RV GM2023-1825694 afvaltarieven 2024 en onroerende zaakbelastingen 2024
Tekst van het document
,ti-
-:\l --lï*"p.Míerro
Raadsvoorstel
Ondenrerp Afvaltarieven 2024 en Onroerende Zaakbelastingen 2024
Beslispunten 1.0 Herbevestiging van uitgangspunten tot berekening afvaltarieven a. Uitgangspunt voorafvaltarieven is 100% kostendekkendheid; b. Uitgangspunt blijft scenario 1b Verlaagd Risicoprofiel; c. De verhouding inkomsten vastrecht-variabel recht waarnaartoe wordt gegroeid hierbij vast te stellen op 70-30; d. Hiertoe jaarlijkse verhoging vastrecht bovenop de indexatie met € 5,- totdat de verhouding 70-30 is bereikt.
1.í Te besluiten om de post kwijtschelding van € 18s.000,- uit de (gesloten) afvalbegroting te halen. Hierdoor ontstaat er een tekort voor de algemene dienst van € 185.000,- Om dit tekort op te vangen wordt voorgesteld om hiertoe de OZB eenmalig met2,7o/o extra te verhogen, bovenop de inflatiecorrectie van 5,2o/o voor alle drie de categorieën. 1.2 Vaststellen Verordening reinigingsheffingen 2024 en bijbehorende tarieventabel; a. Aanpassen van de afvalstoffenbegroting 2024 op basis van geactualiseerde cijfers; b. Waarbij er geen toerekening van kwijtschelding aan de afvaltarieven meer is met
ingang van 2024. 1 .3.
Vaststellen Verordening onroerendezaakbelastingen 2024; a. Waarbij de extra kosten voor de algemene dienst voor kwijtschelding ad € 185.000,- worden doorberekend in de tarieven voor de OZB; b. De verhoging van de OZB-tarieven hiermee uitkomt op 7,go/o.
1.4 Hiertoe de 2e begrotingswijziging 2024 vast te stellen lnleiding De belastingverordeningen en bijbehorende tarieven, dienen jaarlijks vóór 1 januari door de gemeenteraad te worden vastgesteld en te worden gepubliceerd. Uitgangspunt in GeldropMierlo is dat bij de vaststelling van de begroting ook de behandeling en vaststelling van de tarieven- en belastingverordeningen plaatsvindt.
Bijde behandeling van de begroting2024 in de gemeenteraad van g november 2023,is besloten om de behandeling en vaststelling van de tarieven- en belastingverordeningen door te schuiven naar de raadsvergadering van december 2023.
Agendaverzoek Zaaknummer: 1825694, documentnummer: 1832352
blad I van I
-i\lr;--le.Naar aanleiding van het debat in de gemeenteraad is ervoor gekozen om het oorspronkelijke voorstel te splitsen in twee voorstellen. 1. Voorstel belastingverordeningen 2024 2. Voorstel Afvaltarieven 2024 en Onroerende Zaakbelastingen 2024 Daarnaast was al eerder besloten om het voorstel legesverordening 2024 en bijhorende tarieventabel dit jaar niet in dit raadsvoorstel op te nemen maar hiervoor een separaat voorstel op te stellen. Dit vanwege de grote wijzigingen in de tarieventabel door de invoering van de nieuwe Omgevingswet per 1 januari 2024.
Uitgangspunten, een terugblik Risicoprofiel tarieven De raad heeft in haar vergadering van 26 sept.2022 - als basis voor de vaststelling van de tarieven 2023 - met 'scenario 1b' gekozen voor een 'verminderd' risicoprofiel 1 b (zie bijlage ' RV G M 20 22-1 3306 19 Tarieven atua stoffen heff i ng 2023' )' I
Scenario 1b biedt een verlaagd risicoprofiel De afualstoffenheffing bestaat, zoals al eerder benoemd, uit een deelvastrecht en een deel variabel recht. De basrsre gel hierin is daf in het vastrecht zoveel mogeliik de vaste kosten verdisconteerd zitten en in het variabel recht de variabele kosten. Gemiddeld in Nedertand is de verhouding vastrecht-variabel recht 80-20. De verhouding vast-variabel recht is in de gemeente Geldrop-Mierlo 55-45. Dit valt onder een verhoogd risicoprofiel. Dit noemen we zo, omdat een groter deel van de vaste kosten moeten gedekt worden uit een variabele heffing. Door te kiezen voor scenario 1b wordt het risicoprofiel Vanuit financieel perspectief loopt de gemeente zo weinig mogelijk risico bij de hierboven genoemde basisregel. Vanuit het standpunt'de vervuiler betaalt'wilje liefst een hoog variabel tarief. Dit zorgt voor voldoende prikkels om het afval zo goed mogelijk te scheiden zodat er zo min mogelijk restafval wordt aangeboden.
Scenario 1a omvatte het laagste risicoprofiel met een verhouding van 80-20. Deze keuze is niet gemaakt door uw raad. Met áe keuze voor scenario 1b is besloten om in de komende jaren het vastrecht met € 5,bovenop de indexering te verhogen. Er is toen geen doelstelling vastgesteld voor een gewenste verhouding waarnaar wordt toegegroeid. Wij zijn voorstander van een laag risicoprofiel. Om ook een financiële prikkel te behouden om afval goed te blijven scheiden stellen wijdaarom een verhouding inkomsten vast-variabel voor van 70-30. ln dit voorstel bepalen we de tarieven die daar het beste bij passen.
Raadsvoorstel Zaaknummer: 1825694, documentnumm er: 1832352
blad 2. van 9
-i\Jrz--l'.ln de collegeversie van de Meerjarenbegroting 2024-2027 zijn de afvaltarieven gebaseerd op de eerder vastgestelde uitgangspunten dat het vastrecht maximaal met € 5,- mag stijgen, exclusief indexatie. Zowel de hogere indexatie van lonen en prijzen als het toepassen van de 100% kostendekkendheid op de gesloten afvalexploitatie leidden ertoe dat er een tekort van € 38,- per huishouden is doorberekend in de eerdere tarieven voor 2024. Het vastrecht steeg van € 144,96 naar€ 196,68 (toename van € 51,72) en de variabele tarieven stegen met 5,9yo. Hiermee kwam de verhouding inkomsten vast-variabel op 67-33. De diftar-paradox Gemeenten die gebruik maken van DIFTAR en goede scheidingsresultaten behalen krijgen vaak te maken met de zgn. 'diftar-paradox': de reductie op het restafval is zo groot dat de inzamelingsopbrengsten de kosten niet meer dekken, of anders gezegd, het systeem werkt zo goed dat de betaalbaarheid in gevaar komt. De tegenstrijdigheid schuilt in botsende principes. Diftar enerzijds gaat uit van het idee dat 'de vervuiler betaalt', het is een prikkel tot afvalscheiding en -vermindering. Afvalvermindering anderzijds betekent minder containers aan de straat met als gevolg te weinig inkomsten om de kosten te dekken, wat weer tot hogere tarieven leidt. Vanuit financieel perspectief loopt de gemeente zo weinig mogelijk risico bij een zuivere toerekening van kosten.
Een kostprijstarief voor de containers en de vaste kosten in het vaste recht. Vanuit het standpunt'de vervuiler betaalt' wilje liefst een hoog variabel tarief. Dit zorgt voor voldoende prikkels om het afval zo goed mogelijk te scheiden zodat er zo min mogelijk restafval aangeboden wordt (ook onze duurzaamheids- en klimaatdoelstellingen op weg naar 2050). Tussen hierboven genoemde uitersten liggen de varianten. Met iedere euro vast die verschoven wordt naar variabel wordt een afrruijking op een zuivere toerekening gecreëerd. Dat zijn dus bewuste keuzes (bij het herhaaldelijk aan knoppen draaien) en geen "weeffouten". ledere euro verschuiving verhoogt het risico. lmmers, wie de bak niet aan de straat zet betaalt ook niet voor de vaste component in het tarief met als gevolg dat de kosten niet langer gedekt worden en de tarieven daardoor weer zullen stijgen. Ook toenemende bijzet en zwerfvuil behoren tot de risico's. Er bestaan evenveel meningen als varianten, iedereen heeft op zijn of haar manier gelijk, het is waar men voor kiest of gaat. Maar de verschillen zijn enorm, ook in onze regio en de gemeenten om ons heen
Aanpassing afvalbegroting ten opzichte van eerdere berekening in begroting2O24 Verlaqinq van de tarieven door subsidies Zeer recent is bekend geworden dat er vanuit het Afvalfonds een aantal subsidieregelingen van kracht gaan worden in 2023 en 2024. Dit betreffen de volgende regelingen: Extra inkomsten uit vergoedingen die met name betrekking hebben op zwerfafval: in 202312024 wordt eenmalig de vergoeding zwerfafval verlengd.
-
Raadsvoorstel Zaaknummer: I 825694, documentnum m ec 1 832352
blad 3 van 9
-i\Jrz-rl-De hieruit voortvloeiende inkomsten worden (eenmalig) geraamd op € 45.500,-. De daadwerkelijke uitkering volgt in 2025. Vooruvaarde is dat er op rijksniveau voldoende middelen overblijven om alle verzoeken te honoreren. Als dat niet zo is wordt de vergoeding gekort. De vergoeding is geoormerkt, een activiteit moet te maken hebben met het voorkomen van zwerfafval. De gemaakte kosten moeten verantwoord worden. De volgende kosten die nu in de begroting zijn opgenomen kunnen hieruit gedekt worden: a. Beestenbende € 17.500,b. Vergoeding IVN € 5.000,Extra activiteiten die niet geraamd ziin, maar nu wel opgenomen worden in de afvalexploitatie om in aanmerking te komen voor de vergoeding: Plaatsing slimme afvalbakken (centrum Mierlo):€ 15.000,d. Opleiding afvalcoaches: € 5.000,e. Extra communicatie/voorlichting: € 3.000,-
c.
Extra vergoedingen die niet eerder zijn begroot en alsnog worden toegevoegd aan de afvalexploitatie: Het plaatsen van meer openbare prullenbakken. Hier ontvangen wij vanaf 2023 een uitkering uit het Afvalfonds van € 30.500,-. Het bedrag is niet geoormerkt.
-
- Onduidelijk is of er nog een derde vergoedingsregeling komt die bestemd is voor het
opruimen van zwerfafval. Dit zou gaan om een vergoeding van € 3,02 per inwoner en zou gelden vanaf 2024. Voor Geldrop-Mierlo betekent dat een uitkering van C 122.000,-. De kans dat deze uitkering aan ons wordt toegekend is aanzienlijk. Onze inschatting is 80%. Daarom wordt van dit bedrag 80% meegenomen in de begroting.
Samenqevat hebben we de volgende bedraoen opqenomen als netto inkomsten in de afvalbeqrotinq:
Zwertafval Openbare prullenbakken Derde verqoed nqsregeling zwertafval Totaal aan inkomsten i
22.500 30.500 97.600 150.600
lndien rekening wordt gehouden met de extra inkomsten uit de vergoedingen stijgt het vaste tarief met € 45,- (31,04o/o stijging) i.p.v. met € 51,72,-.
Raadsvoorstel Zaaknummer: 1 825654, documentnumm er: 1832352
blad 4 van
I
-i\)rz--'l-Scenario's Tijdens de behandeling van de begroting 2024 en daarmede de discussie over de afvaltarieven heeft de gemeenteraad het college gevraagd om te kijken naar scenario's op opbouw van de afvaltarieven. Hieronder treft u een aantal mogelijkheden aan. Extra stiioino of dalino variabel tarief Hieronder is weergegeven wat een bepaald percentage aan stijging of daling van het variabele tarieÍ voor gevolg heeft voor het vaste tarief. En wat het effect hiervan is op de verhouding tussen de inkomsten vast en variabel. Stijging variabel tarief 5o/o 1Oo/o
15o/o 20o/o
Vast tarief (incl. kwiitscheldinq) € 47,04 (32.450/o) €.42,24 Q9.14o/o\
€37,44 (25,83o/o\ €33,24 (22,94%o)
Verhouding inkomsten vast-variabel 66-34 65-35 63-37 62-38
Vast tarief (excl. kwiitscheldinq) € 36,84 (25.42o/o\ €32,04 (22,10%\
€27.44 fi8.79%\ €23,04 (15,90%)
Verhouding inkomsten vast-variabel 65-35 64-36 62-38 60-40
Overiqe scenario's: lndien het vaste tarief stijgt met € 5,- en het variabel tarief met 5,9% omhoog gaat dan leidt dit tot een tekort van € 720.000, -. lndien dit tekort ten laste van de OZB wordt gebracht dan moet de OZB met 11,0% extra omhoog (dus naast de 5,2o/o inflatiecorrectie).
-
De OZB met een procentpunt extra (bovenop de 5,2o/o inflatiecorrectie) te verhogen om het vastrecht van afval met € 3,53 te verlagen. Dit kan meermalig toegepast worden. Groenafval qratis op de milieustraat. De WD-fractie heeft een motie voorgelegd waarin het college wordt verzocht om de tarieven voor de milieustraat aldus aan te passen dat groenafval in de categorie 'gratis' wordt geplaatst. Wij willen u de motie ontraden omdat bij het bepalen van de vraag of een afvalstroom gratis is of niet, is namelijk als leidraad gevolgd dat als wij als gemeente moeten betalen voor de venuerking, deze afvalstroom NIET gratis is. Enige uitzonderingen hierop vormen al sinds jaar en dag asbest en KCA.
Voor de venruerking van groenafval moet betaald worden. ln 2022 bedroegen de kosten
€ 26,- per ton. ln totaal is er op de milieustraat in dat jaar 914 ton ingezameld en bedroegen de veruverkingskosten van groenafval daarom € 23.800, -- (excl. transport). Het gratis maken van de milieustraat voor groenafval zal naar onze mening ertoe leiden dat de aanvoer daar toeneemt en met name het thuis-composteren minder zal worden. Wij venryachten overigens niet dat dit van grote invloed zal zijn op dumpingen in de bladkorven.
Raadsvoorstel Zaaknummer: 1 825694, documentnumm er: I 832352
blad 5 van
I
-i\Jrz--l-Daarnaast is de venrvachting dat minder tuinafval via de groene container aangeboden zal worden. Hierdoor zullen de variabele GFT-inkomsten afnemen. Het is op dit moment niet in te schatten over welke hoeveelheden dit zal gaan. Door de beheerder van de milieustraat wordt ingeschat dat er gemiddeld 50 betalende bezoekers met groenafval per week zijn. Gemiddeld betalen zij € 10,- aan de poort. Dat is € 500,- per week en dus € 26.000,- per jaar. Deze inkomsten aan de poort zullen bij het gratis maken van het groenafval vervallen. De variabele GFT-inkomsten zullen afnemen terwijl de aangeboden hoeveelheid groenafval op de milieustraat zal toenemen. Dat betekent dat de kosten zullen stijgen en dat zal weer leiden tot een verhoging van het vastrecht. Kwiitscheldinq Op dit moment is de kwijtschelding voor de afvalstoffenheffing ondergebracht in de afvalstoffenheffing. Het gaat om een bedrag van € 185.000,-. Overigens is de kwijtschelding voor de rioolheffing ook ondergebracht bij het rioolrecht. Kwijtschelding is een vorm van armoedebeleid. Daarom zou overwogen kunnen worden om de kwijtschelding van de afvalstoffenheffing niet meer door te rekenen naar de afvalstoffenheffing. Dit zal leiden tot een tekort binnen de algemene dienst. Een mogelijkheid is dat het bedrag van de kwijtschelding wordt gecompenseerd via de OZB.
ln dat gevalzal de OZB met2,7o/o extra moeten stijgen, bovenop de reeds toegepaste inÍlatiecorrectie van 5,2o/o.
-
-
Alqemene uitkerinq en OZB De algemene uitkering uit het gemeentefonds wordt gekort op basis van een zogenaamde inkomstencorrectie. Deze correctie wordt doorgevoerd vanuit de gedachte dat gemeenten in staat zijn via onder andere de OZB te voorzien in eigen inkomsten. De korting is onafhankelijk van de opbrengst in de begroting. Voor de korting wordt uitgegaan van normtarieven voor de OZB. Per 1-1-2023 heeft de herijking van het Gemeentefonds plaats gevonden. Alle maatstaven, inclusief de inkomstencorrectie, zijn geactualiseerd. Er heeft per uitkeringsjaar 2023 via een regressiemethodiek (welke maatstaven correleren het beste en in welke mate met uitgaven/inkomsten) een totale aanpassing van het aantal maatstaven en de daarbij horende gewichten plaats gevonden. ln onderstaande tabel is inzichtelijk gemaakt wat deze kortingstarieven bedragen in 2024 en hoe die zich verhouden tot onze tarieven, die zijn gebaseerd op enkel het tarief te verhogen met de inflatiecorrectie van 5,2o/o. Belastingsoort
Waarde
Ons tarief Opbrengst
Bezwaren
Beqrotinq
Kortinqstarief
Korting
Saldo
7.215.000.000
0,0659%
4.754.685
-11.785
4.742.900
0,071200/0
5.137.080
-394.1 80
OZB gebr niet-woningen
572.500.000
0,1490To
853.025
-6.825
846.200
0,15617o/o
894.073
-47.873
OZB eiq niet-woningen
651.000.000
0,1834Yo
93.934
-7.334
86.600
0,20531%
1.336.568
-149.968
7.367.t21
-566.077
OZB eig woningen
1 .1
6.801.644
1 .1
6.775.700
Raadsvoorstel Zaaknummer: 1825694, documentnumm er: 1832352
blad 6 van I
-i\)r;-rl-Hieruit is op te maken dat ons tarief lager ligt dan het kortingstarief. We worden voor een bedrag van € 7.367.721,- gekort (ongeacht de hoogte van ons eigen tarief). De geschatte opbrengsten zijn € 6.801.644,-. Dit betekent dat we voor € 566.077,- meer gekort worden dan we aan opbrengst binnenhalen. Een break-even situatie (evenveel opbrengsten als korting) wordt bereikt wanneer er boven op de inflatiecorrectie van 5,2o/o rloe een extra stijging van 8% plaatsvindt bij OZB eigenaren woningen, een extra stijging van 5% bij gebruikers niet woningen en een extra stijging van 12o/o bii eigenaren niet-woningen. Wanneer we de verhoudingen ongewijzigd laten betekent dit een stijging van circa 8% op alle categorieën, wederom boven op de inflatiecorrectie van 5,2o/o.
Aangepast voorstel Alles afiruegende, gehoord de discussie in de gemeenteraad, stellen wij het volgende voor
1.0 Herbevestiging van uitgangspunten tot berekening afvaltarieven
a. Uitgangspunt voor afvaltarieven is 100% kostendekkendheid; b. Uitgangspunt blijft scenario 1b Verlaagd Risicoprofiel;
c. De verhouding inkomsten vastrecht-variabel recht waarnaartoe wordt gegroeid hierbij vast te stellen op 70-30;
d. Hiertoe jaarlijkse verhoging vastrecht bovenop de indexatie met € 5,- totdat de verhouding 70-30 is bereikt. 1
.1 Te besluiten om de post kwijtschelding van € 185.000,- uit de (gesloten) afvalbegroting te halen. Hierdoor ontstaat er een tekort voor de algemene dienst van € 185.000,- Om dit tekort op te vangen wordt voorgesteld om hiertoe de OZB eenmalig met2,7o/o extra te verhogen, bovenop de inflatiecorrectie van 5,2o/o voor alle drie de categorieën
1 .2
Vaststellen Verordening reinigingsheffingen 2024 en bijbehorende tarieventabel; a. Aanpassen van de afvalstoffen begroting 2024 op basis van geactualiseerde cijfers b. Waarbij er geen toerekening van kwijtschelding aan de afvaltarieven meer is met ingang van 2024. len Ve rorden n g o n roe rendezaakbelastingen 2024; a. Waarbij de extra kosten voor de algemene dienst voor kwijtschelding ad € 185.000, -- worden doorberekend in de tarieven voor de OZB. b. De verhoging van de OZB{arieven hiermee uitkomt op 7 ,9o/o
1 . 3. Vaststel
i
1.4 Hiertoe de 2 begrotingswijziging 2024 vast te stellen
Raadsvoorstel Zaaknummer: 1 825694, documentnumm et 1832352
blad 7 van I
-i\|rz--l': Afvaltarieven 2024 a
Op basis van het vorenstaande; de variabele tarieven te laten stijgen met 5,9% en het vastrecht met 24,59o/o. De tarieven zien er dan als volgt uit (in vergelijking tot de huidige tarieven in 2023): Variabel Tarief GFT 80 liter Tarief GFT 140 liter Tarief GFT 240 liter Tarief Rest 80 liter ïarief Rest 140 liter Tarief Rest 240 liter Tarief Hoogbouw 25 liter Tarief Hoogbouw 40 liter
2023
€ 2,88 € 4,90 € 7,93 € 5,59 € 9,48 € 15,23 € 1,97 € 3,25
2024
€ 3,04 € 5,19 € 8,40 € 5,92
€.10,04 € 16,13 2,09 3,44
€ €
Het vastrecht stijgt naar € 180,60. De verhouding vaste inkomsten/variabele inkomsten wordt hiermee 65-35.
Veroeliikinq met omrinqende qemeenten. De gemiddelde vaste afvaltarieven in de omliggende gemeentes variëren in 2023 van € 130,tot € 206,-. Bij een stijging van de variabele kosten van 5,9% komt het vaste tarief op € 180,60. Met een dergelijk tarief zijn we niet de duurste en niet de goedkoopste. Herovennreqinoen voor afvaltarieven 2025 Volgend jaar wegen wij bij de kadernota af of we de kwijtschelding van rioolheffing ook niet meer doorbelasten naar de gesloten huishouding riolering. Dit vanwege de consistentie van beleid.
De kwijtschelding van de afvalstoffenheffing zodanig aan te passen dat er ook voor minima een financiële prikkel is om niet ongelimiteerd containers aan te bieden, waarbij zij uiteraard nog steeds een regulier (lees: gemiddeld) aantal ledigingen vergoed krijgen. Tarief onroerendezaakbelastinqen 2024 Het tarief van de belasting bedraagt een percentage van de heffingsmaatstaf. Op basis van dit voorstelworden deze vastgesteld op:
a. Voor de gebruikersbelasting 0,1530%; b. Voor de eigenarenbelasting: 1 Voor onroerende zaken die in hoofdzaak tot woning dienen 0,06770/o;
2 Voor onroerende zaken die niet in hoofdzaak tot woning dienen 0,1884o/o
Raadsvoorstel Zaakn u m m er: 1 825694, docum entnu m m er : 1 832352
blad I van I
-i\Jrz--lej Belastin
ruk2024
Op basis van bovenstaand voorstel wijzigt de belastingdruk 2024.1n onderstaande tabel is het verschil inzichtelijk gemaakt tussen 2024 oud en 2024 nieuw. 2024 (oudl* 2024 (nieuw)*
Jaar
2023
ozB
225
237
244
Afvalstoffenheffing
249
307
291
Rioolheffing
199
199
í99
Totaal
673
743
7?4
2,0o/o
1A,4o/o
9,1o/o
Lastenontwikkeling a
* uitgaande van een gemiddelde WOZ-waarde
van € 361.000,-
Bijlagen: Ve ro rde n i n g on roe re ndezaa kbelasti ngen 2024;
Verordening rein igingsheffingen 2024 en bijhorende tarieventabel ; 2e begrotingswijziging 2024 Geldrop, 28 november 2023
n Bree Secretaris
Raadsvoorstel Zaaknummer: 1825694, documentnumm er: 1832352
blad I van I