CConstaterende datBergeijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5 Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij

Gemeenteraad 21 december 2023, gemeente BergeijkBij agendapunt: Raadsvoorstel herstelbesluit Vlieterdijk 3421.400 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij

Vlieterdijk 34 te Luyksgestel

Van Dun Advies BV Dorpsstraat 54 5113 TE Ulicoten T 013-519 9458 Postel 8 5711 ET Someren T 0493 745 015 E info@vandunadvies.nl I www.vandunadvies.nl F 013-519 9727 IBAN NL56 RABO 0152 3051 49 BIC RABONL2U KvK 180 61 619 BTW 809392720B01

Plangebied:

Vlieterdijk 34, 5575 AM Luyksgestel

Projectnummer:

09231-013

Datum:

22-10-2018

Opgesteld door:

Van Dun Advies B.V.

Projectleider: Auteur:

P. Monster J.C.P.M. van de Pas

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij - Vlieterdijk 34 te Luyksgestel

2

Inhoudsopgave 1.

2.

Inleiding ................................................................................................................................ 4 1.1

Inhoud .......................................................................................................................... 4

1.2

Achtergrond ................................................................................................................... 4

Toelichting BZV-score ............................................................................................................. 5 2.1

Certificaten .................................................................................................................... 5

2.2

Inrichting en Omgeving .................................................................................................. 5

2.2.1

Gezondheid ................................................................................................................ 5

2.2.2

Geuremissie ............................................................................................................... 6

2.2.3

Geurimpact ................................................................................................................ 6

2.2.4

Emissie & impact fijnstof en endotoxinen ..................................................................... 6

2.2.5

Mineralenkringloop ..................................................................................................... 6

2.2.6

Verbinding, biodiversiteit en omgeving ......................................................................... 8

2.3 3.

Innovatie ....................................................................................................................... 9

Resultaat ............................................................................................................................. 10

Bijlagen ...................................................................................................................................... 11

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij - Vlieterdijk 34 te Luyksgestel

3

1. Inleiding 1.1 Inhoud Voorliggende toelichting betreft de verantwoording van het voldoen aan de regels over de inzet van maatregelen die bijdragen aan de ontwikkeling naar een zorgvuldige veehouderij. Hiertoe is door de Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant op 25 september 2017 de Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij (BZV 2.0) opgesteld, welke in werking getreden op 9 februari 2018. Met de BZV 2.0 kunnen veehouders onder andere ontwikkelruimte verdienen door extra maatregelen te treffen omtrent de aspecten gezondheid, geuremissie, geurimpact, emissie & impact fijnstof / endotoxinen, mineralenkringloop, verbinding, biodiversiteit en omgeving. In voorliggende toelichting zijn de maatregelen, vastgesteld in de BZV 2.0, per onderdeel toegelicht, specifiek voor dit bedrijf. Hierna volgt een nadere beschrijving en achtergrondinformatie omtrent de BZV. 1.2 Achtergrond Met de BZV beoogd de provincie een instrument dat stuurt en stimuleert dat een veehouderij zorgvuldig is en daarmee goed past in haar omgeving. De provincie heeft de BZV tevens gebaseerd op de denklijn dat ontwikkelruimte verdiend moet worden, maar niet onbegrensd is. De nadere regels Verordening ruimte – Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij (versie 2.0) is op 25 september 2017 vastgesteld en per 9 februari 2018 in werking getreden.

De provincie heeft met een zorgvuldige veehouderij een sector voor ogen die op een gezonde manier verbonden is met de sociale en fysieke leefomgeving. Het doel daarbij is dat het handelen van de veehouder op het gebied van volksgezondheid, dierenwelzijn en fysieke leefomgeving wordt geobjectiveerd. Het handelen van de veehouder wordt inzichtelijk gemaakt door een scoresysteem. Met dit scoresysteem kan de veehouder ontwikkelruimte verdienen wanneer voldoende punten worden behaald op de BZV. De opzet van het scoresysteem BZV bestaat uit de hoofdthema’s ‘Volksgezondheid’, ‘Diergezondheid en –welzijn’ en ‘Fysieke leefomgeving’. Hieruit zijn zes maatlatten voort gekomen. De provincie heeft het scoresysteem vervat in een internetapplicatie waarin stapsgewijs de BZV-score berekend kan worden. De laatste versie van de BZV-applicatie betreft versie 2.0. In de BZV kan een veehouder scoren op een schaal van 1 tot 10. Een bedrijf dat alleen aan de wettelijke eisen voldoet krijgt als basis 6 punten. Het aantal punten neemt toe naarmate het bedrijf meer stappen zet, waarbij de maximale score 10 is. Een bedrijf krijgt ontwikkelruimte als het een 7,25 of hoger haalt. Binnen de range 6 – 10 zijn dus maximaal 4 punten te scoren. Deze punten zijn te scoren op de onderdelen ‘Certificaten’ en ‘Inrichting & Omgeving’ in het BZV scoresysteem.

In het onderdeel ‘Inrichting & Omgeving’ zijn punten te scoren op de zes maatlatten welke bestaan uit ‘gezondheid’, ‘geuremissie’, ‘geurimpact’, ‘emissie & impact fijnstof / endotoxinen’, ‘mineralen kringlopen’, ‘mineralenkringloop’, ‘verbinding, biodiversiteit en omgeving’. Daarnaast zijn punten te scoren door het beschikken over certificaten zoals IKB, Milieukeur, EKO-keurmerk en MDV. Dus wanneer een veehouder een 7,25 scoort op de BZV scoringsysteem heeft hij zijn ontwikkelruimte verdiend. Hierbij geldt dat minimaal 0,2 punten behaald moeten worden via het onderdeel ‘Certificaten’ en minimaal 0,6 punten via het onderdeel ‘Inrichting & Omgeving’.

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij - Vlieterdijk 34 te Luyksgestel

4

2. Toelichting BZV-score Dit rapport beschrijft stapsgewijs hoe de BZV-score is berekend. De rekenstappen zijn verwerkt in de BZV-internetapplicatie. In de internetapplicatie worden de maatregelen die op het bedrijf getroffen worden en de certificaten waarover de veehouder beschikt ingevoerd. De applicatie berekent dan de BZV-score. Hierna worden de invoergegevens per onderdeel toegelicht. Een afdruk van de ingevoerde gegevens en resultaten van de BZV is als bijlage toegevoegd bij voorliggende toelichting. Het aantal NGE per diercategorie is weergegeven in de basisgegevens van de webapplicatie. De basisindeling van de BZV wordt gevormd door drie lijnen, Certificaten, Inrichting & Omgeving en Innovatie. De lijn Innovatie is voor bedrijven met innovatieve zorgvuldige bedrijfsconcepten die via de andere twee lijnen onvoldoende punten halen. In dit hoofdstuk worden deze nader toegelicht. 2.1 Certificaten Via certificaten als IKB, Milieukeur, EKO-keurmerk en MDV kunnen veehouders maatregelen op een aantal thema’s nemen. Op dit moment kunnen via certificaten alleen punten worden verdiend voor maatregelen ten aanzien van zoönosen, antibiotica, dierenwelzijn, fosfaatefficiëntie, brandveiligheid en energie. Ieder certificaat levert een aantal punten op. Dit is gebaseerd op de maatregelen die een certificaat borgt.

Op de BZV zijn alleen certificaten van toepassing waarvan de criteria openbaar zijn en een onafhankelijke derde partij borgt dat aan de eisen in het systeem is voldaan. De initiatiefnemer beschikt over de volgende certificaten, zie de bijlagen 4h, 4i & 4j:  Deelnamebewijs FoqusPlanet FrieslandCampina, incl. weidegang;  GD Statussen Melkvee; o BVD-virusvrij; o IBR-vrij; o Leptospirose vrij;  IKB Kip. Verder neemt het bedrijf deel aan het concept ‘Goed Nest Kip’. Hier bestaat geen certificaat voor, maar het bewijs hiervan blijkt uit het advies van de Adviescommissie Agrarische Bouwaanvragen. In het advies wordt de deelname bevestigd. 2.2 Inrichting en Omgeving Voor de fysieke inrichting van bedrijven bevat de BZV zes maatlatten. 1. Gezondheid 2. Geuremissie 3. Geurimpact 4. Emissie & impact fijnstof / endotoxinen 5. Mineralen kringlopen 6. Verbinding, biodiversiteit en omgeving In de navolgende paragrafen wordt de zorgvuldigheid van de veehouderij in beeld gebracht aan de hand van de maatlatten. Hierbij gaat het steeds om maatregelen die verder gaan dan wat op dit moment op basis van de Europese, nationale of provinciale wetten en regels verplicht is.

2.2.1

Gezondheid

Het houden van vee dient zo min mogelijk risico’s voor de gezondheid van mensen en dieren met zich mee te brengen. De maatlat gezondheid bevat in feite de thema’s zoönosen en antibioticagebruik. Deze thema’s worden op twee manieren in de BZV opgenomen. Enerzijds via het onderdeel certificaten en anderzijds via deze maatlat, waarin keuzemaatregelen zijn opgenomen waarvan eenvoudig kan worden vastgesteld of deze fysiek op het bedrijf aanwezig zijn. De fysieke maatregelen zijn af te leiden uit de plattegrondtekening, zie bijlage 2 van de toelichting op het bestemmingsplan.

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij - Vlieterdijk 34 te Luyksgestel

5

Bij de maatlat gezondheid worden maatregelen, die er toe leiden dat de gezondheidsrisico’s van een veehouderij afneemt, gewaardeerd.

2.2.2

Geuremissie

In de maatlat geuremissie wordt het in de BZV wenselijk geacht om zo min mogelijk geur uit te stoten en op deze manier de mensen in de omgeving het minste te hinderen. In deze maatlat worden dus maatregelen gewaardeerd die de emissie van geur per dierplaats verminderen. In de berekening van de score op de maatlat geuremissie wordt de emissie van een stal bepaald aan de hand van de Regeling geurhinder en veehouderij (Rgv). De emissiefactor uit de Rgv wordt vergeleken met de referentiewaarde uit de tabel van bijlage 3 van BZV. Wanneer de emissiefactor uit de Rgv lager is dan de referentiewaarde uit bijlage 3 van de BZV worden punten gescoord op deze maatlat. Echter zijn op dit moment nog niet voor alle sectoren emissie reducerende technieken voor geur beschikbaar. Zolang dit nog niet het geval is kan een veehouder uit de desbetreffende sector niet scoren op deze maatlat. In de totaal berekening van de BZV-score wordt hier rekening mee gehouden. Voor de diercategorieën melk- en kalfkoeien, jongvee, overig rundvee en paarden zijn bij ministeriële regeling geen geuremissiefactoren opgenomen en kunnen derhalve geen maatregelen worden toegepast. Op de pluimveestallen worden geen geur reducerende maatregelen toegepast. Derhalve worden er op deze maatlat geen punten gescoord.

2.2.3

Geurimpact

Geur wordt grotendeels veroorzaakt door mest van dieren en is eveneens belangrijk voor volksgezondheid (o.a. via hinder). Deze maatlat geurimpact houdt rekening met de impact, oftewel het percentage omwonenden dat mogelijk hinder ondervindt van de geuruitstoot van een bedrijf. Deze maatlat geeft een score die gebaseerd is op de geurbelasting van het bedrijf op de omgeving. Door middel van invoergegevens, welke te vinden zijn in bijlage 6 van de toelichting op het bestemmingsplan, is een geurberekening gemaakt waarbij is getoetst aan de verschillende geurgevoelige objecten in de omgeving van het bedrijf. Deze berekening is uitgevoerd middels Vstacks Vergunning. De volledige berekening is tevens in bijlage 6 van de toelichting op het bestemmingsplan toegevoegd. Uit de berekening blijkt dat de hinder voorgrond geurbelasting bedrijf op objecten in de woonkern 1,0 Oue/m3 is en op objecten in het buitengebied 1,1 Oue/m3.

2.2.4

Emissie & impact fijnstof en endotoxinen

Fijnstof is een drager van ziekteverwekkende organismen en endotoxinen. Om de gezondheid van mensen op en in de omgeving van het bedrijf zo min mogelijk bloot te stellen aan gezondheidsrisico’s is het wenselijk dat een veehouderij zo min mogelijk fijnstof uitstoot. Voor het bepalen van de score op deze maatlat wordt de fijnstofreductie op bedrijfsniveau ten opzichte van de traditionele stalsystemen berekend. Deze emissiefactor wordt in de internetapplicatie vergeleken met de referentiewaarde uit bijlage 4 van de BZV. Wanneer de feitelijke waarde lager is dan de referentiewaarde worden punten gescoord. In dit geval worden er punten gescoord, omdat de warmtewisselaars zorgen voor een reductie in fijnstofemissie.

2.2.5

Mineralenkringloop

Uit het oogpunt van zorgvuldige veehouderij wordt in de BZV getracht de kringlopen van mineralen op zo klein mogelijke schaal te sluiten. De kringloop mineralen wordt inzichtelijk gemaakt in Pstromen (fosfaat). Het wordt inzichtelijk gemaakt in P-stromen omdat dit mineraal aanwezig blijft in het voer, dier en mest en daarom relatief eenvoudig in te monitoren.

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij - Vlieterdijk 34 te Luyksgestel

6

Op deze maatlat kunnen punten gescoord worden wanneer fosfaat uit mest in de nabijheid van het bedrijf wordt afgezet op gronden die via eigendom of op andere wijze aan het bedrijf verbonden zijn. Deze gronden dienen binnen een grens van 15 km van de productielocatie te zijn gelegen. Gronden waar mest afgezet wordt buiten dit gebied tot een maximale afstand van 100 km telt ook mee, maar minder zwaar. De score op deze maatlat wordt berekend aan de hand van de mestproductie op het bedrijf en de gebruiksruimte. De gebruiksruimte wordt bepaald door het aantal hectare grond behorend tot het bedrijf en de hoeveelheid mest wat hierop kan worden afgezet. Door het Ministerie van Economische Zaken zijn tabellen opgesteld voor het mestbeleid 2014-2017. In de tabellen worden de normen weergegeven die nodig zijn om de mestproductie en de gebruiksruimte te berekenen. De documenten ter bewijslast bij de berekening van de mineralenkringloop zijn afkomstig van het bestaande bedrijf aan de Vlieterdijk 34 te Luyksgestel. Mestproductie in kg P De mestproductie wordt uitgedrukt in kg fosfaat (P) per dier. Op het bedrijf is zowel pluimvee als rundvee aanwezig. Voor pluimvee is de excretie afgeleid van het dierrechten stelsel. Eén pluimvee-eenheid is gelijk aan de forfaitaire mestproductie van één legkip (0,5 kg fosfaat). Voor vleeskuikens is een pluimveeeenheid van 0,48 vastgesteld.

Dit staat dus gelijk aan 0,24 kg fosfaat per vleeskuiken. In tabel 4 en 6 bij het mestbeleid, zie de bijlage 4d en 4e van deze toelichting, wordt de excretie per stuks rundvee per jaar in kg fosfaat weergeven. Bij melkkoeien wordt de fosfaatproductie afgeleid van de hoeveelheid melk die een koe per jaar produceert. Op onderhavig bedrijf werd in 2017 8.268 kg melk per koe geproduceerd, zie het integraal mestrapport 2017. Dit wil dus zeggen dat per melkkoe 41,3 kg fosfaat geproduceerd wordt. De fosfaat productie per stuks jongvee is weergegeven in tabel 4 bij het mestbeleid. Hierin is een verdeling gemaakt tussen jongvee jonger dan 1 jaar en jongvee vanaf 1 jaar en ouder. Op onderhavig bedrijf is de verdeling tussen het jongvee jonger dan 1 jaar en vanaf 1 jaar ieder 50%. De fosfaat productie per stuks overig rundvee is tevens weergegeven in tabel 4 bij het mestbeleid. Veehouderijen kunnen hun fosfaatexcretie per jaar verminderen door bijvoorbeeld het gebruik maken van aangepast voer e.d. Dit betreft het BEX-voordeel. Onderhavige veehouderij heeft zoals in het integraal mestrapport 2017 te zien is een BEX-voordeel van 16%. Dit percentage is het aantal procent fosfaatexcretie dat op onderhavig bedrijf minder wordt geproduceerd in vergelijking met de forfaitaire excretie. In Tabel 1 wordt de excretie per dier per jaar in kg fosfaat weergeven.

Op het bedrijf worden volgende kilogrammen fosfaat geproduceerd.

Tabel 1: Som fosfaatproductie Diercategorie

Aantal

Melk- en kalfkoeien Jongvee < 1 jaar Jongvee > 1 jaar Overig rundvee Totaal incl. BEX-voordeel Vleeskuikens Totaal

Kg fosfaat per jaar 62 22 22 60

41,3 9,6 21,9 25,9

106.468

0,24

Kg fosfaat per jaar incl. BEXvoordeel (16%) 34,69 8,06 18,40 21,76

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij - Vlieterdijk 34 te Luyksgestel

Totaal (kg fosfaat per jaar) 2.150,78 177,32 404,80 1.305,60 4.038,50 25.552,32 29.590,82

7

Gebruiksruimte De gebruiksruimte wordt bepaald door het aantal beschikbare hectare grond dat behoort tot het bedrijf en de hoeveelheid fosfaat dat kan worden afgezet op deze gronden. De hoeveelheid fosfaat dat mag worden afgezet op de gronden is afhankelijk van de fosfaattoestand en of het bouwland of grasland betreft. De fosfaattoestand van de bodem wordt uitgedrukt in PAL- of PW-waarde. De PALwaarde van de gronden bepaalt de fosfaatgebruiksnorm. In tabel 2 bij het mestbeleid, zie bijlage 4c van deze toelichting, worden de fosfaatgebruiksnormen weergegeven per categorie van de fosfaattoestand van de bodem. De gronden behorende bij onderhavige veehouderij zijn niet bemonsterd op de PAL- en PW-waarden, zie bijlage 4g. Derhalve wordt conform tabel 2 van het mestbeleid de hoge categorie gehanteerd voor zowel het grasland als het bouwland. Hieruit blijkt dat op de gronden in gebruik als grasland per ha 80 kg fosfaat/jaar afgezet mag worden. Op de gronden in gebruik als bouwland mag per ha, 50 kg fosfaat/jaar afgezet worden. Zoals in de gecombineerde opgave te zien is, hebben initiatiefnemers in totaal 27,5 hectare grond in gebruik. Hiervan wordt 7,91 hectare gebruikt voor het telen van maïs en 19,59 hectare als grasland. In Tabel 2 zijn de waarden van de percelen van het bedrijf nader toegelicht.

De hoogte van de score die behaald kan worden op deze maatlat is afhankelijk van de hoeveelheid fosfaatproductie en de hoeveelheid fosfaat wat kan worden afgezet op de bij het bedrijf behorende gronden (ofwel de gebruiksruimte).

Tabel 2: Gebruiksruimte percelen Grasland, binnen 15 km van het bedrijf Volgnr Beteelde oppervlakte ha PAL-waarde 1 0,89 Onbekend 2 0,18 Onbekend 3 0,57 Onbekend 4 6,61 Onbekend 5 1,30 Onbekend 6 2,17 Onbekend 7 0,97 Onbekend 9 1,98 Onbekend 10 1,23 Onbekend 11 1,02 Onbekend 13 0,97 Onbekend 14 1,70 Onbekend Totaal 19,59

Categorie kg P/ha Totaal P Hoog 80 71,2 Hoog 80 14,4 Hoog 80 45,6 Hoog 80 528,8 Hoog 80 104 Hoog 80 173,6 Hoog 80 77,6 Hoog 80 158,4 Hoog 80 98,4 Hoog 80 81,6 Hoog 80 77,6 Hoog 80 136 Totaal fosfaat 1567,2

Bouwland, binnen 15 km van het bedrijf Volgnr Beteelde oppervlakte ha PW-waarde Categorie kg P/ha Totaal P 8 0,87 Onbekend Hoog 50 43,5 20 7,04 Onbekend Hoog 50 352 Totaal 7,91 Totaal fosfaatplaatsingsruimte 395,5 2.2.6

Verbinding, biodiversiteit en omgeving

Een zorgvuldig veehouderij bedrijf is goed verbonden met de mensen in zijn omgeving: burgers, collega’s en andere bedrijven. Deels krijgt dit invullen naast de BZV doordat veehouders verplicht zijn tot het voeren van een goede dialoog met de omgeving rond de uitbreiding van hun bedrijf. Verbinding en omgeving De provincie beoogd voor de veehouderij een sector die op een gezonde manier verbonden is met de sociale en fysieke leefomgeving. Door het nemen van maatregelen die de verbinding tussen het

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij - Vlieterdijk 34 te Luyksgestel

8

veehouderijbedrijf en de omgeving en/of transparantie van het bedrijf versterken kunnen op deze maatlat punten gescoord worden. Daarnaast kunnen er punten worden gescoord als er maatregelen worden genomen voor het tegengaan van overlast. Het bedrijf behaalt op dit onderdeel punten doordat de dieren inpandig worden geladen en gelost en ook de voerbewerkingshandelingen inpandig plaatsvinden. De opslag van voer(componenten) vindt plaats in afgesloten ruimten dan wel voorzieningen, het bedrijf past geen bijproducten toe en de sleufsilo’s worden bovendien aan het oog onttrokken. Biodiversiteit De BZV waardeert voorzieningen die bijdragen aan de transparantie van het bedrijf die bijdragen aan natuur en landschap op het boerenerf (op en aansluitend op bouwvlak). Ter bevordering van de variatie aan natuur en landschap op het boerenerf worden in deze maatlat maatregelen gewaardeerd. Het gaat voornamelijk om het aanbrengen groenvoorzieningen binnen het bouwvlak of aangrenzend hieraan. Op onderhavige locatie scoort punten op dit onderdeel, omdat het bedrijf zorgvuldig landschappelijk wordt ingepast waardoor 15-20% van het erf groen wordt. 2.3 Innovatie Bedrijven die innoveren kunnen extra ontwikkelingsruimte verdienen.

Voor bedrijven die door hun innovatieve karakter moeilijk de benodigde score kunnen behalen is het mogelijk om hun bedrijfsvorm met een bedrijfsplan voor te leggen aan het Panel Zorgvuldige Veehouderij. Naar aanleiding van het verzoek wordt door het Panel wordt een advies gegeven aan het bevoegd gezag. Op onderhavige locatie worden voldoende punten behaald en is het niet noodzakelijk om advies in te winnen van het Panel Zorgvuldige veehouderij.

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij - Vlieterdijk 34 te Luyksgestel

9

3. Resultaat Uit de BZV-applicatie blijkt dat het eindoordeel ‘akkoord’ betreft. Dit wil zeggen dat op de onderdelen ‘Certificaten’ en ‘Inrichting & Omgeving’ voldoende punten behaald worden bovenop de basispunten uit de wettelijke verplichte aspecten. De totaalscore op de BZV bedraagt voor onderhavige veehouderij een 7,26. Derhalve kan geconcludeerd worden dat het een zorgvuldige veehouderij betreft. Conform de denklijn ‘Ontwikkelruimte moet je verdienen en is niet onbegrensd’, welke gehanteerd wordt door de provincie Noord-Brabant, kan geconcludeerd worden dat de uitbreiding aan de locatie Vlieterdijk 34 te Luyksgestel mag plaatsvinden.

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij - Vlieterdijk 34 te Luyksgestel

10

Bijlagen 1. Uitdraaibestand BZV-webapplicatie 2. Bewijsstuk deelname ketenkwaliteitssysteem FoqusPlanet incl. Weidegang 3. GD Statussen Melkvee 4. Certificaat IKB-Kip 5. Tabel 2 mestbeleid ‘fosfaatgebruiksnormen’, versie januari 2016 6. Tabel 4 mestbeleid ‘diergebonden normen’, versie januari 2016 7. Tabel 6 mestbeleid ‘stikstof- en fosfaatproductiegetallen per melkkoe, versie januari 2015 8. Gecombineerde Opgave 2017 9. Opgave Gewaspercelen 2017 10. Integraal mestrapport 2017

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij - Vlieterdijk 34 te Luyksgestel

11

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij Bedrijf:

BZV versie: 2.0

Scenario:

Bestemmingsplan Vlieterdijk 34 (5)

Status:

Concept (16-02-2018)

Datum:

22-10-2018 (Creatie) Pagina 1/14

Bedrijfsgegevens Bedrijfsnaam Adres

Vlieterdijk 34

Postcode

5575AM

Woonplaats

LUYKSGESTEL

Gemeente

Bergeijk

Contactpersoon

-

T P

Telefoonnummer Emailadres Website veehouder

-

E C

Kvknummer

Adviseursgegevens

N O

Adviesbureau

Van Dun Advies B.V.

Adviseur Telefoonnummer adviseur Emailadres adviseur

Rapport versie 2.0.0.7

Peter Monster

C

0493745015 petermonster@vandunadvies.nl

Pagina 1/14

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij Bedrijf:

BZV versie: 2.0

Scenario:

Bestemmingsplan Vlieterdijk 34 (5)

Status:

Concept (16-02-2018)

Datum:

22-10-2018 (Creatie) Pagina 2/14

Stalgegevens Omschrijving

Status

Diercategorie

Stal 1 (1)

Bestaand

Jongvee (< 1 jaar, vrouwelijk)

14

2,47

Stal 1 (1)

Bestaand

Jongvee (1 - 2 jaar, vrouwelijk)

22

5,58

Stal 1 (1)

Bestaand

Melk- en kalfkoeien (beweiden)

62

99,82

Stal 2 (2)

Bestaand

Vleeskuikens

14500

24,65

Stal 3 (3)

Bestaand

Vleeskuikens

14500

24,65

Stal 4 (4)

Bestaand

Vleeskuikens

14500

24,65

Stal 5 (5)

Bestaand

Stieren voor de fokkerij (> 2 jaar)

60

36,13

Stal 5 (5)

Bestaand

Jongvee (< 1 jaar, vrouwelijk)

Stal 6 (6)

Bestaand

Vleeskuikens

Stal 7 (7)

Nieuw

Vleeskuikens

Overzicht per stal

Aantal

T P

E C

N O

Afkorting

Aantal dieren Totaal Grootte eenheden

8

1,41

24800

42,16

38168

64,89

106634,00

326,39

Grootte eenheden

% Grootte eenheden totaal

98

107,86

33,05%

14500

24,65

7,55%

14500

24,65

7,55%

14500

24,65

7,55%

68

37,53

11,50%

24800

42,16

12,92%

38168

64,89

19,88%

106634,00

326,39

100,00%

Diersoort

Aantal

Grootte eenheden

% Grootte eenheden totaal

Melkvee

166

145,40

44,55%

106468

181,00

55,45%

106634,00

326,39

100,00%

1 2 3 4 5 6 7

C

Overzicht per diersoort

Vleeskuikens

Rapport versie 2.0.0.7

Pagina 2/14

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij Bedrijf:

BZV versie: 2.0

Scenario:

Bestemmingsplan Vlieterdijk 34 (5)

Status:

Concept (16-02-2018)

Datum:

22-10-2018 (Creatie) Pagina 3/14

Resultaat Basis score

Punten

Score op Basispunten

Score 6,00

Inrichting en omgeving

waarde

Gezondheid

54,05

Geuremissie

0,00

Geurimpact

75,60

Fijnstof

26,72

Mineralenkringloop

6,63

35,00

Totaal punten op Inrichting & Omgeving Correctiefactor aantal maatlatten

N O

Gecorrigeerde aantal punten Wegingsfactor

198,00

0,99

195,04 200,00

Score op Inrichting en Omgeving

C

T P

E C

Verbinding met de omgeving

Certificaten

Beoordeling

Totaal punten op certificaten

11,38

Wegingsfactor

40,00

Score op certificaten

0,98

Akkoord

0,28

Akkoord

7,26

Akkoord

Innovatie Innovatie telt mee in het eindoordeel Totaal score BZV

Eindoordeel BZV

Rapport versie 2.0.0.7

Nee

Akkoord

Pagina 3/14

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij Bedrijf:

BZV versie: 2.0

Scenario:

Bestemmingsplan Vlieterdijk 34 (5)

Status:

Concept (16-02-2018)

Datum:

22-10-2018 (Creatie) Pagina 4/14

Certificaten Bedrijfsniveau Omschrijving

Antwoord

T P

GD Keurmerk Zoönosen

GD Keurmerk Zoönosen

Diersoorten

E C

0,00

Diersoort

Certificaat

Melkvee

CONO,DOC, Rouveen, FoqusPlanet of KKM basiscertificaat, IKM

Ja

3,56

Q-Rund

Nee

0,00

Ja

0,09

Nee

0,00

GD-melkvee: certificaat BVD-Virusvrij of Tankmelk BVD

Ja

0,09

GD-melkvee: certificaat Leptospirosen

Ja

0,09

FoqusPlanet levensduur melkvee

Nee

0,00

Certificaten voor energie

Geen

0,00

Certificaten voor weidegang

Stichting Weidegang (alle melkgevende koeien weiden minimaal 720uur per jaar, op minimaal 120 dagen)

0,89

Afkorting

Certificaat

Antwoord

2

De Nieuwe AH Kip/ De Goed Nest Kip

Ja

0,23

IKB Kip

Ja

0,68

De Nieuwe AH Kip/ De Goed Nest Kip

Ja

0,23

IKB Kip

Ja

0,68

N O

GD-melkvee: IBR-vrij of Tankmelk IBR GD-melkvee: certificaat Salmonella

C

Antwoord

Gewogen punten

Gewogen punten

Stalniveau

3

Rapport versie 2.0.0.7

Gewogen punten

Pagina 4/14

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij Bedrijf:

4 6 7

BZV versie: 2.0

Scenario:

Bestemmingsplan Vlieterdijk 34 (5)

Status:

Concept (16-02-2018)

Datum:

22-10-2018 (Creatie) Pagina 5/14

De Nieuwe AH Kip/ De Goed Nest Kip

Ja

0,23

IKB Kip

Ja

0,68

De Nieuwe AH Kip/ De Goed Nest Kip

Ja

0,39

IKB Kip

Ja

1,16

De Nieuwe AH Kip/ De Goed Nest Kip

Ja

0,60

IKB Kip

Ja

1,79

Biologisch: Bio-keurmerk (SKAL) of EKO-keurmerk

Nee

0,00

Behaalde score

11,38

T P

E C

N O

C

Rapport versie 2.0.0.7

Pagina 5/14

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij Bedrijf:

BZV versie: 2.0

Scenario:

Bestemmingsplan Vlieterdijk 34 (5)

Status:

Concept (16-02-2018)

Datum:

22-10-2018 (Creatie) Pagina 6/14

Gezondheid Bedrijfsniveau Vraag

Antwoord

Punten

3 - Afstand tot dichtstbijzijnde ander veebedrijf, kortste afstand tussen bouwblokken

< 100 m

-

5 - Scheiding schone-vuile weg: a - Vulpunten voersilo's, afvoerpunten mest, aan-en aflevervoorziening aan vuile weg

Ja

b - Afleverruimte voor dieren

Nee

-

Ja

-

Ja

2,34

T P

c - Kruisende looplijnen interne bedrijfsgedeelte met openbare gedeelte d - Hygiene sluis op scheiding schone-vuile weg

E C

e - Kadaveropslag op vloeistof dichte vloer met opvang van vloeistoffen. f - Looplijnenschets aanwezig, zichtbaar opgehangen 6 - Hygiëne sluis met:

N O

a - Scheiding schoon-vuil gedeelte + wasbak b - Bedrijfseigen kleding/schoeisel c - Douches

C

8 - Opslag van vaste mest op het erf 9 - Spoelplaats veewagens

11 - Minimaal 2 meter verharding direct aansluitend alle stalmuren ter voorkoming van ongedierte

Nee

5,67

-

Ja

3,78

Ja

1,56

Ja

0,00

Ja

3,78

Nee

7,56

Ja

3,78

Nee

-

Diersoortniveau Diersoort

Vraag

Antwoord

Melkvee

1 - Quarantainestal (opfokdieren)

Nee

-

2 - Heeft u een buitenloop of weidegang?

Buitenloop, niet overkapt

-

4 - Houdt u andere bedrijfsmatig gehouden veesoorten? Vleeskuikens

4,69

1 - Quarantainestal (opfokdieren)

Nee

2 - Heeft u een buitenloop of weidegang?

Geen buitenloop

4 - Houdt u andere bedrijfsmatig gehouden veesoorten?

Punten

6,65 6,65

Stalniveau Rapport versie 2.0.0.7

Pagina 6/14

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij Bedrijf:

BZV versie: 2.0

Scenario:

Bestemmingsplan Vlieterdijk 34 (5)

Status:

Concept (16-02-2018)

Datum:

22-10-2018 (Creatie) Pagina 7/14

Stal afkorting

Vraag

Antwoord

1

7 - Aparte hygiënevoorzieningen per diercategorie of stal

Ja

10 - Zuivering interne stallucht

Geen

-

12 - Gescheiden huisvesting: iedere diercategorie in een aparte stal

Nee

-

7 - Aparte hygiënevoorzieningen per diercategorie of stal

Ja

10 - Zuivering interne stallucht

-

12 - Gescheiden huisvesting: iedere diercategorie in een aparte stal

Ja

0,00

7 - Aparte hygiënevoorzieningen per diercategorie of stal

Ja

0,60

10 - Zuivering interne stallucht

-

2

3

4

5

6

7

2,32

0,60 -

T P

12 - Gescheiden huisvesting: iedere diercategorie in een aparte stal

-

Ja

0,00

7 - Aparte hygiënevoorzieningen per diercategorie of stal

Ja

0,60

10 - Zuivering interne stallucht

-

E C

-

12 - Gescheiden huisvesting: iedere diercategorie in een aparte stal

Ja

0,00

7 - Aparte hygiënevoorzieningen per diercategorie of stal

Ja

0,81

10 - Zuivering interne stallucht

-

-

12 - Gescheiden huisvesting: iedere diercategorie in een aparte stal

Nee

-

7 - Aparte hygiënevoorzieningen per diercategorie of stal

Ja

10 - Zuivering interne stallucht

-

12 - Gescheiden huisvesting: iedere diercategorie in een aparte stal

Ja

0,00

7 - Aparte hygiënevoorzieningen per diercategorie of stal

Ja

1,59

10 - Zuivering interne stallucht

-

12 - Gescheiden huisvesting: iedere diercategorie in een aparte stal

Ja

N O

C

1,03 -

0,00 Behaalde score

Rapport versie 2.0.0.7

Punten

54,05

Pagina 7/14

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij Bedrijf:

BZV versie: 2.0

Scenario:

Bestemmingsplan Vlieterdijk 34 (5)

Status:

Concept (16-02-2018)

Datum:

22-10-2018 (Creatie) Pagina 8/14

Fijnstof Fijnstof emissie Referentie Status

Stal

BB of BWL code

Huidige / Gewenste situatie

Aantal

Norm

Emissie

Werkelijke waarde

Emissie

Bestaand Stal 1

A 3.100

14

38,00

532,00

38,00

532,00

Stal 1

A 3.100

22

38,00

836,00

38,00

836,00

Stal 1

A 1.100

62

118,00

7316,00

118,00

7316,00

Stal 2

E 5.11

14500

22,00

319000,00

15,00

217500,00

Stal 3

E 5.11

14500

22,00

319000,00

15,00

217500,00

Stal 4

E 5.11

14500

22,00

319000,00

15,00

217500,00

Stal 5

A 7.100

60

10200,00

170,00

10200,00

Stal 5

A 3.100

8

304,00

38,00

304,00

Stal 6

E 5.11

24800

545600,00

19,00

E C 170,00 38,00 22,00

Totalen Bestaand

Nieuw

Stal 7

N O

E 5.11

C

Rapport versie 2.0.0.7

38168

T P 1521788,00

471200,00 1142888,00

16,00

610688,00

11,00

419848,00

Totalen Nieuw

610688,00

419848,00

Totalen

2132476,00

1562736,00

Behaald reductiepercentage

26,72 %

Aantal punten

26,72

Behaalde score

26,72

Pagina 8/14

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij Bedrijf:

BZV versie: 2.0

Scenario:

Bestemmingsplan Vlieterdijk 34 (5)

Status:

Concept (16-02-2018)

Datum:

22-10-2018 (Creatie) Pagina 9/14

Geuremissie Referentie Status

Stal

BB of BWL code

Huidige / Gewenste situatie

Aantal

Norm

Emissie

Werkelijke waarde

Emissie

Bestaand Stal 1

A 3.100

14

0,00

0,00

0,00

0,00

Stal 1

A 3.100

22

0,00

0,00

0,00

0,00

Stal 1

A 1.100

62

0,00

0,00

0,00

0,00

Stal 2

E 5.11

14500

0,33

4785,00

0,33

4785,00

Stal 3

E 5.11

14500

0,33

4785,00

4785,00

E 5.11

14500

0,33

4785,00

0,33

4785,00

Stal 5

A 7.100

60

0,00

0,00

0,00

0,00

Stal 5

A 3.100

8

0,00

0,00

0,00

0,00

Stal 6

E 5.11

24800

T P

0,33

Stal 4

8184,00

0,33

8184,00

0,33

12595,44

0,33

Totalen Nieuw

12595,44

12595,44

Totalen

35134,44

35134,44

E C 0,33

Totalen Bestaand Nieuw

Stal 7

E 5.11

38168

N O

C

Rapport versie 2.0.0.7

22539,00

22539,00 12595,44

Behaald reductiepercentage

0,00 %

Behaalde score

0,00

Pagina 9/14

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij Bedrijf:

BZV versie: 2.0

Scenario:

Bestemmingsplan Vlieterdijk 34 (5)

Status:

Concept (16-02-2018)

Datum:

22-10-2018 (Creatie) Pagina 10/14

Geurimpact Vraag

Antwoord

Punten

Bevind u zich in een concentratiegebied?

Ja

In concentratiegebied Op woonkern in OU

1,00

40,00

Op buitengebied in OU

1,10

35,60

Behaalde score

75,60

T P

E C

N O

C

Rapport versie 2.0.0.7

Pagina 10/14

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij Bedrijf:

BZV versie: 2.0

Scenario:

Bestemmingsplan Vlieterdijk 34 (5)

Status:

Concept (16-02-2018)

Datum:

22-10-2018 (Creatie) Pagina 11/14

Mineralenkringloop P-Mest Totaal Vraag

Antwoord

P Mestproductie totaal

29590,82

Gebruiksruimte (in KG P)

1962,70

P-mestoverschot (Productie - Gebruiksruimte)

27628,12

T P

P-aanwending mest Soort aanwending

Hectaren

Norm (kg/ha)

kg P

80,00

1567,20 Nee

5,30

50,00

395,50 Nee

1,34

27,50

1962,70

6,63

27,50

1962,70

6,63

Behaalde score

6,63

E C

Grond eigen gebruik, binnen straal van 15 km

19,59

7,91

N O

Totalen

Opgehaald bij RvO

Punten

C

Rapport versie 2.0.0.7

Pagina 11/14

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij Bedrijf:

BZV versie: 2.0

Scenario:

Bestemmingsplan Vlieterdijk 34 (5)

Status:

Concept (16-02-2018)

Datum:

22-10-2018 (Creatie) Pagina 12/14

Verbinding met de omgeving en biodiversiteit Thema

Vraag

Antwoord

Zicht op dieren in de stal of uitloop

Inkijk in de stal en/of zicht op dieren (die op het bedrijf worden gehouden) op permanent beschikbare uitloop.

Geen

0,00

> 15 % groen en <= 20 %

10,00

Groen op het erf Oppervlak groen op het erf (= verticale (op en projectie van bomen, struiken, heggen, aansluitend op bosplantsoen, boomgaard, poel)als percentage bouwblok) van het totale erfoppervlak (= het gaat om bouwblok en het groen dat direct aansluit op het bouwblok). Bemesting en gebruik bestrijdingsmiddelen is niet toegestaan. Inpandig laden en lossen van bijproducten, voer en dieren

Inpandige laad- en losplaats dieren

Inpandig laden en lossen van bijproducten, voer en dieren

Inpandige losplaats krachtvoer en bijproducten

Inpandig laden en lossen van bijproducten, voer en dieren

De voerbewerkingshandelingen vinden inpandig plaats

Inpandig laden en lossen van bijproducten, voer en dieren

Mestbewerking vindt inpandig plaats

T P

Punten

Ja

5,00

Nee

0,00

Ja

5,00

Nee

0,00

Brijvoer/bijprodu Opslag van voer(componenten) vindt plaats in afgesloten ruimten cten

Ja

5,00

Brijvoer/ bijproducten

Lucht uit de voerkeuken/ voeropslag wordt afgevoerd naar een luchtzuiveringsinstallatie

Nee

0,00

Brijvoer/ bijproducten

Bedrijf past geen bijproducten toe

Ja

10,00

Mestbe- of verwerking, mestdroging

Alle luchtwassers/ warmtewisselaars/ droogtunnels/ mestbewerkingsinstallaties op het bedrijf zijn inpandig gesitueerd

Nee

0,00

Mestbe- of verwerking, mestdroging

Sleufsilo's zijn aan het oog onttrokken

Ja

5,00

Mestbe- of verwerking, mestdroging

Bedrijf heeft dagontmesting of scheiding van mest en urine in de stal

Nee

0,00

E C

N O

C

Rapport versie 2.0.0.7

Pagina 12/14

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij Bedrijf:

BZV versie: 2.0

Scenario:

Bestemmingsplan Vlieterdijk 34 (5)

Status:

Concept (16-02-2018)

Datum:

22-10-2018 (Creatie) Pagina 13/14

Thema

Vraag

Antwoord

Kadaver ophaalplaats

Kadavers worden opgeslagen in een afgesloten en ondergrondse kadaverophaalplaats aan de openbare weg

Nee

Punten 0,00

Behaalde score

35,00

T P

E C

N O

C

Rapport versie 2.0.0.7

Pagina 13/14

Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij Bedrijf:

BZV versie: 2.0

Scenario:

Bestemmingsplan Vlieterdijk 34 (5)

Status:

Concept (16-02-2018)

Datum:

22-10-2018 (Creatie) Pagina 14/14

Aanvullende meldingen Geen aanvullende meldingen

T P

E C

N O

C

Rapport versie 2.0.0.7

Pagina 14/14

Bewijsstuk deelname FocusPlanet incl. Weidegang

4

4

4

GD Statussen melkvee

4

4

4

V-14-189698

IKB KIP regeling Vleeskuikens TITEL TITEL

TITEL

Hierbij wordt verklaard dat de als IKB KIP gekenmerkte producten van het bedrijf

Vof Vosters - Kelders gevestigd aan de Vlieterdijk 34 in LUYKSGESTEL PLV36585 4

4

4

zijn geproduceerd volgens het certificatieschema: - IKB KIP regeling Vleeskuikens Versie 7 in overeenstemming met de: - Algemene Voorwaarden IKB KIP, - Certificatiecriteria IKB KIP

Daarom verleent Kiwa VERIN dit certificaat voor de periode tot:

23 april 2018 Dit certificaat is alleen geldig in combinatie met een positieve vermelding op het openbare register Kipnet.

Nieuwegein, 7 juli 2017 Namens Kiwa VERIN,L Kiwa VERIN Nevelgaarde 20d Postbus 2703 3430 GC Nieuwegein Tel.: 088 998 43 10 Fax: 088 998 43 01 info@verin.nl www.kiwaverin.nl

Vlieterdijk 34 5575 AM LUYKSGESTEL

Nieuwegein, 7 juli 2017 Betreft

: Uitslag beoordeling IKB Kip

Uw kenmerk

: 2489014 / PLV36585

Geachte heer, mevrouw, Op 31 mei 2017 is uw bedrijf bezocht door een controleur van Kiwa VERIN voor de IKB Kip-controle. De controlebevindingen van de controleur zijn in goede orde ontvangen en beoordeeld. De beoordeling wijst uit dat uw bedrijf volledig voldoet aan de Algemene Voorwaarden IKB Kip en bijbehorende voorschriften. Het IKB-certificaat is aan uw bedrijf toegekend en uw KIPnummer is opgenomen in het register IKB Kip. Het IKB-certificaat is bijgesloten. Het certificaat is geldig tot de datum vermeld op het certificaat. U dient ervoor te zorgen dat enkele weken voor deze datum een controle is uitgevoerd. Kiwa VERIN zal u daarvoor benaderen. Hierdoor wordt ervoor gezorgd dat uw IKB erkenning zonder onderbreking doorloopt. Mocht bovenstaande beoordeling tot vragen leiden, dan kunt u contact opnemen met Kiwa VERIN (info@verin.nl of 088-9984310).

Met vriendelijke groet,M

Kiwa VERIN

Bijlage: Certificaat IKB Kip

Norm

Omschrijving

Weging

01 van 01

Mestbeleid 2014 – 2017 Tabellen

Tabel 2 – Januari 2014

Tabel 2 Fosfaatgebruiksnormen Waarvoor gebruiken? De fosfaatgebruiksnormen (in kilo’s fosfaat per ha per jaar) gebruikt u om de totale fosfaatgebruiksruimte voor meststoffen voor uw bedrijf te berekenen.

Hoe te gebruiken? U rekent met de oppervlakte landbouwgrond zoals die op 15 mei bij uw bedrijf in gebruik is. U vermenigvuldigt de oppervlakte grasland en de oppervlakte bouwland met de bijbehorende fosfaatgebruiksnorm. Dit doet u voor elke categorie: laag, neutraal en hoog. De uitkomsten telt u bij elkaar op.

De fosfaatgebruiksnorm is afhankelijk van de fosfaattoestand van de bodem. De fosfaattoestand van de bodem moet blijken uit bemonstering en analyse van de oppervlakte landbouwgrond. Heeft u de grond niet laten bemonsteren en analyseren? Dan moet u rekenen met de laagste fosfaatgebruiksnorm (categorie hoog).

Grasland Er is sprake van grasland als het gras bestemd is als ruwvoer voor dieren. Landbouwgrond met graszaad of graszoden rekent u tot de oppervlakte bouwland.

Grasland PAL-waarde

Categorie

2014

2015

2016

2017

<27

Laag

100

100

100

100

27-50

Neutraal

95

90

90

90

>50

Hoog

85

80

80

80

2014

2015

2016

2017

Bouwland Pw-waarde

Categorie

<36

Laag

80

75

75

75

36-55

Neutraal

65

60

60

60

>55

Hoog

55

50

50

50

Fosfaatarme en fosfaatfixerende gronden Voor fosfaatarme en fosfaatfixerende gronden geldt een fosfaat­ gebruiksnorm van 120 kilo per hectare per jaar, zolang u aan de voorwaarden voldoet. Lees meer over de voorwaarden op onze website. De extra hoeveelheid bovenop de norm voor categorie laag mag u op grasland en bouwland in de vorm van dierlijke mest, andere organische mest en anorganische mest geven.

Mestbeleid 2018 Tabellen

01 van 06

Tabel 4 – Januari 2018

Tabel 4 Diergebonden forfaitaire gehalten 2018 Waarvoor gebruiken?

Mestproductie per staldier in kilo’s stikstof

De diergebonden forfaitaire gehalten gebruikt u voor zowel de berekening van de minimumopslagcapaciteit die u nodig heeft, als de mestproductie van graasdieren en de stikstofcorrectie voor staldieren.

De mestproductie voor staldieren berekent u met de stalbalans. De stikstofgehalten die voor staldieren zijn vermeld, gebruikt u alleen voor de berekening van de eventuele vrijstelling van de registratie- en/of administratieverplichtingen die geldt bij onder andere een stikstofproductie die kleiner is dan 350 kilo.

Mestproductie per dier in m3 De normen voor de mestproductie per dier in de periode van 1 augustus tot 1 maart in m3 gebruikt u voor de berekening van de benodigde opslagcapaciteit van dierlijke mest voor de betreffende periode. U gaat bij de berekening van de benodigde opslagcapaciteit uit van het aantal dieren dat u mag houden (op basis van uw milieuvergunning). De normen gebruikt u voor graasdieren en staldieren. Voor melkkoeien gebruikt u Tabel 6a of 6b.

Stikstofcorrectie per staldier in kilo’s stikstof

Mestproductie per graasdier in kilo’s stikstof en fosfaat

Biologisch bedrijf

De gehalten voor de mestproductie per dier in kilo’s stikstof en fosfaat gebruikt u voor de berekening van de mestproductie van het gemiddeld aantal graasdieren dat u op uw bedrijf heeft. Voor melkkoeien gebruikt u Tabel 6a of 6b. Voor de berekening van de totale mestproductie van graasdieren vermenigvuldigt u het gemiddeld aantal dieren dat u in het jaar op uw bedrijf heeft met de bijbehorende forfaitaire excretienorm. Dit doet u voor alle graasdiercategorieën. De uitkomsten telt u bij elkaar op.

Heeft u een biologisch bedrijf dat is geregistreerd bij de Stichting Skal en houdt u graasdieren? Dan gebruikt u niet de stikstofexcretiegehalten uit deze tabel. U moet dan gebruikmaken van de excretiegehalten voor stikstof uit de bijlage van de Regeling dierlijke producten. Voor de berekening van de fosfaatexcretie gebruikt u wel de gehalten uit deze tabel.

De gehalten voor stikstofcorrectie (gasvormige verliezen) gebruikt u voor de berekening van de totale stikstofcorrectie als onderdeel van de stalbalans.

Graasdier of staldier? In de tabel worden graasdieren aangegeven met een G en staldieren met een S.

02 van 06

Mestbeleid 2018 Tabellen

Tabel 4 – Januari 2018

Tabel 4 Diergebonden forfaitaire gehalten 2018 Excretie per dier in de periode van 1 aug. tot 1 maart

Excretie per dier per jaar

m3 2

kg stikstof 3

kg fosfaat 4

Stikstofcorrectie kg/dier/ jaar 5

Zie tabel 6

Zie tabel 6

Zie tabel 6

-

Drijfmest Vaste mest

4,4 2,2

32,3 29,1

9,6 9,6

-

G

Drijfmest Vaste mest

9,5 4,7

66,9 61,3

21,9 21,9

-

112

S

Alle

1,6

(11,3)

-

3,0

Rosevleeskalveren van ca. 14 dagen tot ca. 8 maanden (kalveren van ca. 14 dagen en ouder die gehouden worden op een rantsoen van melk en andere voeders en op een leeftijd van ca. 8 maanden worden geslacht)

117

G

Alle

2,6

21,5

7,6

-

Startkalveren voor rosevlees of roodvlees (kalveren van ca. 14 dagen tot ca. 3 maanden die op gespecialiseerde bedrijven worden gehouden en vervolgens op een ander bedrijf als rosevleeskalf of roodvleesstier worden gehouden)

115

G

Alle

1,2

10,5

3,4

-

Rosevleeskalveren van ca. 3 tot ca. 8 maanden (kalveren van ca. 3 maanden en ouder die hiervoor zijn gehouden als startkalf, gehouden worden op een rantsoen van melk en andere voeders en op een leeftijd van ca. 8 maanden worden geslacht)

116

G

Alle

3,3

26,3

9,4

-

Roodvleesstieren van ca. 3 maanden tot de slacht (inclusief ossen en vrouwelijke dieren die op deze wijze worden gemest)

122

G

Drijfmest Vaste mest

4,2 2,2

28,2 25,6

9,7 9,7

-

Weide- en zoogkoeien (koeien die ten minste eenmaal hebben gekalfd niet zijnde melk- en kalfkoeien)

120

G

Drijfmest Vaste mest

11,2 5,3

75,4 75,3

26,9 26,9

-

Fokstieren (stieren van 1 jaar en ouder)

104

G

Alle

7,6

72,2

25,9

-

Schaap

55

Schapen voor de vlees- en melkproductie (alle vrouwelijke schapen die ten minste eenmaal hebben gelammerd, inclusief alle schapen tot ca. 4 maanden, voor zover gehouden op het bedrijf waar deze schapen geboren zijn en rammen)

550

G

Alle

0,5

9,9

3,3

-

Vleesschapen tot ca. 4 maanden, gehouden op bedrijven waar ze niet zijn geboren

551

G

Alle

0,15

0,9

0,3

-

Opfokooien, weideschapen en vleesschapen van ca. 4 maanden en ouder

552

G

Alle

-6

7,2

2,2

-

Diersoort en -categorie 1

Diercategorie nummer

Rund

10

Melk- en kalfkoeien (alle koeien die ten minste eenmaal hebben gekalfd en die voor de melkproductie of de fokkerij worden gehouden; ook koeien die drooggezet zijn en koeien die worden vetgemest en in de mesttijd worden gemolken)

100

G

Jongvee jonger dan 1 jaar voor de melkveehouderij, en vrouwelijke opfokkalveren voor de vleesveehouderij tot 1 jaar.

101

G

Jongvee van 1 jaar en ouder (alle runderen van 1 jaar en ouder inclusief overig vleesvee, maar met uitzondering van roodvleesstieren en fokstieren)

102

Witvleeskalveren van ca. 14 dagen tot ca. 8 maanden (kalveren van ca. 14 dagen en ouder die gehouden worden op een rantsoen van hoofdzakelijk melk en op een leeftijd van ca. 8 maanden worden geslacht)

Graasdier / Staldier Stalsysteem

03 van 06

Mestbeleid 2018 Tabellen

Tabel 4 – Januari 2018

Excretie per dier in de periode van 1 aug. tot 1 maart

Excretie per dier per jaar

Graasdier / Staldier Stalsysteem

m3 2

kg stikstof 3

kg fosfaat 4

Stikstofcorrectie kg/dier/ jaar 5

600

G

Alle

0,76

10,2

4,37

-

Opfokgeiten en vleesgeiten tot ca. 4 maanden

601

G

Alle

0,06

0,9

0,4

-

Opfokgeiten en vleesgeiten van ca. 4 maanden en ouder

602

G

Alle

0,43

7,4

3,1

-

Paard

94

Pony's (dieren met een schofthoogte tot 1,56 meter en inclusief veulens tot 6 maanden)

941

G

Alle

4,4

29,3

11,7

-

Paarden (dieren met een schofthoogte vanaf 1,56 meter en inclusief veulens tot 6 maanden)

943

G

Alle

7,8

53,7

22,4

-

Ezel

96 G

Alle

3,6

19,3

8,4

-

Diersoort en -categorie 1

Diercategorie nummer

Geit

60

Melkgeiten (alle vrouwelijke geiten die ten minste eenmaal hebben gelammerd, inclusief pasgeboren lammeren en geslachtsrijpe bokken)

Alle ezels (inclusief veulens tot 6 maanden) Middeneuropees edelhert

97

Hinden gehouden voor de fokkerij inclusief kalveren jonger dan 6 maanden en bijbehorende bokken

971

G

Alle

0,94

18,6

6,7

-

Herten van 6 tot 12 maanden die worden gehouden om te worden geslacht

973

G

Alle

0,44

8,6

2,8

-

Herten van 12 maanden en ouder die worden gehouden om te worden geslacht

974

G

Alle

1,09

21,4

6,4

-

Damhert

98

Hinden gehouden voor de fokkerij inclusief kalveren jonger dan 3 maanden en bijbehorende bokken

981

G

Alle

1,31

11,8

3,4

-

Alle herten van 3 maanden en ouder die worden gehouden om te worden geslacht

982

G

Alle

0,81

9,7

2,4

-

Waterbuffel

99

Waterbuffelkoeien (alle waterbuffelkoeien die ten minste eenmaal hebben gekalfd en die voor de melkproductie of de fokkerij worden gehouden; ook waterbuffelkoeien die droog gezet zijn of worden vetgemest en in de mesttijd worden gemolken)

991

G

Alle

11,5

76,5

29,9

-

Waterbuffeljongvee (alle jongvee van waterbuffels tot een leeftijd van 2 jaar)

992

G

Alle

4,3

28,7

10,1

-

04 van 06

Mestbeleid 2018 Tabellen

Diersoort en -categorie 1

Diercategorie nummer

Varken

40

Fokzeugen waarvan de gespeende biggen op een ander bedrijf worden gehouden (ten minste eenmaal gedekte of geïnsemineerde zeugen, guste zeugen, gedekte maar nog niet drachtige zeugen, drachtige zeugen, zeugen met biggen, zeugen waarvan de biggen gespeend zijn en waarvan de gespeende biggen aan een ander bedrijf worden geleverd).

400

Fokzeugen inclusief biggen tot een gewicht van 25 kg (ten minste éénmaal gedekte of geïnsemineerde zeugen, guste zeugen, gedekte maar nog niet drachtige zeugen, drachtige zeugen, zeugen met biggen, waarvan de biggen worden gehouden tot een gewicht van ca. 25 kg.

401

Opfokzeugen en –beren van ca 25 kg tot geslachtsrijpheid

404

Dekberen en zoekberen, geslachtsrijp

Gespeende biggen tot ca 25 kg zonder moederdier op eigen bedrijf

Vleesvarkens

406

407

411

Tabel 4 – Januari 2018

Excretie per dier in de periode van 1 aug. tot 1 maart

Excretie per dier per jaar

Graasdier / Staldier Stalsysteem

m3 2

kg stikstof 3

kg fosfaat 4

Stikstofcorrectie kg/dier/ jaar 5

S

Vaste mest, emissie-arm

1,03

(19,6)

-

2,1

Vaste mest, overig

1,03

(17,9)

-

3,8

Drijfmest, emissie-arm

1,4

(19,7)

-

2,0

Drijfmest, overig

1,4

(17,2)

-

4,5

Vaste mest, emissie-arm

2,0

(27,4)

-

2,9

Vaste mest, overig

2,0

(25,0)

-

5,3

Drijfmest, emissie-arm

2,5

(27,5)

-

2,8

Drijfmest, overig

2,5

(24,1)

-

6,2

Vaste mest, emissie-arm

0,81

(13,9)

-

1,6

Vaste mest, overig

0,81

(12,6)

-

3,0

Drijfmest, emissie-arm

0,91

(13,3)

-

2,3

Drijfmest, overig

0,91

(11,1)

-

4,5

Vaste mest, emissie-arm

1,3

(20,1)

-

3,5

Vaste mest, overig

1,3

(19,1)

-

4,5

Drijfmest, emissie-arm

1,8

(19,7)

-

3,9

Drijfmest, overig

1,8

(18,4)

-

5,2

Vaste mest, emissie-arm

0,25

(3,5)

-

0,4

Vaste mest, overig

0,25

(3,2)

-

0,7

Drijfmest, emissie-arm

0,3

(3,5)

-

0,4

Drijfmest, overig

0,3

(3,1)

-

0,8

Vaste mest, emissie-arm

0,71

(11,1)

-

1,3

Vaste mest, overig

0,71

(10,1)

-

2,3

Drijfmest, emissie-arm

0,75

(10,6)

-

1,8

Drijfmest, overig

0,75

(8,9)

-

3,5

S

S

S

S

S

05 van 06

Mestbeleid 2018 Tabellen

Diersoort en -categorie 1

Diercategorie nummer

Kip

30

Leghennen en (groot)ouderdieren jonger dan 18 weken

300

Leghennen en (groot)ouderdieren 18 weken en ouder

301

Tabel 4 – Januari 2018

Excretie per dier in de periode van 1 aug. tot 1 maart

Excretie per dier per jaar

Graasdier / Staldier Stalsysteem

m3 2

kg stikstof 3

kg fosfaat 4

Stikstofcorrectie kg/dier/ jaar 5

S

Drijfmest

0,012

(0,25)

-

0,10

Deeppitstal

0,004

(0,10)

-

0,24

Alle mestbanden

0,007

(0,27)

-

0,09

Volièrestal

0,009

(0,23)

-

0,12

Overig

0,007

(0,16)

-

0,18

Drijfmest

0,025

(0,54)

-

0,23

Deeppitstal

0,006

(0,19)

-

0,58

Alle mestbanden

0,014

(0,58)

-

0,19

Volièrestal

0,018

(0,42)

-

0,34

S

Overig

0,015

(0,37)

-

0,40

(Groot)ouderdieren van vleeskuikens jonger dan 20 weken

310

S

Alle

0,004

(0,10)

-

0,26

(Groot)ouderdieren van vleeskuikens 20 weken en ouder

311

S

Emissie-arm

0,018

(0,68)

-

0,44

Overig

0,018

(0,45)

-

0,67

Vleeskuikens (kippen die worden gehouden voor de slacht)

312

Emissie-arm

0,011

(0,45)

-

0,05

Overig

0,011

(0,35)

-

0,15

Kalkoen

20

Jonge kalkoenen (hennen en hanen voor de productie van broedeieren van ca. 0 weken tot ca. 6 weken, gehouden op een quarantainebedrijf)

200

S

Alle

0,011

(0,24)

-

0,21

Opfokkalkoenen (hennen en hanen voor de productie van broedeieren van ca. 6 weken tot ca. 30 weken, gehouden op een opfokbedrijf)

201

S

Alle

0,071

(1,60)

-

0,85

Kalkoenen ouderdieren (hennen en hanen voor de productie van broedeieren van ca. 30 weken en ouder)

202

S

Alle

0,073

(1,62)

-

0,85

Vleeskalkoenen (kalkoenen die worden gehouden voor de slacht)

210

S

Alle

0,048

(0,99)

-

0,78

Nerts

75 S

Alle

0,039

(2,0)

-

0,2

Fokteven (alle vrouwelijke dieren, die tenminste eenmaal zijn gedekt, met bijbehorende reuen en jongen, en nertsen voor pelsproductie)

S

Konijn

90

Voedsters (alle vrouwelijke dieren die tenminste eenmaal zijn gedekt, met bijbehorende zogende jongen, opfokkonijnen en fokrammen)

900

S

Alle

0,126

(1,13)

-

1,58

Vleeskonijnen (alle jonge konijnen die na het spenen zijn bestemd voor de vleesproductie)

901

S

Alle

0,025

(0,30)

-

0,42

06 van 06

Mestbeleid 2018 Tabellen

Tabel 4 – Januari 2018

Excretie per dier in de periode van 1 aug. tot 1 maart

Excretie per dier per jaar

Diercategorie nummer

Graasdier / Staldier Stalsysteem

m3 2

kg stikstof 3

kg fosfaat 4

Stikstofcorrectie kg/dier/ jaar 5

8 Rattus norvegicus (Bruine rat), Mus musculus (Tamme muis), Cavia porcellus (Cavia), Mesocricetus auratus (Goudhamster), Meriones unguiculatus (Gerbil) (vrouwelijke geslachtsrijpe dieren)

15

S

Alle

0,054

(0,65)

-

0,65

Vleeseenden (eenden die worden gehouden voor de slacht)

801

S

Vaste mest

0,028

(0,38)

-

0,38

Drijfmest

0,081

(0,60)

-

0,17

Ouderdieren van vleeseenden in opfok (opfokperiode tot 20 weken)

802

S

Vaste mest

0,037

(0,44)

Drijfmest

0,110

(0,72)

-

0,22

Ouderdieren van vleeseenden (legperiode vanaf 20 weken)

803

S

Vaste mest

0,045

(0,53)

-

0,58

Drijfmest

0,130

(0,85)

-

0,26

8 Struthio camelus (Struisvogel), Dromaius novaehollandiae (Emoe) en Rhea Americana (Nandoe) (vrouwelijke geslachtsrijpe dieren)

25

S

Alle

0,56

(12,3)

-

12,3

8 Anser cygnoides (Knobbelgans) en Anser anser (Grauwe gans) (alle geslachtsrijpe vrouwelijke ganzen)

28

S

Alle

0,086

(3,2)

-

3,2

8 Phasianus colchicus (Fazant), Perdix perdix (Patrijs) (vrouwelijke geslachtsrijpe dieren)

35

S

Alle

0,006

(0,12)

-

0,12

8 Columbia livia (Vleesduif), Numida meleagris (Helmparelhoen), (vrouwelijke geslachtsrijpe dieren en voor vleesduiven ook de vleeskuikens)

37

S

Emissie-arm

0,009

(0,46)

-

0,036

Overig

0,009

(0,42)

-

0,078

Diersoort en -categorie 1

Overige diersoorten

0,49

G = graasdier S = staldier 1 Als de omschrijving van de categorieën niet aansluit bij de voorkomende situatie, dan hanteert u de forfaits van de categorie die het best aansluit bij de voorkomende situatie. 2 Normen voor de berekening van de benodigde opslagcapaciteit dierlijke mest. 3 Gehalten voor de berekening van de mestproductie van graasdieren. Voor staldieren gebruikt u deze gehalten (cursief) alleen voor de berekening van de eventuele vrijstelling van de registratie- en/of administratieve verplichtingen. 4 Gehalten voor de berekening van de mestproductie van graasdieren. Voor staldieren niet van toepassing.

5 Gehalten voor de berekening van de totale stikstofcorrectie (gasvormige verliezen) als onderdeel van de stalbalans. Voor graasdieren niet van toepassing. Voor graasdieren is de stikstofcorrectie al meegenomen in de forfaitaire stikstofexcretie (kg stikstof per dier per jaar). 6 De mestproductie van deze dieren (voor de berekening van de benodigde opslagcapaciteit) is al verrekend in het forfait van de fokschapen. 7 Ingeval van melkgeiten gehouden op door SKAL als biologisch gecertificeerde bedrijven is het getal 4,1 in plaats van 4,3. 8 De gehalten zijn inclusief jongen en mannelijke dieren. Voor de berekening van de mestproductie telt u alleen de geslachtsrijpe vrouwelijke dieren.

Mestbeleid 2018

Tabellen

01 van 02

Tabel 6 – Januari 2018

Tabel 6 Stikstof- en fosfaatproductiegetallen per melkkoe 2018 (drijfmest en vaste mest) Waarvoor gebruiken?

Melkproductie en ureumgehalte

De normen gebruikt u voor zowel de berekening van de minimumopslagcapaciteit die u nodig heeft als de mestproductie van melkkoeien.

De gemiddelde melkproductie per melkkoe bepaalt u door de hoeveelheid koemelk die in het jaar op uw bedrijf is geproduceerd, te delen door het gemiddeld aantal melkkoeien dat u in het jaar op uw bedrijf heeft. Hiervoor gebruikt u de hoeveelheid koemelk die op het bedrijf is geproduceerd.

Mestproductie per dier in m3 De normen voor de mestproductie per melkkoe in de periode van 1 augustus tot 1 maart in m3 gebruikt u voor de berekening van de opslagcapaciteit die u nodig heeft voor dierlijke mest voor de betreffende periode.

Mestproductie per graasdier in kilo’s stikstof en fosfaat De normen voor de mestproductie per melkkoe in kilo’s stikstof en fosfaat gebruikt u voor de berekening van de totale mestproductie op uw bedrijf. Daarbij maakt u onderscheid tussen drijfmest en vaste mest. De stikstofnormen kunt u ook gebruiken voor de berekening van de eventuele vrijstelling van de registratie- en/of administratieverplichtingen die geldt bij onder andere een stikstofproductie kleiner dan 350 kilo.

Hoe te gebruiken? De stikstofexcretie is afhankelijk van de melkproductie (in kilo’s melk per koe per jaar) en het ureumgehalte (in milligram per 100 gram melk). De fosfaatexcretie is afhankelijk van de melkproductie. Voor de berekening van de totale mestproductie van melkkoeien vermenigvuldigt u het gemiddeld aantal melkkoeien dat u in het jaar op uw bedrijf heeft met de bijbehorende forfaitaire norm.

Handreiking bedrijfsspecifieke excretie melkvee Als u als melkveehouder wilt afwijken van de excretieforfaits dan kunt u gebruikmaken van de Handreiking bedrijfsspecifieke excretie melkvee. Op onze website vindt u de actuele versie van de Handreiking.

Biologisch bedrijf Heeft u een biologisch bedrijf dat is geregistreerd bij de Stichting Skal en houdt u melkkoeien? Dan gebruikt u niet de stikstofexcretienormen uit deze tabel. U moet dan gebruikmaken van de excretienormen voor stikstof uit de bijlage van de Regeling dierlijke producten. Voor de berekening van de fosfaatexcretie gebruikt u wel de normen uit deze tabel.

Mestbeleid 2018

02 van 02

Tabellen

Tabel 6 – Januari 2018

Tabel 6a Excretieforfaits per melkkoe drijfmest 2018 Stikstof- en fosfaatexcretie per koe (in kg stikstof en kg fosfaat per jaar) en mestproductie (in m3 mest per zeven maanden).

Melkproductie in kg melk per koe per jaar

Ureumgehalte in mg/100 g 27

28

29

30

31

32

33

34

35

36

37

38

39

40

>40

Fosfaatexcretie (kg)

97,5

99,0

100,5

102,5

104,0

105,5

107,0

109,0

110,5

112,0

114,0

115,5

117,0

118,5

120,5

122,0

32,4

12,1

102,0

103,5

105,5

107,0

108,5

110,5

112,0

113,5

115,0

117,0

118,5

120,0

122,0

123,5

125,0

127,0

34,0

12,6

104,0

106,0

107,5

109,0

111,0

112,5

114,0

115,5

117,5

119,0

120,5

122,5

124,0

125,5

127,5

129,0

34,8

12,9

104,5

106,5

108,0

109,5

111,5

113,0

114,5

116,0

118,0

119,5

121,0

123,0

124,5

126,0

128,0

129,5

131,0

35,5

13,1

105,0

107,0

108,5

110,0

112,0

113,5

115,0

116,5

118,5

120,0

121,5

123,5

125,0

126,5

128,5

130,0

131,5

133,0

36,2

13,4

105,5

107,5

109,0

110,5

112,5

114,0

115,5

117,0

119,0

120,5

122,0

124,0

125,5

127,0

129,0

130,5

132,0

133,5

135,5

36,9

13,6

106,0

108,0

109,5

111,0

113,0

114,5

116,0

117,5

119,5

121,0

122,5

124,5

126,0

127,5

129,5

131,0

132,5

134,0

136,0

137,5

37,7

13,9

106,5

108,5

110,0

111,5

113,5

115,0

116,5

118,5

120,0

121,5

123,0

125,0

126,5

128,0

130,0

131,5

133,0

134,5

136,5

138,0

139,5

38,4

14,1

107,0

109,0

110,5

112,0

114,0

115,5

117,0

119,0

120,5

122,0

123,5

125,5

127,0

128,5

130,5

132,0

133,5

135,0

137,0

138,5

140,0

142,0

39,1

14,4

109,5

111,0

112,5

114,5

116,0

117,5

119,5

121,0

122,5

124,0

126,0

127,5

129,0

131,0

132,5

134,0

135,5

137,5

139,0

140,5

142,5

144,0

39,8

14,6

110,0

111,5

113,0

115,0

116,5

118,0

120,0

121,5

123,0

124,5

126,5

128,0

129,5

131,5

133,0

134,5

136,0

138,0

139,5

141,0

143,0

144,5

146,0

40,6

14,9

110,5

112,0

113,5

115,5

117,0

118,5

120,5

122,0

123,5

125,0

127,0

128,5

130,0

132,0

133,5

135,0

136,5

138,5

140,0

141,5

143,5

145,0

146,5

148,5

41,3

15,1

111,0

112,5

114,0

116,0

117,5

119,0

121,0

122,5

124,0

125,5

127,5

129,0

130,5

132,5

134,0

135,5

137,0

139,0

140,5

142,0

144,0

145,5

147,0

149,0

150,5

42,0

15,4

113,0

114,5

116,5

118,0

119,5

121,5

123,0

124,5

126,0

128,0

129,5

131,0

133,0

134,5

136,0

137,5

139,5

141,0

142,5

144,5

146,0

147,5

149,5

151,0

152,5

42,7

15,6

113,5

115,0

117,0

118,5

120,0

122,0

123,5

125,0

126,5

128,5

130,0

131,5

133,5

135,0

136,5

138,0

140,0

141,5

143,0

145,0

146,5

148,0

150,0

151,5

153,0

154,5

43,5

15,9

114,0

115,5

117,5

119,0

120,5

122,5

124,0

125,5

127,0

129,0

130,5

132,0

134,0

135,5

137,0

138,5

140,5

142,0

143,5

145,5

147,0

148,5

150,5

152,0

153,5

155,0

157,0

44,2

16,1

114,5

116,0

118,0

119,5

121,0

123,0

124,5

126,0

127,5

129,5

131,0

132,5

134,5

136,0

137,5

139,0

141,0

142,5

144,0

146,0

147,5

149,0

151,0

152,5

154,0

155,5

157,5

159,0

44,9

16,4

116,5

118,5

120,0

121,5

123,5

125,0

126,5

128,0

130,0

131,5

133,0

135,0

136,5

138,0

139,5

141,5

143,0

144,5

146,5

148,0

149,5

151,5

153,0

154,5

156,0

158,0

159,5

161,0

45,6

16,6

117,0

119,0

120,5

122,0

124,0

125,5

127,0

128,5

130,5

132,0

133,5

135,5

137,0

138,5

140,0

142,0

143,5

145,0

147,0

148,5

150,0

152,0

153,5

155,0

156,5

158,5

160,0

161,5

163,5

46,4

16,9

10.125 - 10.374

119,5

121,0

122,5

124,5

126,0

127,5

129,0

131,0

132,5

134,0

136,0

137,5

139,0

141,0

142,5

144,0

145,5

147,5

149,0

150,5

152,5

154,0

155,5

157,0

159,0

160,5

162,0

164,0

165,5

47,1

17,1

10.375 - 10.624

121,5

123,0

125,0

126,5

128,0

129,5

131,5

133,0

134,5

136,5

138,0

139,5

141,5

143,0

144,5

146,0

148,0

149,5

151,0

153,0

154,5

156,0

157,5

159,5

161,0

162,5

164,5

166,0

167,5

47,8

17,4

> 10.624

126,0

127,5

129,0

130,5

132,5

134,0

135,5

137,5

139,0

140,5

142,5

144,0

145,5

147,0

149,0

150,5

152,0

154,0

155,5

157,0

158,5

160,5

162,0

163,5

165,5

167,0

168,5

170,5

172,0

49,3

17,9

Mestproductie (m3 per 7 mnd)

<14

14

15

16

17

18

19

20

21

22

23

24

25

< 5.624

76,0

77,5

79,0

81,0

82,5

84,0

86,0

87,5

89,0

90,5

92,5

94,0

95,5

5.625 - 5.874

80,5

82,5

84,0

85,5

87,0

89,0

90,5

92,0

94,0

95,5

97,0

99,0

100,5

5.875 - 6.124

83,0

84,5

86,0

87,5

89,5

91,0

92,5

94,5

96,0

97,5

99,5

101,0

102,5

6.125 - 6.374

85,0

86,5

88,0

90,0

91,5

93,0

95,0

96,5

98,0

100,0

101,5

103,0

6.375 - 6.624

87,0

89,0

90,5

92,0

93,5

95,5

97,0

98,5

100,5

102,0

103,5

6.625 - 6.874

89,5

91,0

92,5

94,0

96,0

97,5

99,0

101,0

102,5

104,0

6.875 - 7.124

91,5

93,0

94,5

96,5

98,0

99,5

101,5

103,0

104,5

7.125 - 7.374

93,5

95,0

97,0

98,5

100,0

102,0

103,5

105,0

7.375 - 7.624

95,5

97,5

99,0

100,5

102,5

104,0

105,5

7.625 - 7.874

98,0

99,5

101,0

103,0

104,5

106,0

107,5

7.875 - 8.124

100,0

101,5

103,5

105,0

106,5

108,0

8.125 - 8.374

102,0

104,0

105,5

107,0

108,5

8.375 - 8.624

104,5

106,0

107,5

109,0

8.625 - 8.874

106,5

108,0

109,5

111,5

8.875 - 9.124

108,5

110,0

112,0

9.125 - 9.374

111,0

112,5

9.375 - 9.624

113,0

9.625 - 9.874

115,0

9.875 - 10.124

26

Mestproductie (m3 per 7 mnd)

Tabel 6b Excretieforfaits per melkkoe vaste mest 2018 Stikstof- en fosfaatexcretie per koe (in kg stikstof en kg fosfaat per jaar) en mestproductie (in m3 mest per zeven maanden).

Melkproductie in kg melk per koe per jaar

Ureumgehalte in mg/100 g 37

38

39

40

>40

Fosfaatexcretie (kg)

97,5

99,0

100,5

102,0

103,5

105,0

32,4

6,2

102,0

103,0

104,5

106,0

107,5

109,0

34,0

6,5

103,5

105,0

106,5

108,0

109,5

110,5

34,8

6,6

104,0

105,5

107,0

108,5

109,5

111,0

112,5

35,5

6,7

104,5

106,0

107,5

108,5

110,0

111,5

113,0

114,5

36,2

6,8

105,0

106,5

107,5

109,0

110,5

112,0

113,5

115,0

116,0

36,9

7,0

107,0

108,0

109,5

111,0

112,5

114,0

115,0

116,5

118,0

37,7

7,1

107,0

108,5

110,0

111,5

113,0

114,5

115,5

117,0

118,5

120,0

38,4

7,2

107,5

109,0

110,5

112,0

113,5

114,5

116,0

117,5

119,0

120,5

122,0

39,1

7,3

108,0

109,5

111,0

112,5

113,5

115,0

116,5

118,0

119,5

121,0

122,0

123,5

39,8

7,5

108,5

110,0

111,5

112,5

114,0

115,5

117,0

118,5

120,0

121,0

122,5

124,0

125,5

40,6

7,6

109,0

110,5

111,5

113,0

114,5

116,0

117,5

119,0

120,0

121,5

123,0

124,5

126,0

127,5

41,3

7,7

109,5

111,0

112,0

113,5

115,0

116,5

118,0

119,0

120,5

122,0

123,5

125,0

126,5

127,5

129,0

42,0

7,8

110,0

111,0

112,5

114,0

115,5

117,0

118,5

119,5

121,0

122,5

124,0

125,5

126,5

128,0

129,5

131,0

42,7

8,0

111,5

113,0

114,5

116,0

117,5

118,5

120,0

121,5

123,0

124,5

126,0

127,0

128,5

130,0

131,5

133,0

43,5

8,1

112,0

113,5

115,0

116,5

117,5

119,0

120,5

122,0

123,5

125,0

126,0

127,5

129,0

130,5

132,0

133,5

134,5

44,2

8,2

112,5

114,0

115,5

116,5

118,0

119,5

121,0

122,5

124,0

125,0

126,5

128,0

129,5

131,0

132,5

133,5

135,0

136,5

44,9

8,4

113,0

114,5

116,0

117,0

118,5

120,0

121,5

123,0

124,0

125,5

127,0

128,5

130,0

131,5

132,5

134,0

135,5

137,0

138,5

45,6

8,5

113,5

115,0

116,0

117,5

119,0

120,5

122,0

123,5

124,5

126,0

127,5

129,0

130,5

131,5

133,0

134,5

136,0

137,5

139,0

140,0

46,4

8,6

114,0

115,0

116,5

118,0

119,5

121,0

122,5

123,5

125,0

126,5

128,0

129,5

131,0

132,0

133,5

135,0

136,5

138,0

139,0

140,5

142,0

47,1

8,7

114,0

115,5

117,0

118,5

120,0

121,5

122,5

124,0

125,5

127,0

128,5

130,0

131,0

132,5

134,0

135,5

137,0

138,5

139,5

141,0

142,5

144,0

47,8

8,9

118,0

119,5

120,5

122,0

123,5

125,0

126,5

128,0

129,0

130,5

132,0

133,5

135,0

136,5

137,5

139,0

140,5

142,0

143,5

145,0

146,0

147,5

49,3

9,1

<14

14

15

16

17

18

19

20

21

22

23

24

25

26

27

28

29

30

31

32

33

34

35

< 5.624

65,0

66,5

68,0

69,5

71,0

72,5

73,5

75,0

76,5

78,0

79,5

80,5

82,0

83,5

85,0

86,5

88,0

89,0

90,5

92,0

93,5

95,0

96,5

5.625 - 5.874

69,5

70,5

72,0

73,5

75,0

76,5

77,5

79,0

80,5

82,0

83,5

85,0

86,0

87,5

89,0

90,5

92,0

93,5

94,5

96,0

97,5

99,0

100,5

5.875 - 6.124

71,0

72,5

74,0

75,5

77,0

78,0

79,5

81,0

82,5

84,0

85,0

86,5

88,0

89,5

91,0

92,5

93,5

95,0

96,5

98,0

99,5

101,0

102,0

6.125 - 6.374

73,0

74,5

76,0

77,0

78,5

80,0

81,5

83,0

84,5

85,5

87,0

88,5

90,0

91,5

92,5

94,0

95,5

97,0

98,5

100,0

101,0

102,5

6.375 - 6.624

75,0

76,0

77,5

79,0

80,5

82,0

83,5

84,5

86,0

87,5

89,0

90,5

92,0

93,0

94,5

96,0

97,5

99,0

100,0

101,5

103,0

6.625 - 6.874

76,5

78,0

79,5

81,0

82,5

83,5

85,0

86,5

88,0

89,5

91,0

92,0

93,5

95,0

96,5

98,0

99,5

100,5

102,0

103,5

6.875 - 7.124

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=GemeenteBergeijk&id=6d4fbde7-1512-406d-9044-ad679b449678