gaat. Toen Omrin koos voor nascheiding, door middel van een nascheidingsinstallatie, is er een afweging gemaakt om hierbij aan te sluiten. Vraag 1.7 Blz. 45, afvalstofheffingen 2026. U stelt voor om de afvalstofheffing voor een éénpersoonhuishouding te doen stijgen met € 38 per jaar (18,2%). En voor de meerpersoonshuishouding is het ruim € 47 per jaar (18,2%). Wat is de reden dat dit flink omhoog moet gaan volgend jaar? Antwoord: Voor de afvalstoffenheffing wordt in beginsel een kostendekking aangehouden van 100%.

De afvalstoffenheffing heeft in Dantumadiel een golvende beweging gemaakt. In 2023 was er zelfs sprake van een verlaging. De verhoging voor 2026 is helaas nodig en ook onvermijdelijk. Dit heeft te maken met een aantal redenen: de nieuwe CAO voor medewerkers van Omrin, de verbouwing van de milieustraat, hogere verwerkings- en/of transportkosten van deelstromen en een hogere prijs voor gft-afval door een nieuwe aanbesteding. Vanuit de gemeente dringen wij er bij Omrin op aan om in de toekomst zelf gft-afval te gaan verwerken, waardoor de prijs voor gft-afval kan dalen. Echter, de verwachting is dat de prijs voor afval blijft stijgen. Door minder afval te produceren en door minder of anders afval in te zamelen, kan de heffing in bedwang worden gehouden. Vraag 1.8 Blz. 53, in tabel 2 belangrijkste financiële risico’s wordt het failliet gaan van een zorgaanbieder als grootste risico in geschaald. Hoe moeten we dit risico taxeren op de gemeente Dantumadiel? Waar zit dat risico in en wat zijn gevolgen? Antwoord: Bij jeugd is sprake van 70% bevoorschotting bij een groot deel van de trajecten. Bij een eventueel faillissement kan het zijn dat we deze voorschotten niet terug krijgen terwijl er opnieuw zorg moet worden ingekocht en betaald. In de risico paragraaf is dit meegenomen voor een bedrag van 17,5% van € 2.167.000 dit is € 380.000. Vraag 1.9 Blz.

108, met het oog op het project MFC Feanwâlden, is het dan nu in 2026 nodig om te investeren in de sportvelden van SC Feanwâlden? In totaal gaat het om € 110.000. Of blijven de aan te pakken sportvelden bestaan in het plan van het nieuwe MFC? Antwoord: Het bestaande trainingsveld en het hoofdveld worden in 2026 gerenoveerd. Met name het trainingsveld is in zeer slechte staat. Deze velden blijven op dezelfde plek liggen en vallen buiten de scope van dit project, ook financieel. Het verplaatsen van het B veld, vanwege de bouw van het MFC, valt binnen de projectscope en het projectbudget. Vraag 1.10 Blz. 111, wat is de reden dat er voor de komende jaren een bedrag van € 136.000 is gereserveerd als bestemmingsreserve ‘ontvlechting’? Heeft dit te maken met de ontvlechting van de Noardeast Fryslân? Zo ja, is dit nog niet afgerond? Zo ja, kan dan de bestemmingsreserve worden opgeheven? Antwoord: Op dit moment worden nog beperkte kosten gemaakt die betrekking hebben op de ontvlechting. Het belangrijkste is het overbrengen van de data uit het oude zaaksysteem Planplus naar Rex Enterprise. De verwachting is dat deze werkzaamheden binnenkort worden afgerond en daarna kan de bestemmingsreserve worden opgeheven.

Vraag 1.11 Blz. 111, de bestemmingreserve ‘overige eenmalige uitgaven’ staat de komende jaren op € 0. Is het nodig dat deze reserve blijft bestaan? Antwoord: Een bestemmingsreserve zonder saldo en zonder ramingen is in beginsel overbodig. In 2026 wordt de nut en noodzaak van alle bestemmingsreserves tegen het licht gehouden. In deze beoordeling zal ook deze bestemmingsreserve worden meegenomen.

2. Vragen CDA d.d. 6 oktober 2025 Vraag 2.1 De baten bij programma 3 zijn in 2024 13.8 miljoen en in 2025 14.1 miljoen. Daarna nemen de baten met miljoenen af en voor 2029 wordt een bedrag geraamd van 9.4 miljoen. Dit is 4.7 miljoen lager dan in 2025. Heeft dit met vergoeding van de opvang van de Oekraïners te maken of zijn er ook andere oorzaken voor deze forse daling? Antwoord: In de vraagstelling wordt de begroting 2025 vergeleken met 2029, de baten in programma 3 zijn €4,7 miljoen lager. De daling van de baten op programma 3 is grotendeels het gevolg van het wegvallen van de baten voor de Oekraïne opvang (- €2,9 miljoen). Deze baten vallen voor een groot deel reeds weg in 2026 omdat de specifieke uitkering loopt tot maart 2026. Na maart 2026 staan geen baten in de begroting voor de opvang van Oekraïners. Het overige verschil wordt verklaard door de afloop van de uitkering voor MDT (- €0,4 miljoen) de afloop van de specifieke uitkering GALA (- €0,3 miljoen). Daarnaast zijn er nog twee uitkeringen die jaarlijks worden geraamd en nog niet in de begroting zijn opgenomen, het betreft het onderwijsachterstanden beleid en inburgering nieuwkomers (- €0,4 miljoen). Vraag 2.2 Ook bij de Lasten bij programma 3 zien we deze opvallende minder lasten.

Graag een toelichting? Antwoord: De afname van de inkomsten leidt ook tot een vermindering van de begrote uitgaven, omdat het in de beantwoording van vraag 2.1 over allemaal specifieke uitkeringen gaat (Spuk’s). Vraag 2.3 De baten bij programma 5 zijn in 2024 7.8 miljoen en in 2025 7.7 miljoen. Daarna nemen de baten met miljoenen af en voor 2026 wordt een bedrag geraamd van 3.6 miljoen. Dit is 4.1 miljoen lager dan 2025. Wat zijn hiervan de oorzaken? Antwoord: In de primitieve begrotingen 2024 waren de baten circa € 3,4 miljoen en in de primitieve begroting 2025 waren de baten circa € 4 miljoen. Het verschil tussen de primitieve begroting en de begroting na wijziging, dat zowel invloed heeft op de baten als de lasten, zit met name in de projectmiddelen die overgeheveld worden uit het voorgaand jaar en ontvangsten uit Specifieke Uitkeringen (Spuk’s) zoals CDOKE, Energiearmoede en Lokale Aanpak Isolatie. De Spuk’s worden neutraal in de begroting opgenomen (baten even hoog als de lasten) en hebben per saldo geen resultaateffect. Een verschil tussen de werkelijke baten en de totale geraamde baten in programma 5 kan ook nog deels worden verklaard door de mutaties in de grondexploitaties: deze worden niet geraamd in de begroting. Vraag 2.4 Ook bij de Lasten bij programma 5 zien we deze opvallende minder lasten. Het e.e.a.

heeft ongetwijfeld met elkaar te maken, maar wat zijn de oorzaken? Antwoord: Zie beantwoording onder vraag 2.3.

Vraag 2.5 De Algemene Dekkingsmiddelen zijn voor 2027 geraamd op 57.3 miljoen. Het zogenoemde Ravijnjaar is verschoven van 2026 naar 2028. Voor 2028 zijn de Algemene Dekkingsmiddelen geraamd op 56.4 miljoen. Slechts 0.9 miljoen lager dan 2027. Is dit de gemaakte inschatting voor het Ravijnjaar 2028? Antwoord: Onderstaand grafiek toont de uitkering vanuit het gemeentefonds in de Decembercirculaire 2024 en Meicirculaire 2025. In de Decembercirculaire is het ravijn zichtbaar van 2025 naar 2026 (€ 2,0 miljoen).

Voor een zuivere analyse op het verdwijnen / verminderen van het ravijn zou men de Meicirculaire 2025 excl. inflatie moeten vergelijken met de Decembercirculaire 2024. Van het ravijn van 2025 naar 2026 resteert dan nog € 0,3 miljoen. Zoals in de vraagstelling ook wordt aangegeven is het ravijn, zij het van een kleinere omvang verplaatst naar 2028 (€ 1,0 miljoen). Het ravijn is deels gedempt bij de Meicirculaire doordat er structurele middelen beschikbaar zijn gesteld voor o.a. Demping terugval gemeentefonds (€ 0,5 miljoen), Algemene mutaties algemene uitkering, (€0,5 miljoen) en de Hervormingsagenda Jeugd (€ 0,4 miljoen). Het resterende ravijn is verschoven van 2026 naar 2028 doordat er incidentele middelen beschikbaar zijn gesteld voor Groeipad maatregelen Hervormingsagenda Jeugd in de jaren 2026 en 2027 (€0,6 miljoen). Deze middelen vervallen in 2028. Daarnaast wordt de algemene uitkering in 2028 verlaagd met € 0,6 miljoen omdat men er van uit gaat dat de gemeentelijke lasten op Jeugd dan lager zijn als gevolg van de Hervormingsagenda. Vraag 2.6 De lasten bij programma 2 zijn in 2024 3.4 miljoen en in 2025 3.6 miljoen. Voor de jaren daarna zijn de lasten als volgt begroot: 2026: 3.1 miljoen; 2027: 3.7 miljoen; 2028: 2.8 miljoen en 2029: 3.2 miljoen.

Graag een toelichting op deze fluctuerende bedragen? Antwoord: De lasten in programma 2 bestaan voor een groot deel uit onderwijshuisvesting, een aantal specifieke uitkeringen en subsidies. Onderstaande een opsomming van een aantal veranderingen van de kosten in de meerjarenbegroting voor programma 2: 2025: Eenmalige subsidie Tennisferiening Feanwâlden (€ 0,4 miljoen), minder subsidies (€ 0,2 miljoen) 2026: Structureel hogere kapitaallasten Campus Damwâld (€ 0,2 miljoen), vanaf 2026 oplopende toegerekende rente van (€ 0,0 miljoen naar € 0,2 miljoen in 2029) 2027: Eenmalige kosten MFC Feanwâlden (€ 1,0 miljoen), einde Specifieke uitkeringen (€ 0,3 miljoen)

Vraag 2.7 De Lasten van de Overhead zijn in 2024 12.4 miljoen en in 2025 12 miljoen. Daarna dalen de lasten en voor 2029 wordt een bedrag geraamd van 10.8 miljoen. Waarschijnlijk heeft dit te maken met minder inhuur van deskundigen, maar zijn er ook nog andere oorzaken naar deze toch wel wat opvallende daling? Antwoord: De voornaamste daling van de lasten op het programma Overhead is het gevolg van lagere personeelskosten. 2026 is het laatste jaar met tijdelijke formatie vanuit het Programmaplan opbouw Dantumadiel. In 2026 betreft dit voor de gehele organisatie € 1,3 miljoen, hiervan komt € 0,75 miljoen terecht onder het programma Overhead. De lasten voor de tijdelijke formatie vanuit het Programmaplan opbouw Dantumadiel worden gedekt vanuit de Algemene reserve. Vraag 2.8 (2e Turap) Bij het Overzicht activiteiten in de 2e Turap van 2025 een vraag over het toeristisch ontwikkelen van het Eelsjemar. De score staat op Groen. Op 24 juni jl. antwoordde het college op de vraag m.b.t. de StaVaZa Eeltsjemar: op dit moment zijn er geen concrete plannen. We verwachten niet dat er binnen de raadsperiode nog concrete plannen in ontwikkeling komen. Hoe rijmt dit antwoord met de score Groen? Antwoord: Het antwoord wat het college op 24 juni heeft gegeven klopt, op die datum waren er geen concrete plannen m.b.t. de ontwikkeling van het Eeltsjemar.

Inmiddels is er een nieuwe projectleider aangesteld. Vraag 2.9 (2e Turap) Onze fractie zou graag vernemen wat de laatste stand van zaken is rondom de arbitragezaak inzake de ontvlechting van de centrumregeling. Aanvullend dan ook graag op welke wijze deze (financiële) afronding een plek kreeg in de begroting c.q. 2e Turap 2025. Antwoord: De arbitragezaak is eind 2024 afgerond en u bent hierover per brief d.d. 17 december 2024 geïnformeerd. In de jaarrekening 2023 is voor de financiële gevolgen een voorziening gevormd. In de jaarrekening 2024 kunt u het verloop van de voorziening vinden en een korte toelichting is opgenomen in de paragraaf bedrijfsvoering. Op basis van de huidige inzichten is de gevormde voorziening toereikend om de financiële gevolgen te dekken. In de begroting en tweede Turap zijn daarom geen (aanvullende) kosten of baten verantwoord. Vraag 2.10 Het is voor onze fractie niet duidelijk of en wanneer we nu een herziening van het IHP tegemoet mogen zien. Graag een laatste update en mogelijk ook een indicatie van wat dit zal doen met onze gemeentelijke financiën in het meerjarenperspectief. Antwoord: Een nieuw IHP Onderwijshuisvesting staat gepland voor het eerste half jaar van 2026. In het IHP wordt rekening gehouden met nieuwbouw van de basisscholen in Wâlterswâld en Broeksterwâld.

Vraag 2.11 In de paragraaf ‘Lokale heffingen’ wordt gesproken over de OZB woningen. Graag een nadere toelichting c.q. berekening van de ontwikkeling van deze post van boekjaar 2025 naar 2026. Wij zijn benieuwd hoe deze zich verhoudt in getallen i.r.t. de stijging van de woningenwaarde(n) in de gemeente én de zogenaamde HICP. M.a.w. wat ligt er nu aan berekening onder de extra inkomsten van iets meer dan 100.000 euro? Antwoord: De stijging van de inkomsten OZB bestaat uit twee delen. Enerzijds is er sprake van een stijging van de inkomsten met € 86.761 (2,4% HICP), feitelijk is dit de inflatiecorrectie op de inkomstenkant. Anderzijds is sprake van een stijging van de inkomsten uit areaal uitbreiding, dit is gelijk aan € 15.280.

Vraag 2.12 Programma 3. Jeugdwet (305). We zien dat in 2026 meer dan 8 mlj. euro als uitgave wordt opgenomen voor dit taakveld. Graag ontvangen we een inzichtelijk document van de opbouw van deze kosten voor onze gemeente. In aanvulling ook graag een vergelijk van de periode vanaf 2022 én richting 2029 op deze specifieke post. Antwoord: In onderstaande tabel is de opbouw van de kosten over de jaren 2022-2029 opgenomen. Organisatiekosten Duurzame inrichting sociaal domein Pilotproject Jeugdzorg Betalingen aan hulporganisaties Sociale verstrekkingen in natura aan personen

2022 -676.872

2023 -715.206

2024 -643.081

2025 -584.683

-46.551 -4.554.906 -5.278.329

-5.407.248 -6.122.453

-284.444 -6.660.360 -7.587.885

-1.108.385 -6.065.427 -7.758.495

2026 -790.871 -146.666 -250.000 -1.131.379 -6.085.997 -8.404.913

2027 -680.311

2028 -679.858

2029 -679.858

-250.000 -1.131.379 -6.023.497 -8.085.187

-250.000 -1.131.379 -5.960.997 -8.022.234

-250.000 -1.131.379 -5.960.997 -8.022.234

Vraag 2.13 Programma 4. ANNO. Welke inzet heeft onze gemeente rondom de samenwerking binnen ANNO voor de komende jaren. Ziet het college hier nog meer koppelkansen om geld met geld te kunnen maken? Zo ja, op welke terreinen zou dat dan kunnen zijn? Antwoord: Als reactie op deze vraag informeren wij u graag over de inzet van onze gemeente binnen de samenwerking in ANNO en het Nationaal Programma Vitale Regio’s (NPVR). ANNO De gemeente Dantumadiel is actief betrokken bij de samenwerking binnen ANNO. Op dit moment werken we in ANNO-verband aan een nieuwe Regio Deal. Deze Deal maakt €18 miljoen vrij vanuit het Rijk, met daarnaast circa €18 miljoen aan cofinanciering door regionale partners. Dit betekent een totaalbudget van ongeveer €36 miljoen in de ANNO samenwerking. Voor de gemeente Dantumadiel liggen hier duidelijke kansen om projecten te realiseren en middelen aan te trekken. Op dit moment wordt het programmaplan opgesteld; hierin wordt onder andere de verdeling van de projecten uitgewerkt. Naar verwachting komt er aan het einde van dit jaar meer duidelijkheid over welke projecten binnen onze gemeente landen. Daarnaast is de gemeente ambtelijk vertegenwoordigd in diverse ANNO-tafels: Wonen, Woonzorg, BlauGrien, Mobiliteit, Duurzaamheid, Economie en sinds kort ook de nieuwe tafel Europa.

Door deze nieuwe tafel ontstaan er extra kansen om Europese subsidies en samenwerkingen te benutten. Om onze inzet goed te coördineren is binnen de gemeente een interne coördinator ANNO aangesteld. Deze coördineert de interne afstemming, signaleert koppelkansen en zet zich in voor het aantrekken van middelen voor Dantumadiel. NPVR (Nationaal Programma Vitale Regio’s) Naast ANNO is de gemeente Dantumadiel ook betrokken bij het Nationaal Programma Vitale Regio’s (NPVR), de opvolger van het rapport Elke Regio Telt. Dit wordt deels in ANNO-verband uitgevoerd, samen met de gemeenten Harlingen, Waadhoeke, het noordwestelijke plattelandsdeel van Leeuwarden, NoardeastFryslân, Tytsjerksteradiel en Achtkarspelen. Ook de provincie Fryslân en Wetterskip Fryslân zijn hierbij betrokken. Onze regio wordt hier Noard-Fryslân genoemd.Voor Noard-Fryslân betekent dit dat wij een rol spelen in beide actielijnen: Actielijn 1: het signaleren en agenderen van belemmeringen die wij in onze regio tegenkomen in de landelijke beleids- en investeringslogica. Actielijn 2: het opstellen van een Regioplan Noard-Fryslân en een eerste uitvoeringsagenda. Het ministerie van BZK betaalt de kosten voor het opstellen hiervan. Het regioplan vormt de basis voor een gebiedsgerichte aanpak voor ca. 20 jaar, uitgewerkt in periodes van vier jaar.

De uitvoeringsagenda vertaalt deze aanpak naar concrete activiteiten voor de komende vier jaar. Vooralsnog gaat het binnen NPVR vooral om procesgeld, maar dit biedt ons wel de kans om invloed uit te oefenen op de landelijke beleids- en investeringslogica en om in een later stadium (na 2025) ook daadwerkelijk middelen voor uitvoering aan te trekken.

Conclusie De gemeente Dantumadiel zet stevig in op de samenwerking binnen ANNO en NPVR. Door actieve deelname aan de verschillende tafels en door het instellen van een interne coördinator benutten we maximaal de koppelkansen (“geld met geld maken”) en vergroten we onze slagkracht om middelen uit Rijk en Europa aan te trekken. Vraag 2.14 Programma 4. Positie agrarische ondernemers in onze gemeente. Op welke wijze worden onze agrarische ondernemers actief uitgenodigd voor het mede-vormgeven van beleid (denk aan landschap, duurzaamheid, etc. etc.) in onze gemeente? Is er sprake van een specifiek overlegsystematiek hiervoor? Ziet het college ook kans om hier nog in 2026 (Q1) een ‘plus’ op te zetten? Onze fractie denkt hierbij aan een specifieke Agrarische Avond Dantumadiel >> is dit uitvoerbaar? Zo ja, vraagt het extra middelen? Antwoord: We hebben landbouwoverleg met belangenbehartigers en agrarische verenigingen. Verder zijn er eenmalige bijeenkomsten rondom specifieke thema’s als duurzaamheid en veiligheid. Een voorbeeld hiervan was de bijeenkomst over ondermijning in het buitengebied in april 2025 Het is uitvoerbaar om een specifieke agrarische avond te organiseren en afhankelijk van het onderwerp wordt gekeken uit welk budget de kosten worden gedekt. Vraag 2.15 Programma 4. 1.3 Afronden detailhandelsvisie.

Wat staat hier precies? Wat gaat er nog concreet gebeuren en hoe verhoudt zich dat tot de afspraken die met de gemeenteraad zijn gemaakt over dit onderwerp? Antwoord: De detailhandelsvisie is afgerond, zie hiervoor ook de raadsbrief Detailhandelsvisie en economische uitvoeringsagenda d.d. 10 december 2024 (kenmerk 2023-025850). Momenteel zijn we niet bezig met nieuw beleid op Economische Zaken en zijn er ook geen concrete acties. Vraag 2.16 Programma 5. Hoe en op welke wijze kan het (landelijke) concept ‘Knarrenhof’ onderdeel gaan uitmaken van onze lokale woningmarktopgave? Zijn er reeds gesprekken met de landelijke stichting of lokale initiatiefnemers en ziet het college daarvoor ook kansen op korte termijn? Zowel voor het gesprek als het concept als zodanig…. Antwoord: De gemeente staat in de basis positief tegenover initiatieven die zijn geïnspireerd op het landelijke concept Knarrenhof. In het verleden zijn er reeds meerdere initiatieven aangereikt waarin dit concept als leidraad diende. De haalbaarheid hiervan is echter afhankelijk van de specifieke locatie en de wijze van uitwerking van het plan. Daarnaast onderzoekt de gemeente momenteel de mogelijkheden om daadwerkelijk een Knarrenhof te realiseren, met name in de voorzieningendorpen.

Het realiseren van dit type woonvorm sluit goed aan bij de uitgangspunten van de Woonzorgvisie en draagt bij aan het vergroten van het aanbod voor senioren in onze gemeente. Vraag 2.17 Programma 5. Graag ontvangt onze fractie van elke dorpskern (binnen de bebouwde kom) kaartjes van gemeentelijke grondposities die kansrijk kunnen zijn voor woningbouwontwikkeling. Mocht dit niet openbaar kunnen worden gedeeld, dan graag in een besloten vorm voor raadsleden. Antwoord: De gevraagde kaarten met gemeentelijke grondposities kunnen niet openbaar worden gedeeld, maar kunnen desgewenst in besloten sessie tentoongesteld worden aan raadsleden. Bij de beoordeling van kansrijke locaties kijkt de gemeente in eerste instantie naar het gemeentelijk grondbezit binnen het bestaand stedelijk gebied, zoals ook aangegeven in de provinciale kaders en in lijn met het principe van duurzame verstedelijking. Pas wanneer deze mogelijkheden benut zijn, kan worden gekeken naar uitbreidingslocaties. Deze uitbreidingen dienen zorgvuldig en met een hoge ruimtelijke kwaliteit te worden ingevuld. De huidige stand van zaken is in beeld gebracht in het Woonprogramma en het woningmarktonderzoek van KAW. Hieruit blijkt hoe de harde en zachte plannen zich verhouden tot de kwantitatieve opgave per kern. Ter illustratie is een overzicht opgesteld met de aantallen per dorp.

Daarbij zijn de huidige woningbouwprojecten, welke eerst afgerond moeten worden voordat de gemeente buitenstedelijk kan uitbreiden, in kaart gebracht in de woonthermometer. Deze is als bijlage toegevoegd.

Vraag 2.18 Ontwikkeling Balans. We zien de komende jaren een stijging van de (im)materiele vaste activa. Als fractie denken we dat dit logisch is met het oog op de investeringen in (MFA) Feanwâlden. Echter zien we ook van 2028 naar 2029 een forse daling. We zouden deze daling graag begrijpen. Hoe is deze (forse) daling volgens het college te verklaren? Antwoord: In 2029 zijn de afschrijvingen (€ 3,5 miljoen) ruimschoots hoger dan de geplande investeringen (0,4 miljoen) in (im)materiële vaste activa. Gevolg is dat de waarde van de vaste activa afneemt in de laatste jaarschijf met € 3,1 miljoen. In Bijlage 1 van de begroting zijn de investeringen van de gemeente in te zien.

3. Vragen GBD d.d. 6 oktober 2025 Vraag 3.1 Blz 16. Wat kost het om in de zomervakantie leerlingen die het nodig hebben een dag per week les aan te bieden Antwoord: De kosten voor het aanbieden van een dag per week les in de zomervakantie zijn niet inzichtelijk. Vraag 3.2 Blz 21. WMO Maatwerk arrangement Dantumadiel Specialistische ondersteuning Dantumadiel 800 Nederland 720 Wat houdt maatwerk arrangement in en waarom is het in dantumadiel zo hoog. Zijn die kosten voor de gemeente of kunnen die verrekend worden met door het rijk geoormerkt geld. Antwoord: Specialistische ondersteuning is hetzelfde als een indicatie Begeleiding regulier of Begeleiding plus. Het is een indicatie die op de persoon is afgestemd en wordt afgegeven bij complexe situaties. Dat is Maatwerk, rekening houdend met de situatie van de persoon en of gezin. Vragen hierbij zijn: wat zijn de doelen? Wat moet er veranderen en hoe gaan wij dat doen? Een zorgaanbieder bij dergelijke omstandigheden is bijvoorbeeld LIMOR. De kosten zijn voor de gemeente, uit het Wmo – budget. De kwaliteitsmedewerker toets de afhandeling van de casus. De kosten van het maatwerk zijn per inwoner hoger dan het gemiddelde van de gemeenten tot 25.000 inwoners. De kosten per inwoner zijn echter vergelijkbaar met onze buurgemeenten Noardeast-Fryslân en Achtkarspelen. Waar deze verschillen in zitten vraagt nader onderzoek.

Vraag 3.3 Blz 29. De doorlooptijd van planvoorbereiding voor ruimtelijke projecten met 40% versnellen. Wat is nu de doorlooptijd van bouwprojecten ( nul meting )en hoe komt men aan 40% versnellen en in hoeveel jaar wil men dit bereiken? Antwoord: Op 19 september 2024 is er een raadsinformatieavond gehouden over gebiedsontwikkeling in het algemeen. Hierin is het volgende besproken: hoe het proces van gebiedsontwikkeling verloopt, wat de benodigde rollen en expertises zijn, welke (overheids)organisaties en commerciële partijen een rol spelen en welke afhankelijkheden de gemeente van deze partijen heeft, het gebrek aan voldoende en goed personeel op de arbeidsmarkt, het grootte individuele karakter van een project en dat afwachten onderdeel kan zijn van de projectstrategie. Ook is hierin geconcludeerd dat algehele versnelling van 40% niet uitvoerbaar is wegens de voorgenoemde redenen. Dit betekent niet dat niet naar mogelijke versnellingen binnen het proces van de gebiedsontwikkeling wordt gekeken. Momenteel werken we aan de voorbereiding om projectmatig werken in

processen van gebiedsontwikkeling bij de gemeente in te bedden. Ook zijn er versnellingen binnen de Omgevingswet aangebracht, waardoor veel procedures voor vergunningen van 26 weken zijn teruggebracht naar 8 weken. Tevens is er afgesproken dat de raad periodiek wordt geïnformeerd over de stand van zaken binnen. Hiervoor hebben reeds 3 raadsinformatieavonden plaatsgevonden over het proces van gebiedsontwikkeling en over een flink aantal projecten in voorbereiding of reeds in uitvoering (september 2024, maart 2025 en oktober 2025). Vraag 3.4 Blz 35. De gemeente heeft 26,5% aandelen van Kabel noord. (a) Wordt hier geen dividend voor uitgekeerd? Zo nee, (b) wat is de meerwaarde om aandelen in Kabel Noord te hebben? (c) Wat is de marktwaarde van de aandelen van Kabel Noord indien ze verkocht worden? Antwoord: a. In de periode 2020 t/m 2024 is er geen dividend uitgekeerd door de NV Kabeltelevisie Noord-Oost Friesland Dokkum (Kabelnoord). b. De aandeelhouders van NV Kabeltelevisie Noord-Oost Friesland Dokkum zijn vier Friese gemeenten: Noardeast-Fryslân (54,85%), Dantumadiel (26,50%), Ameland (14,40%) en Schiermonnikoog (4,25%). Deze gemeenten zijn eigenaar van het bedrijf, dat investeert in het netwerk en de klanten, en de abonneeopbrengsten binnen de regio houdt voor lokale investeringen en werkgelegenheid. c.

De nominale waarde van het door de gemeente Dantumadiel ingebrachte aandelenkapitaal is € 132.500. De marktwaarde van de aandelen is onbekend. Vraag 3.5 Blz 48. Afvalstoffenheffing 247,22 wordt 308, 86. (a) Wat ziet de gemeente voor mogelijkheden om deze kosten naar beneden te krijgen? (b) Kunnen de inwoners van Dantumadiel voor dit bedrag ook al hun grofvuil en groen kwijt? Antwoord: a. De afvalstoffenheffing heeft in Dantumadiel een golvende beweging gemaakt. In 2023 was er zelfs sprake van een verlaging. De verhoging voor 2026 is helaas nodig en ook onvermijdelijk. Dit heeft te maken met een aantal redenen: de nieuwe CAO voor medewerkers van Omrin; de verbouwing van de milieustraat; hogere verwerkings- en/of transportkosten van deelstromen en een hogere prijs voor gft-afval door een nieuwe aanbesteding. Vanuit de gemeente dringen wij er bij Omrin op aan om in de toekomst zelf gft-afval te gaan verwerken, waardoor de prijs voor gft-afval kan dalen. Echter, de verwachting is dat de prijs voor afval blijft stijgen. Door minder afval te produceren en door minder of anders afval in te zamelen, kan de heffing in bedwang worden gehouden. b. (Grof)tuinafval kunnen inwoners van de gemeente gratis inleveren op de milieustraat. Voor grof huishoudelijk afval moet worden betaald op de milieustraat. Vraag 3.6 Blz 125. opvang ontheemden (Oekraïners) 2026 € 252000 en in 2027 €39000.

Waar komt dit grote verschil door? En is dit reëel? Antwoord: In de begroting zijn de uitgaven en inkomsten voor de opvang van Oekraïners meegenomen tot maart 2026, omdat de specifieke uitkering loopt tot maart 2026. Na maart 2026 staan geen baten in de begroting voor de opvang van Oekraïners. De opvang van Oekraïners betreffen incidentele kosten. De € 39.000 betreft het bedrag voor het leerlingenvervoer voor de opgevangen Oekraïners, deze raming is per abuis structureel doorgetrokken maar ook dit betreffen incidentele kosten. Dit zal worden hersteld in de 1eTurap 2026. Inmiddels is bekend geworden dat de opvang van Oekraïners voor een jaar wordt verlengd tot en met 2027. De bijbehorende baten en lasten zullen worden geraamd bij de 1e Turap 2026.

Met vriendelijke groet, namens burgemeester en wethouders van Dantumadiel,

R.G. Dijksterhuis Secretaris

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=gemeentedantumadiel&id=40fca7bf-7a80-46ec-ac82-44a6b8cd1dd1