CConstaterende datGeldrop-Mierlo
Koppel je AI →
Document · PDF

GRP 2023-2027.pdf

Commissie Ruimte 5 september 2022, gemeente Geldrop-MierloBij agendapunt: Gemeentelijk Rioleringsplan 2023-202731.882 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

B.9 Bestuursakkoord water (2011) In mei 2011 hebben het Rijk, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), het Interprovinciaal Overleg (IPO), de Unie van Waterschappen (UvW) en de Vereniging van waterbedrijven in Nederland (Vewin) het Bestuursakkoord Water ondertekend. Doel van het Bestuursakkoord Water is te blijven zorgen voor: - veiligheid tegen overstromingen - een goede kwaliteit water - voldoende zoet water. De vijf partners willen dit bereiken door doelmatiger te werken, dat wil zeggen: Goede kwaliteit tegen lagere kosten en minder bestuurlijke drukte. Noodzakelijke investeringen leiden daardoor niet tot sterke stijging van de lokale lasten voor inwoners en bedrijven. Op die manier kan vanaf 2020 jaarlijks structureel 750 miljoen euro worden bespaard op de stijgende kosten voor veiligheid en waterbeheer.

B2-7

Omgevingsplan

Nederland is een waterland. Wateropgaven in Nederland worden door klimaatverandering, bodemdaling, milieuverontreiniging, biodiversiteitsverlies en ruimtedruk steeds groter en complexer. Om ons land ook voor de komende generaties veilig, aantrekkelijk en leefbaar te houden, is het Nationaal Water Programma 2022-2027 ontwikkeld dat in het voorjaar van 2022 is vastgesteld. Dit is de opvolger van Het Nationaal Waterplan (NWP), het Rijksplan voor het waterbeleid voor de periode 2016-2021.

Daardoor hoeven de waterlasten voor inwoners en bedrijven maar beperkt te stijgen, ondanks de grote investeringen die overheden moeten doen in het waterbeheer.

Omgevingsplan

De kostenbesparingen zijn als volgt verdeeld: bij de productie van drinkwater, de riolering en de afvalwaterzuivering wordt 450 miljoen euro bespaard op de jaarlijkse kosten in 2020. Waterschappen en gemeenten zorgen voor 380 miljoen van die besparingen; drinkwaterbedrijven voor 70 miljoen. De overige 300 miljoen euro van de totale besparing van 750 miljoen euro wordt gevonden in het beheer van het dijken, oppervlaktewater en de zoetwatervoorziening door Rijk, Provincies, Waterschappen en Gemeenten. Het Bestuursakkoord Water en de Waterwet (art. 3.8) zijn de belangrijkste wettelijke/beleidskaders die ten grondslag liggen aan de samenwerkingsverbanden in de afvalwaterketen. Op 31 oktober 2018 hebben de waterpartners aanvullende afspraken gemaakt op het Bestuursakkoord Water. Dit omdat nieuwe opgaven vragen om nieuwe afspraken. Het addendum bevat nieuwe en hernieuwde afspraken over de volgende onderwerpen: 1. De kansen van de informatiesamenleving De samenleving verandert snel onder invloed van technologie en digitalisering. Digitalisering is de belangrijkste bron van groei, innovatie en nieuwe bedrijvigheid. In de informatiesamenleving ontstaan nieuwe kansen, ook voor de watersector. Sturen met data en technologieën maakt het makkelijker om meer samen te werken en integraal te werken.

We ontwikkelen een gezamenlijke visie en aanpak om de kansen van de informatiesamenleving beter te benutten. 2. De risico’s van digitale dreigingen Tegenover de kansen van digitalisering staan bedreigingen, bijvoorbeeld op het gebied van cybersecurity. Cybercrime, cyberspionage en cybersabotage kunnen systemen en processen verstoren, met grote gevolgen voor de volksgezondheid, veiligheid en economie. Deze digitale bedreigingen vragen van de waterpartners om een gezamenlijke aanpak en inspanning. 3. Het succes van regionale samenwerking tussen gemeenten, waterschappen en drinkwaterbedrijven. Gemeenten, waterschappen en drinkwaterbedrijven werken in heel Nederland – verspreid over 49 regio’s – samen aan het regionale waterbeheer. Door kennis te delen, taken gezamenlijk uit te voeren en investeringen op elkaar af te stemmen, zijn al veel doelstellingen uit het BAW gerealiseerd. Nu gaan we volgende stappen zetten om het waterbeheer verder te professionaliseren en om de personele kwetsbaarheid van onze organisaties te verminderen. 4. Implementatie van de Omgevingswet in de waterketen In 2022 treedt de Omgevingswet in werking. De nieuwe wet biedt de waterpartners kansen - dankzij verdere versterking van de samenwerking - om meer regionaal maatwerk te leveren. De consequenties van de Omgevingswet voor het stedelijk waterbeheer en de drinkwatersector zijn groot.

Gezamenlijk willen we zorgen voor een goede implementatie van de wet en de regionale afstemming daarover. Binnen de samenwerking Doelmatig Waterbeheer Brabantse Peel geven we uitvoering aan deze aanvullingen op het in 2011 gesloten bestuursakkoord water.

B.10 Besluit begroting en verantwoording Provincies en gemeenten Ten behoeve van meer transparantie heeft de commissie BBV (commissie Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten) richtlijnen opgesteld voor de bepaling van de rioolheffing. De commissie BBV spoort gemeenten en provincies aan om deze aanbevelingen te volgen omdat dat naar haar oordeel bijdraagt aan het inzicht in de financiële positie.

B.11 Gemeentewet In de gemeentewet is geregeld dat de gemeente een belasting kan heffen inzake de zorgplichten ten aanzien van afvalwater, hemelwater en grondwater. Er is een differentiatie mogelijk naar een heffing ter dekking van de kosten voor afvalwater en hemelwater / grondwater.

B2-8

Artikel 228a Bijzondere bepalingen omtrent de andere belastingen dan de onroerende-zaakbelastingen 1. Onder de naam rioolheffing kan een belasting worden geheven ter bestrijding van de kosten die voor de gemeente verbonden zijn aan: a. de inzameling en het transport van huishoudelijk afvalwater en bedrijfsafvalwater, alsmede de zuivering van huishoudelijk afvalwater en b. de inzameling van afvloeiend hemelwater en de verwerking van het ingezamelde hemelwater, alsmede het treffen van maatregelen teneinde structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken. 2. Ter zake van de kosten, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en b, kunnen twee afzonderlijke belastingen worden geheven. 3. Onder de kosten, bedoeld in het eerste lid, wordt mede verstaan de omzetbelasting die als gevolg van de Wet op het BTW-compensatiefonds recht geeft op een bijdrage uit dat fonds..

D. Nadere informatie? Nadere informatie over waterbeleid kunt u vinden op: www.helpdeskwater.nl www.infomil.nl www.riool.net www.stowa.nl www.wetten.overheid.nl

Omgevingsplan

B2-9

B3 AREAAL KENMERKEN EN TOESTAND AREAAL Areaalkenmerken Onze gemeente heeft afgerond een totale oppervlakte van 3.139 hectare, waarvan 3.101 ha land en 37 ha water. Uit het basisrioleringsplan komt naar voren dat ca 500 ha verhard oppervlak is aangesloten op de riolering. Het grootste deel is nog aangesloten op een gemengde riolering. Tabel 11 geeft weer welke voorzieningen in beheer zijn bij de gemeente. Niet van alle voorzieningen zijn de aantallen bekend omdat deze onvoldoende zijn opgenomen in het beheerssysteem. Dit is een punt van aandacht dat terug komt in het nieuwe vGRP. Tabel 11 Kentallen areaalgegevens Voorziening

Hoeveelheid

Eenheid

Riolering in stedelijk gebied 149

km

Vrijverval riool vuilwater

71

km

Vrijverval riool hemelwater / infiltratie

55

km

Rioolgemalen in het vrijvervalstelsel in beheer bij de gemeente

29

stuks

Persleidingen (exclusief drukriool)

5

km

Bergbezinkvoorzieningen

9

stuks

Gemengde overstort zonder BBB

6

stuks

Interne overstorten gemengd / RWA / IT

134

stuks

Externe overstorten RWA

25

stuks

5400

stuks

Kolken

17.000

stuks

Rioolaansluitingen (woningen, bedrijven en overig)

19.822

stuks

Inspectieputten

Omgevingsprogramma

Vrijverval riool gemengd

Riolering in buitengebied Persleidingen (drukriolering)

32

km

Pompunits drukriolering

198

stuks

Centrale verdeelkasten

2

stuks

Luchtinblaasunits

5

stuks

Overig Infiltratiekratten

onbekend

m3

Waterpasserende verharding

10.000

m2

Wadi's en infiltratievelden

onbekend

ha

Drainage leidingen

23

km

Regenmeters

3

stuks

Peilbuizen grondwater

63

stuks

B3-1

Toestand areaal De afgelopen jaren is de kwaliteit van de vrijverval riolering in beeld gebracht middels camera-inspecties. Op basis van de beelden worden reparaties aan de riolering uitgevoerd en wordt de degradatie van de riolering in de gaten gehouden. De cyclus inspecteren-beoordelen-repareren doorlopen we in één jaar. In de bebouwde kom worden nog sporadisch verkeerde aansluitingen aangetroffen en deze worden direct hersteld als er sprake van is. Tabel 12 Beschrijving van de kwaliteitstoestand van de objecten Object

Over het algemeen goed.

Leidingen

Leidingen gaan in de praktijk gemiddeld niet langer dan 60 jaar. Buizen uit jaren 80 zijn van mindere kwaliteit. Aandachtspunt voor lozingspunten drukriolering. Worden twee keer per jaar gereinigd en geïnspecteerd en zo mogelijk onderhouden. Voorzien van telemetrie en aangesloten op de hoofdpost. De gemalen functioneren goed, de toestand van de gemalen is eveneens goed. Redelijk. Extra aandacht nodig voor sloten waar overstorten in uitkomen.

Gemalen

Overstorten Bergbezinkvoorzieningen

Omgevingsprogramma

Toestand

Putten

Bijzonderenconstructies: doorlaten, terugslagkleppen, wervelventielen Drukrioolunits Persleidingen en drukleidingen

IBA’s Hemelwatervoorzieningen: wadi’s, infiltratiekratten

Grondwatervoorzieningen: drainage

Worden twee keer per jaar gereinigd en geïnspecteerd en zo mogelijk onderhouden. Voorzien van telemetrie en aangesloten op hoofdpost. Functioneren en toestand is goed. Geen speciale aandacht voor deze voorzieningen. In 2022 worden deze voorzieningen beter in kaart gebracht en volgt daarna een onderhoudsprogramma. De drukrioleringsunits functioneren goed. Worden jaarlijks geïnspecteerd en zo mogelijk onderhouden. De kwaliteit van drukriolering is nog niet systematisch in kaart gebracht. De persleidingen en drukleidingen functioneren goed. Deze worden niet structureel gereinigd en geïnspecteerd. Op basis van meldingen en eigen waarnemingen worden incidenteel persleidingen en drukleidingen gereinigd. geen gemeentelijke IBA's. Onderhoud wadi's redelijk. Gras wordt gemaaid. Lange termijn onderhoud ontbreekt. Wadi's worden onderhouden binnen groenbeheer met financiële bijdrage vanuit GRP. Weinig infiltratiekratten of waterdoorlatende verharding. Voorkeur voor infiltreren met permeabele betonnen buizen zonder doek. Buis bij voorkeur omhullen met drainzand. In twee lager gelegen wijk in Geldrop (Coevering West en delen van de wijk Skandia) is een drainagenetwerk aangelegd om grondwateroverlast te reduceren. Voor zover bekend functioneert het goed. Voor het onderhoud van de aanwezige drainage wordt in 2022 een onderhoudsplan gemaakt.

Bij de beoordeling van de toestand van de riolering, wordt onderscheid gemaakt tussen waterdichtheid, stabiliteit en afstroming.

Waterdichtheid De waterdichtheid is van belang om te voorkomen dat afvalwater infiltreert in de bodem (bodemverontreiniging) dan wel dat grondwater in de riolering stroomt. Binnenstromend grondwater leidt tot een onnodige belasting van de RWZI, maar kan ook de oorzaak zijn van een zogenaamd “zinkgat”. Bij rioolinspecties wordt voor de waterdichtheid gelet op instekende/defecte inlaten, afdichtingsmateriaal tussen de buizen, verplaatste verbindingen of hoekverdraaiingen, defecte in de buiswand. Vaak zijn dergelijke “schadebeelden” al aanwezig vanaf de aanleg van het riool en vormt het schadebeeld geen probleem. Dit wordt veelvuldig waargenomen, maar gaan we niet over tot reparatie. Zolang er geen zand mee spoelt met instromend grondwater, leidt waterdichtheid niet tot grote problemen.

B3-2

Stabiliteit De stabiliteit van de riolering is erg belangrijk om instorting van het riool te voorkomen. Deformatie, scheuren, breuken en oppervlakteschade zijn de kenmerken waarop gelet wordt. Scheuren nabij inlaten komen veel voor. Deze zijn in het verleden vaak ontstaan tijdens het maken van de inlaat bij aanleg van het riool. Reparatie is vaak niet noodzakelijk. Scheuren in de lengterichting van het riool zijn wel essentieel. Het riool dient dan vervangen of gerelined te worden om instorting te voorkomen. Naar mate de riolering in Geldrop-Mierlo ouder wordt, gaat oppervlakteschade een belangrijkere rol spelen. Nu zien we een toename van de aantasting van de riolering. De vorming van H2S-gas in afvalwater kan hierbij een belangrijke rol spelen, maar ook de bedrijfsmatige lozingen. Met name bij lozingspunten van de drukriolering is er sprake van H2S problemen en zijn de leidingen en putten sneller aangetast.

Afstroming Een goede afstroming is van belang om stilstaand afvalwater te voorkomen, waardoor weer bezinking kan plaats vinden. Nog belangrijker is het voorkomen van verstoppingen of het beperken van de hydraulische capaciteit van het riool. Te denken valt aan bezonken/aangehechte afzettingen (zoals specie). Zeker op locaties waar geklust wordt, worden kolken gebruikt als afvalput om materialen schoon te maken. Dat is niet goed voor de riolering en wordt met name bij rioolinspecties zichtbaar.

B3-3

Omgevingsprogramma

Boomwortels kunnen ook een probleem vormen wanneer zij de kans krijgen om de riolering binnen te dringen op zoek naar lucht en water. Zodra wortels een gaatje hebben gevonden om het riool binnen te komen, dan kunnen ze snel groeien door de grote hoeveelheden voedingsstoffen en vocht in het riool. Er zijn geregeld problemen met wortels in het riool, vooral bij de oudere riolen. Per geval wordt bekeken naar maatwerk om dit probleem op te lossen / tegen te gaan.

B4 TERUGBLIK GRP 2018-2022 Terugblik planperiode 2018 - 2022 De gemeenteraad heeft in 2017 conform artikel 4.22 van de Wet Milieubeheer het “Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) gemeente Geldrop-Mierlo 2018-2022” vastgesteld. In dit GRP zijn de uitgangspunten voor het beheer en onderhoud van het rioolstelsel opgenomen. De ontwikkelingen die invloed hebben op de rioleringszorg zijn klimaatverandering, integraal werken en samenwerking in de afvalwaterketen. We werken samen binnen het waterportaal om kosten te besparen, kwetsbaarheid te verminderen en de kwaliteit te verhogen. In deze terugblik evalueren we de in het plan geplande activiteiten, zodat we hieruit lering kunnen trekken voor de planperiode van het volgende GRP. In 2022 wordt het nieuwe vGRP opgesteld en aan de gemeenteraad ter besluitvorming voorgelegd. Dan wordt ook opnieuw gekeken naar de kosten en opbrengsten. Bij de evaluatie hebben we gebruik gemaakt van de volgende deelvragen: - Wat waren de doelen? - Welke werkzaamheden zijn verricht? - Hoe is (samen)gewerkt? - Wat waren de kosten? - Was de personele capaciteit voldoende? - Hoe hoog was de rioolheffing?

Omgevingsplan

Wat waren de doelen? De doelen voor de rioleringszorg zijn: - Zorgen voor inzameling en transport van stedelijk afvalwater - Zorgen voor inzameling en verwerking van hemelwater (binnen grenzen) - Zorgen dat het grondwater de bestemming van een gebied niet structureel belemmert (voor zover mogelijk) We kunnen als gemeente niet alles allen. Ook inwoners en bedrijven hebben een belangrijk invloed op het functioneren van de riolering. Als gemeente verwachten we: - Dat inwoners en bedrijven de riolering verstandig gebruiken; - Dat rioolaansluitingen zorgvuldig worden aangelegd; - Dat inwoners en bedrijven hemelwater zelf opvangen en bergen als dat redelijkerwijs mogelijk is; - Dat water-op-straat vaker binnen marges wordt geaccepteerd; - Dat inwoners en bedrijven bij grondwateroverlast ervoor zorgen dat hun woning of bedrijf voldoende waterdicht is.

B4-1

Welke werkzaamheden zijn verricht? Onderstaande tabellen bieden een overzicht van geplande activiteiten. Bij elke activiteit staat aangegeven of deze is uitgevoerd, in uitvoering of voorbereiding is, is heroverwogen/vervallen of uitgesteld. In het geval de activiteit niet is uitgevoerd staat de reden daarvan vermeld.

Legenda: Uitgevoerd In uitvoering

In voorbereiding

Heroverwogen/niet meer van toepassing Uitgesteld

Omgevingsplan

Activiteiten tot en met 2021

Lengte (m)

planjaar

Status

Toelichting

Beheer afvalwater- en hemelwatervoorzieningen Achter de Kerk

39 2021

wordt meegenomen met centrumplannen

Alsem

56 2022

relining riolering, gepland 2023

Beatrixstraat

57 2018

relining riolering, gereed

Beneden Beekloop

227 2018

relining riolering, gereed

Bernhardstraat

112 2018

relining riolering, gereed

Boldert

69 2022

relining riolering, gepland 2023

Brunel

55 2022

relining riolering, gepland 2023

Dolik

55 2021

relining riolering, uitvoering in 2022

Elsbroekpad

99 2019

relining riolering, gereed

Eppe

56 2021

relining riolering, uitvoering in 2022

Evene

56 2021

relining riolering, uitvoering in 2022

B4-2

Activiteiten tot en met 2021

Lengte (m)

planjaar

Status

Toelichting

115 2021

relining riolering, uitvoering in 2022

Hekelstraat

134 2021

relining riolering, uitvoering in 2022

J Cornelius de Rijpstraat

200 2018

relining riolering, gereed

Julianastraat

147 2018

relining riolering, gereed

Kalanderstraat

208 2019

gescheiden riolering aangelegd, gereed

Kervel

13 2022

relining riolering, gepland 2023

Look

75 2021

relining riolering, uitvoering in 2022

Maluwe

148 2021

relining riolering, uitvoering in 2022

Magrietstraat

171 2018

relining riolering, gereed

Meerkoetstraat

81 2019

relining riolering, gereed

Mierloseweg

276

Molenakker

180 2022

relining riolering, gepland 2023

Munt

224 2020

relining riolering, gereed

Murik

216 2020

relining riolering, gereed

Pluvierstraat

96 2020

gescheiden riolering aangelegd, gereed

Reigerstraat

147 2020

relining riolering, gepland 2024

Roerdomphof

93

Rogge

62 2020

Sint Jozefplein

224

Slachthuisstraat

196 2018

gescheiden riolering aangelegd, gereed

Smient

163 2019

relining riolering, gereed

2019 en 2021

2020 en 2021

2019 en 2022

Omgevingsplan

Heibeekstraat

gescheiden riolering, uitvoering in 2022

relining riolering, uitvoering in 2022 Staat onterecht op de vervangingslijst, riool is nog niet zo oud relining riolering, gepland 2023

B4-3

Omgevingsplan

Activiteiten tot en met 2021

Lengte (m)

planjaar

Status

Toelichting

Spinnerstraat

171 2022

relining riolering, gepland 2023

Sternstraat

46 2019

relining riolering, gereed

Talingstraat

164 2018

gescheiden riolering aangelegd, gereed

Tongel

87 2020

relining riolering, gereed

Troubadourstraat

88

2020 en 2021

relining riolering, uitvoering in 2022

Twijnstraat

126

2020 en 2022

relining riolering, gepland 2023

Van Gennipstraat

113 2019

relining riolering, gereed

Venkel

153 2020

relining riolering, gereed

vesperstraat

330

Villapark

86 2022

relining riolering, gepland 2023

Vlasstraat

167 2018

relining riolering, gereed

Vogelpoelstraat

219 2020

relining riolering, gepland 2023

Volderstraat

177 2021

relining riolering, uitvoering in 2022

Wede

206 2020

relining riolering, gereed

Weegbree

133 2020

relining riolering, gereed

Weverstraat

180 2019

relining riolering, gereed

Wielewaal

474

Wijnsel

324 2022

relining riolering, gepland 2023

Wilhelminastraat

518 2019

gescheiden riolering 1e fase gereed, 2e fase 2024

Wingerd

457

B4-4

2018 en 2021

2021 en 2022

2020 en 2021

relining riolering, uitvoering in 2022

relining riolering, gepland 2023

relining riolering, uitvoering in 2022

Activiteiten tot en met 2021

Lengte (m)

planjaar

Status

Toelichting

Onderzoek en planvorming afvalwater- en hemelwaterzorgplicht Actualisering Basisrioleringsplan Geldrop- Mierlo

2020

17 december 2021 opgeleverd. Hiermee is er meer inzicht gekomen in maatregelen om knelpunten aan te pakken. Voor deze maatregelen worden middelen gereserveerd in het GRP 20232027

Strategie vervanging drukriolering

2019

Voorjaar 2022 onderzoek & werkplan opstellen

Opstellen GRP

2022

Januari 2022 opgestart

Haalbaarheid hemelwaterverordening

2020

Tot voorjaar 2022

Verbetermaatregelen Afval- en hemelwatervoorzieningen 50 2018

Aanleg extra riolering , koppeling naar afvoerleiding

Wadi Parallelweg Geldrop

450 2018

aanleg wadi

Parallelweg Geldrop

720 2021

realisatie bergingskelder regenwater voorjaar 2022

Werksakker Mierlo

510 2022

Bergingskelder regenwater

Vesperstraat Mierlo

600 2022

Bergingskelder regenwater + wadi

Bisschop van Mierlostraat

140 2022

Bergingskelder regenwater

Heer Dickbierweg

300 2022

Bergingskelder regenwater

Beendstraat

250 2022

Wadi

Ori Geldrop

2022

Wadi, koppeling met naastgelegen stelsels zodat hoge waterdruk beter wordt verdeeld

80 2022

Wijziging riool tbv wateroverlast, realisatie wadi, uitvoering in 2022.

Gerst

2022

Wijziging riool tbv wateroverlast, terugslagkleppen en nooduitlaat, uitvoering in 2022

Nachtegaallaan

2022

Wijziging riool tbv wateroverlast

Gijzenrooiseweg

2022

Verbetering wegafwatering, uitvoering in 2022

Diverse locaties

2021

Roosterdeksels, terugslagkleppen, aanpassingen openbare ruimte tbv wateroverlast, ect.

Brugstraat

Omgevingsplan

Amroth

B4-5

Activiteiten tot en met 2021

inhoud (m3) planjaar

Status

Toelichting

Grondwaterzorgplicht

Analyse grondwater data

2018-2022

nauwe samenwerking met waterschap de Dommel en Brabant Water. Via dinoloket openbaar toegankelijk. Wordt nu omgezet naar BRO. Waterschap de dommel analyseert. Eenmaal per jaar worden analyses besproken met gemeente.

Opstellen onderhoudsplan drainage

2018

wordt in 2022 opgesteld.

Stedelijk en landelijk water Realisatie ruimte voor water in bestaand stedelijk gebied: Wadi's, retenties, kratten, waterpaseerbare verharding, greppels.

2018-2022

In 2021 zijn de klimaatstresstesten uitgevoerd. In 2022 zijn klimaatdialogen gevoerd met inwoners, maatschappelijke organisaties zodat ook het besef bij onze inwoners groeit dat de gemeente niet alleen aan de lat staat voor de opgave ten aanzien van klimaatveranderingen. In 2021 is de hemelwatervisie voor de langere termijn opgesteld. Deze visie helpt om een toekomstige hemelwaterstructuur te realiseren in het bestaand stedelijk gebied. Voor de beoogde maatregelen worden middelen opgenomen in het GRP 2023-2027. De visie draagt bij om GeldropMierlo meer klimaatbestendig te maken.

Klimaatstresstest en klimaatdialogen

Omgevingsplan

Bij bestrijding van wateroverlast worden alle mogelijke technieken gebruikt. De beperkte aanwezigheid van oppervlaktewater in het stedelijk gebied geeft zo zijn uitdagingen.

Blauwe aderplan Geldrop Mierlo

Overig / algemeen

Gegevens beheer

jaarlijks

Inspectie en reiniging vrijvervalriolering

2018-2022

Duurzaamheid en bewonersparticipatie

2018-2022

Door personeelsverloop is vanaf 2019 een achterstand ontstaan in het databeheer. Dit wordt maar maoeizaam ingelopen. Voor het bijhouden van het beheersysteem wordt specialistische kennis en capaciteit ingehuurd. Jaarlijks wordt 1/10 deel van de riolering gereinigd en geïnspecteerd. De daarbij gevonden gebreken worden zoveel mogelijk hersteld. Doorlopend aandacht, bij wateroverlast projecten extra aandacht. (Bewonersavonden)

In 2020 en 2021 leidde hevige regenval tot wateroverlast op een groot aantal locaties. Ondanks de inzet van externe ondersteuning legde de afhandeling hiervan een buitengewoon groot beslag op de personele capaciteit. Hierdoor, en ook door personele wisselingen is de kwaliteit van de rioleringszorg onder druk komen te staan en is vertraging ontstaan in de uitvoering van voorgenomen projecten.

Hoe is (samen)gewerkt? Sinds het Bestuursakkoord Water (2011) werken we als gemeente in het samenwerkingsverband Waterportaal Brabant Oost (dat inmiddels de naam Klimaatportaal Zuidoost-Brabant draagt), samen met Waterschap De Dommel, Brabant Water en de gemeenten Bergeijk, Cranendonck, Eersel, Eindhoven, Valkenswaard, HeezeLeende, Nuenen, Son en Breugel, Veldhoven en Waalre aan een doelmatige (afval)waterketen: minder (meer)kosten, kwaliteitsverbetering, vermindering van de kwetsbaarheid en kennisuitwisseling.

B4-6

Kenmerkend voor deze samenwerking is de bereidheid om te investeren in gezamenlijke verbetermaatregelen ten behoeve van de waterkwaliteit. Alle waterpartners ervaren de meerwaarde van samenwerking en blijven de samenwerking continueren. Een deel van het grondgebied van onze gemeente ligt in het beheergebied van waterschap Aa en Maas. Waterschap Aa en Maas vormt met de gemeente Asten, Deurne, Gemert-Bakel, Helmond, Laarbeek en Someren het samenwerkingsverband Brabantse Peel. Wij hebben als gemeente in het verleden de keuze gemaakt om niet actief deel te nemen aan beide samenwerkingsverbanden en hebben, vanwege dat het grootste deel van het grondgebied valt binnen het beheergebied van de Dommel, gekozen voor actieve deelname aan het samenwerkingsverband Klimaatportaal Zuidoost-Brabant.

Klimaatportaal Zuidoost-Brabant De gemeente neemt deel aan het samenwerkingsverband Klimaatportaal Zuidoost-Brabant. Door slim samen te werken kan er structureel en substantieel bezuinigd worden op de kosten voor riolering en zuivering van afvalwater, de afvalwaterketen, maar ook daarbuiten. Doelmatigheid (en daarmee ook doelmatigheidswinst) wordt niet uitsluitend beschreven aan de hand van het kostenaspect. Bij de beoordeling van doelmatigheid spelen nadrukkelijk ook de aspecten kwetsbaarheid, kwaliteit en kennis bij samenwerking een belangrijke rol.

Het klimaatportaal bestaat uit een BAW team en een DPRA team. Het BAW team houdt zich bezig met de afvalwaterketen en het DPRA team geeft uitvoering aan het Delta plan ruimtelijke adaptatie met klimaatadaptatie in de breedste zin. Beide teams bestaan uit ambtelijke vertegenwoordigers van de Partners en zijn verantwoordelijk voor de uitvoering. Iedere partij levert een vooraf overeengekomen hoeveelheid uren en euro’s. De samenwerking tussen gemeenten onderling en waterschappen gaat uit van het bundelen van kennis en capaciteit en het verder professionaliseren van de beheertaken. Er is geen sprake van overheveling van taken of verantwoordelijkheden. De volgende projecten zijn gezamenlijk opgepakt binnen Klimaatportaal Zuidoost-Brabant: - Implementatie gezamenlijk meetspoor “meten in de keten”. Het opstellen van een gezamenlijk meetnet binnen de samenwerking welke wordt bekostigd door de betreffende grondeigenaar en beheerd door het waterschap en centraal wordt ontsloten via Hydronet. Hierin is alle data terug te vinden binnen de keten waarbij geen zaken per eigenaar worden afgeschermd. - Handreiking voor het inrichten van een Waterloket. Er is gezamenlijk een opzet gemaakt van de uitgangspunten om de het waterloket makkelijker per gemeente in te kunnen richten.

- Regionale Klimaatstresstest Light Er is integraal een globale stresstest opgezet van het areaal van het gehele waterportaal. - Gezamenlijke grondwatermonitoring Het grondwatermeetnet is ontsloten via Hydronet en wordt gecontinueerd. Peilbuizen worden door Brabant Water gemeten, door waterschap verwerkt en aangeleverd aan de BRO. In de komende periode gaat de aandacht uit naar ontsluiting van de gegevens via het landelijk portaal BRO. Hier is het nog niet vanzelfsprekend dat de oude gegevens mee gaan, daarom wordt ook nog gebruik gemaakt van Dinoloket. - Kennisplatform; periodiek delen en gezamenlijk vergaren van kennis. Er is onder andere in een tweetal workshops ingezoomd op de kwetsbaarheid van de regio op het gebied van klimaateffecten (langdurig nat, kortstondig nat, droogte en hittestress) en de oplossingsrichtingen daarbij.

B4-7

Omgevingsplan

Deze aspecten zijn (zeker op wat langere termijn) van grote invloed op de kosten. Op basis van interpolatie van landelijke cijfers uit het feitenonderzoek (doelmatigheid in de waterketen, 2010) behoort een besparingspotentieel van 10 miljoen euro op jaarbasis voor dit gebied tot de mogelijkheden. In bestuurlijke overleggen is de voorkeur uitgesproken voor het model van een netwerkorganisatie. Deze netwerkorganisatie is uitgewerkt in een samenwerkingsovereenkomst waarbij de stuurgroep (bestaande uit de portefeuillehouders van de partners) bestuurlijk verantwoordelijk is voor de uitvoering van het meerjarenprogramma.

-

Uitvoeren van “Kwetsbaarheid in beeld” Met de Stichting RIONED is een pilot uitgevoerd om een beter beeld te krijgen van de personele kwetsbaarheid in onze regio (kennis en competenties). Dit is gecommuniceerd met de deelnemende gemeenten. Deze hebben het Waterportaal opdracht gegeven om oplossingen hiervoor te zoeken.

Was de personele capaciteit voldoende? In de planperiode voor 2018 bedroeg de personele inzet op de rioleringszorg 2,95 fte. In het huidige vGRP is berekend dat 3,2 FTE (1 FTE = 1400 uur) aan personele bezetting voor de gemeentelijke watertaken nodig zou zijn bij maximale uitbesteding. Als gemeente zijn we niet een volledige regiegemeente en voeren we taken ook nog in eigen beheer uit. De personele bezetting is met name verdeeld over projectleiders (investeringsprojecten), beleid-/beheer medewerker, elektro-/mechanische medewerker en toezichthouders. In de praktijk blijkt dat binnen onze gemeente 4,0 fte aanwezig was aan capaciteit voor de rioleringszorg.

Omgevingsplan

In de planperiode is ingezet op extra capaciteit in de vorm van externe inhuur zodat het niet leidt tot een uitbreiding van de ambtelijke formatie. Doordat er binnen de ambtelijke organisatie personele wisselingen hebben plaatsgevonden is kennis verloren gegaan die nu door nieuwe medewerkers weer opgedaan moet worden. Dit vraagt tijd waardoor niet alles dat gepland was om op te pakken ook daadwerkelijk is uitgevoerd. Mede door de hevige neerslag in 2020 en 2021 met daardoor een ruim beslag op de beschikbare FTE, is de personele bezetting gedurende de planperiode ruimschoots onvoldoende gebleken. Er is een achterstand ontstaan in dagelijks beheer en onderhoud, bijhouden van data en de uitvoering van voorgenomen projecten. Deze achterstand achtervolgt ons en zullen we in moeten halen. Met name de laatste 2 jaar zien we ook dat een tekort vooral ontstaat door een toename van beleidsactiviteiten door met name klimaatadaptatie. Dat zorgt voor verbreding van het taakveld en meer integraliteit met Ruimtelijke Ontwikkeling, vergunningen, maar ook met groen en wegen. Ook communicatie rondom klimaatadaptatie (inclusief gemeentelijke subsidies) vragen om veel meer tijd, zodat meer inwoners bereikt worden. Door de sterke toename aan beleidsactiviteiten raken beheertaken naar de achtergrond en krijgen onvoldoende aandacht, terwijl ook hier de ontwikkelingen hard gaan.

Denk aan nieuwe inspectiemethodieken, het Gegevens Woordenboek Stedelijk Water en verdere professionalisering van het beheer. Voor de buitendienst medewerkers die zich bezig houden met beheer en onderhoud van o.a. de drukriolering zien we wel voldoende capaciteit nu en in de toekomst. Hier zijn bevlogen medewerkers bezig met de eerstelijns storingen en dat is belangrijk voor het beperken van de kosten, grip te houden op de staat van de installaties en adequaat te kunnen handhaven op foutieve lozingen.

Hoe hoog was de rioolheffing? De rioolheffing zoals geprognotiseerd in 2018 is ook geheven, waarbij de heffing jaarlijks is geïndexeerd. De wateroverlast in 2020 en de daarbij gepaard gaande extra inspanningen hebben op dit moment nog niet geleidt tot een wijziging van de rioolheffing. Voor de komende planperiode worden de beoogde investeringen nader bekeken en wordt een kostendekkingsberekening uitgevoerd. De uitkomsten leiden tot een nieuwe rioolheffing voor de planperiode 2023 tot en met 2027.

Tabel 13 rioolheffing per categorie (m3 staat voor m3 drinkwater verbruik per jaar)

B4-8

B4-9

Omgevingsplan

B5 DOELEN-FUNCTIONELE EISEN-MAATSTAVENMEETMETHODEN (DOFEMAME) De doelen, functionele eisen, maatstaven en meetmethoden (DoFeMaMe) geven structuur aan de formulering van het rioleringsbeleid in het gemeentelijk rioleringsplan. Deze opzet en de begrippen zijn ontleend aan de Kennisbank van stichting RIONED, waarin de begrippen als volgt zijn gedefinieerd: -

-

-

De doelen geven aan wat we willen bereiken met de invulling van de drie gemeentelijke watertaken. Functionele eisen zijn specificaties van de doelen die voor de gemeentelijke watertaken zijn geformuleerd. Ze geven aan, aan welke voorwaarden moet worden voldaan en hoe de eventuele voorzieningen moeten functioneren om de doelen te kunnen bereiken. Functionele eisen worden in het algemeen uitgedrukt in een kwalitatieve maat, zoals ‘voldoende’, ‘acceptabel’ of ‘adequaat’. Maatstaven zijn de getalsmatige precisering van de functionele eisen. Ze zijn nodig om te kunnen bepalen in hoeverre aan de functionele eisen wordt voldaan. Maatstaven maken de functionele eisen in kwantitatieve zin toetsbaar. Meetmethoden zijn methoden waarmee de toestand of het functioneren van de voorzieningen aan de gestelde eis kan worden getoetst (berekeningsmethoden).

Doel 1: Zorgen voor inzameling van stedelijk afvalwater

1b

1c

1d

1e

Functionele eisen Alle percelen op het gemeentelijk gebied waar afvalwater vrijkomt moeten van een rioleringsaansluiting zijn voorzien, uitgezonderd bij specifieke situaties waar lokale behandeling een zelfde graad van milieubescherming biedt. Het afvalwater dient te worden ingezameld zonder dat dit risico’s met zich meebrengt voor de volksgezondheid en het milieu. Er dienen geen ongewenste lozingen op de riolering plaats te vinden.

Het scheiden van (afval) water stromen in huishoudens, bedrijven en industrie dient te worden bevorderd. De aansluitleidingen waar de gemeente verantwoordelijk voor is, moeten in goede staat zijn. Riolen en andere objecten dienen in hoge mate waterdicht te zijn, zodanig dat de hoeveelheid uittredend rioolwater en intredend grondwater beperkt blijft.

1f

Geen onaanvaardbare gezondheidsrisico's door rioolwater.

1g

Schonen tracé watergang achter gemengde overstort na optreden overstortgebeurtenis.

Maatstaven Alle percelen binnen of buiten bebouwde kom moeten aangesloten zijn op riolering of op een lokale behandeling van het afvalwater (IBA) als dit eenzelfde graad van milieubescherming biedt tenzij dit niet doelmatig is met het oog op kosten en milieu.

Meetmethoden Registratie van lozingssituatie van de percelen binnen en buiten de bebouwde kom.

Geen overtredingen van de Lozingsvoorwaarden uit de lozingenbesluiten en geen zichtbare vervuiling in oppervlaktewater door foutieve aansluitingen. Toepassen gescheiden systemen in huishoudens, bedrijven en industrie bij herinrichting van wijken. Geen meldingen over functioneren aansluitleidingen.

Controle, handhaving en registratie.

Ingrijpmaatstaven voor waterdichtheid en stabiliteit (conform NEN-EN 13508-1) mogen niet voorkomen. Bij gerede twijfel moet bij afpersen de hoeveelheid uittredend rioolwater binnen de normen blijven. Kans op blootstelling aan rioolwater mag niet groter zijn dan bij een goed functionerend referentiesysteem. Geen visuele verontreinigingen of geuroverlast in de watergang.

Visuele inspectie volgens NEN-EN 13508-2+A1. Afpersen als er op andere gronden twijfel is over de waterdichtheid. Hydraulische berekening.

Controle, handhaving en registratie in het kader van omgevingsvergunningen. Meldingen- en klachtenregistratie.

Visuele inspectie.

B5-1

Omgevingsplan

1a

Doel 2: Zorgen voor transport van stedelijk afvalwater

Omgevingsplan

2a

Functionele eisen De afstroming dient gewaarborgd te zijn.

Maatstaven De afstroming voldoet aan de verwachtingen. Ingrijpmaatstaven voor afstroming mogen niet voorkomen. Hoeveelheid vuil maximaal 10 %. Verblijftijd van het afvalwater in het stelsel is niet langer dan 15 uur. Stank mag niet voorkomen. Zuurstofgehalte afvalwater > 0, geen H2S in rioolatmosfeer Water op straat mag niet voorkomen bij een 'standaard'-regenbui. Bij extreme weersomstandigheden en locaties waar water doelbewust op straat wordt geborgen of via de straat wordt afgevoerd mag water op straat staan, maar mag geen ernstige hinder of schade ontstaan.

2b

Het afvalwater dient zonder overmatige aanrotting de RWZI te bereiken

2c

De afvoercapaciteit van de riolering voor afvalwater moet toereikend zijn om het aanbod bij hevige neerslag te kunnen verwerken, uitgezonderd bij bepaalde buitengewone omstandigheden.

2d

De objecten moeten in goede staat zijn.

Bij risicoriolen geen ingrijpmaatstaven voor waterdichtheid en stabiliteit. Bij nietrisicoriolen geen zettingen maaiveld door gebreken aan riolering, geen blokkering doorvoer.

2e

Geen langdurige afvoer van drainagewater op gemengde en/of vuilwater riolering. De vuiluitworp door overstortingen op oppervlaktewater dient beperkt te zijn. Overstortingen mogen niet leiden tot inundaties.

Drains zijn niet op gemengde en/of dwariolen aangesloten. Vanuit waterkwaliteit geen aantoonbare knelpunten. Voldoende afvoercapaciteit van het ontvangende oppervlaktewater.

2f 2g

Meetmethoden Visuele inspectie volgens NEN-EN 13508-2+A1.

Hydraulische berekeningen, meldingen en metingen. Hydraulische berekeningen conform Kennisbank riolering met een gekalibreerd model bij een gebeurtenis met een herhalingstijd van T= 2 jaar; meldingen en klachtenregistratie. Visuele inspectie volgens NEN-EN 13508-2+A1. Risicoriolen zijn onder hoofdwegen, bij winkels en bedrijven, naar gemalen en overstorten. Meldingen, waarnemingen maaiveld. Waarnemingen en metingen. Berekenen en meten van effecten van vuiluitworp. Overstort mag niet verdronken zijn bij een bui T =2.

Doel 3: Zorgen voor inzameling van hemelwater (voor zover niet door particulieren) 3a

3b

3c

3d

3e

3f 3g

B5-2

Functionele eisen Voor zover rendabel afkoppelen van schoon hemelwater zonder wateroverlast en ongewenste milieuverontreiniging te veroorzaken. Schoon hemelwater zal bij voorkeur worden hergebruikt en/of geinfiltreerd in de bodem dan wel afgevoerd middels bufferbassins en/of afwateringssloten.

Maatstaven Afkoppelen indien technisch uitvoerbaar, bij herstructureringen en werk met werk maken.

Meetmethoden Optimalisatie milieurendement, conform afspraken met waterschap.

Percelen bieden alleen hemelwater aan als zij het redelijkerwijs zelf niet kunnen gebruiken, infiltreren of lozen op oppervlaktewater. Zo min mogeljik 'schoon'water naar de RWZI. De instroming in riolen via de kolken dient Aantal kolken waar regelmatig ongehinderd plaats te vinden. klachten/meldingen over komen zijn minder dan 1 %. Beperkte hoeveelheid intredend grondwater. Bij risicoriolen geen ingrijpmaatstaven voor waterdichtheid en stabiliteit. Bij nietrisicoriolen geen zettingen maaiveld door gebreken aan riolering, geen blokkering doorvoer. Riolen en andere objecten dienen in hoge mate Ingrijpmaatstaven voor waterdichtheid en waterdicht te zijn, zodanig dat de hoeveelheid stabiliteit (conform NEN-EN 13508-1) uittredend water beperkt blijft (m.u.v. IT-riolen). mogen niet voorkomen. Bij gerede twijfel moet bij afpersen de hoeveelheid uittredend rioolwater binnen de normen blijven. Geen ongewenste lozingen op de Geen zichtbare vervuiling in hemelwaterriolering. oppervlaktewater door foutaansluitingen. Geen (langdurige) afvoer van drainagewater via Drains zijn niet op (V)GS aangesloten. (V)GS.

Overleg met het Waterschap hoeveel 'zo min mogelijk 'is, uit gedrukt in mm/h. Visuele waarnemingen en meldingenregistratie. Visuele inspectie volgens NEN-EN 13508-2+A1 (2011).

Visuele inspectie volgens NEN-EN 13508-2+A1. Afpersen als er op andere gronden twijfel is over de waterdichtheid. Waarnemingen, meldingen. Waarneming en metingen.

Doel 4: Zorgen voor verwerking van ingezameld hemelwater 4a

4b

4c

Functionele eisen De ondergrondse afvoercapaciteit van de riolering voor hemelwater moet toereikend zijn om het aanbod bij ontwerpbui te kunnen verwerken.

De bovengrondse verwerkingscapaciteit is toereikend om extreme hoeveelheden neerslag te kunnen verwerken. De vuiluitworp door hemelwaterlozingen op oppervlaktewater dient beperkt te zijn.

Maatstaven Meetmethoden Water op straat mag niet voorkomen bij Hydraulische berekeningen een 'standaard'-regenbui. Bij extreme conform kennisbank weersomstandigheden en locaties waar RIONED. water doelbewust op straat wordt geborgen of via de straat wordt afgevoerd mag water op straat staan, maar mag geen ernstige hinder of schade ontstaan. De afvoercapaciteit van gemeentelijk oppervlaktewater moet voldoende zijn om overtollige neerslag te kunnen afvoeren, behalve bij extreme situaties. Laag risico op uitval van vitale infrastructuur Stresstest riolering. of schade aan gebouwen. Vuiluitworp mag geen belemmering vormen voor de waterkwaliteit. Geen klachten over oppervlaktewater behalve bij extreme situaties.

De vervuilingstoestand van de riolering dient acceptabel te zijn.

Ingrijpmaatstaven voor afstroming (conform NEN-EN 13508-1) mogen niet voorkomen. Hoeveelheid uitkomend vuil maximaal 10 %.

4e

Overstortingen en hemelwaterlozingen mogen niet leiden tot inundaties.

4f

Overstortwater moet ongestremd kunnen lozen op oppervlaktewater. De objecten moeten in goede staat zijn.

Voldoende verwerkingscapaciteit van het ontvangende oppervlaktewater (T = 100 situatie). Voldoende verwerkingscapaciteit van het ontvangende oppervlaktewater (bui 8). Bij risicoriolen geen ingrijpmaatstaven voor waterdichtheid en stabiliteit. Bij nietrisicoriolen geen zettingen maaiveld door gebreken aan riolering, geen blokkering doorvoer.

4g

Bij niet-risicoriolen geen zettingen maaiveld door gebreken aan riolering, geen blokkering doorvoer. Maximaal 2 instortingen per 100 km per jaar.

Maatwerk in overleg met waterschap. Visuele inspectie volgens NEN-EN 13508-2+A1. Risicoriolen zijn onder hoofdwegen, bij winkels en bedrijven, naar gemalen en overstorten. Meldingen, waarnemingen maaiveld. Registratie

Doel 5: Zorgen dat (voor zover mogelijk) het grondwater de bestemming van een gebied niet structureel belemmert. Functionele eisen Nieuwbouw: Adequaat ontwerp van de ontwatering voor bebouwing en wegen (beheerfase).

Maatstaven GHG > 0,8 m-mv (bebouwing en wegen).

5b

Bestaande bebouwing: Adequaat ontwerp.

GHG > 0,6 -0,8 m-mv (bebouwing en wegen).

5c

De afvoercapaciteit van relevante drainageleidingen is voldoende om het drainagewater te kunnen verwerken. Actuele en publiektoegankelijke informatie .

Geen grondwateroverlast als gevolg van gebrekkig onderhoud aan drainageleidingen. Verloop grondwaterstand en functioneren voorzieningen is opvraagbaar via de gemeente.

5a

5d

Meetmethoden Registratie van grondwaterstanden met peilbuizen, kenmerken boorprofiel. Registratie van grondwaterstanden met peilbuizen. Inspecties en registratie van grondwaterstanden. Toetsen

B5-3

Omgevingsplan

4d

Berekenen en meten van vuiluitworp conform richtlijnen waterkwaliteitsbeheerder. Meldingen. Visuele inspectie volgens NEN-EN 13508-2+A1 en hydraulische berekening. Registraties door rioolreinigers. Berekenen en meten in overleg met waterschap.

Doel 6: Zorgen voor een goede bedrijfsvoering 6a 6b

6c

Inzicht in kosten op langere termijn.

6d

Er dient inzicht te bestaan in de toestand en het functioneren van de riolering (onderscheiden in gemengde en gescheiden riolering).

6e

Er dient zoveel mogelijk gebruik te worden gemaakt van duurzame en milieuvriendelijke materialen. Er dient een klantvriendelijke benadering te worden nagestreefd.

6f

Omgevingsplan

Voorwaarden Het rioleringsbeheer dient zo goed mogelijk te worden afgestemd op andere gemeentelijke taken. De gebruikers van de riolering dienen bekend te zijn en ongewenste lozingen dienen te worden voorkomen.

6g 6h

6i 6j

6k 6l 6m

B5-4

De samenwerking tussen de gemeente en het waterschap dient effectief ingericht te worden. De bedrijfszekerheid van objecten moet gewaarborgd zijn.

De riolering dient zodanig te worden ont- en belucht te zijn dat overlast door stank wordt voorkomen. Overlast tijdens werkzaamheden aan de riolering dient beperkt te zijn.

Inzicht in de grondwatersituatie en grondwatervoorzieningen. Duidelijke procedures voor het omgaan met (grond)watermeldingen. Een loketfunctie voor alle soorten wateroverlast waaronder grondwater.

Maatstaven en meetmethoden In operationele plannen samenhang aangeven. Eenmaal per jaar rioleringsbestand controleren. Naleven en actueel houden vergunningen. Geen illegale of foutieve aansluitingen. Alle kosten van de rioleringszorg minimaal één keer in beeld . Direct toegankelijkheid en beschikbaarheid rioleringsgegevens. Na aanleg van de riolering vindt een ten behoeve van oplevering een inspectie plaats. Riolering jonger dan 30 jaar dient steekproefsgewijs geïnspecteerd te worden. Riolering ouder dan 30 jaar wordt eenmaal in de 10 jaar geïnspecteerd. Verwerking revisiegegevens binnen 3 maanden. Periodieke hydraulische controle vindt gemiddeld, eenmaal per 10 jaar plaats, maar slechts indien dit zinvol is (bijvoorbeeld bij grootschalige wijzigingen van verhard oppervlak of grootschalige nieuwbouw). Verwerken van meetgegevens riolering. Toepassen van o.a. nationaal pakket Duurzaam Bouwen wordt aanbevolen. Op ernstige meldingen moet binnen 24 uur worden gereageerd. Op overige meldingen moet binnen 5 werkdagen worden gereageerd. Voldoende voorlichting en informatie naar belanghebbenden. Periodiek overleg tussen gemeente en waterschap. Het aantal storingen per object dient zo klein mogelijk te zijn. Storingen dienen binnen 24 uur te zijn opgepakt. Mogelijke incidenen en de gevolgen daarvan dienen in kaart gebracht te zijn. Te nemen acties moeten bekend zijn (incidentenplan).

Geen meldingen over overlast door stank vanuit de openbare riolering. Goede afstemming van rioolwerken op werkzaamheden andere diensten en nutsbedrijven, bereikbaarheid percelen zoveel mogelijk handhaven. Geen verkeersomleiding doro woongebieden en bereikbaarheid zoveel mogelijk handhaven. Toegankelijkheid en beschikbaarheid gegevens grondwatervoorzieningen. Meldingen dienen snel en effectief afgehandeld te worden. Aansluiten bij het KCS (Klant Contact Systeem) en 'labelen' van meldingen.

Gemengde overstorten Overstorten hemelwatersysteem of infiltratiesysteem

Bergbezinkbassin Overstort Bergbezinkbassin met groene berging Overstort Overstort Overstort Bergbezinkbassin Bergbezinkbassin met groene berging Bergbezinkbassin met groene berging Bergbezinkbassin Overstort Overstort Overstort Bergbezinkbassin Bergbezinkbassin met groene berging IT IT HWA IT HWA HWA HWA HWA HWA HWA HWA HWA IT IT IT HWA HWA HWA IT HWA HWA IT IT IT IT

Putnummer

Kern

30202 Geldrop 100355 Geldrop 100906 Geldrop 70004 Geldrop 80604 Geldrop 80226 Geldrop 10420 Geldrop 452 Mierlo 26 Mierlo 183 Mierlo 1134 Mierlo 1205 Mierlo 1350 Mierlo 941 Mierlo 1546 Mierlo 190045 Geldrop 190003 Geldrop 160321 Geldrop 190050 Geldrop 160415 Geldrop 160420 Geldrop 160272 Geldrop 160246 Geldrop 160247 Geldrop 160235 Geldrop 163010 Geldrop 163026 Geldrop 190276 Geldrop 198061 Geldrop 196002 Geldrop 161012 Geldrop 1921 Mierlo 1923 Mierlo 19136 Mierlo 2145 Mierlo 2123 Mierlo 19144 Mierlo 19336 Mierlo 19121 Mierlo 19442 Mierlo

straatnaam Coevering Elsbroekpad Kervel Laan der 4 Heemskinderen Linze Mierloseweg Rielsedijk Ambachtweg Arkweg Bekelaar Bijenkorf Eikenhorst Eksterlaan Luchen Sanghorst Akert Akert De Hooge Akker De Hooge Akker Genoenhuis Genoenhuis Gijzenrooiseweg Gijzenrooiseweg Gijzenrooiseweg Gijzenrooiseweg Hilderberg Hofdael Jan Raassensweg Johan Peijnenburgweg Laan van Tolkien Spaarpot-Oost Ambachtweg Ambachtweg Boerenzwaluw De Loo De Loo / Kasteelweg Leeuwerik Loeswijk Sint Catharinaweg Vlinderlaan

Drempellengte (m) Inhoud bergbezinkbassins en groene bergingen drempelhoogt tpv lozing op x-coordinaat y-coordinaat maaiveld en overige informatie en (m NAP) oppervlaktewater 2750 m3 23,6 17,27 167519 381216 18,97 4,1 17,47 166427 382299 18,23 1000 m3 + 6000 m3 groene berging 4 16,83 166462 382673 17,11 3,8 18,49 167253 380971 20,23 4,5 17,45 166988 382227 18,52 8,3 17,83 167167 381746 18,82 4000 m3 24 17,81 165324 381842 19,28 138 m3 + 775 m3 groene berging 1,9 19,04 171093 384334 19,7 158 m3 + 715 m3 groene berging 2,5 18,29 172103 384929 18,98 620 m3 + 2020 m3 groene berging 4 18,91 171956 384249 19,62 aanvullende bergingsleiding ivm uitbreiding wijk 4,2 18,43 170405 383880 19,67 0,9 19,56 171110 384443 20,17 Aanvullende bergingsleiding ivm uitbreiding wijk.

1,6 19,07 169981 383622 20,08 360 m3 + Aanvullende bergingsleiding ivm uitbreiding 6 18,39 170059 383649 19,99 300 m3 + 1907 m3 groene berging 2 18,92 171116 383590 19,95 2,5 18,71 167264 380576 19,39 2,5 18,33 167221 380269 19,42 3,1 19,16 165357 382185 19,92 3 18,49 165361 382194 19,97 2 19,2 165631 380431 19,9 2 19,12 165549 380194 19,8 1,6 18,94 165705 380617 19,62 1,6 18,76 165555 380949 19,73 1,6 18,69 165562 380934 19,70 1,6 18,91 165404 381463 19,78 uitstroom op wadi 1 19,92 167920 381809 20,6 1,5 17,45 167241 381560 18,66 1,25 20,55 166839 379699 21,82 1,85 16,88 167300 381712 18,31 uitstroom op wadi 1,5 19,46 165801 380501 20,24 2 18,48 167622 383303 19,96 2 19 171023 384251 20,03 1 19,75 170835 384304 20,09 1 19,18 170033 383579 19,96 1,25 20,4 171141 382722 21,18 1,5 20,37 170901 382659 21,23 1 18,38 170115 383681 19,37 0,6 19,63 172022 384027 20,22 1,3 19,14 169947 383559 20,20 uitstroom in berging en dan naar wetering 1 18,94 169924 384213 18,99

B6 OVERSTORTEN GELDROP-MIERLO

Object

B6.1 Overzicht overstorten

Type overstort

B6-1

Omgevingsprogramma

Omgevingsprogramma

B6.2 Kaart overstorten Geldrop

B6-2

Rioolputten Rioolputten Externe overstortput Interne overstortput Rioolleidingen Droogweerstelsel Gemengd stelsel Hemelwaterstelsel Persleiding

HWA Spaarpot Oost

Overstort Linze

Overstort Elsbroekpad

BBB Kervel

HWA de Hooge Akker (2x)

Overstort Mierloseweg HWA Hilderberg HWA Johan Peijnenburgweg HWA Hofdael

Overstort Rielsedijk HWA Gijzenrooiseweg

BBB coevering

Overstort Laan der 4 Heemskinderen

HWA Gijzenrooiseweg (2x)

HWA Gijzenrooiseweg

HWA Akert

HWA Laan van Tolkien HWA Genoenhuis

HWA Akert

Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan 2023-2027 Overzicht overstorten - kern Geldrop Gemeente Geldrop-Mierlo HWA Jan Raassensweg

Fase: Definitief

Projectnr.: GLM018

Formaat: A3

Tekeningnr: 1 van 2

Schaal: 1:15.000

Doc. nr.: -

¤

0

170

340

510

680

850

1.020

1.190

1.360

1.530

1.700m

088 - 3366333 info@kragten.nl www.kragten.nl

P:\prj100\.............\*************.mxd

HWA Genoenhuis

B6.3 Kaart overstorten Mierlo

Omgevingsprogramma

B6-3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=GeldropMierlo&id=5f20d239-a328-41f0-a428-dbccfae3aa8c