5. Verordening op de heffing en invordering van leges 2025
Tekst van het document
€ 266,80 € 66,70 € 66,70 € 66,70 € 200,15
€ 1.000,65
€ 1.155,45
Paragraaf 3.4 Huisvestingswet 2014 3.4.1 Gereserveerd Paragraaf 3.5 Standplaatsen 3.5.1 Marktstandplaatsvergunningen en andere vergunningen op markt 1. het verkrijgen van een vergunning voor het innemen van een losse standplaats ex artikel 5.18 APV.: a. Afmeting standplaats 0-4 meter per kalenderjaar b. Afmeting standplaats 4-8 meter per kalenderjaar c. Afmeting standplaats 8-12 meter per kalenderjaar
€ 233,90 € 467,80 € 701,70
Paragraaf 3.6 Winkeltijdenwet 3.6.1 Gereserveerd Paragraaf 3.7 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking 3.7.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of ander beschikking Vaststellen belastingverordeningen 2025 Legesverordening
€ 97,00
24
Raadsbesluit 3.7.2
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van een omgevingsvergunning als gevolg van een , naar de omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging van het project
Vaststellen belastingverordeningen 2025 Legesverordening
€ 259,35
25
Raadsbesluit Bijlage 1 Lijst met kleine buitenplanse omgevingsplanactiviteiten Categorieën gevallen waarin de planologische gebruiksactiviteit beschouwd kan worden als kleine bopa en waarvoor het legestarief als vermeld in artikel 2.5.5 van de tarieventabel van de legesverordening geldt. Het aantal woningen dient hierbij gelijk te blijven. Bij het toevoegen van een woning is nooit sprake van een kleine buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Voor verlening van een omgevingsvergunning waarbij middels een kleine buitenplanse omgevingsplanactiviteit van het omgevingsplan wordt afgeweken, mits het aantal woningen gelijk blijft, komen in aanmerking: Onderdeel 1: Een bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan, mits, voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, wordt voldaan aan de volgende eisen: 1. niet hoger dan 5 m, tenzij sprake is van een kas of bedrijfsgebouw van lichte constructie ten dienste van een agrarisch bedrijf, en 2. de oppervlakte niet meer dan 150 m2; Onderdeel 2: Een gebouw ten behoeve van een nutsvoorziening, de waterhuishouding, het meten van de luchtkwaliteit, het telecommunicatieverkeer, het openbaar vervoer of het weg-, spoorweg-, water- of luchtverkeer, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: 1. niet hoger dan 5 m, en 2.
de oppervlakte niet meer dan 50 m²; Onderdeel 3: Een bouwwerk, geen gebouw zijnde, of een gedeelte van een dergelijk bouwwerk, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: 1. niet hoger dan 10 m, en 2. de oppervlakte niet meer dan 50 m²; Onderdeel 4: Een dakterras, balkon of andere niet op de grond gelegen buitenruimte aan of op een gebouw, een dakkapel, dakopbouw of gelijksoortige uitbreiding van een gebouw, de uitbreiding van een bouwwerk met een bouwdeel van ondergeschikte aard dan wel voorzieningen gericht op het isoleren van een gebouw; Onderdeel 5: Een antenne-installatie, mits niet hoger dan 40 m; Onderdeel 6: Een installatie bij een glastuinbouwbedrijf voor warmtekrachtkoppeling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder w, van de Elektriciteitswet 1998; Onderdeel 7: Een installatie bij een agrarisch bedrijf waarmee duurzame energie wordt geproduceerd door het bewerken van uitwerpselen van dieren tot krachtens artikel 5, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet aangewezen eindproducten van een krachtens dat artikellid omschreven bewerkingsprocedé dat ziet op het vergisten van ten minste 50 gewichtsprocenten uitwerpselen van dieren met in de omschrijving van dat procedé genoemde nevenbestanddelen; Vaststellen belastingverordeningen 2025 Legesverordening
26
Raadsbesluit
Onderdeel 8: Het gebruiken van gronden voor een niet-ingrijpende herinrichting van openbaar gebied; Onderdeel 9: Het gebruiken van bouwwerken, eventueel in samenhang met bouwactiviteiten die de bebouwde oppervlakte of het bouwvolume niet vergroten, en van bij die bouwwerken aansluitend terrein, mits voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, het uitsluitend betreft een logiesfunctie voor werknemers of de opvang van asielzoekers of andere categorieën vreemdelingen. Onderdeel 10: Het gebruiken van een recreatiewoning voor bewoning, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: 1. de recreatiewoning voldoet aan de bij of krachtens de Woningwet aan een bestaande woning gestelde eisen; 2. de bewoning niet in strijd is met de bij of krachtens het Besluit activiteiten leefomgeving en de Wet milieubeheer gestelde regels, 3. de bewoner op 31 oktober 2003 de recreatiewoning als woning in gebruik had en deze sedertdien onafgebroken bewoont, en 4. de bewoner op 31 oktober 2003 meerderjarig was;
Vaststellen belastingverordeningen 2025 Legesverordening
27