Brief uitgaand__perspectief Geldrop-Mierlo op regionale samenwerking_v1.0_20-10-2022.pdf
Tekst van het document
Metropoolregio Eindhoven t.a.v. het dagelijks bestuur Postbus 985 5600AZ EINDHOVEN
uw brief
100526-2587\TPU\HLE
ons kenmerk
1015282
behandeld door
Miranda ten Hout
onderwerp
Geldrop
20 oktober 2022
Perspectief Geldrop-Mierlo op regionale samenwerking
Geacht dagelijks bestuur, U heeft aan de colleges van de 21 gemeenten gevraagd om lokaal een gesprek met de raad te voeren over de reikwijdte van de regionale opgaven in relatie tot de meerwaarde van samenwerking tussen de 21 gemeenten in Brainport Eindhoven en de verbinding van die regionale opgaven met lokale opgaven. In deze brief schetsen wij u het perspectief hierop van het college en de raad van Geldrop-Mierlo. De vraag is breder In uw vraagstelling laat u de samenwerking binnen subregio’s buiten beschouwing. Die context is voor ons wel zeer relevant, aangezien we in SGE-verband op thema’s samenwerken die u nu ook binnen de samenwerking in MRE-verband wilt trekken. De vraag blijft dus niet beperkt tot de verbinding tussen regionale en lokale opgaven, maar gaat ook over de verbinding tussen regionale en subregionale opgaven. Onderschrijven noodzaak samenwerken met 21 gemeenten, maar … We zijn trots op Brainport en zien het belang van hoe we ons in Zuidoost-Brabant de afgelopen jaren economisch ontwikkeld hebben tot een mainport in Nederland. De schaalsprong binnen Brainport Eindhoven zien wij zeker als een ontwikkeling waar we in de breedte van de regio mee te maken hebben.
We kunnen elkaar als 21 gemeenten versterken door de verschillende kwaliteiten die we in huis hebben, waardoor we binnen de schaalsprong niet alleen de groei van bedrijvigheid en het woningaanbod kunnen faciliteren maar ook met elkaar de brede welvaart voorop kunnen blijven stellen. Met 21 gemeenten samen liggen er meer kansen om de verschillende uitdagingen het hoofd te bieden. We zien een uitbreiding van thema’s binnen de MRE-samenwerking echter niet zondermeer zitten. Dat is alleen wenselijk als we goede afspraken kunnen maken over het niveau waarop we samenwerken. Wij vinden dat de samenwerking in MRE-verband zich door de betrokkenheid van een groot aantal partijen en een gemeenschappelijke regeling als samenwerkingsvorm niet goed leent voor afstemming van tactiek en aanpak. Wat Geldrop-Mierlo betreft leent onze samenwerking in SGE-verband zich daar gewoonweg het best voor. Het samenwerken tussen 21 gemeenten op een breed scala aan thema’s zien wij dan ook graag puur op strategisch niveau plaatsvinden. Dat is een ander abstractieniveau dan waar nu vaak op wordt geacteerd in MRE-verband. Op regionaal niveau beperken tot een koersbepaling op hoofdlijnen Als we met elkaar de kant op bewegen die u beoogt, dan willen we de samenwerking tussen de 21 gemeenten beperkt zien tot het gezamenlijk bepalen van een koers op hoofdlijnen.
Tot nog toe is er min of meer voor gekozen om óf op regionaal óf op subregionaal niveau de samenwerking aan te gaan op een thema. We gaan er nu naartoe dat we op dezelfde thema’s zowel regionaal als subregionaal samenwerken. Dat hoeft geen problemen op te leveren, mits er een heldere afbakening wordt gehanteerd. Regionaal dus alleen een koers op hoofdlijnen en binnen het SGE maken we meters met 9 gemeenten aan de hand van doelen en een gezamenlijke aanpak.
blad 1 van 3
Bezoekadres: De Meent 2, 5664GC Geldrop | Postadres: Postbus 10101, 5660 GA Geldrop | T (040) 289 38 93 | E gemeente@geldrop-mierlo.nl www.geldrop-mierlo.nl | facebook.com/gemeente.geldropmierlo | twitter.com/gGeldrop_Mierlo
Congruente subregionale samenwerking op ruimtelijke thema’s Het is naar ons idee wenselijk om het werken in subregio’s meer uniform te maken. Dat kan door het hanteren van dezelfde thema’s en het toepassen van eenzelfde onderscheid tussen koersbepaling (regionaal) en aanpak (subregionaal). Een MRE-team dat focust op het begeleiden van het samenwerken tussen gemeenten Wij zien graag dat de kern is dat de 21 gemeenten met elkaar samenwerken op verschillende thema’s. Het MREteam zou zich volgens ons scherper moeten focussen op het ondersteunen van de samenwerking. Daar tegenover staat dat we als gemeenten zowel bestuurlijk als ambtelijk onze rol pakken om in regionaal en subregionaal verband en ook met Brainportpartners samen te werken en gezamenlijk kennis en expertise te ontwikkelen. Gedeeltelijke herkenning op de ontwikkellijnen en deelopgaven De ontwikkellijnen zijn helder en vinden we goed aansluiten bij de opgaven waarop we de afgelopen anderhalf jaar in de regio in gesprek zijn geweest. Wel zien we een groot risico dat de schaalsprong de kwaliteiten van het landelijk gebied onder druk zet. We vinden het belangrijk dat binnen de ontwikkellijn voor een vitaal landelijk gebied wordt geborgd dat er geen afbreuk wordt gedaan aan de groene omgeving. Ten aanzien van de deelopgaven zien we nog werk aan de winkel.
Ze zijn door de oogharen heen wel herkenbaar, maar op verschillende aandachtsvelden mist nog de echte scherpte. Daarnaast zou de uitwerking van deelopgaven op het niveau van de 21 gemeenten op een hoger abstractieniveau moeten liggen. Veel van hetgeen nu in de deelopgaven naar voren komt, zou naar ons idee binnen de opgaven- en doelbepaling en aanpak binnen de subregio’s moeten vallen. Accenten vanuit Geldrop-Mierlo Qua accenten vinden we vanuit Geldrop-Mierlo de volgende zaken van belang: Aandachtsveld
Accenten die we willen leggen
Schaalsprong Brainport
• Borgen sociale cohesie en cultuur, als belangrijke factor voor brede welvaart • Loskomen van gemeentelijk denken tav werklocaties • Vasthouden ontwikkelsnelheid SGE, mogelijkheid tot ondersteunen andere subregio’s • De schaalsprong moet gepaard gaan met sociale innovatie en digitalisering • Oog hebben voor de impact van de komst van meer expats voor de cultuur in en het karakter van steden en dorpen • Het voorzieningenniveau dient mee te groeien, ook het aanbod van culturele voorzieningen; we moeten bij het Rijk aandringen op een grotere bijdrage
1015282
blad 2 van 3
Energie & duurzaamheid
• Ten aanzien van netschaarste willen we minder afhankelijk worden van netbeheerders; we moeten zelf oplossingen zoeken (in collectieven) • Het moet voor mensen met een kleine beurs makkelijker worden om energiemaatregelen te treffen; hiervoor is aanpassing van regelgeving en het verwerven van meer subsidiegelden nodig
Landelijk gebied
• Investeren in nieuwe economische dragers buitengebied • Voor een duurzame schaalsprong is de leefbaarheid van belang, wat we o.a. vertalen naar het behoud van landelijke groene gebieden in de regio
Mobiliteit
• Het OV moet echt worden uitgebreid met het oog op de schaalsprong; we moeten het Rijk aanspreken op het investeren hierin • Urgentie afdwingen bij het Rijk het verbreden van snelwegen in de regio • Inzetten op slimme deelmobiliteit • Een breed perspectief houden voor nieuwe technieken op het vlak van elektrisch rijden en rijden op waterstof • De belangen van landelijke gebieden moeten beter in het oog worden gehouden, bijvoorbeeld wat betreft het verkleinen van de reistijden binnen de regio
Randvoorwaardelijke zaken
• In regionaal verband alleen koersbepaling en prioritering op hoofdlijnen • Uitvoeringsprogramma’s op subregionaal niveau • Binnen de verschillende thema’s versterken van de toegevoegde waarde van Brainport voor nieuwe technologieën • Voor de uitvoerbaarheid is het aanbrengen van meer focus van belang • Kennisdeling tussen gemeenten en met Brainportpartners versterken • Sterker benutten van de bredewelvaartsmonitor • Continueren en beter benutten van de samenwerking met het onderwijs
De rol van Geldrop-Mierlo Geldrop-Mierlo is de vierde gemeente in de regio en wil daar ook recht aan doen door een constructieve en substantiële rol binnen de regio in te vullen. We denken binnen de regio van toegevoegde waarde te zijn op het vlak van het voorzieningenaanbod en op het vlak van natuur en recreatie. Wat betreft de woningbouwopgave dragen we bij via diverse woningbouwinitiatieven. Daarnaast stimuleren we innovaties op het gebied van duurzaamheid en energietransitie. De rol van de samenwerking in MRE-verband De essentie van onze samenwerking tussen de 21 gemeenten vinden wij vooral liggen in de eerder benoemde gezamenlijke koersbepaling op hoofdlijnen, zodat we elkaar kunnen versterken. Daarnaast kunnen we elkaar verrijken door de kennisdeling te intensiveren. Ook denken we dat een gezamenlijke lobby naar de provincie en het Rijk ons als regio sterker maakt. De afstemming met het Rijk, provincie en andere samenwerkingspartners zien we graag in handen liggen van bestuurders en ambtenaren van de gemeenten, die daarvoor namens de regio optreden. Dat vraagt wel van de vertegenwoordigende bestuurders en ambtenaren om daadwerkelijk namens de regio te acteren en het vraagt vertrouwen hierin van alle gemeenten.
Wij hopen dat u deze reactie zult benutten in het verdere traject om tot een samenwerkingsakkoord 2023-2026 en een aangepaste governance van de regionale samenwerking tussen de 21 gemeenten te komen.
Met vriendelijke groet, College van B&W Geldrop-Mierlo
gemeentesecretaris, N. Scheltens
1015282
burgemeester, J.C.J van Bree
blad 3 van 3