Definitieve Jaarstukken 2024
Tekst van het document
Geluidsanering woningen gemeente Bergeijk Doel van het geluidsaneringsproject is gevelmaatregelen te treffen om overlast van verkeersgeluiden in woningen tegen te gaan. De ODZOB voert dit project voor de gemeente uit. De advieskosten van de ODZOB worden uit ontvangen subsidie betaald. Vanwege de grootte van het project is het opgeknipt in drie (3) deelprojecten. Voor het eerste deelproject is het saneringsprogramma gereed. Woningen die in aanmerking komen voor eventuele geluidwerende 50
Programmaplan duurzaamheid en klimaat (inclusief uitvoeringsprogramma) BErgeijkENERGY Tweejaarlijks stellen wij de raad een uitvoeringsprogramma BErgeijkENERGY voor, waarin onze ambitie op het gebied van energietransitie vertaald is in concrete projecten op het gebied van energiebesparing en
opwekking duurzame energie. Ook blikken wij dan terug op de resultaten uit het voorgaande jaar. In december 2024 werd de evaluatie en het Uitvoeringsprogramma 2025-2026 BErgeijkENERGY aan de raad voorgelegd. Voor het totale overzicht van de resultaten in 2024 verwijzen wij naar de paragraaf Klimaat en duurzaamheid.
Wat heeft het gekost? Taakveld 7. Volksgezondheid en milieu Bedragen in € 1.000 a Lasten b Baten c Saldo taakveld excl mutaties reserves d Mutaties reserves storting e Mutaties reserves onttrekking f Saldo taakveld
Toelichting lasten Riolering (€ 44.000 N) Wegens hogere energieprijzen zijn deze kosten met € 35.000 overschreden, daarnaast zijn door het natte jaar de storingskosten van de rioleringen € 9.000 hoger uitgevallen. Milieubeheer (€ 53.800 V) In het Werkprogramma 2024 ODZOB zijn de verwachte werkzaamheden van de ODZOB opgenomen. De ODZOB heeft op het gebied van bodemtaken, sloop en asbest en milieu agrarisch minder taken uitgevoerd. Dit heeft geresulteerd in een voordeel van € 110.500. In de Begroting 2024 is rekening gehouden met legesinkomsten met betrekking tot milieu van € 50.000. Er is echter in 2024 geen milieuvergunning aangevraagd die ook in 2024 is verleend. Hierdoor zijn er geen legesinkomsten ontvangen. Dit heeft geresulteerd in een tekort van € 50.000. In totaal (met alle overige onderdelen binnen deze begrotingspost) is er sprake van een voordeel van € 53.800. Isolerende maatregelen omtrent geluid (€ 44.000 V) Wegens het in de exploitatie brengen van ontvangen gelden uit het verleden (correctie) is er op dit budget een voordeel van € 44.000.
Rekening 2023 5.663 3.897 -1.766 448 537 -1.677
Begroting 2024 Primitief 5.699 4.537 -1.162 0 440 -722
Begroting 2024 na wijziging 7.599 5.911 -1.689 440 496 -1.632
Werkelijk 2024 5.985 4.487 -1.499 440 319 -1.620
Lokale aanpak isolatie (€ 690.000 V, € 690.000 N) De gemeente heeft een subsidie ontvangen in het kader van de Lokale aanpak isolatie. Deze subsidie wordt als inkomst geraamd en tevens worden uitgaven opgenomen voor de Lokale aanpak isolatie in de begroting. De regeling betreft een SISA regeling, waarbij niet bestede middelen terugbetaald moeten worden na afloop van de regeling. Tegenover deze lagere uitgaven staan ook de lagere inkomsten. Capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) middelen (€ 505.000 V, € 505.000 N) De gemeente heeft een subsidie ontvangen in het kader van de CDOKE middelen. Deze subsidie wordt als inkomst geraamd en tevens worden uitgaven opgenomen voor de CDOKE in de begroting. De regeling betreft een SISA regeling, waarbij niet bestede middelen terugbetaald moeten worden na afloop van de regeling. Tegenover deze lagere uitgaven staan ook de lagere inkomsten. Toelichting baten Riolering – Aansluitrechten (€ 21.000 V) Er zijn meer nieuwe huisaansluitingen aangevraagd dan vooraf begroot, daartegenover staan ook de uitgaves voor aanleg.
51
Verbonden partijen
-
-
-
GGD ODZOB
Gemeentelijk beleid -
Milieuvisie Bergeijk 2020-2029 (2019) Programmaplan BEergeijkENERGY (2018) Kadernota Grondstoffen (2019) Verbreed GRP Bergeijk 2020-2024
-
Strategienota: van afval naar grondstof in 2020 (2013) Uitvoeringsprogramma Van afval naar grondstof in 2020 (2015) Lokaal gezondheidsbeleid 2021-2025 (2021) Bodemkwaliteitskaart 2022-2027 Nota bodembeheer 2022-2032 Klimaatadaptatiestrategie en uitvoeringsagenda gemeente Bergeijk (2021)
Beleidsindicatoren Naam Indicator Omvang huishoudelijk restafval Hernieuwbare elektriciteit
Eenheid Kg/inwoner %
Bron CBS RWS
Peiljaar < 25.000 Bergeijk 2023 103 45 2022 n.b. 33,4%
52
53
Portefeuillehouders
Taakveld 8 Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing
Wethouder M. Kuijken
Wethouder L. Wijnen
54
Taakveld 8: Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing Wat wilden wij bereiken en wat hebben wij hiervoor gedaan?
een ruimtelijke verkenning gemaakt van de gevolgen van de schaalsprong voor De Kempen, met aandacht voor brede welvaart, dus ook sociaal-maatschappelijke en ecologische consequenties. In december 2024 is de Ontwikkelstrategie door de raad vastgesteld.
Voorzien in de woonbehoefte van specifieke doelgroepen starters, senioren en zorgbehoevenden en arbeidsmigranten, onder andere door realisatie van voldoende woningen. In GemeenteBergeijk staatsamen met de regio aan de vooravond om invulling te geven aan een duurzame schaalsprong. De werkgelegenheid groeit, waardoor een stijgende behoefte ontstaat aan nog meer woningen en voorzieningen en tevens neemt ook de druk op het mobiliteitsnetwerk toe. Daarom heeft de raad in 2023 een bestuursopdracht gegeven om, samen met De Kempengemeenten een ontwikkelstrategie op te stellen. Met de nieuwe ontwikkelstrategie wordt
In de ontwikkelstrategie is voor de Kempengemeenten een woningbouwopgave opgenomen van maximaal 13.000 woningen in de periode tot 2040. Voor Bergeijk is de opgave maximaal 3000 woningen. Hiervan zien er 1750 op de autonome ontwikkeling (minimale ambitie) en zijn 1250 woningen specifiek bedoeld voor de opvang van de schaalsprong. De ontwikkelstrategie legt de nadruk van de woningbouwontwikkeling voor de schaalsprong op de grote kernen en op de kleine kernen nabij het stedelijk gebied. Voor de gemeente betekent dit een accent op de kernen Bergeijk ’t Hof en Riethoven. Bovenstaande betekent ook dat de opgave vanuit de Omgevingsvisie van ca 100 woningen per jaar, wordt verdubbeld naar een opgave van ca 200 woningen per jaar.
In de Omgevingsvisie is al aangegeven dat het niet mogelijk is om alleen met inbreidingslocaties in deze fors toegenomen woonbehoefte te voorzien. Daarom is in de Omgevingsvisie de opdracht opgenomen om de mogelijkheden voor woningbouw aan de randen van de kernen te onderzoeken. De verkenning en de daarop gebaseerde beleidskeuzes zijn in april 2025 aan
de raad ter vaststelling aangeboden. Op basis van deze verkenning is er ook voor gekozen om begin 2025 op de belangrijkste ontwikkellocatie aan de Enderakkers het voorkeursrecht te vestigen. Tegelijkertijd is in 2024 doorgewerkt aan diverse woningbouwlocaties. Hieronder worden enkele concrete voorbeelden genoemd: 55
Woningbouwinitiatieven In 2024 is het plan ‘Hooge Berkt II’ (‘t Hof, 220 woningen) bouwrijp gemaakt en is de ontwikkelaar met de verkoop gestart. De verkoop verliep voorspoedig: inmiddels zijn alle fases al verkocht en zijn de woningen in aanbouw. Het plan ‘Kleine Kept’ (’t Hof, 44 woningen) is eind 2023 vastgesteld en in 2024 onherroepelijk geworden. De ontwikkelaar is gestart met het bouwrijpmaken en de verkoop van de woningen. Nagenoeg alle woningen zijn verkocht. De sociale huurwoningen ten behoeve van de huisvesting van autistische jongeren, worden door Woningbelang gerealiseerd. Voor ‘Loo’se tuinen 2e fase' (‘t Loo, 13 woningen) is het bestemmingsplan in 2023 vastgesteld. Tegen het plan is beroep ingesteld in afwachting van de behandeling bij de Raad van State. Daarnaast is een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend. De zitting hiervoor heeft in februari 2024 plaatsgevonden. Deze zitting heeft aanleiding gegeven tot het voorbereiden van een
Microwoningen Daarnaast is ook een aantal nieuwe plannen vastgesteld. Het plan ‘Kapelledries 3’ (Weebosch, 60 woningen) is vastgesteld en wordt ontwikkeld met het bouwclaimmodel. Hoewel er beroep tegen het plan is ingesteld en de zitting bij de Raad van State wordt afgewacht, is al wel gestart met de voorbereiding van het bouwrijpmaken en wordt momenteel het archeologisch onderzoek uitgevoerd. Ook ‘Westerhoven Noord’ (Westerhoven, 70 woningen) is een plan met een actieve grondpolitiek. Het plan is in 2024 vastgesteld en onherroepelijk geworden. Op verzoek van de raad is nader overleg gevoerd met voetbalvereniging ZSC over een oplossing voor het verlies van één (1) voetbalveld. Inmiddels is gekozen voor de aanleg van een kunstgrasveld. In februari 2025 heeft de raad hiermee ingestemd. Het archeologisch onderzoek is voorbereid en aanbesteed en wordt in het voorjaar 2025 uitgevoerd. Daarna zal het plan bouwrijp worden
ambtshalve herstelbesluit. Dit herstelbesluit zal in 2025 aan de raad worden voorgelegd. Nadat door de uitspraak van de Raad van State het plan ‘Achter de Sleutel’ (Riethoven, 44 woningen) onherroepelijk is geworden, is de ontwikkelaar gestart met het bouwrijpmaken van het plan en de verkoop van de woningen. Ook in dit plan waren de woningen snel verkocht. De woningen zijn in aanbouw. In 2024 zijn in ‘Terlo (15) en ‘Bernardus’ (1) kavels ten behoeve van vrijstaande woningen verkocht. Op Terlo is nog één kavel beschikbaar. In Terlo is ook de bouw gestart van het project Gastenhuis met 21 zorgappartementen voor mensen met dementie. Een bijzonder project in 2024 was de bouw van 19 microwoningen op de locaties Terlo, Bernardus en Tiliaans. Deze goedkope woningen voor met name starters waren snel verkocht en voorzien duidelijk in een behoefte. Tenslotte is in 2024 het project ‘Hof Noord’ (’t Hof, 30 sociale huurappartementen) afgerond.
Hooge Berkt II gemaakt. De uitgifte van de kavels wordt voorbereid. Het plan ‘Meerendreef’ (Luyksgestel, 20 woningen) is vastgesteld en onherroepelijk geworden. De ontwikkelaar is bezig met de verdere uitvoering. Ditzelfde geldt voor het plan ‘Park Looburgh’ (‘t Loo, 40 woningen). Ook hier is de ontwikkelaar gestart met de verkoop en de verdere uitvoering. Een bijzonder aandachtspunt in dit plan is de waterproblematiek. Bij de vaststelling van dit plan heeft de raad daarom opdracht gegeven hier nader onderzoek naar te doen. Tenslotte zijn er ook enkele kleinere plannen vastgesteld: ‘Dorpsplein’ (Riethoven, 11 woningen) en ‘Stökskesweg-Beisterveldenweg’ (’t Hof, 11 woningen). Tegen dit laatste plan is beroep ingesteld. Voor het initiatief om op de locatie hoek LooStökskesweg voor de huisvesting van arbeidsmigranten werd het bestemmingsplan 56
vastgesteld. Dit bestemmingsplan is onherroepelijk geworden.
discussienota wordt in het voorjaar 2025 in de raad behandeld.
Tenslotte is een start gemaakt met een aantal nieuwe plannen. Het gaat dan onder andere om de woningbouwontwikkelingen aan de Molenstraat en de Schoolstraat Noord in Riethoven. Met de grondeigenaren en de ontwikkelaar heeft overleg plaatsgevonden. Voor de locatie Molenstraat is inmiddels op hoofdlijnen overeenstemming bereikt over een bouwclaimovereenkomst. Voor de locatie Schoolstraat Noord is dat helaas nog niet gelukt. Op verzoek van de raad is voor de locatie van het fietscrossterrein en het aansluitende gebied ten noorden van de wijk Tiliaans een discussienota opgesteld. Hierin worden verschillende mogelijkheden voor het verplaatsen c.q. het verbeteren van de fietscrossbaan in combinatie met woningbouw inzichtelijk gemaakt. De
Kempische visie op wonen 2024-2028 In 2024 is de Kempische Woonvisie 2019-2023 geactualiseerd. Hiervoor is met stakeholders en raden van de vier (4) Kempengemeenten Bergeijk, Bladel, Eersel en Reusel-De Mierden overleg gevoerd en input opgehaald. In 2023 is ook een Kempische Woonzorgvisie vastgesteld. Deze is tot stand gekomen door inbreng van een groot aantal lokale partners uit het zorgdomein. In 2024 is de nieuwe Kempische woonvisie vastgesteld met daarbij een uitvoeringsprogramma voor woonvisie en woonzorgvisie. In de komende periode zal hier uitvoering gegeven worden aan dit uitvoeringsprogramma. Er wordt met name ingezet op 2/3 betaalbaar bouwen en 30% sociale huur. .
Woningbouwproductie, bouwen voor doelgroepen Het afgelopen jaar zijn de woningprijzen nog steeds verder gestegen en is er nog steeds een aanhoudende vraag naar woningen. Dit geldt vooral voor de woningmarkt in de stedelijke gebieden maar ook nadrukkelijk in de landelijke gebieden worden woningen nog steeds snel verkocht. Volgens onze eigen planning zouden er in 2024 circa 100 woningen gerealiseerd moeten worden, waarbij aangetekend wordt dat de
marktsituatie (verkoop, wanneer wordt er gestart met de bouw, bouwtijd) en het doorlopen van planologische procedures altijd sterk bepalende factoren zijn. In 2024 zijn er 103 nieuwe woningen gereed gemeld. Na aftrek van het aantal gesloopte/ onttrokken woningen en verrekening met overige toevoegingen komt de woningvoorraad hiermee op 8.430 woningen per 31 december 2024.
Van de toevoegde 103 nieuwe woningen zijn 66 woningen bestemd voor de doelgroepen starters, senioren en zorgbehoevenden. Het resterende deel betreft vrije sectorwoningen. De resterende woningen betreffen koopwoningen in de vrije
sector (middelduur en duur). De realisatie van deze woningen bewerkstelligt ook doorstroming in de gehele keten.
57
Met 64% realisatie van woningen voor de doelgroepen wordt aan het streefcijfer van 60% uit het lokaal volkshuisvestingsprogramma voldaan. In de Kempische Woonvisie wordt ook ingezet op
30% sociale huur. Met 29% gerealiseerde sociale huur in 2024 wordt hiermee nagenoeg aan de opgave voldaan.
In 2023 en 2024 is de taakstelling ‘Huisvesting statushouders’ fors gestegen ten aanzien van voorgaande jaren. Deze ontwikkeling in combinatie met het lage aantal vrijkomende passende sociale huurwoningen heeft er voor gezorgd dat de taakstelling voor 2024 niet volledig is gerealiseerd en er een achterstand is ontstaan. Op 1 januari 2024 was er een achterstand van 25 personen en op 31 december 2024 een achterstand van 47 personen. In 2024 zijn 22 personen gehuisvest: dit is vergelijkbaar met de
realisatie van de afgelopen jaren. De Provincie heeft, als toezichthouder, de gemeente gevraagd om in 2024 een plan van aanpak op te stellen hoe deze achterstand zal worden ingelopen. Hierin heeft de gemeente aangegeven de komende jaren zoveel mogelijk in te zetten op de realisatie van sociale huurwoningen in de diverse woningbouwprojecten. De Provincie heeft op basis van dit plan van aanpak de gemeente anderhalf jaar uitstel gegeven om de achterstand in te lopen.
Een goede ruimtelijke kwaliteit binnen de kernen en in het buitengebied In het buitengebied speelt een groot aantal vraagstukken die zich vaak opstapelen. Dit betreffen: Klimaatverandering, stikstof, waterkwaliteit en -kwantiteit, transitie van de landbouw en vrijkomende agrarische gebouwen, versterking van natuur, bos en biodiversiteit en de energietransitie. Dit brengt kansen met zich mee om vraagstukken slim te combineren en in
samenhang op te pakken. De Provincie is gestart met een gebiedsgerichte aanpak (verder: ‘GGA’) om samen met waterschappen, terreinbeheerders, gemeenten, inwoners, (agrarische) bedrijven en andere betrokkenen meerdere vraagstukken tegelijkertijd aan te pakken. Bergeijk ligt in twee GGA-gebieden: de Grenscorridor in het oosten en Kempenland West in het westen. De gemeente neemt actief deel aan beide GGA’s. 58
Om een goed uitgangspunt te hebben voor al deze ontwikkelingen wordt gewerkt aan een herziening bestemmingsplan buitengebied. Het ontwerp van dit plan is in het najaar 2023 ter inzage gelegd. Vaststelling wordt voorzien in het voorjaar van 2025. Invoering Omgevingswet Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. Het eigen maken van het nieuwe wettelijke instrumentarium brengt de nodige uitdagingen met zich mee. Daarom zijn wij in regionaal verband in contact (gebleven) met collega’s van de andere Kempengemeenten. Zo kunnen wij ervaring en kennis met elkaar delen. Niet alleen met betrekking tot de inhoud, maar ook voor wat betreft interne werkprocessen. Op deze manier blijven wij stappen zetten in het implementatieproces. Desalniettemin zal de nieuwe wet gedurende de komende paar jaren leiden tot onzekerheden en vertraging. In de basis kent de Omgevingswet een aantal belangrijke instrumenten, waaronder de omgevingsvisie, het omgevingsplan en de omgevingsvergunning. Wij hebben een belangrijke stap gezet, want we zijn begonnen met het maken van de basis voor een nieuw omgevingsplan. Dit doen wij niet alleen, maar samen met een adviesbureau. Hiervoor hebben wij begin 2024 een inkoopproces opgestart, waarna een marktconsultatie heeft plaatsgevonden.
Vervolgens hebben wij samen met het gekozen adviesbureau een begin gemaakt met het opstellen van een omgevingsplan voor de kern Luyksgestel.
ontwerpbestemmingsplannen. Initiatiefnemers wilden dat hun project nog (onder de zekerheid van) de oude wetgeving wordt uitgevoerd. Dat heeft in 2024 tot gevolg gehad dat deze ontwerpplannen ter vaststelling zijn voorbereid. Zo zijn er in 2024 nog eenentwintig (21) bestemmingsplannen vastgesteld op grond van Wet ruimtelijke ordening (via de Invoeringswet Omgevingswet). Een aantal daarvan heeft betrekking op grotere woningbouwontwikkelingen, namelijk Woningbouw Kapelledries fase 3, Meerendreef, Westerhoven-Noord en Park Looburgh. Daarnaast zijn ook kleinere woningbouwplannen vastgesteld, te weten Dorpsplein 1, Riethoven en StökskeswegBeisterveldenweg, Bergeijk. Daarnaast zijn er tien (10) ruimte voor ruimte woningen mogelijk gemaakt. Tot slot wordt door twee (2) plannen voorzien in een maatschappelijke behoefte, hebben (2) twee plannen betrekking op agrarische activiteiten en gaat het bij drie (3) locaties om bedrijfsontwikkelingen.
De komende jaren, uiterlijk tot 2032, bestaat het omgevingsplan voor onze gemeente uit geldende bestemmingsplannen en een setje rijksregels (bruidsschat). Het is helaas nog niet mogelijk om met de nieuwe techniek een omgevingsplanwijziging te doen. Voor ontwikkelingen die niet passen in het tijdelijk omgevingsplan, werken wij vooral met een omgevingsvergunning voor de zogenaamde buitenplanse omgevingsplanactiviteit (verder: ‘BOPA’) en, indien nodig, door het tijdelijke omgevingsplan aan te passen via de zogenaamde TAM-IMRO-werkwijze. Verder zijn er nieuwe inzichten ontstaan, waardoor de Legesverordening 2025 is aangepast conform de Omgevingswet. Verder brengt de nieuwe wet met zich mee dat een nieuw systeem voor nadeelcompensatie is ontstaan (voorheen planschade). In het kader hiervan is er een legesverordening opgesteld en gestart met de aanpassing van de gemeentelijke website en het aanvraagformulier. Vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet bestond er een piek in de terinzagelegging van 59
Aanpassing Grondbeleid en nota Kostenverhaal en Verordening nadeelcompensatie. Vanwege de inwerkingtreding van de Omgevingswet is de actualisering van de Nota Grondbeleid enkele keren uitgesteld. Maar omdat de Omgevingswet in 2024 is ingevoerd werd de noodzaak voor actualisatie weer actueel. Er is besloten om de Nota Grondbeleid in drie (3) delen op te splitsen: de Nota Grondbeleid, de Nota
Kostenverhaal en Financiële bijdragen en de Nota Pachtbeleid. De Nota Grondbeleid en de Nota Kostenverhaal zijn begin 2025 vastgesteld. De Nota Pachtbeleid is doorgeschoven naar 2025. Ook de Planschadeverordening is in 2024 aangepast aan de Omgevingswet. In april 2024 is daartoe de Verordening Nadeelcompensatie vastgesteld.
Wat heeft het gekost? Taakveld 8. VHROSV Bedragen in € 1.000 a Lasten b Baten c Saldo taakveld excl mutaties reserves d Mutaties reserves storting e Mutaties reserves onttrekking f Saldo taakveld
Toelichting lasten Volkshuisvesting (€ 193.000 V, € 193.000 N reservemutatie) Er is in 2024 een plan van aanpak ingediend door de twee corporaties WSZ en Woningbelang. WSZ kiest bij nader inzien niet voor verduurzaming voor een aantal woningen, maar voor sloop-nieuwbouw omdat renovatie financieel niet verantwoord is. WSZ zal in 2025 een aangepaste aanvraag indienen (ter hoogte van € 193.000) die mogelijk past binnen de oorspronkelijke aanvraag uit 2024. Anterieure overeenkomst (€ 247.000 V, € 222.000 N) Bij plannen waar de gemeente de ontwikkeling faciliteert worden de kosten via een anterieure overeenkomst verhaald. Die kosten betreffen de plankosten en de kosten voor inrichting van het gebied, maar ook bijdragen voor de fysieke leefomgeving en het vereveningsfonds. De betaling van deze kosten is vaak gekoppeld aan het onherroepelijk worden van een omgevingsplan en/of een vergunning en daardoor niet altijd gemakkelijk te voorspellen. De grootste afwijking in 2024 wordt veroorzaakt door het in rekening brengen van een bijdrage van € 200.000 voor het bouw- en woonrijpmaken van enkele particuliere kavels in het plan Hooge Berkt II. Deze bijdrage is vervolgens doorbetaald aan de ontwikkelaar die deze werkzaamheden heeft uitgevoerd.
Rekening 2023 2.842 3.008 166 1.653 246 -1.241
Begroting 2024 Primitief 6.749 6.261 -488 177 88 -577
Begroting 2024 na wijziging 9.730 8.807 -922 579 1.486 -15
Werkelijk 2024 8.216 6.747 -1.469 1.046 1.960 -556
Toelichting baten Omgevingsvergunningen (€ 105.000 V) Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. Door deze wetswijziging hebben veel initiatiefnemers de bouwplannen ‘naar voren gehaald’ en de aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend in december 2023. Het betrof hier een enorm aantal aanvragen. Al deze aanvragen zijn in het eerste en tweede kwartaal van 2024 verleend. Hierdoor hebben wij de te verwachten inkomsten van de leges al een keer bijgesteld met € 500.000. In het laatste kwartaal zijn er toch nog meer omgevingsvergunningen verleend dan ingeschat. Dit heeft geresulteerd in een voordeel van € 105.000. Grondexploitaties (€ 1.972.043 lagere lasten, € 2.354.000 lagere baten) In de begroting worden de verwachte inkomsten en uitgaven voor de grondexploitaties geraamd. Deze worden jaarlijks geactualiseerd bij de programmabegroting en de jaarstukken. Het saldo van zowel inkomsten als uitgaven wordt naar de balans geboekt en indien nodig wordt binnen een grondexploitatie winst genomen of een verliesvoorziening gevormd. Deze worden toegevoegd of onttrokken aan de reserve algemene risico’s grondexploitatie. In de begroting zijn de begrote bedragen niet bijgesteld, waardoor deze boekhoudkundige afwijking is ontstaan.
60
-
Verbonden partijen -
Metropool Regio Eindhoven (MRE) (werkprogramma transitie landelijk gebied) Omgevingsdienst Zuidoost Brabant (ODZOB)
Gemeentelijk beleid -
Omgevingsvisie 2022 Nota grondbeleid 2025 Nota kostenverhaal en financiële bijdragen 2025
-
Uitvoerings- en Handhavingsstrategie VTH 2024-2027 Welstandsnota Gemeente Bergeijk 2016-2019 Kempische visie op wonen 2024-2028 Woonzorgvisie Kempengemeenten 2023 Plan van aanpak aandachtslocaties (2016) Uitleg begrip maatschappelijk belang (2017) Handreiking Veehouderij en Gezondheid 2.0 (2018) Richtlijnen huisvesting arbeidsmigranten Bergeijk 2023
Beleidsindicatoren Naam Indicator Gemiddelde WOZ waarde Nieuw gebouwde woningen Demografische druk Gemeentelijke woonlasten eenpersoonshuishouden Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden
Eenheid Duizend euro Aantal per 1.000 woningen %
Bron CBS Basisregistratie adressen en gebouwen CBS
In Euro’s
COELO
2024
947
720
In Euro’s
COELO
2024
1037
861
Peiljaar < 25.000 Bergeijk 2023 393 432 2023 7,5 14,2 2024 81,1% 76,2%
61
Paragrafen
Paragrafen
62
Paragraaf Lokale heffingen Wettelijk kader Op grond van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (verder:
‘BBV’) moeten in de paragraaf ‘Lokale heffingen in ieder geval de volgende onderdelen worden vermeld:
Onderdeel De geraamde inkomsten Het beleid ten aanzien van de lokale heffingen Een overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen, inclusief een onderbouwing van de berekening aangaande de maximaal kostendekkende tarieven Een aanduiding van de lokale lastendruk Een beschrijving van het kwijtscheldingsbeleid
Op grond van art. 10, letter a BBV art. 10, letter b BBV art. 10, letter c BBV
art. 10, letter d BBV art. 10, letter e BBV
Wat hebben we bereikt?
Algemeen
De gemeente wil het voorzieningenniveau op peil houden en de ambities die zijn opgenomen uitvoeren.
De paragraaf ‘Lokale heffingen’ heeft betrekking op de in de gemeente geheven belastingen en heffingen (retributies, rechten en leges). Er wordt ingegaan op de belastingsoort, het beleid, de tarieven, de berekening van kostendekkende tarieven, de gerealiseerde inkomsten en verdere ontwikkelingen. De paragraaf wordt afgesloten met een overzicht van de lokale belastingdruk. De definitieve tariefvoorstellen zijn in de raadsvergadering van 21 december 2023 vastgesteld.
Voor de rechten (rioolheffing en reinigingsrecht) wordt uitgegaan van 100% kostendekking. Voor de rioolheffing worden daarvoor de uitgangspunten, zoals vastgesteld in het Verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan (verder: ‘VGRP’), gehanteerd. Een kostendekkendheid van 100% in de legesverordening is in principe toegestaan. Binnen Titel 1 Algemene dienstverlening, waarin bijvoorbeeld paspoorten en rijbewijzen zijn opgenomen, zijn de belangrijkste leges door het Rijk gemaximeerd.
Ontwikkelingen De Omgevingswet is per 1 januari 2024 in werking getreden. Dit heeft geen negatief effect gehad op het aantal aangevraagde vergunningen binnen de gemeente Bergeijk.
63
Na de tabel volgt de toelichting per belasting- en heffingssoort.
Opbrengsten In onderstaande tabel wordt een overzicht van de opbrengsten aan lokale heffingen weergegeven.
Bedragen x € 1.000 a. Onroerende zaakbelastingen b. Toeristenbelasting b. Toeristenbelasting voorgaande jaren c. Forensenbelasting 1. Totaal algemene dekkingsmiddelen
Realisatie Begroting Begroting na Realisatie 2023 2024 wijziging 2024 2024 3.963 4.338 4.338 4.319 1.086 1.200 1.340 1.319 290 0 0 240 6 6 6 7 5.345 5.544 5.684 5.885
d. Reinigingsrechten 1.505 e. Rioolheffing 1.918 f. Rioolaansluitrechten 25 g. Leges: Algemene dienstverlening 537 g. Leges: Fysieke leefomgeving / omgevingsvergunning 1.079 g. Leges: Europese dienstrichtlijn 8 h. Lijkbezorgingsrechten 17 i. Reclamebelasting centrummanagement 28 i. Reclamebelasting 0 j. Overige bestemmingsheffingen 29 2. Totaal bestemmingsheffingen 5.145
1.753 2.029 23 936 733 3 14 30 1 29 5.549
1.753 2.029 23 1.090 1.237 3 14 30 1 29 6.209
1.698 1.975 43 1.104 1.293 10 14 25 1 27 6.190
3. Totale opbrengst lokale heffingen
11.093
11.893
12.075
Algemene dekkingsmiddelen De onroerende zaakbelastingen worden geheven bij eigenaren van woningen en eigenaren en gebruikers van niet-woningen. De heffingsgrondslag is de vastgestelde economische waarde naar de peildatum 1 januari 2023 conform de Wet waardering onroerende zaken. In 2024 is een opbrengst gerealiseerd van € 4.319.000 (deze was in 2023 € 3.963.000). Toeristenbelasting (Kurtax) De Kurtax is een gemeentelijke belasting en wordt geheven aan eigenaren van recreatieve accommodaties waar overnacht kan worden. De heffingsgrondslag bedraagt een vast percentage van de omzetten (Kurtax) en bedraagt 3,11%. In 2024 is een bedrag van € 1.319.000 aan voorlopige aanslagen voor toeristenbelasting opgelegd. Daarnaast zijn de definitieve aanslagen over het jaar 2023 verzonden voor een bedrag van € 239.600. Per saldo bedroeg de inkomsten aan toeristenbelasting in het jaar 2024 € 1.558.600 (2023: € 1.376.000). Forensenbelasting Onder de naam ‘Forensenbelasting’ wordt een directe belasting geheven aan natuurlijke personen, die, zonder in de gemeente hun hoofdverblijf te hebben, meer dan 90 dagen van het belastingjaar voor zichzelf of hun gezin over een gemeubileerde woning beschikken. In 2024 is
10.490
een opbrengst gerealiseerd van € 7.400 (2023: € 6.500). Bestemmingsheffingen Algemeen Bij de bestemmingsheffingen met de grootste omvang zijn overzichten opgesteld waardoor de kostendekkendheid van de betreffende heffing duidelijk wordt. In de overzichten zijn eerst de directe lasten en baten opgenomen. In de Financiële verordening gemeente Bergeijk 2024 is de systematiek van toerekening van de overheadkosten vastgesteld. De totale overheadkosten worden gedeeld door het aantal productieve uren dat aan de taakvelden wordt besteed. Vervolgens wordt het aantal productieve uren dat betrekking heeft op de kostendekkende tarieven vermenigvuldigd met dit bedrag. De btw is berekend over de budgetten waarop een btwcomponent van toepassing is. De totale lasten zijn vervolgens afgezet tegen de opbrengsten die uit de heffing worden gegenereerd. Afvalstoffenheffing Op basis van de realisatie over het jaar 2024 blijkt dat een kostendekkendheid van 89% is gerealiseerd. Dit wordt verklaard door: Een hogere doorbelasting van de personele lasten en daarmee ook een hogere doorbelasting van de overheadkosten en Hogere inkomsten voor PMD, papier en zwerfafval. 64
Berekening afvalstoffenheffing Bedragen x € 1.000 Kosten taakveld Inkomsten taakveld (excl. Heffingen) Netto kosten taakveld 7.3 Toe te rekenen kosten Kosten kwijtschelding Overhead BTW Totale kosten Opbrengst heffingen Kostendekkenheid
Begroting na Realisatie wijziging 2024 2024 1.601 1.696 -239 -371 1.362 1.325 27 78 301 1.768 -1.753 99%
35 263 290 1.913 -1.698 89%
Rioolheffing De rioolheffing in de gemeente betreft de rioolafvoerrechten. Deze heffing wordt geheven van de gebruikers van de panden op basis van het afgenomen drinkwater (met als uitgangspunt: geloosd afvalwater), volgens opgave van Brabant Water over het voorgaande jaar. Uitgangspunt is hierbij: De gebruiker betaalt. Op grond van artikel 228a Gemeentewet wordt de rioolheffing geheven. De baten en lasten in de begroting zijn het uitgangspunt van kostendekkendheid.
Bergeijk omgaat met de rioleringszorg in de komende periode. Bij de kostendekkendheidsberekening is als uitgangspunt genomen dat de kosten volledig worden gedekt uit de rioolheffing over een periode van 60 jaar. Op 26 september 2024 is het VGRP 2025-2029 door de raad vastgesteld.
Het VGRP was van toepassing op boekjaar 2024. Het VGRP is een beleidsstuk met een visie hoe
In 2024 zijn de volgende tarieven geheven:
Om de rioleringszorg conform de wettelijke eisen en ambities van de gemeente uit te kunnen blijven voeren, is in het VGRP voorzien om de rioolheffing in 2025 te verhogen met 3,0%.
Klasse (waterverbruik) ≤ 100 m³ 101 – 350 m³ ≥ 350 m³: opslag per 350 m³
In 2024 is een opbrengst gerealiseerd van € 1.975.000 (2023: € 1.918.000). De berekening
Berekening rioolheffing Bedragen x € 1.000 Kosten taakveld Storting/ontrekking egalisatievoorziening Inkomsten taakveld (excl. Heffingen) Netto kosten taakveld 7.2 Toe te rekenen kosten Kosten kwijtschelding Overhead BTW Totale kosten Opbrengst heffingen Kostendekkendheid
2023 175,14 262,65 262,65
2024 180,39 270,53 270,53
van de kostendekkendheid van de rioolheffing is als volgt tot stand gekomen: Begroot na wijziging Realisatie 2024 2024 1.551 1.211 24 356 -23 -43 1.552 1.524 16 202 265 2.035 2.029 99,71%
23 201 227 1.975 1.975 100,00%
65
Rioolaansluitrechten De rioolaansluitrechten hebben betrekking op het aansluiten van woningen en andere gebouwen op het gemeentelijk rioolstelsel en het toerekenen van de kosten van een dergelijke aansluiting. De heffingsgrondslag is opgenomen in de gemeentelijke aansluitverordening, waarin de verhouding tussen de gemeente en de burgers
betreffende het aansluiten op het rioolstelsel is geregeld.
Leges Onder de naam ‘leges’ worden verschillende rechten geheven van door het gemeentebestuur verstrekte diensten. Leges vallen onder de bestemmingsheffing (meerdere programma’s). Bij de bepaling van de kostendekkendheid van de leges wordt een onderscheid gemaakt in de drie (3) titels uit de Legesverordening, namelijk:
-
Realisatie 2024 ( Bedrag x € 1.000) 1. Algemene dienstverlening 2. Dienstverlening fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning 3. Dienstverlening Europese dienstrichtlijn
Algemene dienstverlening Dit betreft vooral het verstrekken van rijbewijzen en reisdocumenten, maar ook tal van in omvang kleinere producten die de gemeente verstrekt zoals uittreksels en afschriften. Ook vallen huwelijksvoltrekkingen vanuit de burgerlijke stand onder deze dienstverlening. Het verstrekken van reisdocumenten aan niet-ingezetenen vormt hierin een bijzondere plek. Sinds 2014 geeft de gemeente Bergeijk, samen met elf (11) andere gemeenten, met succes reisdocumenten af voor niet-ingezetenen. Vanaf 2024 wordt er weer een toename van het aantal te verstrekken reisdocumenten aan niet-ingezetenen voorzien. Hier is rekening mee gehouden in de begroting. Fysieke leefomgeving/omgevingsvergunningen De op 1 januari 2024 in werking getreden Omgevingswet heeft een grote invloed voor het VTH-proces binnen de fysieke leefomgeving. Dit heeft een grote impact gehad op de processen, het beleid en het leren werken met de complexe wetgeving van de Omgevingswet. Daarnaast schommelen de opbrengsten uit de omgevingsvergunningen per jaar. Op de omvang van de opbrengsten hebben wij maar beperkt invloed. Hier zijn wij afhankelijk van de economische situatie. Wordt er veel gebouwd, dan nemen de opbrengsten toe, en omgekeerd. Het aantal aanvragen voor een omgevingsvergunning is in 2024 erg groot gebleken.
Europese dienstenrichtlijn Hieronder vallen met name leges in verband met horeca-activiteiten en evenementen.
De tarieven voor 2024 waren geïndexeerd met 3%. Voor een aansluiting op een vrij-vervalleiding diende € 2.122 betaald te worden. Voor een aansluiting op de drukriolering was dit € 2.900. In 2024 is een opbrengst gerealiseerd van € 43.000 ( 2023: € 24.300).
-
Algemene dienstverlening; Fysieke leefomgeving/omgevingsvergunningen en Europese dienstenrichtlijn.
Over het jaar 2024 zijn onderstaand de inkomsten en uitgaven van de leges weergegeven: Netto lasten Overhead BTW 848 552 784 752 7 10
Totale Totale lasten Baten Dekkings% 0 1.400 1.104 79% 0 1.536 1.293 84% 0 17 10 61%
Vergunningen voor categorie B evenementen zijn met ingang van 2019 gratis. Lijkbezorgingsrechten De actieve begraafplaats van de gemeente ligt in de kern Luyksgestel. Rechten worden geheven voor het gebruik van deze begraafplaats. In 2024 is een opbrengst gerealiseerd van € 14.000 (2023: € 17.000). Reclamebelasting Op verzoek van de initiatiefgroep Centrummanagement is met ingang van 2014 reclamebelasting ingevoerd. Deze belasting wordt geheven bij ondernemers in een vastgesteld gebied. De hoogte van de belasting is afhankelijk van de WOZ-waarde van het pand. De inkomsten worden volledig doorbetaald aan de Stichting Centrummanagement. In 2024 is een opbrengst gerealiseerd van € 26.000 (2023: € 28.000). Overige bestemmingsheffingen De overige bestemmingsheffingen bestaan uit de vergoedingen voor staangelden op de woonwagenlocaties en de opbrengsten uit de overeenkomst voor de organisatie van de kermissen. Kwijtscheldingsbeleid In de raadsvergadering van 1 juni 2023 is de Verordening Kwijtschelding Gemeentelijke Belastingen Bergeijk 2023 vastgesteld. De gemeente kent mogelijkheden voor het verlenen van kwijtschelding van de OZB, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Dit geldt voor burgers en voor privébelastingen van 66
ondernemers indien sprake is van recht op een Bbz-uitkering. Kwijtschelding wordt in de praktijk vooral verleend voor de afvalstoffen- en rioolheffing. Voor kwijtschelding van de OZB komt niemand of bijna niemand in aanmerking. In 2024
zijn aan 104 personen kwijtschelding verleend, daarnaast zijn nog vijf (5) verzoeken in behandeling. In totaal is voor € 32.700 aan gemeentelijke belastingen kwijtgescholden.
Belastingdruk Voor de berekening van de belastingdruk gaan we uit van een gemiddelde WOZ-waarde in Bergeijk. Voor de rioolheffing gaan we uit van een gemiddeld waterverbruik tussen de 100 en 350 m³. Bij de afvalstoffenheffing hanteren we een gemiddeld aanbod aan containers. De grijze container wordt gemiddeld ca. 5 keer per jaar
aangeboden, de groene container 7 keer. De belastingcapaciteit gemeente Bergeijk zetten we af tegen de landelijke capaciteit. Begroting 2024 gaf een belastingdruk van 84%. De realisatie heeft niet afgeweken van de gepresenteerde begroting voor wat betreft de tarieven, De conclusie is dat ook in 2024 we als gemeente Bergeijk ruim onder het landelijk gemiddelde zaten.
67
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding Het gemeentelijk weerstandsvermogen geeft de mate aan waarin de gemeente in staat is financiële tegenvallers op te vangen. Om dit te kunnen moet er een zekere mate van vrije ruimte zijn binnen de begroting en/of de vermogenspositie. Deze vrije ruimte heet ook wel de weerstandscapaciteit. De weerstandscapaciteit bestaat uit middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt om niet geraamde kosten (onverwachte, onvoorziene omstandigheden) te dekken. Dit met inachtneming dat het niet ten koste gaat van de uitvoering van bestaande taken.
Wettelijk kader Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (verder:
Risico’s worden in dit verband gedefinieerd als gebeurtenissen die de doelrealisatie van de gemeente Bergeijk negatief kunnen beïnvloeden, waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële omvang zijn in relatie tot de financiële positie van de gemeente. In deze paragraaf wordt achtereenvolgens ingegaan op: Wettelijk kader; Weerstandsvermogen; Een inventarisatie van de weerstandcapaciteit; Een inventarisatie van de risico’s; Relatie tussen de risico’s en de weerstandcapaciteit en De financiële kengetallen.
‘BBV’) moet in de paragraaf ‘Financiering’ in ieder geval het volgende onderdeel worden vermeld:
Onderdeel
Op grond van
De paragraaf bevat tenminste: • Een inventarisatie van de weerstandscapaciteit • Een inventarisatie van de risico’s • Het beleid over de weerstandscapaciteit en de risico’s • Verplicht opnemen van een aantal kengetallen • Beoordeling van de onderlinge verhouding van de kengetallen in relatie tot de financiële positie
art. 11 BBV
68
Beleid -
Nota reserves en voorzieningen gemeente Bergeijk (2024)
Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen: De weerstandscapaciteit: dit zijn middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet-begrote kosten te dekken; Alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die materieel van invloed kunnen zijn op de meerjarige financiële positie. De omvang van het weerstandsvermogen geeft aan hoe robuust de begroting is. Dit is van belang bij een financiële tegenvaller. Door alert te zijn op het weerstandsvermogen, wordt voorkomen dat elke financiële tegenvaller tot bezuinigingen leidt.
Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit middelen en mogelijkheden waarover de gemeente de beschikking heeft/kan beschikken om niet-begrote kosten te dekken. Met ingang van de Begroting 2025-2028 wordt de weerstandscapaciteit uitgedrukt in twee (2) delen in de paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing. Het eerste deel betreft de weerstandscapaciteit van het vermogen, ook wel incidentele weerstandscapaciteit genoemd. Deze
weerstandscapaciteit kan slechts eenmalig worden ingezet om tegenvallers op te vangen. Het tweede deel is de weerstandscapaciteit van de exploitatie, ook wel de structurele weerstandscapaciteit genoemd. Deze capaciteit kan permanent worden ingezet om tegenvallers op te vangen. De belangrijkste componenten hiervan zijn voor de gemeente de post (structureel) onvoorzien, de onbenutte belastingcapaciteit en de structurele begrotingsruimte. Omdat de jaarstukken na de Begroting 2025 – 2028 zijn geschreven wordt deze paragraaf middels de nieuwe opzet gerapporteerd. Voor beiden delen van weerstandscapaciteit wordt als voorwaarde gesteld dat de inzet plaatsvindt zonder dat het bestaande beleid in gevaar komt. Om deze reden is de algemene reserve in de weerstandscapaciteit van het vermogen de belangrijkste component. Voor de gemeente bestaat de totale weerstandscapaciteit dus uit: de algemene reserves; het begrotingssaldo; de post onvoorzien en de onbenutte belastingcapaciteit. De beschikbare weerstandscapaciteit is in onderstaande tabel weergegeven.
Primitieve Begroting na Bedragen x € 1.000 Realisatie 2023 begroting 2024 wijziging 2024 Realisatie 2024 Algemene reserve 12.270 23.563 18.808 15.426 Onvoorzien/Saldo jaarstukken 25 25 3.637 Begrotingsruimte 7.771 211 4.552 Stille reserves p.m. p.m. p.m. p.m. Onbenutte belastingcapaciteit 3.468 3.030 3.030 3.030 Totale weerstandscapaciteit 23.509 26.829 26.415 22.093
Risico inventarisatie Van de risico’s wordt een inschatting gemaakt van de waarschijnlijkheid dat een risico zich voordoet en wat de mogelijke schadeomvang kan zijn. Daarvoor worden de volgende twee (2) vragen gesteld: Kans score Zeer gering Gering Waarschijnlijk Hoog
(1) Wat is de financiële impact? en (2) Wat is de kans dat de gebeurtenis zicht voordoet? De kans dat de gebeurtenis zich voordoet wordt bepaald aan de hand van de volgende score:
5% 25% 50% 75%
De risicoscore is de vermenigvuldiging van het ingeschatte financiële effect van het risico met de procentuele kans score. Indien een risico zich zeker voor doet, wordt dit in de begroting
opgenomen vanwege de stelregel dat de begroting realistisch moet worden opgesteld. Alleen risico’s met een gekwantificeerd bedrag van > € 25.000 (ongeveer 0,05% van de totale 69
begroting) worden in de risicomatrix opgenomen. Nadat de risico’s zijn gekwantificeerd kan de Bedragen x € 1.000 Risico Algemene uitkering Jeugdhulp Sanering bodemverontreiniging Nadeelcompensatie actualisering bestemmingsplannen Toeristenbelasting Wachtgeld Informatiebeveiliging, datalekken en cyberaanvallen
benodigde weerstandscapaciteit worden berekend.
Incidenteel Jaarstukken Begroting Begroting Begroting Begroting /structureel 2024 2025 2026 2027 2028 S 700 674 701 727 727 S 150 150 150 150 150 I 750 750 750 750 750 I 100 100 100 100 100 S 78 65 65 65 65 I 74 74 74 74 74 I 300 300 300 300 300 2.152 2.113 2.140 2.166 2.166
Algemene uitkering reguliere wijzigingen De Algemene Uitkering is de grootste inkomstenbron voor gemeenten. Gelet op de geopolitieke spanningen en de mogelijke economische gevolgen maakt het dat het Rijk mogelijk moet bezuinigen. Dit kan een negatief effect hebben op de algemene uitkering. Daarom wordt voor dit risico 2% van de omvang van de algemene uitkering aangehouden. Het bedrag komt daarmee uit op circa € 700.000. Jeugdhulp Het risico wordt ingeschat op € 150.000. De volgende risico's worden onderkend: Wijzigingen als gevolg van de hervormingsagenda Jeugd 2023-2028, kwetsbaarheden kleine gemeenten, ouder problematiek, en een beperkte invloed gemeente op het CJG. Sanering bodemverontreiniging Een substantieel gedeelte van de Openbare Ruimte is verontreinigd. Dit is vooral gerelateerd aan het gebruik in het verleden van zinkassen op wegen (en bermen). Een gedeelte van met name onze wegen en bermen buiten de kom zijn zinkassenverdacht. Op zinkassenverdachte wegen moet per definitie vooraf onderzoek plaatsvinden en op veel van die wegen en bermen is een zinkassen gerelateerde verontreiniging homogeen of heterogeen aanwezig. Ook bij de uitvoering van reguliere onderhoudswerkzaamheden is dit een reëel risico geworden, waarvan de extra kosten niet vooraf zijn in te schatten. Voor dit risico nemen we een bedrag op van € 750.000.
Nadeelcompensatie actualisering bestemmingsplannen Inwoners kunnen bij (de actualisatie van) bestemmingsplannen een beroep doen op nadeelcompensatie. Bij particuliere initiatieven is het uitgangspunt dat het risico op planschade middels een overeenkomst bij de betreffende ontwikkelaar wordt gelegd. Voor de gemeentelijke grondexploitaties wordt hiervoor verwezen naar de paragraaf grondbeleid. De omvang handhaven we op € 100.000.
Grondexploitaties Het risico met betrekking tot de grondexploitaties is niet meer opgenomen in deze paragraaf. De risico’s zijn onderdeel van het gemeentelijk grondbeleid en worden individueel afgedekt door de algemene reserve grondexploitatie. Toeristenbelasting De toeristenbelasting in de gemeente is gebaseerd op de Kurtax. Deze is gekoppeld aan de omzet van bedrijven die toeristenbelasting moeten afdragen in de gemeente. Indien de omzet van deze bedrijven tegenvalt, zal ook de inkomsten voor de toeristenbelasting lager zijn. Als risico wordt een percentage van 5% van de inkomsten uit de toeristenbelasting opgenomen. Voor deze jaarstukken is dat € 78.000. Wachtgeld Indien een wethouder vertrekt, kan aanspraak gemaakt worden op wachtgeld. In dat geval dienen we de vertrekkende wethouders te voorzien van wachtgeld voor maximaal drie (3) jaar en twee (2) maanden. Voor de risicoparagraaf wordt het bedrag van het wachtgeld voor één (1) fte wethouder aangehouden. Dit bedraagt op basis van de jaarstukken € 74.000. Informatiebeveiliging, datalekken en cyberaanvallen Gemeenten gebruiken voor de uitvoering van hun taken over het brede spectrum van beleidsterreinen diverse mogelijkheden van informatie-uitwisseling, zowel onderling als met diverse keten-partners. Het is daarbij van belang dat gegevens beschikbaar en betrouwbaar zijn.
Daarnaast mag informatie alleen voor bevoegden inzichtelijk zijn. De beveiliging van informatie moet daarom professioneel georganiseerd worden. Door het beveiligen van de informatievoorziening verlagen wij als gemeente het risico op beveiligingsincidenten en beperken wij de mogelijk negatieve impact van dergelijke incidenten op privacy en de gemeentelijke informatie. Om de risico’s te beperken zijn beheermaatregelen genomen zoals: 70
-
-
Een jaarlijkse audit op de ICT omgeving van de Kempengemeenten. Met een Third Part Mededeling (verder: ‘TPM’) wordt een onafhankelijk oordeel afgegeven over de betrouwbaarheid van de geïmplementeerde beheersmaatregelen rondom de ICT-diensten die SSC De Kempen aan De Kempengemeenten levert en Het uitvoeren van een PEN-test, om de robuustheid van de systemen op dat moment te beoordelen.
Daarnaast is de gemeente en onze gemeentelijke netwerkbeheerder, SSC de Kempen, aangesloten bij de InformatieBeveiligingsDienst (verder: ‘IBD’), onderdeel van de (Vereniging van Nederlandse Gemeenten (verder: ‘VNG’). Vanuit de IBD worden wij geadviseerd over te nemen maatregelen. Ondanks de aandacht voor informatiebeveiliging en het inzetten van beheersmaatregelen blijven er altijd risico’s bestaan. Het is onmogelijk om alle beveiligingsincidenten te voorkomen. Mogelijke beveiligingsincidenten en daarmee verbonden risico’s zijn te verdelen in: Het niet beschikbaar hebben van de benodigde informatie(systemen) (aspect beschikbaarheid). Het uitvallen van een kernapplicatie voor bijvoorbeeld het verstrekken van paspoorten of het uitbetalen van uitkeringen of subsidies, verstoort direct de bedrijfsprocessen, maar kan ook veel
-
-
inwoners of organisaties direct in de problemen brengen; Ongeautoriseerde toegang tot vertrouwelijke of geheime informatie (aspect vertrouwelijkheid). Wanneer onbevoegden toegang hebben tot gevoelige informatie kan dat verstrekkende gevolgen hebben. Zo kan de privacy van personen worden aangetast, maar er zou ook gevoelige informatie rondom grondposities kunnen uitlekken. Het kan in bepaalde gevallen zelfs leiden tot fysieke risico’s wanneer bijvoorbeeld via internet pompen, sluizen of gemalen gehackt worden en Onjuiste of onvolledige informatie (aspect integriteit). Wanneer in administraties of basisregistraties onjuiste gegevens staan, kan dat leiden tot diverse problemen en fouten, bijvoorbeeld foutieve uitbetalingen.
De komst van de AVG heeft geleid tot een versterking en uitbreiding van de privacy-rechten van inwoners. De gemeente heeft de verantwoordelijkheid de privacy van haar inwoners te borgen. Beveiligings- en privacy-incidenten brengen voor gemeenten het risico op imagoschade en financiële schade met zich mee. Indien een van deze zaken zich voordoet, kan de schade groot zijn, waarbij ook een boete vanuit de autoriteit persoonsgegevens (verder: ‘AP’) uitgedeeld kan worden. Op basis van de in het verleden uitgedeelde boetes wordt hiervoor een risico opgenomen van € 300.000.
71
wanneer deze zich voordoen. Met ingang van deze begroting wordt een onderscheid gemaakt tussen het incidentele en structurele weerstandsvermogen. Deze zijn beiden toegevoegd, waarbij tevens een analyse is toegevoegd.
Onderlinge relatie Onderdeel van de programmabegroting is het weerstandsvermogen en de risicobeheersing. Hierbij wordt inzichtelijk gemaakt in welke mate de gemeente de ingeschatte risico’s kan opvangen, Incidenteel weerstandsvermogen Bedragen x € 1.000 Algemene reserve 1-1
2024 12.270
2025 14.323
2026 12.973
2027 12.973
Incidentele begrotingsruimte o.b.v jaarstukken 2024 en begroting 2025 Incidentele risico's Ideale bandbreedte Weerstandsvermogen o.b.v. algemene reserve Minimaal benodigde weerstandscapaciteit
1.498 1.224 >1,4 11,25 1.224
-492 1.224 >1,4 11,30 1.224
-12 1.224 >1,4 10,59 1.224
-508 1.224 >1,4 10,18 1.224
De gemeente is in staat om de incidentele risico's op te vangen als deze zich in enig jaar allemaal tegelijk voordoen. De ratio is in alle jaren boven tien (10) en daarmee zeer sterk. Voor nu is de
Structureel weerstandsvermogen Bedragen x € 1.000 Onbenutte beslastingcapaciteit Onvoorzien Structurele begrotingsruimte o.b.v jaarstukken 2024 en begroting 2025 Structurele risico's Ideale bandbreedte Structureel weerstandsvermogen Minimaal benodigde weerstandscapaciteit
algemene reserve van voldoende omvang om ook naar de toekomst toe een verhoging van incidentele risico's op te vangen.
2024 3.030 25
2025 2.680 25
2026 2.534 25
2027 2.354 25
2.139 928 >1,4 5,60 928
573 889 >1,4 3,69 889
-783 916 >1,4 1,94 916
-136 942 >1,4 2,38 942
De gemeente is niet in staat om alle structurele risico's op te vangen indien die zich gelijktijdig voordoen. Dit kan veranderen op het moment dat mutaties leiden tot een aanpassing van het begrotingssaldo. In het geval dat alle structurele risico's zich voordoen, en verder geen wijzigingen plaatsvinden in het begrotingssaldo, zal de gemeente moeten bezuinigen of aanspraak Structureel weerstandsvermogen Bedragen x € 1.000 2024 Structureel begrotingssaldo 2.139 Structurele risico's 928 Tekort/overschot (- = tekort) 1.211
maken op de onbenutte belastingcapaciteit om een structureel sluitende begroting aan te aanbieden. In onderstaand overzicht is het begrotingssaldo ten opzichte van de structurele risico’s weergegeven:
2025 573 889 -316
2026 -783 916 -1.699
2027 -136 942 -1.078
72
financiële positie opgenomen. De kengetallen en beoordeling zijn enerzijds bedoeld om de financiële positie inzichtelijker te maken. Anderzijds zijn de kengetallen bedoeld om gemeenten met elkaar te vergelijken.
Kengetallen In de begroting worden een aantal financiële kengetallen opgenomen. Naast de kengetallen wordt een beoordeling van de onderlinge verhouding van de kengetallen in relatie tot de
Realisatie 2023
Begroting 2024
Netto schuldquote
18%
66%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
18%
64%
Solvabiliteitsratio
47%
24%
Structurele exploitatieruimte
8%
1%
Grondexploitatie
3%
-2%
Belastingcapaciteit
84%
84%
Bij ultimo jaar
Realisatie 2024
Bandbreedte Cat A < 90% Cat B >90 <130% 17% Cat C > 130% Cat A < 90% Cat B >90 <130% 16% Cat C > 130% Cat A > 50% Cat B > 20 <50% 47% Cat C < 20% Cat A >0% Cat B 0% 3% Cat C < 0% Cat A <20% Cat B >20 <35% -1% Cat C > 35% Cat A < 95% Cat B >95 < 105% 85% Cat C > 105%
Beoordeling Bergeijk realisatie jaar
A
A
B
A
A
A
In de tabel wordt per kengetal aangegeven in welke categorie de gemeente Bergeijk zit. De categorieën bestaan uit: A = Goed B = Voldoende
C = Onvoldoende Hierbij wordt enkel het kengetal in het begrotingsjaar als waarde genomen voor de toekenning van de categorie.
Netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in de verhouding van de gemeentelijke schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft derhalve een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie drukken. Een laag percentage is gunstig. De VNG adviseert om 130% als maximum norm te hanteren en daarboven de schuld af te bouwen. Gedurende alle jaren blijven wij als gemeente binnen de A categorie. Dit wil zeggen dat toekomstig verwachte leningen aangetrokken kunnen worden zonder invloed op het oordeel.
dat toekomstig verwachte leningen, aangetrokken kunnen worden zonder invloed op het oordeel.
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Omdat bij leningen onzekerheid kan bestaan of deze allen worden terugbetaald, wordt dit kengetal zowel inclusief als exclusief de doorgeleende gelden berekend. Zo wordt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en wat dit betekent voor de schuldenlast. Hoe lager deze percentages, hoe beter. Gedurende alle jaren blijven wij als gemeente binnen de A categorie. Dit wil zeggen
Solvabiliteitsratio Dit cijfer geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger dit percentage, hoe gunstiger dit is voor de financiële weerbaarheid van Bergeijk. Dit cijfer geeft daardoor een soort toekomstvisie weer. Onder het solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Het eigen vermogen van een gemeente bestaat uit de reserves en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. Op dit onderdeel scoren wij in categorie B. Dit heeft met name te maken met de gedane investeringen en de onttrekkingen aan het eigen vermogen. In samenhang met de andere onderdelen is het nog niet nodig om actie hierop te ondernemen.
73
Structurele exploitatieruimte Dit cijfer helpt mee te beoordelen welke structurele ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Wanneer dit cijfer negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten (exclusief mutaties reserves). Het wordt in een percentage uitgedrukt. Voor het begrotingsjaar 2024 is er een positief saldo, daarom is dit als positief beoordeeld. Grondexploitatie De boekwaarde van de voorraden grond moet worden terugverdiend bij de verkoop. Kenmerkend voor grondexploitaties is dat de looptijd meerdere jaren is. Naarmate de inkomsten verder in de toekomst liggen, brengt dit meer rentekosten en risico’s met zich mee. Een
grondexploitatie van 10% of hoger wordt beschouwd als kwetsbaar. Op dit onderdeel scoren wij in categorie A. Dit betekent dat de bestaande grondexploitaties geen groot risico vormen voor de gemeente. Belastingcapaciteit Dit cijfer geeft inzicht in hoe de belastingdruk in de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde. Wanneer dit percentage laag ligt, betekent het dat de gemeente meer inkomsten uit belastingen zou kunnen verwerven. Of dit wel of niet gebeurt, is een beleidskeuze. Onder de woonlasten wordt verstaan de OZB, de rioolheffing en de reinigingsheffing (afvalstoffenheffing) voor een woning met een gemiddelde WOZ-waarde in die gemeente. De belastingcapaciteit wordt daarom berekend door de totale woonlasten meerpersoonshuishoudens in jaar t te vergelijken met het landelijk gemiddelde in jaar t-1. Dit wordt uitgedrukt in een percentage. Voor het jaar 2024 is het percentage 85%. Hierdoor zijn aanpassingen in het financiële beleid niet nodig. Wij zitten als gemeente onder het landelijk gemiddelde.
74
Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen Wettelijk kader Op grond van het BBV moeten in de paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen in ieder geval de volgende onderdelen worden vermeld:
Onderdeel De paragraaf bevat tenminste de volgende kapitaalgoederen: Wegen, riolering, water, groen en gebouwen. Van deze kapitaalgoederen wordt aangegeven: • • •
Op grond van art. 12, lid 1 BBV
art. 12, lid 2 BBV
Het beleidskader; De uit het beleidskader voortvloeiende financiële consequenties; De vertaling van de financiële consequenties in de begroting en de jaarrekening.
Wat wilden we bereiken? In de toekomstvisie van gemeente Bergeijk zijn diverse uitgangspunten opgenomen die van toepassing zijn op het onderhoud van kapitaalgoederen, te weten: Als overheid ligt er een duidelijke voorbeeldfunctie om te investeren in duurzame ontwikkelingen die aansluiten op het heden, zonder het vermogen van toekomstige generaties om in hun eigen behoeften te voorzien in gevaar te brengen. De bouwstenen van het toekomstig leefklimaat zullen daarom herbruikbaar zijn met grondstoffen die gekenmerkt worden door een hoge mate van circulariteit. Het beheer van de kapitaalgoederen binnen de leefomgeving wordt gekenmerkt door een goede afstemming met de huidige behoeften. De inrichting zal veilig en klimaat robuust zijn. De openbare ruimte zal flexibel inspelen op toekomstige ontwikkelingen zoals het gebruik van hernieuwbare energiebronnen. Dit alles met respect voor het dorpse karakter en haar groene structuurelementen. Het huidige coalitieakkoord geeft ten aanzien van het onderhoud kapitaalgoederen de volgende aanknopingspunten:
-
Het voorzieningenniveau blijft minimaal op het huidige peil; Sportaccommodaties, gemeenschapshuizen en scholen blijven in alle kernen bestaan; Zelfwerkzaamheid door verenigingen bij onderhoud en beheer van accommodaties wordt gestimuleerd door middel van TUOB en de gemeente heeft een voorbeeldfunctie als het gaat om duurzaam werken, afvalverwerking en energiegebruik.
Beleid -
-
BORA IV Focus op meerwaarde (Beheer Openbare Ruimte & TUOB-Accommodaties 2024-2048) VGRP (Verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan 2020-2024) GVM (Gemeentelijke Visie Mobiliteit 20222026) Bewegen, Ontmoeten en Spelen (BOS) (2020-2030) Integraal beheerplan Bos- en natuurterreinen (2022-2031)
75
BORA: Beheer Openbare Ruimte & Accommodaties In 2024 is gestart met BORA IV. Daarvoor zijn de beheerplannen geactualiseerd en zijn de benodigde middelen voor de periode 2024 – 2048 inzichtelijk gemaakt.
oog op het verleden, waarbij het technisch beheer een score van 7 behaalde, wil de gemeente nu een stap verder gaan en de FOCUS leggen op het creëren van meerwaarde.
Dit beleidsplan vormt de leidraad voor het Bergeijks streven naar verbetering en innovatie. In de doorontwikkeling naar BORA IV streeft Bergeijk ernaar de leefbaarheid, duurzaamheid en participatie in de gemeenschap te borgen en waar mogelijk te verbeteren of te verhogen. Met het
Afbeelding 1: Een weergave van de kwaliteitsscores met daaraan corresponderende kleuren.
De gemeente streeft er naar de openbare ruimte en accommodaties in Bergeijk te verbeteren. Door ruimte te geven aan ontwikkelingen op het gebied van leefbaarheid, duurzaamheid en participatie, wordt er naar een meerwaarde voor de inwoners gestreefd. Er wordt ingezet op een hoogwaardige
leefomgeving, duurzaam beheer en een betrokken gemeenschap. Samen met de inwoners en belanghebbenden zal de gemeente aan een gemeente werken waar het prettig wonen, werken en recreëren is, zowel voor de huidige als toekomstige generaties.
Wegen, verkeer en bruggen
-
Exploitatie Binnen de exploitatie zijn de jaarlijks terugkerende werkzaamheden opgenomen. Dit betreft voor het onderdeel ‘Wegen’ onder andere de uitvoering van klein onderhoud, vegen van wegen en onkruidbeheersing op verharding, onderhoud van markeringen en onderhoud van bermen. Voor het onderdeel ‘Bruggen’ betreft dit onder andere reinigen van brugdekken en herstel van leuningen. Voor het onderdeel ‘Verkeer’ betreft het onderhoud aan verkeersborden en bewegwijzering. In 2024 zijn deze reguliere werkzaamheden uitgevoerd. Er zijn geen bijzonderheden te melden. Voor wegen, bruggen en verkeer is in 2024 € 434.000 uitgegeven aan klein en dagelijks onderhoud. Voorziening Het beheerplan is gericht op voorkoming van kapitaalvernietiging door adequate maatregelen op het juiste moment te plannen, waardoor extreem zware en dure maatregelen in de toekomst worden voorkomen. Het beheer is daarnaast gericht op het inperken van risico’s ten aanzien van aansprakelijkheid van vermijdbare schades aan derden. Over 2024 zijn de volgende werkzaamheden noemenswaardig:
Uitvoeren van groot onderhoud op Zwarte Horst, Puttendijk, Heijerstraat, Provincialeweg, Loveren, Boshovensestraat, Vinklaan, Hennepstraat, voetpad Beukenlaan en de Vlasstraat.