CConstaterende datGeldrop-Mierlo
Koppel je AI →
Document · PDF

Advies commissie bezwaarschriften

Raadsvergadering 14 december 2023, gemeente Geldrop-MierloBij agendapunt: Bezwaar tegen besluit 13 juli 2023 inzake beslissing op de ingebrekestelling2.496 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

ADVIES COMMISSIE VOOR BEZWAARSCHRIFTEN Aan:

De gemeenteraad van de gemeente Geldrop-Mierlo.

Onderwerp: Het bezwaar van , door het college ontvangen op 28 augustus 2023, gericht tegen het besluit van de gemeenteraad van 14 juli 2023 (verzonden op dezelfde datum) waarbij de gemeenteraad heeft besloten het verzoek om een dwangsom op grond van de Wet dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen, af te wijzen.

De Commissie voor Bezwaarschriften (hierna: de commissie) adviseert de gemeenteraad van de gemeente Geldrop-Mierlo (hierna: de raad) over het besluit dat naar aanleiding van het bezwaarschrift moet worden genomen. De commissie komt aan de hand van het bezwaarschrift, de ingediende stukken en het ter zitting gestelde tot het volgende advies. Advies van de commissie De commissie adviseert de raad om; - het bestreden besluit ongewijzigd in stand te laten; - het verzoek om vergoeding van kosten voor het indienen van het bezwaar als bedoeld in artikel 7:15 Awb af te wijzen. Toelichting op het advies De commissie legt uit hoe het tot dit advies is gekomen. Achtereenvolgend komen aan de orde: 1) 2)

3) 4) 5)

Het verloop van de kwestie: de commissie geeft weer wat er is gebeurd tot het moment dat de commissie dit advies uitbrengt; De ontvankelijkheid van het bezwaarschrift: de commissie geeft aan of is voldaan aan de eisen om het bezwaarschrift in behandeling te nemen; De gronden van het bezwaar: de commissie geeft weer wat door bezwaarmaker naar voren is gebracht; De beoordeling van het bezwaarschrift, overwegingen van de commissie; Conclusie.

Hierna volgt de ondertekening van dit advies. Verder is er een bijlage met daarin het voor deze kwestie relevante juridische kader. 1) Verloop van de kwestie Op 13 februari 2023 is door (hierna: bezwaarmaker) een klacht ingediend over de handelwijze met betrekking tot de herinrichting van de Mierloseweg door de raad. De wettelijke beslistermijn voor deze klacht verliep op 13 juni 2023. Omdat de raad niet binnen deze termijn heeft beslist op de klacht, is door bezwaarmaker op 1 juni 2023 een ingebrekestelling ingediend. Bij besluit van 14 juli 2023 (verzonden op 14 juli 2023) heeft de raad besloten de klacht ontvankelijk en ongegrond te verklaren. Ook heeft de raad besloten de ingebrekestelling af te wijzen en geen dwangsom toe te kennen.

Tegen voornoemd besluit heeft bezwaarmaker op 28 augustus 2023 proforma bezwaar gemaakt. De gronden werden vervolgens ontvangen op 19 oktober 2023. Voor zover het bezwaar zich richt tegen de beslissing op de klacht, heeft de raad het bezwaar op 7 september 2023 doorgestuurd naar de Nationale Ombudsman. Voor zover het bezwaarschrift ziet op de afwijzing van de ingebrekestelling, is deze door het college van burgemeester en wethouders (hierna: college) doorgezonden aan de raad op 4 september 2023. De raad heeft het dossier in handen gesteld van de commissie. De commissie heeft de zaak tijdens de hoorzitting op 20 november 2023 aan de orde gesteld. Bezwaarmaker en vertegenwoordigers van de raad zijn in de gelegenheid gesteld te worden gehoord. Van de hoorzitting is een geluidsopname in de vorm van een digitaal audioverslag gemaakt. 2) De ontvankelijkheid van het bezwaarschrift Het pro forma bezwaarschrift is ontvangen binnen de bezwaartermijn, is binnen de daarvoor door de commissie gestelde termijn aangevuld met de gronden waarop het bezwaar rust en voldoet voor het overige ook aan de overige eisen van artikel 6:5 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb). Bezwaarmaker kan als belanghebbende in de zin van artikel 1:2 Awb worden aangemerkt.

3) De gronden van het bezwaarschrift Bezwaarmaker brengt kort en zakelijk samengevat naar voren dat: - het bezwaar ontvankelijk moet worden verklaard, omdat de beslissing op de klacht hoogstwaarschijnlijk niet op 14 juli 2023 is verzonden, maar later. En het daarnaast een kopie betreft, in plaats van het origineel; - de gemeente in gebreke is door maanden te laat op de klacht te beslissen; - omdat zij de raad in gebreke heeft gesteld, er een dwangsom verschuldigd is; - de Wet dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen burgers een effectief rechtsmiddel geeft tegen trage besluitvorming door het bestuursorgaan; - juist bij een klacht die gaat over het stelselmatig negeren van deze wettelijke kaders, hier extra aandacht voor had moeten zijn. 4) De beoordeling van het bezwaar, overwegingen commissie De commissie overweegt aan de hand van de bezwaargronden, de zich in het dossier bevindende stukken en het ter zitting gestelde, het volgende. Juridisch kader De Wet dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen heeft als doel burgers doeltreffende rechtsmiddelen te bieden wanneer een bestuursorgaan niet tijdig beslist op een aanvraag. 1 Doet een bestuursorgaan dat niet, dan kan er een dwangsom worden gevorderd.

Ook kan er direct beroep worden ingesteld bij de rechtbank, wanneer het bestuursorgaan voor het einde van de termijn heeft verzuimd om aan de aanvrager mee te delen dat de termijn niet wordt gehaald en binnen welke termijn wel een besluit wordt genomen.2

1

Circulaire Wet Dwangsom en Beroep bij niet tijdig beslissen

2

Artikel 6:12 Algemene wet bestuursrecht

Op 13 februari 2023 is door bezwaarmaker een klacht in de zin van de Awb ingediend. De Awb schrijft hierover het volgende: “Een ieder heeft het recht om over de wijze waarop een bestuursorgaan zich in een bepaalde aangelegenheid jegens hem of een ander heeft gedragen, een klacht in te dienen bij dat bestuursorgaan. Een gedraging van een persoon, werkzaam onder de verantwoordelijkheid van een bestuursorgaan, wordt aangemerkt als een gedraging van dat bestuursorgaan.” 3 Op 1 juni 2023 was er door de raad nog niet beslist op deze klacht, waarop bezwaarmaker een ingebrekestelling heeft ingediend. De Awb geeft hierover het volgende aan: “Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen.(..)”4 Onder een aanvraag wordt verstaan: “Een verzoek van een belanghebbende, een besluit te nemen.” 5 Overwegingen van de commissie De commissie merkt op dat blijkens de Awb een klacht geen aanvraag is, maar een klacht over een gedraging van (een persoon werkzaam onder de verantwoordelijkheid van) een bestuursorgaan. Een aanvaag is gericht op het nemen van een besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Awb.

Daarvan is met een klacht geen sprake.6 Ook blijkt uit de Awb dat er enkel een beroep kan worden gedaan op een dwangsom wegens niet tijdig beslissen, wanneer er sprake is van een aanvraag. De dwangsomregeling is van toepassing op beschikkingen op aanvraag en op beslissingen op bezwaar. 7 Een klacht valt hier niet onder. Het is immers geen aanvraag of bezwaar. De regels van afdeling 4.1.3. van de Awb, betreffende de beslistermijn, welke onder meer voorziet in de dwangsomregeling, zijn dus niet van toepassing bij het niet tijdig beslissen op een klacht, omdat een klacht niet is aan te merken als een aanvraag van een beschikking als bedoeld in artikel 1:3, derde lid, van de Awb. De commissie adviseert de raad daarom het bestreden besluit in stand te laten. Daarbij merkt de commissie ten overvloede nog wel op dat ook bij een klacht de wettelijke termijnen in acht moeten worden genomen door het bestuursorgaan. Dat op een klacht de Wet dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen niet van toepassing is, maakt dit niet anders. De commissie begrijpt dat het feit dat de klacht (onder andere) zag op niet tijdig reageren door het bestuursorgaan, het extra wrang maakt dat er juist op een daartegen gerichte klacht niet tijdig werd beslist. Dit maakt bovenstaand advies van de commissie echter niet anders.

Proceskostenvergoeding Bezwaarmaker verzoekt in haar bezwaarschrift om een vergoeding van de kosten die zij heeft gemaakt door het indienen van het bezwaarschrift. De commissie merkt hierover op dat op grond van de Awb en het Besluit proceskosten bestuursrecht enkel een vergoeding van de kosten van een door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand mogelijk is. 8 Hiervan is de commissie niet gebleken. Bezwaarmaker heeft het bezwaarschrift zelf ondertekend en ook is niet gebleken dat zij tijdens het bijwonen van de hoorzitting is ondersteund door een rechtsbijstandverlener. Ook indien dit wel het geval was, zou volgens de commissie geen aanspraak kunnen worden gemaakt op een proceskostenvergoeding, nu er geen sprake is van het herroepen van het bestreden besluit wegens 3

Artikel 9:1 Algemene wet bestuursrecht

4

Artikel 4:17, eerste lid Algemene wet bestuursrecht

5

Artikel 1:3, derde lid Algemene wet bestuursrecht

6

Kamerstukken II 1997/98, 25 837, nr 5. pagina 8

7

T&C Awb, Commentaar op artikel 4:17 Awb: Dwangsom

8

Artikel 7:15 Awb en artikel 1 Besluit proceskosten bestuursrecht

een aan het bestuursorgaan te wijten onrechtmatigheid. De commissie adviseert daarom het verzoek om een proceskostenvergoeding af te wijzen. 5) Conclusie De commissie adviseert de raad om het bestreden besluit ongewijzigd in stand te laten en het verzoek om vergoeding van kosten voor het indienen van het bezwaar als bedoeld in artikel 7:15 Awb af te wijzen.

Geldrop, 28 november 2023 De Commissie voor Bezwaarschriften, De secretaris,

de voorzitter,

M. Boertjes

T.F.M. Wijgergans

Bijlage: Juridisch kader

Juridisch kader Artikel 1:2 Algemene wet bestuursrecht (Awb) 1. Onder belanghebbende wordt verstaan: degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken. 2. Ten aanzien van bestuursorganen worden de hun toevertrouwde belangen als hun belangen beschouwd. 3. Ten aanzien van rechtspersonen worden als hun belangen mede beschouwd de algemene en collectieve belangen die zij krachtens hun doelstellingen en blijkens hun feitelijke werkzaamheden in het bijzonder behartigen. Artikel 1:3 Awb 1. Onder besluit wordt verstaan: een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan, inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling. 2. Onder beschikking wordt verstaan: een besluit dat niet van algemene strekking is, met inbegrip van de afwijzing van een aanvraag daarvan. 3. Onder aanvraag wordt verstaan: een verzoek van een belanghebbende, een besluit te nemen. 4. Onder beleidsregel wordt verstaan: een bij besluit vastgestelde algemene regel, niet zijnde een algemeen verbindend voorschrift, omtrent de afweging van belangen, de vaststelling van feiten of de uitleg van wettelijke voorschriften bij het gebruik van een bevoegdheid van een bestuursorgaan. Artikel 4:17 Awb 1. Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen.

De Algemene termijnenwet is op laatstgenoemde termijn niet van toepassing. 2. De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag. 3. De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen. 4. Indien de aanvraag elektronisch kon worden gedaan, is artikel 4:3a van overeenkomstige toepassing op de ingebrekestelling. 5. Beroep tegen het niet tijdig geven van de beschikking schort de dwangsom niet op. 6. Geen dwangsom is verschuldigd indien: a. het bestuursorgaan onredelijk laat in gebreke is gesteld, b. de aanvrager geen belanghebbende is, of c. de aanvraag kennelijk niet-ontvankelijk of kennelijk ongegrond is. 7. Indien er meer dan één aanvrager is, is de dwangsom aan ieder van de aanvragers voor een gelijk deel verschuldigd. Artikel 6:5 Awb 1. Het bezwaar- of beroepschrift wordt ondertekend en bevat ten minste: a.de naam en het adres van de indiener; b.de dagtekening; c.een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar of beroep is gericht; d.de gronden van het bezwaar of beroep. 2.

Bij het beroepschrift wordt zo mogelijk een afschrift van het besluit waarop het geschil betrekking heeft, overgelegd. 3. Indien het bezwaar- of beroepschrift in een vreemde taal is gesteld en een vertaling voor een goede behandeling van het bezwaar of beroep noodzakelijk is, dient de indiener zorg te dragen voor een vertaling. Artikel 6:12 Algemene wet bestuursrecht 1. Indien het beroep is gericht tegen het niet tijdig nemen van een besluit dan wel het niet tijdig bekendmaken van een van rechtswege verleende beschikking, is het niet aan een termijn gebonden. 2. Het beroepschrift kan worden ingediend zodra: a. het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen of een van rechtswege verleende beschikking bekend te maken, en b. twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is. 3. Indien redelijkerwijs niet van de belanghebbende kan worden gevergd dat hij het bestuursorgaan in gebreke stelt, kan het beroepschrift worden ingediend zodra het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen. 4. Het beroep is niet-ontvankelijk indien het beroepschrift onredelijk laat is ingediend.

Artikel 7:15 Awb 1. Voor de behandeling van het bezwaar is geen recht verschuldigd. 2. De kosten, die de belanghebbende in verband met de behandeling van het bezwaar redelijkerwijs heeft moeten maken, worden door het bestuursorgaan uitsluitend vergoed op verzoek van de belanghebbende voorzover het bestreden besluit wordt herroepen wegens aan het bestuursorgaan te wijten onrechtmatigheid. 3. Het verzoek wordt gedaan voordat het bestuursorgaan op het bezwaar heeft beslist. Het bestuursorgaan beslist op het verzoek bij de beslissing op het bezwaar. 4. Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over de kosten waarop de vergoeding uitsluitend betrekking kan hebben en over de wijze waarop het bedrag van de kosten wordt vastgesteld. 5. Indien aan de belanghebbende in verband met het bezwaar een toevoeging is verleend op grond van de Wet op de rechtsbijstand, betaalt het bestuursorgaan de toe te kennen vergoeding aan de rechtsbijstandverlener. De rechtsbijstandverlener stelt de belanghebbende zoveel mogelijk schadeloos voor de door deze voldane eigen bijdrage. De rechtsbijstandverlener doet aan de Raad voor rechtsbijstand opgave van een kostenvergoeding door het bestuursorgaan.

Artikel 9:1 Awb 1. Een ieder heeft het recht om over de wijze waarop een bestuursorgaan zich in een bepaalde aangelegenheid jegens hem of een ander heeft gedragen, een klacht in te dienen bij dat bestuursorgaan. 2. Een gedraging van een persoon, werkzaam onder de verantwoordelijkheid van een bestuursorgaan, wordt aangemerkt als een gedraging van dat bestuursorgaan.

Artikel 1 Besluit proceskosten bestuursrecht 1. Een veroordeling in de kosten als bedoeld in artikel 8:75 onderscheidenlijk een vergoeding van de kosten als bedoeld in artikel 7:15, tweede lid, of 7:28, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht kan uitsluitend betrekking hebben op: a. kosten van door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand, b. kosten van een getuige of deskundige die door een partij of een belanghebbende is meegebracht of opgeroepen, dan wel van een deskundige die aan een partij verslag heeft uitgebracht, c. kosten van een tolk die door een partij of een belanghebbende is meegebracht of opgeroepen, d. reis- en verblijfkosten van een partij of een belanghebbende, e. verletkosten van een partij of een belanghebbende, f. kosten van uittreksels uit de openbare registers, telegrammen, internationale telexen, internationale telefaxen en internationale telefoongesprekken, en g. kosten van het als gemachtigde optreden van een arts in zaken waarin enig wettelijk voorschrift verplicht tot tussenkomst van een gemachtigde die arts is.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=GeldropMierlo&id=cb27bb3c-a5fa-4d6b-a92d-a72ab0cdc52b