CConstaterende datBergeijk
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 2 was-wordt GR VRBZO.pdf

Gemeenteraad 2 november 2021, gemeente BergeijkBij agendapunt: Raadsvoorstel aanpassing Gemeenschappelijke Regeling VRBZO11.862 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Aanpassing Gemeenschappelijke Regeling VRBZO

pagina 1

Was: GR VRBZO 2013 Gewijzigde tekst is geel gearceerd Vervallen tekst is blauw gearceerd

Wordt: GR 2022 Gewijzigde tekst is geel gearceerd Nieuwe tekst is groen gearceerd

Reden van wijziging Verbetering in redactie en hernummerde artikelen worden niet apart toegelicht

Het college van Burgemeester en Wethouders en de burgemeester van de gemeenten Asten, Bergeijk, Best, Bladel, Cranendonck, Deurne, Eersel, Eindhoven, Geldrop-Mierlo, Gemert-Bakel, Heeze-Leende, Helmond, Laarbeek, Nuenen, Oirschot, Reusel-de Mierden, Someren, Son en Breugel, Valkenswaard, Veldhoven en Waalre, ieder voor zover betreft zijn bevoegdheden; overwegende, dat op grond van de Wet veiligheidsregio’s artikel 8 tot vaststelling van de regio-indeling van gemeenten met betrekking tot taken in het kader van de Wet Veiligheidsregio’s de gemeenten Asten, Bergeijk, Best, Bladel, Cranendonck, Deurne, Eersel, Eindhoven, Geldrop-Mierlo, Gemert-Bakel, Heeze-Leende, Helmond, Laarbeek, Nuenen, Oirschot, Reuselde Mierden, Someren, Son en Breugel, Valkenswaard, Veldhoven en Waalre zijn aangewezen tezamen een regio te vormen als bedoeld in artikel 9 van de Wet veiligheidsregio’s;

Het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeenten Asten, Bergeijk, Best, Bladel, Cranendonck, Deurne, Eersel, Eindhoven, Geldrop-Mierlo, Gemert-Bakel, Heeze-Leende, Helmond, Laarbeek, Nuenen, Oirschot, ReuselDe Mierden, Someren, Son en Breugel, Valkenswaard, Veldhoven en Waalre;

Op basis van artikel 9 van de Wet veiligheidsregio’s dienen de colleges een gemeenschappelijke regeling te treffen. De burgemeesters worden hierbij niet genoemd.

dat de gemeenteraad, zoals vereist op grond van artikel 1, tweede en derde lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen, het college toestemming heeft gegeven om een regeling te treffen c.q. te wijzigen;

dat de gemeenteraad, zoals vereist op grond van artikel 1, tweede en derde lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen, het college toestemming heeft gegeven om een regeling te treffen c.q. te wijzigen;

dat de korpschef van het landelijk politiekorps, voor zover het de integrale afstemming van de politietaken ten aanzien van de voorbereiding op rampenbestrijding en crisisbeheersing, het veiligheidsbeleid in de gemeenten en de gemeenschappelijke meldkamer betreft, met instemming kennis genomen heeft van deze gemeenschappelijke regeling;

dat de korpschef van het landelijk politiekorps, voor zover het de integrale afstemming van de politietaken ten aanzien van de voorbereiding op rampenbestrijding en crisisbeheersing, het veiligheidsbeleid in de gemeenten en de gemeenschappelijke meldkamer betreft, met instemming kennis genomen heeft van deze gemeenschappelijke regeling;

Overwegende, dat op grond van artikel 8 van de Wet veiligheidsregio’s tot vaststelling van de regio-indeling van gemeenten met betrekking tot taken in het kader van de Wet Veiligheidsregio’s de gemeenten Asten, Bergeijk, Best, Bladel, Cranendonck, Deurne, Eersel, Eindhoven, Geldrop-Mierlo, Gemert-Bakel, Heeze-Leende, Helmond, Laarbeek, Nuenen, Oirschot, ReuselDe Mierden, Someren, Son en Breugel, Valkenswaard, Veldhoven en Waalre zijn aangewezen tezamen een regio te vormen als bedoeld in artikel 9 van de Wet veiligheidsregio’s;

Versie 14 juni 2021

Aanpassing Gemeenschappelijke Regeling VRBZO dat voornoemde gemeenten, respectievelijk hun bestuursorganen, verplicht zijn gemeenschappelijke regelingen te treffen op grond van artikel 9 van de Wet veiligheidsregio’s; dat deze gemeenschappelijke regeling belast wordt met de wettelijke taken genoemd in artikel 10, juncto de artikelen 25, 32, 35 en 36 van de Wet veiligheidsregio’s dat de gemeenschappelijke regeling wordt belast met het beheer en instandhouding van een gemeenschappelijke meldkamer Brabant-Zuidoost, waarin tenminste is opgenomen een geïntegreerd meldkamersysteem ten behoeve van de meldkamer politie, de meldkamer brandweer en meldkamer ambulancezorg en het radionetwerk C2000; gelet op de Wet veiligheidsregio’s, de Wet ambulancezorg, de Wet publieke gezondheid, de Politiewet 2012, de Gemeentewet en de Wet gemeenschappelijke regelingen; Besluiten: de Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio BrabantZuidoost per 1 januari 2014 te wijzigen, zodat deze komt te luiden als volgt: HOOFDSTUK I (Algemene bepalingen) Instelling en plaats van vestiging. Artikel 1. 1. Er is een rechtspersoonlijkheid bezittend openbaar lichaam, genaamd Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost. 2.

Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost is een regionaal samenwerkingsverband van de gemeenten Asten, Bergeijk, Best, Bladel, Cranendonck, Deurne, Eersel, Eindhoven, Geldrop-Mierlo, Gemert-Bakel, Heeze-Leende, Helmond, Laarbeek, Nuenen c.a., Oirschot, Reusel-de Mierden, Someren, Son en Breugel, Valkenswaard, Veldhoven, Waalre. 3. Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost is gevestigd in Eindhoven. Begripsbepalingen. Artikel 2.

dat voornoemde gemeenten, respectievelijk hun bestuursorganen, verplicht zijn een gemeenschappelijke regeling te treffen op grond van artikel 9 van de Wet veiligheidsregio’s; dat deze gemeenschappelijke regeling belast wordt met de wettelijke taken genoemd in de Wet veiligheidsregio’s

pagina 2

Opsomming artikelen was incompleet.

Met wijziging Politiewet niet langer taak van veiligheidsregio.

gelet op de Wet veiligheidsregio’s, de Wet publieke gezondheid, de Politiewet 2012, de Gemeentewet en de Wet gemeenschappelijke regelingen; Besluiten: de Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio BrabantZuidoost per 1 januari 2022 te wijzigen, zodat deze komt te luiden als volgt:

Vanwege aanwijzing RAV is GGD-BZO hiervoor verantwoordelijk.

HOOFDSTUK I (Algemene bepalingen) Instelling en plaats van vestiging. Artikel 1. 1. Er is een rechtspersoonlijkheid bezittend openbaar lichaam, genaamd Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost. 2. Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost is een regionaal samenwerkingsverband van de gemeenten Asten, Bergeijk, Best, Bladel, Cranendonck, Deurne, Eersel, Eindhoven, Geldrop-Mierlo, Gemert-Bakel, Heeze-Leende, Helmond, Laarbeek, Nuenen c.a., Oirschot, Reusel-De Mierden, Someren, Son en Breugel, Valkenswaard, Veldhoven, Waalre. 3. Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost is gevestigd in Eindhoven. Begripsbepalingen. Artikel 2.

Versie 14 juni 2021

Aanpassing Gemeenschappelijke Regeling VRBZO 1. In deze gemeenschappelijke regeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. Wet: De Wet veiligheidsregio’s; b. gemeenschappelijke regeling: de Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost; c. openbaar lichaam: het openbaar lichaam bedoeld in artikel 1, eerste lid; d. gemeente: één van de in artikel 1, tweede lid, genoemde gemeenten; e. samenwerkingsgebied: het gezamenlijk grondgebied van de in artikel 1, tweede lid, genoemde gemeenten; f. Veiligheidsregio: de Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost als bedoeld in artikel 1, eerste lid van deze gemeenschappelijke regeling; g. Algemeen Bestuur: het Algemeen Bestuur van de Veiligheidsregio; h. Dagelijks Bestuur: het Dagelijks Bestuur van de Veiligheidsregio; i. voorzitter: de voorzitter van het Algemeen Bestuur en het Dagelijks Bestuur van de Veiligheidsregio; j. korpschef: de korpschef als bedoeld in artikel 27 van de Politiewet 2012, deze krachtens mandaat vertegenwoordigd door de politiechef van de eenheid Oost-Brabant; k. hoofdofficier van justitie: de hoofdofficier van justitie als bedoeld in artikel 12, eerste lid van de Wet; l. directeur Veiligheidsregio: het hoofd van de ambtelijke organisatie van het openbaar lichaam; m. directeur Publieke Gezondheid: de functionaris als bedoeld in artikel 32, eerste lid van de Wet; n.

GHOR: de geneeskundige hulpverleningsorganisatie bij rampen als bedoeld in artikel 32, eerste lid van de Wet o. coördinerend gemeentesecretaris: de functionaris als bedoeld in artikel 36 van de Wet; p. directeurenberaad: het beraad als bedoeld in artikel 22 van de Wet;

1. In deze gemeenschappelijke regeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. Wet: De Wet veiligheidsregio’s; b. gemeenschappelijke regeling: de Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost; c. openbaar lichaam: het openbaar lichaam bedoeld in artikel 1, eerste lid; d. gemeente: één van de in artikel 1, tweede lid, genoemde gemeenten; e. samenwerkingsgebied: het gezamenlijk grondgebied van de in artikel 1, tweede lid, genoemde gemeenten; f. Veiligheidsregio: de Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost als bedoeld in artikel 1, eerste lid; g. Algemeen Bestuur: het Algemeen Bestuur van de Veiligheidsregio; h. Dagelijks Bestuur: het Dagelijks Bestuur van de Veiligheidsregio; i. voorzitter: de voorzitter van het Algemeen Bestuur en het Dagelijks Bestuur van de Veiligheidsregio; j. korpschef: de korpschef als bedoeld in artikel 27 van de Politiewet 2012, deze krachtens mandaat vertegenwoordigd door de politiechef van de eenheid Oost-Brabant; k. hoofdofficier van justitie: de hoofdofficier van justitie als bedoeld in artikel 12, eerste lid van de Wet; l. directeur Veiligheidsregio: het hoofd van de ambtelijke organisatie van het openbaar lichaam; m. directeur Publieke Gezondheid: de functionaris als bedoeld in artikel 32, eerste lid van de Wet; n.

GHOR: de geneeskundige hulpverleningsorganisatie bij rampen als bedoeld in artikel 32, eerste lid van de Wet o. coördinerend gemeentesecretaris: de functionaris als bedoeld in artikel 36 van de Wet; p. bevolkingszorg: de regionale organisatie die onder verantwoordelijkheid van de coördinerend gemeentesecretaris bij een crisis belast is met het uitvoeren van aan gemeenten toegewezen processen en belast is met de voorbereiding van die processen;

pagina 3

Ad p (nieuw) Bevolkingszorg was niet eerder onderdeel van GR en was om deze reden eerder ook niet in definitielijst opgenomen. Ad q (nieuw) Directeurenberaad is niet vermeld in Wet en is om deze reden gedefinieerd voor deze gemeenschappelijke regeling.

Versie 14 juni 2021

Aanpassing Gemeenschappelijke Regeling VRBZO

2. Daar waar in de gemeenschappelijke regeling artikelen van de Gemeentewet of van enige andere wet of wettelijke regeling van overeenkomstige toepassing worden verklaard, komen in die artikelen in de plaats van de gemeente, de raad, het college en de burgemeester, onderscheidenlijk: de Veiligheidsregio, het Algemeen Bestuur, het Dagelijks Bestuur en de voorzitter. HOOFDSTUK II (Doel, taken en bevoegdheden) Doel. Artikel 3. 1. De Veiligheidsregio behartigt de belangen van de gemeenten in het samenwerkingsgebied op de terreinen van: a. brandweerzorg b. ambulancezorg c. geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen d. rampenbestrijding en crisisbeheersing e. gemeenschappelijke meldkamer. Taken en bevoegdheden. Artikel 4. 1. de Veiligheidsregio draagt zorg voor de wettelijke taken en beschikt daarbij over de bevoegdheden: a. genoemd in artikel 10 juncto de artikelen 25, 32, 35 en 36 van de Wet veiligheidsregio’s; b. genoemd in artikel 3 Wet ambulancezorg; c. overige taken die bij of krachtens wet aan de Veiligheidsregio worden opgedragen. 2. de Veiligheidsregio draagt zorg voor de taken genoemd in bijlage 1 Integrale afstemming Artikel 5

pagina 4

q. directeurenberaad: Strategisch overleg, gericht op de integrale ambtelijke afstemming en multidisciplinaire samenwerking. 2. Daar waar in de gemeenschappelijke regeling artikelen van de Gemeentewet of van enige andere wet of wettelijke regeling van overeenkomstige toepassing worden verklaard, komen in die artikelen in de plaats van de gemeente, de raad, het college en de burgemeester, onderscheidenlijk: de Veiligheidsregio, het Algemeen Bestuur, het Dagelijks Bestuur en de voorzitter. HOOFDSTUK II (Doel, taken en bevoegdheden) Doel. Artikel 3. De Veiligheidsregio behartigt de belangen van de gemeenten in het samenwerkingsgebied op de terreinen van: a. brandweerzorg; b. rampenbestrijding en crisisbeheersing, waaronder bevolkingszorg en GHOR

Taken en bevoegdheden. Artikel 4. 1. de Veiligheidsregio draagt zorg voor a. de taken genoemd in de Wet veiligheidsregio’s; b. overige taken die bij of krachtens andere wetgeving aan de Veiligheidsregio worden opgedragen; c. uitvoeren van overige taken en bevoegdheden welke door de colleges aan het bestuur van de veiligheidsregio zijn overgedragen dan wel opgedragen. 2. De Veiligheidsregio heeft alle bevoegdheden tot regeling, bestuur en beheer die nodig zijn voor de uitvoering van de aan haar opgedragen taken. Integrale afstemming Artikel 5

Behartigen van belangen ambulancezorg en gemeenschappelijke meldkamer niet langer taak voor VRBZO. In opsomming is bevolkingszorg nu opgenomen als regionale taak als onderdeel van rampenbestrijding en crisisbeheersing.

Taken en bevoegdheden op gebied van ambulancezorg zijn overgegaan naar GGD. Beschrijving taken en bevoegdheden verruimd vanwege overige wetgeving.

Versie 14 juni 2021

Aanpassing Gemeenschappelijke Regeling VRBZO Ten aanzien van het bevorderen van een eenduidig veiligheidsbeleid binnen de gemeenten, het beheer van de gemeenschappelijke meldkamer en de multidisciplinaire rampen- en crisisbeheersing is voorbereiding, afstemming en besluitvorming van het bestuur van de Veiligheidsregio en de korpschef vereist. Deze integrale afstemming en besluitvorming wordt vastgelegd in een convenant.

Ten aanzien van het bevorderen van een eenduidig veiligheidsbeleid en de multidisciplinaire rampen- en crisisbeheersing is voorbereiding, afstemming en besluitvorming van het bestuur van de Veiligheidsregio, de korpschef en hoofdofficier van justitie vereist. De resultaten van deze afstemming met korpschef en hoofdofficier van justitie worden vastgelegd in een convenant.

HOOFDSTUK III (Organen) Organen. Artikel 6. De Veiligheidsregio kent de volgende organen: a. het Algemeen Bestuur b. het Dagelijks Bestuur c. de voorzitter d. commissies.

HOOFDSTUK III (Organen) Bestuursorganen. Artikel 6. De Veiligheidsregio kent de volgende bestuursorganen: a. het Algemeen Bestuur b. het Dagelijks Bestuur c. de voorzitter d. door het bestuur ingestelde commissies

HOOFDSTUK IV (Algemeen Bestuur) Samenstelling Algemeen Bestuur. Artikel 7. 1. Het Algemeen Bestuur bestaat uit de burgemeesters van de deelnemende gemeenten. 2. De burgemeester wordt bij verhindering vertegenwoordigd overeenkomstig artikel 77 van de Gemeentewet.

HOOFDSTUK IV (Algemeen Bestuur) Samenstelling Algemeen Bestuur. Artikel 7. 1. Het Algemeen Bestuur bestaat uit de burgemeesters van de deelnemende gemeenten. 2. De burgemeester wordt bij verhindering of ontstentenis vertegenwoordigd overeenkomstig artikel 77 van de Gemeentewet. 3. Het lidmaatschap van het Algemeen Bestuur eindigt van rechtswege zodra men ophoudt burgemeester te zijn van de vertegenwoordigde gemeente. Bevoegdheden Algemeen Bestuur. Artikel 7a

3. Het lidmaatschap van het Algemeen Bestuur eindigt van rechtswege zodra men ophoudt burgemeester te zijn van de vertegenwoordigde gemeente.

pagina 5

Er wordt gebruik gemaakt van een landelijk model convenant waarin ook hoofdofficier van justitie als convenantpartij is opgenomen.

Aansluiten bij formulering Gemeentewet.

Er was geen expliciete formulering opgenomen van de bevoegdheden Algemeen Bestuur. Deze was wel impliciet uit bepalingen op te maken maar is nu afzonderlijk beschreven.

1. Het Algemeen Bestuur is bevoegd tot regeling en bestuur inzake de aan de Veiligheidsregio opgedragen taken en bevoegdheden, voor zover bij de Wet of in deze regeling de bevoegdheid daartoe niet aan het Dagelijks Bestuur of de

Versie 14 juni 2021

Aanpassing Gemeenschappelijke Regeling VRBZO

Werkwijze Algemeen Bestuur. Artikel 8. 1. Het Algemeen Bestuur vergadert jaarlijks ten minste driemaal en voorts zo dikwijls de voorzitter of het Dagelijks Bestuur het nodig oordelen, of indien het door ten minste drie leden schriftelijk met opgave van redenen wordt gevraagd. 2. De vergaderingen van het Algemeen Bestuur zijn openbaar. Door het Algemeen Bestuur zal met gesloten deuren worden vergaderd wanneer ten minste een vijfde gedeelte van de aanwezige leden of indien de voorzitter dit nodig acht. 3. In een besloten vergadering van het Algemeen Bestuur kan niet worden beraadslaagd of worden besloten over: a. de vaststelling en wijziging van de begroting; b. de vaststelling van de rekening; c. de wijziging van de gemeenschappelijke regeling; d. de vaststelling van het liquidatieplan;

voorzitter is toegekend. Het Algemeen Bestuur kan met inachtneming van artikel 33a van de Wet gemeenschappelijke regelingen bevoegdheden overdragen aan het Dagelijks Bestuur, tenzij de aard van de bevoegdheid zich daartegen verzet. 2. Het Algemeen Bestuur is bevoegd tot de oprichting van en de deelneming in andere gemeenschappelijke regelingen, stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen, indien dit in het bijzonder aangewezen moet worden geacht voor de behartiging van het daarmee te dienen openbaar belang. 3. Het Algemeen Bestuur is bevoegd tot het instellen van een commissie als bedoeld in artikel 7:13 van de Algemene wet bestuursrecht. 4. Het Algemeen Bestuur is bevoegd tot het vaststellen van een verordening voor de behandeling van klachten als bedoeld in hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht. Voor de externe behandeling van klachten wordt aangesloten bij de Nationale ombudsman. Werkwijze Algemeen Bestuur. Artikel 8. 1. Het Algemeen Bestuur vergadert jaarlijks ten minste driemaal en voorts zo dikwijls de voorzitter of het Dagelijks Bestuur het nodig oordelen, of indien het door ten minste drie leden schriftelijk met opgave van redenen wordt gevraagd. 2. De vergaderingen van het Algemeen Bestuur zijn openbaar.

De deuren worden gesloten wanneer ten minste een vijfde gedeelte van de aanwezige leden daarom verzoekt of indien de voorzitter dit nodig acht. Het Algemeen Bestuur beslist vervolgens of met gesloten deuren zal worden vergaderd. 3. In een besloten vergadering van het Algemeen Bestuur kan niet worden beraadslaagd of worden besloten over: a. de vaststelling en wijziging van de begroting; b. de vaststelling van de jaarstukken; c. de toetreding tot, de uittreding uit, de wijziging of de opheffing van de gemeenschappelijke regeling;

pagina 6

Deze bepaling is in lijn gebracht met het bepaalde in de Wet gemeenschappelijke regelingen.

Ad c (nieuw) Aansluiten bij formulering Wet gemeenschappelijke regelingen.

Versie 14 juni 2021

Aanpassing Gemeenschappelijke Regeling VRBZO e. de vaststelling of wijziging van regelingen; f. de vaststelling of wijziging van rechtspositieregelingen voor het personeel van het openbaar lichaam; g. de vaststelling of wijziging van een gemeenschappelijke regeling tussen het openbaar lichaam en andere openbare lichamen, alsmede het toetreden tot en het uittreden uit een dergelijke regeling; h. de oprichting van of deelname in stichtingen, maatschappen, vennootschappen en coöperatieve en andere verenigingen, dan wel de ontbinding daarvan of beëindiging van deelneming daaraan

d. de vaststelling van het liquidatieplan; e. de vaststelling, intrekking of wijziging van verordeningen; f. de vaststelling, wijziging, verlenging of opheffing van een gemeenschappelijke regeling tussen het openbaar lichaam en andere bestuursorganen van organisaties als bedoeld in artikel 8, eerste tot en met derde lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen, alsmede het toetreden tot en het uittreden uit een dergelijke regeling; g. de oprichting van of deelname in stichtingen, maatschappen, vennootschappen en coöperatieve en andere verenigingen, dan wel de ontbinding daarvan of beëindiging van deelneming daaraan.

4. Op verzoek van de voorzitter geschiedt de in artikel 3:42 van de Algemene wet bestuursrecht bedoelde openbare kennisgeving tevens door de burgemeester van de deelnemende gemeenten op de gebruikelijke wijze. 5. Het Algemeen Bestuur stelt voor zijn vergaderingen een reglement van orde vast. Dit reglement, en de daarin aangebrachte wijzigingen, worden aan de deelnemende gemeenten en de korpschef gezonden. De artikelen 16, 17, 19, 20, 22, 26 en 28 t/m 33 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing. 6. De commissaris van de Koning, de hoofdofficier van justitie en een vertegenwoordiger van de waterschappen, die door de voorzitters van de waterschappen, die binnen het grondgebied van de veiligheidsregio zijn gelegen, uit hun midden, is aangewezen, worden uitgenodigd deel te nemen aan de vergadering. De commissaris kan zich laten vertegenwoordigen. 7. De vaste leden van het directeurenberaad kunnen de vergadering van het Algemeen Bestuur bijwonen en hebben hierin, voor zover het hun taakveld betreft, een adviserende stem.

pagina 7

Ad f (oud) Rechtspositionele aangelegenheden zijn bevoegdheid van het Dagelijks Bestuur. Ad e en f (nieuw) Aansluiten bij formulering Wet gemeenschappelijke regelingen.

VRBZO publiceert zelf in het blad gemeenschappelijke regelingen. Alleen de GR dient door de gemeente van vestiging gepubliceerd te worden. Dit is geregeld in artikel 35 van deze regeling. 4. Het Algemeen Bestuur stelt voor zijn vergaderingen een reglement van orde vast. De artikelen 16, 17, 19, 20, 22, 26 en 28 t/m 33 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing.

Ad 6 (oud) en 7 (oud): bepaling is samengevoegd en herschreven.

5. De commissaris van de Koning, de hoofdofficier van justitie en de voorzitters van de waterschappen, die binnen het grondgebied van de veiligheidsregio zijn gelegen, alsmede de vaste leden van het directeurenberaad worden uitgenodigd deel

Ad 6 (oud) en 7 (oud): bepaling is samengevoegd en herschreven.

Versie 14 juni 2021

Aanpassing Gemeenschappelijke Regeling VRBZO

8. Anderen kunnen worden uitgenodigd als adviseur de vergaderingen van het Algemeen Bestuur bij te wonen. Besluitvorming Artikel 9. 1. Bij het nemen van besluiten door het algemeen bestuur tot vaststelling van de jaarrekening en tot vaststelling van de begroting en begrotingswijzigingen brengen de leden die een gemeente vertegenwoordigen tot 20.000 inwoners één stem uit. De leden die een gemeente vertegenwoordigen met 20.000 of meer inwoners brengen twee stemmen uit vermeerderd met een stem per volledig veelvoud van 15.000 inwoners, waarmee het aantal van 20.000 inwoners door die gemeente wordt overschreden.

2. Bij de overige besluitvorming door het algemeen bestuur vindt stemming plaats op basis van gewone stemwaardering (één stem per gemeente). 3. De besluitvorming vindt plaats bij meerderheid van stemmen. Bij het staken van de stemmen heeft de voorzitter een doorslaggevende stem. HOOFDSTUK V (Dagelijks Bestuur) Samenstelling Dagelijks Bestuur. Artikel 10. 1. Het Dagelijks Bestuur bestaat naast de voorzitter en plaatsvervangend-voorzitter uit maximaal 5 leden, aan te wijzen door en uit de leden van het Algemeen Bestuur. 2. Bij de samenstelling van het Dagelijks Bestuur geldt het uitgangspunt dat een evenredige geografische verdeling over de regio wordt aangehouden. Hierbij wordt de onderstaande verdeling gehanteerd: a. 1 zetel in te vullen door Eindhoven;

te nemen aan de vergadering. Zij kunnen zich laten vertegenwoordigen. 6. Anderen kunnen worden uitgenodigd als adviseur de vergaderingen van het Algemeen Bestuur bij te wonen. Besluitvorming Artikel 9. 1. Bij het nemen van besluiten door het algemeen bestuur tot vaststelling van de jaarrekening en tot vaststelling van de begroting en begrotingswijzigingen brengen de leden die een gemeente vertegenwoordigen tot 20.000 inwoners één stem uit. De leden die een gemeente vertegenwoordigen met 20.000 of meer inwoners brengen twee stemmen uit vermeerderd met een stem per volledig veelvoud van 15.000 inwoners, waarmee het aantal van 20.000 inwoners door die gemeente wordt overschreden. Hierbij geldt dat de stemmen afkomstig van de gezamenlijke leden van het Dagelijks Bestuur nimmer de meerderheid van het totale aantal stemmen mogen vormen. 2. Bij de overige besluitvorming door het algemeen bestuur vindt stemming plaats op basis van gewone stemwaardering (één stem per gemeente). 3. De besluitvorming vindt plaats bij meerderheid van stemmen. Bij het staken van de stemmen heeft de voorzitter een doorslaggevende stem. HOOFDSTUK V (Dagelijks Bestuur) Samenstelling Dagelijks Bestuur. Artikel 10. 1. Het Dagelijks Bestuur bestaat naast de voorzitter en plaatsvervangend-voorzitter uit minimaal 1 en maximaal 5 leden, aan te wijzen door en uit de leden van het Algemeen Bestuur. 2.

Bij de samenstelling van het Dagelijks Bestuur geldt het uitgangspunt dat een evenredige geografische verdeling over de regio wordt aangehouden. Hierbij wordt de onderstaande verdeling gehanteerd: a. 1 zetel in te vullen door Eindhoven;

pagina 8

Toevoeging omdat dit rechtstreeks volgt uit de Wet gemeenschappelijke regelingen.

Aansluiten bij formulering Wet gemeenschappelijke regelingen.

Versie 14 juni 2021

Aanpassing Gemeenschappelijke Regeling VRBZO b. 1 zetel in te vullen door Helmond; c. 1 zetel namens de gemeenten Best, Geldrop-Mierlo, Nuenen c.a, Son en Breugel, Veldhoven en Waalre; d. 1 zetel namens de gemeenten Bergeijk, Bladel, Cranendonck, Eersel, Heeze-Leende, Oirschot, Reusel-de Mierden en Valkenswaard; e. 1 zetel namens de gemeenten Asten, Deurne, Gemert-Bakel, Laarbeek en Someren 3. Het Algemeen Bestuur kan van het uitgangspunt onder het eerste en tweede lid afwijken. 4. De zittingsperiode van de leden van het Dagelijks Bestuur is gelijk aan de zittingsperiode van de colleges van burgemeester en wethouders. De leden kunnen opnieuw worden benoemd. Zij blijven hun functie waarnemen totdat voorzien is in hun opvolging. 5. Het lidmaatschap eindigt zodra een lid ophoudt lid te zijn van het Algemeen Bestuur dan wel ontslag neemt als lid van het Dagelijks Bestuur. 6. Het lid van het Dagelijks Bestuur dat ontslag neemt blijft in functie tot de eerstvolgende vergadering van het Algemeen Bestuur. 7. Een lid, met uitzondering van de voorzitter kan worden ontslagen, indien hij het vertrouwen niet meer bezit van het Algemeen Bestuur.

b. 1 zetel in te vullen door Helmond; c. 1 zetel namens de gemeenten Best, Geldrop-Mierlo, Nuenen c.a, Son en Breugel, Veldhoven en Waalre; d. 1 zetel namens de gemeenten Bergeijk, Bladel, Cranendonck, Eersel, Heeze-Leende, Oirschot, Reusel-De Mierden en Valkenswaard; e. 1 zetel namens de gemeenten Asten, Deurne, Gemert-Bakel, Laarbeek en Someren 3. Het Algemeen Bestuur kan van het uitgangspunt onder het eerste en tweede lid afwijken. 4. De zittingsperiode van de leden van het Dagelijks Bestuur is voor onbepaalde tijd.

5. Het lidmaatschap eindigt zodra een lid ophoudt lid te zijn van het Algemeen Bestuur dan wel ontslag neemt als lid van het Dagelijks Bestuur. 6. Het lid van het Dagelijks Bestuur dat ontslag neemt blijft in functie tot de eerstvolgende vergadering van het Algemeen Bestuur. 7. Een lid, met uitzondering van de voorzitter en plaatsvervangend voorzitter, kan door het Algemeen Bestuur worden ontslagen als lid van het Dagelijks Bestuur, indien dit lid het vertrouwen niet meer bezit van het Algemeen Bestuur.

8. Indien tussentijds een plaats van een lid openvalt, wordt zo spoedig mogelijk een nieuw lid aangewezen. Taak en bevoegdheden Dagelijks Bestuur. Artikel 11. 1. Het Dagelijks Bestuur stelt in zijn eerste vergadering na zijn verkiezing een portefeuilleverdeling vast en deelt zijn besluit hierover mee aan het Algemeen Bestuur.

Taken en bevoegdheden Dagelijks Bestuur. Artikel 11. 1. Het Dagelijks Bestuur stelt na ieder besluit over invulling van een vacature binnen het Dagelijks Bestuur een portefeuilleverdeling vast en deelt zijn besluit hierover mee aan het Algemeen Bestuur.

pagina 9

Aansluiten bij hetgeen gebruikelijk is. Dit voorkomt dat leden gedurende hun zittingsperiode herhaaldelijk opnieuw benoemd moeten worden.

Plaatsvervangend voorzitter maakt altijd deel uit van Dagelijks Bestuur en is benoemd door Algemeen Bestuur. Ontslag is dus niet aan de orde. Benoeming als plaatsvervangend voorzitter kan door Algemeen bestuur ongedaan worden gemaakt. Niet vanzelfsprekend dat vacature (direct) wordt ingevuld, mits wel wordt voldaan aan artikel 10, eerste lid.

De portefeuilleverdeling dient bij iedere wijziging van de samenstelling van het DB opnieuw vastgesteld te worden. Dit kan ook op andere momenten dan na een verkiezing zijn.

Versie 14 juni 2021

Aanpassing Gemeenschappelijke Regeling VRBZO 2. Het Dagelijks Bestuur stelt voor de uitvoering van zijn taken een reglement van orde vast. Op het houden en de orde van de vergadering van het Dagelijks Bestuur zijn de artikelen 52, 53 en 54 tot en met 60 van de Gemeentewet, voor zover daarvan niet bij of krachtens wet wordt afgeweken, van overeenkomstige toepassing. 3. Het Dagelijks Bestuur oefent, voor zover het Algemeen Bestuur daartoe besluit en dan naar door het Algemeen Bestuur te stellen regelen de wettelijk toegekende of krachtens de gemeenschappelijke regeling aan het Algemeen Bestuur toevallende bevoegdheden uit, met uitzondering van: a. het vaststellen en wijzigen van de begroting; b. het vaststellen van de jaarrekening; c. het vaststellen van strategische regionale plannen; d. het vaststellen, wijzigen of intrekken van verordeningen; e. het toetreden tot, uittreden uit of wijzigen van de gemeenschappelijke regeling overeenkomstig het gestelde in hoofdstuk XIV; f. het treffen, wijzigen, verlengen of opheffen van een gemeenschappelijke regeling tussen de Veiligheidsregio en andere lichamen, alsmede het toetreden tot en het uittreden uit een dergelijke gemeenschappelijke regeling; g. het oprichten van of deelnemen in een stichting, maatschap, vennootschap, coöperatieve en andere vereniging dan wel het ontbinden daarvan of het beëindigen van de deelname daaraan.

Artikel 12. 1. Het Dagelijks Bestuur oefent de taken en bevoegdheden die in deze gemeenschappelijke regeling aan het Dagelijks Bestuur zijn opgedragen uit.

2. Het Dagelijks Bestuur stelt voor de uitvoering van zijn taken een reglement van orde vast. Op het houden en de orde van de vergadering van het Dagelijks Bestuur zijn de artikelen 52, 53 en 54 tot en met 60 van de Gemeentewet, voor zover daarvan niet bij of krachtens wet wordt afgeweken, van overeenkomstige toepassing. 3. Het Dagelijks Bestuur oefent, eventueel naar door het Algemeen Bestuur te stellen regels en tenzij het Algemeen Bestuur anders bepaalt, de wettelijk toegekende of krachtens de gemeenschappelijke regeling aan het Algemeen Bestuur toevallende bevoegdheden uit, met uitzondering van: a. het vaststellen en wijzigen van de begroting; b. het vaststellen van de jaarstukken; c. het vaststellen van strategische regionale plannen; d. het vaststellen, wijzigen of intrekken van verordeningen, tenzij de verordening een rechtspositionele regeling betreft; e. het toetreden tot, uittreden uit of wijzigen van de gemeenschappelijke regeling overeenkomstig het gestelde in hoofdstuk XIV; f. het treffen, wijzigen, verlengen of opheffen van een gemeenschappelijke regeling tussen de Veiligheidsregio en andere lichamen, alsmede het toetreden tot en het uittreden uit een dergelijke gemeenschappelijke regeling; g.

het oprichten van of deelnemen in een stichting, maatschap, vennootschap, coöperatieve en andere vereniging dan wel het ontbinden daarvan of het beëindigen van de deelname daaraan. Artikel 12. 1. Het Dagelijks Bestuur is overeenkomstig artikel 33b, lid 1 en 2 van de Wet gemeenschappelijke regelingen bevoegd: a. het dagelijks bestuur van de Veiligheidsregio te voeren, voor zover niet bij of krachtens de wet of de gemeenschappelijke regeling het Algemeen Bestuur hiermee is belast; b. beslissingen van het Algemeen Bestuur voor te bereiden en uit te voeren;

pagina 10

Aansluiten bij hetgeen gebruikelijk is. Algemeen Bestuur besluit niet per situatie wat door Dagelijks Bestuur wordt uitgeoefend, maar heeft hiertoe desgewenst wel het recht.

Ad d: beheer rechtspositionele regeling is op basis van artikel 12 voorbehouden aan Dagelijks Bestuur.

Juridisch beter en completer geformuleerd.

Versie 14 juni 2021

Aanpassing Gemeenschappelijke Regeling VRBZO

2. Voorts is dit bestuur belast met: a. een voortdurend toezicht op al wat de Veiligheidsregio aangaat; b. het voorbereiden van al hetgeen aan het Algemeen Bestuur ter overweging en beslissing zal worden voorgelegd; c. het uitvoeren van de besluiten van het Algemeen Bestuur; d. het onverwijld mededeling doen van besluiten van het Algemeen Bestuur als bedoeld in artikel 11, derde lid aan de aan de gemeenschappelijke regeling deelnemende gemeenten; e. het voorstaan van de belangen van de Veiligheidsregio bij andere overheden, instellingen of personen, waarmee contact voor de Veiligheidsregio van belang is; f. de zorg voor het beheer van inkomsten en uitgaven van de Veiligheidsregio; g. de zorg, voor zover deze niet aan anderen toekomt, voor de controle op het geldelijk beheer en de boekhouding;

c. regels vast te stellen over de ambtelijke organisatie van de Veiligheidsregio; d. ambtenaren in dienst te nemen, te benoemen, te schorsen en te ontslaan, voor zover niet aan het Algemeen Bestuur voorbehouden; e. tot privaatrechtelijke rechtshandelingen van de Veiligheidsregio te besluiten, met uitzondering van privaatrechtelijke rechtshandelingen als bedoeld in artikel 31a van de Wet gemeenschappelijke regelingen; f. te besluiten namens de Veiligheidsregio, het Dagelijks Bestuur of het Algemeen Bestuur rechtsgedingen, bezwaarprocedures of administratief beroepsprocedures te voeren of handelingen ter voorbereiding daarop te verrichten, tenzij het Algemeen Bestuur, voor zover dit het Algemeen Bestuur aangaat, in voorkomende gevallen anders beslist; g. tot het nemen, ook alvorens is besloten tot het voeren van een rechtsgeding, van alle conservatoire maatregelen en te doen wat nodig is ter voorkoming van verjaring of verlies van recht of bezit. 2. Daarnaast is het Dagelijks Bestuur bevoegd met betrekking tot: a. het voorstaan van de belangen van de veiligheidsregio bij andere overheden, instellingen en diensten waarmee, of personen met wie contact met de veiligheidsregio van belang is; b. de zorg voor het beheer van inkomsten en uitgaven van de Veiligheidsregio; c. het beheer van de eigendommen en geldmiddelen van de Veiligheidsregio; d.

de zorg, voor zover deze niet aan anderen toekomt, voor de controle op het geldelijk beheer en de boekhouding; e. het voortdurend houden van toezicht op alles wat de Veiligheidsregio aangaat; f. de zorg voor de archiefbescheiden van de Veiligheidsregio en haar bestuursorganen; g. het vaststellen van regelingen en besluiten met betrekking tot de rechtspositie voor het personeel van de Veiligheidsregio;

pagina 11

Juridisch beter en completer geformuleerd.

Versie 14 juni 2021

Aanpassing Gemeenschappelijke Regeling VRBZO h. het nemen van alle conservatoire maatregelen zowel in als buiten rechte en het doen van alles wat nodig is ter voorkoming van verjaring en verlies van recht of bezit; i. de zorg voor en het houden van toezicht op de bewaring en het beheer van de archiefbescheiden; j. het benoemen, schorsen en ontslaan van personeel voor zover niet aan het Algemeen Bestuur voorbehouden. k. Overige taken en bevoegdheden die elders in deze gemeenschappelijke regeling worden toebedeeld aan het Dagelijks Bestuur Vergaderingen Dagelijks Bestuur. Artikel 13. 1. Het Dagelijks Bestuur vergadert minimaal vijfmaal per jaar of zo dikwijls de voorzitter het nodig oordeelt of tenminste twee leden de voorzitter schriftelijk en met redenen omkleed hierom verzoeken. In het laatste geval wordt de vergadering binnen veertien dagen na een zodanig verzoek gehouden. 2. Besluiten van het Dagelijks Bestuur vinden plaats op basis van gewone meerderheid van stemmen. Bij het staken der stemmen beslist de voorzitter. 3. De commissaris van de Koning, de hoofdofficier van justitie en een vertegenwoordiger van de waterschappen, die door de voorzitters van de waterschappen, die binnen het grondgebied van de veiligheidsregio zijn gelegen, uit hun midden, is aangewezen, kunnen worden uitgenodigd deel te nemen aan de vergadering. De commissaris kan zich laten vertegenwoordigen 4.

De vaste leden van het directeurenberaad kunnen worden uitgenodigd deel te nemen aan de vergadering en hebben hierin, voor zover het hun taakveld betreft, een adviserende stem. 5. Andere personen kunnen worden uitgenodigd om als adviseur de vergaderingen van het Dagelijks Bestuur bij te wonen.

pagina 12

h. Overige taken en bevoegdheden die elders in deze gemeenschappelijke regeling worden toebedeeld aan het Dagelijks Bestuur.

Vergaderingen Dagelijks Bestuur. Artikel 13. 1. Het Dagelijks Bestuur vergadert minimaal vijfmaal per jaar of zo dikwijls de voorzitter het nodig oordeelt of tenminste twee leden van het Dagelijks Bestuur de voorzitter schriftelijk en met redenen omkleed hierom verzoeken. In het laatste geval wordt de vergadering binnen veertien dagen na een zodanig verzoek gehouden. 2. Besluiten van het Dagelijks Bestuur vinden plaats op basis van gewone meerderheid van stemmen. Bij het staken der stemmen beslist de voorzitter. Lid 3 (oud), 4 (oud) en 5 (oud): bepaling is samengevoegd en herschreven.

Lid 3 (oud, 4 (oud) en 5 (oud): bepaling is samengevoegd en herschreven.

3. De commissaris van de Koning, de hoofdofficier van justitie en de voorzitters van de waterschappen, die binnen het grondgebied van de veiligheidsregio zijn gelegen, de vaste leden van het directeurenberaad en overige personen kunnen

Lid 3 (oud, 4 (oud) en 5 (oud): bepaling is samengevoegd en herschreven.

Versie 14 juni 2021

Aanpassing Gemeenschappelijke Regeling VRBZO

pagina 13

worden uitgenodigd deel te nemen aan de vergadering. Zij kunnen zich laten vertegenwoordigen. HOOFDSTUK VI (De voorzitter, plaatsvervangend-voorzitter, secretaris) Artikel 14. 1. De voorzitter wordt overeenkomstig artikel 11, tweede lid van de Wet, benoemd bij koninklijk besluit. 2. De voorzitter wordt bij zijn afwezigheid vervangen door een door het Algemeen bestuur aan te wijzen lid van het Algemeen Bestuur. 3. De voorzitter is belast met de leiding van de vergaderingen van het Algemeen Bestuur en Dagelijks Bestuur en draagt er zorg voor, dat de besluiten van het Algemeen Bestuur en het Dagelijks Bestuur naar behoren worden uitgevoerd 4. De voorzitter vertegenwoordigt de Veiligheidsregio in rechtsgedingen en bij alle buitengerechtelijke rechtshandelingen. Hij kan de vertegenwoordiging na overleg met het Dagelijks Bestuur in rechtsgedingen en bij buitengerechtelijke rechtshandelingen opdragen aan een door hem aan te wijzen persoon. 5. De voorzitter tekent de stukken die van het Algemeen Bestuur en het Dagelijks Bestuur uitgaan. 6. De directeur Veiligheidsregio fungeert als ambtelijk secretaris van het Algemeen Bestuur en het Dagelijks Bestuur. HOOFDSTUK VII (Commissies, werkgroepen, overleg) Bestuurscommissies. Artikel 15. 1.

Het Algemeen Bestuur kan, conform artikel 25 van de Wet gemeenschappelijke regelingen commissies instellen met het oog op de behartiging van bepaalde belangen. 2. Een lid van het Dagelijks Bestuur is voorzitter van een commissie als bedoeld in het eerste lid. Commissies van advies

HOOFDSTUK VI (De voorzitter, plaatsvervangend-voorzitter, secretaris) Artikel 14. 1. De voorzitter wordt overeenkomstig artikel 11, tweede lid van de Wet, benoemd bij koninklijk besluit. 2. De voorzitter wordt bij zijn afwezigheid vervangen door een door het Algemeen bestuur aan te wijzen lid van het Algemeen Bestuur. 3. De voorzitter is verantwoordelijk voor de leiding van de vergaderingen van het Algemeen Bestuur en Dagelijks Bestuur en draagt er zorg voor, dat de besluiten van het Algemeen Bestuur en het Dagelijks Bestuur naar behoren worden uitgevoerd 4. De voorzitter vertegenwoordigt de Veiligheidsregio in rechtsgedingen en bij alle buitengerechtelijke rechtshandelingen. Hij kan de vertegenwoordiging in rechtsgedingen en bij buitengerechtelijke rechtshandelingen opdragen aan een door hem aan te wijzen persoon.

Aansluiten bij hetgeen de nu gebruikelijke werkwijze is.

5. De voorzitter tekent de stukken die van het Algemeen Bestuur en het Dagelijks Bestuur uitgaan. 6. De directeur Veiligheidsregio fungeert als ambtelijk secretaris van het Algemeen Bestuur en het Dagelijks Bestuur. HOOFDSTUK VII (Commissies, werkgroepen, overleg) Bestuurscommissies. Artikel 15. 1. Het Algemeen Bestuur kan, overeenkomstig artikel 25 van de Wet gemeenschappelijke regelingen commissies instellen met het oog op de behartiging van bepaalde belangen. 2. Een lid van het Dagelijks Bestuur is voorzitter van een commissie als bedoeld in het eerste lid. Commissies van advies

Versie 14 juni 2021

Aanpassing Gemeenschappelijke Regeling VRBZO Artikel 16. 1. Het Algemeen Bestuur alsmede het Dagelijks Bestuur kunnen besluiten ten behoeve van de uitvoering van de hen opgedragen taken commissies van advies in te stellen conform artikel 24 van de Wet gemeenschappelijke regelingen. 2. De instelling van commissies van advies aan het Dagelijks Bestuur en de regeling van haar bevoegdheden en samenstelling geschieden door het Algemeen Bestuur op voorstel van het Dagelijks Bestuur. 3. Tenminste wordt ingesteld een adviescommissie financiën.

Artikel 16. 1. Het Algemeen Bestuur kan besluiten ten behoeve van de uitvoering van de aan het Algemeen Bestuur, Dagelijks Bestuur of de voorzitter opgedragen taken vaste commissies van advies in te stellen overeenkomstig artikel 24 van de Wet gemeenschappelijke regelingen.

2. Tenminste wordt ingesteld een vaste commissie van advies op het gebied van financiën. 3. Het Algemeen Bestuur, Dagelijks Bestuur en de voorzitter kunnen andere tijdelijke commissies van advies aan het Algemeen Bestuur, Dagelijks Bestuur onderscheidenlijk de voorzitter instellen

Werkgroepen, overleg Artikel 17. Het Algemeen Bestuur, het Dagelijks Bestuur en de voorzitter kunnen werkgroepen en overlegvormen instellen.

Werkgroepen, overleg Artikel 17. Het Algemeen Bestuur, het Dagelijks Bestuur en de voorzitter kunnen werkgroepen en overlegvormen instellen.

HOOFDSTUK VIII (Informatie en verantwoordingsplicht) Dagelijks Bestuur Artikel 18.

HOOFDSTUK VIII (Informatie en verantwoordingsplicht) Het Dagelijks Bestuur en de voorzitter ten opzichte van het Algemeen Bestuur Artikel 18 1. De leden van het Dagelijks Bestuur zijn, tezamen en ieder afzonderlijk, aan het Algemeen Bestuur verantwoording verschuldigd voor het door hen gevoerde bestuur.

1. Het Algemeen Bestuur kan regelen van welke besluiten van het Dagelijks Bestuur kennisgeving wordt gedaan aan de leden van het Algemeen Bestuur. Daarbij kan het Algemeen Bestuur de gevallen bepalen waarin met ter inzage legging kan worden volstaan. Het Dagelijks Bestuur laat de kennisgeving of ter inzage legging achterwege voor zover deze in strijd is met het openbaar belang. 2. De leden van het Dagelijks Bestuur zijn tezamen en ieder afzonderlijk aan het Algemeen Bestuur verantwoording schuldig voor het door hen gevoerde bestuur en geven daarover alle

pagina 14

Aansluiten bij formulering Wet gemeenschappelijke regelingen, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen vaste commissies van advies en tijdelijke commissies van advies.

Aansluiten bij formulering Wet gemeenschappelijke regelingen, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen vaste commissies van advies en tijdelijke commissies van advies.

Artikel 18, 19 en 20 zijn omwille van een logische opbouw en compleetheid herschreven.

2. Zij geven ongevraagd aan het Algemeen Bestuur alle informatie die voor een juiste beoordeling van het door het Dagelijks Bestuur te voeren en gevoerde bestuur nodig is.

Versie 14 juni 2021

Aanpassing Gemeenschappelijke Regeling VRBZO

pagina 15

door één of meer leden verlangde inlichtingen, een en ander voor zover dit niet strijdig is met het openbaar belang.

Voorzitter Artikel 19. Het voorgaande artikel is van overeenkomstige toepassing op de voorzitter.

Algemeen Bestuur Artikel 20. 1. Het Algemeen Bestuur en het Dagelijks Bestuur verstrekken het college van een deelnemende gemeente de verlangde inlichtingen, waarvan het verstrekken niet in strijd is met het openbaar belang.

2. Een verzoek om inlichtingen kan schriftelijk of mondeling worden ingediend bij het Dagelijks Bestuur.

3. Het Dagelijks Bestuur verstrekt de gevraagde inlichtingen schriftelijk zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen acht weken na ontvangst van het verzoek.

3. Zij geven – tezamen dan wel afzonderlijk – aan het Algemeen Bestuur, wanneer dit bestuur of een of meer leden daarvan hierom verzoekt, alle gevraagde inlichtingen. 4. Het bepaalde in het eerste tot en met het derde lid is van overeenkomstige toepassing op de voorzitter, voor het door hem gevoerde bestuur. Het Algemeen en Dagelijks Bestuur ten opzichte van raden Artikel 19 1. Het Algemeen en het Dagelijks Bestuur geven aan de raden van de deelnemende gemeenten ongevraagd alle informatie die voor een juiste beoordeling van het door het bestuur gevoerde en te voeren beleid nodig is. 2. Het Algemeen en het Dagelijks Bestuur verstrekken aan de raden van de deelnemende gemeenten alle inlichtingen die door een of meer leden van die raden worden verlangd. De leden en de voorzitter van het Algemeen Bestuur ten opzichte van raden Artikel 20 1. Een lid van het Algemeen Bestuur verschaft aan zijn raad, met inachtneming van artikel 19 van de Wet gemeenschappelijke regelingen alle inlichtingen, die door die raad of door één of meer leden van die raad worden verlangd en wel op de in het reglement van orde voor de vergaderingen van die raad aangegeven wijze. 2.

Een lid van het Algemeen Bestuur is aan zijn raad, met inachtneming van artikel 19 van de Wet gemeenschappelijke regelingen, verantwoording verschuldigd voor het door hem in dat bestuur gevoerde beleid en wel op de in het reglement van orde voor de vergaderingen van die raad aangegeven wijze. 3. De voorzitter van het Algemeen Bestuur verstrekt na afloop van een ramp of crisis van meer dan plaatselijke betekenis, aan de raden van de getroffen gemeenten informatie over het verloop van de gebeurtenissen en de besluiten die hij heeft genomen. Met inachtneming van artikel 40 van de Wet

Versie 14 juni 2021

Aanpassing Gemeenschappelijke Regeling VRBZO

pagina 16

geschiedt de informatieverstrekking door middel van een verslag, het schriftelijk beantwoorden van vragen en/of het in de raadsvergadering verstrekken van mondelinge inlichtingen. 4. Een lid van het Algemeen Bestuur voorziet het eigen college, van alle informatie die, in relatie tot het door het Algemeen Bestuur gevoerde en te voeren beleid en de daarbij door het aangewezen lid ingenomen c.q. in te nemen standpunt, noodzakelijk is. 5. Een lid van het Algemeen Bestuur geeft het eigen college mondeling of schriftelijk de door één of meer leden, overeenkomstig het reglement van orde van die raad, verlangde inlichtingen, waarvan het verstrekken niet in strijd is met het openbaar belang overeenkomstig artikel 16, zesde lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen. 6. Een lid van het Algemeen Bestuur is aan het eigen college verantwoording verschuldigd voor de wijze waarop het lid de gemeente in het Algemeen Bestuur heeft vertegenwoordigd, naar de door het eigen college vastgestelde c.q. te stellen regels. HOOFDSTUK IX (Ambtelijke organisatie) De ambtelijke organisatie Artikel 21. 1. Het Dagelijks Bestuur regelt de inrichting van de ambtelijke organisatie in een organisatiebesluit. 2. De directeur Veiligheidsregio is het hoofd van de ambtelijke organisatie. 3.

De directeur Veiligheidsregio en de regionaal commandant brandweer, de Directeur Publieke Gezondheid en de coördinerend gemeentesecretaris, alsmede hun plaatsvervangers worden benoemd door het Algemeen Bestuur.

HOOFDSTUK IX (Ambtelijke organisatie) De ambtelijke organisatie Artikel 21. 1. Het Dagelijks Bestuur regelt de inrichting van de ambtelijke organisatie in een organisatiebesluit. 2. De directeur Veiligheidsregio is het hoofd van de ambtelijke organisatie. 3. De directeur Veiligheidsregio en de commandant brandweer worden benoemd door het Algemeen Bestuur.

Lid 3 (nieuw) Aansluiten bij formulering Wet veiligheidsregio’s. Lid 3 (oud) Directeur Publieke Gezondheid wordt benoemd door bestuur GGD met instemming van bestuur VR. Coördinerend gemeentesecretaris wordt aangewezen door bestuur conform artikel 21a, tweede lid.

Versie 14 juni 2021

Aanpassing Gemeenschappelijke Regeling VRBZO 4. De directeur Veiligheidsregio is tevens ambtelijk secretaris van het Algemeen Bestuur en van het Dagelijks Bestuur. Hij kan deze taak in overleg met het Dagelijks Bestuur mandateren binnen de ambtelijke organisatie. 5. De bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de onder het derde en vierde lid genoemde functionarissen worden geregeld in het organisatiebesluit.

Reeds vastgelegd in artikel 14, zesde lid. Mogelijkheid tot mandateren wordt geregeld via mandaatregeling.

Bevolkingszorg Artikel 21a 1. Ten behoeve van de deelnemende gemeenten wordt een operationele organisatie ingesteld en in stand gehouden, bevolkingszorg genaamd, voor de voorbereiding op en uitvoering van de gemeenschappelijke taken ten aanzien van gemeentelijke bevolkingszorg waaronder in ieder geval wordt verstaan de gecoördineerde inzet van daartoe aangesteld en opgeleid personeel belast met de maatregelen en voorzieningen die de gemeenten treffen met het oog op een ramp of crisis. 2. Het Algemeen Bestuur van de veiligheidsregio wijst de coördinerend gemeentesecretaris aan die is belast met de coördinatie van de maatregelen en voorzieningen die voor de gemeenten worden getroffen met het oog op een ramp of crisis. Voor de uitvoering van bevolkingszorg vertegenwoordigt de coördinerend gemeentesecretaris de deelnemende gemeenten. HOOFDSTUK X (Directeurenberaad) Directeurenberaad. Artikel 22. 1. Er is een directeurenberaad. 2. De directeur Veiligheidsregio is voorzitter van het directeurenberaad. 3. Het directeurenberaad bestaat naast de voorzitter uit vaste leden en leden die op ad hoc basis deelnemen aan de besprekingen.

pagina 17

Met het wegvallen van (delen van) het derde en vierde lid van deze bepaling is lid 5 (oud) niet langer nodig. Het vaststellen van een organisatiebesluit is geregeld in het eerste lid en artikel 12. Toevoeging vanwege taken en positionering Bevolkingszorg binnen VRBZO.

HOOFDSTUK X (Directeurenberaad) Directeurenberaad. Artikel 22. 1. Er is een directeurenberaad. 2. De directeur Veiligheidsregio is voorzitter van het directeurenberaad. 3. Het directeurenberaad bestaat naast de voorzitter uit vaste leden en leden die op ad hoc basis deelnemen aan de besprekingen.

Versie 14 juni 2021

Aanpassing Gemeenschappelijke Regeling VRBZO 4. De vaste leden van het directeurenberaad zijn: a. een vertegenwoordiger van de korpschef; b. de regionaal commandant brandweer Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost; [ c. de directeur Publieke Gezondheid Brabant-Zuidoost; d. de coördinerend gemeentesecretaris. 5. De ad hoc leden van het directeurenberaad kunnen zijn: de vertegenwoordigers op directieniveau van het Openbaar Ministerie, Waterschappen, provincie, vertegenwoordigers van de verschillende rijksheren en inspectieorganen met een uitvoerende taak. 6. De vaste leden van het directeurenberaad zijn belast met het individueel en/of integraal ambtelijk voorbereiden van de besluitvorming van de mono- respectievelijk multidisciplinaire aspecten in het kader van rampenbestrijding en crisisbeheersing en zien toe op de uitvoering in de eigen kolom. 7. Werkwijze en samenstelling van het directeurenberaad worden opgenomen in een door het Dagelijks Bestuur vast te stellen instructie. 8. Ter uitvoering van deze taken kan het directeurenberaad werkgroepen en projectgroepen instellen.

4. De vaste leden van het directeurenberaad zijn: a. een vertegenwoordiger van de korpschef; b. de commandant brandweer; c. de directeur Publieke Gezondheid; d. de coördinerend gemeentesecretaris.

HOOFDSTUK XI (Personeel, Rechtspositie) Personeel. Artikel 23. 1. Het Dagelijks Bestuur is, binnen de door het Algemeen Bestuur vastgestelde kaders, belast met het aanstellen, schorsen en ontslaan van het personeel van de Veiligheidsregio, voor zover in de Wet veiligheidsregio’s of op basis van deze regeling niet anders wordt bepaald. 2. Het Dagelijks Bestuur kan de in het eerste lid bedoelde bevoegdheden tot het aanstellen, schorsen en ontslaan van personeel van de Veiligheidsregio mandateren aan de directeur Veiligheidsregio, tenzij het de controller en ambtenaren betreft die belast zijn met functies van leidinggevende aard welke rechtstreeks onder de directeur Veiligheidsregio ressorteren. Dit

HOOFDSTUK XI (Personeel, Rechtspositie) Personeel. Artikel 23. 1. Het Dagelijks Bestuur is belast met het in dienst nemen, benoemen, schorsen en ontslaan van het personeel van de Veiligheidsregio, voor zover op basis van deze regeling niet anders wordt bepaald.

pagina 18

De mogelijkheid om ad hoc leden te laten deelnemen aan het directeurenberaad volgt uit het derde lid.

5. De vaste leden van het directeurenberaad zijn belast met het individueel en/of integraal ambtelijk voorbereiden van de besluitvorming van de mono- respectievelijk multidisciplinaire aspecten en zien toe op de uitvoering in de eigen kolom. 6. Werkwijze van het directeurenberaad worden opgenomen in een door het Dagelijks Bestuur vast te stellen instructie. 7. Ter uitvoering van deze taken kan het directeurenberaad werkgroepen en projectgroepen instellen.

2. Het Dagelijks Bestuur kan de in het eerste lid bedoelde bevoegdheden tot het in dienst nemen, benoemen, schorsen en ontslaan van personeel van de Veiligheidsregio mandateren aan de directeur Veiligheidsregio, tenzij het de controller en ambtenaren betreft die belast zijn met functies van leidinggevende aard welke rechtstreeks onder de directeur

Deze bevoegdheid is, zonder dat daaraan kaders verbonden zijn, op basis van deze regelingen voorbehouden aan het DB. De Wet bevat geen afwijkende regels. Lid 2 (oud) Directeur Publieke Gezondheid wordt benoemd door bestuur GGD met instemming van bestuur VR.

Versie 14 juni 2021

Aanpassing Gemeenschappelijke Regeling VRBZO met uitzondering van de directeur Veiligheidsregio, de regionaal commandant brandweer, en de directeur Publieke Gezondheid. Rechtspositie. Artikel 24. 1. Op het personeel in dienst van de Veiligheidsregio zijn de rechtspositieregelingen en arbeidsvoorwaarden overeenkomstig de landelijk geldende regels voor gemeentepersoneel, de CAR/UWO, van toepassing. Daar waar de CAR/UWO niet in voorziet besluit het Dagelijks Bestuur. 2. Het Dagelijks Bestuur regelt de taak en bevoegdheden van het personeel voor zover dit niet in deze gemeenschappelijke regeling geschiedt.

Veiligheidsregio ressorteren. Dit met uitzondering van de directeur Veiligheidsregio en de commandant brandweer. Rechtspositie. Artikel 24. 1. Op het personeel in dienst van de Veiligheidsregio zijn (ook) de landelijk voor het personeel van alle veiligheidsregio’s vastgestelde collectieve arbeidsvoorwaarden van toepassing. Daar waar deze collectieve arbeidsvoorwaarden niet in voorzien besluit het Dagelijks Bestuur. 2. Het Dagelijks Bestuur regelt de taken en bevoegdheden van het personeel voor zover dit niet in deze gemeenschappelijke regeling geschiedt.

HOOFDSTUK XII (Financiële bepalingen) Begroting. Artikel 25. 1. Het Dagelijks Bestuur stelt elk jaar een ontwerpbegroting op overeenkomstig de voorschriften van het Besluit begroting en verantwoording Provincies en Gemeenten. 2. De ontwerpbegroting en begrotingswijzigingen wordt minimaal 13 weken voordat deze wordt vastgesteld door het Algemeen Bestuur aan de raden van de deelnemende gemeenten gezonden om hen in de gelegenheid te stellen hierop te reageren.

HOOFDSTUK XII (Financiële bepalingen) Begroting. Artikel 25. 1. Het Dagelijks Bestuur stelt elk jaar een ontwerpbegroting op overeenkomstig de voorschriften van het Besluit begroting en verantwoording Provincies en Gemeenten. 2. De ontwerpbegroting en begrotingswijzigingen wordt minimaal 13 weken voordat deze wordt vastgesteld door het Algemeen Bestuur aan de raden van de deelnemende gemeenten gezonden om hen in de gelegenheid te stellen hierop te reageren. Het Dagelijks Bestuur voegt de zienswijzen met de nota van beantwoording bij de ontwerpbegroting en biedt deze aan het Algemeen Bestuur aan. 3. Het Dagelijks Bestuur stuurt de door het Algemeen Bestuur vastgestelde begroting vóór 1 augustus van het jaar, voorafgaand aan dat waarvoor de begroting dient, op aan gedeputeerde staten en de colleges van Burgemeester en Wethouders van de deelnemende gemeenten. 4. Besluiten tot wijzigen van de begroting kunnen tot uiterlijk het einde van het betreffende begrotingsjaar worden genomen. 5. In afwijking van het onder het tweede lid vermelde, kunnen begrotingswijzigingen, die niet leiden tot een verhoging van de

3. Het Dagelijks Bestuur stuurt de door het Algemeen Bestuur vastgestelde begroting vóór 15 juli van het jaar, voorafgaand aan dat waarvoor de begroting dient, op aan gedeputeerde staten en de colleges van Burgemeester en Wethouders van de deelnemende gemeenten. 4. Besluiten tot wijzigen van de begroting kunnen tot uiterlijk het einde van het betreffende begrotingsjaar worden genomen. 5. In afwijking van het onder het tweede lid vermelde, kunnen begrotingswijzigingen, die niet leiden tot een verhoging van de

pagina 19

De CAR/UWO is niet langer de voor het personeel van de VR geldende rechtspositieregeling.

Aanpassing conform Wet gemeenschappelijke regelingen

Versie 14 juni 2021

Aanpassing Gemeenschappelijke Regeling VRBZO gemeentelijke bijdragen, direct worden vastgesteld door het Algemeen Bestuur. Rekening. Artikel 26. 1. Het Dagelijks Bestuur stelt elk jaar de ontwerp jaarrekening met een jaarverslag van het voorgaande jaar op. 2. Het Algemeen Bestuur stelt de jaarrekening en het jaarverslag vast vóór 1 juli van het jaar volgend op het verslagjaar. 3. Het Dagelijks Bestuur stuurt de door het Algemeen Bestuur vastgestelde jaarrekening en jaarverslag vóór 15 juli van het jaar volgend op het jaar waarvoor de jaarrekening geldt op aan gedeputeerde staten en aan de colleges van Burgemeester en Wethouders van de deelnemende gemeenten. Verdeling der kosten. Artikel 27. 1. De rijksbijdragen als bedoeld in het Besluit Doeluitkering Rampenbestrijding alsmede de rijksbijdragen voor het In stand houden van de Geneeskundige hulpverlening voor Ongevallen en Rampen worden aangewend ter dekking van de kosten verband houdend met de uitvoering van de in de betreffende rijksbijdrageregeling genoemde wettelijke taken op het gebied van rampenbestrijding 2. De kosten die verband houden met de taken zoals genoemd in de bijlage onder b worden gedekt uit de bijdragen van de zorgverzekeraars en de aanvullende bijdragen van de gemeenten 3.

De kosten die verband houden met de taken zoals genoemd in de bijlage onder a, voor zover deze kosten kunnen worden toegerekend aan de politie, worden op basis van een in het convenant als bedoeld in artikel 5 op te nemen verdeelsleutel mede gedragen door de politie. 4. De kosten die verband houden met de taken zoals genoemd in de bijlage onder h worden gedragen door de betrokken gemeente(n).

gemeentelijke bijdragen, direct worden vastgesteld door het Algemeen Bestuur. Rekening. Artikel 26. 1. Het Dagelijks Bestuur stelt elk jaar de ontwerp jaarrekening met een jaarverslag van het voorgaande jaar op. 2. Het Algemeen Bestuur stelt de jaarrekening en het jaarverslag vast vóór 1 juli van het jaar volgend op het verslagjaar. 3. Het Dagelijks Bestuur stuurt de door het Algemeen Bestuur vastgestelde jaarrekening en jaarverslag vóór 1 juli van het jaar volgend op het jaar waarvoor de jaarrekening geldt op aan gedeputeerde staten en aan de colleges van Burgemeester en Wethouders van de deelnemende gemeenten. Verdeling der kosten. Artikel 27. 1. De Rijksbijdragen worden aangewend ter dekking van de kosten verband houdend met de uitvoering van de in de betreffende rijksbijdrageregeling genoemde wettelijke taken op het gebied van rampenbestrijding

pagina 20

Er is niet langer sprake van een specifieke doeluitkering maar van Rijksbijdrage van algemene aard

Vanwege gewijzigde aanwijzing RAV niet langer taak van de VR

Vanwege wijziging wetgeving rond meldkamer niet langer taak van de VR

Versie 14 juni 2021

Aanpassing Gemeenschappelijke Regeling VRBZO 5. De kosten die verband houden met de in de bijlage genoemde taken, met uitzondering van de in de bijlage onder b genoemde taken, worden door alle deelnemende gemeenten gedragen 6. De verdeling van de algemene kosten, alsmede de specifieke kosten, die gemaakt worden ten behoeve van de deelnemende gemeenten, geschiedt naar rato van de bijdrage aan de gemeente uit het gemeentefonds voor het onderdeel Openbare Orde en Veiligheid exclusief gemeentelijke rampenbestrijding en bluswatervoorziening. Vooralsnog zal in de begroting van de Veiligheidsregio worden aangegeven op welke wijze verdeling van de kosten in de overgangsperiode gaat plaatsvinden. Zodra een definitieve wijze van verdelen van de kosten bekend wordt zal dit middels de eerstkomende aanpassing van de gemeenschappelijke regeling worden bekrachtigd. 7. De bepaling en verdeling van de kosten als genoemd in de vorige leden het vorige lid van dit artikel geschiedt door het Algemeen Bestuur. De gemeenten betalen bij wijze van voorschot jaarlijks vóór 16 januari, 16 april, 16 juli en 16 oktober telkens een kwart van de begrote bijdragen als bedoeld in het vijfde lid. De gemeenten betalen de bijdragen, bedoeld in vierde lid, op basis van facturen, die de Veiligheidsregio hen daartoe zal toezenden 8.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=GemeenteBergeijk&id=7bbce182-c424-44ef-bfb3-6a4cee8aa688