Bijlage 14 GGD advies
Tekst van het document
19IK000528
BBS
Gezondheid.Milieu en VeiligheidBrabant TITEL TITEL
TITEL
INGEKOMEN GEMEENTE BERGEIJK
Gemeente Bergeijk t.a.v. de heer B. van Dorsten
0 5 MAART 2013
Postbus 10.000
No ........................................ Afd....................................... Kopie aan ............................
4
4
4
5570 GA BERGEIJK
TITEL TITEL
TITEL
TITEL TITEL
TITEL
Kenmerk:
UIT-19041034
Datum:
4 maart 2019
Behandeld door:
M. Scholtes/D. van Oudheusden
E-mail:
m.scholtes@ggdgmv.nl
Onderwerp:
Gezondheidskundige beoordeling
vergunningaanvraag
pluimveehouderij
4
4
Vlieterdijk 34 Luyksgestel
4
4
4
TITEL TITEL
TITEL
Geachte heer Van Dorsten, 4
4
Op 10 januari
2019 heeft de gemeente Bergeijk team Gezondheid, Milieu 8i Veiligheid GGD'en Brabant
(GMV) gevraagd considerans
4
te adviseren
over de gezondheidsaspecten
die de gemeente
met betrekking tot de wijziging van de vergunning
van
meeweegt in haar
de pluimveehouderij gelegen aan
de Vlieterdijk 34 te Luyksgestel. De uitkomsten van
het RIVM onderzoek
onderzoek 4 benadrukken
het belang
Veehouderij en Gezondheid (VGO)1' 2 ' 3 en het endotoxinen-
om gezondheid mee te wegen in de transitie
van
veehouderij. De GGD waardeert het dan ook dat de gemeente Bergeijk de GGD gevraagd gezondheidsrisico's
samenhangend
pluimveehouderij gelegen aan
met het verzoek
tot
wijziging
van
de Vlieterdijk 34 te Luyksgestel te benoemen.
de intensieve heeft om de
de vergunning
van
de
Door gebruik te maken
van het gegeven advies kan de gemeente gezondheid meewegen in haar besluitvorming rondom deze aanvraag. Bij de beoordeling »
heeft de GGD gebruik gemaakt
Het door de ondernemer
van:
ingevulde toetsingsinstrument
gezondheid en veehouderij5, toelichting
volksgezondheid, Van Dun advies 22 oktober 2018 1 Veehouderijen en gezondheid omwonenden (VGO), Maassen K, et al, 2016 2 Veehouderij en Gezondheid Omwonenden (aanvullende studies). Analyse van gezondheidseffecten, risicofactoren en uitstoot van bio-aerosolen, Hagenaars T, Hoeksma P, de Roda Husman AM, Swart A, Wouters, 2017 3 Veehouderij en Gezondheid Omwonenden (update huisartsengegevens 2014-2016) 4 Emissies van endotoxinen uit de veehouderij, Ogink, N, et al. 2016 5 Toetsingsinstrument gezondheid bij veehouderijen. Een risico-inventarisatie en -evaluatie. Nijdam, et.al, 2013.
TeamGezondheid, Milieu aVeiligheid Postbus 3024 5003 DA Tilburg Telefoon: 0900 - 368 68 68 Telefax: (073) 613 83 52 milieu@ggdgmv.nl
4
BBB
Gezondheid,Milieu en Veiligheid Brabant
»
Onderzoek geurbelasting, Van Dun Advies, d.d. 17 oktober 2018
»
Onderzoek luchtkwaliteit - Vlieterdijk 34 te Luyksgestel, Van Dun Advies, d.d. 22-10-2018
»
Landschappelijk inpassingsplan
«
BZV score
»
Toelichting bestemmingsplan
»
Briefgedeeltelijke intrekking omgevingsvergunning
In
de beoordeling
is de GGD ervan
aangeleverd
voor
beoordeling
is enkel rekening
geen rekening
- Vlieterdijk 34 te Luyksgestel uitgegaan
de vergunningaanvraag
milieu - 29 juni 2018 dat de gemeente
zelf de milieugegevens
door het bedrijf op juistheid heeft gecontroleerd.
gehouden met de uitbreiding aan
zoals Bij de
de Vlieterdijk 34 te Luyksgestel. Er is
gehouden met andere mogelijke gelijktijdige uitbreidingen binnen
de directe omgeving
van het bedrijf. Na een korte situatieomschrijving
wordt in deze adviesbrief voor geur, fijnstof/endotoxine
en zoönose
de gezondheidsrisico's geduid. Situatiebeschrijvĩng
In het toetsingsinstrument o
De aanvraag
worden de volgende aspecten door de ondernemer
betreft een uitbreiding van
beoogde situatie gehouden gaan wordt het aantal
benoemd:
een pluimveehouderij, waarbij
worden volgens
de vleeskuikens in de
het "goed nest principe". In de tabel hieronder
dieren in de vergunde en beoogde situatie weergegeven. Vergund
Vleeskuikens Melk- en kalfkoeien
ouder 2 jaar
Vrouwelijk jongvee tot 2 jaar
Verschil
Beoogd
101.950
106.468
+ 4. 518
62
62
-
44
44
-
Fokstieren en overige rundvee ouder dan 2 jaar
60
60
-
Volwassen
2
2
-
paarden
Tabel1; Overzichtvanwijzigingen met betrekking tot dieraantallen o
Het bedrijf is voornemens » »
de volgende aanpassingen
te realiseren:
Stal 1:in deze stal wordt melk- en vrouwelijk jongvee situatie. Evenmin wijzigt het aantal
te houden dieren.
Stal 5: in deze stal wordt eveneens
vrouwelijk jongvee
gehouden. Dit wijzigt niet in de beoogde gehouden. Tevens worden hier paarden
en fokstieren en overig rundvee ouder dan 2 jaar gehouden. Deze stal verandert in de beoogde situatie niet.
2
aas
Gezondheid.Milieu en VeiligheidBrabant
«
Stal 2,3,4:
in deze stallen
worden momenteel
per stal 22.500 vleeskuikens gehouden. In de
beoogde situatie zijn dit er 14.500 stuks per stal. Daarnaast een luchtmengsysteem voor droging van een warmtewisselaar «
voorzien
van
(BWL 2010.13. V6) in combinatie
met
(BWL 2011.02. V3).
Stal 6: in deze stal worden op dit moment 35.950vleeskuikens gehouden. De stal is voorzien van
mixluchtventilatie (BWL 2005.10.V4). In de beoogde situatie wordt de stal voorzien
een luchtmengsysteem voor droging van een warmtewisselaar «
strooisellaag
worden de stallen
strooisellaag
(BWL 2010.13. V6) in combinatie
Stal 8: nieuw te bouwen stal voor de huisvesting van 2010.13. V6) in combinatie
38.168 vleeskuikens. In de beoogde
van een luchtmengsysteem voor droging van strooisellaag
met een warmtewisselaar
Bij alle pluimvestallen is sprake van verticale uitstroom.
»
Aangegeven
wordt dat het - in het kader van het zo optimaal
- niet wenselijk is dat deuren open
staan.
mogelijk houden van de ventilatie
Door de aanwezige
gerealiseerd zodat er voldoende onderdruk in de stal aanwezig De dichtstbijzijnde woning
betreft een bedrijfswoning.
tussenruimtes is er een sluis is.
In de beoogde situatie ligt deze op circa 60
(Vlieterdijk 38). Op dit bedrijf wordt pluimvee gehouden,
o
De dichtstbijzijnde dorpskern is gelegen op 925 meter van het bedrijf (kom Luyksgestel).
o
Binnen
de bestaande
rondom
(BWL
(BWL 2018.05).
»
meter van de stallen
met
(BWL 2012.03. V3). Er zullen 24.800 vleeskuikens worden gehuisvest.
situatie wordt de stal voorzien
o
van
en beoogde situatie zijn 6 burgerwoningen
het bedrijf gelegen.
binnen
De dichtstbijzijnde burgerwoning
een straal van 1000 meter
is gelegen
op circa 887 meter
(Vlieterdijk 30). De ondernemer
o
is aanspreekpunt
gehouden. Aangegeven de hoogte
is voor klachten.
wordt dat de ondernemer
houdt van voorgenomen
activiteiten.
Door de ondernemer regelmatig
is een omgevingsdialoog
de omwonenden
spreekt en hen op
Mestrijden/ mixen ten behoeve van
de drijfmest
afkomstig van het rundvee vindt enkele malen per jaar plaats. Gezondheidskundige beoordeling
Door de GGD wordt in haar Deze waarden
zijn veelal
beoordeling strenger
gezondheid ook andere belangen
dan
gebruik gemaakt
van
de wettelijke waarden
gezondheidskundige advieswaarden. waarin
bij de vaststelling
naast
zijn meegewogen.
Emissies:
»
In een straal
van
1000 meter rondom
een longontsteking.
pluimveehouderijen hebben mensen
Dit verband is tussen 2009 en 2013
hoofdrapport
Veehouderij en Gezondheid van
een
analyse
nadere
van
de gegevens
elk jaar
Omwonenden
met krachtige
gevonden.
een grotere kans op In 2016 is dit in het
(VGO) ook al geconcludeerd, maar
statistische
technieken
bevestigt deze
BBS
Gezondheid,Milieu en Veiligheid Brabant
conclusies en onderbouwt ze steviger 6 . Het gaat gemiddeld om ongeveer
7,20Zo extra patiënten
het VGO-onderzoeksgebied.
Er zijn
en
mensen
voor
gevoeliger
dieren kunnen
maken
sterke aanwijzingen
dat fijnstof
componenten
huisartsgegevens
ervan
luchtweginfecties. Specifieke ziekteverwekkers afkomstig
echter niet worden uitgesloten 7. Echter in het VGO-3 rapport 2014-2016 werd geen verhoogd risico meer gevonden.
- nadere
in van
analyse
Niet duidelijkis of hier
daadwerkelijk sprake is van een trendbreuk. De GGD heeft geadviseerd de ontwikkelingen
op dit
gebied te volgen. *
Vanuit gezondheid, omgevingsbewust mening
van
handelen
de GGD gestreefd te worden naar
als ammoniak.
Immers, blootstelling
leiden tot gezondheidsproblemen
aan
een reductie van emissie van zowel geur, fijnstof
als luchtwegklachten
is uit de stallen,
het vrijkomende ammoniak
uit de stallen
blijkt dat de longfunctie
moet naar
fijnstof kan ook onder de wettelijke norm van 40 pg/m3
fijnstof dat direct afkomstig onderzoek
en zorgvuldige veehouderij bezien
en verminderde longfunctie.
vindt vorming
reageert
van secundair fijnstof plaats
met andere stoffen
lager is bij mensen
Naast
wanneer
het
doordat
in de lucht. Uit het VGO
de concentratie
ammoniak
in de
lucht hoog is. »
Uit de gegevens
zoals
hieronder
ammoniakemissie
afneemt
ten opzichte van de vergunde situatie, hetgeen
gezondheid
bezien.
De emissie van
in
de tabel
weergegeven
geur neemt
daarentegen
blijkt dat de fijnstoftoe ten
en
positief is vanuit opzichte
van
de
vergunde situatie, hetgeen tot een grotere geurbelasting zou kunnen leiden. In de paragraaf geur wordt hier nader op ingegaan. Vergund
Geur(OU) Ammoniak
Beoogd
35.134,44
33.643,5 (kg/jaar)
4501,8
Fijn stof PM10 (g/jaar)
2.262.088
Verschil
+ 1.490,94
3577,128-
-924,672
1.574.038
-688.050
Tabel2; Overzichtvantotaal-emissies
Afstanden o
Uit onderzoek
blijkt dat verkleining
blootstelling
aan
toename
bepaalde
van de afstand
stofdeeltjes,
tussen emissiepunt en woning
endotoxinen
en
micro-organismen;
leidt tot hogere hetgeen
tot
een
van gezondheidsrisico's leidt.
De afstand
van het dichtstbijzijnde dierenverblijf tot het geurgevoelige object aan
bedraagt
60 meter (stal 8, vleeskuikens). De afstand
de Vlieterdijk 38
tussen het emissiepunt van
stal 8 en het
6 Hagenaars T; Hoeksma P; de Roda Husman AM; Swart A; Wouters I (2017). Veehouderij en Gezondheid Omwonenden (aanvullende studies) : Analyse van gezondheidseffecten, risicofactoren en uitstoot van bioaerosolen. DOI 10.21945/RIVM-2017-0062 7 Smit, L. A., Boender, G. J., de Steenhuijsen Piters, W. A., Hagenaars, T. J., Huijskens, E. G., Rossen, J. W., ... 8i Bogaert, D. (2017). Increased risk of pneumonia in residents living near poultry farms: does the upper respiratory tract microbiota play a role?. Pneumonia, 9(1), 3.
BBB
Gezondheid,Milieu en Veiligheid Brabant
dichtstbijzijnde geurgevoelige object behorend tot een andere veehouderij bedraagt circa 83 meter (Vlieterdijk 38). Voor
rundvee en
paarden
zijn geen
geuremissiefactoren
dierverblijven voor rundvee en paarden minimaal waarin
opgenomen.
De afstand
tussen de
(stal 1 en 5)en het dichtstbijzijnde geurgevoelige object is
199 meter (Vlieterdijk 38). Door de GGD wordt een afstand dieren worden gehouden zonder geuremissiefactor
van
pluimvee is het mogelijk
te
aangehouden
voor stallen
100 meter (VNG). Hieraan
wordt
voldaan. o
Voor
gezondheidskundige advieswaarde
om
een
berekening
voor endotoxine
de GGD als kritisch beoordeeld. In de paragraaf
maken
binnen
wordt overschreden.
endotoxine
welke
afstand
Deze afstand
de
wordt door
wordt hier nader op ingegaan.
Geur: o
Geur kan
leiden tot (ernstige)
hinder en daarmee
samenhangend
klachten
als misselijkheid,
hoofdpijn, prikkeling van slijmvliezen, irritatie van ogen en neus en slaapproblemen. wordt voor geur gezondheidskundige advieswaarden
gehanteerd,
Door de GGD
gebaseerd op het onderzoek
van
Geelen et al. 8 Toetsingswaarden: o
Het standpunt van de GGD is dat het onderzoek van Geelen et al. op dit moment het best beschikbare beeld van de relatie tussen achtergrondgeurbelasting
van veehouderij en mate van
(ernstige) geurhinder geeft, omdat dit onderzoek het meest recent is uitgevoerd en er een grotere populatie gebruikt is. Vanuit gezondheid wordt als maximum percentage
geurgehinderden 120Zo
voor een woonkern
houdend met de
en 20 oZo voor het buitengebied gehanteerd.
Rekening
resultaten uit het onderzoek van Geelen et al. betekent dit dat op basis van de algemene blootstellingsrespons
relatie voor het buitengebied als maximum een achtergrondgeurbelasting
10 OU/m3 en voor een woonwijk waarden
uit de provinciale
provinciale
verordening
5OU/m3 wordt gehanteerd.
verordening,
Deze waarden
die gerelateerd zijn aan
wordt uitgegaan
wijken af van de
het PRA onderzoek.
van een achtergrondbelasting
van
in de woonkern
In de van 10
OU/m3 en in het buitengebied van 20 OU/m3 . In het rapport "onderzoek geurbelasting, Vlieterdijk 34 te Luyksgesteľ' wordt door Van Dun advies kort toegelicht waarom
getoetst wordt aan
de waarden
uit de provinciale
verordening.
De GGD
merkt op dat - zoals in het duidingsonderzoek van het RIVM is te lezen (https://www.rivm.nl/documenten/oplegnotitie-resultaten-duidingsonderzoek-en-bouwstenen-voorbeleid), er kanttekeningen
te zetten bij zowel het PRA onderzoek als het GGD/ IRAS onderzoek.
8 Geurhinder van veehouderij nader onderzocht: al, 2015
meer hinder dan Handreiking
De
Wgv doet vermoeden?, Geelen L. et
BBS
Gezondheid,Milieu en VeiligheidBrabant
conclusie uit het duidingsonderzoek luidt: "Het PRA en het GGD/IRAS onderzoek verschillen in diverse opzichten van elkaar.
Er zijn een aantal
factoren
geïdentificeerd die tussen beide studies
verschillen en die van invloed kunnen zijn op de ligging van een geurhindercurve. De mate waarin
o
deze factoren
van invloed zijn op de ligging van de blootstelling-respons
kwantitatieve
zin aan
responsrelatie
uit het onderzoek van Geelen et al.
te geven." Zoals hierboven aangegeven,
Voor de voorgrondgeurbelasting de handreiking normen,
op wetenschappelijke
hanteert de GGD blootstellings-
wordt door de GGD aangesloten
Wgv voor een niet-concentratie
bij de waarden
concentratiegebied
inzichten in de blootstelling-responsrelatie
genoemde
vastgestelde
waarden.
tot de wettelijke
zijn gebaseerd. In de Wet
tussen concentratiegebieden
De GGD vindt dat het onderscheid tussen concentratiegebied
zou moeten vervallen,
De hierboven
uit bijlage 6-7 van
gebied omdat deze, in tegenstelling
geurhinder en veehouderij (Wgv) wordt een onderscheid gemaakt niet-concentratiegebieden.
relatie is niet in
waarden
af van
de in de geurverordening
Bergeijk heeft op
30
maart
van
de bebouwde kom geldt een maximale
de gemeente
2017 de geurverordening
vastgesteld. In het buitengebied van de gemeente Bergeijk geldt nu een maximale 10 OU/m3 . Binnen
en niet-
omdat deze niet gezondheidskundig is onderbouwd.
wijken
De gemeente
en
geurnorm van
geurnorm van 3 OU/m3 .
Opmerking: Wanneer eenjuridischetoets wordtuitgevoerd, zal getoetstwordenaande waarden zoalsopgenomen in de geurverordening. Vanuit gezondheid verdient het de voorkeur te toetsen aan de gezondheidskundige advieswaarden. Bij overschrijding van dezeadvieswaarden kan de gemeente het gesprekmet de ondernemer aangaan om te bekijkenof aanvullende maatregelen op vrijwillige basis genomen kunnen wordenom te strevennaareenverbetering vanhetwoonenleefklimaat. In onderstaande
tabel staat de berekende geurbelasting op de hoogst belaste locatie. Buitengebied
Woonkern
max. gezondheids
Voorgrond
Achtergrond
Voorgrond
Achtergrond
2
5
5
10
1,1 (Vlieterdijk 30)
13,0
kundige advieswaarde
huidige situatie
1,0 (Dorpstraat
63)
4,0 (Dorpstraat
63)
(Schatersdijk 24)
4,1 (Vlieterdijk 30) beoogde situatie
1,0 (Dorpstraat
63)
4,0 (Dorpstraat
63)
1,1 (Vlieterdijk 30)
13,0
(Schatersdijk 24)
4,1 (Vlieterdijk 30)
6
BBS} Gezondheid.Milieu en Veiligheid 8ratant
»
Voorqrondqeurbelastinq In
bovenstaande
tabel
wettelijke emissiefactor advieswaarde
voor
staat
de berekende voorgrondgeurbelasting.
voor vleeskuikens. Uit de berekeningen
de voorgrondgeurbelasting
Er is gerekend
met de
blijkt dat de gezondheidskundige
niet wordt overschreden
en/of
verslechtert ten
opzichte van de huidige situatie. Hierbij wordt opgemerkt dat er naast
vleeskuikens ook melk-/ vrouwelijk jongvee,
fokstieren
en
overige rundvee ouder dan 2 jaar op het bedrijf zelf wordt gehouden. Voor deze dieren geldt dat er geen
wettelijke emissiefactor
worden in de berekening
is vastgesteld, waardoor
van de geurbelasting.
deze dieren ook
De feítelijke geurbelasting
niet meegenomen
kan daardoor
mogelijk
hoger liggen dan berekend. Dit geldt voor zowel de huidige als beoogde situatie. Het aantal
dieren
dat gehouden wordt zonder wettelijke emissiefactor veranderd niet in de aanvraag. Opmerking:
per 1-10-2016 is de Regeling
geurhinder en
emissiefactor
voor vleeskuikens is gewijzigd naar
0,33
veehouderij (Rgv) gewijzigd. De
OU/s/dier, waarmee
de ondernemer
heeft
gerekend. Deze emissiefactor is het gemiddelde voor de gehele groeiperiode van 6 à 7 weken. Dit gemiddelde houdt naar emissiepatroon
van
mening
van
vleeskuikens,
de GGD waarschijnlijk
waarin
met
name
onvoldoende
de laatste
rekening
met het
weken
van
twee
het
productieproces de geurbelasting hoger ligt. »
Achterqrondqeurbelastinq De achtergrondgeurbelasting
in de woonkern
verandert door de voorgenomen
wijziging niet en
blijft onder de gezondheidskundige advieswaarde van 5OU/m3 . De achtergrondgeurbelasting zowel
in in
het buitengebied overschrijdt op de hoogst
(Schatersdijk
24)
de vergunde
advieswaarde.
Hierbij wordt opgemerkt
als
beoogde
situatie
belaste
locatie
de gezondheidskundige
dat de achtergrondgeurbelasting
op deze locatie
niet
wijzigt ten gevolge van de voorgenomen
ontwikkeling.
Uit de gegevens uit het geurrapport blijkt
dat
34
substantiële
het
bedrijf aan
de Vlieterdijk
achtergrondgeurbelasting;
geen
de achtergrondgeurbelasting
bijdrage
op deze locatie
levert
aan
deze
wordt veroorzaakt
door
een ander bedrijf/ andere bedrijven Op
alle
overige
doorgerekende
woningen
blijft
de achtergrondgeurbelasting
onder
de
gezondheidskundige advieswaarde. Doordat er ook dieren zonder wettelijke emissiefactor op het bedrijf worden gehouden (en ook in de directe omgeving:
Vlieterdijk 29, 33
achtergrondgeurbelasting
hoger
emissiefactor niet in berekeningen
liggen
en 44 (bron Web BVB Noord Brabant) dan
berekend
worden meegenomen.
is,
omdat
dieren
kan de werkelijke zonder
wettelijke
Gezondheid,Milieu en VeiligheidBrabant
Fiinstof: o
Blootstelling
aan
fijnstof (PM2,5-PM10) kan leiden tot luchtwegklachten, acute klachten van ogen,
neus en
bovenste
luchtwegen, verminderde longfunctie.
momenteel
op 31,2
pg/m3 (maximaal
50 pg/m3 per jaar).
De wettelijke norm
40 pg/m3 , met maximaal
belasting
van
Vandaar
dat de WHO deze norm heeft aangescherpt
voor
PM10 ligt
35 overschrijdingsdagen
met een
Ook onder deze norm worden gezondheidseffecten en de volgende strengere normen
gevonden. hanteert:
PM2,5:
Jaarlijksgemiddelde:
10 pg/m3
Maximale24-uursbeiasting:
25 pg/m3
PMio:
Jaarlijksgemiddelde:
20 pg/m3
Maximale24-uursbeiasting:
50pg/m3
Een toename
van
de fijnstofbelasting
voorkomen
vermindering van gezondheidsrisico's. van de fijnstofbelasting De ondernemer
Daarom
is een belangrijke
preventieve maatregel
is de GGD van mening dat minimaal
voor
een toename
vanuit gezondheidskundig oogpunt moet worden voorkomen.
heeft onderbouwd welke maatregelen
genomen
worden
om
de uitstoot te
beheersen. Op alle stallen waar pluimvee wordt gehouden worden emissie reducerende technieken toegepast
in de vorm van warmtewisselaars.
niet in alle stallen 2012.03.V3
is
(13 07o).
blijkt dat de hoogste
concentratie
situatie (Vlieterdijk 38) en in de beoogde fijnstofbelasting
warmtewisselaars
gelijk. De BWL 2018.05 heeft de hoogste emissiereductiefactor (5007o), de BWL
de laagste
Uit de gegevens
De efficiency van de toegepaste
op de hoogst
gezondheidskundig
oogpunt
fijn stof (PM10) 22,32
pg/m3 in de huidige
situatie 21,99 pg/m3 bedraagt.
Dit betekent dat de
belaste
locatie
positief
is.
in de beoogde
Desondanks
situatie afneemt,
wordt
hetgeen
vanuit
advieswaarde
nog
20 pg/m3 voor
PM10
de WHO
overschreden. Ook op drie andere
doorgerekende
woningen
(jaarlijks
gemiddelde belasting)
rekening
gehouden te worden met een eventuele zeezoutcorrectie.
De hoogste bronbijdrage
overschreden.
wordt de WHO-norm
De hoogste concentratie
Vanuit gezondheidskundig oogpunt
van het bedrijf wordt berekend op de woning
neemt in de beoogde situatie af van 2,01 naar
van
aan
dient er geen
de Vlieterdijk 38. Deze
1,68 pg/m3 .
fijn stof (PM 2,5) bedraagt in de beoogde situatie 16,8 pg/m3 (Vlieterdijk
38). Op alle doorgerekende
locaties ligt de berekende waarde boven de WHO-norm van
voor PM2.5 (jaarlijks gemiddelde belasting).
10 pg/m3
BBB
Gezondheid,Milieu en Veiligheid Brabant
Endotoxine: o
De GGD is van mening dat endotoxinen
een betere parameter
via inademing
en chronische effecten op de luchtwegen (niet allergische
acute luchtwegklachten
is dan fijnstof. Endotoxinen
kunnen
astma en COPD) veroorzaken. o
Op basis van de handreiking
endotoxine 9, opgesteld door het Ondersteuningsteam,
van de fijn stof emissie de afstand advieswaarde
van
(fijnstofuitstoot:
endotoxine 2.242.900
berekend waarbinnen
naar
verwachting
(30 EU/m3 ) wordt overschreden.
is aan
de hand
de gezondheidskundige
Deze ligt in de huidige situatie
g/jaar op basis van emissie door vleeskuikens) op circa 289 meter van
het bedrijf. In de beoogde situatie (fijnstofuitstoot: vleeskuikens) bedraagt de berekende afstand:
1.554.850 g/jaar
op basis van
emissie door
circa 241 meter.
In de huidige situatie liggen er twee bedrijfswoningen
binnen
de richtafstand
van endotoxinen,
in
de beoogde situatie is dat er nog maar één. Wanneer
mensen
in
gezondheidskundige
een
gebied wonen
advieswaarde
voor
waar
sprake
endotoxine,
stallen
het een bedrijfswoning
waarschijnlijk
een aanzienlijke
opzichte van de blootstelling «
Wanneer sprake
aan aan
dit dat
endotoxine.
betreft, de blootstelling hogere belasting
overschrijding
aan
van
er door een
worden overschreden.
de diersoorten
stofemissiefactor
Factoren
in de lucht zijn afstand
endotoxine
endotoxine
opeenstapeling welke de grootste
verhoogd
vanuit hun eigen
met zich meebrengt ten
de opeenstapeling
van
nabijheid liggen is er
endotoxine-uitstoot
mate van
invloed
tot een veehouderij en het aantal
die een hoge stofemissiefactor
ook bij aan
een
hebben, dragen
van de endotoxine
hebben op
dieren.
diersoorten
concentraties
de 30
met een lage
in de lucht.
Zoönosen
Door het ontbreken o
Binnen
van kwantitatieve
normen
is voor zoönose een kwalitatieve
het bedrijf worden meerdere diersoorten
worden gehouden in traditioneel vleeskuikenstallen
de
afkomstig van Vlieterdijk 34.
cumulatie, waardoor
endotoxine-concentraties
zij
van
Hierbij wordt opgemerkt
er meerdere veehouderijen zoals in het huidige gebied in eikaars
(EUj/m3 kan Naast
een
betekent
gezondheidsrisico lopen ten gevolge van de blootstelling dat wanneer
is van
beoordeling
gemaakt,
bedrijfsmatig gehouden. Melkvee en paarden
huisvestingssysteem en worden tevens beweid. De
worden dicht uitgevoerd. Er is bij de vleeskuikens sprake van een all-in-all
principe. Hierdoor zijn er niet meerdere leeftijdscategorieën
op het bedrijf aanwezig.
9 Notitie Handelingsperspectieven Veehouderij en Volksgezondheid: Endotoxine Ondersteuningsteam Veehouderij en Volksgezondheid 25 november 2016
toetsingskader
1.0
out
BBS
Gezondheid.Milieu en Veiligheid Brabant
o
De afvoerputten
van rundveemest zijn gesitueerd aan
de buitenzijde van de melkveestal. De mest
van het pluimvee wordt afgevoerd op het moment dat er geen pluimvee op het bedrijf aanwezig o
Een dierenarts komt regelmatig op het bedrijf (iedere 4 weken, 2x per ronde).
o
Er wordt aangegeven wonen
dat de ondernemer
zijn kennis op peil houdt "door bijeenkomsten
en overleg te voeren met specialisten zoals vertegenwoordigers
antwoord
gegeven op de vraag
naar
een opleidingsplan,
is voor scholing op het gebied van zoönosen een gestructureerd opleidingsplan noodzakelijk o
waarin
en dierenarts". Er is geen
waaruit niet duidelijkblijkt of er aandacht
en hygiënemaatregelen.
aandacht
De GGD is van mening dat
voor zoönosen
en hygiëne geborgd is,
ter voorkoming
van insleep, verspreiding en
is in een moderne bedrijfsvoering.
De ondernemer
beschrijft de hygiënemaatregelen
uitstoot van zoönose op het bedrijf, zoals een hygiënesluis, ongediertebestrijding. de voorgestelde hygiëne maatregelen geen hygiënesluis aanwezig schoon
bij te
Het nemen van
beoordeelt de GGD als positief. Opgemerkt wordt dat er
is in alle stallen.
Hierdoor is er geen strikte scheiding tussen het
bedrijfsgedeelte en de rest van het bedrijf. Bij de bouw van een nieuwe stal en
verbouwing van stallen raadt de GGD aan
de mogelijkheden voor een hygiënesluis per stal te
overwegen. o
De scheiding tussen het schone en niet-schone stallen. Voordat iemand de stallen laarzen
o
bij de ingang
bedrijfsgedeelte is gelegen op de rand van de
bezoekt moet bedrijfskleding worden gedragen en worden de
van de stallen ontsmet.
Op het bedrijf is geen afzonderingsruimte
aanwezig.
Zieke dieren worden individueel behandeld,
indien nodig worden die dieren in een hoek van de stal afgezonderd van de rest van de stal. Het is het advies van de GGD na te gaan
of een quarantaineplek
meegenomen
kan worden bij de
nieuwbouw en/of verbouw van stallen. o
Er is geen uitloop van vleeskuikens. Dit beoordeelt de GGD gunstig omdat voorkomt pluimvee in aanraking
o
komt met trekvogels en zo bijdraagt aan
het verkleinen van de kans op
besmetting van pluimvee met aviaire
influenza.
De GGD is positief over deelname aan
IKB kip en Goed nest kip vanwege
hygiëne en antibioticareductie. te gaan
Wel is het van belang
of het bedrijf nog voldoet aan
dat het
de aandacht
voor
om op dit moment en ook in de toekomst na
de eisen van IKB kip. Het aangeleverde
IKB Kip certificaat
heeft een vervaldatum van april 2018. o
De ondernemer
doet mee met "Goed nest kip". Een onderdeel van dit concept is aandacht
antibioticareductie.
Daarnaast
geeft de ondernemer
aan
dat het gebruik van antibiotica
is. De GGD onderstreept het belang van antibioticareductie o
en de blijvende aandacht
De grootte van bedrijven kan van invloed zijn op het voorkomen bedrijf is er meer transport en aanvoer
van en naar
van veevoer, waardoor
voor
minimaal hiervoor.
van ziekten. Bij een groter
het bedrijf, komen er meer (beroepsmatige)
de kans op insleep vergroot wordt. Daarnaast
bezoekers
kan een ziekte
is.
BBSS Gezondheid.Milieu en Veiligheid Brabant
zich sneller verspreiden onder een grote veestapel. Om het risico te verkleinen belangrijk om hygiënemaatregelen
is het extra
goed toe te passen en een regelmatige begeleiding van een
dierenarts om de gezondheidsstatus van de dieren te monitoren, o
Op het bedrijf worden zowel runderen als pluimvee (en paarden) salmonellatypen,
zoals Salmonella
Typhimuriumen Salmonella
gehouden. Sommige Enteritidis komen bij zowel
pluimvee als runderen voor. Om verspreiding tussen verschillende diersoorten te voorkomen het erg belangrijk om verspreiding tussen de diersoorten te voorkomen.
is
De GD (bron
https://www.qddierqezondheid.nl/dieraezondheid/dierziekten/salmonellose-rund) geeft hierover aan:
"Als er op uw melkveebedrijf andere diersoorten
zijn, zorg er dan voor dat uw
runderen niet direct of indirect met de mest van deze dieren in contact verschillende diersoorten
apart, en gebruik bij uw runderen aparte
bedrijfskleding en laarzen.
Breng met uw dierenarts risico's door kruisende loop- en werklijnen op
het erf in beeld. Gebruik paardeno
komen. Huisvest de
werktuigen, gereedschappen,
en pluimveemest niet als boxbedekking."
De GGD merkt op dat de dichtstbij gelegen gevoelige bestemmingen een toename
van het aantal
gehouden dieren (4500in totaal
worden geconfronteerd
t.o.v. vergunde situatie). Wanneer
er een zoönose optreedt die via de lucht wordt verspreid, is bij een verhoging dieren de pathogenenuitstoot
naar
(risico beïnvloedende) factoren
een rol zoals ziektebeheersing,
pathogeen,
vatbaarheid
van de omwonenden
sluiten is dat er een verhoging o
de omgeving
van het aantal
mogelijk hoger. Hierbij spelen echter meerdere windrichting, aard van het
etcetera, waardoor
vooraf
niet te stellen of uit te
van het risico is ten opzichte van de huidige situatie,
De GGD adviseert de veehouder/medewerkers om zich jaarlijks te laten vaccineren (om te voorkomen
dat menselijke en dierlijke griepvirussen gaan
type van het griepvirus gaat circuleren). Deze griepvaccinatie meer informatie:
met
tegen griep
mengen en dat er een nieuw
is verkrijgbaar
bij de huisarts Voor
www.Stigas.nl
Transporten landschappelijke inpassing:
Naast
maatregelen
op bovenstaande
aspecten
zijn door
het bedrijf maatregelen
gezondheidsrisico te beheersen die niet vallen onder vergunningseisen wel in gemeentelijk beleid ingebed kunnen worden, zoals transport Uit het toetsingsinstrument o
geurbelasting
acceptatie
van
landschappelijke
als hinderlijk ervaren,
bron/activiteit.
inpassing
dergelijke maatregelen
om
van een individueel bedrijf maar
en landschappelijke
inpassing.
blijkt dat:
Of mensen
een
te nemen
Factoren
wordt onder meer beïnvloed door de mate van zoals
routing
spelen daarbij een rol. Daarom
belangrijk
is om de acceptatie
en
aantal
transportbewegingen
is GMV van mening
door omwonenden
dat het nemen
te bevorderen.
en van
BBS Gezondheid,Milieu en Veiligheid 8raban?
»
Het is (bijna)
niet
mogelijk
de routing
mesttransport
zodanig
te laten
plaatsvinden
Bergeijk worden ontweken,
De meeste transportbewegingen in de dagperiode plaats. nachtelijke
»
dat de kommen van
Luyksgestel, Weebosch en
Vanuit beheersing van gezondheidskundige
voor de aan-
en afvoer van mest, materialen
De afvoer van dieren vindt in de nachtperiode
en voer vinden
plaats.
van de nachtrust en dient naar
Transport
mening
in
van de
zoveel mogelijk te worden vermeden. Mocht dit niet vermeden kunnen worden,
dan raden wij aan omwonenden
met levende dieren en
door de bebouwde kom zoveel mogelijk te voorkomen.
uren kan leiden tot een verstoring
GGD daarom
het vrachtverkeer
aldus de ondernemer.
risico's wordt geadviseerd transport »
van
de laadplaats
zodanig
te situeren dat de mogelijke geluidshinder voor
zoveel mogelijk beperkt wordt.
In de beoogde situatie zal het bedrijf worden omgeven landschappelijke
inpassing
door een bossingel
in het kader van
van de locatie.
Conclusies
De GGD concludeert dat wanneer o
de gevraagde vergunning
In de beoogde situatie is sprake van een afname ammoniakemissie daarentegen
verleend wordt dat:
van de fijnstofemissie (circa 30 0zb) en de
(-20 07o) ten opzichte van de vergunde situatie. De emissie van geur neemt
in de beoogde situatie toe met circa 40zb. Vanuit gezondheid is dit laatste een niet
gewenste ontwikkeling
omdat dit zou kunnen leiden tot een beperkte toename
van de
geurbelasting bij omwonenden. o
Binnen
een straal van 1 kilometer van het bedrijf liggen verschillende woningen.
onderzoeken afstand
bleek er een verhoogd risico op longontsteking
voor mensen die wonen
geldt het advies vanuit gezondheid om in te blijven zetten op een verlaging
fijnstofconcentratie. longontsteking.
Immers fijnstof kan ook tot andere gezondheidseffecten
deze
efficiënt systeem om de fijnstofbelasting of een verdere optimalisatie
van de
leiden dan
De GGD waardeert het dat de fijnstofemissie vanuit het bedrijf aan
34 verlaagd wordt. Wel wordt opgemerkt dat niet alle stallen worden voorzien
o
binnen
van pluimveehouderijen. Hoewel in het laatste VGO onderzoek dit verband niet meer werd
aangetoond,
gaan
Uit eerdere VGO
de Vlieterdijk
van een even
te reduceren. Geadviseerd wordt in een gesprek na te
hierin mogelijk is. De fijnstofbelasting
op leefniveau overschrijdt
op een aantal
locaties weliswaar niet de wettelijke norm, maar wel de gezondheidskundige
advieswaarde
(WHO-norm 20 pg/m3 voor PM10 (jaarlijks gemiddelde belasting)),
De voorgrondgeurbelasting
op de doorgerekende
woningen
overschrijdt zowel in de huidige als
beoogde situatie niet de gezondheidskundige advieswaarden
en verslechtert ook niet in de
beoogde situatie ten opzichte van de huidige situatie. Dit is positief, o
In het buitengebied wordt op één van de doorgerekende situatie de vanuit gezondheid gehanteerde
locaties zowel in de huidige als beoogde
advieswaarde voor de achtergrondgeurbelasting
overschreden (Schatersdijk 24). De situatie verslechtert in de beoogde situatie niet ten opzichte
BBB
Gezondheid.Milieu en Veiligheid Brabant
van nu en uit het geurrapport blijkt dat het bedrijf aan aan
de achtergrondgeurbelasting
de Vlieterdijk 34 niet in substantiële mate
op deze locatie bijdraagt. Bij een achtergrondgeurbelasting
de 10 OU/m3 ligt op basis van de algemene
blootstellingsrespons
boven
relatie het percentage
geurgehinderden boven de 20 o7o. »
Opgemerkt wordt dat bij de berekeningen
gebruik is gemaakt
van de wettelijke emissiefactor
voor vleeskuikens, die naar
mening van de GGD de geurbelasting in de laatste
productiefase onderschat.
Bovendien geldt dat naast
Vlieterdijk 34, in de directe omgeving
2 weken van de
het rundvee op het bedrijf aan
rundveehouderijen liggen. Voor melkkoeien
zijn geen
wettelijke emissiefactoren
vastgesteld, waardoor
achtergrondgeurbelasting
wordt berekend. De werkelijke voor- en achtergrondgeurbelasting
kan hierdoor hoger liggen. Wanneer gemaakt
berekening
deze niet worden meegenomen
de
wanneer
een
er klachten zijn over geurhinder door dit bedrijf, zou een
kunnen worden met een hogere geuremissiefactor voor de laatste twee
weken van de productiecyclus (0,8 OU/s/dier). Deze waarde is berekend door de Omgevingsdienst Zuid Oost Brabant
in samenwerking
bij een dergelijke geurbelasting het te verwachten meerdere woningen
ervaren *
gewenning
geurgehinderden is en of op
wordt bepaald door meerdere factoren
en vertrouwdheid met de bron). Ook communicatie
wordt. De GGD adviseert daarom
(zoals
beïnvloedt hoe hinder
de gemeente:
gezamenlijk
met de ondernemer te communiceren
toekomstige
(geur-)situatie en over genomen
omgevingsdialoog
percentage
dan de gezondheidskundige advieswaarde wordt overschreden.
De werkelijke hinder die in de praktijk wordt ervaren, intensiteit,
met de WUR. Berekend kan worden wat
gehouden en is aangegeven
met de inwoners
maatregelen.
over de huidige en
Door de ondernemer
is een
dat al regelmatig met de buurtcontact
gehouden wordt. Dit waardeert de GGD. *
te onderzoeken
of de bewoners de geurbelasting als hinderlijk ervaren
is, via een gebiedsgerichte aanpak *
o
o
de cumulatieve geurbelasting te reduceren.
te controleren
op de werkelijke emissie en -belasting
goede borging
in te passen in de vergunning
controle
en handhaving
en indien dit het geval
van dit bedrijf op de omgeving
en een
of in gemeentelijk beleid zodat, indien nodig, tot
kan worden overgegaan.
In de beoogde situatie ligt nog maar één bedrijfswoning
binnen
de endotoxine
situatie zijn dit er 2. Bewoners wonend
binnen
verhoogd risico op gezondheidsklachten
ten gevolge van de blootstelling
deze berekende endotoxineafstand aan
aan
wordt opgemerkt dat bij een bedrijfswoning
de blootstelling
waarschijnlijk
ten gevolge van het bedrijf aan
hoger ligt dan de blootstelling
cirkel. In de huidige
endotoxine
lopen een
endotoxinen.
Hierbij
vanuit de eigen stal de Vlieterdijk 34.
Wel liggen er in de directe nabijheid meerdere veehouderijen, die een bijdrage kunnen leveren aan de cumulatie van endotoxine.
13
TITEL TITEL
TITEL
Gezondheid,Milieu en Veiligheid Brabant
De gemeente wordt geadviseerd door de omgevingsdienst van endotoxinen
een indicatieve kaart van de cumulatie
op te stellen om zo enig inzicht te krijgen in de mogelijkheid dat er sprake is van
een risico door cumulatie in dit gebied. o
Ten aanzien
van het risico op verminderen van zoönose(overdracht)
gescheiden van elkaar gehouden en neemt de ondernemer zijn er vaste afspraken antibioticareductie de ondernemer
aandacht
na te gaan
Ook
voor het belang van
mee met IKB kip en "Goed nest kip". De GGD adviseert
om voor enkele punten (zoals aparte opvangplek
hygiënesluizen, griepvaccinatie)
zieke dieren, opleidingsplan,
of er nog verbetering mogelijk is. Daarnaast
de GGD de gemeente om nu en in de toekomst na te gaan certificaat
verschillende hygiënemaatregelen.
met een dierenarts, heeft de ondernemer
en doet de ondernemer
worden diersoorten
of de ondernemer
adviseert
een geldig IKB kip
heeft.
Deze gezondheidskundige beoordeling
is door de GGD opgesteld en kan
door de gemeente
gebruikt
worden in haar besluit betreffende de vergunningverlening. Als u nog vragen
heeft over dit advies, kunt u contact
opnemen
met team GMV, telefoonnummer
3 68 68 68. Met vriendelijke groet,
' O
M. Scholtes
D. van Oudheusden
Adviseur milieu en gezondheid
Arts Maatschappij
en Gezondheid,
Infectieziektebestrijding
4
4
4
4
4
4
0900