bijlage 1 Plan van Aanpak Op weg naar de Bergeijkse Omgevingsvisie.pdf
Tekst van het document
Plan van aanpak Op weg naar de Omgevingsvisie Bergeijk Gemeente Bergeijk
Plan van aanpak Op weg naar de Omgevingsvisie Bergeijk Gemeente Bergeijk
Datum 8 augustus 2019 Projectgegevens TOE01-0254513-01B
Datum vrijgave
Opsteller(s)
Projectleider
Vrijgave
08-08-2019
EB
EB
SvE
Vestiging Oosterhout Beneluxweg 125 4904 SJ Oosterhout T: +31 (0)162 48 75 00 www.croonenburo5.com
Vestiging Maastricht Wim Duisenbergplantsoen 21 6221 SE Maastricht T: +31 (0)43 325 32 23 info@croonenburo5.com
Plan van aanpak Op weg naar de Omgevingsvisie Bergeijk
Gemeente Bergeijk
Inhoud 1
Inleiding
1
1.1 1.2 1.3
2021: inwerkingtreding Omgevingswet Eigentijds omgevingsbeleid Op weg naar de Omgevingsvisie voor Bergeijk
1 1 2
2
Routekaart BOVI: Bergeijkse Omgevingsvisie
3
3
Stappenplan Bergeijkse Omgevingsvisie (BOVI)
4
3.1 3.2 3.3 3.4 3.5
Communicatie en participatie Fase 1: Inventariseren, analyse en bewustwording: De staat van Bergeijk. Fase 2: Opgaven en ambities: De bouwstenen voor de toekomst. Fase 3: Visievorming: Verbinden en verdiepen. Fase 4: de Bergeijkse omgevingsvisie (BOVI)
4 5 6 7 7
4
Samenhang en afstemming
9
5
Uitvoering
11
5.1 5.2 5.3
Organisatie Planning Financiën
11 11 11
Bijlage: 1. 2.
Presentatie informatieve raadsbijeenkomst Samenvatting interactieve sessie raadsbijeenkomst
CroonenBuro5
Plan van aanpak Op weg naar de Omgevingsvisie Bergeijk
Gemeente Bergeijk
1
Inleiding
1.1
2021: inwerkingtreding Omgevingswet In 2021 treedt de Omgevingswet in werking. De Omgevingswet vervangt 26 wetten op het gebied van ruimtelijke ordening, water, milieu, verkeer en natuur en bundelt deze in 1 wet. Het belangrijkste doel is om zo integraal mogelijke, en daarmee betere, afwegingen en keuzes te kunnen maken. De Omgevingswet zet daarom in op: minder en overzichtelijkere regels; meer ruimte voor initiatieven; lokaal maatwerk; wederzijds vertrouwen. Met de Omgevingswet wordt tevens de omslag gemaakt van ‘toelatingsplanologie’ naar ‘uitnodigingsplanologie’, ofwel van het toetsen van initiatieven aan vooraf opgestelde regels naar het maken van plannen die uitnodigen tot initiatieven van ondernemers en burgers. De gemeente Bergeijk bereidt zich in samenwerking met de andere Kempengemeenten voor op de komst van de nieuwe wet. Hiervoor is de Regiegroep Implementatie Omgevingswet Kempengemeenten (RIOK) geformeerd, waarvan Bergeijk de trekker is. Er is in dit kader een programmaplan ‘Invoering Omgevingswet Kempengemeenten’ opgesteld. Het opstellen van een omgevingsvisie, al dan niet ook in Kempenverband, is hierin genoemd als één van instrumenten waarmee gemeenten moeten werken onder de Omgevingswet.
1.2
Eigentijds omgevingsbeleid Onder de Omgevingswet heeft de gemeente 4 kerninstrumenten ter beschikking:
De omgevingsvisie is een instrument op het meest strategische niveau en is verplicht voor gemeenten. De omgevingsvisie vervangt de onder de Wet ruimtelijke ordening verplichte structuurvisie. De omgevingsvisie omvat de gemeentelijke visie op de fysieke leefomgeving ten aanzien van het hele gemeentelijke grondgebied. Tot fysieke leefomgeving rekent de omgevingswet: bouwwerken, infrastructuur, watersystemen, water, bodem, lucht, landschappen, natuur en cultureel en wereld erfgoed. De omgevingsvisie kent een grotere reikwijdte dan de structuurvisie omdat álle relevant beleid met betrekking op de fysieke leefomgeving samen wordt gebracht. Dus ook bijvoorbeeld thema’s als energietransitie en gezondheid.
CroonenBuro5
1
Plan van aanpak Op weg naar de Omgevingsvisie Bergeijk
Gemeente Bergeijk
Aan de omgevingsvisie zijn geen vorm- en inhoudseisen verbonden. Dit geeft ruimte voor inspelen op lokale behoeftes. Het beleid kan themagericht zijn, maar ook gebiedsgericht of sectorgericht. De gemeenteraad bepaalt dus zelf hoe gedetailleerd het (delen van) de omgevingsvisie opstelt.
1.3
Op weg naar de Omgevingsvisie voor Bergeijk Met de komst van de Omgevingswet moeten gemeenten dus een omgevingsvisie opstellen die de kwaliteit en ontwikkeling van de fysieke leefomgeving beschrijft en de koers aangeeft voor de fysieke leefomgeving. Ook Bergeijk staat hiervoor aan de lat. De Omgevingswet vraagt om een nieuwe benadering in het opstellen van het beleid. Die nieuwe benadering beperkt zich niet alleen tot vorm en inhoud (integraler en uitnodigend), maar werkt ook door in de manier waarop een visie wordt voorbereid. Er is meer samenwerking nodig tussen én met de verschillende betrokkenen bij deze voorbereiding. Dit plan van aanpak is de eerste aanzet voor de gemeente hoe te komen tot de Bergeijkse Omgevingsvisie (BOVI). Het plan van aanpak is tot stand gekomen in dialoog met zowel een afvaardiging van het ambtelijk apparaat, de verantwoordelijk wethouder én op basis van input van de gemeenteraad. Met een informatieve en interactieve sessie is de raad ook in dit stadium al geïnformeerd en betrokken. Deze input is meegenomen in dit plan van aanpak. De in de raad gegeven presentatie en uitkomsten van het interactieve deel zijn als bijlage bij de plan van aanpak opgenomen.
CroonenBuro5
2
Plan van aanpak Op weg naar de Omgevingsvisie Bergeijk
2
Gemeente Bergeijk
Routekaart BOVI: Bergeijkse Omgevingsvisie In dit hoofdstuk beschrijven we routekaart hoe te komen tot de omgevingsvisie. Ook geven we aan hoe we als gemeente de samenleving willen betrekken bij dit proces en wanneer de raad aan zet is. Dit alles is samengevat in de zogenaamde Routekaart BOVI. Om te komen tot de omgevingsvisie maken we onderscheid in de volgende stappen: Fase 1: Inventariseren, analyse en bewustwording: De staat van Bergeijk. Fase 2: Opgaven en ambities: De bouwstenen voor de toekomst. Fase 3: Visievorming: Verbinden en verdiepen. Fase 4: de Bergeijkse Omgevingsvisie (BOVI). Deze stappen worden in het volgende hoofdstuk nader toegelicht.
CroonenBuro5
3
Plan van aanpak Op weg naar de Omgevingsvisie Bergeijk
3
Gemeente Bergeijk
Stappenplan Bergeijkse Omgevingsvisie (BOVI) In dit hoofdstuk gaan we nader in op de stappen uit de routekaart BOVI. Om te komen tot de omgevingsvisie maken we onderscheid in de volgende stappen: Fase 1: Inventariseren, analyse en bewustwording: De staat van Bergeijk. Fase 2: Opgaven en ambities: De bouwstenen voor de toekomst. Fase 3: Visievorming: Verbinden en verdiepen. Fase 4: de Bergeijkse Omgevingsvisie (BOVI). Per stap hebben we op hoofdlijnen aangegeven wie betrokken wordt. Het vroegtijdig betrekken van inwoners, ondernemers en belanghebbenden bij de omgevingsvisie is een belangrijk uitgangspunt van de omgevingswet. Hoe deze participatie verder vorm krijgt is een proces dat parallel loopt met het proces van totstandkoming van de omgevingsvisie zoals aangegeven op de routekaart en geschetst in de volgende paragrafen:
3.1
Communicatie en participatie Eén van de belangrijke onderdelen uit de Omgevingswet is participatie. Het creëren van draagvlak en afstemming met andere (lopende) participatietrajecten is van belang. In de aanloop naar dit plan van aanpak is een raadsinformatiebijeenkomst geweest waarbij we in zijn gegaan op de bouwstenen van het participatietraject bij de totstandkoming van de omgevingsvisie. Door de raad is het volgende aangegeven over haar eigen rol in het proces: de raad wil niet werken met een raadswerkgroep; gedurende het proces is wél behoefte aan het geïnformeerd worden; met name in fase 1 en deels 2 van het proces verloopt de afstemming met de samenleving via het gericht benaderen van doelgroepen/ stakeholders uit het werkveld. In dit plan van aanpak en op de routekaart zijn de geschikte momenten hiervoor aangegeven. Ook moet nog nagedacht worden over de verantwoordelijkheden en de rol van de lokale overheid. Met andere woorden: welke rol pak ik als gemeente. Wil ik loslaten, faciliteren, stimuleren, regisseren of reguleren? Dit kan per gebied en thema verschillen. De omgevingsvisie geeft waar mogelijk hier sturing aan.
CroonenBuro5
4
Plan van aanpak Op weg naar de Omgevingsvisie Bergeijk
Gemeente Bergeijk
Door de raad is het volgende aangegeven over participatie: participatie is maatwerk: doel, waarom, met wie, hoe? participatie is geen doel op zich; vooraf bepalen welke ruimte er is: informeren, raadplegen, adviseren of co-creëren? mix van online en offline instrumenten; het college en/of raad stelt vooraf de participatieaanpak vast; evalueren en leren: bijstellen aanpak mocht dit nodig zijn. Deze aandachtspunten vormen de basis voor het verder uitwerken van de wijze van participatie bij de totstandkoming van de Omgevingsvisie. Het voorstel is, als uitwerking van dit plan van aanpak, in de aanloop naar het opstellen van de omgevingsvisie een zogenaamde ‘participatieagenda’ op te stellen. In deze agenda wordt verder uitgewerkt wie, wanneer, waarover en hoe betrokken wordt. De inzet van de verschillende instrumenten wordt dan daar in benoemd, zoals bijvoorbeeld nieuwsbrieven (eventueel doelgroepgericht intern en extern), infographics, filmpjes, verslagen, online platform met online participatietool, stellingborden op locatie en/of online, dorpsquiz etcetera. Samen met de afdeling communicatie zullen hiervoor per stap keuzen gemaakt worden.
3.2
Fase 1: Inventariseren, analyse en bewustwording: De staat van Bergeijk. Wat? In de afgelopen jaren zijn verschillende visies en beleidsplannen vastgesteld die straks opgaan in de nieuwe omgevingsvisie. Dit beleid is vooral sectoraal van aard. Ook verschillen in de huidige beleidsdocumenten het abstractieniveau en de beleidskeuzes. Het opstellen van de omgevingsvisie biedt daardoor de kans om een actualisatie- en integratieslag te maken in de gemeentelijke (en regionale) visievorming. We analyseren waar het ‘schuurt’, waar kunnen we samenvoegen en is er behoefte aan nieuw beleid? De omgevingsvisie gaat namelijk niet alleen in op traditionele, ruimtelijke thema’s als wonen, verkeer en economie, maar ook nieuwe thema’s zoals gezondheid, veiligheid, economie en duurzaamheid komen aan bod. De verschillende visies en beleidsplannen vormen het inhoudelijk vertrekpunt om te komen tot een nieuwe Omgevingsvisie. We bouwen verder op wat er is en wat in de maak is, zoals de Beleidsvisie zon en wind en het traject voor het DNA van Bergeijk. We beginnen deze stap dus met een analyse van de (belangrijkste), reeds vastgestelde, beleidsdoelen in de fysieke leefomgeving en de onderlinge raakvlakken. Hierbij betrekken we alle beschikbare kennis over belangrijke trends en ontwikkelingen voor onze gemeente. Ook kijken we naar actuele vraagstukken zoals de energietransitie.
Op basis hiervan gaan we in gesprek met als hoofdvraag: herkent iedereen zich hierin of zijn er ook nog andere uitdagingen?
CroonenBuro5
5
Plan van aanpak Op weg naar de Omgevingsvisie Bergeijk
Gemeente Bergeijk
Ook bepalen we in deze fase welke waarden voor ons belangrijk zijn. Wat zijn de kenmerken van onze gemeente? Denk hierbij aan ruimtelijke kwaliteiten als landschap maar ook functionele kwaliteiten als voorzieningen. De volgende vragen moeten worden beantwoord: Wat vinden we waardevol in onze gemeente? Welke kwaliteiten vragen om bescherming? Welke waarden willen we nog realiseren of verbeteren? Resultaat: Inzicht in de waarden en beleidsdoelen/ vraagstukken als aanzet voor fase 2. Op basis hiervan uitgangspunten formuleren voor bepalen opgaven en ambities.
Wie? Op basis van de inventarisatie en analyse van het beleid en de waarden voeren we in deze eerste stap met stakeholders gesprekken over de ‘staat van Bergeijk’. Welke opgaven liggen er? We verkennen in het veld of gemaakte beleidskeuzes passen bij de opgaven waar onze gemeente voor staat. We kiezen er in opdracht van de gemeenteraad voor om gericht in gesprek te gaan met stakeholders en niet de volle breedte op te zoeken. De te betrekken stakeholders zijn in ieder geval: het Platform Ondernemend Bergeijk; de Stichting Beleef Bergeijk; ZLTO het IVN/ Milieuwerkgroep; Kempenenergie. In deze fase worden ook al de dorpsraden en eventueel de jeugdgemeenteraad betrokken. De resultaten van de inventarisatie en analyse en de gesprekken met stakeholders koppelen we terug aan het college van B&W en de raad.
3.3
Fase 2: Opgaven en ambities: De bouwstenen voor de toekomst. Wat? Op basis van de verkregen input uit stap 1 formuleren we opgaven en ambities: wat zijn de bouwstenen voor de toekomst? Vervolgens bepalen we hoe we deze vertalen naar de visie. Dit kan per thema maar ook per gebied. We gaan per gebied en/of thema dieper in op waar ligt onze kracht en waar zijn knelpunten. We gaan hierover verder het gesprek aan met de stakeholders. In deze fase bepalen we: Wat zijn onze beleidsambities? Wat is de komende jaren nodig, bovenop de ambities? Resultaat: Opgaven en ambities en eerste voorstel voor prioritering.
Wie? De stakeholders zullen in deze fase meer thematisch danwel gebiedsgericht worden betrokken. Wellicht is het zinvol in deze fase vanuit de stakeholders een klankbordgroep te formeren om de verschillende inbreng al meer integraal te kunnen afwegen. Deze stap leent zich goed om de resultaten tot nu voor een besluitvorming in het college van B&W voor te leggen en om het in deze fase ook ter informatie voor te leggen aan de raad. Afhankelijk van de opgaven en ambities kan er in deze fase ook gekozen worden om een eerste consultatieronde met de samenleving te doen, bijvoorbeeld door het opzetten van een internetconsultatie.
CroonenBuro5
6
Plan van aanpak Op weg naar de Omgevingsvisie Bergeijk
3.4
Gemeente Bergeijk
Fase 3: Visievorming: Verbinden en verdiepen. Wat? De voorgaande stappen zijn deels thematisch en deels ook al meer gebiedsgericht ingestoken. In deze fase spitsen we de input nog meer gebiedsgericht toe door te bepalen voor welke gebieden een opgave of ambitie relevant is. Deze benadering biedt ook kansen om meer verbinding te maken tussen de verschillende opgaven en ambities. Dit is ook de fase dat keuzes moeten worden gemaakt: waar gaan we nu écht voor? Er wordt een prioritering aangebracht in de verschillende beleidsambities.
In de visievorming worden de volgende vragen beantwoord: Wat zijn de strategische uitgangspunten: wat zijn onze beleidsambities? Hoe zwaar wegen deze en wat zijn dan onze omgevingswaarden (normstelling)? Wat zijn de meer tactische- danwel operationele kaders die meer thuishoren in een programma of een omgevingsplan? De keuzes worden verwerkt in de omgevingsvisie. Resultaat: Concept omgevingsvisie (consultatieversie).
Wie? Het bepalen van de prioritering van de beleidsambities leent zich er goed voor om ook zowel aan stakeholders als een breder publiek voor te leggen. Door de raad is ook tijdens de interactieve sessie voorafgaand aan dit plan van aanpak aangegeven dat dit hiervoor dé meest geschikte fase is. Bij het betrekken van de samenleving is de insteek dit vooral gebiedsgericht te doen, dus bijvoorbeeld per dorp (via de dorpsschouw) of bedrijventerrein. Daarnaast zal er gericht vraagstukken worden voorgelegd aan de samenleving aan de hand van bijvoorbeeld thema’s/ opgaven met stellingen. Aan de hand van deze input kan dan een gebiedsgerichte verdieping van de visie plaatsvinden. Ook de raad zelf is in deze fase aan zet in het maken van afwegingen keuzes.
3.5
Fase 4: de Bergeijkse omgevingsvisie (BOVI) Wat? Fase 1 tot en met 3 worden vertaald in de omgevingsvisie voor Bergeijk. Aan de omgevingsvisie zijn vanuit de wet geen vorm- en inhoudseisen verbonden. We moeten nog bepalen hoe wij de Bergeijkse visie gaan vormgeven, bijvoorbeeld een analoog boekwerk of via een digitaal raadpleegbare website.
CroonenBuro5
7
Plan van aanpak Op weg naar de Omgevingsvisie Bergeijk
Gemeente Bergeijk
Resultaat: Vastgestelde omgevingsvisie.
Wie? De procedure tot vaststelling is in de wet bepaald. De ontwerp omgevingsvisie wordt ter inzage gelegd. Gedurende een periode kan een ieder nog zienswijzen inbrengen. Eventuele ingebrachte zienswijzen verwerken wij in een definitieve versie. De raad stelt vervolgens de definitieve omgevingsvisie vast. Met de vaststelling van de omgevingsvisie is deze niet ‘af’, het vormt het vetrekpunt voor uitwerking en uitvoering. De Omgevingswet is namelijk gebaseerd op de zogenaamde beleidscyclus. Dit betekent dat de kerninstrumenten uit de wet nooit af zijn en continu kunnen en moeten worden bijgesteld. Volgens de beleidscyclus is het logisch: - te beginnen bij de omgevingsvisie; - het omgevingsplan en programma’s op te stellen; - dit uit te gaan voeren; - te monitoren en evalueren of bijstelling van het instrumentarium nodig is. Deze omgevingsvisie is de eerste visie die we in onze gemeente opstellen. We maken daarmee geen blauwdruk waarmee we jaren vooruit kunnen. Wel bepalen we koers en willen kunnen schakelen als dat nodig is. De Omgevingswet kent geen actualiseringtermijn meer (zoals wel bij structuurvisie en bestemmingsplannen). Indien we als gemeente tot de conclusie komen dat de situatie voor een gebied zodanig is gewijzigd of een thema onvoldoende is uitgewerkt is herziening van de visie nodig.
Dit sluit aan bij de manier van werken welke we de afgelopen jaren al hebben opgepakt en dit moeten we continueren.
CroonenBuro5
8
Plan van aanpak Op weg naar de Omgevingsvisie Bergeijk
4
Gemeente Bergeijk
Samenhang en afstemming Duidelijk is dat de omgevingsvisie niet een op zichzelf staand instrument is. Vanaf het maken van tot het werken met de omgevingsvisie is er samenhang met: lopende processen/ projecten; beleid in en van de regio; de doorwerking in programma’s en het omgevingsplan. Samenhang lopende lokale processen/ projecten In het proces om te komen tot een omgevingsvisie worden lopende processen rondom belangrijke lokale thema’s meegenomen/afgestemd, dit zijn onder meer: Centrumontwikkeling Hof-Noord; Fietspaden Westerhoven-Riethoven; Inbreiding Achter de Sleutel; Visie zon en wind; Milieuvisie; Visie ruimtelijk beleid recreatie (BRET 2.0); Behoefte aan geschikte woningbouwlocaties; DNA Bergeijk Dorpsschouw; Sociaal domein. Samenhang in en met de regio In Kempenverband wordt al hard gewerkt om beleid op elkaar af te stemmen en om gezamenlijk beleid te formuleren. Er wordt zelfs overwogen ook een Kempische omgevingsvisie op te stellen. Zo ver is het nog niet. Er wordt wel gewerkt aan gezamenlijke inhoudelijke bouwstenen, bijvoorbeeld op het vlak van energietransitie. Gaandeweg zal moeten blijken hoe de regionale ambities in onze omgevingsvisie worden opgenomen en hoe we daarbij willen samenwerken met onze regionale partners.
CroonenBuro5
9
Plan van aanpak Op weg naar de Omgevingsvisie Bergeijk
Gemeente Bergeijk
Relatie omgevingsvisie en omgevingsplan De regels die straks landen in het omgevingsplan, zijn voor een belangrijk deel een concrete vertaling van de omgevingsvisie. Daarmee is van belang dat er een samenhang is tussen enerzijds de ambities en strategische doelen die in de omgevingsvisie worden opgenomen en anderzijds de diverse regelingen in het toekomstig omgevingsplan. De uitvoerbaarheid neemt toe wanneer duidelijk is welke beleidsdoelstellingen worden beoogd bij de uitvoering van de diverse regelingen. Dit betekent dat bij het opstellen van de omgevingsvisie regelmatig een ‘doorkijk’ wordt gemaakt hoe de vertaling naar het omgevingsplan kan plaatsvinden. Het is wenselijk om voor zowel visie als plan zoveel mogelijk uit te gaan van dezelfde begrippen, gebieds- en/of thematische indeling. Dit vergroot de leesbaarheid en herkenbaarheid voor inwoners en bedrijven. Bovendien is een heldere relatie essentieel om het gegevensbeheer en de monitoring goed te kunnen organiseren.
CroonenBuro5
10
Plan van aanpak Op weg naar de Omgevingsvisie Bergeijk
5
Uitvoering
5.1
Organisatie
Gemeente Bergeijk
PM gemeente
5.2
Planning PM gemeente
5.3
Financiën PM gemeente
CroonenBuro5
11