CConstaterende datGeldrop-Mierlo
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage bij visie GM 2044_Trends & Cijfers

Commissie Algemene Zaken 10 februari 2025, gemeente Geldrop-MierloBij agendapunt: Vaststelling Visie Geldrop-Mierlo 20447.609 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

digitale

Trends & Cijfers Bijlage bij de visie Geldrop-Mierlo 2044

Inhoud Maatschappelijke trends in beeld............................................................................................................................4 Demografische verschuivingen .......................................................................................................................5 Individualisering ..............................................................................................................................................7 Welvaart in beweging .....................................................................................................................................8 Veranderende mobiliteit ...............................................................................................................................10 Klimaat als leidend perspectief .....................................................................................................................11 Groei van technologie ...................................................................................................................................11 Digitalisering .................................................................................................................................................13 Democratie in beweging

...............................................................................................................................14 Globalisering .................................................................................................................................................15 Zicht op cijfers........................................................................................................................................................16 Cijfers Geldrop-Mierlo .......................................................................................................................................17 Demografie ...................................................................................................................................................17 Leven lang ontwikkelen ................................................................................................................................18 Bestaanszekerheid ........................................................................................................................................18 Zorg en ondersteuning ..................................................................................................................................19 Vitaal leven

...................................................................................................................................................20 Sterke netwerken ..........................................................................................................................................21 Leefbare groene wijken ................................................................................................................................21 Wonen...........................................................................................................................................................22 Multifunctioneel landelijk gebied .................................................................................................................23 Economische kracht ......................................................................................................................................24 Duurzaamheid ...............................................................................................................................................24 Veiligheid ......................................................................................................................................................25 Mobiliteit

......................................................................................................................................................26 Wijkfoto’s 2024 .................................................................................................................................................27 Akert..............................................................................................................................................................27 Braakhuizen-Noord .......................................................................................................................................35 Braakhuizen-Zuid ..........................................................................................................................................43 Coevering ......................................................................................................................................................51 Genoenhuis ...................................................................................................................................................59 Mierlo ............................................................................................................................................................67 Skandia-Hulst

................................................................................................................................................74 Zesgehuchten ................................................................................................................................................81

2

Inleiding Voor het uitwerken van een visie is het belangrijk om zicht te hebben op de maatschappelijke trends die er zijn. Deze geven een indruk van de ontwikkelingen die landelijk en internationaal te zien zijn en die kansen en bedreigingen met zich meebrengen. Daarnaast hebben we zicht gekregen op de situatie zoals deze nu is door data te gebruiken die we op allerhande onderwerpen beschikbaar hebben. Om te beginnen zijn voor Geldrop-Mierlo in algemeen cijfers op een rij gezet. Daarnaast zijn er ‘wijkfoto’s gemaakt’ om een indruk te kunnen krijgen van de stand van zaken in de diverse wijken. Helaas is het vooralsnog niet mogelijk om een dergelijke foto van de wijken in Mierlo te maken. Die wijken zijn pas begin 2024 als wijk aangemerkt, waardoor er nog geen CBS-cijfers voor beschikbaar zijn. Daarom is voor Mierlo een ‘dorpsfoto’ gemaakt. De trends en de cijfers zijn de context waarbinnen de ambities en opgaven in de richting van 2044 voor de samenleving binnen Geldrop-Mierlo vorm hebben gekregen.

3

Maatschappelijke trends in beeld

4

In dit hoofdstuk zijn de trends beschreven die breed in de maatschappij zichtbaar zijn. Deze inzichten zijn een denkkader voor het bepalen van de ambities en opgaven voor Geldrop-Mierlo.

Demografische verschuivingen De demografische verschuivingen hebben de komende decennia een grotere invloed op wijken en gemeenschappen dan voorheen. Niet alleen het aantal inwoners in Geldrop-Mierlo groeit, ook de samenstelling verandert. Dit is een landelijke trend. De komende vijf decennia groeit de Nederlandse bevolking, voornamelijk door buitenlandse migratie en ook doordat mensen steeds ouder worden. Het CBS verwacht dat in Zuidoost-Brabant de bevolkingsgroei meer dan 10% zal zijn. Voor een belangrijk deel komt dit door de beoogde schaalsprong binnen de Brainportregio. Deze draagt onder andere bij aan een toename van buitenlandse en binnenlandse migranten, ook in onze gemeente. De bedrijvigheid trekt mensen aan en de woningdruk in de omliggende steden zorgt ook voor grotere vraag naar woningen in Geldrop-Mierlo. De samenleving wordt ook meer divers; naar schatting heeft in 2050 dertig tot veertig procent van de Nederlandse bevolking een migratieachtergrond. Door ontgroening (een daling van het aantal jongeren) en vergrijzing (toename van het aantal ouderen) stijgt de gemiddelde leeftijd en daalt de potentiële beroepsbevolking. De demografische druk neemt toe; dat wil zeggen dat het niet-werkende deel van de bevolking toeneemt en het werkende deel van de bevolking afneemt.

Doordat de bedrijvigheid in de Brainportregio ook mensen aantrekt, is dit effect naar verwachting in Zuidoost-Brabant iets minder groot in vergelijking tot het landelijk gemiddelde.

Alleen samen Het aantal huishoudens in Nederland neemt toe. Dit komt niet alleen door de bevolkingsgroei, maar ook door de veranderende samenstelling. Er is een sterke stijging van eenpersoonshuishoudens de komende twee decennia, daarna neemt de groei naar verwachting af.

Zuidoost-Brabant 2023 372.200 2023-2030 +32.200 2030-2040 +31.000 2040-2050 +23.300 2050 458.800 Huishoudensgroei in Noord-Brabant

Brabant 1.199.900 +91.500 +80.300 +55.100 1.426.800

De huidige prognose voor Brabant is dat er tot in 2050 van alle huishoudens meer dan 40% een eenpersoonshuishouden is. Vooral het aantal oudere alleenstaanden (75+) neemt sterk toe. Een van de oorzaken is de vergrijzing. Doordat mensen steeds ouder worden, wonen ouderen ook steeds langer alleen. Naast de vergrijzing, zijn er ook meer alleenwonende jongeren en mensen van middelbare leeftijd. Jongeren gaan op een latere leeftijd samenwonen en stellen gaan vaker uit elkaar. Door dit laatste fenomeen, groeit ook het aantal eenoudergezinnen iets. Ondanks de groei van het aantal eenpersoonshuishoudens, neemt de vraag naar eengezinswoningen niet af. Veel alleenstaande ouderen blijven in hun eengezinswoning wonen. Ze zijn gehecht aan hun eigen leefomgeving en vrezen voor hogere woonlasten als ze verhuizen. Dit leidt tot een beperkte doorstroming op de huizenmarkt.

Lang en gelukkig Niet alleen leven mensen steeds langer, ook ervaren meer mensen hun gezondheid als goed, zonder ernstige beperkingen. Wel hebben meer mensen een chronische aandoening. Door betere medische behandelingen en vroegtijdige diagnose, overleven mensen vaker hart- en vaatziekten en kanker. Doordat mensen langer leven in goede gezondheid, zijn veel 65-plussers nog vitaal en maatschappelijk actief. Ze zetten zich in als vrijwilliger, mantelzorger, oppasser voor de kleinkinderen of werken door na de AOW-leeftijd. Deze fase na het werkende leven en vóór het moment van verlies van zelfredzaamheid wordt ook wel de derde levensfase genoemd. Overigens leven hoger opgeleiden over het algemeen langer in goede gezondheid dan lager opgeleiden. Mensen met een laag inkomen hebben vaker gezondheidsproblemen, doordat zij minder gezond (kunnen) leven.

Dubbele vergrijzing Als de gezondheidsproblemen van ouderen zich opstapelen en leiden tot een grotere zorgafhankelijkheid en kwetsbaarheid, komen mensen in de vierde levensfase. Wanneer dit moment aanbreekt, verschilt van persoon tot persoon. Maar het is steeds vaker pas op oudere leeftijd. Het aandeel 80-plussers binnen de groep van 65-plussers neemt sterk toe, dit wordt de dubbele vergrijzing genoemd. Met het ouder worden, neemt de kans op aandoeningen als artrose, diabetes en dementie toe. Zo is de verwachting dat het aantal dementerenden de komende jaren verdubbelt. Het aantal ouderen dat zorg nodig heeft, zal dus stijgen. Doordat ouderen tot op hogere leeftijd zelfstandig wonen, neemt de vraag naar zorg in de thuissituatie toe. Het gaat om formele en informele zorg. Mantelzorg wordt vaak verleend door jonge ouderen, maar door de dubbele vergrijzing kan dit onder druk komen te staan.

Zorgen om de zorg De druk op het zorgsysteem neemt toe voor alle vormen van zorg, waaronder eerstelijnszorg, spoedzorg, verpleeghuiszorg en informele zorg. Tegelijkertijd leven we in een tijd waarin mensen meer de regie willen hebben over hun eigen gezondheid en de zorg die ze ontvangen. De zorg komt meer in het teken te staan van het zoveel mogelijk behouden van de mogelijkheden om mee te doen in de samenleving. Ouderen blijven langer thuis wonen en zorg en ondersteuning wordt vaker aan huis verleend of dichtbij huis. De toenemende vraag naar zorg, maar ook vernieuwingen op zorggebied (zoals nieuwe apparatuur en medicatie) leiden tot hogere zorgkosten. Naar verwachting is er sprake van een verdubbeling van de kosten in 2040 in vergelijking tot 2015. Er is nu al sprake van een personeelstekort in de zorg, wat nijpender wordt naarmate er meer zorgvragers komen. In 2032 wordt een tekort van 155.000 zorgmedewerkers verwacht. Ook het aantal mantelzorgers neemt verhoudingsgewijs af. Zijn er nu nog voor elke 80-plusser twaalf jonge mensen, in 2050 loopt dit terug naar tussen de vier en zeven. Nog een vooruitblik is dat in 2050 twee keer zoveel 65-plussers met een migratieachtergrond

zijn dan dat nu het geval is. Dit leidt tot variatie in de kijk op zorg.

Nieuwe concepten zorg en welzijn De nadruk ten aanzien van gezondheid komt meer en meer op preventie te liggen, bijvoorbeeld in de vorm van leefstijladviezen. Welzijnsorganisaties, ziekenhuizen, huisartsen en thuiszorgorganisaties krijgen daarin een belangrijke rol. Robotisering is een andere trend. Steeds meer taken worden door robots overgenomen. Dit kan gaan om lichamelijk zware taken van bijvoorbeeld verpleegkundigen, maar ook om sociale taken om eenzaamheid tegen te gaan. Ook data-gedreven technologie kan de gezondheid en zorg verbeteren. Dit wordt e-health genoemd. Voorbeelden hiervan zijn medische apps en systemen die helpen bij medische beslissingen, elektronische patiëntendossiers, patiëntportalen en digitale behandelprogramma’s.

Mentale druk op jongeren We leven in een prestatiemaatschappij, wat tot gevolg heeft dat de mentale druk op jongeren toeneemt. Dat heeft zijn weerslag op de psychische gezondheid. De samenleving wordt steeds complexer, waardoor er meer jongeren zijn die moeite hebben om mee te doen. Social media en virtual reality zorgen ervoor dat jongeren minder rust ervaren. Daarnaast leven steeds meer jongeren in eenoudergezinnen of samengestelde gezinnen, die complexer zijn dan de traditionele gezinssamenstelling.

Nieuwe collectieven De afgelopen jaren is het aantal burgercollectieven toegenomen, een trend die zich gestaag voortzet. Een burgercollectief is een groep mensen die samenwerken rond het oplossen van een vraagstuk. Vaak ontstaan burgercollectieven om het ‘gat’ tussen overheid en markt te vullen. De diensten worden niet door de markt of de overheid voorzien, zijn wegbezuinigd of weggevallen of bieden een alternatief op het bestaande. Daarmee kunnen burgercollectieven bijdragen aan de oplossing van maatschappelijke vraagstukken, zoals tekorten op de woningmarkt, klimaatverandering en toenemende druk op de zorg. Een kanttekening van burgercollectieven is dat vooral hoogopgeleide mensen hieraan

6

meedoen, waardoor zij relatief veel invloed kunnen hebben.

heeft een uitsluitende werking op mensen met een beperkt sociaal vermogen.

Toename psychische problemen

De helft van de Nederlanders zegt geen betekenisvol hoger doel te hebben. Mensen zijn meer gericht op het ik en op leukigheid. Wetenschappelijk wordt gesteld dat de afgelopen decennia de behoefte aan individuele erkenning is gegroeid en dat mensen houvast zoeken in kwesties waaraan zij identiteit kunnen ontlenen. Soms ook via extreme bewegingen.

De complexiteit van onze samenleving neemt toe, met groeiende digitalisering, technologisering, globalisering, flexibilisering van de arbeidsmarkt, toename van niet-traditionele samenlevings- en gezinsvormen en meer. Bovendien wonen steeds meer mensen alleen. Hierdoor heeft een groeiende groep mensen moeite om zich staande te houden in de maatschappij. Nu ontwikkelt ongeveer veertig procent van de mensen mentale problemen tijdens hun leven en dat aantal neemt toe. Met vaak grote persoonlijke, sociale, economische en maatschappelijke gevolgen, bijvoorbeeld doordat mensen niet meer mee kunnen doen met het gebruikelijke maatschappelijke leven.

Individualisering Individualisering is een ontwikkeling die al lange tijd geleden is ingezet. Er is meer keuzevrijheid en ruimte voor mensen om hun eigen pad te volgen. De banden met familie, buurt, gemeenschap zijn minder sterk en omvattend dan voorheen. Dit betekent niet dat mensen zich niet meer verbinden, maar dat ze zich binden aan meer verschillende netwerken (ook virtueel), activiteiten en/of verenigingen. Daarin wisselen ze vaker en blijven ze dus minder (lang) verbonden aan vaste activiteiten of verenigingen. De vraag is wat dit op de lange duur voor invloed heeft op de sociale cohesie in straten, buurten en dorpen. Individualisering versus eenzaamheid Er wordt vaak gedacht dat meer mensen zich eenzaam voelen door de individualisering van de samenleving, maar dit is niet het geval. Eenzaamheid is een complex probleem, waar meerdere oorzaken aan ten grondslag liggen. Uit onderzoek is gebleken dat individualisering er niet een van is. Individualisering betekent niet ‘ieder voor zich’. Er is een stabiel patroon te zien in de omvang van sociale contacten en de mate van maatschappelijke participatie onder Nederlanders. Hoewel dit niet voor iedereen geldt; de toenemende complexiteit van de samenleving

Zorgen over polarisatie Het merendeel van de Nederlanders heeft het gevoel dat groepen met verschillende opvattingen meer tegenover elkaar (komen te) staan. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt echter dat er in de afgelopen decennia geen eenduidige maatschappij brede polarisatietrends zijn te ontdekken. Er is meer overeenstemming op veel maatschappelijke kwesties dan mensen denken, mensen zijn niet negatiever over elkaar gaan denken en er is op veel thema’s ook geen beweging naar de uitersten. Uit onderzoek van het SCP naar waar het gevoel van toenemende polarisatie vandaan komt, blijkt dat dit met name komt door een verharding van het debat, zowel in de politiek als in de media. En aan de verslechterde omgangsvormen die daarbij komen kijken. We horen de extremen, terwijl de grote groep in het midden minder prominent naar voren komt. Het gevoel van toenemende polarisatie, ook al is er niet daadwerkelijk sprake van, kan de sociale cohesie en het functioneren van de democratie onder druk zetten.

Zoeken naar verbinding Te zien is dat vanuit die meer individuele focus mensen verbinding vinden met elkaar door het zoeken naar betekenisgeving. Er gaat meer aandacht en tijd uit naar sociale contacten, relaties en vriendschappen. Dat lijkt een tegenreactie op de groei van het aantal alleenstaanden: mensen hebben het nodig om ergens thuis te zijn. We zijn bovendien geëvolueerd naar een situatie waarin mensen zelf kiezen bij welke gemeenschap zij horen. We drukken onze identiteit uit door middel van die gemeenschap. Dat is anders dan vroeger

7

toen mensen min of meer werden geboren in een gemeenschap.

Toenemend activisme Nederland is een superdivers land. Mensen verschillen onder andere als het gaat om leeftijd, land van herkomst, moedertaal, religie, gender, seksuele geaardheid, opleidingsniveau en inkomen. We zien in onze maatschappij geregeld stereotypering, discriminatie en stigmatisatie. De laatste jaren neemt het activisme toe op verscheidene thema’s die hieraan gerelateerd zijn en de verwachting is dat dit aanhoudt. Er is onder andere meer aandacht voor institutioneel racisme, het slavernijverleden en gendergelijkheid. Denk bijvoorbeeld aan de toeslagenaffaire, de zwarte pieten-discussie en meer genderinclusieve taal. Het debat op deze onderwerpen, onder andere op social media, gaat er soms heftig aan toe. Het activisme roept bij een deel van de Nederlanders ergernis en verzet op.

Welvaart in beweging Hoewel de verwachtingen waren dat de jaren na 2020 een tijdperk van economische bloei zouden zijn, hebben verschillende crises (de coronapandemie, de oorlog in Oekraïne, etc.) dat beeld veranderd. Dat wordt versterkt doordat verschillende beperkende factoren in de wereld scherper naar voren zijn gekomen, zoals grondstoffenschaarste, energieschaarste en de noodzaak om de klimaatverandering in te dammen. De maatschappelijke uitdagingen zijn de afgelopen jaren toegenomen en dat zet zich de komende periode door. In de samenleving zijn we van elkaar afhankelijk, terwijl traditionele structuren afbrokkelen. Het ingrijpen van de overheid wordt daarom vaker noodzakelijk geacht. Dat staat haaks op het afnemende vertrouwen in de politiek en de overheid.

Bestaanszekerheid op de helling Een grote, groeiende groep inwoners van Nederland ervaart onzekerheid. Van oudsher trof dit veelal mensen met een laag inkomen, maar er zijn steeds meer mensen met een middeninkomen die financiële uitdagingen ervaren. Mensen ervaren onzekerheid over hun inkomen, woning, financiële buffer, gezondheid, koopkracht,

energiekosten, etc. Er is een groeiende groep mensen met een afnemend gevoel van grip. De ervaren problemen komen voor een belangrijk deel voort uit het feit dat de groei van het inkomen achterblijft bij de stijgende vaste lasten, maar ook door veranderingen op de woningmarkt en de arbeidsmarkt. Een aspect dat meeweegt is de sterke flexibilisering van de arbeidsmarkt door 0uren contracten. Voltijdbanen zijn daardoor vaker opgeknipt in lager betaalde deeltijdbanen. Veranderingen op de woning- en arbeidsmarkt We zien een woningmarkt die verhit is. De vraag is nog steeds groter dan het aanbod. Bij een stijgende hypotheekrente wordt het voor grotere groepen mensen moeilijker om een woning te kopen. Hierdoor ontstaat een groot verschil in vermogensopbouw tussen huurders en kopers. Startende huishoudens met een laag- of middeninkomen komen amper in aanmerking voor een passende woning. Tegelijkertijd staat de arbeidsmarkt onder druk. Er is een toenemende vraag naar werknemers, terwijl de handjes ontbreken. Al deze onzekerheden leiden tot een roep om een eerlijkere verdeling van welvaart.

De opmars van brede welvaart De blik op welvaart verandert. Nadat er jaren vanuit een economisch perspectief werd gedacht, is er steeds meer aandacht voor brede welvaart. Er is aandacht voor het welzijn van de mens, voor natuur en voor de omgeving. Er wordt meer gezocht naar balans en de juiste verhouding en daarvoor worden een gezonde leefomgeving en het landschap als steeds belangrijkere voorwaarden gezien. Bovendien is er meer oog voor de druk die landen op elkaar leveren en de druk die we op volgende generaties leggen.

Concurrerende ruimteclaims In het verlengde van de aandacht voor brede welvaart wordt vaker een bewuste afweging gemaakt over de invulling van onze leefomgeving. De ruimte in Nederland is schaars. De woningmarkt staat onder druk, bedrijven willen uitbreiden (denk bijv. aan de expansie van techbedrijven) en natuur moet ruimte krijgen om te herstellen. Dat vraagt om keuzes, waarbij vaker wordt gekken naar het tijdelijk toewijzen van een functie aan een gebied, bijvoorbeeld wonen in de vorm van flexwonen.

8

Verschillen worden groter Een andere tendens is dat verschillen tussen groepen groter worden. We constateren dat er steeds meer scheidingslijnen in de samenleving zichtbaar worden. Dit komt door tal van maatschappelijke en economische ontwikkelingen. Bijvoorbeeld het aantal theoretische versus praktisch opgeleiden, immigratie, stad versus platteland, huur- versus koopwoning, verschillen in inkomen en vermogen, enzovoort. Dit heeft tot gevolg dat er spanningen optreden in de samenleving. Er ontstaat meer (kans)ongelijkheid en sociale netwerken raken meer gescheiden.

Terug naar de basis De afgelopen jaren is er een hang gekomen naar een minimalistischer leven. De gedachte is om terug naar de basis te gaan en een beweging in gang te zetten van bezit naar gebruik. Voorbeelden hiervan zijn tiny houses en voedselbossen, maar ook de neiging tot het ontspullen. Deze mensen hebben behoefte aan een eenvoudiger leven, onthaasten en minder zorgen en stress. In het verlengde hiervan ligt de gedachte om als individu een kleinere voetafdruk te realiseren vanwege de zorgen om de klimaatverandering en de behoefte om de wereld beter achter te laten. Ondanks deze ontwikkeling zien we de consumptie van huishoudens en de online bestellingen (e-commerce) nog steeds toenemen.

gevoed door kennis en informatie. Dit heeft tot gevolg dat bedrijven zich meer specialiseren en dat er netwerken ontstaan op verschillende schaalniveaus. Clustervorming is hierbij een landelijke trend, waarbij steden of regio’s zich specialiseren. Bedrijven in zo’n regio zoeken elkaar op en, delen kennis en faciliteiten. Vanuit deze clusters ontstaan geregeld nieuwe innovaties. De Brainportregio is hier een voorbeeld van. Veel bedrijven groeien, worden grootschaliger en automatiseren. Dit leidt tot een disbalans op de arbeidsmarkt. Enerzijds zien we schaalvergroting bij de grotere bedrijven. Tegelijkertijd speelt functiemenging en schaalverkleining bij de lokale bedrijven een rol. Ook hier komt specialisatie om de hoek kijken: sommige bedrijven gaan delen van hun productie uitbesteden, hebben minder voorraad en handelen direct.

Krappe arbeidsmarkt Er is een groot verschil tussen de vraag naar arbeid en het aanbod. Dit is vooral te zien in de (semi)publieke sector en in de techniek. Ook tekort is ook binnen enkele specifieke beroepen zeer groot. Denk aan elektriciens, ingenieurs, artsen, psychologen en docenten in het secundair en basisonderwijs. De impact van grootschalige personeelstekorten is breed maatschappelijk voelbaar. Ook komen belangrijke transities zo onder druk te staan.

Anders omgaan met geld

Veranderende winkelbehoeften

Met de financiële uitdagingen in beeld en het besef dat sparen niet loont, is er een grotere groep mensen die op financieel vlak risicovoller gedrag vertoont. Het snelle geld verdienen lonkt en helaas gaat dat niet altijd op de legale manier. Denk bijvoorbeeld aan jeugdcriminaliteit. Ook willen mensen vaker vóór de AOW-leeftijd met pensioen of willen ze financieel onafhankelijk zijn of worden. Meer mensen beleggen en er is een toename in belegging in vastgoed (zoals een woning of recreatiewoning voor de verhuur) en in cryptocurrencies. Het risico van een grotere groep inwoners met risicovol gedrag is dat meer mensen in de problemen komen bij tegenslagen.

Dit is geen nieuwe trend, maar één die de laatste jaren al te zien was. Mensen bestellen steeds vaker hun producten via internet, waardoor de detailhandel onder druk staat. Boodschappen worden zelfs binnen 30 minuten geleverd. Dit betekent dat het straatbeeld in winkelgebieden verandert en dat fysieke stad- en dorpscentra andere accenten krijgen. Veel winkelcentra worstelen momenteel met leegstand, vooral in middelgrote dorpen en steden met een zogenaamd ‘boodschappen-plus’-centrum. Winkelen wordt meer een uitje, gecombineerd met andere activiteiten. Winkels spelen daarop in door functies te combinerenen: een koffiebar in een boekenwinkel. Ook de identiteit van een centrum wordt hierdoor steeds belangrijker gevonden en er wordt dan ook positiever tegen erfgoed en karakteristieke panden aangekeken.

Beweging in bedrijvigheid De economie is aan verandering onderhevig. De motor van onze economie wordt steeds meer

9

Agrarische bedrijvigheid onder druk Wanneer we kijken naar de agrarische sector mag worden verwacht dat het aantal agrarische bedrijven afneemt. Dichterbij woongebieden worden de beperkingen voor agrarische bedrijvigheid groter als gevolg van veranderende regelgeving. We zien agrarische bedrijven daarom innoveren en verbreden met andere functies, vaak gericht op inwoners van de omliggende dorpen en steden (recreatie, verkoop van eigen productie, zorgboerderij, kinderdagverblijven etc.). Dit zorgt ervoor dat bijvoorbeeld de recreatiesector groeit. Nederlanders trekken steeds vaker eropuit in eigen land, deels doordat er een toename is in korte vakanties. Ook de kleine uitstapjes dicht bij huis hebben steeds meer aandacht gekregen. Beleving, sport en bewegen spelen daarbij een grote rol.

De toekomst van werk We gaan anders kijken naar werk, werknemerschap en werkgeverschap. Een ontwikkeling is dat de arbeidsmarkt krapper is geworden, waardoor het voor werkgevers lastiger is geworden om vacatures in te vullen. Daarnaast zien we ook dat de combinatie van gezinsleven en carrières leidt tot druk en vraagt om meer mogelijkheden en keuzes. De generaties van nu staan anders in het leven en willen meer in deeltijd werken. Waar generaties voorheen de drie fases scholing, werk en pensioen doorliepen, wordt werken en jezelf ontwikkelen gaandeweg meer een continu proces dat tot hoge leeftijd doorloopt.

Veranderende mobiliteit Er is een toenemende verkeersdruk, die naar verwachting de komende decennia blijft toenemen in Zuidoost-Brabant. Er is wel een beweging gaande ten aanzien van de wijzen waarop we ons verplaatsen. Het is nog onduidelijk op welke manier een groei van het flexibel werken en thuiswerken gaat leiden tot een andere mobiliteitsbehoefte. De verwachting is dat mobiliteit verandert van een infrastructureel vraagstuk naar een gedragsvraagstuk.

De fiets rukt op Door de komst van de elektrische fiets zien we het fietsgebruik groeien. Dit komt door meer comfort en een groter bereik, maar ook doordat mensen naar alternatieven zoeken vanwege

verkeerscongestie en met het oog op duurzaam vervoer. Dit zorgt ervoor dat de fietspaden op momenten drukbezet raken en dat er snelheidsverschillen zijn. Doordat daarnaast de speedbike aan terrein wint binnen het woonwerkverkeer en deze op veel plekken verplicht zijn om op de rijbaan te fietsen, ontstaan ook op de weg snelheidsverschillen.

Meer en meer elektrische auto’s We bewegen weg van auto’s en vrachtwagens die op fossiele brandstoffen rijden. In de toekomst wordt dat waarschijnlijk versneld onder invloed van regelgeving. Hoewel er ook wordt gesleuteld aan waterstofauto’s, beweegt de massa vooralsnog het meest richting het elektrisch rijden. Subsidiering speelt hierbij een grote rol. Het aantal elektrische auto’s in het straatbeeld neemt zienderogen toe. De behoefte aan laadpalen groeit daardoor ook.

Openbaar vervoer Richting 2030 en 2040 wordt een autonome groei in het openbaar vervoer voorzien van 30% tot 40%. Het OV-netwerk op het spoor en voor bus, tram en metro loopt door de groei van het personen- en goederenvervoer tegen capaciteits- en kwaliteitsgrenzen aan op een aantal plaatsen. Dat ervaren reizigers met name in de spits. Op landelijke schaal wordt eraan gewerkt dat het openbaar vervoer een deel van de mobiliteitsgroei kan opvangen. In verstedelijkt gebied moet het OV samen met de fiets het belangrijkste vervoersmiddel worden.

Mobiele stedeling 2.0 Er zijn verschillende ontwikkelingen te zien in stedelijk gebied. Zo is er de herwaardering van lopen. Er is een trend zichtbaar dat we minder woon-werkkilometers gaan maken en daarbij vaker lopen, vooral in stedelijke omgevingen. Daarnaast is er een groeiende behoefte naar mobiliteit op maat. Het digitaliseren van onze omgeving leidt ertoe dat we gewend raken aan een gevarieerder en meer gepersonaliseerd aanbod: maatwerk is de norm geworden. Dat werkt door in de mobiliteitsbehoefte. In het verlengde hiervan zien we ook dat deelvervoer en mobility as a service groeiende zijn in stedelijk gebied. Het markeert een trend richting gebruik in plaats van bezit, wat

10

past in het patroon dat we steeds vaker abonnementen hebben, zoals ook voor maaltijdboxen en streamingsdiensten. Alles bij elkaar is de verwachting dat we meer multimodaal en slimmer gaan reizen.

Klimaat als leidend perspectief Dat het klimaat een topic is, valt niet meer te ontkennen. De aarde warmt op door menselijk gedrag. Dit leidt tot klimaatverandering met ingrijpende effecten, zoals veranderende weerpatronen, hittegolven, korte hevige regenval met pieken en overstromingen, natuurbranden, droogte, watertekorten, een teruggang in biodiversiteit, etc. Dit heeft gevolgen voor de natuur en voor de gehele samenleving op het gebied van gezondheid, veiligheid, het samenleven en de economie. De fysieke leefomgeving verandert dan ook. Het beperken van de klimaatverandering is de komende decennia een leidende factor in het maatschappelijke, politieke en economisch veld. Het gebruik van hernieuwbare energiebronnen neemt toe, evenals de uitbreiding van elektrische voertuigen en duurzaam openbaar vervoer. Tegen 2035 zullen in de Europese Unie geen auto’s met verbrandingsmotor meer verkocht mogen worden. De verwachting is dat er middelen worden vrijgemaakt voor onderzoek, ontwikkeling en innovatie van groenere technologieën en industrieën. Dit zal uiteindelijk leiden tot een nieuw groen economisch model.

Veranderend denken over omgaan met water De gevolgen van de Klimaatverandering zijn zichtbaar in de vorm van overstromingen, bijvoorbeeld in Zuid-Limburg. Dergelijke Incidenten zorgen voor een omslag in het denken en het versnelt bij velen de bewustwording. Dit heeft ook gevolgen voor het denken over bouwen onder zeeniveau. We zien dat water en bodem sturend zijn geworden bij de ruimtelijke inrichting. Een bijkomend effect is dat verzekeraars de risico’s van huizenbezitters en ondernemers niet meer altijd dekken. De klimaatverandering is dusdanig dat de kans op hevige weerschommelingen toeneemt en het risico te groot wordt. De verandering leidt ook tot innovatie. Zo is de verwachting dat waterbestendige woonvormen op zullen komen (drijvend of op palen).

Klimaatrumoer en greenwashing De discussie omtrent het klimaat is alom aanwezig. Het besef dat er problemen zijn is wijdverspreid, maar er zijn variërende ambities voor het zoeken naar oplossingen. Dit leidt tot (polariserende) verschillen van inzicht over oplossingsrichtingen. Er heerst dan ook een toenemende onrust als het gaat om klimaatverandering. Er leven gevoelens van ongerustheid en onmacht ten aanzien van de klimaatproblemen, maar er is ook scepsis en tegenstand. Een meespelende factor is dat het leven duurder wordt door prijsverhogingen van gas, fossiele brandstoffen, etc. Gevolg daarvan is dat er een groeiende ongelijkheid optreedt door energiearmoede. Ondanks de hevige aandacht voor klimaat is echte gedragsverandering nog weinig zichtbaar. Er worden wel economische kansen gezien in ‘green washing’ door duurzame producten aan te bieden en het verkleinen van de ecologische voetafdruk als bedrijf. Zo ontstaan er ook nieuwe markten en nieuwe bedrijvigheid, bijvoorbeeld in het kader van de circulaire economie.

Rechten voor de natuur Nederland is een klein land, maar kenmerkt zich ook door veelzijdige natuur. Er gaan dan ook steeds meer stemmen op die natuur eigen rechten willen geven. Meer en meer belangenorganisaties richten zich op versterking en onaantastbaarheid van de natuur. Daarmee is natuur een van de ruimtevragers en is er steeds meer aandacht voor de wederzijdse afhankelijkheid van de mens en de natuur. We bewegen weg van het antropocentrisme, een gedachtegoed waarbij de mens centraal staat. Door de veranderende denkwijze ontstaan er nieuwe governancemodellen, die zich richten op het behoud van natuurlijke ecosystemen en de waarborging daarvan voor de toekomstige generaties. In de praktijk is het respecteren van de natuur echter soms nog ver te zoeken. Ook natuur leidt overigens – net als klimaat – steeds vaker tot polarisatie.

Groei van technologie De groei van technologie die decennia geleden is ingezet, is nog lang niet ten einde. Sterker nog, de ontwikkelingen lijken elkaar steeds sneller op te volgen en de beelden zijn dat we in een vierde

11

industriële revolutie leven. Netwerken, platformen, apparaten, systemen en mensen raken meer en meer met elkaar verbonden. We zien groeiende mogelijkheden door verdere automatisering, robotisering en hyperconnectiviteit. Door de doorwerking van technologie veranderen onze leefpatronen. Zo veranderen sociale structuren, werken we flexibeler in tijd en plaats, verandert ons koopgedrag en wordt ons vrijetijdsgedrag intensiever en gevarieerder. De groei van technologie brengt ons veel goeds. Denk aan ontwikkeling van biotechnologie, technologie die de circulaire economie bevordert of die ons helpt om de energietransitie beter vorm te geven. Tegelijkertijd zien we ook onzekerheid omtrent grondstoffen als gevolg van schaarste, geopolitieke spanningen en milieudruk. Kan de consument zich richten op het maximaliseren van gemak of komen er maatschappelijke criteria voor verantwoord gedrag?

Werken verandert Een belangrijke exponent van de groei van technologie is dat we anders gaan werken en leren. In de eerste plaats verwachten we dat de aard van werk sterk wijzigt door robotisering, artificiële intelligentie en biotechnologie. Die veranderingen gaan een groot beroep doen op het aanpassingsvermogen van mensen en bedrijven, doordat het werk er binnen veel beroepsgroepen er anders uit komt te zien. Bijvoorbeeld omdat een vijfde tot een derde van de banen geheel of gedeeltelijk wordt geautomatiseerd. Ook zullen er sectoren krimpen of juist groeien. Zo zal de energietransitie tot veel nieuw werk leiden en is ook de ICT-sector nog steeds groeiende. In administratieve en logistieke functies neemt het werk juist af. Parallel aan deze ontwikkelingen is ook een groeiende hang naar betekenisvol en ambachtelijk werk te ontwaren en verwachten we meer vraag naar technisch geschoold personeel. De verdere toekomst van werk is echter nog zeer ongewis, waarbij er nieuw werk en gaten zullen ontstaan. Door al deze ontwikkelingen zal door de tijd heen de onderwijsbehoefte anders worden. Ook zal het op het vlak van inclusief leven de uitdaging zijn om laaggeletterden en mensen met

beperkte digivaardigheden deelgenoot te laten zijn in de samenleving.

Herwaarderen van doeners Er is een groeiende waardering voor vakmanschap. We zien wel een paradox: de middengroep is essentieel om Nederland draaiend te houden, maar tegelijkertijd staat deze groep onder druk en is de waardering voor hen beperkt. We zien een tekort aan praktisch opgeleiden binnen de installatiebranche, de bouw, de zorg en het onderwijs en dit neemt toe. Er wordt in die zin op het risico gewezen dat we ‘overqualified but underskilled’ dreigen te worden. De afhankelijkheid van arbeidsmigranten groeit en de concurrentie tussen landen en regio’s voor het aantrekken van personeel toeneemt. Naar de verdere toekomst moet echter nog blijken dat de vraag naar praktisch vakmanschap blijvend is, in verband met de groeiende robotisering en artificiële intelligentie.

Design by nature Bij het ontwerpen van producten en in de woningbouw wordt steeds meer het ontwerpprincipe ‘design by nature’ toegepast. Natuurlijke processen staan hierbij aan de basis. De verwachting is dat deze principes steeds breder worden toegepast, bijvoorbeeld onder de noemer circulair design. Aan de basis van deze ontwikkeling staat de grondstoffenschaarste en de opkomst van de circulaire economie, waarin het terugdringen van het materiaalverbruik en de milieu-impact belangrijke aspecten zijn. We verwachten een toenemend ondernemerschap in deze sector en een groei van de toepassing in infrastructurele objecten, zoals bruggen, bankjes, paaltjes, etc.

De verbeterde mens Er wordt technologisch steeds meer mogelijk ten aanzien van de fysieke samensmelting van mens en machine. De ontwikkelingen gaan snel, vooral in de medische wereld (denk aan bionische onderdelen). In de biotechnologie wordt gesleuteld aan DNA voor het verbeteren van eigenschappen en het voorkomen van ziekten. Dat laatste is te koppelen aan de wens om langer vitaal te leven. Tegelijkertijd spelen er ook de nodige ethische vraagstukken bij op, is er debat en leidt het tot wetgevingsvraagstukken. Eén van de aspecten die

12

naar voren komt is de vrees voor toenemende ongelijkheid en het ontstaan (of versterken) van een oneerlijk speelveld.

Digitalisering Digitale technologieën zijn in toenemende mate onmisbaar voor het functioneren van de samenleving, het bedrijfsleven en de overheid. Ze dringen door in de haarvaten van ons leven en onze economie. Van luxegoederen verworden ze steeds meer tot basiselementen. We doen meer en meer online, zoals leren, werken, ontmoeten en spelen. Dit heeft grote veranderingen ten gevolge voor de retail, het bedrijfsleven, de zorg, het onderwijs, de arbeidsmarkt en de overheid. Routinematig werken wordt overbodig en er is een groeiende behoefte aan technisch goed onderlegd personeel. Het zorgt daarmee ook voor nieuwe banen. Het is te verwachten dat de macht van grote techbedrijven verder toeneemt door eigenaarschap van data. Een ander effect van digitalisering en dataficering is dat de energievraag erdoor toeneemt. Dit verzwaard het duurzaamheidsvraagstuk. Artificiële intelligentie biedt steeds meer mogelijkheden en naar de toekomst toe zal dit steeds vaker zelfstandig opereren. De verwachting is dat dit ook steeds beter wordt afgestemd op de heersende normen en waarden. Het leidt wel tot nieuwe vraagstukken, zoals verlies van controle, verlies van banen, misbruik van data, toename van cybercrime en gebruik voor oorlogsvoering.

Wel is te zien dat Nederland en de Europa achterop raken bij ontwikkelingen op het vlak van artificiële intelligentie; andere landen en continenten investeren hier sterker in.

On demand De economie verandert meer en meer in een online en ‘on demand’-economie. Dit is versneld als gevolg van de Coronacrisis. We zien een grote groei van het online winkelen en de opkomst van ultrasnelle bezorgdiensten, ook voor verse boodschappen. Tegelijk groeit de winkelleegstand gestaag. Naar de toekomst zullen fysieke winkelgebieden grote verandering ondergaan: ze verdwijnen of krijgen een ander karakter waarin beleving en ontmoeting meer centraal staan. Ook zal worden ingespeeld op lokalisering, korte ketens

en het herwaarderen van ‘offline’. Het ‘on demand’-denken zorgt ook voor een veranderende verwachting van inwoners over 24/7 service door overheden. De overheid kan als democratische institutie niet zo snel meebewegen als bedrijven dat kunnen, wat impact heeft op het vertrouwen in en de waardering voor de overheid.

De slimme stad De digitale mogelijkheden blijven groeien over de jaren heen, onder andere door sneller internet. Er komt meer en meer data beschikbaar en deze zal onderling meer worden verbonden, verweven en geïntegreerd door middel van algoritmes en artificiële intelligentie. Die biedt grotere mogelijkheden voor inzicht in zaken. Ook wordt verwacht dat diensten meer gepersonaliseerd worden en die onderling meer worden afgestemd. Voor dienstverleners wordt het makkelijker om producten via een digitaal ecosysteem aan te bieden en samen te werken met andere dienstverleners. Zoals gezegd valt een groei van het aantal banen en bedrijven in deze richting te verwachten. Ook liggen er mogelijkheden voor maatschappelijke opgaven. Smart living Door gebruik te maken van technisch ondersteunende voorzieningen in huis, kan voor ouderen en hulpbehoevenden de mogelijkheid worden gecreëerd om langer zelfstandig en veilig te kunnen wonen. Met behulp van sensoren, omgevingsbesturing en hierop aangesloten mechanica kunnen mobiliteits- en levensstijlbeperkingen worden beperkt en kan snel worden ingegrepen bij onveilige situaties. Zorgprofessionals en mantelzorgers kunnen via technologie ook op afstand contact houden en een persoon begeleiden.

Digitale soevereiniteit Met de toename van data groeit ook de zorg van mensen om de veiligheid van hun data. Het digitaal bewustzijn neemt toe, waarbij er spanning is tussen gemak en privacy. Hierdoor wordt de roep om datasoevereiniteit luider. Ook steeds meer (overheids)diensten zijn digitaal bereikbaar en meer partijen krijgen toegang tot persoonlijke gegevens van mensen. De uitwisseling van persoonlijk dataverkeer neemt toe, waardoor het borgen van veiligheid en privacy belangrijker wordt. De verwachting is dat mensen bewustere

13

keuzes maken in het gebruik van apps. Er lijkt binnen de digitale veiligheid echter een risico op tweedeling te zijn: mensen die niet kunnen betalen met geld zijn aangewezen op betalen met data. Er wordt nadrukkelijker naar overheden gekeken voor het beschermen tegen misbruik en corruptie en het aanjagen van digitale soevereiniteit, bijvoorbeeld door inzet van technologische mogelijkheden te reguleren (denk aan de inzet van gezichtsherkenning). Er leeft een wens om de afhankelijkheid van grote techbedrijven en hun platformen te verminderen. Ook is er een toenemende angst voor surveillancetechnieken.

Out of office Werk wordt flexibeler, wat we terugzien in meer thuiswerken en keuzes in momenten van werken. Het digitale werken heeft als gevolg dat het traditionele kantoorwerk plaatsmaakt voor thuiswerken en hybride werkvormen, waarbij deels thuis, deels op kantoor en deels onderweg wordt gewerkt. Dit vraagt nieuwe manieren van werken en ontmoeten. Werkzaamheden worden meer plaatsonafhankelijk, waardoor er meer inzet is van mensen op afstand. Door steeds betere vertaalsoftware spelen er gaandeweg ook minder taalbarrières. Dit maakt dat mensen meer eigen regie hebben in het bepalen hoe en waar ze hun dag doorbrengen. Iets dat ook te zien is door de toename van het aantal digital nomads: mensen die werk en reizen combineren. Daarnaast is er een ontwikkeling dat mensen minder uren per week willen werken met het oog op de balans tussen privé en werk en voor zelfontplooiing. Dit lijkt ingegeven door veelal een hoge werkdruk en toename van het aantal burnouts, in relatie tot een groeiend bewustzijn over de manier waarop we werken.

Parallelle werelden Naast de fysieke wereld is er ondertussen een levendige virtuele wereld. Beide werelden lopen meer en meer in elkaar over, waardoor een mixwereld ontstaat van online- en offlineinitiatieven. Er zijn verwachtingen over de komst van een ‘metaverse’. Dat zou een open netwerk van verschillende virtuele omgevingen zijn, met daarin virtuele vergaderruimtes en nieuwe, meer geavanceerde vormen van sociale media. In deze omgeving beweeg je met een avatar. Voor

verschillende mensen zal zo’n virtuele wereld mogelijk meer hun thuis worden dan de fysieke wereld.

Democratie in beweging In veel landen staat de representatieve democratie onder druk of is er op z’n minst een discussie over de kwaliteit ervan. In Nederland zien we een afnemend vertrouwen in de landelijke politiek door fouten en het uitblijven van de gewenste voortgang ten aanzien van grote maatschappelijke vraagstukken. Er zijn klachten over onzichtbaarheid van de overheid, niet zien van de burger, ongelijke behandeling en incompetentie van bestuur en ambtenaren. Daarbij komt dat er een groeiend gevoel is van niet vertegenwoordigd zijn en niet gehoord worden. Bij de mensen met de minste hulpbronnen is groeiende argwaan ten opzichte van de overheid te zien. Zij voelen behoefte om in opstand te komen, bijvoorbeeld door actie te voeren, niet meer te stemmen of richting populistische partijen te trekken. Het politieke debat vindt ondertussen vaker online plaats. De technologisering en digitalisering zorgt voor meer online beïnvloeding, wat geregeld leidt tot het uitvergroten tegenstellingen (polarisatie), online uiten van bedreigingen en oproepen tot actie.

In opstand Er is meer onvrede en dit wordt meer zichtbaar. Er is een grote groep mensen die zich afzet tegen een veronderstelde (politieke) elite. Mensen kiezen vaker voor demonstratie in plaats van voor representatie. Het aantal protesten neemt toe, door mensen met een gevarieerde achtergrond en over een grote diversiteit aan onderwerpen. Inwoners informeren zich online ook meer en stellen zich mondiger op. Daarbij zien we het aantal mensen dat berichtgeving van overheden niet vertrouwd groter worden.

Wat is waarheid We leven steeds meer in een mediacultuur zonder informatiehiërarchie. Er wordt in dat verband ook wel gesproken over een ‘post-truth’-tijdperk (de waarheid voorbij). De waarheid lijkt moeilijker te herkennen. We weten minder wat we moeten geloven, onder andere door veel online berichtgeving, vaak met onduidelijke herkomst. Mensen zetten vaker hun waarheid tegenover die

14

van de ander. Ook staat het vertrouwen in de wetenschap onder druk; voor ieder standpunt is wel een onderbouwing te vinden en online zijn er steeds meer experts zonder dat duidelijk waarop de expertise berust. De mogelijkheden voor digitale beïnvloeding nemen toe, zowel door gebruik van platforms als door toepassing van technologieën zoals beeldmanipulatie en voice cloning. (Nep-)nieuws wordt bovendien snel gedeeld. Tegelijkertijd bepalen de algoritmen binnen zoekmachines in toenemende mate de uitkomst van een zoekopdracht, waardoor mensen ongemerkt een bepaalde richting op worden gestuurd die hun veronderstellingen bevestigd.

Vertrouwen in de overheid Hoeveel vertrouwen mensen hebben in de overheid stijgt en daalt over tijd. Maar op de lange termijn is geen duidelijk stijgende of dalende trend te zien in Nederland. De fluctuaties volgen de grote ontwikkelingen, zoals een economische crisis of virusuitbraak. Na afloop keert het vertrouwen weer terug naar het oorspronkelijke niveau. Nederlanders zijn vrij kritisch over het functioneren van de Nederlandse politiek en overheid. Ze hebben over het algemeen meer vertrouwen in de lokale overheid, dan in de nationale en internationale politieke instituties. Het verschilt zowel per persoon als per onderwerp hoe tevreden men is. Zo zijn mensen vandaag de dag het minst tevreden met het woonaanbod, jeugdzorg en immigratiebeleid en het meest tevreden met de veiligheid en sociale zekerheid. Maar niet alle beleidsterreinen hebben evenveel invloed op het politiek vertrouwen: het vertrouwen in de overheid hangt vooral samen met de mate van tevredenheid over de economische situatie en het functioneren van de verzorgingsstaat. Daarbij vinden mensen het vooral belangrijk dat de overheid haar beloftes nakomt, open en eerlijk is tijdens het maken van beleid en iedereen gelijk behandelt. Binnen de overheid is als antwoord hierop een tendens richting vereenvoudiging van systemen te zien.

verschillen in kansen, gezondheid, welvaart en (basis)voorzieningen. Tegelijkertijd is er een afstand tussen rijk en regio’s. Dit alles zorgt voor een groeiende kloof tussen Randstad en landelijk gebied en tussen stad en platteland.

Globalisering Er is een voortschrijdende internationalisering. Door de invloed van technologie en toegenomen vervoersmogelijkheden raken nationale economieën meer met elkaar verweven. Nederland profiteert als handelsland van globalisering, wat te zien is in een stijging van de export. De baten lijken echter niet evenwichtig te worden verdeeld. Tegelijkertijd is er wel een toenemende vraag naar lokaal geproduceerde producten. Een andere ontwikkeling is dat geopolitieke verhoudingen verschuiven, denkend bijvoorbeeld aan de positie van Rusland, de oorlog inde Gaza strook en de opkomst van de economieën van China en India. In de internationale verhoudingen is het machtsdenken terug, wat angst met zich meebrengt. Het idee dat de wereld steeds verder democratiseert en stabieler wordt, is verleden tijd. Europa is zich gelijktijdig aan het heruitvinden en poogt de typisch Europese democratische waarden te beschermen en te versterken.

Prijsstijgingen Door hogere transportkosten, duurdere grondstoffen en Europese belastingwetgeving worden producten die van ver komen duurder. De prijsstijgingen hebben effecten op koopgedrag, maar ook bijvoorbeeld op woningbouw. Er is een opmars bezig van re-shoring. Ondernemers denken erover na om productie terug naar Europa te halen om minder afhankelijk te zijn van internationale machtsspellen. Ook is er een beweging naar localto-local, gericht op het verkorten van productie- en distributieketens. Dit is ingegeven door de behoefte van klanten aan een duidelijke herkomst, zicht op arbeidsomstandigheden en duurzame productie.

Online onveiligheid Regionale ongelijkheid krijgt meer aandacht Er zijn significante verschillen tussen regio’s, los van de verschillende in cultuur en gebruiken. Er zijn

Er wordt een verdere toename verwacht van digitale risico’s en digitale dreiging. Denk hierbij aan cybercrimes, zoals identiteitsfraude, koop- en verkoopfraude en hacken. Hoewel het maatschappelijk leven zich verplaatst naar online,

15

is de beveiliging ervan niet altijd sluitend. Er ligt een continue uitdaging om beveiligingsoplossingen snel te laten volgen op de steeds ontwikkelende

criminele werkwijzen. Er wordt een groeiende kloof gezien tussen digitaal weerbaren en niet weerbaren.

Zicht op cijfers

16

Er is veel data beschikbaar, waarmee een beeld verkregen kan worden hoe de stand van zaken in GeldropMierlo is. We hebben zowel cijfers op een rij gezet voor de gemeente als geheel, als voor de verschillende wijken. Voor de Mierlose wijken zijn vooralsnog geen cijfers beschikbaar. Daarom is ingezoomd op Mierlo.

Cijfers Geldrop-Mierlo Demografie

Verwachte bevolkingsgroei Geldrop-Mierlo heeft in 2025 zo’n 40.200 inwoners. De verwachting is dat het inwoneraantal in 2045 is opgelopen naar 41.400.

Aantal huishoudens In 2023 waren er in Geldrop-Mierlo in totaal 18.264 huishoudens. Deze waren als volgt verdeeld: 1 persoon: 2 personen: 3 personen: 4 personen: 5 of meer personen:

6.232 6.525 2.276 2.406 825

17

De demografische druk beschrijft de verhouding tussen enerzijds het aantal personen van 0-19 jaar plus het aantal 65+ers en anderzijds het aantal personen van 20-64 jaar.

Leven lang ontwikkelen Opleidingsniveau

Bestaanszekerheid

* de percentages geven het aandeel ten opzichte van inwoners boven de 15 jaar.

18

Zorg en ondersteuning

19

Vitaal leven

20

Sterke netwerken Eenzaamheid (18+)

Leefbare groene wijken Gemiddelde buurtscores tav leefbaarheid

21

Wonen

22

Multifunctioneel landelijk gebied

23

Economische kracht

Duurzaamheid

24

Veiligheid

25

Mobiliteit

26

Wijkfoto’s 2024 Er is van elke wijk in Geldrop een ‘wijkfoto’ gemaakt (oktober 2024). Zo’n wijkfoto geeft een goed beeld van verschillende thema’s binnen een wijk, zodat kan worden gekeken welke opgaven er in een wijk zijn en binnen welke wijk welke prioriteiten zijn. Vooralsnog zijn er geen ‘foto’s’ van wijken in Mierlo, doordat hiervoor nog geen cijfers beschikbaar zijn. De oorzaak is dat de wijken pas sinds begin 2024 als wijk worden aangemerkt. Voor nu wordt voor Mierlo daarom volstaan met een ‘dorpsfoto’. Bronvermelding Voor de wijkfoto’s is data gebruikt van het CBS, Cubiss, gemeente Geldrop-Mierlo, GGD Brabant-Zuidoost, de Rijksoverheid, RIVM, Stichting Climate Adaption Services en Vektis.

Akert Algemeen

27

Leven lang ontwikkelen

28

Bestaanszekerheid

Zorg en ondersteuning

29

Vitaal leven

30

Sterke netwerken

Leefbare groene wijken

31

32

Wonen

Duurzaamheid

33

Veiligheid

34

Braakhuizen-Noord Algemeen

35

L

Leven lang ontwikkelen

Bestaanszekerheid

36

Zorg en ondersteuning

Vitaal leven

37

Sterke netwerken

38

Leefbare groene wijken

39

Wonen

40

Duurzaamheid

Veiligheid

41

42

Braakhuizen-Zuid Algemeen

43

Leven lang ontwikkelen

Bestaanszekerheid

44

Zorg en ondersteuning

45

Vitaal leven

Sterke netwerken

46

Leefbare groene wijken

47

48

Wonen

Duurzaamheid

49

Veiligheid

50

Coevering Algemeen

51

Leven lang ontwikkelen

Bestaanszekerheid

52

Zorg en ondersteuning

53

Vitaal leven

Sterke netwerken

54

Leefbare groene wijken

55

56

Wonen

Duurzaamheid

57

Veiligheid

58

Genoenhuis Algemeen

59

Leven lang ontwikkelen

Bestaanszekerheid

Zorg en ondersteuning

60

Vitaal leven

61

Sterke netwerken

62

Leefbare groene wijken

63

Wonen

64

Duurzaamheid

Veiligheid

65

66

Mierlo Algemeen

67

Leven lang ontwikkelen

Bestaanszekerheid

68

Zorg en ondersteuning

69

Vitaal leven

Sterke netwerken

70

Leefbare groene wijken

Wonen

71

Duurzaamheid

72

Veiligheid

73

Skandia-Hulst Algemeen

74

Leven lang ontwikkelen

Bestaanszekerheid

75

Zorg en ondersteuning

Vitaal leven

76

Sterke netwerken

Leefbare groene wijken

77

78

Wonen

Duurzaamheid

79

Veiligheid

80

Zesgehuchten Algemeen

81

Leven lang ontwikkelen

Bestaanszekerheid

82

Zorg en ondersteuning

83

Vitaal leven

Sterke netwerken

84

Leefbare groene wijken

85

Wonen

86

Duurzaamheid

87

Veiligheid

88

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=GeldropMierlo&id=44095435-c2d4-4481-accf-f65a7833986b