Begrotingskader 2024-2027.pdf
Tekst van het document
Begrotingskaders behorende bij de Strategie 2024-2027
Inhoudsopgave Inhoudsopgave ........................................................................................................................................ 2 1. Inleiding ............................................................................................................................................... 3 2. Financiële uitgangspunten begroting .................................................................................................. 4 3. Nieuwe indeling van de begroting in programmagroepen ................................................................... 6
2
1. Inleiding Voor u ligt het begrotingskader. Het begrotingskader bestaat uit financiële uitgangspunten voor de begroting en de nieuwe indeling van de begroting in programmagroepen. Kadernota nieuwe stijl Tezamen met de strategie vormt het begrotingskader “de kadernota”. Bij de kadernota staat beleid voorop, de financiën zijn hiervan afgeleid. In de afgelopen jaren is door uw raad aangegeven dat de kadernota meer beleidsmatig ingestoken zou mogen zijn. De focus lag voorheen teveel op de financiën. De strategie is nu hét beleidsdocument en vormt het belangrijkste deel van de kadernota. Vooruitblik richting het begrotingsproces In de strategie staan doelen. Deze doelen geven antwoord op de 1e W-vraag: Wat willen we bereiken? De doelen die in de strategie staan nemen wij 1-op-1 over in de begroting. Zij vormen het uitgangspunt voor het beantwoorden van de 2e W-vraag: Wat gaan we ervoor doen? Per doel geven we aan welke activiteiten we er in 2024 voor gaan doen om de doelen te bereiken. We kijken hierbij niet alleen naar de doelen uit 2024, maar ook naar die van 2025 en verder. Het kan namelijk zo zijn dat er in 2024 al activiteiten gedaan moeten worden om de doelen in latere jaren te kunnen behalen. Tenslotte de 3e W-vraag: Wat mag het kosten? Als er bij de 2e W-vraag activiteiten worden beschreven die extra geld kosten, dan nemen wij dit op in de begroting.
Dat is de reden waarom wij in dit begrotingskader geen eerste inventarisatie hebben opgenomen van de extra vraag naar geld. Dit moet blijken uit de activiteiten die we gaan doen om de doelen uit de strategie te behalen (= 2e W-vraag). De raad maakt in de begroting een integrale afweging tussen de benodigde en beschikbare middelen. Nieuwe indeling in programmagroepen Dit jaar leggen we in het begrotingskader de nieuwe indeling van de begroting in programmagroepen voor aan uw raad. Daar waar we voorheen 11 begrotingsprogramma’s hadden, hebben we nu 6 programmagroepen die geheel overeen komen met de programmagroepen uit de strategie: - Programmagroep 1: De mens centraal - Programmagroep 2: Sterke wijken - Programmagroep 3: Levendige dorpen - Programmagroep 4: Vitaal en groen buitengebied - Programmagroep 5: Toekomstbestendige leefomgeving - Programmagroep 6: Organisatie De nieuwe opzet moet de raad een beter inzicht geven in de samenhang tussen ambities, opgaven, doelen, activiteiten en capaciteit (in geld en uren).
3
2. Financiële uitgangspunten begroting Hieronder wordt kort toegelicht welke uitgangspunten gehanteerd gaan worden voor de berekeningen in onze Meerjarenbegroting 2024-2027. Indexen Voor de meerjarenbegroting 2024-2027 worden de volgende indexen gebruikt: Indexcijfers MPB 2024-2027
2024
2025
2026
2027
Loonkostenindex
4,50%
4,10%
3,90%
3,90%
Materiële kostenindex
5,90%
2,40%
1,90%
1,90%
Gewogen kostenontwikkeling
5,20%
3,25%
2,90%
2,90%
Voor de indexaties van de prijzen hanteren we de uitgangspunten zoals opgenomen in de financiële verordening. Deze indexaties zijn gebaseerd op de Macro Economische Verkenning (MEV). Deze gebruiken we normaliter voor alle jaarschijven van de begroting 2024. We weten op dit moment niet hoe de indexen zich meerjarig gaan ontwikkelen. We vinden het echter niet reëel om de uitzonderlijke situatie waarin we ons nu bevinden ook meerjarig door te trekken (in 4 jaar zouden we de begroting dan met circa 25% verhogen!). We stellen dan ook voor om van de bestendige gedragslijn af te wijken en uit te gaan van de indexen uit de Septembercirculaire 2022, gebaseerd op het Centraal Economisch Plan. De GR-en Dienst Dommelvallei en PlusTeam hebben dit ook gedaan. Daarom vragen wij u, via dit begrotingskader, om hier ook voor het opstellen van de Meerjarenbegroting 2024-2027 expliciet mee in te stemmen. Indexcijfers Sociaal domein MPB 2024-2027
2024
2025
2026
2027
Materiële kostenindex
3,90%
1,60%
1,60%
1,60%
5-jarig OVA-gemiddelde
4,20%
n.n.b.
n.n.b.
n.n.b.
NEA index
n.n.b.
n.n.b.
n.n.b.
n.n.b.
De budgetten binnen Jeugd en Wmo worden geïndexeerd met het 5-jarig gemiddelde OVApercentage. Voor 2024 is het percentage voorlopig vastgesteld op 4,94%, wat zou leiden tot een 5jarig gemiddelde van 4,20% (over de jaren 2020 t/m 2024). De budgetten voor leerlingenvervoer maken gebruik van de NEA index. Dit is een index die doorwerkt in het kostenniveau van rijdend personeel en autokosten. Deze index is voor 2023 vastgesteld op 13,7% in verband met loonstijgingen en sterk gestegen brandstofkosten. Verwacht wordt dat deze index voor 2024 naar beneden zal worden bijgesteld vanwege de reeds gedaalde brandstofkosten. Het percentage voor 2024 is nu helaas nog niet bekend. Daar waar contractueel andere afspraken zijn gemaakt over indexering worden deze uiteraard toegepast. Een voorbeeld hiervan is de CPI index voor de exploitatiebijdrage van Laco. Rente Vanaf 2017 schrijft het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) voor dat wij ieder jaar opnieuw moeten bepalen met welke rentepercentages wordt gerekend in de gemeentelijke begroting. De rente die aan taakvelden wordt doorbelast (= rente activa) wordt bepaald op basis van voorcalculatie. Het is een verplichting in het BBV om in de jaarrekening de werkelijke rentepercentages te bepalen op basis van nacalculatie. De (voorcalculatorische) percentages zijn nog niet bekend.
Deze worden vermeld in de paragraaf Financiering van de meerjarenbegroting. De meest actuele rentepercentages zijn die uit de jaarrekening 2022. Deze zijn als volgt: - Bespaarde rente over voorziening verliesgevende complexen bouwgrond: 2,00% - Rente grondexploitatie: 0,67% - Rente activa: (afgerond) 0,40%
4
Algemene uitkering In meerjarenperspectief wordt door het Rijk rekening gehouden met een bepaalde groei van het areaal per maatstaf. Voor de berekening van de algemene uitkering in meerjarenperspectief wordt hierbij aangesloten. De Meicirculaire 2023 is op het moment van schrijven nog niet verschenen. Zodra de uitkomsten ervan bekend zijn, informeren wij u hierover via een raadsinformatiebrief. Kostendekkende tarieven Voor de tarieven van rioolheffing, afvalstoffenheffing en leges wordt als uitgangspunt een kostendekkendheid van maximaal 100% gehanteerd. Dit betekent dat de totale opbrengsten van een exploitatie niet hoger zijn dan de totale kosten. Onroerende Zaakbelasting (OZB) Bij de berekening van de ramingen voor de OZB in meerjarenperspectief wordt aangesloten bij de toename of afname van de WOZ-waarden. De totale OZB-opbrengst neemt, naast de indexering, toe met de areaaluitbreiding gebaseerd op het woningbouwprogramma van onze gemeente. Capaciteitsbeeld 2024 In het beleidsgedeelte van de begroting is per programma het capaciteitsbeeld opgenomen per taakveld. Bij het opstellen van deze overzichten gaan wij uit van 1.400 productieve uren per fte, het overige is naar rato (dus bijvoorbeeld: 0,5 fte = 700 productieve uren).
5
3. Nieuwe indeling van de begroting in programmagroepen Daar waar we voorheen 11 begrotingsprogramma’s hadden, hebben we nu 6 programmagroepen die geheel overeen komen met de programmagroepen uit de strategie. Het voordeel van de nieuwe indeling is dat de planning- en controlcyclus enerzijds en de visie en strategie anderzijds op elkaar zijn afgestemd. Dit draagt bij aan het in samenhang oppakken van gemeentelijke opgaven. Het komt de integraliteit van beleid (en budgetten) ten goede. De planning- en controlcyclus draait immers niet alleen om financiën. Daarnaast moet dit de bruikbaarheid van de begroting en jaarrekening als sturingsinstrument vergroten. De raad kan hierdoor beter invulling geven aan de kaderstellende en controlerende rol. Programma Voorgeschreven vanuit de Omgevingswet is een programma een verzamelnaam voor alle beleidsdocumenten, plannen en agenda’s. We werken met programma’s per thema of gebied. In de bovenstaande indeling zijn de programma’s verdeeld over de zes programmagroepen. Programmagroep Een programmagroep heet vanuit het BBV eigenlijk ook een programma. Om verwarring te voorkomen gebruiken wij hiervoor de term “programmagroep”. Een programmagroep is onderdeel van de beleidsbegroting, waarbij wordt ingegaan op de drie W-vragen.
Budgetverschuivingen binnen een programmagroep zijn een bevoegdheid van het college, budgetverschuivingen tussen programmagroepen zijn een bevoegdheid van de raad. Doordat het aantal programmagroepen wordt verminderd van 11 naar 6 zijn budgetverschuivingen tussen programmagroepen minder aan de orde. Het moet leiden tot meer samenhang tussen budgetten om de gestelde doelen te bereiken. Taakvelden Gemeenten geven hun geld uit aan vele beleidsterreinen. Om te zorgen dat deze uitgaven op macroniveau samengevoegd kunnen worden en vergelijkingen tussen gemeenten mogelijk zijn is een uniforme set van eenheden voorgeschreven waaraan alle gemeenten zich moeten houden. Deze eenheden noemen we taakvelden. De taakvelden zijn per programma verdeeld over de nieuwe programmagroepen. Gemeenten zijn vrij om taakvelden naar eigen wens over programmagroepen te verdelen. De taakvelden bestaan weer uit grootboeknummers. Daarbinnen is nu niets veranderd. Hierdoor blijft de vergelijking van taakvelden tussen verschillende boekjaren mogelijk. Wijken Pas onlangs hebben wij als college het voornemen opgevat om gebiedsprogramma’s te gaan hanteren voor alle gebieden in Geldrop-Mierlo. In de strategie 2024-2027 zijn daarom alleen gebiedsprogramma’s opgenomen voor woonwijk De Coevering, centrum Geldrop, centrum Mierlo, bedrijventerreinen, multifunctioneel landelijk gebied en landelijk gebied Gijzenrooi.
Voor de overige woonwijken zijn in de visie nog geen opgaven uitgewerkt en in de strategie nog geen doelen. Er is wel van alle wijken opgehaald welke behoeften en knelpunten er spelen en daar wordt binnen de reguliere taakuitvoering al op ingespeeld. Maar er is nog geen toekomstscenario voor de wijken uitgewerkt. Die stap willen we zetten in het proces van het actualiseren van de visie Geldrop-Mierlo (eind 2023/2024). In de visie Geldrop-Mierlo 2044 zal dus per wijk een toekomstbeeld worden geschetst en opgaven worden benoemd die het vertrekpunt zullen zijn binnen gebiedsprogramma’s. In de strategie 20252028 worden vervolgens de doelen beschreven voor deze gebiedsprogramma’s. In de nieuwe indeling zijn de (voorlopige!) gebiedsprogramma’s al wel opgenomen (schuingedrukt en aangeduid met (*) in programma 2). Kanttekening bij de nieuwe indeling Soms zal een onderwerp bij meerdere programma’s passen. Beleid, doelen en inzet kunnen echter slechts op één plek worden opgenomen. Als dat zich voordoet, dan is het meest relevante programma gekozen. Wat ook voorkomt is dat in het ene programma het overkoepelende beleid staat en dat in het andere programma een verdieping daarop is uitgewerkt.
6
De nieuwe indeling in programmagroepen is als volgt: Programmagroepen
Programma's
Taakvelden
Programmagroep 1:
Themaprogramma Een leven lang ontwikkelen
4.1 Openbaar basisonderwijs
De mens centraal
4.2 Onderwijshuisvesting 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken Themaprogramma Bestaanszekerheid
6.3 Inkomensregelingen 6.4 Begeleide participatie 6.5 Arbeidsparticipatie
Themaprogramma Zorg & ondersteuning
6.6 Maatwerk-voorzieningen (Wmo) 6.71a Hulp bij het huishouden (Wmo) 6.71b Begeleiding (Wmo) 6.71c Dagbesteding (Wmo) 6.71d Overige maatwerkarrangementen (Wmo) 6.72a Jeugdhulp begeleiding 6.72b Jeugdhulp behandeling 6.72c Jeugdhulp dagbesteding 6.72d Jeugdhulp zonder verblijf overig 6.73a Pleegzorg 6.73b Gezinsgericht 6.73c Jeugdhulp met verblijf overig 6.74a Jeugdhulp behandeling GGZ zonder verblijf 6.74b Jeugdhulp crisis/LTA/GGZ-verblijf 6.74c Gesloten plaatsing 6.81a Beschermd wonen (Wmo) 6.81b Maatschappelijke- en vrouwenopvang (Wmo) 6.82a Jeugdbescherming 6.82b Jeugdclassering 7.5 Begraafplaatsen en crematoria 0.10 Mutaties reserves programmagroep 1
Programmagroep 2:
Themaprogramma Vitaal leven
Sterke wijken
5.1 Sportbeleid en activering 5.2 Sportaccommodaties 7.1 Volksgezondheid
Themaprogramma Sterke netwerken
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 6.2 Wijkteams
Themaprogramma Leefbare, groene wijken
5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
Themaprogramma Inclusief leven
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
Themaprogramma Wonen
8.1 Ruimte en leefomgeving 8.3 Wonen en bouwen
Gebiedsprogramma Woonwijk De Coevering Gebiedsprogramma Woonwijk Skandia (*) Gebiedsprogramma Woonwijk Akert (*) Gebiedsprogramma Woonwijk Zesgehuchten (*) Gebiedsprogramma Woonwijk Braakhuizen-N (*) Gebiedsprogramma Woonwijk Braakhuizen-Z (*) Gebiedsprogramma Woonwijk Genoenhuis (*) Gebiedsprogramma Woonwijken Mierlo (*) 0.10 Mutaties reserves programmagroep 2
7
Programmagroep 3:
Themaprogramma Cultuur
Levendige dorpen
5.3 Cultuurpresentatie, -productie en -participatie 5.4 Musea 5.5 Cultureel erfgoed 5.6 Media
Themaprogramma Economische kracht
3.1 Economische ontwikkeling 3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur 3.3 Bedrijfsloket en bedrijfsregelingen 3.4 Economische promotie
Gebiedsprogramma Centrum Geldrop Gebiedsprogramma Centrum Mierlo Gebiedsprogramma Bedrijventerreinen 0.10 Mutaties reserves programmagroep 3 Programmagroep 4:
Themaprogramma Doorlopend groen
Vitaal & groen
Gebiedsprogramma Multifunctioneel landelijk
buitengebied
gebied Gebiedsprogramma Landelijk gebied Gijzenrooi 0.10 Mutaties reserves programmagroep 4
Programmagroep 5:
Themaprogramma Mobiliteit
2.1 Verkeer en vervoer
Toekomstbestendige
2.2 Parkeren
leefomgeving
2.5 Openbaar vervoer Themaprogramma Duurzaamheid
7.2 Riolering 7.3 Afval 7.4 Milieubeheer
Themaprogramma Veiligheid
1.1 Crisisbeheersing en brandweer 1.2 Openbare orde en veiligheid
Omgevingswetprogramma Grondbeleid &
8.2 Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen)
kostenverhaal 0.10 Mutaties reserves programmagroep 5 Programmagroep 6:
Themaprogramma Bestuur & organisatie
Organisatie
0.1 Bestuur 0.3 Beheer overige gebouwen en gronden 0.4 Overhead 0.5 Treasury 0.61 OZB woningen 0.62 OZB niet-woningen 0.63 Parkeerbelasting 0.64 Belastingen overig 0.7 Algemene uitkering en overige uitk. gemeentefonds 0.8 Overige baten en lasten 0.9 Vennootschapsbelasting 0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten
Themaprogramma Dienstverlening
0.2 Burgerzaken 0.4 Overhead
Themaprogramma Digitalisering 0.10 Mutaties reserves programmagroep 6
8