Bijlage 3 Uitvoeringsovereenkomst BIZ definitieve versie 26 juli 2024
Tekst van het document
Uitvoeringsovereenkomst Bedrijveninvesteringszone vastgoed centrum Bergeijk Ondergetekenden, De gemeente Bergeijk, hierbij op grond van artikel 171, eerste lid, van de Gemeentewet rechtsgeldig vertegenwoordigd door mevrouw A. Callewaert, burgemeester, handelend ter uitvoering van het besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergeijk d.d. 13 augustus 2024, hierna verder te noemen “de gemeente”; en De Vereniging BIZ vastgoed centrum Bergeijk, gevestigd te Bergeijk, Eikendreef 8, 5571 AL, hierbij rechtsgeldig vertegenwoordigd door haar voorzitter, de heer H.M.T.G. Gijsbers, en haar penningmeester, mevrouw N. Franken.
hierna te noemen “de Vereniging”, Hierna gezamenlijk genoemd ‘Partijen’ nemen in overweging dat, • de Vereniging kenbaar heeft gemaakt voor het gebied van het centrum van Bergeijk, zoals bedoeld in artikel 3 van deze overeenkomst, te willen komen tot de instelling van een bedrijveninvesteringszone, zoals bedoeld in de Wet op de bedrijveninvesteringszones (hierna: BIZ-wet) de gemeente heeft verzocht hieraan medewerking te verlenen; • de Vereniging uitsluitend als statutaire doelstelling heeft het uitvoeren van activiteiten in de openbare ruimte en op het internet, die gericht zijn op het bevorderen van de leefbaarheid of de veiligheid in de bedrijveninvesteringszone of de ruimtelijke kwaliteit of de economische ontwikkeling van de bedrijveninvesteringszone, zoals bedoeld in artikel 1, tweede lid, van de BIZ-wet; • de Vereniging het Businessplan BIZ Vastgoed centrum Bergeijk 2025 – 2029 heeft opgesteld, dat bij deze overeenkomst is toegevoegd, waarin zij aangeeft hoe zij voornemens is de BIZ-subsidie te besteden; • de Vereniging voldoet aan de vereisten, zoals gesteld in artikel 7 van de BIZ-wet; • de Vereniging de gelden voor de bedrijveninvesteringszone naar eer en geweten zal beheren en ter bekostiging daarvoor jaarlijks bij het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergeijk een subsidieaanvraag zal indienen; • ondergetekenden, mede gelet op de inzet van
publieke gelden, te allen tijde een transparante werkwijze zullen hanteren, zoals gesteld in artikel 8 van de BIZ-wet; • de gemeente de voorbereiding van de bedrijveninvesteringszone faciliteert conform de Wet op de bedrijveninvesteringszones; • de gemeenteraad wordt voorgesteld de nieuwe Verordening Bedrijveninvesteringszone vastgoed centrum Bergeijk 2025 – 2029 vast te stellen onder voorwaarde dat er sprake is van voldoende steun als bedoeld in artikel 4 van de BIZ-wet; • de gemeente Bergeijk bij de uitvoering van deze overeenkomst te allen tijden haar publiekrechtelijke verantwoordelijkheid behoudt; • Partijen thans een uitvoeringsovereenkomst als bedoeld in artikel 7, derde lid, BIZwet en artikel 4:36 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) wensen af te sluiten. en komen het volgende overeen:
2
1. Begrippen In deze overeenkomst wordt verstaan onder: a. Belastingobject: de onroerende zaak bedoeld in artikel 16 van de Wet waardering onroerende zaken; b. Bijdrageplichtige: de eigenaar, zijnde degene die bij het begin van het kalenderjaar het genot krachtens eigendom, bezit of beperkt recht heeft van een in de bedrijveninvesteringszone gelegen belastingobject (artikel 1, derde lid onder a, van de Wet); c. BIZ: bedrijveninvesteringszone; d. BIZ-bijdragen: bestemmingsbelasting die op verzoek van eigenaren jaarlijks wordt geheven om met de opbrengst activiteiten te realiseren als bedoeld in artikel 1, tweede lid, van de Wet; e. BIZ-subsidie: de op basis van de Verordening en de Wet te verlenen subsidie voor de bedrijveninvesteringszone; f. Businessplan: Businessplan BIZ Vastgoed centrum Bergeijk 2025 – 2029; g. College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergeijk; h. Gebied: de aangewezen bedrijveninvesteringszone in de gemeente waarbinnen de BIZbijdrage wordt geheven; i. Vereniging: Vereniging BIZ vastgoed centrum Bergeijk, als bedoeld in artikel 7 van de Wet. j. Verordening: Verordening Bedrijveninvesteringszone vastgoed centrum Bergeijk 2025 2029; k. Wet: de Wet op de bedrijveninvesteringszones (BIZ-wet). 2.
Doel van de overeenkomst De overeenkomst is gebaseerd op artikel 7, lid 1, lid 3 en lid 5 van de Wet en beoogt de afspraken tussen Partijen te regelen met betrekking tot de instelling van een BIZ in het onder artikel 3 genoemde gebied in de gemeente Bergeijk. Verder worden de afspraken en verplichtingen tussen Partijen om te komen tot uitvoering van de BIZ, de dienstverlening door de gemeente in deze BIZ alsmede de verlening van een BIZ-subsidie in de overeenkomst vastgelegd. 3. Omschrijving van het gebied waarop deze overeenkomst betrekking heeft Het gebied waarvoor de BIZ wordt ingesteld is afgebakend op de kaart die als bijlage bij de Verordening is toegevoegd. 4. Duur van de overeenkomst 1. Deze uitvoeringsovereenkomst wordt aangegaan voor een periode van 1 januari 2025 tot en met 31 december 2029, met inachtneming van artikel 3, 4 en 5 van de Wet. 2. Deze overeenkomst eindigt van rechtswege na afwikkeling van alle rechten en verplichtingen na afloop van het laatste subsidiejaar (2029), tenzij Partijen uiterlijk drie maanden daarvoor schriftelijk besluiten deze te verlengen, een en ander met inachtneming van artikel 3, 4 en 5 van de Wet. 3. Voorts eindigt deze overeenkomst van rechtswege na een besluit daartoe van de gemeenteraad nadat tussentijds is gebleken van onvoldoende steun bij de bijdrageplichtigen, een en ander overeenkomstig artikel 6 van de Wet. 4.
Indien beide Partijen gedurende de looptijd van de overeenkomst, op basis van de (BIZ-) wetgeving of anderszins, de wenselijkheid zien tot tussentijdse aanpassing in de overeenkomst, dan behoort dat tot de mogelijkheden en wordt het gesprek tussen Partijen hierover aangegaan.
3
5. Prestatieafspraken Vereniging De Vereniging: 1. zal zich inspannen voldoende draagvlak te behouden voor de bedrijveninvesteringszone en de te heffen bijdrage; 2. verplicht zich de activiteiten te verrichten waarvoor de BIZ-subsidie wordt verstrekt, een en ander in overeenstemming met artikel 7, lid 3, van de Wet; 3. verplicht zich het activiteitenplan bedoeld in artikel 9, lid 2, van deze overeenkomst uit te voeren in overeenstemming met artikel 1 lid 2 van de Wet; 4. zal geen verplichtingen met financiële gevolgen aangaan die hoger zijn dan de jaarlijkse subsidie van de gemeente, tenzij met schriftelijke instemming vooraf van de gemeente. 5. zal geen verplichtingen met financiële gevolgen aangaan die de looptijd van deze overeenkomst overschrijden, tenzij met schriftelijke instemming vooraf van de gemeente. 6. is zich bewust van het (financiële) risico bij beëindiging van de overeenkomst (artikel 14 overeenkomst) of bij beëindiging van de bedrijveninvesteringszone (artikel 15 overeenkomst); 7. is verplicht het college zo spoedig mogelijk schriftelijk op de hoogte te stellen van: a. meer dan ondergeschikte veranderingen in haar financiële situatie; b. een wijziging van de statuten; c. verandering of beëindiging van activiteiten. 6.
Verantwoordelijkheid gemeente Ten behoeve van een goede uitgangspositie voor het onderhoud van de openbare ruimte verplicht de gemeente Bergeijk zich om tijdens de duur van deze overeenkomst de kwaliteit van het onderhoud en schoonhouden in het gebied, als bedoeld in artikel 3 van deze overeenkomst, minimaal te handhaven op het niveau vastgelegd in de geldende versies van beheer- en beleidsplannen van de gemeente Bergeijk. 7. Verordening Bedrijveninvesteringszone vastgoed centrum Bergeijk 2024 – 2029 1. De gemeenteraad zal uiterlijk in december 2024 worden voorgesteld een verordening vast te stellen, zoals bedoeld in artikel 1 van de Wet. 2. In deze verordening wordt bepaald, dat een BIZ-bijdrage zal worden geheven van eigenaren van de in de BIZ gelegen onroerende zaken, die niet in hoofdzaak tot woning dienen. 3. Het tarief van de BIZ-bijdrage is opgenomen in de Verordening Bedrijven Investeringszone vastgoed centrum Bergeijk 2025 – 2029. 8. Draagvlakmeting 1. De gemeente zal na het vaststellen van de Verordening door de gemeenteraad een draagvlakmeting uitvoeren zoals bedoeld in artikel 4 van de Wet, om te onderzoeken of er voldoende steun bestaat voor de heffing van de BIZ-bijdrage onder de bijdrageplichtigen. 2. Voor het uitvoeren van de draagvlakmeting wordt het ‘reglement draagvlakmeting Bedrijveninvesteringszone gemeente Bergeijk’ aangehouden. 3.
De Vereniging zal zich inspannen om voldoende draagvlak voor de BIZ-bijdrage te creëren. 9. Aanvraag BIZ-subsidie 1. De Vereniging dient jaarlijks voor één oktober een schriftelijke aanvraag om subsidie in bij het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergeijk. 2. In afwijking van het eerste lid wordt voor het jaar 2025 het activiteitenplan en de bijbehorende begroting 2025, zoals opgenomen in het Businessplan BIZ Vastgoed
4
centrum Bergeijk 2025 – 2029 aangemerkt als de in dit artikel bedoelde subsidieaanvraag, zoals bedoeld in artikel 7 van de Wet. 3. De subsidieaanvraag bevat een begroting en een activiteitenplan. In dit activiteitenplan geeft de Vereniging aan welke activiteiten zij voornemens is uit te voeren, die zijn gericht op de openbare ruimte en op het internet, het bevorderen van leefbaarheid of veiligheid in de BIZ of de ruimtelijke kwaliteit of de economische ontwikkeling van de BIZ, zoals beschreven in artikel 1 van de Wet. 10. Hoogte BIZ-subsidie 1. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergeijk verstrekt de subsidie op basis van de te verwachten opbrengst van de BIZ-bijdragen. 2. De subsidie bedraagt het bedrag van de jaarlijks ontvangen BIZ-bijdragen. 3. BIZ-bijdragen die niet geïnd kunnen worden, ten opzichte van de ingeschatte of begrote opbrengst, zijn voor rekening en risico van de Vereniging BIZ vastgoed centrum Bergeijk. 11. Jaarverslag, verantwoording na afloop subsidiejaar 1. Uiterlijk 1 juni van het kalenderjaar na afloop van het subsidiejaar brengt de Vereniging een financieel en inhoudelijk, schriftelijk jaarverslag uit van de door haar gerealiseerde activiteiten. 2. Het financieel deel van het jaarverslag omvat een vastgestelde jaarrekening en dient eveneens uiterlijk 1 juni van het kalenderjaar na afloop van het subsidiejaar te zijn ingediend. 3.
Het inhoudelijk deel van het jaarverslag bevat in ieder geval een verantwoording van de uitvoering van het activiteitenplan en de in deze overeenkomst benoemde prestatieafspraken. 4. De Vereniging kan het college van burgemeester en wethouders schriftelijk en met redenen omkleed om maximaal 8 weken uitstel vragen voor het uitbrengen van de hiervoor genoemde verslagen. Dit verzoek moet uiterlijk een maand voor het verstrijken van de hiervoor genoemde datum bij het college van burgemeester en wethouders worden ingediend. Uiterlijk 2 weken na ontvangst van het verzoek om uitstel beslist het college van burgemeester en wethouders of het verzoek wordt ingewilligd. 5. De gemeente behoudt zich het recht voor om, indien het daar aanleiding toe ziet, voor rekening van de gemeente een, al dan niet aanvullend accountantsonderzoek, te laten verrichten. De Vereniging verleent in dit geval haar volledige medewerking aan dit onderzoek door het beschikbaar stellen van gegevens en anderszins. 12. Bevoorschotting subsidie De gemeente zorgt voor bevoorschotting van de subsidie in twee termijnen, namelijk: • Op 1 januari van het kalenderjaar 75% van de subsidie; • Op 1 juli van het kalenderjaar 25% van de subsidie. 13. Vaststelling subsidie en eindafrekening 1.
Binnen 18 weken na ontvangst van het jaarverslag, conform het bepaalde in artikel 11, stelt het college van burgemeester en wethouders de hoogte van de subsidie over het voorafgaande kalenderjaar definitief vast. 2. Wanneer de BIZ-subsidie niet is besteed, dient onderbouwd te worden wat hiervan de oorzaak is. De hoogte van de subsidie over het voorafgaande kalenderjaar kan gevolglijk lager worden vastgesteld. 3. Of en onder welke voorwaarden toegestaan wordt de reeds verstrekte subsidie in te zetten in een ander jaar, wordt bij de vaststelling bepaald.
5
14. Beëindiging van de overeenkomst 1. Indien één der Partijen tussentijds deze overeenkomst wil beëindigen, dan gelden daarvoor de volgende afspraken: • beëindiging door een der Partijen van deze overeenkomst, kan alleen schriftelijk plaatsvinden door middel van een aangetekende brief met een opzegtermijn van 3 maanden; • deze brief moet zwaarwegende redenen bevatten voor deze beëindiging of stopzetting; • bij geschil over de beëindiging of stopzetting wordt een mediator ingeschakeld door beide Partijen om het gesprek te faciliteren om samen tot een oplossing te komen. 2. Indien de overeenkomst conform deze afspraken wordt beëindigd zal de eindafrekening plaatsvinden naar conform de regels gesteld in artikel 13 van deze overeenkomst; de kosten van mediation worden gelijkelijk verdeeld over de Vereniging en de gemeente. 3. Indien na de eindafrekening als hiervóór onder lid 2 bedoeld een batig saldo overblijft, zal dit door de Vereniging conform haar statuten worden besteed. 4. Indien na de eindafrekening als hiervóór onder lid 2 bedoeld een tekort overblijft, zal dit voor rekening en risico van de Vereniging blijven. 5. Als de beëindiging van de overeenkomst voortvloeit uit de ontbinding van de Vereniging, heeft de afwikkeling van de onderhavige overeenkomst te gelden als (onderdeel van) de vereffening van het vermogen van de Vereniging. 6.
Op de beëindiging van de subsidierelatie zijn de regels van het bestuursrecht van toepassing en is bij een geschil de bestuursrechter bevoegd. 15. Beëindiging van de BIZ 1. De Vereniging kan de gemeente, indien zij voldoet aan de voorwaarden die worden genoemd in artikel 6 van de Wet, verzoeken de Verordening in te trekken. 2. Wanneer de Verordening wordt ingetrokken of van rechtswege komt te vervallen: a. stopt de subsidieverstrekking met ingang van de datum van intrekking van deze verordening; b. zal de eindafrekening plaatsvinden naar deze datum conform de regels gesteld in artikel 13 van deze overeenkomst; c. wordt in overleg getreden over de wijze waarop met deze overeenkomst verder wordt omgegaan. 3. Indien na de eindafrekening als bedoeld in lid 2, onder b, van dit artikel een batig saldo overblijft, zal dit door de Vereniging conform haar statuten worden besteed. 4. Indien na de eindafrekening als bedoeld in lid 2, onder b, van dit artikel een tekort overblijft, zal dit voor rekening en risico van de Vereniging blijven. 16. Opschortende en ontbindende voorwaarden 1. Deze overeenkomst komt tot stand onder de opschortende voorwaarde, dat uit de draagvlakmeting blijkt, dat er voldoende bijdrageplichtige eigenaren instemmen met de invoering van de Verordening, dat wil zeggen dat wordt voldaan aan artikel 5 van de Wet. 2.
Deze overeenkomst wordt voorts aangegaan onder de ontbindende voorwaarde dat de Gemeenteraad de verordening in 2024 zal vaststellen. 3. De gemeente is niet aansprakelijk voor (vertragings)schade ten gevolge van bestuurlijke besluitvorming. In tweevoud opgesteld en ondertekend te Bergeijk op 13 augustus 2024 De gemeente Bergeijk
De Vereniging BIZ vastgoed centrum Bergeijk
6
A. Callewaert
H. Gijsbers
Burgemeester
Voorzitter
N. Franken Penningmeester