Raadsvoorstel vaststellen Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant 2024
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Raadsvergadering d.d.
:
30 mei 2024
Afdeling
:
Dienstverlening en Veiligheid
Portefeuillehouder
:
Wethouder S.C.A. Luijten
Onderwerp
:
Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant 2024
Betreffend onderdeel programmabegroting
:
Taakveld 7 "Volksgezondheid en Milieu"
Samenvatting Als gevolg van de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen is het noodzakelijk om de huidige Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant te wijzigen. Het Algemeen Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant (hierna: AB) vraagt in haar aanbiedingsbrief van 13 maart 2014 aan het college om te besluiten tot vaststelling van de Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant 2024 (zie bijlage 1). De huidige Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant is op 9 februari 2017 in werking getreden. De Wet gemeenschappelijke regelingen is op 1 juli 2022 gewijzigd en vereist een aanpassing van de Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant. Hiertoe is door het AB medio juli 2023 het concept van de ontwerpregeling aan de deelnemers gezonden. Het concept van de ontwerpregeling is aan u voorgelegd om desgewenst zienswijzen naar voren te brengen. In uw vergadering van 7 november 2023 heeft u besloten geen zienswijze in te dienen op de ontwerpregeling. Een 12-tal deelnemers hebben destijds wel een zienswijzen ingediend. Het AB heeft deze zienswijzen beoordeeld en voorzien van een reactie. Deze zijn opgenomen in de bijgevoegde reactienota Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant (zie bijlage 2).
De zienswijzen hebben op onderdelen tot een aanpassing van de ontwerpregeling geleid. Het bijgevoegde was-wordt overzicht laat zien wat de wijzigingen zijn van de nu voorliggende ontwerpregeling ten opzichte van de huidige regeling (zie bijlage 3). Met dit voorstel en bijbehorende bijlagen wordt u gevraagd het college van burgemeester en wethouders toestemming te verlenen om de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst ZuidoostBrabant 2024 vast te stellen. De nu voorliggende regeling is opgenomen als bijlage 4. Advies 1. Het college van burgemeester en wethouders toestemming te verlenen om de bijgevoegde Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant 2024 vast te stellen. Beoogd effect Met het vaststellen van deze gewijzigde gemeenschappelijke regeling voldoen we aan de eisen die de Wet gemeenschappelijke regelingen stelt en is de regeling beter leesbaar gemaakt. Dit doen we voor de daarvoor geldende deadline van 1 juli 2024.
Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant
1
Raadsvoorstel
Argumenten 1. Met de wijziging van de gemeenschappelijke regeling wordt voldaan aan de Wet gemeenschappelijke regelingen ook is de Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant 2024 op een aantal onderdelen geharmoniseerd met de overige regionale gemeenschappelijke regelingen. De deelnemers wordt nu gevraagd te besluiten over de voorgelegde gewijzigde gemeenschappelijke regeling. Artikel 51, vierde en vijfde lid van de Wet gemeenschappelijke regeling schrijft voor dat het college pas tot een wijziging kan besluiten, nadat toestemming is verkregen van de raad. Toestemming kan slechts worden onthouden wegens strijd met het recht of het algemeen belang. Daarvan is naar mening van het college geen sprake. Daarom wordt aan u voorgesteld om toestemming te verlenen. Na het verkrijgen van uw toestemming kan het college definitief besluiten over de wijziging van de gemeenschappelijke regeling. Belangrijkste inhoudelijke aanvullingen in de voorstelde Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant 2024 als gevolg van ingediende zienswijzen: a.
Artikel 1.3 met betrekking tot participatie is opgenomen zodat een vorm van participatie wordt geregeld Dit artikel biedt het Dagelijks Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant (hierna: DB) de mogelijkheid om op eigen initiatief of wanneer ten minste een vijfde van de gemeenteraden of Provinciale Staten het DB hierom verzoekt bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid met ingrijpende gevolgen een apart participatietraject te doorlopen. Deze participatie wordt geboden aan ingezetenen van de deelnemers en belanghebbenden. Daarnaast kunnen ingezetenen en belanghebbenden via de regulier procedures worden betrokken bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid. In het ontwerp was geen participatie opgenomen. Gebleken is dat een dergelijk bepaling toch verplicht moet worden opgenomen. b. In artikel 11.1 Evaluatie is de termijn van 1 x per 4 jaar als frequentie opgenomen waarbij het tijdstip van de evaluatie aansluit bij de zittingsperiode van de volksvertegenwoordigers van de bij de Gemeenschappelijke Regeling aangesloten deelnemers De evaluatiebepaling is daarom aangepast met een periodieke cyclus van vier jaar waarbinnen de evaluatie dient plaats te vinden. Het DB zendt in 2028 en vervolgens telkens na vier jaar een verslag aan het AB. De vorm en inhoud van een evaluatieverslag zijn vrij. c.
Geen aanpassing van artikel 9.2 met betrekking tot de uittredingsregeling ondanks de verschillende uitwerkingen van de uittredingsregeling in de vier grote regionale Gemeenschappelijke Regelingen In de zienswijze van Eindhoven zijn deze verschillen benoemd en is gevraagd om een onderzoek naar harmonisatie met als mogelijke uitkomst dat de Gemeenschappelijke Regeling daarop moet worden gewijzigd. Deze verschillen staan niet in de weg aan het vaststellen van de voorgelegde gewijzigde Gemeenschappelijke Regeling. Het AB heeft op 7 maart 2024 besloten een verkenning uit te voeren naar de harmonisatie van de uittredingsregeling bij de vier grote Gemeenschappelijke Regelingen. Kanttekeningen Eensluidende besluiten alle deelnemende raden en colleges nodig voor vaststelling Het aangaan of wijzigen van een zogenaamde "collegeregeling”, waarvan sprake is bij de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant, is een bevoegdheid van de colleges en raden van de 21 deelnemende gemeenten en de Provincie Noord-Brabant. Daarbij is het nodig dat alle colleges en raden eensluidend besluiten wil er sprake zijn een geldig besluit. Financiën Dit voorstel heeft geen financiële gevolgen. Maatschappelijk verantwoord inkopen Er is geen sprake van een inkoop/aanbesteding naar aanleiding van dit voorstel.
Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant
2
Raadsvoorstel
Communicatie De raad geeft toestemming aan het college om het besluiten tot vaststelling van de Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant 2024. Uitvoering Na toestemming door de raad zal het college besluiten tot vaststelling van de Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant 2024. Dit besluit wordt vervolgens kenbaar gemaakt aan het AB. Nadat alle deelnemers gelijkluidend hebben besloten zal de Provincie de Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant 2024 bekendmaken waarna deze in werking treedt. Bijlagen 1. Aanbiedingsbrief van het AB ODZOB 2. Reactienota GR ODZOB: Zienswijzen deelnemers en reactie 3. Was-wordt-tabel Gemeenschappelijke regeling ODZOB 2024 4. Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant 2024
Advies Raadscommissie De commissie GZ heeft in haar vergadering d.d. 8 mei 2024 geadviseerd om het stuk door te geleiden naar de raadsvergadering van 30 mei 2024.
Burgemeester en wethouders van Bergeijk,
A.J.M. Ewalds Gemeentesecretaris
A. Callewaert – de Groot Burgemeester
Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant
3