CConstaterende datGeldrop-Mierlo
Koppel je AI →
Document · PDF

RV GM2023-1684583 'Scenario's Toekomstbestendig Weverijmuseum'.pdf

Commissie Samenleving 27 juni 2023, gemeente Geldrop-MierloBij agendapunt: Een Toekomstbestendig Weverijmuseum: opstellen businessplan en tijdelijke bedrijfsvoering4.149 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

-:\)rz--lïo-o.Míerlo

Raadsvoorstel

Onderuverp

Raadsvoorstel'Scenario's Toekomstbestendig Weverijmuseum'

Beslispunten 1) Akkoord gaan met het raadsvoorstel 'Scenario's voor een toekomstbestendig Weverijmuseum' waarin wordt voorgesteld om ten behoeve van het Weverijmuseum: a) ln te stemmen met voorkeursscenario B. b) ln te stemmen met de structurele verhoging van de basissubsidie ad € 84.635,- exclusief jaarlijkse correctie. En daarmee instemmen met de gecorrigeerde subsidiebedragen in 2024 ad € 114.535,2025 ad € 98.485,2026 ad € 82.535,2027 ad € 65.035,2028 ad € 65.035,en dit op te nemen in de meerjarenbegroting 2024 en verder. c) ln te stemmen met de het beschikbaar stellen van kapitaallasten ad € 40.000,- in 2023, voor incidentele kosten voor de eenmalige fosiek-ruimtelijke investeringen, welke in rekening worden gebracht in de verhoging van de huurprijs met annuiteit van 20 jaar. De verhoging van de huurprijs door deze kredietverstrekking zal vanaf 2024 plaatsvinden. d) ln te stemmen met de incidentele kosten ad € 25.000,- in 2023 voor voortzetting van de aanstelling van de directeur in de periode van augustus tot en met december 2O23, en dit ten laste te brengen van het begrotingssaldo 2O23. e) ln te stemmen met de incidentele kosten ad € 1í.500,- in 2023 voor de eenmalige uitgaven voor het opstellen van educatie- en communicatieplan en kleinschalige aanpassingen aan audiovisuele middelen vaste tentoonstellingen, en dit ten laste te brengen van het begrotingssaldo 2023.

0 ln te stemmen met deze 8e begrotingswijziging 2023. lnleiding Recent heeft het onderzoeksbureau haar bevindingen van de business case Weverijmuseum opgeleverd met daarin enkele scenario's die betrekking hebben op het verkrijgen van een toekomstbestendig Weverijmuseum in Geldrop-Mierlo. Dit naar aanleiding van het raadsbesluit in het najaar 2O22waarin eenmalige middelen zijn vrij gemaakt voor de tussentijdse professionele aansturing en vergoeding voor het onderzoeUadvies. Op dat moment werd nogmaals de urgentie kenbaar gemaakt dat een duurzame verbeterinjectie noodzakelijk is om het Weverijmuseum voor de toekomst overeind te houden. Ten behoeve van dit besluit is ook duidelijk gemaakt dat het college in het voorjaar van 2023 bij de raad zou terugkomen om (op korte termijn) een duurzame verbetering voor te leggen. Om definitief te kunnen bepalen in welke mate de gemeente structureel en duurzaam zou willen bijdragen in het meer toekomstbestendig krijgen van het museum, was in de ogen van de gemeente het noodzakelijk om een belangrijke tussenstap te zetten door een goede en gedegen business case te laten opstellen die nieuwe investeringen vanuit de gemeente kunnen rechtvaardigen.

Dit traject diende in gezamenlijkheid met het Weverijmuseum te worden doorlopen en aangezien dit uiteindelijk in gezamenlijke tevredenheid is gaan, getuigt het van behoorlijk bestuur dat de gemeente snel dit voorjaar zich definitief buigt over welke invulling een toekomstbestendig Weverijmuseum kan krijgen.

Tussentijds is een interim-directeur aangesteld die tot aan het toekomstig (aanstaande) raadsbesluit het roer zou overnemen en het onderzoeks- en adviesproces - met het museumbestuur en de museumvrijwilligers - zou begeleiden. ln mei 2023 is de rapportage van de onderzoekers/adviseurs opgeleverd, waarmee met recht goede antwoorden zijn gegeven op de onderzoeks- en adviesvragen, waaronder de presentatie en doorberekeningen van toekomstige scenario's voor een toekomstbestendig museum.

1684583 Paginanummer

1

-:\)rz--lïo-r.Míerro

Raadsvoorstel

Eerdere besluitvorming

o

Raadsvoorstel d.d. 13 september 2022:'Een Toekomstbestendig Weverijmuseum: opstellen businessplan en tijdelijke bedrijfsvoering' (is bijgevoegd).

Wat willen we bereiken? Met dit voorstel staat de gemeente op een punt om de mate van ondersteuning voor een toekomstbestendig Weveríjmuseum te bepalen. Dát de gemeente wel of niet voornemens is om dit besluit te nemen, is in zekere zin reeds besloten in het najaar van 2022. Met dit voorstel over de toekomst van het Weverijmuseum, dat een logisch voortvloeisel is naar aanleiding van de besluitvorming in het nlaar 2O22,willen we uiteindelijk een gezond en ook voor een lange termijn levensvatbaar museum behouden dat meegroeit met de tijd.

Argumenten 1.1 ln opdracht van de raad zijn diverse stappen ondernomen Snel na het raadsbesluit in het najaar 2022is het Weverijmuseum aan de slag gegaan met de raadsopdracht. Op basis van een gedegen (gezamenlijke) bureauselectie is een goed onderzoeksbureau gecontracteerd dat met een bedrijfseconomische blik (en de nodige ervaring) naar de beschreven uitdagingen heeft gekeken. Tegelijk heeft het museum een tijdelijke directeur aangesteld om de operationele aansturing van de organisatie op zich te nemen. Tevens had deze persoon de opdracht om in het onderzoeksproces te participeren en dit voor de gehele uitvoeringsorganisatie mede vorm te geven. Het onderzoek is niet door de interim-directeur uitgevoerd, maar door een extern bedrijf (Ginder). Omwille van praktische overwegingen is voor deze route gekozen. De constructie heeft een verrassend goed effect gehad, daar het onderzoeksbureau zich in de rol van externe expert-adviseur kon opstellen en de interim-directeur - met haar passende ervaringen vanuit de museale wereld en de marketing en PR - de interne en adviserende rol naar haar bestuur kon vervullen.

1.2 Het onderzoeksbureau Ginder is aan de slag gegaan ln klein teamverband heeft het bureau Ginder het onderzoekstraject de afgelopen maanden uitgevoerd. ln nauwe samenwerking en afstemming (participatie, draagvlak) met het Weverijmuseum en de gemeente. Vooral het museum heeft dit traject goed en intensief doorlopen, omdat zijjuist aan zet is om de realiteitswaarde en de haalbaarheid van de oplossingsrichtingen/scenario's in te schatten. De aanpak van Ginder kenmerkt zich met: van divergeren naar convergeren benchmarken combinatie van deskresearch, theorie en fieldresearch (met behulp van diverse methoden en technieken combineren van bestaande informatie en nieuwe inzichten vanuit bijvoorbeeld geïnterviewden) bedrijfseconomische business case van scenario's die beoordeeld zijn op de financiën, het organisatorisch plaatje en de profilering (incl. doelgroepen en marketing)

-

-

2.1 De rapportage van de onderzoekers/adviseurs is in goede orde ontvangen Het Weverijmuseum en de gemeente zijn erg tevreden met het onderzoeksproces en de opgeleverde resultaten. Er ligt een goed beoordeeld en gedegen doorberekend bedrijfseconomische analyse van de mogelijke business cases welke kunnen gaan gelden voor een toekomstbestendig museum. Er valt ook een scenario te kiezen, waar de raad ook om gevraagd heeft. 2.2 Er zijn drie scenario's voor een toekomsÍbestendig Weverijmuseum De onderzoekers komen - in afstemming met het museum en de gemeente - met 3 scenario's. We zien 2 scenario's voor de nabije toekomst tot en met 5 jaar en een scenario dat wat langer in de tijd effecten zal sorteren (5-10 jaar). Voor alle drie scenario's kan op dit moment worden gekozen.

1684583 Paginanummer 2

-:\lrz-l

-o-ro-o-Míerro

Raadsvoorstel

Het college concludeert dat het Weverijmuseum als een ware icoon gezien kan worden, met veel potentie en om verschillende redenen een parel voor de gemeente. De onderzoekers leggen de volgende scenario's voor: Scenario Hoeder van het ambacht

Scenario

A. B. Museale schakel textielindustrie in Brainportregio

Scenario Stip op de horizon: NationaalWeverijmuseum

Op het moment van kiezen voor een impactvol scenario is er altijd sprake van het relatieve 0-scenario: de aanwezigheid van een keuze om onverlet níet te kiezen voor extra, duurzame bijdrage vanuit de gemeente behoudens bijvoorbeeld een verruiming van de (professionele) management-aansturing van het museum. Waar het museum dan vooral zélf voor aan de lat staat om de (overige) ambities waar te maken. De inschatting is dat een dergelijk scenario jaarlijks € 50.000 gemeentelijke subsidie voor de professionalisering kan zijn. Er is gedurende het onderzoeksproces gezamenlijk niet voor gekozen om puur alleen te gaan voor de professionalisering van de bedrijfsvoering en het aanstellen van professioneel management. Er zou in dat geval ook sprake zijn van een soort van betaalde vrijwilligerscoórdinator die zich vooral met P&Ozaken (vrijwilligersbeleid) bezig houdt en dat is een té beperkte oplossing van de geschetste uitdagingen. Het zou, los van de impact die het zou hebben op de relatie tussen de gemeente en het museum, namelijk een niet-duurzame verbetering zijn, zonder inhoudelijke armslag en zonder mogelijkheden en randvoonraarden om het verschil te kunnen maken teneinde de culturele, maatschappelijke en economische waarde van het museum te vergroten.

ln alle drie scenario's is naast de gemeente ook het Weverijmuseum zélf aan zet om de exploitatie aantrekkelijker te maken. Dat heeft bijvoorbeeld betrekking op de groei in de winkelverkoop en de verkoop van entreekaartjes alsook het venrerven van fondsen en sponsorgelden.

2.3 Scenario B is het voorkeursscenario van het Weverijmuseum en het college van B&W ln gezamenlijkheid hebben we voor de komende 5 jaar de voorkeur voor scenario B met de opdracht om in deze 5 jaren te werken aan de randvoonrvaarden om uit te groeien tot het scenario Stip op de horizon. Zowel het museum als het college willen bij deze benadrukken dat beide scenario's A en B goede invullingen zijn van een toekomstbestendig Weverijmuseum voor de komende 5 jaren. Tegelijk denken het museum en het college in gezamenlijkheid dat scenario B het beste soelaas biedt, omdat het scenario beter appelleert aan de recente ontwikkelingen in de regio en daardoor de economische verwachtingen meer en eerder realiteit kunnen worden. Scenario B is ook meer gericht op verbinding in het algemeen en in de regio, wat de gemeente en het museum wenselijk achten. Het verbetert tevens de gemeentelijke positie om de investeringen door de regio vergoed te krijgen bij de Regio Deal vanuit de Metropoolregio Eindhoven (zie hiervoor paragraaf financiële consequenties), wat een extra reden voor het college is om de voorkeur voor dit scenario uit te spreken. Het scenario Stip op de horizon is een goed streefscenario waarnaartoe gewerkt kan worden, maar is (op dit moment) qua realiteitswaarde en qua uitdagingen van implementatie, een brug te ver.

2.4 Naast een structurele bijdrage zijn er ook frictiekosten voor de gemeente Vanwege het feit dat de bezoekersaantallen niet meteen op gewenste niveau zullen zijn en de scenario's een groeimodel van de bezoekersaantallen laten zien, gaan voor een bepaald deel de kosten voor de baten uit. Hierdoor voldoet de geraamde exploitatiesubsidie voor een stabiel exploitatiejaar in de aanloopjaren niet. Om die reden zijn in het rapport (eenmalige) frictiekosten opgenomen . Deze hebben betrekking op de jaren 2O24 en 2O25, voor scenario B is dit € 29.900,- en respectievelijk € 13.850,-. De doorberekeningen laten zien dat in de jaren na 2025 er sprake is van positieve exploitatieresultaten: in 2026 € 2.100,- en in 2027 en 2028 € 19.600,-. Voorgesteld wordt dat 1684583 Paginanummer 3

-:\lrz-I

-"-oo-o-Míerro

Raadsvoorstel

in deze jaren het subsidiebedrag weer gecompenseerd (lees: gecorrigeerd) wordt waardoor de frictiekosten voor de totale periode van vijf jaar zullen afnemen tot een bedrag van€2.450,-.

2.5 Scenario B levert ook wat voor de gemeente op De prognoses zijn dat scenario B ook enkele duizenden euro's zal opleveren voor de gemeente doordat de extra belastinginkomsten, bijvoorbeeld via de toeristenbelasting of de OZB, zal stijgen. Naast de economische effecten binnen het museum (meer winkelverkoop, entreeverkoop e.d.) zijn er ook economische effecten buiten het museum (vanwege het museumbezoek, verblijfsgasten dan wel dagbezoeken). De prognose is dat ten opzichte van het jaar 2O21 in scenario B círca € 165.000,- per jaar economische meerwaarde wordt bereikt. De impact buiten het museum is in scenario B ongeveer 1,5 keer zo groot als in het museum zelf, laten de prognoses zien. Een iets meer diepte-investering (bijscenario B) levert verhoudingsgewijs (vergeleken met scenario A) veel meer op, in bedragen maar ook in de zachtere waardes die het imago van onze gemeente ten goede komen.

2.6 Tevredenheid met de invulling van de tijdelijk aansturing Het Weverijmuseum en (daarmee) de gemeente is tevreden met de tijdelijke aanstelling/aansturing vanuit de interim-directie. De interím-directeur had, al dan niet samen met het museumbestuur, onder andere de taak om het onderzoekstraject te begeleiden, de onderzoeksuitkomst mede vorm te geven en daarbij het draagvlak onder vrijwilligers te verkrijgen. De definitieve besluitvorming over de toekomstbestendigheid van het Weverijmuseum vindt een tweetal maanden later plaats nadat het interim-contract met de interim-directeur afloopt. Er dient als tussenoplossing te worden besloten dat er in de operationele aansturing geen leemte ontstaat, omdat de resultaten van de professionalisering van de bedrijfsvoering daarvoor nog te kwetsbaar zijn. Zêker in dit 40 jarig-jubileumjaar waar het museum nog van allerlei activiteiten van plan is om uit te voeren. Vandaar dat voor twee maanden extra een aparte beschikking zal worden afgegeven voor de voortzetting van de interím-directeur in deze interim-periode, dus vooruitlopend op het aanstaande raadsbesluit. Hierover hoeft het college niet te besluiten, de waarderingsbeschikking kan in mandaat door de afdelingsmanager na afstemming met de verantwoordelijk portefeuillehouder worden afgegeven met dekking vanuit het budget culturele verenigingen.

Vanaf het raadsbesluit in iuli 2023 dient, indien de raad positief besluit over de verhoging van de structurele bijdrage aan het Weverijmuseum, de interim-fase van de directeursfunctie omgezet te worden naar een structurele inzetbaarheid. Alleen in dit geval kan de continuiteit van de aansturing in het museum gewaarborgd worden en kan gewerkt worden aan de randvoonraarden om al in 2024 op volle kracht, zoals beoogd in de scenario's, resultaten te kunnen boeken. Voor de periode van vijf maanden, van augustus tot en met december 2023, zal de subsidie aan het Weverijmuseum in 2023 eenmalig worden verhoogd met € 25.000,- (€ 5.000,- per maand).

3.1 Het onderzoeksbureau presenteert ook leerpunten voor andere instellingen dan het Weverijmuseum, die in onze gemeente vergelijkbare uitdagingen kennen Het bureau heeft ook algemene lessen voor andere instellingen dan alleen het Weverijmuseum gegeven. Dit heeft ze in een aparte notitie (zie bijlage) opgenomen, welke we zullen delen met onze cultureel-maatschappelijke instellingen. Vooral de theoretÍsering van het lglo-modelvan adviesbureau Berenschot kan, op het gevaar van precedentwerking (zie hierover de juridische paragraaf), tot inzichten bij culturele instellingen leiden over de interne financieringssystematiek en het kan instellingen inspireren over marketing en doelgroepenbenadering.

4.1 De gemeente gaat haar accountrol anders meer integraal invullen Zoals eerder is aangegeven zal ook de gemeente zelf haar accountrol anders vormgeven. Er ontstaat een andersoortige accountrelatie met het Weverijmuseum. Tot heden kreeg het museum diverse beschikkingen gestuurd, voor de huisvestingssubsidie één keer in de vier jaar en voor activiteitensubsidies ook separaat. Dat willen we gelijkschakelen in één subsidiebeschikking per jaar, net zoals we dat met andere professionele organisaties doen. 1 684583

Paginanummer 4

-:\)rz--lïo-r.Míerro

Raadsvoorstel

We willen aan de jaarlijkse beschikkingen ook jaarlijkse uitvoeringsovereenkomsten met resultaatafspraken verbinden, die in gezamenlijkheid zullen worden opgesteld. Hierin zal worden opgenomen welke activiteiten en prestaties er moeten worden gehaald en wat de resultaten (outcome) daarvan zijn. Tevens zalworden aangegeven wat de consequenties kunnen zijn wanneer prestaties niet worden behaald. Een andere ontwikkeling die intern bij de gemeente zal plaatsvinden is dat we de veranderende accountrol, in relatie tot de professionaliseringsslag binnen het museum, integraal willen invullen volgens het projectmatig werken. ln het najaar 2023 zal worden gestart met beide ambities. ln de jaarlijkse accountgesprekken zal goed worden doorgesproken over de voortgang van het proces van toekomstbestendigheid. Concreet zal worden stilgestaan bij de stand van zaken van de ramingen, ln 2027 zal worden gestart met een evaluatie over het proces van de toekomstbestendigheid van het Weverijmuseum.

Kanttekeningen 1.1 Scenario B is een realistisch maar ook een ambitieus scenario ln de scenario's en ook in scenario B is sprake van een groeimodel. Uiteraard moet er hard aan gewerkt worden zodat alle doelstellingen, veronderstellingen en ambities bewaarheid worden. Dat geldt ook voor de financiële raming zoals op pagina 71 van bijlage I van het rapport van Ginder is aangegeven. Het museum en niet in de laatste plaats de museumdirecteur zal in staat moeten zijn om de commerciële attitude, die onder scenario B ligt, als museum eigen te maken. Daarmee moet voorkomen worden dat het een open-einde financiering voor het Weverijmuseum gaat worden, want die mogelijkheid wordt coute que couÍe uitgesloten.

1.2 Precedentwerking kan optreden De investeringen voor het verbeteren van de toekomstbestendigheid van het Weverijmuseum kunnen vanwege de precedentwerking ook andere culturele instellingen in dezelfde richting doen bewegen. Dergelijke argumenten kunnen echter goed worden gepareerd omdat andere (professionele) culturele instellingen in onze gemeente vaak vergelijkbare structurele bijdrages kennen. En wanneer dat niet het geval is, dan betreft het een voorziening die dan weer niet meteen een economische icoon is vanuit het oogpunt van Village Marketing beredeneerd. ln dat soort gevallen is de gemeentelijke DNA minder te herkennen dan bij het Weverijmuseum en is de aantrekkingskracht vanuit het toerÍsme minder tot niet ontwikkeld. ln het museum is er, in vergelijking met andere culturele instellingen die we kennen, ook sprake van een (kunst)collectie (aanschaf en beheer) en exposities, wat eisen stelt aan de professionele aansturing. En specifiek geldt ook: in het geval van het Weverijmuseum ligt er een gedegen bedrijfseconomische analyse aan ten grondslag, wat een gemeentelijke op maat bilOrage in de toekomstbestendigheid legitimeert.

1.3 Met dit besluit in het vooriaar wordt een voorschot genomen op de begrotingsraad Door onderhavig voorstel in het voorjaar van 2023 voor te leggen aan de raad wordt een voorschot genomen op de integrale afireging die jaarlijks wordt gedaan tijdens de begrotingsraad in november. Hiervoor is gekozen omdat het ondenrverp dusdanig strategisch van belang is en het daarom gedegen en uitgebreid moet worden voorgelegd. Er dienen én kunnen nog keuzes te worden gemaakt die impact zullen hebben op de meerjarenbegroting. Een andere reden waarom hiervoor gekozen is, heeft met een aanleiding van het onderzoek te maken: het Weverijmuseum is zonder substantiële extra bijdragen voor de professionalisering en de toekomstbestendigheid van het museum zeer kwetsbaar en de relatie tussen de gemeente en het Weverijmuseum zal stevig onder druk komen te staan omdat het museum al enige tijd (bijna twee jaar) bezig is met dit traject waarbij tijdens dat traject het museum verschillende verwachting zijn geschapen, niet in de laatste plaats door de raad zelf in haar besluit van nalaar 2022.

1684583 Paginanummer 5

_:\)r;_ --lïo-o -Míerlo

Raadsvoorstel

1.4 Toekomstige bezuinigingen kunnen niet worden uitgesloten De gemeente staat met dit besluit het Weverijmuseum financieel voor vijf jaren substantieel bij. Dat hoeft overigens niet te betekenen dat hierdoor de gemeente in die jaren van 2024loten met 2O28, per definitie het Weverijmuseum voor een bezuinigingsronde moet ontzien, wanneer voor generieke bezuinigíngen wordt gekozen die ook onze culturele sector kan raken. Hoe draagt dit voorstel bij aan de doorontwikkeling van de strategische visie? Voor 2027 staat in de strategische visie dat'Het Weverijmuseum één van de meest prominente en succesvolle culturele instellingen [is] in Geldrop-Mierlo die professioneelwordt aangestuurd en integraal gefaciliteerd vanuit de gemeente'. Dit voorstel schetst de mogelijkheden en randvoonruaarden om die doelen ook daadwerkelijk te bereiken.

Zijn er juridische gevolgen? (i.o.m. juridisch consulent) Zie hiervoor kanttekening 1.2 over precedentwerking. Het gelijkheidsbeginsel kan door andere instellingen worden aangegrepen om vergelijkbare ondersteuning te verkrijgen zoals wordt voorgesteld in dit raadsvoorstel. De kans is echter hiervoor nihil, omdat de beschreven situatie en het voorliggend voorstel, wat haar basis heeft in een speciale bedrijfseconomische analyse die op maat is opgesteld en dus slechts alleen voor het Weverijmuseum geldt, dusdanig uniek is, dat voor een eventuele rechtsgang door derden niet hoeft te worden gevreesd. Met recht kan worden gesteld dat de venryevenheid van het Weverijmuseum met de gemeente Geldrop-Mierlo en de aantrekkingskracht die vanuit het museum in de gemeente en daarbuiten uitgaat, uniek zijn en relatief gezien van een andere (hogere) orde. Zijn er financiële gevolgen? (i.o.m. financieel consulent) 2023 (incidenteel) De incidentele bijdrage van in totaal € 36.500,- kan niet vanuit de lopende cultuurbudgetten gedekt worden en derhalve dient dit voorstel zowel inhoudelijk als financieel via het college aan de raad ter besluitvorming worden voorgeld.

Dit totaalbedrag bestaat uit de eenmalige uitgaven voor het opstellen van educatie- en communicatieplan en kleinschalige aanpassingen aan audiovisuele middelen vaste tentoonstellingen ad € 11.500,- en de eenmalige uitgaven voor de voortzetting van de aanstelling van de directeur ad € 25.000,-. Het voorstel is om het bedrag ad € 36.500,- eenmalig ten laste te brengen van het begrotingssaldo 2023. ln 2023 zullen kapitaallasten beschikbaar worden gesteld ad € 40.000,- als incidentele kosten voor de eenmalige fysiek-ruimtelijke investeringen in het Weverijmuseum. Deze gelden zullen vanaf 2024 in rekening worden gebracht in de verhoging van de huurprijs met annufteit van 20 jaar. De gemeente zal als in het najaar 2023 afspraken maken met het Weverijmuseum over de huurverhoging. Vanaf 2024 (stru ctureel) De structurele extra bijdrage vanaf 2024 is in totaal € 84.635,-. Zie hiervoor onderstaande analyse.

Huisvestingssubsidie

65.325

Subsidie voor personeelslasten (beheerslasten)

65.325 82.115

Activiteitensubsidie, structureel en incidenteel

10.040

í 2.560*

Totaal

75.365

160.000

Extra structurele subsidie

84.635

Out-of-pocket voor onderhoud collectie, educatie, tentoonstellingen, marketing en communicatie '* De incidentele activiteitensubsidie ad € 5.000 die vaak jaarlijks wordt uitgekeerd, moet structureel worden gemaakt en daarmee overgeheveld naar de structurele subsidie Weverijmuseum

1684583 Paginanummer 6

_i\lr:_ --lïo-o

Raadsvoorstel

-Míerlo

De kosten-batenanalyse laten in 2024 en 2025 een negatief resultaat zien. Dit wordt als frictiekosten bestempeld en derhalve dient de subsidie in 2024 eenmalig te worden verhoogd met € 29.900,- en in 2025voor € 13.850,-. Deze verhogingen zullen eenmalig worden opgenomen in de begroting voor

2024 en2025. De kosten-batenanalyse in de jaren na 2025laten zien dat er sprake is van positieve exploitatieresultaten: in2026 € 2.100,- enin2027 en2O28 € 19.600,-. Voorgesteld wordt dat in deze jaren het subsidiebedrag jaarlijks weer gecompenseerd wordt waardoor de frictiekosten voor de totale periode van vijf jaar zullen afnemen tot een bedrag van € 2.450,-. Hierdoor zien de subsidiebedragen (in €) voor in de meerjarenbegroting per jaar als volgt eruit:

-84.635 Negatief resultaat ad -29.900

-84.635 Negatief resultaat ad -13.850

-84.635 Positief resultaat ad 2.100

-114.535

-98.485

-82.535

-84.63s Positief resultaat ad 19.600 -65.035

-84.635 Positief resultaat ad 19.600

-65.035

Verkennen van alternatieve dekkingen De gemeente is voornemens om de eenmalige en structurele investeringen die betrekking hebben op het toekomstbestendig krijgen van het museum, in te brengen in de Regio Deal vanuit de metropoolregio Ei ndhoven. Tevens zal in het najaar 2023 worden gekeken of er een koppeling te maken is met de toeristenbelasting in onze gemeente. Daarbijonderscheiden we twee mogelijke routes: uit bestaand budget: onderzocht wordt of vanuit het bestaande budget toeristenbelasting nog (deels) dekking kan worden gevonden voor de structurele of incidentele bijdragen, omdat de huidige en toekomstige huisvestingssubsidie voor het Weverijmuseum reeds voor 75% met deze gelden wordt gedekt. Vanaf 2023 is de meerjarenraming toeristenbelasting € 590.000,-. verhoging van het huidige tarief toeristenbelasting van € 1,46: de economische relatie van de investeringen in het Weverijmuseum en de (in)directe economische effecten voor de gemeente en het bedrijfsleven in Geldrop-Mierlo, is evident. Zie hiervoor ook paragraaf 5.3 van het onderzoeksrapport. Hoewel de afgelopen 10 jaar de toeristenbelasting in GeldropMierlo niet is verhoogd, is het voor dit item verdedigbaar om eenmalig voor deze verhoging te besluiten. Het betreft niet het dichten van exploitatietekorten maar het mogelijk maken van economisch gedreven investeringen.

Met een eenmalige verhoging van de toeristenbelasting met structureel effect van € 0,25 per 1 januari 2024, kunnen - rekening houdend met de geraamde toekomstige toeristenstroom in onze gemeente - de totale investeringen voor de komende vijf jaren in het toekomstbestendig Weverijmuseum volledig worden gedekt. Mocht de redeneringvanTSo/ovoor de huisvestingssubsidie ook voor onderhavig besluit worden doorgetrokken, dan stijgt het tarief toeristenbelasting met € 0,19 en zal nog steeds voor de resterende 25% elders dekking gevonden moeten worden. lndien deze route bewandeld zou moeten worden, is het advies om hierin én vooraf ook de economische partners van de gemeente goed te betrekken, voorzien van een goede onderlegger. Dat is de gemeente in haar samenwerking met deze partners met zoveel woorden verplicht.

1.

2.

Mocht deze verkenning van alternatieve dekkingen (wellicht in combinaties) soelaas bieden dan zullen we de financiële consequenties veniverken in de meerjarenbegroting 2024 en verder. Wij zullen de raad op de gangbare P&C-momenten hiervan op de hoogte stellen dan wel dit (voor de toeristenbelasting) de raad besluitvormend voorleggen. 1684583 Paginanummer 7

-:\)rz--

-o-ro-o-Míerlo

I

Raadsvoorstel

Zoals gezegd in kanttekening 1.3 neemt het college en raad met onderhavige besluitvorming rondom de structurele bijdrage aan het Weverijmuseum een voorschot op de integrale afweging rondom de meerjarenbegroting 2024 en verder. Toch denken we dat dit primair beslag nu past bijde opdracht zoals wij die van uw raad hebben gekregen.

Zijn er personele gevolgen ? (i.o. m. personeelsconsu lent) N.v.t.

Wat en hoe moet er over dit voorstelworden gecommuniceerd? (i.o.m. communicatie) De communicatie zal in gezamenlijkheid met het Weverijmuseum worden opgepakt. De commissie Samenleving zal worden voorgesteld om door onderzoeksbureau Ginder een korte presentatie te geven tijdens de oordeelsvormende commissievergadering 27 juni 2O23 , 6 juni 2023

l.A-

N.J.H

secretaris

van Bree burgemeester

Bijlages 1.

Rapport'Een Toekomstbestendig Weverijmuseum: scenarioanalyse en business case'(d.d. 6 7 2023)

2.

Raadsbesluit'Scenario's Toekomstbestendig Weverijmuseum'

3.

Raadsvoorstel I 3 septe mber 2022:' Een Toekomstbestend ig Weverij m useu m'

4. 5.

8e begrotingswijziging 2023 Notitie - Algemene lessen voor culturele instellingen 2023

1684583 Paginanummer 8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=GeldropMierlo&id=9a0d909b-36cd-488b-9e43-2481219fe3c4