Bijdrage LPB PPN 2022-2025.docx
Tekst van het document
Bijdrage Lokale Partij Bergeijk “ Perspectievennota 2022-2025
De LPB kiest ervoor om haar advies aan het college betreffende de voorbereiding van de begroting 2022-2025 naar aanleiding van de Perspectievennota schriftelijk aan het college en de gemeenteraad voor te leggen. Dit gekoppeld aan de inbreng in de commissie ABZ. We menen hiermee optimaal recht te doen aan de functie van de “commissie voor advies en bijstand”, zeker bij een zo belangrijk onderwerp, waar goed en wellicht wat langer moet worden nagedacht. Belangrijke keuzes moeten worden gemaakt voor een eerste jaar waarin een nieuwe gemeenteraad zal worden gekozen. Naar aanleiding van de bespreking van de Perspectievennota en de reactie op onze inbreng hebben wij onze bijdrage wat ingekort gezien de reactie op onze aangekondigde inbreng van 15 pagina’s en hebben wij ook enkele onderdeken bewaard voor ons verkiezingsprogramma. Dank commissieleden voor de genuanceerde reactie op onze inbreng.
Algemeen Wij delen de voorzichtig optimistische geluiden dat in het sociaal domein de rijksoverheid ons nu eindelijk voldoende middelen gaat geven om in het sociaal domein onze taak, in het belang van de inwoners zo goed mogelijk te vervullen. Hiervoor behoeven er in de begroting geen mutaties te worden opgenomen. Dit geldt vooralsnog ook voor de gevolgen van de herijking van het gemeentefonds. Het opnemen van een risico van 60.000 euro in de risicoparagraaf bij de jaarrekening is ook voor de LPB voldoende. Wij verzoeken het college de Bergeijkse verenigingen te ontzien. We zijn altijd bereid mee te denken over de verandering van spelregels en subsidievoorwaarden maar bezuinigingen in welke vorm dan ook zijn voor ons onaanvaardbaar. De gevolgen in financiële zin van de Coronapandemie op de wat langere termijn zijn onzeker we zijn echter geen voorstander van het nu al opnemen van een buffer, of het bijstellen van de begroting. Ook hier zou een risico opnemen bij de jaarrekening wat ons betreft volstaan. Wij spreken de vrees uit dat de bestemmingsreserve voor het Integraal Huisvestingsplan voor ons basisonderwijs te laag zal blijken te zijn. Wij geven gemeenteraad en college mee, bij een toekomstige winstuitkering van het KBP, een storting in deze bestemmingsreserve te overwegen. Het Vestia dossier baart ons nog steeds grote zorgen.
Wij hebben begrip voor de lijn hier nu een PMpost op te nemen. In de toekomst kan een winstuitkering van het KBP hier ook wellicht voor gebruikt worden. Wij zijn dus nadrukkelijk geen voorstander van het gebruik van deze winstuitkering voor een KBP 2!
Wij zijn van mening dat de gelden die voor het Nationaal Programma Onderwijs naar de gemeente komen, gekoppeld aan de extra gelden die rechtstreeks naar het onderwijsveld gaan en het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs, als totaalpakket te bezien en te bespreken met het schoolbestuur en bij voorkeur ook met de directeuren van onze basisscholen. WE kunnen hiermee het ambitieniveau met betrekking tot de Kind centra het beste realiseren.
Wij laten de (mogelijke) mutaties onder de 10.000 euro ongemoeid in ons advies. We vertrouwen erop dat het college hier verstandige afwegingen maakt en bij de begroting aan ons voorlegt. Op deze wijze trachten wij onze inbreng tot de hoofdlijnen te beperken. Wij zijn met het college van mening dat we de begroting in 2022 sluitend moeten maken, gezien de grote onzekerheden die er nog zijn is het sluitend zijn van de meerjarenbegroting in 2025 van ondergeschikt belang, zolang het tekort echter niet te hoog is.
Specifiek
De post onvoorzien mag wat de LPB betreft volledig tot het mandaat van het college behoren. Hiermee kan adequaat worden ingespeeld op onvoorziene situaties. Verantwoording achteraf is voldoende. Dit past ook binnen het besturen op hoofdlijnen. (Pagina 11)
Ten aanzien van de onder-uitputting kapitaallasten stellen wij voor dit nu (nog) niet te doen aangezien de toelichting volgens ons aangeeft dat we De Facto doen wat de provincie vraagt. Alleen doen wij het via onze Onder uitputting Kapitaallasten. De provincie zal toch wel begrip hebben dat we in deze onzekere situatie onze begrotingssystematiek nu niet aanpassen. ( Pagina 24)
Ten aanzien van de extra kosten voor de dorpsondersteuners vragen wij het college om maximaal in te zetten op handhaving van het huidige budget van 96.500 euro. Daar zijn volgens de LPB verschillende mogelijkheden voor. Het in eigen dienst nemen van de dorpsondersteuners, het verlagen van het aantal uren en kijken naar overlap met de wijkverpleegkundige. (Pagina 25)
Zoals eerder genoemd vinden wij het niet noodzakelijk om in financiële zin vooruit te lopen op de gevolgen van de Corona Pandemie. Nu een nadeel opnemen over de uitvoering van de Participatiewet is voorbarig. Daar komt bij dat de economie in onze regio zich als eerste weer positief ontwikkeld en schommelingen in het aantal bijstandsgerechtigden van alle dag is. Als
je kijkt naar de ontwerpbegroting van Kempenplus voor 2022 zie je dat alleen in Bergeijk in het laatste jaar ( in de bijlage op pagina 40) met 18 uitkeringsgerechtigden is gestegen. Terwijl alle andere Kempengemeenten een lichte daling laten zien. In de BURAP is voor 2021 een stijging met 35.000 euro opgenomen. NU een stijging van 125.000 euro opnemen is wel heel erg voorzichtig begroten en volgens de LPB dan ook niet nodig. (Pagina 27)
Het verkorten van de afschrijvingstermijn van werkplekmiddelen van 3 naar 2 jaar vinden wij onzinnig, zeker om nu al een besluit te nemen over 2025! (Pagina 28)
Wij vinden het voorbereidingskrediet voor het Integraal Huisvestingsplan ad 500.000 euro veel te fors zeker zonder nadere onderbouwing en we verzoeken het college dan ook om nadere onderbouwing en matiging van het gevraagde budget. (Pagina 29)
De meerwaarde voor Bergeijk van de mobiliteitsstrategie De Kempen is voor ons niet aangetoond. We stellen daarom voor de gemeentelijke organisatie hier niet te versterken. Er zijn gemeentelijke organisatieonderdelen die gezien ons gezamenlijke ambitieniveau eerder versterking behoeven. Zeker bij Beleid en Ontwikkeling, in het sociaal domein en bij Beheer Ruimte bij vergunningen en volkshuisvesting. (Pagina 30)
De LPB is op voorhand niet tegen een voortzetting van het Uitvoeringsprogramma Vrijetijdseconomie, maar nu op voorhand , zonder een gedegen evaluatie van de meerwaarde budget op te nemen is prematuur en dus is hier eerder een PM op zijn plaats. (Pagina 31)
Sturen op prestatieafspraken bij verantwoording subsidies is prima. De LPB is echter voorstander om het totale subsidiebudget toch op het huidige niveau te houden. Onze verenigingen verdienen dat, het kan volgens ons wel leiden tot het herschikken van bestaande subsidies. (Pagina 32)
De LPB is mordicus tegen het verhogen van de OZB om gaten in de begroting te dichten. Wij willen echter wel meegeven aan gemeenteraad en college, dat verhoging van de OZB in financieel wat zwaardere tijden, wel raadzaam is als wij als gemeenteraad ons ambitieniveau willen handhaven. Voorbeeld: als we de OZB met 2% extra verhogen kunnen we een extra
beleidsmedewerker voor het sociaal domein aanstellen. Deze medewerker maakt ons minder kwetsbaar bij ziekte, piekmomenten in werkzaamheden en ondersteuning van wethouder en gemeenteraad. Het is al moeilijk als gemeenteraad om de vaak op afstand georganiseerde werkzaamheden in het sociaal domein te controleren, laat staan beleidsmatig te sturen. Dit geld overigens ook voor het college. Dit is maar een voorbeeld maar kan natuurlijk ook gelden voor beleidsterreinen zoals Ruimtelijke Ordening en Volkshuisvesting. (Pagina32)
In de 1e BURAP 2021 is op pagina 11 een voordeel van 273.000 euro opgenomen voor de leges omgevingsvergunningen. Dit voordeel wordt volledig ingezet voor de inhuur van capaciteit om alle aanvragen tijdig te kunnen afhandelen. Voor 2021 is dat ook prima. De LPB stelt echter voor om te bezien of een deel van deze meeropbrengst structureel kan worden ingezet om de afdeling vergunningen kan worden versterkt. Dat is goedkoper met eigen mensen en voor de inwoners plezierig om met bekende gezichten te werken. Tevens maakt het de organisatie minder kwetsbaar. DE LPB heeft de verwachting dat gezien onze woonvisie en de aantrekkende economie de werkdruk op de afdeling vergunningen hoog blijft en dus ook de inkomsten structureel hoger kunnen worden ingeboekt. Wij denken aan het hoger inboeken van de opbrengsten van 1/3 van het voordeel dus 90.000 euro.
De LPB stelt voor de subsidie facilitaire ondersteuning basisonderwijs mee te nemen in de besprekingen over de extra rijksgelden. Gezien de grote bedragen die het Rijk rechtstreeks aan het basisonderwijs ter beschikking stelt en de genoemde 300 miljoen die het rijk via de gemeenten beschikbaar stelt kan deze gemeentelijke uitgave vervallen. Wij menen ons ook te herinneren dat deze gemeentelijke bijdrage beschikbaar is gesteld, omdat indertijd de rijksbijdrage niet meer voorzag in een bijdrage voor conciërges. Ook bestaan door de komst van de participatiewet de Id-banen niet meer. (Pagina 32)
Tenslotte Het is wellicht raadzaam om in de begroting 2022-2025 een bedrag op te nemen voor nieuw beleid. Een nieuw gemeenteraad heeft dan enige ruimte direct in het jaar van aantreden nieuwe accenten te leggen. De LPB vindt dat in de komende raadsperiode de positie van de gemeenteraad versterking behoeft. Een eerste aanzet daartoe zou het opstellen van een raadsprogramma door de
gemeenteraad kunnen zijn. Vele gemeenten zijn ons hier in voorgegaan, wat betekent dat we niet “het wiel hoeven uit te vinden” maar gebruik kunnen maken van voorbeelden van elders. Dit betekent gelijk dat er nu terughoudendheid gevraagd wordt van gemeenteraad en college ten aanzien van nieuw beleid in de jaren 2022 2025. Wij formuleren op dit punt voorzichtig, omdat wij niets af willen doen aan de continuïteit van bestuur en de traditie die Bergeijk op dat vlak heeft. Wij hebben nu echter een uitgelezen kans aangezien de meicirculaire enige voordelen laat zien. Als je dit combineert met ( enkele) van onze adviezen, dan ontstaat er vanzelf enige ruimte. Tenminste als we met elkaar de discipline kunnen opbrengen om die ruimte niet direct in te vullen.