Raadsvoorstel Integraal Huisvestingsplan Kindontwikkeling 0-13 jaar 2025-2040
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Raadsvergadering d.d.
:
06 november 2025
Afdeling
:
Maatschappij en Ruimte
Portefeuillehouder
:
Wethouder M. Van Dalen
Onderwerp
:
Integraal Huisvestingsplan Kindontwikkeling 0-13 jaar 2025-2040
Betreffend onderdeel programmabegroting
:
Taakveld 4 "Onderwijs"
Samenvatting De gemeenteraad stelde op 25 november 2021 het ‘Integraal Huisvestingsplan Primair Onderwijs Bergeijk 2022-2037 (IHP1)’ vast. In dit IHP1 werd de ambitie van de gemeente, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties vastgelegd op het gebied van de inhoudelijke samenwerking en de investeringen in de huisvesting voor de te vormen kindcentra binnen de gemeente. Bij de vaststelling werd ook besloten om dit IHP1 elke vier jaar te actualiseren. Begin van dit jaar is deze actualisatie opgepakt. In overleg met onze partners in de kindcentra is een herijkt IHP tot stand gekomen, het ‘Integraal Huisvestingsplan Kindontwikkeling 2025-2040 (IHP2)’. De gemeenteraad kan nu besluiten over vaststelling van dit IHP2. Voorstel Het ‘Integraal Huisvestingsplan Kindontwikkeling 0-13 jaar 2025-2030’ (IHP2) vast te stellen. Beoogd effect Het IHP2 legt vast waarop de ambities op het gebied van de samenwerking en de huisvesting zijn gericht. Het programma op het gebied van huisvesting gaat over een relatief lange periode en is opgesteld op basis van nu bekende gegevens en prognoses. Alle partijen realiseren zich daarom ook dat het vooral als een ambitiedocument moet worden beschouwd dat voortdurende tussentijdse evaluatie en mogelijk bijstelling behoeft. Het programma is daarom vooral belangrijk als leidraad voor de overleg- agenda: op welk moment pakken we welke opgave op om uit te werken.
Argumenten 1.1 Het IHP is een goed sturingsinstrument en sluit aan bij aanstaande nieuwe wetgeving. Een IHP is een sturingsinstrument in het realiseren van onderwijskundige, beleidsmatige en maatschappelijke ambities. Hierbij is onderwijshuisvesting dus niet alleen een antwoord op een ruimtevraag, maar ook een strategisch bedrijfsmiddel om deze ambities te ondersteunen of te realiseren. Het IHP biedt een meerjarig perspectief voor investeringsbesluiten rondom huisvesting van onze kindcentra Daarbij fungeert het als een ambitiedocument in plaats van een blauwdruk, zodat flexibiliteit (beargumenteerd) behouden blijft. Er wordt met dit IHP van de partners een inspanningsplicht verlangd. Besluiten over de investeringen door de gemeente worden per project door de gemeenteraad apart genomen. Naast de investering van de gemeente is er ook sprake van investeringen vanuit schoolbesturen. Als partijen zich onverhoopt niet aan het IHP (kunnen) houden of er onderling niet uitkomen, dan wordt teruggevallen op onze Verordening voorzieningen huisvesting basisonderwijs Bergeijk 2022 (Verordening)
Integraal Huisvestingsplan Kindontwikkeling 0-13 jaar 2025-2040
1
Raadsvoorstel
Wettelijke kader. De gemeente is wettelijk verantwoordelijk voor het voorzien in voldoende en adequate huisvesting van scholen met (vervangende) nieuwbouw en uitbreiding. Schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor het groot en klein onderhoud, de exploitatie en inpandige aanpassingen en worden hiervoor vergoed vanuit het Rijk. Naar verwachting treedt in 2026 de Wet ‘Planmatige en doelmatige aanpak onderwijshuisvesting’ in werking. Deze wet bestaat uit verschillende onderdelen: 1. Het opstellen van een IHP wordt wettelijk verankerd als verantwoordelijkheid van de gemeente. Het moet een overzicht geven van de staat van álle schoolgebouwen en de geraamde investeringsbedragen voor een periode van vier jaar, plus een doorkijk van de 12 jaar erna. 2. Schoolbesturen delen hun Meerjarig onderhoudsplan (MJOP) met de gemeente ten behoeve van het IHP. 3. Renovatie wordt een voorziening waar de gemeente primair verantwoordelijk voor is en wordt gedefinieerd als volwaardig alternatief voor nieuwbouw. 4. Het investeringsverbod primair onderwijs komt te vervallen. Primair onderwijs mag voortaan investeren vanuit een overschot in de exploitatie, conform hoe dit in het voortgezet onderwijs geregeld is. De gemeente heeft geen wettelijke verplichtingen in het voorzien van huisvesting voor kinderopvang. Het voorliggende IHP2 is al conform deze nieuwe Wet ingericht en tot stand gekomen.
1.2 De ervaringen die zijn opgedaan op basis van het IHP1 op het gebied van de inhoudelijke samenwerking en de huisvesting zijn meegenomen in IHP2. Inhoudelijke samenwerking. De ambitie in IHP1 was gericht op een uitmuntende samenwerking tussen de kindpartners om een optimale doorgaande ontwikkellijn voor de kinderen van 0-13 te realiseren. Deze ambitie werd vertaald in een convenant en een daarbij horend addendum waarin dit voor elke vestiging/kern werd geconcretiseerd. Er is een inmiddels een stevig netwerk ingericht met een divers aanbod rondom het kind. Kindcentra, zowel in fysieke vorm als in de vorm van een kindnetwerk, functioneren als centrale vind- en werkplaatsen die de ontwikkeling van kinderen ondersteunen. Binnen dit netwerk zijn vier bouwstenen vastgesteld, die door ieder kindcentrum op locatie verder worden uitgewerkt: • Een goede start voor elk kind; • Een doorgaande ontwikkellijn met een rijk dagprogramma; • Partnerschap met ouders; • Een passende plek voor elk kind. De uitgangspunten van de betrokken organisaties zijn geïntegreerd op strategisch, tactisch en operationeel niveau, waarbij tevens de gezamenlijke ambities zijn meegenomen. Hierdoor is een doorgaande ontwikkellijn gerealiseerd voor kinderen van 0 tot 13 jaar. De uitvoering en voortgang worden cyclisch geëvalueerd.
Dit zorgt ervoor dat de samenwerking duurzaam geborgd is en de rol van de gemeente op dit terrein kan worden verkleind. De in IHP1 nagestreefde profilering van de voorzieningen heeft ook de eerste resultaten opgeleverd. De sport-BSO op sportpark Bergerheide en BSO-Bazenbos in het scoutinggebouw aan de Fazantlaan zijn daarvan voorbeelden, evenals de dit najaar te starten sport-BSO op sportpark de Koolakker. Daarmee is een meer divers aanbod aan BSO-mogelijkheden binnen Bergeijk gerealiseerd. Bijzondere vermelding in dat kader verdient de herprofilering van het onderwijs op basisschool Fonkeltuin op de Weebosch, waar de schaal en de ligging aanleiding is geweest het FONK-concept te introduceren: buiten spelen, leren en ontwikkelen, geïnspireerd door de natuur. Het leerlingaantal is inmiddels van 32 leerlingen op 1 oktober 2023 gestegen naar 45 leerlingen op 1 oktober 2025.
Integraal Huisvestingsplan Kindontwikkeling 0-13 jaar 2025-2040
2
Raadsvoorstel
Huisvesting. De geambieerde planning voor investeringen in de kindcentra is in het IHP1 als volgt opgenomen:
*
* Met ‘Cluster Oost’ werd in IHP1 Kindcentrum-Oost bedoeld en betreft inmiddels een nieuwbouwproject (niet langer ‘renovatie’).
1. Huisvesting BS Prinses Beatrix-BS De Zonnesteen (Kindcentrum-Oost). Ten opzichte van de ambitie (Uitvoeringsjaar 2023) loopt dit project achter. Dit heeft mede een relatie met het knelpunt rondom de huisvesting van BS De Waterloop, aan de oplossing waarvan prioriteit is gegeven (zie hieronder punt 3.). Op dit moment wordt ingezet op een realisatie in 2026-2027 met een oplevering van het nieuwe kindcentrum begin schooljaar 2027-2028. Het voor realisatie benodigde krediet is door de gemeenteraad op 22 mei 2025 beschikbaar gesteld. 2. Huisvesting Kindcentrum De Regenboog. De opgelopen vertraging van de realisatie van Kindcentrum-Oost ten opzichte van de in IHP1 opgenomen ambitie heeft consequenties voor de het in IHP1 opvolgende project, de realisatie van Kindcentrum De Regenboog. Uitvoering van op te stellen plannen is afhankelijk van het vrijkomen van de locatie van de huidige basisschool De Zonnesteen. Dat zal pas zijn in 2027. Dit jaar is voor dit project wel de voorbereiding opgestart. 3. De Waterloop, realisatie verbinding met het gemeenschapshuis. Dit is eerder gerealiseerd dan de ambitie in IHP1 (2026). De Waterloop is sneller gegroeid dan ten tijde van vaststelling van IHP1 werd aangenomen. Dit heeft geleid tot uitbreiding van de onderwijsruimte in 2024 in samenhang met het realiseren van de in 2021 gewenste verbinding met het gemeenschapshuis.
1.3 De ambitie op het gebied van de inhoudelijke samenwerking tussen de kindpartners blijft onverminderd hoog. De aanpassing van de titel van het IHP geeft al blijk van een bestendiging van de ambitie uit 2021: waar het IHP1 nog spreekt van ‘Huisvestingsplan Primair Onderwijs’, spreekt IHP2 over ‘Huisvestingsplan Kindontwikkeling 0-13 jaar’. Het kind staat centraal en het kindcentrum staat centraal in de ontwikkelomgeving van het kind.
Integraal Huisvestingsplan Kindontwikkeling 0-13 jaar 2025-2040
3
Raadsvoorstel
De netwerkstructuur rondom het kind van 0-13 jaar heeft zich gevormd en profilering van voorzieningen ten opzichte van elkaar zijn inmiddels herkenbaar, zoals vermeld onder paragraaf 1.2 bijvoorbeeld in de vorm van een verbreding van het aanbod kinderopvang. In het IHP2 is het uitgangspunt dat de kindpartners gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor het aanbod van passend onderwijs, waarbij dit zo inclusief en zo thuisnabij mogelijk wordt gerealiseerd. Dat betekent dat zo veel als mogelijk expertise naar de kindcentra wordt gebracht. Voor sommige kinderen zal echter specialistisch aanbod elders de beste mogelijkheid voor hun ontwikkeling bieden. Ten aanzien van het nieuwkomersonderwijs zetten partijen zich in om dit onderdeel te laten zijn van het regulier onderwijs. Deze ambities kunnen leiden tot een huisvestingsvraag. Daarom is in het IHP2 opgenomen dat het mogelijk is extra oppervlak te realiseren. ‘Extra’ betekent dat meer oppervlak wordt gerealiseerd dan opgenomen in de oppervlaktenormen uit onze Verordening. 1.4 De Adviesraad Sociaal Domein heeft met een aantal opmerkingen een positief advies uitgebracht ten aanzien van het visiedeel van IHP2. Op 21 augustus 2025 heeft de Adviesraad Sociaal Domein (ASD) aan het college een advies uitgebracht ten aanzien van concept-visiedeel van IHP2. Dit advies is als bijlage 1 bij dit voorstel gevoegd.
Samengevat is de ASD van mening dat het visiedeel een inhoudelijk solide indruk maakt en dat deze ook (in vergelijking met IHP1) explicieter en passend in deze tijd van inclusiviteit en thuisnabij is geworden. De visie heeft daarom meerwaarde. Het advies is positief, met inachtneming van een aantal bemerkingen. Deze bemerkingen hebben betrekking op: 1. Vermelding van de de rol van ouders en opvoeders. De visie is hierop aangevuld in paragraaf 2.1. Kansrijk Opvoeden. 2. De groeispurt van de Metropool Eindhoven regio en de omgang met nieuwkomers zijn (nog) niet in de visie opgenomen. In de visie naar aanleiding van dit advies een passage over (het niet meenenem van) de regionale groeispurt opgenomen. De visie is hierop aangevuld, zoals nader toegelicht onder argument 1.5, onder Flexibileit, van dit voorstel. 3. De ASD is positief ten aanzien van het streven om speelplaatsen zoveel als mogelijk openbaar te maken, maar waarschuwt dat dit geen eenvoudige opgave is. Dit wordt onderkend, maar is voor de betrokken partners niet bij voorbaat een argument om deze ambitie niet te handhaven. Onze reactie is overigens weergegeven in bijlage 2 bij dit voorstel. 1.5 De visie op de kindontwikkeling 0-13 jaar is meegenomen in de ambitie op het gebied van huisvesting. De herijking van visie en ambities op het gebied van huisvesting heeft geleid tot de volgende aanpassingen, danwel nuanceringen:
Integraal Huisvestingsplan Kindontwikkeling 0-13 jaar 2025-2040
4
Raadsvoorstel
•
Flexibiliteit in ruimtegebruik: We handhaven het uitgangspunt dat we niet bouwen voor de leegstand en dat ‘onderwijs’ en ‘kinderopvang’ gelijkwaardige partners zijn, bij voorkeur onder één dak. Dat betekent dat we bij schommelingen in de leerlingaantallen flexibel moeten kunnen zijn in de bruikbaarheid van ruimten voor zowel onderwijs als kinderopvang. De actualiteit vraagt echter om meer: de regio ondergaat op dit moment een groeispurt die ook onze gemeente raakt. De woningbouwambitie van ca. 3.000 woningen tot 2040 zal zeker effect hebben op de benodigde omvang van onze kindcentra. Het is echter op dit moment nog onvoldoende duidelijk wat het effect van de woningbouwambitie zal zijn op de omvang en aard van onze doelgroep 0-13 jarigen. Gaan we uit van algemene uitgangspunten als het gaat om de ontwikkeling van de bevolkingssamenstelling, is indicatief een groei van de doelgroep te ramen met ongeveer 200-230 kinderen. We kennen echter niet de herkomst en samenstelling van de huishoudens die deze 3.000 woningen zullen betrekken. Duidelijk is dat de groei van de bevolking in de regio naar verwachting door migratie tot stand zal komen. Wat dit betekent voor de aard van de voorzieningen die benodigd is voor een groeiende doelgroep van 0-13 jaar in Bergeijk, is nog onduidelijk. Dat is afhankelijk van: a. de samenstelling van deze nieuwe groep bewoners van Bergeijk; b.
de keuze die ouders maken met betrekking tot lokaal of bijvoorbeeld Engelstalig onderwijs. Het is daarom ook nog niet mogelijk om een groei van de doelgroep te vertalen naar concrete scenario’s voor elk van onze kindcentra.
•
•
In dit IHP2 zetten we in op zowel flexibiliteit van ruimtegebruik, geven we extra ruimte voor passend onderwijs (waaronder nieuwkomersonderwijs) en nemen uitbreidingsopties voor een mogelijke groei van de kindcentra in de toekomst in de planontwikkeling mee. Bij een volgende herijking van het IHP over vier jaar is er mogelijk meer duidelijkheid over de gevolgen van de lokale en regionale groei en kan de aanvullende huisvestingsbehoefte beter worden geconcretiseerd. Gezondheid: In IHP2 handhaven we het uitgangspunt dat we gaan voor gezonde gebouwen en tot beweging uitdagende buitenruimte. We voegen toe dat een uitdagende buitenruimte ook groenelementen bevat en in principe openbaar toegankelijk is. Met betrekking tot deze openbaarheid maken we goede afspraken met de schoolbesturen. Duurzaamheid: We handhaven de ambitie dat we bouwen conform de (duurzaamheids-)eisen die vanuit de rijksoverheid worden opgelegd. De verwachting is dat de komende jaren nieuwe regels gaan gelden. Bovendien is het onderwerp ‘Netcongestie’ een nieuw aandachtspunt dat ook vraagt om reductie van energiebehoefte en mogelijk ook om tijdelijke voorzieningen tijdens de overbruggingsperiode tot de vaste aansluiting. De aanvullende investeringen in reductie van energiebehoefte zijn nog niet meegenomen in de raming van de investeringsomvang, zoals deze in de bijlage bij het IHP2 is opgenomen.
Wel is rekening gehouden met een mogelijke postenkost van 0,2 miljoen euro per project voor tijdelijk voorzieningen in de overgangsperiode.
Tenslotte wordt het type maatregelen in de huisvesting in het IHP2 aangepast. Verwacht wordt dat in 2026 de Wet ‘Planmatige en doelmatige aanpak onderwijshuisvesting’ in werking zal treden (zie tevens argument 2.1 van dit voorstel). Met deze in werking treding zal onder andere het begrip ‘renovatie’ in de Wet worden verankerd. Daarbij zal worden geregeld dat de gemeente gehouden is renovatie van onderwijshuisvesting te bekostigen als dit een volwaardig alternatief is voor vervangende nieuwbouw. Waar in IHP1 werd uitgegaan van een bijdrage van de gemeente in de renovatie van huisvesting van maximaal 70% van de bekostigingsnorm die voor nieuwbouw geldig is, wordt in IHP uitgegaan van 100% van deze norm:
Integraal Huisvestingsplan Kindontwikkeling 0-13 jaar 2025-2040
5
Raadsvoorstel
We blijven het instrument van businesscase hanteren om een definitief besluit te nemen over renovatie of vervangende nieuwbouw. Overige afspraken zijn opgenomen in paragraaf 3.2 van IHP2. Uitgangspunt voor investeringen in de huisvesting van kinderopvang-functies blijft deze direct of indirect worden gedragen door de kinderopvangorganisatie. 1.6 De staat en leeftijd van de bestaande huisvestingbebouwing is samen met de leerlingprognoses uitgangspunt voor de scenario’s per locatie. Per locatie is de kwaliteit van de huisvesting opnieuw geïnventariseerd. Daarnaast is de lange termijn leerlingprognose uit 2020 geactualiseerd op basis van de laatste ambities op het gebied van de woningbouw in de Bergeijkse kernen, waarbij (zoals toegelicht onder 1.3, punt 1) nog geen rekening is gehouden met de volledige extra groei voortkomend uit de regionale ontwikkelingen. Deze nieuwe prognose laat de volgende ontwikkeling zien:
*14 voor 2025 is de oktobertelling 2024 aangehouden *15 voor 2026 is de oktobertelling 2025 aangehouden
Het hierin opgenomen leerlingaantal van basisschool Pr. Beatrix betreft het leerlingaantal voor het nieuwe Kindcentrum-Oost. De groei van de basisscholen De Regenboog en Beisterveld is vooral te verklaren uit het feit dat basisschool De Zonnesteen verdwijnt en een herverdeling plaatsvindt binnen de kern ’t Hof, zoals ook werd verwacht in IHP1. De scenario’s per kindcentrum komen nagenoeg overeen met de scenario’s in het IHP1. De scenario’s per kindcentrum komen nagenoeg overeen met de scenario’s in het IHP1. Voor kindcentrum Waterloop is dat anders. Dit kindcentrum ervaart een tekort aan groepsruimten. De onderwijsruimte heeft in totaliteit een omvang in oppervlak dat normatief voldoende is voor 160 leerlingen, maar de
Integraal Huisvestingsplan Kindontwikkeling 0-13 jaar 2025-2040
6
Raadsvoorstel
indeling is niet geschikt voor dit aantal leerlingen. Het knelpunt is urgent. In het IHP2 wordt deze urgentie onderkend. De gezamenlijke inzet is gericht op het toevoegen van tenminste één extra tijdelijke groepsruimte, waarbij aanvullende mogelijkheden worden onderzocht in de vorm van aanpassing van het bestaande gebouw en/of medegebruik van ruimten in het aansluitende gemeenschapshuis. Dit gemeenschapshuis is enerzijds een belangrijk deel van de huisvesting van het kindcentrum De Waterloop, anderzijds is niet uitgesloten dat de groeiende kern ’t Loo vraagt om meer ruimte voor gemeenschapsactiviteiten. Mogelijk dat op termijn daarom ook aanpassing van de huisvesting van het gemeenschapshuis noodzakelijk blijkt, waarin een definitieve oplossing voor het tekort aan groepsruimten van kindcentrum De Waterloop kan worden geïntegreerd. We hebben in het herijkingsproces geconcludeerd dat de ambitie voor wat betreft de planning van voorbereiding en uitvoering van plannen in IHP1 te hoog was. Bovendien is vanuit de gemeente de wens ingebracht om het voorbereidingstraject voor kindcentrum St.Willibrordus in Riethoven meer prioriteit te geven. Dit heeft geleid tot de volgende aangepaste ambitie: School KindcentrumOost De Regenboog
Waterloop St. Willibrordus
Beisterveld Fonkeltuin
Maatregel Nieuwbouw
Start van het project 2022
Jaar gereed Medio 2027
Renovatie met uitbreiding Uitbreiding Nieuwbouw of renovatie
2024
Eind 2027/ Begin 2028
Nieuwbouw of renovatie Nieuwbouw of renovatie
Start haalbaarheidsonderzoek 2025 2030 2033
Medio 2027 Medio 2031
Medio 2033 Medio 2036
1.7 De investeringen in de kindcentra zijn indicatief geraamd en geven een goed beeld van de investeringsomvang tot 2040. De benodigde investeringen om de huisvestingsambities te kunnen realiseren zijn geraamd op basis van normbedragen. Deze normbedragen zijn gebaseerd op recente aanbestedingen in de sfeer van onderwijshuisvesting en wijken af van de normen als we die hanteren in onze Verordening (VNGnormering). Om een meer reële inschatting te kunnen maken, is in IHP2 uitgegaan van de praktijknormen. De totale investeringen hebben een omvang van ruim 23,6 miljoen euro, prijspeil 2025. Daarvan wordt ruim 3,1 miljoen euro geïnvesteerd door kinderopvangorganisaties of worden investeringen van de gemeente gedekt uit inkomsten uit de verhuur van kinderopvangruimte. Eventuele mogelijkheden van schoolbesturen voor cofinanciering (mede op grond van de Wet’ Planmatige en doelmatige aanpak onderwijshuisvesting’) zijn hierin nog niet meegenomen, omdat dat deze in hoge mate afhankelijk zijn van de omstandigheden ten tijde van het concrete investeringsmoment. Deze zullen meegenomen worden in afzonderlijke voorstellen aan de gemeenteraad over de beschikbaarstelling van investeringskredieten. Het eerste moment dat de haalbaarheid van deze investeringsambitie kan worden getoetst is bij vaststelling van onze meerjarenbegroting 2027-2030.
In de bijlage ‘Financiële doorrekening’ treft u de gedetailleerde financiële doorkijk aan.
Integraal Huisvestingsplan Kindontwikkeling 0-13 jaar 2025-2040
7
Raadsvoorstel
1.8 Ook IHP2 zal over 4 jaar worden herijkt. De gemeenteraad besloot op 25 november 2021 bij vaststelling van IHP1 al dat elke 4 jaar wordt herijkt. Kanttekeningen Financiën We stellen voor om de investeringsplannen mee te nemen in de begrotingscyclus 2027-2030. De gemeenteraad blijft vervolgens in de positie om per project separate besluiten te nemen ten aanzien van beschikbaarstelling van een investeringskrediet. Daarmee zetten we handelswijzen zoals we die voor IHP1 hebben gehanteerd ongewijzigd voort. Maatschappelijk verantwoord inkopen Er is geen sprake van een inkoop/aanbesteding naar aanleiding van dit voorstel. Communicatie Besluit van de gemeenteraad zal worden teruggekoppeld aan de partners die bij de opstelling va IHP2 zijn betrokken en het raadsbesluit zal als beleidsstuk conform de richtlijnen worden gepubliceerd. Uitvoering N.v.t. Bijlagen • • •
Bijlage 1: Advies Adviesraad Sociaal Domein (ASD) Bijlage 2: Reactie op advies ASD Bijlage 3 a t/m c: Diverse bijlagen IHP
Burgemeester en wethouders van Bergeijk,
A.J.M. Ewalds Gemeentesecretaris
W.J.G. Delissen – van Tongerlo Burgemeester (wnd.)
Integraal Huisvestingsplan Kindontwikkeling 0-13 jaar 2025-2040
8