CConstaterende datDantumadiel
Koppel je AI →
Document · PDF

1.1 DEF Integrale Visie op Wonen met Welzijn & Zorg regio Noordoost Friesland

Raadsvergadering (Dantumadiel) 4 november 2024, gemeente DantumadielBij agendapunt: Vaststellen visie op ‘Wonen met Welzijn & Zorg’9.523 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Visie Wonen met Welzijn & Zorg

Regio Noordoost Friesland ANNO 2024-2030

1

Samenvatting Er wonen straks veel meer, met name oudere, inwoners met een zorg- en/of ondersteuningsbehoefte thuis en tekorten in zorgpersoneel, mantelzorgers en geschikte huisvesting lopen op. Het doel van de visie op wonen met zorg en welzijn is om gezamenlijk met betrokken partijen een ontwikkelrichting voor de komende jaren te bepalen. De focus ligt op het anticiperen op de toenemende zorgvraag, het waarborgen van adequate zorg en het vervangen en uitbreiden van geschikte huisvesting voor kwetsbare inwoners in de regio Noordoost Friesland. Onze ambitie is een duurzaam aanbod van wonen met welzijn en zorg creëren, waarbij kwetsbare inwoners zo lang mogelijk of weer zelfstandig thuis in een passende woning en woonomgeving wonen met een sterke

sociale basis en de zorg en ondersteuning die ze nodig hebben. Hiervoor focussen we ons op drie opgaven: (1) vitale en leefbare dorpen en wijken, (2) passende woning en woonomgeving, (3) houdbaar aanbod van zorg en ondersteuning. Per opgave hebben we vier acties geformuleerd. Daarnaast hebben we een nieuw organisatiemodel ontwikkeld, waarin we de regio opdelen in drie zones: ‘zone basis’, ‘zone medium’ en ‘zone compleet’. De drie zones verschillen in nabijheid van zorg en ondersteuning en aanbod van woonvormen. De vervolgstap is om de visie op wonen met welzijn en zorg concreet te maken in de uitvoeringsagenda.

2

Inhoudsopgave Blz 4:

1. Aanleiding en doel

Blz 11: 2. De opgave Blz 12:

2.1 Beschrijving van de regio

Blz 15:

2.2 Ontwikkelingen op het gebied van wonen met welzijn en zorg

Blz 23:

2.3 Samenvatting opgave

Blz 26: 3. Fundament voor de visie op wonen met welzijn en zorg Blz 28: 4. De visie Blz 30:

4.1 De visie uitgewerkt in 3x opgaven en 12x acties

Blz 39:

4.2 Vertaling visie naar praktijk – een nieuw organisatiemodel

Blz 48: 5. Vervolgstappen Blz 52: 6. Bijlagen

3

 Terug naar de inhoudsopgave

1. Aanleiding en doel - Aanzienlijke verschuiving van vraag en aanbod in het wonen met zorg en welzijn

4

Aanleiding We staan voor een aanzienlijke verschuiving van het vraag en aanbod in wonen met welzijn en zorg. Er is sprake van een sterk toenemende zorgvraag, met name door het groeiende aantal ouderen (65+). Dit vereist een adequate aanpak om ervoor te zorgen dat kwetsbare inwoners passend wonen en de benodigde zorg en ondersteuning ontvangen. Daarnaast kampt de zorgsector met oplopende personeelstekorten. Het is essentieel om oplossingen te vinden die de zorgverlening ondersteunen en tegelijkertijd de druk op het zorgpersoneel verlicht. Bovendien is er een tekort aan geschikte woningen voor ouderen en andere zorgbehoevende groepen. Het huidige woningaanbod sluit vaak niet goed aan op de behoeften van deze groepen, met name als de zorgbehoefte toeneemt. Daarnaast is een deel van het huidige woningaanbod toe aan verduurzaming, met name de verpleeghuisvoorraad. Een bijkomende uitdaging is het behoud van de voorzieningen. 5

Doel visie Het doel van onze visie op wonen met welzijn en zorg is het bieden van een ontwikkelrichting en strategische kaders voor een regionaal dekkend en passend woon-, welzijn- en zorgaanbod voor inwoners met een zorg- en/of ondersteuningsvraag (zie pagina 7). De focus ligt op het vinden van oplossingen om de groeiende groep ouderen en andere aandachtsgroepen die ondersteuning nodig hebben, in de toekomst van adequate zorg en passende huisvesting te kunnen voorzien in de regio Noordoost Friesland. We bieden een eerlijk en realistisch beeld over wat mogelijk is. Gezamenlijk met de regionale betrokken partijen (pagina 8 en 9), omdat inwoners zich niet aan geografische grenzen houden en door wetten heen bewegen. In het visiedocument spreken we daarom in de ‘wij’-vorm, hiermee wordt de gezamenlijkheid van de betrokkenpartijen bedoeld.

6

Doelgroepen De visie op wonen met welzijn en zorg richt zich op ouderen en aandachtsgroepen met een zorg- en/of ondersteuningsvraag (Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), Zorgverzekeringswet (Zvw) en Wet langdurige zorg (Wlz)). In dit visiedocument spreken we over 'kwetsbare' en 'nietkwetsbare' inwoners of inwoners met een zorg- en/of ondersteuningsvraag. Wanneer nodig worden ouderen en/of onderstaande aandachtsgroepen specifiek benoemd.

Ouderen

Aandachtsgroepen

Ouderen met een zorg- en/of ondersteuningsvraag.

•

Mantelzorgverleners en –ontvangers;

•

Mensen met een lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke beperking;

•

Mensen met psychische kwetsbaarheid;

•

Uitstromers uit intramurale zorginstellingen (maatschappelijke opvang, opvang van slachtoffers van huiselijk geweld, opvang van slachtoffers van mensenhandel, beschermd wonen, instellingen voor klinische geestelijke gezondheidszorg en forensische zorg, instellingen voor jeugdzorg);

•

Woningzoekenden na detentie;

•

(Dreigend) dakloze mensen;

•

Statushouders.

7

Betrokken partijen Belang •

• • •

Voldoende plek voor zorgbehoevende inwoners om te wonen en zorg te ontvangen Toegang tot zorg voor nieuwkomers (jong gezinnen) Leefbaarheid vergroten Beheersbaarheid WMOuitgaven

Belang • •

•

•

Rol

• • •

• • •

Regie voeren op het totale proces Ontwikkelen van een visiee op wonen met welzijn en zorg Maken van prestatieafspraken met woningcorporaties; sturen op ontwikkeling geclusterde woonvormen/ nultredenwoningen en passende woningen voor mensen met GGZ problematiek Sturen op planontwikkeling Beleid en inkoop WMO Inzet op sociale basis/leefbaarheid

Woningcorporaties

Zorgaanbieders

Gemeente

Passende huisvesting en locaties voor zorglevering Mate van clustering/ sterk sociaal netwerk daar waar zorg thuis geleverd wordt Samenwerking met gemeente omtrent gemeenschappelijke ontmoetingsruimten/ voorzieningen Duurzame, toegankelijke en kwalitatief goede zorg

Rol • • •

Zorg leveren aan zorgbehoevende inwoners Meedenken over eisen aan huisvesting om zorg efficiënt en effectief te kunnen leveren Samenwerking (daar waar mogelijk binnen de wet) met andere aanbieders (bijv. huisarts) om zorg efficiënter en effectiever te kunnen leveren

Belang Duidelijke afspraken met gemeenten over aantallen benodigde woningen, voor welke doelgroep en waar Financieringsafspraken omtrent extra kosten zorggeschikte woning, omgeving, overige voorzieningen Voldoende rendement en duurzaam prestatiemodel

•

• •

Rol • •

•

Voldoende geschikte woningen leveren voor sociaal zwakkeren in het sociaal domein. Inbrengen van expertise over (on)mogelijkheden in huisvesting en aanpassingen Samenwerking met andere partijen (daar waar mogelijk binnen de wet)

Mienskip/Inwoners Belang • • • •

Huisvesting naar behoefte De zorg en ondersteuning ontvangen die nodig is Leefbare dorpen en wijken Eigen regie houden

Rol • • • • •

Expertise inbrengen over wat er speelt/leeft in de dorpen en wijken Meedenken over wat inwoners zelf kunnen inbrengen Informele netwerken opzetten; omzien naar elkaar Leefbaarheid in dorpen en wijken vergroten Eigen regie/ verantwoordelijkheid over levensloop, anticiperen op mogelijke toekomstige zorgvraag

Betrokken partijen Belang • • •

Passende huisvesting voor huurders Samenwerking met gemeenten, woningcorporaties, instanties en het ministerie Goede leefbaarheid in dorpen en wijken

Rol • • •

Belangen behartigen van huurders van een woningcorporatie Inbrengen van expertise over huisvesting en woonomgevingen Samenwerking met andere partijen

Zorgkantoor

Welzijnsorganisatie

Huurdersvereniging Belang • •

•

Het medische en sociale domein beter op elkaar aan laten sluiten Samenwerking met gemeente/ zorgaanbieders omtrent gemee nschappelijke ontmoetingsruimt en/ voorzieningen Sociale cohesie in de wijk

Rol • • • • •

Leefbaarheid in dorpen en wijken vergroten Versterken van (informele) netwerken en aanpakken van sociale problemen Ondersteunen van de eigen regie van onze inwoners Samenwerking met andere partijen Preventief werken in het voorliggende veld.

Belang Bewaken van de zorgplicht: Zorgen dat zorgbehoevenden passende zorg kunnen krijgen. En afgeleid daarvan: dat mensen de huisvesting hebben die nodig is om zo zelfredzaam mogelijk te zijn of intramuraal opgevangen te kunnen worden

•

Rol •

• •

Kennis en analyses delen (vraagontwikkeling, landelijke ontwikkelingen, goede voorbeelden) Zorgaanbieders en gemeenten bij elkaar brengen Inzetten van transitiemiddelen om zorginfrastructuur en scheiden wonen en zorg te stimuleren

Landelijke context Per 1 januari 2026 is iedere gemeente in Nederland

OMGEVINGSVISIE

verplicht om een woonzorgvisie te hebben volgens de Wet Versterking Regie op de Volkshuisvesting. Gemeenten maken een omgevingsvisie en werken deze uit in het

VOLKSHUISVESTING PROGRAMMA

Volkshuisvestingsprogramma. De visie van regio Noordoost Friesland zal dus voldoen aan deze nieuwe

6x NATIONALE PROGRAMMA'S

wetgeving. Volkshuisvestingsprogramma De opgave wordt inzichtelijk gemaakt met data en gaat vervolgens uiteen in een aantal onderwerpen: •

Woningbouw en woningbouwprogrammering

•

Balans in de woningvoorraad

•

Woonbehoefte van ouderen en aandachtsgroepen

1. WONINGBOUW

2. EEN THUIS VOOR IEDEREEN

3. BETAALBAAR WONEN

•

Een thuis voor iedereen

•

Wonen en zorg voor ouderen

Uitvoeringsagenda

Leefbaarheid

•

Verduurzaming

5. LEEFBAARHEID EN VEILIGHEID

6. WONEN EN ZORG VOOR OUDEREN

Visie wonen met welzijn en zorg ouderen + aandachtsgroepen

•

4. VERDUURZAMING GEBOUWDE OMGEVING

Urgentieverordening

10

 Terug naar de inhoudsopgave

2. De opgave – Wat komt er op ons af?

11

 Terug naar de inhoudsopgave

2.1 Beschrijving van de regio

12

Beschrijving van de regio KAW heeft een woningmarktanalyse voor Noordoost Friesland uitgevoerd.

Noordoost Friesland is een uitgestrekt gebied met een variatie aan voorzieningen in de kernen: •

Voorzieningenkernen met een ruim aanbod aan dagelijkse én niet dagelijkse voorzieningen waar ook naburige dorpen op leunen

DK

(diverse supermarkten, onderwijsvoorzieningen, detailhandel). o

Dokkum heeft een grotere cirkel, omdat er een ziekenhuis en acute huisartsenpost zijn gesitueerd.

•

Basisdorpen met een supermarkt of buurtsuper, maar die voor niet dagelijkse voorzieningen zijn aangewezen op voorzieningenkernen. o

W FW

In het kader van de visie op wonen met welzijn en zorg worden een aantal

basisdorpen als voorzieningenkern aangeduid. Het gaat om: Feanwâlden (FW), De Westereen (W) en de Trynwâlden (Aldtsjerk (AL), Mûnein (MU), Oentsjerk (OE), Gytsjerk (GY), Ryptsjerk (RY), Tytsjerk (TY), Readtsjerk).

•

Woondorpen waar geen supermarkt en niet of nauwelijks andere voorzieningen zijn.

Van de 65-plussers woont 45,5% in een voorzieningenkern, 28,7% in een basisdorp en 25,8% in een woondorp. Bron: KAW rapport, woningmarktanalyse Noordoost Friesland, 2020; Data gemeente, 2023

13

Beschrijving van de regio

Betere score

De kaart rechts laat de optelsom van scores op voorzieningenniveau, bereikbaarheid en ligging zien. Een aantal opvallende punten: •

De dorpen Burgum en Hurdegaryp scoren goed op alle factoren. In iets mindere mate geldt dat ook voor Dokkum en de dorpen Damwâld, Buitenpost en Garyp.

•

De dorpen Ferwert, Hallum en Marrum vervullen samen een belangrijke rol in het noordwesten van de regio. De bereikbaarheid ervan is

toegenomen door de nieuwe Noordwest tangent. •

In het middengebied ligt een aantal goed bereikbare basisdorpen, maar ook een aantal minder goed bereikbare woondorpen. Kollum ligt weliswaar wat geïsoleerd, maar vervult wel een belangrijke functie voor de woondorpen in voormalig Kollumerland.

•

Boven Dokkum ligt een aantal dorpen die minder goed scoren op voorzieningenniveau, bereikbaarheid en ligging. Basisdorpen als Anjum, Holwerd en Ternaard scoren iets beter, maar zijn matig bereikbaar en liggen op relatief grote afstand van werkgelegenheidsclusters. 14 Bron: KAW rapport, woningmarktanalyse Noordoost Friesland, 2020

 Terug naar de inhoudsopgave

2.2 Ontwikkelingen op het gebied van wonen met welzijn en zorg - Richting 2030 In hoofdstuk 2.2 gaan wij in op de hoofdlijnen van de opgave op het gebied van wonen met welzijn en zorg van inwoners met een zorg- en/of ondersteuningsvraag. Ouderen, mensen met psychische kwetsbaarheid en mensen met een lichamelijke, verstandelijke of zintuigelijke beperking worden sterker uitgelicht, omdat dit de grootste doelgroepen zijn in onze regio. Voor de uitgebreide woonzorganalyse verwijzen wij naar bijlage 1 en 2.

Disclaimer: Cijfers en prognoses worden continue geüpdatet en zijn dus snel achterhaald. In de visie op wonen met welzijn en zorg zijn cijfers en prognoses opgenomen om een beeld van de trends en ontwikkelingen te geven. Indien er keuzes voor de uitvoering gemaakt dienen te worden, worden de meest recente cijfers en prognoses geraadpleegd.

15

Demografische ontwikkeling Tot 2040 is er sprake van een demografische overgang. We krijgen te maken met een dubbele vergrijzing; Het

aantal 65-plussers in de regio Noordoost Friesland zal toenemen. Daarbij zien we dat van de 65-plussers het aandeel 85-plussers juist sterk

75 tot 85 65 tot 75

groeit.

85+

16 Bron: Dashboard Prognose Bevolking en Huishoudens, Provincie Fryslân, maart 2024

Ontwikkeling omvang aandachtsgroepen Mensen met een beperking

Mensen met psychische kwetsbaarheid

Ook mensen met een lichamelijke, zintuigelijke of verstandelijke

Provincie breed zien we dat 14% van de 18-plussers (heel) veel last heeft van

beperking worden ouder. In de regio maken momenteel ongeveer

stress, 20% een verhoogd risico op angst en depressie heeft en 7% suïcidale

1.000 cliënten gebruik van Wlz-zorg. Daarnaast is er een groep

gedachten heeft gehad. We zien meer multiproblematiek en psychosociale

mensen met een beperking, die geen verzorging en/of

problematiek komt steeds vaker voor onder jongeren. Het aandeel jeugdigen

verpleging nodig heeft. Deze groep heeft geen Wlz-indicatie, maar

dat jeugdzorg ontvangt is toegenomen, daarentegen is het aandeel met een

ontvangt mogelijk wel ondersteuning vanuit de Wmo. Er is geen

verblijfsindicatie afgenomen. In 2021 maakten 8.100 cliënten gebruik van

zicht op de omvang van deze groep. De prognose laat zien dat

GGZ-zorg in de regio, variërend van basis GGZ tot wonen met intensieve

Wmo-ondersteuning gaat toenemen voor mensen vanaf 75 jaar.

begeleiding. Daarnaast is in 2021 de Wlz opengesteld voor mensen met een psychische stoornis met een intensieve zorgvraag.

Rekening houdend met de demografische ontwikkelingen en

De instroom is aanhoudend groter dan verwacht. Momenteel zijn er

de toename van de levensverwachting van mensen met een

ongeveer 120 Wlz-GGZ gebruikers in Noordoost Friesland. De daling in

beperking is de verwachting dat het aantal cliënten ongeveer

Wmo-ondersteuning en Beschermd wonen zijn te verklaren door de

gelijk gaat blijven richting 2030.

openstelling van de Wlz. Met oog op de demografische ontwikkelingen is de verwachting dat het aantal GGZ-cliënten iets zal dalen.

17

Bron: Gupta, onderzoek huisvestingsopgave Wlz Friesland, juli 2021; Regiobeeld Friesland 2023, Zorgverzekeraar De Friesland, DataFryslân; Gezondheidsmonitor V&O GGD Fryslân & Jeugdmonitor GGD Fryslân, 2019.

Prognose zorgvraag Ouder worden gaat vaak gepaard met een toename van kwetsbaarheid. We verwachten een toename van zorgvraag (+/- 30%) van de basisondersteuning (Wmo), eerstelijnszorg (Zvw) tot de intensieve zorg (Wlz) aan toe. Intensieve Wlz-zorg kan worden geleverd in een instelling (intramuraal) of afhankelijk van een aantal factoren (netwerk, woning, woonomgeving) in de thuissituatie (extramuraal) (zie bijlage 3). Het huidige landelijk beleid is dat het aantal intramurale verpleeghuisplekken niet mag worden uitgebreid. Dit betekent dat in intramurale instellingen straks alleen nog plek is voor diegenen met een zeer intensieve zorgvraag. Een groeiende groep inwoners, met name ouderen, is dus langer op het zelfstandig wonen aangewezen, ook als de zorgvraag toeneemt. We zien een verschuiving naar extramurale zorg. Onderstaand is tevens een doorkijk van de toename in zorgvraag richting 2040 toegevoegd.

2020 Huidige zorgvraag

2030 Prognose zorgvraag

Doorkijk prognose zorgvraag 2040 (t.o.v. 2020)

Zvw (huisarts + wijkverpleging) 4.600 65-plussers met zorg Zvw

Zvw (huisarts + wijkverpleging) +1.500 65-plussers met zorg Zvw

Zvw (huisarts + wijkverpleging) +2.600 65-plussers met zorg Zvw

Wmo (oa. Huishoudelijke hulp + dagbesteding) 7.600 60-plussers met zorg Wmo

Wmo (oa. Huishoudelijke hulp + dagbesteding) +2.300 60-plussers met zorg Wmo

Wmo (oa. Huishoudelijke hulp + dagbesteding) +3.700 60-plussers met zorg Wmo

Wlz (verzorging & verpleging) 1.230 inwoners met zorg Wlz

Wlz (verzorging & verpleging) +400 inwoners met zorg Wlz

Wlz (verzorging & verpleging) +745 inwoners met zorg Wlz

Bron: Gupta, onderzoek huisvestingsopgave Wlz, regio Noordoost Friesland, juli 2021; DataFryslân, Fries Venster Thuiswonende ouderen

18

Prognose personeelsaanbod en mantelzorg We krijgen te maken met een stijgende zorgvraag, maar het zorgaanbod neemt af. Er wordt een krimp van de beroepsbevolking verwacht. Momenteel hebben we provincie breed al te maken met personeelstekorten op de arbeidsmarkt voor zorg en welzijn (huisartsenzorg, eerstelijnszorg, thuiszorg, ondersteuning, geestelijke gezondheidszorg, ziekenhuiszorg en verpleging). De tekorten worden groter richting 2030. Daarnaast neemt het mantelzorgpotentieel, aantal 50-64 jarigen t.o.v. 85-plussers, af. Waar nu nog 9,5 potentiële mantelzorgers aanwezig zijn, zal dit in 2030 nog 5 zijn.

Gupta, DataFryslân, Fries Venster Thuiswonende ouderen; Bevolkingsstatistiek (CBS) i.c.m. Primos-prognose (ABF research), bewerking

19

Prognose zorgvastgoed Van de intramurale plekken zijn er echter een groot deel aan (stevige) renovatie en/of verduurzaming toe, door een verouderde programmatische en/of matige bouwtechnische kwaliteit. Met het oog op de groei van het aantal kwetsbare, voornamelijk ouderen, inwoners is het belangrijk om het huidige aantal intramurale

plaatsen in de regio te behouden. De huidige capaciteit Wlz-plaatsen in de regio is: 376 voor gehandicaptenzorg, 24 voor geestelijke gezondheidszorg en 1.110 voor verzorging en verpleging.

20 Bron: Gupta, onderzoek huisvestingsopgave Wlz, regio Noordoost Friesland, juli 2021

3X WOONVORMEN

Huidige woningvoorraad De verschuiving naar extramurale zorg betekent dat zorg vaker in de eigen woning en woonomgeving wordt verleend. Als we kijken

ZELFSTANDIG NIET-GECLUSTERD

ZELFSTANDIG GECLUSTERD

ONZELFSTANDIG GECLUSTERD

naar de huidige woningvoorraad van de regio zien we dat grofweg 85% van de woningen niet levensloopbestendig en/of zorggeschikt is. Dit betekent dat een deel van de inwoners niet

passend woont, mocht er een zorg- en/of ondersteuningsvraag ontstaan. In onze regio is ongeveer 27% van de

1.750 NULTREDENWONINGEN (LEVENSLOOPBESTENDIG) 3.800 APPARTEMENTEN, MET EN ZONDER LIFT 47.800 OVERIGE WONINGEN MET TRAPPEN

1.800 AANLEUN/ SENIORENWONINGEN

1.110 VERPLEEGHUISPLEKKEN

woningvoorraad in het bezit van woningcorporaties. Het duurzame prestatiemodel van woningcorporaties staat

85% van de woningvoorraad is mogelijk niet levensloopbestendig en zorggeschikt

onder druk.

Grote vervangingsopgave (in ieder geval 980 plekken in verpleeghuizen tot 2040)

Er is vanuit gegaan dat woningen in de categorie 'overige woningen' geen slaap-

21

en badkamer op de begane grond hebben, wat voor een deel wel het geval kan zijn. Voor de toelichting van de woonvormen zie bijlage 4.

Bron: Data gemeente, 2023

Prognose huishoudens Naast dat meer kwetsbare inwoners zelfstandig

wonen, woont men ook vaker alleen. In Noordoost Friesland verwachten we een huishoudensgroei, doordat het aantal éénpersoonshuishoudens toeneemt. Er zullen dus meer inwoners met een zorg- en/of ondersteuningsvraag alleen wonen. Dit betekent dat deze inwoners niet kunnen terugvallen op een partner of een inwonend familielid als de

kwetsbaarheid toeneemt. De zelfredzaamheid van de inwoner en de behoefte aan (professionele) hulpverleners komt hierdoor meer onder druk te staan; voor ondersteuning is er immers altijd hulp van buiten nodig. 22 Bron: Dashboard Prognose Bevolking en Huishoudens, Provinsje Fryslân, maart 2024

 Terug naar de inhoudsopgave

2.3 Samenvatting opgave Er komen steeds meer inwoners die alleenstaand zijn met een hoge zorgvraag, zonder mantelzorger, die niet in een instelling terecht kunnen en waarbij geen uitbreiding van thuiszorg mogelijk is. Kortom, we moeten meer zorg gaan leveren met minder personeel.

23

Knelpunten vertaald naar opgaven Met welke knelpunten in het wonen met welzijn en zorg moeten we rekening houden? •

Een toenemend aantal alleenwonende inwoners met een zorg- en/of ondersteuningsvraag;

•

Oplopende personeelstekorten in de zorg;

•

Verpleeghuizen in de toekomst alleen nog toegankelijk voor de zwaarste zorgvragers;

•

Verduurzamingsopgave verpleeghuisvoorraad is groot;

•

Grotere behoefte aan woningen en woonomgevingen die geschikt zijn voor het leveren van zorg.

Opgaven 1.

Stimuleren van vitale en leefbare dorpen en wijken;

2.

Inzetten op een passende woningvoorraad en woonomgevingen;

3.

Creëren van een houdbaar zorg- en ondersteuningsaanbod.

24

tot 2030? ouderenzorg voor de de opgave Wat isGEDEELD DE OPGAVE VAN BEELD

FRIESE AANPAK WONEN MET ZORG VOOR OUDEREN – VOORBEELD LEEUWARDEN De buurt is de basis

Bij een achteruitgaande gezondheid ontvangen ouderen vaak eerst wijkverpleging (Zvw), soms in combinatie met huishoudelijke hulp en dagbesteding (Wmo). Als de zorgvraag toeneemt, moet een Wlz-indicatie worden aangevraagd (zie bijlage 5). In 2030 verwachten we een toename van 1.500 zorgvragers vanuit de Zvw en 400 vanuit de Wlz, die niet terecht kunnen in een instelling en dus in de thuissituatie opgevangen moeten worden. Zorg aan huis vraagt meer inzet van mantelzorgers. Daarnaast moet binnen de huidige woningvoorraad gekeken worden wat er nodig is aan levensloopbestendige/zorggeschikte woningen. Dit kan met het stimuleren van doorstroom of het toevoegen/transformeren van bestaande woningen om tot passende huisvesting te komen.

Aantal zorgvragers: Wmo (oa. Huishoudelijke hulp + dagbesteding) 9.900 60-plussers

Voorstel verdeling: VV4, VV5 (bij voldoende mantelzorg), VV6 (alleen in geclusterd wonen)

Voorstel verdeling: VV5+, VV6, VV7, VV8-10

520 Wlz plaatsen zelfstandig wonen

1.110 Verpleeghuisplaatsen 980 (88%) Moderniseren / vervangen voor 2040

Zvw (wijkverpleging + huisartsenzorg) 6.100 65-plussers

[aantal] Thuis - ongeclusterd

Wlz (verpleging +

SPANNINGSVELD! Bij voorkeur grote aantallen in deze categorie, want: langer thuis en in de wijk!

UITDAGING! Moderniseringsopgave is

Maar veel afhankelijkheden en risico’s: • Te realiseren ontmoeting en welzijn lokaal • Beschikbaar aanbod huisartsenzorg • Beschikbaar aanbod zorgpersoneel: kans - meer mogelijkheden bij minder aanbieders per wijk • Mogelijkheden acute/spoed opvang

zeer groot. De huidige voorraad is van slechte

verzorging) 1.630 inwoners • 300 VV4 • 750 VV5 • 425 VV6 • 115 VV7 • 40 VV8-10

[aantal] Thuis - geclusterd

130 OK!

kwaliteit. Kan deze behouden blijven voor de doelgroep naar de toekomst toe? 25

 Terug naar de inhoudsopgave

3. Fundament voor de visie op wonen met welzijn en zorg

26

We starten niet vanaf nul. De afgelopen jaren hebben we al denkrichtingen in beleidsen visiedocumenten opgenomen die het fundament vormen voor de visie op wonen met

Fundament regio Noordoost Friesland

welzijn en zorg:

•

Woonvisie

•

Omgevingsvisie

•

Visie sociale basis/sociaal domein

•

Gezondheidsbeleid

'Inwoners met een zorg- en/of ondersteuningsvraag moeten zo lang mogelijk in hun eigen woning kunnen wonen in een zorgzame woonomgeving met een sterke sociale basis.' De uitgangspunten vanuit de bestaande gemeentelijke visies zijn verweven met de opgehaalde informatie en verwerkt in de visie op wonen met welzijn en zorg. Met de visie sluiten we aan op of houden we rekening met landelijke, provinciale, regionale en lokale ontwikkelingen, zoals: het Integraal Zorgakkoord, het Gezond en Actief Leven Akkoord, de Woondeals, prestatieafspraken, convenant 'Weer Thuis', urgentieverordening, et cetera. 27

 Terug naar de inhoudsopgave

4. De visie Duurzaam aanbod van wonen met welzijn en zorg in regio Noordoost Friesland tot 2030. Om dit bereiken introduceren we drie opgaven met twaalf acties en een nieuw organisatiemodel.

28

Hoe zien we de toekomst? De buurt is de basis

Ontwikkelen kleinschalige geclusterde woonzorginitiatieven

ZELFSTANDIG NIET-GECLUSTERD

ZELFSTANDIG GECLUSTERD

Verpleeghuis inzetten als Hospice+

ONZELFSTANDIG GECLUSTERD

Kwetsbare inwoners wonen zo lang mogelijk of weer zelfstandig thuis in een passende woning en woonomgeving met een sterke sociale basis en de zorg en ondersteuning die ze nodig hebben.

29

 Terug naar de inhoudsopgave

4.1 De visie uitgewerkt in 3x opgaven en 12x acties Via de drie opgaven met twaalf acties beschrijven we op welke wijze we het wonen met zorg en welzijn toekomstbestendig willen maken, waarbij maatwerk per kern/gebied van belang is.

30

3X UITGANGSPUNTEN Kwetsbare inwoners kunnen zo lang mogelijk of weer zelfstandig thuis wonen met regie over hun eigen leven ondersteund door het lokale netwerk Kwetsbare inwoners kunnen passend wonen, zowel qua woning als woonomgeving

Kwetsbare inwoners ontvangen de zorg en/of ondersteuning die zij nodig hebben.

3X OPGAVEN

12X ACTIES

Opgave 1 Vitale en leefbare dorpen en wijken

1. 2. 3. 4.

Inzetten op een sterke sociale basis Preventief handelen Zelfredzaamheid en veerkracht stimuleren Vergroten leefbaarheid

Opgave 2 Een passende woning en woonomgeving

5. 6. 7. 8.

Passend woonaanbod creëren Voorzieningen behouden Kleinschalige woonzorginitiatieven faciliteren Inzet technologie

Opgave 3 Houdbaar aanbod zorg en ondersteuning

9. Efficiënt inzetten van zorg- en ondersteuningsaanbod 10. Flexibele inzet zorg en ondersteuning 11. Specialistisch vastgoed behouden en anders inzetten 12. Dekkend aanbod acute zorg creëren 31

Opgave 1: Vitale en leefbare dorpen en wijken Actie 1: Inzetten op een sterke sociale basis We zetten in op een sterke sociale basis (zie bijlage 6) voor alle levensfasen, waarbij we streven naar ondersteuning door het lokale netwerk wanneer mogelijk en zo lang het kan. Er is verbinding tussen de gemeenschapskracht, het informele netwerk en het formele netwerk (zie bijlage 7). Een breed aanbod aan welzijnsorganisaties biedt ondersteuning. We stimuleren en faciliteren actief burgerschap en inwonersinitiatieven. Iedereen is van waarde en heeft zijn/haar talenten. We maken gebruik van het onbenut potentieel; ouderen zetten zich in voor ouderen, maar ook betrekken we de kinderen/jongeren. Waardering,

zingeving en wederkerigheid staan centraal. Dit vraagt bewustwording over hoe je met een zorg- en/of ondersteuningsvraag in eigen omgeving kunt wonen; wat je zelf en samen met het eigen sociale netwerk kunt doen en wat zorgorganisaties (nog) kunnen doen. Actie 2: Preventief handelen We zetten in op preventief handelen, waarbij we investeren op een stevig welzijnsaanbod. We stimuleren het vroegtijdig signaleren van problemen om zorg te voorkomen. Buurtbewoners letten op elkaar, maar ook professionals hebben een signalerende functie. We werken vanuit het gedachtegoed van Positieve Gezondheid. Daarnaast zetten we

in op meer bewustwording, begeleiding en voorlichting.

32

Opgave 1: Vitale en leefbare dorpen en wijken Actie 3: Zelfredzaamheid en veerkracht stimuleren De zorg is vol houdbaar als kwetsbare inwoners zolang mogelijk zelfredzaam zijn of weer zelfredzaam worden. Hierbij is het van belang dat er een sterke sociale basis aanwezig is, met name voor kwetsbare alleenwonenden. We vergroten de zelfredzaamheid en de veerkracht van onze inwoners tot zover mogelijk, waarbij we de balans zoeken met de ondersteuning die nodig is. Inwoners hebben zelf

de regie en verantwoordelijkheid over hun toekomst. Het vergroten van de zelfredzaamheid van is een regionale en maatschappelijke opgave. Maar is het meest urgent in de wijken en dorpen waar de bevolking het snelst vergrijst, en dus de meeste inwoners met een zorg- of ondersteuningsvraag te verwachten zijn. Actie 4: Vergroten leefbaarheid We zetten in op een sociale en fysieke leefomgeving die (mentaal en fysiek) gezond gedrag, bewegen, ontmoeting en sociaal contact stimuleert. In ieder dorp of wijk wordt een ontmoetingsplek gecreëerd. Daarnaast zetten we in op laagdrempelige voorzieningen. We gaan eenzaamheid tegen en

leven in een inclusieve samenleving met ongedeelde wijken en dorpen. De sociale context is de basis en we werken samen met de inwoners. Elk dorp of wijk heeft zijn eigen karakter, kracht en Mienskip. Juist dat respecteren we en spelen we kleinschalig en laagdrempelig op in. We proberen een aantrekkelijke regio te zijn voor onze inwoners, met name ook om onze jongeren in de regio te behouden.

33

Opgave 2: Een passende woning en woonomgeving Actie 5: Passend woonaanbod creëren In alle doelgroepen, van de GGZ-zorg tot aan de ouderenzorg, zien we een verschuiving van intramurale naar extramurale zorg. De verschuiving naar meer extramurale zorg betekent ook dat de (intensieve) zorg steeds vaker in de eigen woning en woonomgeving wordt verleend. We zorgen

met elkaar voor een woningvoorraad (particuliere koop/huur en sociale huur) die aansluit bij de vraag en behoefte van onze inwoners, door het transformeren van bestaand vastgoed en het bouwen van levensloopbestendige, zorggeschikte en voor meerdere doelgroepen geschikte woningen. We stimuleren doorstroming naar een (zorg-)geschikte woning, zodat een zorgvraag minder acuut ontstaat. We zetten in op compactere, betaalbare woningen, omdat er meer eenpersoonshuishoudens zijn. We denken na over woningsplitsing en de inzet van zorgtechnologie en domotica, zodat de zorgvrager in de eigen omgeving kan blijven wonen. Dit vraagt ook bewustwording onder onze inwoners over hoe je wilt wonen met een zorg- en/of ondersteuningsvraag of als deze ontstaat. Actie 6: Voorzieningen behouden We faciliteren dat bestaande voorzieningen (zie bijlage 8) behouden blijven. Daarnaast stimuleren we dat in voorzieningenkernen een duurzaam aanbod blijft bestaan voor zorg en welzijn. We onderzoeken hoe we komen tot een goede balans in de spreiding van de voorzieningen over de verschillende typen dorpen om de leefbaarheid in te optimaliseren. Waar voorzieningen niet haalbaar zijn in de basis- en woondorpen, zorgen we voor voldoende toegang tot voorzieningen elders door bijvoorbeeld de infrastructuur te optimaliseren. Wel creëren we in iedere kern een laagdrempelige ontmoetingsplek.

34

Actie 7: Geclusterd wonen/kleinschalige woonzorgvormen faciliteren We zetten in op geclusterd wonen in de wijk met een mix van vitale en minder vitale doelgroepen en/of mix van leeftijdsgroepen. Daarbij bouwen we naar behoefte en denken (mee) in creatieve concepten. Denk aan knarrenhofjes, (pre-)mantelzorgwoningen, flexwoningen en woningsplitsing. We faciliteren kleinschalige woonzorginitiatieven/ geclusterde woonvormen (zie bijlage 4.2) in gebieden waar gegarandeerd zorg geleverd kan worden als 'tussenvorm' of om het 'gat' tussen thuis en een instelling te dichten. Zeker voor mensen met een beperking of psychische kwetsbaarheid die uitstromen uit een instelling kan geclusterd wonen sociale veiligheid bieden. Daarnaast is clustering voor zorgteams

nodig om de zorg en ondersteuning op lange termijn vol houdbaar te houden. Geclusterde woonvormen zijn bij voorkeur Opgave 2: in de buurt van voorzieningen. En daar waar dat niet mogelijk is, is het belangrijk dat voorzieningen goed bereikbaar zijn. Een passende We zijn eerlijk over welke schaal nodig is om de zorg duurzaam te verlenen. woning en Actie 8: Inzet technologie woonomgeving Zorgtechnologie en domotica zijn hulpmiddelen die het dagelijks leven veiliger en makkelijker maken. Door zorgtechnologie en domotica thuis in te zetten proberen we kwetsbare inwoners zo lang mogelijk zelfstandig thuis te laten wonen en zorg nabij te faciliteren. We gaan experimenteren met de inzet van zorgtechnologie en domotica.

35

Opgave 3: Houdbaar aanbod zorg en ondersteuning Actie 9: Efficiënt inzetten van zorg- en ondersteuningsaanbod Een gevolg van de extramuralisering is dat de zorgvragers meer verspreid zitten over de regio. Met minder hulpverleners wordt het steeds lastiger om diegenen die bijvoorbeeld in het buitengebied

wonen, ver verwijderd van een voorzieningenkern, te bedienen. Het is nodig om het aanbod efficiënter in te richten om kwalitatief goede en betaalbare zorg en ondersteuning te behouden. Dat betekent onder andere een duurzame schaalgrootte door zorgverkaveling, gebiedsgericht werken, meer samenwerking en gezamenlijke verantwoordelijkheid. Maar ook het beter benutten van het welzijnswerk en de burgerkracht is van belang. De huisarts is de hoeksteen van de zorginfrastructuur, zeker op het platteland, en moet voor iedereen bereikbaar en toegankelijk zijn. We kijken samen met de huisartsen hoe we hen kunnen ondersteunen om ze te behouden in onze regio. Actie 10: Flexibele zorg en ondersteuning rondom het netwerk van de inwoners

We streven naar ondersteuning door het lokale netwerk wanneer mogelijk en zo lang het kan. We bieden mantelzorgondersteuning, respijtzorg en Wlz-zorg thuis via VPT en MPT (zie bijlage 3) in samenwerking met het lokale netwerk en het welzijn. We verkennen meer flexibele inzet van ondersteuning en zorg, bijvoorbeeld door inzet zorgtechnologie en zorg op afstand. Wlz-zorg thuis is niet op alle plaatsen in de regio Noordoost Friesland reëel, hier is de inzet van het lokale netwerk en technologie des te belangrijker. We zijn eerlijk over de maximaal mogelijke zorg en ondersteuning die geleverd kan worden in de thuissituatie.

36

Opgave 3: Houdbaar aanbod zorg en ondersteuning Actie 11: Specialistisch vastgoed behouden en anders inzetten In ons intramurale zorgvastgoed zal straks alleen nog plek zijn voor diegenen met een zeer intensieve zorgvraag. Daar ga je pas naartoe als het echt niet meer anders kan. Ons verpleeghuizen zullen meer worden ingezet als Hospice+. Ook hier is het nodig dat mantelzorgers, vrijwilligers en het lokale netwerk samenwerken met de formele zorg om de kwetsbare inwoners te ondersteunen. We zoeken de verbinding met de buurt. We zetten ons in om het bestaande intramurale aanbod, maar dat soms sterk verouderd is, te verduurzamen en te behouden, waarbij we in de gaten houden wat realistisch is.

Actie 12: Dekkend aanbod acute zorg creëren We zien een verschuiving van intramurale naar extramurale zorg. Daarnaast is het een gegeven dat onze inwoners het liefste oud worden in het dorp waar ze altijd hebben gewoond. Wanneer inwoners met een zorgvraag langer thuis wonen is de kans op een acute zorgvraag groter. We zetten ons in voor een beschikbaar en duurzaam aanbod van acute (respijt)zorg (zoals eerstelijnsverblijf).

37

Randvoorwaarden •

Samenwerken •

Samenwerking tussen corporaties, zorgpartijen, welzijnspartijen, gebiedsteam, ondernemers, niet-professionele initiatieven en inwoners wordt gestimuleerd en

gefaciliteerd.

•

•

We doen het samen met onze inwoners, burgerparticipatie.

•

De beschikbare capaciteit zetten we efficiënt in.

Bewustwording •

We creëren bewustwording onder onze inwoners. Inwoners hebben eigen verantwoordelijkheid.

•

Vertrouwen •

We werken vanuit vertrouwen. Van elkaar leren en samen ontwikkelen: zowel in beleid als in de uitvoering, zowel binnen de gemeenten als met partners en inwoners(initiatieven) en partners onderling.

•

Durven te veranderen •

Ontschotten, zowel financieel als vanuit clientniveau/perspectief.

•

Schaalvergroting van de inkoop van zorg.

•

We durven te investeren en te schuiven met budgetten, waarbij we ons realiseren dat niet alles mogelijk is en we keuzes moeten maken.

•

Leefwereld als input voor de systeemwereld. Dit vraagt een open houding en de bereidheid om te leren en te veranderen.

•

Eerlijkheid •

We zijn eerlijk en realistisch tegenover elkaar en onze inwoners.

38

 Terug naar de inhoudsopgave

4.2 Vertaling visie naar praktijk – Een nieuw organisatiemodel Via een nieuw organisatiemodel stellen we voor om de spreiding van het woonzorgaanbod in de regio te behouden, maar zijn we realistisch dat specialistische zorg niet overal mogelijk is. Dit betekent voor de kwetsbare inwoner dat hij/zij niet overal meer terecht kan, maar in de aangewezen zones is de zorg en ondersteuning solide voor de toekomst. En door te sturen op een gebalanceerde spreiding van deze zones over stad en dorpen, is die ondersteuning voor iedereen zo nabij mogelijk.

39

Huidige situatie Inwoners met een matig tot intensieve zorgvraag kunnen op dit moment terecht in één

Zelfstandig, niet geclusterd met zorg Zelfstandig, geclusterd met zorg Onzelfstandig geclusterd met zorg (verpleeghuizen)

van de intramurale instellingen of een geclusterde woonzorgvorm. Het aantal (1.110) verpleeghuisplekken is redelijk verspreid over de regio. Er zijn 18 locaties, veelal gevestigd in de voorzieningenkernen en basisdorpen (15) en een klein aantal in woondorpen (3). Vanuit de meeste locaties wordt aan verschillende doelgroepen specialistische zorg (psychogeriatrisch en somatisch) geboden en vanuit enkele locaties wordt alleen één specifieke doelgroep bediend. Wlz-zorg thuis wordt momenteel marginaal ingezet, ongeveer 100 inwoners. We tellen in de regio ongeveer 1.800 geclusterde woningen specifiek voor ouderen: aanleunwoningen bij intramurale instellingen in de buurt of zogeheten seniorencomplexen. Deze geclusterde woningen vormen met 3% een bescheiden aandeel op de totale woningvoorraad. Zeker vergeleken met het aandeel 65-plussers op de totale bevolking (22%), wat zal stijgen richting 27% in 2030 en 30% in 2040. Het bescheiden aantal geclusterde woningen specifiek voor ouderen is, net als de intramurale instellingen, redelijk verspreid over gemeente.

40

Zelfstandig, niet geclusterd met zorg Zelfstandig, geclusterd met zorg

Wat als we niets doen?

Onzelfstandig geclusterd met zorg (verpleeghuizen)

Een groot deel van het intramurale zorgvastgoed is verouderd en aan vervanging toe. Als we de plekken niet vervangen, zullen ze komen te vervallen. Daarnaast hebben we te maken met personeelstekorten. De mismatch tussen zorgaanbod en zorgvraag zal groeien richting 2030. Dit kan als gevolg hebben dat de zorgaanbieders intensieve zorg sterk gaan concentreren op een aantal plekken in de regio. Als we de personeelsinzet en het wonen met zorg en welzijn niet efficiënter organiseren, is het risico dat inwoners in bepaalde gebieden onvoldoende kunnen worden ondersteund.

41

Regionaal organisatiemodel We delen de regio op in drie zones: ‘zone basis’, ‘zone medium’ en ‘zone compleet’ (zie pagina 43 t/m 45). De drie zones verschillen in nabijheid van zorg en ondersteuning: Van zorg en ondersteuning na alarmering, naar nabij tot altijd aanwezig. Daarnaast kent elke zone een andere mix aan woonvormen: van zelfstandig wonen, wel of niet in combinatie met geclusterd wonen tot wonen in een intramurale instelling. Door de regio in zones in te delen, is het voor inwoners duidelijk waar men welke nabijheid van zorg, ondersteuning en woningaanbod kan verwachten. Daarnaast helpt het om de zorg en hulpverleners effectiever in te zetten: in sommige gebieden wordt meer of minder inzet van zorg en ondersteuning verwacht. De kwalificatie van het type ‘zone’ bepaalt ook of we in die zone wel of niet inzetten op het ontwikkelen van nultreden-, zorggeschikte-, clusterwoningen (zie bijlage 9) en/of vervangen van verpleeghuisplekken.

42

Regionaal organisatiemodel

Drie modellen wonen met zorg en welzijn in de regio 2. Medium

1. Basis

Variant – Basis Zelfstandig wonen met ontmoetingsplek/welzijnssteunpunt

Variant – Medium Wlz thuis, geclusterde woonvorm (bijv.: mix vitaal/zvw/wlz), en welzijnssteunpunt.

3. Compleet

Variant – Compleet Wlz thuis, geclusterde woonvorm (bijv.: mix vitaal/wmo/zvw/wlz), en welzijnssteunpunt incl. een voorziening voor specialistische zorg.

Zelfstandig Thuis: zorgvraag (Zvw wijkverpleging en zoveel als mogelijk Wlz VV 4,5 thuis in de oorspronkelijke woning) Geclusterd wonen: zorgvraag (doelgroepen met een laagcomplexe wlz, met name ouderen VV4 en VV5), zelfstandig wonen. Verpleeghuis: Inwoners met intensieve/complexe zorgvraag (Wlz V&V VV5+ t/m 10) + ONZ+ crisis // huisvesting geclusterd aandachtsgroepen steunpunt – opbouwwerk, thuiszorgteam & huisartsenpraktijk nabij Zorgsteunpunt acute zorg / logeerzorg (ELV) Ontmoetingsplek / Welzijnsfunctie

Extra toelichting organisatiemodel

In de 'zone basis' woon je zelfstandig en heb je een ontmoetingspunt in de buurt. Er is alleen geplande zorg mogelijk. Voor ongeplande of acute zorg is de wijkverpleging te ver op afstand. De invulling van de dag is aan jezelf, eventueel met hulp van je sociale netwerk zoals vrienden, buren en familie. Er is een laagdrempelige ontmoetingsplek en steunpunt voor (buurt)bewoners aanwezig. Je woning en woonomgeving zijn niet per se (zorg-)geschikt als de zelfredzaamheid afneemt. Als je je met de meeste dagelijkse handelingen redt, is de zorg en ondersteuning in een ‘zone basis’ voldoende toereikend. BASIS In de ‘zone medium’ woon je zelfstandig, alleen of geclusterd met andere (kwetsbare en niet-kwetsbare) mensen. De geclusterde woning is minimaal levensloopbestendig, maar soms ook zorggeschikt. Ook in deze zone is er een ontmoetingspunt, waar vaak dagbesteding mogelijk is. Soms is deze ontmoetingsplek in het eigen complex en soms iets verder weg, maar altijd gericht op alle inwoners in de buurt. Er is alleen geplande zorg mogelijk, maar door de clustering is ondersteuning en zorg meer nabij dan in ‘zone basis’. Als je zelfstandig kunt eten en toiletteren, maar je hebt bij andere handelingen soms wat hulp nodig, is de zorg en MEDIUM

ondersteuning in een ‘zone medium' voldoende toereikend.

In de ‘zone compleet’ woon je zelfstandig, zelfstandig geclusterd of niet-zelfstandig in een intramurale instelling (verpleeghuis). Een deel van deze woningen is dus sowieso levensloopbestendig en zorggeschikt. Er is een ontmoetingspunt in de buurt en in de intramurale instelling. Alle specialistische, geplande of ongeplande zorg en ondersteuning is 24/7 aanwezig en voor de geclusterde woonvormen 24/7 in de nabijheid. De hulpvraag van inwoners die in deze zone wonen, varieert van volledig zelfredzaam tot hulp nodig bij alle dagelijkse handelingen. COMPLEET

Uitwerking organisatiemodel

Visie • Kwetsbare inwoners kunnen zo lang mogelijk of weer zelfstandig thuis wonen met regie over hun eigen leven ondersteund door het lokale netwerk. • Kwetsbare inwoners kunnen passend wonen, zowel qua woning als woonomgeving.

• Kwetsbare inwoners ontvangen de zorg en/of ondersteuning die zij nodig hebben.

BASIS

Hoe werkt het? • De kern is een laagdrempelige ontmoetingsplek en steunpunt voor (buurt)bewoners. Deze plek staat open voor alle inwoners in de buurt, voor een kop koffie of ontmoeting. • Vanuit de kern werkt ook de opbouwwerker, met veel aandacht voor gezondheid en samenredzaamheid en in samenwerking met de zorg wordt georganiseerd wat nodig is. • In zelfstandige (geclusterde) woningen rondom de kern krijgen mensen de geplande zorg en ondersteuning die zij nodig hebben. De behoefte aan ongeplande zorg en/of ondersteuning is een indicatie om in een geclusterde woonvorm te gaan wonen. • Kwetsbare inwoners wonen bij voorkeur zo nabij mogelijk van de voorzieningen/levendigheid. • De onzelfstandig geclusterde woningen zijn gesitueerd nabij voorzieningen.

MEDIUM

Praktische uitwerking • In een zone werkt een groep inwoners, zorgaanbieders, woningcorporaties, vastgoedeigenaren en welzijnsaanbieders samen. Samen houden ze het voorzieningenniveau per variant in stand.

• Een buurthuis en een verpleeghuis, kijken samen naar de voorzieningen die nodig zijn. Het aanbod is zoveel mogelijk generiek, voor alle doelgroepen. • Een verpleeghuis kan zijn voorzieningen open stellen naar de omgeving toe. Wanneer dit niet goed mogelijk is (bijv. i.v.m. de doelgroep die gehuisvest is) dan is er in de zone een andere centrale plek voor COMPLEET

ontmoeting en welzijn nabij.

Gebiedsindeling regio Deze kaart geeft een beeld van het type kernen in de regio en het aanbod van woonzorgvoorzieningen binnen die regio. Het onderscheid tussen de typen kernen (voorzieningenkern, basisdorp en woondorp) is op basis van het onderzoek dat door KAW is uitgevoerd in opdracht van de gemeenten binnen de regio. VPH = Verpleeghuis GW = Geclusterd wonen AL = Aanleunwoningen GHZ = Locatie gehandicaptenzorg GGZ = Locatie geestelijke gezondheidszorg Dit overzicht is opgesteld op basis van beschikbare kennis van partners binnen het traject van de regionale visie op wonen met welzijn en zorg. Het overzicht is mogelijk niet compleet en kernen zijn mogelijk niet in de juiste zone ingedeeld.

BASIS

VPH: Talma Hûs + Talma Hoeve GW: meerdere locaties Feanwâlden

MEDIUM

COMPLEET

GW: De Spiker Ternaard

VPH + AL Foswert Ferwert

VPH: Dongeraheem + de Waadwente GW: meerdere locaties Locatie GHZ en GGZ Dokkum

VPH + AL De Skûle Metslawier

DK GW: Fidesta Offingaburg Hallum

GW: meerdere locaties Damwoude

VPH: Brugchelencamp + 't Hofke GW: meerdere locaties Locatie GHZ De Westereen

GW: meerdere locaties Kollumerzwaag

W

GW: Fidesta Noflik Wenje GW: Heemstra state Locatie GHZ Oenkerk

FW

VPH: Haersmahiem GW: meerdere locaties Locatie GHZ Buitenpost VPH: Toutenburg Noardburgum

GW: Sjoerdahiem Gytsjerk

GW: meerdere locaties Drogeham VPH: 't Suyderhuys +It Wenplak GW: meerdere locaties Surhuisterveen

VPH + AL: Bennemastate GW: meerdere locaties Hurdegaryp VPH: Berchhiem GW: meerdere locaties Locatie GHZ Burgum

VPH: Meckama state GW: meerdere locaties Locatie GHZ Kollum

GW: de Koaster Kootstertille

GW: De Boge Harkema

46

Toelichting gebiedsindeling Alle voorzieningenkernen: zone compleet • Basisdorpen met meer voorzieningen kunnen worden aangeduid als zone compleet, omdat dit wenselijk is voor de nabijheid van zorgvoorzieningen of omdat hier al een intramurale locatie aanwezig is. Het gaat bijvoorbeeld om: Ferwert (FW), Feanwâlden (FW) en De Westereen (W). • In een aantal woondorpen kan een uitzondering worden gemaakt naar zone compleet, omdat hier een intramurale locatie gevestigd is. Het gaat bijvoorbeeld om: Noardburgum (NB) en Metslawier (MW). • Planbare Wlz-zorg kan thuis geleverd worden via VPT en MPT, zeker als de woning zorggeschikt is en er sprake is van een goed sociaal netwerk om de cliënt heen. Een aantal basisdorpen: zone medium • De Trynwâlden (Aldtsjerk (AL), Readtsjerk, Mûnein (MU), Oentsjerk (OE), Gytsjerk (GY), Ryptsjerk (RY), Tytsjerk (TY)) wordt als cluster van basis- en woondorpen aangeduid als voorzieningenkern in het kader van wonen met welzijn en zorg. In

voorzieningenkernen waar nog geen intramurale locatie aanwezig is, kan een uitzondering worden gemaakt naar zone medium. Het gaat bijvoorbeeld om: Damwâld (DW) en de Trynwâlden.

BASIS

• In een aantal basis- en woondorpen kan zone compleet worden omgezet naar zone medium, wanneer wenselijk, omdat hier een intramurale locatie omgezet kan worden naar een geclusterde woonvorm. Het gaat bijvoorbeeld om: Ferwert (FW), Noardburgum (NB) en Metslawier (MW). • In clusters van woondorpen, kan een uitzondering gemaakt worden naar zone medium, om het aanbod van zorggeschikte

MEDIUM

tussenwoonvormen in deze gebieden te bevorderen. • Planbare Wlz-zorg kan thuis geleverd worden via VPT en MPT, zeker als de woning zorggeschikt is en er sprake is van een goed netwerk om de cliënt heen.

COMPLEET

Een aantal basisdorpen en woondorpen: zone basis • Niet in alle basis- en woondorpen is geclusterd wonen passend, hier kan gekozen worden voor zone basis. Ook kijken we naar creatieve concepten en is maatwerk nodig. • In woondorpen kan enkel Wlz-zorg thuis via VPT en MPT geleverd worden als er een goed sociaal netwerk is en de cliënt

zorggeschikt woont. Met oog op onder andere de krapte op de arbeidsmarkt is het de vraag of het op lange termijn houdbaar is om Wlz-zorg in de woondorpen te leveren.

47

 Terug naar de inhoudsopgave

5. Vervolgstappen Aan de hand van de visie met 3x opgaven met 12x acties en een nieuw organisatiemodel met 3x zones borgen we een duurzame ontwikkelrichting voor een dekkend en passend woon-, welzijn- en zorgaanbod tot 2030. De vervolgstap is om de ambities concreet te maken in een uitvoeringsagenda en in de praktijk te brengen. Hiervoor doorlopen we de derde en vierde stap van het 4 stappenplan.

48

4 Stappenplan

1. Opstartfase

Acties ▪ Verkennen partners ▪ ▪

Oprichten governance Verkrijgen inzicht in de

2. Visievorming

Acties

▪

Overeenkomen opgave

▪ ▪

Verkennen visie partners Definiëren

▪

opgave: analyse ▪

Opmaken procesplanning

▪

Organiseren Kick-off

Resultaat

▪

Inzicht opgave

▪

Commitment samenwerking

3. Gebiedsgerichte aanpak

4. Vastleggen uitvoeringsagenda

Acties ▪ Wijkoverleg voeren –

Acties ▪ Vaststellen aantal te

analyse op lokaal niveau.

realiseren en type

▪

Planmonitor vullen

woningen per doelgroep.

ontwikkelrichtingen Vaststellen

▪

Lokaal knel-/ kanslocaties in beeld brengen

▪

Vaststellen projecten op thema’s

toekomstscenario’s

▪

Inspirerende oplossingen verzamelen

▪

Vaststellen rol stakeholders

Resultaat ▪ Vastgestelde woonzorgvisie ▪

Toekomstscenario’s voor modelwijken en –dorpen.

▪

Toetsingskader initiatieven.

Resultaat

▪

Lokaal goed zicht op de risico’s en kansen

Resultaat ▪

Vastgesteld uitvoeringsprogramma: acties en afspraken op een rij met de woonzorgvisie als basis.

3. Gebiedsgerichte Aanpak Actie 1: Kansenkaart met (her)ontwikkellocaties

Actie 2: Contouren uitvoeringsagenda ontwikkelen

Waarom In deze actie wordt de eerste vertaling gemaakt van de realisatie opgave naar concrete locaties. Het is van belang om inzicht te hebben in kansrijke (her)ontwikkellocaties en locaties waar op dit moment vastgoed voor de doelgroep aanwezig is die risico lopen om te verdwijnen. Het

Waarom De lokale opgave (knel-/kanslocaties) wordt steeds duidelijker. We maken deze nog concreter naar locatie niveau.

gaat bijvoorbeeld om locaties waar nieuwbouw-/herstructurering gepland staan.

• Per locatie gebiedsgericht met partners prioriteit en mogelijkheden bepalen om zorgwoningen (intramuraal) EN/OF zelfstandige

Wat • Gesprek met gemeenten, zorgorganisaties en particuliere partijen om kanslocaties in beeld te brengen, met belangrijke kenmerken:

(geclusterde) zorgwoningen en nultredenwoningen te realiseren. Met behulp van kansenkaart en met aandacht voor aspecten als: de lokale zorgvraag ontwikkeling, gebiedsindeling en spreiding over de regio. • Per wijk-/dorp opgave verkennen met inhoudsdeskundigen; welke

Grootte (globaal potentieel beschikbare m2 woonruimte) Eigenaar (bijv. gemeente, Elkien, WoonFriesland, private partij) Bestemming (wonen, maatschappelijk, etc.) Fase (indicatie tijdpad (beschikbaar, op de markt)) (komende jaar moeten/kunnen besluiten worden genomen; over 2-5 jaar) • Inzicht in locaties Wlz zorg thuis (VPT/MPT/PGB concepten)

functies zijn er al aanwezig (zoals ontmoetingsruimtes) of nog meer gewenst op deze locatie, ook kijkend naar de lokale behoefte. • Verkennen kansen m.b.t. woonconcepten met voorzieningen, concepten van samenredzaamheid, concepten van samenwerking formeel/informeel en collectief beheer van voorzieningen. • Concrete afspraken over wie welke business case verder uitwerkt:

• • • •

Wat

welke partijen met elke locaties aan de slag gaan (in stap 4). Resultaat na deze actie • Inzicht in het verschil tussen bestaand, benodigd en gepland aantal eenheden (per doelgroep – segment). • Beschikbare kansenkaart: inzicht in ontwikkelgebieden & -locaties in de regio.

Resultaat na deze actie • Lijst met locaties voor de uitvoeringsagenda met een schets van de opgave, mogelijke ontwikkelrichtingen en benodigde partijen met een vervolg.

4. Vastleggen uitvoeringsagenda

Actie 1: Vaststellen projecten op thema / regioniveau

Actie 2: Vaststellen projecten op kanslocaties

Actie 3: Vastleggen uitvoeringsagenda Waarom

Waarom Sommige opgaven dienen op regioniveau te worden opgepakt in plaats van het niveau van de wijken/dorpen. Dat wordt in deze actie concreet gemaakt.

Wat • Inventarisatie van lopende projecten: wat doen we al en wat is er nog nodig? • Concrete projectformulering (incl. een beeld van de beschikbare middelen) op thema, binnen de acties in de woonzorgvisie. • Concrete afspraken met stakeholders over de aanpak en rolverdeling. Resultaat na deze stap • Een uitvoeringsagenda op thema en regioniveau

Waarom We maken voor de komende jaren afspraken op welke concrete locaties en/of in welke wijken/dorpen we aan de slag gaan, met welke partijen en wie daarbij welke verantwoordelijkheid heeft. Wat • Afspraken over wie business case verder uitwerkt n.a.v. de brede uitwerking die we hiervoor in stap 3 hebben gemaakt. • Let op: evalueer nog eens of er op deze locaties kansen zijn ook de acties nog extra te borgen. Resultaat na deze stap • Een uitvoeringsagenda op wijk/dorp niveau.

Het vastleggen van de uitvoeringsagenda is belangrijk zodat iedere organisatie zich de komende jaren eraan zal committeren. Wat • Zorgen voor een duurzame samenwerking vervolgfase: bestuurlijke tafel wonen met welzijn en zorg die voortgang bewaakt en waar issues geadresseerd kunnen worden. • Zorgen voor voldoende basis om de businesscases verder te ontwikkelen per locatie. Resultaat na deze stap • Een gedegen en gedragen convenant Ondertekend door alle stakeholders wonen met welzijn en zorg. Zie voorbeeld Haarlem.

 Terug naar de inhoudsopgave

6. Bijlagen

52

Bijlage 1 Woonzorganalyse ouderen

53

Bijlage 2 Woonzorganalyse aandachtsgroepen

54

Bijlage 3 Zorg in een instelling Voor de Wlz betaalt de inwoner een eigen bijdrage. Verhuist de inwoner naar het verpleeghuis, dan wordt dit ‘intramurale zorg’ of ‘zorg met verblijf’ genoemd. Inwoners die intramurale zorg ontvangen, betalen in de eigen bijdrage ook voor de woonruimte waarin zij verblijven, inwoners die Wlz thuis ontvangen betalen

Zorg thuis Het ontvangen van de zorg thuis is mogelijk indien o.a. de woning, en het sociale netwerk daarvoor voldoende geschikt is. Inwoners ontvangen Zorg in Natura (ingekocht door het zorgkantoor bij de zorgaanbieder) of een PGB (inwoners kopen hun eigen zorg in). Het meest voorkomend zijn de twee opties binnen Zorg in Natura:

deze lasten zelf. Het landelijk beleid is dat er geen uitbreiding van de verpleeghuiscapaciteit (intramuraal) in Nederland mag plaatsvinden. Dit heeft te maken met de hoge kosten (i.v.m.

Volledig Pakket Thuis (VPT)

het huisvestings-component) van intramurale zorg en de

Alle zorg wordt geleverd door één zorgaanbieder en valt dus onder de

personeelstekorten.

verantwoordelijkheid van één Wlz-instelling.

Modulair Pakket Thuis (MPT) De zorgt wordt geleverd door wordt geleverd door één of meerdere zorgaanbieders. 55

56

57

ZELFSTANDIG NIET-GECLUSTERD

ZELFSTANDIG GECLUSTERD

ONZELFSTANDIG GECLUSTERD

Bijlage 4 – Toelichting woonvormen bij alarmering in een noodsituatie

bij alarmering in een noodsituatie

58

bijlage 4.1

Waarom thuis blijven wonen? Ouderen wonen steeds langer zelfstandig thuis in de eigen woning, ook wanneer hun zorgvraag toeneemt. Dat is vaak wens van ouderen. Hoe passend wonen? Koopwoningen zijn met relatief beperkte middelen geschikt te maken om oud in te worden: wegnemen van drempels, trapliften, sanitair beneden, etc. Daarmee zijn de woningen fysiek geschikt genoeg om er oud in te worden en met een zorgvraag te leven, maar is de zorg zelf nog niet georganiseerd. Daarbij zullen domotica en andere technologische hulpmiddelen in en rondom de woning steeds belangrijker worden. Daarnaast zien we een drempel bij mensen die wél willen verhuizen naar een passende woning: de stap naar sociale huur wordt vaak als wens genoemd, maar vanwege de inkomenstoets is dat niet altijd mogelijk. In andere gevallen kan er geen huurtoeslag worden ontvangen en is huren beduidend duurder in de maandlast dan in de eigen woning blijven wonen. Voor zittende huurders geldt weer dat een lange woonduur ook een lage huurprijs betekent; ook dan leidt verhuizen tot hogere woonlasten. Een andere reden is geen aanbod van een passende woning.

ZELFSTANDING ONGECLUSTERD

Voor welke doelgroep? Inwoners met een zorg- en/of ondersteuningsvraag vanuit de Zvw , Wmo en Wlz die nog zelfstandig kunnen wonen (Zvw t/m Wlz VV 4,5).

Wlz-zorg kan in de thuissituatie worden verleend, als de zorgvraag, de woning en de woonomgeving passend is. Hiervoor is een sterke sociale context en mantelzorgstructuur (veel hulp van familie en vrienden) van groot belang. Welke zorg en ondersteuning is aanwezig? •

Bij een achteruitgaande gezondheid ontvangen ouderen vaak eerst wijkverpleging (Zvw), soms in combinatie met huishoudelijke hulp en dagbesteding (Wmo). De wijkverpleging verleent ook ongeplande nachtzorg.

•

Na een acute zorgvraag, bijvoorbeeld bij letsel na een val, kunnen ouderen gebruik maken van eerstelijnsverblijf (ELV, Zvw) of geriatrische revalidatiezorg (GRZ, Zvw), voordat zij terug naar huis keren. Dat is vaak in verpleeghuizen aanwezig.

•

Als de zorgvraag verder toeneemt, moet soms een Wlz-indicatie worden aangevraagd. Wlz-zorg kan afhankelijk van een aantal factoren (aard en mate van de zorgvraag, netwerk, woning, woonomgeving) in de thuissituatie worden verleend middels VPT & MPT.

59

bijlage 4.2

Waarom geclusterd wonen? De groep mensen met een (matig) intensieve zorgvraag die niet in een verpleeghuis terecht kunnen groeit. Het is belangrijk om voor die groep dan ook een passend aanbod te hebben. Door de uitgestrektheid van de regio Noordoost Friesland is het voor zorgpartijen niet haalbaar om op alle plekken hetzelfde niveau van wonen, zorg en voorzieningen te bieden. Enige vorm van clustering is zowel voor zorgvragers als zorgaanbieders wenselijk. We onderzoeken de mogelijkheden in de kleine kernen, maar zijn eerlijk over welke schaal nodig is om de zorg duurzaam te verlenen. Hoe werkt geclusterd wonen? Het doel van de geclusterde woonvorm is om samenredzaamheid te stimuleren, zodat ouderen langer zelfstandig kunnen blijven wonen. Voor bewoners geeft dit een gevoel van veiligheid en beschutting en zorgverleners kunnen kennis en ervaring delen en eventueel de zorgtaak delen. Ouderen verhuizen hier bij voorkeur tijdig naartoe en blijven hier wonen wanneer hun zorgvraag toeneemt.

ZELFSTANDING GECLUSTERD

Voor welke doelgroep? Het uitgangspunt voor zelfstandig geclusterde woonvormen is een mix van vitale en minder vitale doelgroepen, bijvoorbeeld 1/3e vitale ouderen, 1/3e ouderen met een beginnende zorgvraag en 1/3e ouderen met een intensieve zorgvraag ( Wlz VV 4,5,6), maar ook een mix met andere leeftijdsgroepen is mogelijk. De oudere kan zelfstandig wonen, bijvoorbeeld doordat hij samenwoont met een partner die mantelzorg verleent. Welke zorg en ondersteuning is aanwezig? In een geclusterde woonvorm is ontmoeting en omzien naar elkaar de basis. De geclusterde woonvorm faciliteert dat bijvoorbeeld door een gezamenlijke tuin of doordat in de zeer nabije omgeving een ontmoetingspunt/buurthuis aanwezig is. In sommige

geclusterde woonvormen is 24 uur per dag ondersteuning aanwezig.

60

bijlage 4.3 Waarom het verpleeghuis? Het behoud van het verpleeghuis is heel belangrijk voor inwoners met een zeer intensieve zorgvraag. Omdat ouderen steeds ouder worden neemt de complexiteit van hun zorgvragen ook toe.

ONZELFSTANDIG GECLUSTERD

Voor welke doelgroep? Inwoners met intensieve/complexe zorgvraag (Wlz V&V VV8 10): In de laatste jaren zien we in de verpleeghuizen eigenlijk alleen ouderen met een zeer intensieve zorgvraag, die enkel in het laatste levensjaar in het verpleeghuis wonen. Welke zorg en ondersteuning is aanwezig? •

In een verpleeghuis is de zorg meestal niet meer onder verantwoordelijkheid van de huisarts. De specialist ouderengeneeskundige (SO voorheen verpleeghuisarts) is verantwoordelijk. Daarnaast zijn er in het verpleeghuis (24/7) verpleegkundigen aanwezig om (medische) zorg te verlenen. Activiteitenbegeleiders en vrijwilligers helpen bij een zinvolle dag invulling.

•

Het verpleeghuis biedt naast zorg aan de bewoners, vaak ook eerstelijnsverblijf en geriatrische revalidatiezorg aan tijdelijke bewoners.

Welke spreiding van verpleeghuiszorg? Het aantal (1.110) verpleeghuisplekken in Noordoost Friesland is nu verspreid over de regio. Er zijn 18 locaties verdeeld over de kernen. Vanuit de meeste locaties wordt een mix van somatische en psychogeriatrische zorg geleverd. Vanuit enkele locaties

worden alleen één specifieke doelgroep bediend. Bij het voorstel voor de toekomst kiezen we bewust voor een spreiding in het zorgaanbod, het ontwikkelen van geclusterde woningen én het vervangen van verpleeghuisplekken.

61

Bijlage 5 - Zorgprofielen binnen de Wlz

VV4 ->

Mensen die door een lichamelijke aandoening verzorging nodig hebben.

VV5 -> Mensen met een ernstige mate van dementie maar zonder veel gedragsproblematiek. VV6 -> Mensen met ernstige lichamelijke beperkingen of complexe ziekten in een nog niet vergevorderd stadium en/of zonder gedragsproblematiek. VV7 -> Mensen met een combinatie van lichamelijke en psychiatrische problematiek. VV8-10 -> Mensen die moeten revalideren na een operatie of behandeling of intensieve palliatief-terminale zorg ontvangen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=gemeentedantumadiel&id=99a01e71-f9c8-434e-a396-655ed5fbb990