Raadsvoorstel zienswijze MRE bovenregionale samenwerking
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Raadsvergadering d.d.
:
25 september 2025
Afdeling
:
Staf
Portefeuillehouder
:
Wethouder M. Van Dalen
Onderwerp
:
Zienswijze Bovenregionale samenwerkingen MRE met Weert, Venlo en Meierijstad
Betreffend onderdeel programmabegroting
:
Taakveld 0 "Bestuur en ondersteuning"
Samenvatting Metropoolregio Eindhoven (MRE) wil een samenwerkingen aan gaan met de drie gemeenten Meierijstad, Weert en Venlo om de druk op wonen, werklocaties en mobiliteit in onze regio te verminderen. De MRE legt de drie concept-samenwerkingsagenda’s en de drie regelingen ter zienswijze voor aan de gemeenteraden van de 21 deelnemende gemeenten. Inleiding Op 11 juli 2025 heeft het Dagelijks Bestuur van de Metropoolregio Eindhoven (DB-MRE) u de drie concept gemeenschappelijke regelingen en daaraan gekoppelde samenwerkingsagenda’s tussen DBMRE en de gemeenten Meierijstad, Venlo en Weert aangeboden. Aan u is gevraagd om uiterlijk 31 oktober 2025 een zienswijze kenbaar te maken. Uw eventuele zienswijze wordt betrokken bij de formele besluitvorming over de regelingen in het DB-MRE op 8 december 2025 en over de samenwerkingsagenda’s in het Algemeen Bestuur (AB)op 17 december 2025. De (economische) groei legt in de hele MRE-regio druk op wonen, werklocaties, voorzieningen, talent en bereikbaarheid. Het AB heeft zich daarom op 3 juli 2024 positief uitgesproken over het verkennen van en zo mogelijk komen tot “bovenregionale samenwerkingen” met Meierijstad, Venlo en/of Weert met als doel om de druk te verlichten.
De gesprekken tussen Metropoolregio Eindhoven (MRE) en voornoemde gemeenten hebben geleid tot de voorliggende samenwerkingsafspraken in drie “gemeenschappelijke regelingen zonder meer” en drie samenwerkingsagenda’s. Deze liggen ter besluitvorming voor bij MRE (en de daarin deelnemende gemeenten) en de gemeenten Meierijstad, Venlo en Weert. De colleges en raden van de MRE-gemeenten zijn tussentijds regelmatig door het DB-MRE geïnformeerd, waaronder via een brief op 14 oktober 2024, openbare AB-presentatie op 18 december 2024, brief op 24 maart 2025 en brief op 16 juni 2025. De Raadstafel21 is ook regelmatig bijgepraat over de laatste stand van zaken, net als individuele colleges en subregio’s die hier behoefte aan hadden.
Zienswijze Bovenregionale samenwerkingen MRE met Weert, Venlo en Meierijstad
1
Raadsvoorstel
Advies 1. Kennis te nemen van: a) de concept Samenwerkingsagenda Metropoolregio Eindhoven – Meierijstad; b) de concept Samenwerkingsagenda Metropoolregio Eindhoven – Venlo; c) de concept Samenwerkingsagenda Metropoolregio Eindhoven – Weert; d) de gemeenschappelijke regeling “zonder meer” Metropoolregio Eindhoven – gemeente Meierijstad; e) de gemeenschappelijke regeling “zonder meer” Metropoolregio Eindhoven – gemeente Venlo; f) de gemeenschappelijke regeling “zonder meer” Metropoolregio Eindhoven – gemeente Weert; 2. Een zienswijze in te dienen op de concept-samenwerkingsagenda’s tussen Metropoolregio Eindhoven en respectievelijk Weert, Venlo en Meierijstad: “De bovenregionale samenwerking met resp. Meierijstad, Venlo en Weert mag niet ten koste gaan van de ambities op wonen, werken en mobiliteit zoals vastgesteld in Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant (2023) en Ontwikkelstrategie De Kempen 2024-2040.” 3. Geen zienswijze in te dienen op de concept-gemeenschappelijke regelingen “zonder meer” tussen Metropoolregio Eindhoven en respectievelijk Weert, Venlo en Meierijstad. 4. Het Dagelijks Bestuur van de Metropoolregio Eindhoven hiervan op te hoogte te brengen. Beoogd effect Goede samenwerking binnen de MRE-regio én daarbuiten met omliggende gemeenten om de druk op wonen, bedrijventerreinen en mobiliteit in de regio te verlichten.
Argumenten 2.1 De samenwerking tussen MRE en Meierijstad, Venlo en Weert draagt bij aan vermindering van de druk (wonen, werklocaties, bereikbaarheid) op de MRE-regio. Het economisch succes van Brainport zorgt bij alle 21 gemeenten in de regio voor druk op wonen, werklocaties en op bereikbaarheid. De eigen strategie en maatregelen zoals Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant en de woondeal leiden op korte termijn nog niet tot vermindering van deze druk. Een druk die inmiddels ook voelbaar is buiten de grenzen van onze eigen regio. De gemeenten Meierijstad, Venlo en Weert hebben alle drie groeiambities waarin (extra) woningen zijn voorzien, die de druk op onze regio kunnen verlichten. Door samenwerking bij de allocatie van werklocaties kunnen zoekvragen van bedrijven in een breder perspectief worden bekeken en kunnen (MKB-)bedrijven via herhuisvesting gemakkelijker voor de bredere regio behouden blijven en kan aan meer (internationale) bedrijven een passend aanbod worden gedaan. In de praktijk werken MRE(-gemeenten) en Meierijstad, Venlo en Weert al samen op mobiliteitsdossiers zonder dat daar expliciete samenwerkingsafspraken onder liggen. Dat is vanaf nu wel het geval waardoor we als MRE effectiever met deze drie gemeenten samen kunnen werken met provincie en Rijk om tot passende en snelle(re) oplossingen te komen.
2.2 De samenwerking tussen MRE en Meierijstad, Venlo en Weert sluit aan bij het gedrag en reispatroon van inwoners. Enerzijds zien we (structurele) files op de snelwegen tussen de Brainportregio en deze drie gemeenten. Anderzijds zijn de afstanden en reistijden, zeker naar internationale maatstaven, kort te noemen. Meierijstad, Venlo als Weert merken dat woningzoekenden uit de MRE-regio zoekgebied hebben verruimd naar hun gemeenten. Weert en Venlo beschikken over een intercitystation met in de directe nabijheid restcapaciteit voor woningbouw. Dit biedt bijvoorbeeld ook kansen voor studentenhuisvesting. De reistijd van Weert naar Eindhoven Centraal bedraagt 16 minuten, die met Venlo momenteel 39 minuten. 2.3 De samenwerkingsafspraken met Meierijstad, Venlo en Weert zich richten zich primair op thema’s uit het MRE-samenwerkingsakkoord, met name werklocaties, wonen en bereikbaarheid. Binnen de MRE-samenwerking hebben we een verkenning uitgevoerd naar basis-, regionale en topvoorzieningen. Op basis daarvan werken we binnen de MRE-samenwerking aan een voorzieningenstrategie/-aanpak. Weert en Meierijstad gaan een soortgelijke verkenning uitvoeren. Als
Zienswijze Bovenregionale samenwerkingen MRE met Weert, Venlo en Meierijstad
2
Raadsvoorstel
(samenwerkende) gemeenten hebben we maar een beperkte formele taak op het thema talent. Wel kunnen we met Meierijstad, Venlo als Weert de dialoog met de voor een gemeente relevante kennisinstellingen faciliteren. We doen dit met behulp van Brainport Development. Door een complementaire benadering van talent/onderwijs, waarbij meer dan voorheen in deze gemeenten ook het bedrijfsleven (stageplaatsen) wordt betrokken, zetten we in op vergroting van het arbeidsmarkpotentieel voor de Brainportregio. 2.4 Hoewel het uitgangspunt is dat de afspraken met Meierijstad, Venlo en Weert geen invloed hebben op de afspraken die de 21 gemeenten in MRE-verband gemaakt hebben, is het goed om dit expliciet te bedrukken als randvoorwaarde. Daarmee heeft de bovenregionale samenwerking ook geen invloed op onze ambities op wonen, werken en mobiliteit en blijven de Kempische ontwikkelstrategie 2024-2040 en Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant leidend. 3.1 Het is nadrukkelijk niet zo dat hierdoor het aantal gemeenten binnen de MRE-samenwerking wordt uitgebreid. Deze blijft bestaan uit 21 gemeenten. Meierijstad, Venlo en Weert gaan geen onderdeel uitmaken van de MRE-samenwerking en krijgen dus geen zitting in het AB, DB of de MRE-Portefeuillehoudersoverleggen. Dit is vanaf het begin van dit proces met het AB afgesproken.
3.2 Een “regeling zonder meer” is de lichtste juridische samenwerkingsvorm en sluit het beste aan op de inhoud van de voorgenomen samenwerking. De ontwerpregelingen voor de samenwerking tussen MRE en Meierijstad, respectievelijk Venlo, en Weert, bevatten de minimale bepalingen zoals voorgeschreven door de Wgr, en verder de spelregels om de samenwerking te laten functioneren. De ontwerpregelingen bevatten geen inhoudelijke afspraken, deze staan in de Samenwerkingsagenda’s. Er is geen sprake van overdracht van taken of het oprichten van een bedrijfsvoering organisatie of een gemeenschappelijke orgaan. De publiekrechtelijke samenwerkingsvorm onder de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) die hier op aansluit is de zogenaamde “regeling zonder meer”. Dit is het lichtste instrument uit deze wet. Het DB-MRE is op grond van art 17.2-e GR MRE bevoegd een gemeenschappelijke regeling tussen het openbaar lichaam MRE en andere openbare lichamen (zoals gemeenten) vast te stellen, voor zover het collegebevoegdheden betreft. Daarvan is hier in alle drie de gevallen sprake. 3.3 Het uitbrengen van een zienswijze is een collegebevoegdheid, op advies van de Raadstafel21 vraagt het DB-MRE naast de colleges ook de gemeenteraden om een zienswijze op zowel de samenwerkingsagenda’s en de regelingen.
Het geven van een zienswijze op het aangaan van een gemeenschappelijke regeling tussen DB-MRE en een gemeente is een collegebevoegdheid op grond van de GR MRE art 26.2. Het DB-MRE heeft op 16 juni 2025 besloten om de samenwerkingsagenda’s èn de regelingen voor zienswijze voor te leggen aan de raden. Daarmee wordt invulling gegeven aan art 25.3 GR MRE om voor “andere dossiers” deze zogenaamde “voorhangprocedure” te volgen. Vanwege de samenhang tussen regeling en samenwerkingsagenda worden beiden documenten voorgelegd. Hierdoor wordt zowel het college als de raad gevraagd om een besluit te nemen over het eventueel indienen van een zienswijze. Kanttekeningen 2.1 De samenwerkingsagenda’s zijn nog vrij algemeen en procesmatig van karakter. De afspraken over woningen en werklocaties zijn deels procesmatig. De voorliggende inhoud is ambtelijk en bestuurlijk afgestemd met de 21 gemeenten. Waar mogelijk worden er aantallen en hectares genoemd, maar er zijn nog geen concrete afspraken gemaakt over welke segmenten op welke termijn in de respectievelijke gemeenten zullen worden gerealiseerd. Na besluitvorming worden de voorliggende samenwerkingsagenda’s zo snel mogelijk uitgewerkt naar segmenten (type woningen, type bedrijventerreinen) en fasering, zodat we gericht druk op onze regio kunnen verminderen.
Zienswijze Bovenregionale samenwerkingen MRE met Weert, Venlo en Meierijstad
3
Raadsvoorstel
2.2 De MRE en deelnemende gemeenten hebben beperkte ambtelijke en bestuurlijke capaciteit beschikbaar. Het geven van opvolging aan de bovenregionale samenwerkingsafspraken ligt primair bij de MREwerkorganisatie. De primaire taak van de MRE-werkorganisatie is en blijft het faciliteren van de samenwerking tussen de 21 gemeenten. Dat betekent dat de capaciteitsinzet vanuit MRE voor deze bovenregionale samenwerkingen beperkt is. De MRE-directeur stuurt hierop. De capaciteitsinzet van de 21 MRE-gemeenten is ook beperkt. De meest belanghebbende ‘buurgemeenten’ uit het MRE-gebied zullen door de MRE-werkorganisatie het meest intensief worden betrokken, hiervoor worden zoveel mogelijk bestaande overlegmomenten en -tafels benut. Denk bijvoorbeeld aan de NOVEX-tafels Stedelijk Brabant en De Peel, of aan het al bestaande mobiliteitsoverleg van gemeenten aan de A2-Zuid, inclusief Weert (en Nederweert). De Kempengemeenten zijn voor deze samenwerkingen geen directe buurgemeenten en verwachten minimale inzet. Meierijstad, Venlo en Weert zijn zelf verantwoordelijk voor de realisatie van hun groeiambities en hun aandeel in de realisatie van de samenwerkingsagenda’s. Hiervoor wordt vanuit de MRE geen ambtelijke capaciteit beschikbaar gesteld. 2.3 Er zijn meer gemeenten in de invloedsfeer aan de Brainportregio, samenwerking met deze gemeenten is nog in een beginstadium.
In lijn met eerdere besluitvorming in het AB-MRE is prioriteit gegeven aan het komen tot samenwerkingsagenda’s met Meierijstad, Venlo en Weert. Aan de eerste, globale verkennende gesprekken met Tilburg en Den Bosch is op het moment van dit schijven, ook door deze twee steden, nog geen vervolg gegeven. De verkenning van eventuele samenwerking met de Antwerpse en Limburgse Kempen richt zich primair op het zoeken naar samenwerkingskansen tussen bedrijfsleven en kennisinstellingen en wordt vanuit onze regio getrokken door de directeur van Brainport Development. Vanuit gemeentelijke/MRE perspectief ligt de focus op grensoverschrijdende bereikbaarheid. De voortgang hiervan wordt via de reguliere weg via MRE met de deelnemende gemeenten afgestemd en gedeeld. Financiën Er zijn geen directe financiële consequenties voor de gemeente (zoals verhoging van de inwonerbijdrage) verbonden aan het aangaan van de samenwerking door MRE met de gemeenten Meierijstad, Venlo en Weert. Maatschappelijk verantwoord inkopen Er is geen sprake van een inkoop/aanbesteding naar aanleiding van dit voorstel. Communicatie Het DB wordt van uw besluit op de hoogte gebracht. Communicatie over de bovenregionale samenwerking wordt verzorgd door de MRE organisatie. Uitvoering Actie Dagelijks Bestuur (vrijgave zienswijzen) Algemeen Bestuur (informeren) Zienswijzeperiode
Datum ma. 16 juni 2025 wo. 2 juli Vanaf ma. 18 augustus t/m vrij. 31 oktober Meierijstad: 18 sept. in de raad; Weert: 24 sept. in de raad; Venlo: 22 okt. in de raad.
Zienswijze Bovenregionale samenwerkingen MRE met Weert, Venlo en Meierijstad
4
Raadsvoorstel
Portefeuillehoudersoverleg - Economie - Mobiliteit - Ruimte en wonen Laatste aanpassingen voorstel DB / AB Dagelijks Bestuur Algemeen Bestuur Tekenmomenten Publicatie
Data: do. 20 november wo. 26 november do. 27 november Na poho t/m vrij. 28 november ma. 8 december wo. 17 december 2025 do. 18 en/of vrijdag 19 december 2025 Direct aansluitend
De verantwoording over de voortgang vindt binnen de MRE-samenwerking plaats via de bestuursrapportages en jaarverslagen van de MRE. De samenwerkingsagenda’s hebben een looptijd van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2029. Uiterlijk in 2028 worden de bovenregionale samenwerkingen tussen MRE en Meierijstad, Venlo en Weert geëvalueerd. Bijlagen 1. Aanbiedingsbrief MRE zienswijzen concept samenwerkingsagenda’s en regelingen MRE met Meierijstad, Weert en Venlo 2. Concept Samenwerkingsagenda MRE-Meierijstad 3. Concept Samenwerkingsagenda MRE-Venlo 4. Concept Samenwerkingsagenda MRE-Weert 5. Gemeenschappelijke regeling “zonder meer” MRE – gemeente Meierijstad 6. Gemeenschappelijke regeling “zonder meer” MRE – gemeente Venlo 7. Gemeenschappelijke regeling “zonder meer” MRE – gemeente Weert 8. Brief update proces 14-10-2024 9. Presentatie Bovenregionale samenwerking AB MRE 18 december 2024 10. Brief update proces 24-3-2025 11. Brief update proces 16-6-2025
Burgemeester en wethouders van Bergeijk,
A.J.M. Ewalds Gemeentesecretaris
W.J.G. Delissen – van Tongerlo Burgemeester (wnd.)
Zienswijze Bovenregionale samenwerkingen MRE met Weert, Venlo en Meierijstad
5