Verkabeling 150 kV verbinding Geertruidenberg_Bijlagen-lr.pdf
Tekst van het document
2/7
(%891 -163'3()6-2+
oktober 2021 NL.IMRO.0779.Verkabeling150kVon01
463.)'8 463.)'80)-()6
Verkabeling 150 kVverbinding Geertruidenberg ing. J.A. van Broekhoven
34(6%',8+):)6 463.)'82911)6
Gemeente Geertruidenberg 20200237
%98)96 78%897
Niels Tiekstra Vastgesteld
Bijlagen bij toelichting Bijlage 1
Bestaande situatie
Bijlage 2
Notitie Zoekgebieden
Bijlage 3
Tracéstudie
Bijlage 4
Archeologisch bureauonderzoek
Bijlage 5
Verkennend archeologisch onderzoek dmv boringen opstijgpunt
Bijlage 6
Karterend archeologisch onderzoek opstijgpunt
Bijlage 7
Verkennend archeologisch onderzoek dmv boringen kabeltracé
Bijlage 8
Karterend archeologisch onderzoek kabeltracé
Bijlage 9
Vooronderzoek Bodem
Bijlage 10
Stikstofonderzoek
Bijlage 11
Ecologische tracéstudie
Bijlage 12
Ecologisch veldonderzoek
Bijlage 13
Magneetveldonderzoek
Bijlage 14
Watertoets
Bijlage 15
Vormvrije m.e.r.beoordeling
Bijlage 16
Overlegreacties
Bijlage 17
Nota Zienswijzen
1/1
PROJECTNUMMER
002.854.20
CLASSIFICATIE DATUM VERSIE STATUS KENMERK PAGINA
C1: Public Information 22 oktober 2018 1.0 Definitief 0685169 1 van 80
Notitie verkenning zoekgebieden Verkabeling bestaande 150kV verbinding Geertruidenberg en Raamsdonksveer
Versie 1.0, 22 oktober 2018 Kenmerk: 0685169
PROJECTNUMMER
002.854.20
CLASSIFICATIE DATUM VERSIE STATUS KENMERK PAGINA
C1: Public Information 22 oktober 2018 1.0 Definitief 0685169 2 van 80
Notitie verkenning zoekgebieden Verkabeling bestaande 150kV verbinding Geertruidenberg en Raamsdonksveer
Opgesteld door: Royny Mathan
TenneT (tracécoördinator)
Wouter van Doeland
TenneT (kabelengineer)
Gecontroleerd door: Susan van den Berg
TenneT (projectleider)
Marieke Elsevier
Gemeente Geertruidenberg (projectleider)
Vrijgave door: William Hartman
TenneT (projectleider)
Hans van Tol
TenneT (projectleider)
Sander van Sluis
Ministerie van EZK (coördinerend beleidsmedewerker)
Kevin van Oort
Gemeente Geertruidenberg (wethouder)
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 3 van 80
Inhoud Managementsamenvatting
5
1. Inleiding
9
1.1 Aanleiding
9
1.2 Doel notitie
10
1.3 Leeswijzer
10
2. Projectomschrijving
11
2.1 Scope van het project
11
2.2 Opdracht van de minister van Economische Zaken en Klimaat
12
2.3 Uitgangspunten en beleidskaders bij tracering
12
2.4 Procesbeschrijving
12
3. Totstandkoming zoekgebieden
15
3.1 Verzamelen gebiedsgegevens
15
3.2 Ontwerpsessies, aanvullende gesprekken met stakeholders en informatieavond
15
3.3 De zoekgebieden
16
4. Beoordelingskader effecten zoekgebieden
18
4.1 Bebouwing en ruimtegebruik
18
4.2 Natuur / ecologie
19
4.3 Bodem en archeologie
20
4.4 Water en infrastructuur
21
4.5 Techniek en kosten
22
5. Beschrijving zoekgebieden met effectbeoordeling
25
5.1 Zoekgebied Noord
25
5.1.1 Begrenzing zoekgebied
25
5.1.2 Bebouwing en ruimtegebruik
27
5.1.3 Natuur / ecologie
28
5.1.4 Bodem en Archeologie
29
5.1.5 Water en infrastructuur
30
5.1.6 Techniek en kosten
5.2 Zoekgebied Midden
31
33
5.2.1 Begrenzing
33
5.2.2 Bebouwing en ruimtegebruik
34
5.2.3 Natuur / ecologie
35
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 4 van 80
5.2.4 Bodem en Archeologie
35
5.2.5 Water en infrastructuur
37
5.2.6 Techniek en kosten
38
5.3 Variant Midden-Noord
40
5.3.1 Begrenzing
40
5.3.2 Bebouwing en ruimtegebruik
41
5.3.3 Natuur / ecologie
42
5.3.4 Bodem en Archeologie
42
5.3.5 Water en infrastructuur
44
5.3.6 Techniek en kosten
45
5.4 Zoekgebied Zuid
47
5.4.1 Begrenzing
47
5.4.2 Bebouwing en ruimtegebruik
48
5.4.3 Natuur / ecologie
49
5.4.4 Bodem en Archeologie
49
5.4.5 Water en infrastructuur
50
5.4.6 Techniek en kosten
51
6. Overzicht kenmerken zoekgebieden
53
7. Bijlagen
56
Bijlage 1 : Brief Ministerie van Economische Zaken met kenmerk DGETM-EO / 17144417, 15 februari 2018. 57 Bijlage 2: Uitgangspunten bij tracering
59
Bijlage 3: Beleidskader
68
Bijlage 4:
Kaart kenmerken zoekgebieden
77
Bijlage 5 :
Kaart Natuur Netwerk Nederland en Natura 2000
78
Bijlage 6 :
Kaart Gegevens Bodemloket
79
Bijlage 7 :
Kaart Archeologische waarden
80
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 5 van 80
Managementsamenvatting Per brief van 15 februari 2018 heeft de minister van Economische Zaken en Klimaat aan TenneT verzocht om het gedeelte van de 150 kV-verbinding Geertruidenberg-Waalwijk dat door de kernen van Geertruidenberg en Raamsdonksveer loopt te verkabelen (Brief met kenmerk DGETM-EO / 17144417, zie bijlage 1). TenneT heeft hiervoor samen met de gemeente een projectgroep ingesteld en een proces uitgewerkt om te komen tot een voorkeurstracé. De eerste stap is het verkennen van zoekgebieden voor een mogelijk tracé. De resultaten van deze eerste stap zijn opgenomen in voorliggende notitie. Deze notitie dient als input voor het bestuur van de gemeente Geertruidenberg om op basis van de inhoud een keuze te kunnen maken voor een zoekgebied waarbinnen naar mogelijkheden voor een ondergronds kabeltracé gezocht gaat worden. Met de randvoorwaarden van de minister als uitgangspunt aangevuld met de technische en planologische traceringsprincipes van TenneT en andere stakeholders en met inachtname van relevant beleid zijn door middel van een omgevingsproces met vertegenwoordigers van belangengroepen vier zoekgebieden tot stand gekomen. Hiervoor zijn twee ontwerpateliers georganiseerd en hebben aanvullende gesprekken plaatsgevonden. Naast de input van vertegenwoordigers in de ateliers konden mensen ook op een openbare informatieavond op het gemeentehuis input gegeven.
Al deze informatie is verwerkt in deze notitie.
Overzicht zoekgebieden
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 6 van 80
DATUM REFERENTIE PAGINA
Binnen alle vier de zoekgebieden zijn kabeltracés maak- en haalbaar. Op dit moment is de analyse ingestoken op een globale maak- en haalbaarheid van de vier zoekgebieden waarin de effecten op basis van bureaustudies en een globale beoordeling door experts in beeld zijn gebracht. In hoofdstuk 4 wordt het beoordelingskader nader toegelicht. In onderstaande tabel zijn de effectbeoordelingen zoals beschreven in hoofdstuk 5 in een overzicht weergegeven. Onder de tabel zijn kort de meest opvallende effecten per thema beschreven. Thema
Subthema
Noord
Midden
Midden-
Zuid
Noord Bebouwing en
Afstand tot gevoelige
ruimtegebruik
bestemmingen
Natuur en ecologie
0
0
0
+
Effect op ruimtegebruik
0
+
0
+
Effect op beschermde soorten en/of
0
0
0
+
NNB-gebieden Bodem en
Effect op bodemkwaliteit
0
0
0
0
archeologie
Effect op archeologische waarden
0
-
-
-
Water en
Effect op waterhuishouding
-
0
0
0
infrastructuur
Raakvlakken infrastructuur
0
+
0
-
Techniek en kosten
Effecten op
+
+
+
0
0
0
0
+
leveringszekerheid/betrouwbaarheid net Technische complexiteit beheer en onderhoud Technische complexiteit aanleg
0
0
0
+
Kosten
0
+
+
-
Noord
Midden
Midden-
Zuid
Noord Afstand tot gevoelige bestemmingen
0
0
0
+
Voor wat betreft het aanhouden van voldoende afstand tot gevoelige bestemmingen blijkt dat dit binnen alle zoekgebieden mogelijk is. Niet in alle zoekgebieden is ruimte om een afstand van 25 meter ten opzichte van gevoelige bestemmingen aan te houden, maar zijn er wel maatregelen mogelijk (zoals boringen) waardoor voorkomen wordt dat er woningen en/of tuinen binnen de magneetveldzone van de nieuwe kabelverbinding komen te liggen. Voor het zoekgebied Zuid geldt dat hier de meeste ruimte beschikbaar is om afstand tot woningen en tuinen aan te houden. Effect op ruimtegebruik
0
+
0
+
Voor de effecten op ruimtegebruik is gekeken in hoeverre het kabeltracé in een zoekgebied een belemmering oplevert voor bestaande functie of toekomstige ontwikkelingen. Zoekgebied Midden scoort hier positief doordat de huidige belemmering van de bovengrondse verbinding wordt vervangen door de ondergrondse
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 7 van 80
DATUM REFERENTIE PAGINA
belemmeringen, die in dit geval veel kleiner zijn. Zoekgebied Zuid scoort hier positief door de belemmeringen hier tijdelijk van aard zijn en het ruimtegebruik (met name agrarisch gebruik) na realisatie op dezelfde wijze kan worden voortgezet. Effect op beschermde soorten en/of NNB-gebieden
0
0
0
+
In alle zoekgebieden kunnen effecten ontstaan op beschermde soorten en/of NNB-gebieden. Dit geldt met name voor tijdelijke effecten als gevolg van de realisatiefase. De verwachting is dat deze voorkomen dan wel gemitigeerd kunnen worden. Het zoekgebied Zuid scoort het meest positief doordat er geen gebieden met hoge ecologische waarden binnen het zoekgebied zijn gelegen. Nader veldonderzoek kan dit echter pas uitwijzen. Effect op bodemkwaliteit
0
0
0
0
De effecten op bodemkwaliteit blijken niet onderscheidend. Daar waar verontreinigingen zijn/worden aangetroffen kunnen maatregelen worden toegepast (aangepaste en/of diepere ligging kabeltracé). Effect op archeologische waarden
0
-
-
-
Met name bij de zoekgebieden Midden, Midden-Noord en Zuid zijn gebieden met een (zeer) hoge archeologische verwachtingswaarde aanwezig. In zoekgebied Zuid is zelfs een gebied met zeer hoge waarde aanwezig. Dit kan echter gemakkelijk worden ontzien. Alleen in zoekgebied Noord liggen geen gebieden met een hoge archeologische verwachtingswaarde, daarom scoort deze neutraal. Effect op waterhuishouding
-
0
0
0
Voor wat betreft effecten op de waterhuishouding scoort het zoekgebied Noord negatief vanwege de aanwezigheid van de waterkeringen. In alle andere gebieden worden de waterkeringen haaks gekruist. Zoekgebied Noord loopt echter parallel aan de waterkering en zijn tevens ontwikkelingen voorzien in het kader van dijkversterkingsopgaven. Dit vraagt extra aandacht bij het traceren van een kabelverbinding in dit zoekgebied. Raakvlakken infrastructuur
0
+
0
-
Het zoekgebied Zuid scoort negatief op infra vanwege de ontwikkelingen van Rijkswaterstaat met betrekking tot de verbreding van de A27 en aanpassing van knooppunt Hooipolder. Tevens loopt een kabeltracé hier parallel aan bestaande (te verleggen) buisleidingen. Bij de tracering dient hier nauwe afstemming plaats te vinden met Rijkswaterstaat en andere partijen die in het kader van de verbredingen aanpassingen moeten doen aan hun infrastructuur. Het zoekgebied Midden scoort positief omdat er bij dit kabeltracé de bestaande bovenlijn gevolgd wordt zal de situatie voor de bestaande ondergrondse infra alleen maar verbeteren. Een ondergronds kabeltracé zorgt voor een kleiner beïnvloedingsgebied als de bovengrondse bovenlijn. Hierdoor wordt verwacht dat na het uitvoeren van een beïnvloedingstudie op deze leidingen, geen aanvullende maatregelen noodzakelijk zijn. Effecten op leveringszekerheid/betrouwbaarheid net
+
+
+
0
Alle kabeltracés binnen de zoekgebieden kunnen voldoen aan de betrouwbaarheidsnormen van TenneT. Doordat het kabeltracé in zoekgebied Zuid het langst is en daardoor ook de totale lengte van de bestaande 150 kV-verbinding het meeste toeneemt, scoort deze neutraal ten opzichte van de positief scorende andere zoekgebieden
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 8 van 80
DATUM REFERENTIE PAGINA
Technische complexiteit beheer en onderhoud
0
0
0
+
In de beheer en onderhoudssituatie zijn alle locaties voldoende bereikbaar in geval van calamiteiten. Zoekgebied Zuid scoort hier positief doordat kabeltracés in open ontgraving het snelst te herstellen zijn bij een storing. Technische complexiteit aanleg
0
0
0
+
Voor de realisatie van kabeltracés binnen de zoekgebieden kan worden gesteld dat zoekgebied Zuid hier het meest positief scoort. In de andere zoekgebieden zijn dan wel veel boringen nodig, echter is hier voldoende ruimte om de boorstellingen en mantelbuizen een plek te geven tijdens de aanlegfase of kunnen voldoende maatregelen worden genomen. Zoekgebied Zuid scoort positief doordat een groot deel van het tracé in agrarisch gebied wordt gerealiseerd waar veel ruimte beschikbaar is voor werkwegen en werkterreinen. Kosten
0
+
+
-
Op het gebied van kosten blijkt dat zoekgebied Zuid het duurste is en zoekgebied Midden en Midden-Noord de goedkoopste. Het kostenverschil tussen het duurste gebied (zoekgebied Zuid) en het goedkoopste gebied (zoekgebied Midden) bedraagt circa 5M€. De hogere kosten worden met name veroorzaakt door de langere tracélengte. Zoekgebied Noord zit hier ongeveer tussenin.
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 9 van 80
1. Inleiding De toenmalige minister van Economische Zaken heeft in juli 2017 het voorkeursalternatief vastgesteld voor de nieuwe 380 kV-verbinding tussen Rilland en Tilburg (het project Zuid-West 380 kV Oost). Dit heeft hij gedaan op basis van de integrale effectenanalyse van TenneT, een tussentijds advies van de Commissie voor de MER en het advies van de Samenwerkende Overheden (18 gemeenten en 2 Provincies). Dit voorkeursalternatief loopt deels over het grondgebied van de gemeente Geertruidenberg. Als één van de aanvullende maatregelen bij dit voorkeursalternatief heeft de minister verzocht om de bestaande 150 kV-verbinding Geertruidenberg-Waalwijk, ter hoogte van de woonkernen Geertruidenberg en Raamsdonksveer, ondergronds te brengen. Deze maatregel is met name bedoeld om de ruimtelijke druk als gevolg van de bestaande en nieuwe hoogspanningsnetten in de gemeente Geertruidenberg te verminderen.
1.1 Aanleiding Er wordt al lang gestudeerd op de aanleg van de nieuwe hoogspanningsverbinding van Rilland naar Tilburg. Tussen 2009 en 2014 heeft TenneT verschillende alternatieven voor dit traject ontwikkeld. De vaststelling van een nieuw voorkeursalternatief in 2014 heeft in delen van de regio tot veel onrust geleid. De minister van Economische Zaken heeft in 2015 partijen (gemeenten, actiecomités, organisaties, bewoners) in de regio de gelegenheid gegeven om suggesties te doen voor alternatieven en varianten. In de periode daarna heeft TenneT samen met de regio een set alternatieven met varianten ontwikkeld. Vervolgens zijn hiervan de effecten in kaart gebracht. De resultaten zijn eind maart 2017 gepubliceerd. De toenmalige minister van Economische Zaken heeft vervolgens de samenwerkende overheden in Westen Midden Brabant gevraagd om, mede op basis van deze informatie, een advies te geven over het meest gewenste tracé. De samenwerkende overheden hebben gehoor gegeven aan dit verzoek. Naast een advies over het meest gewenste tracé hebben zij de minister geadviseerd mee te werken aan een drietal specifieke wensen, waaronder de verkabeling (het ondergrondse aanleggen) van de 150 kV-verbinding Geertruidenberg-Waalwijk over de kernen Geertruidenberg en Raamsdonksveer.
De toenmalige minister van Economische Zaken heeft het advies van de samenwerkende overheden overgenomen en in juli 2017 het voorgenomen tracé en drie aanvullende maatregelen bekendgemaakt. Een van deze maatregelen is het ondergronds brengen van de bovengrondse 150 kV-verbinding in de woonkernen Geertruidenberg en Raamsdonksveer om de ruimtelijke druk in de gemeente Geertruidenberg te verminderen. Per brief van 15 februari 2018 heeft de minister van Economische Zaken en Klimaat aan TenneT verzocht om het gedeelte van de 150 kV-verbinding Geertruidenberg-Waalwijk dat door de kernen van Geertruidenberg en Raamsdonksveer loopt te verkabelen (Brief met kenmerk DGETM-EO / 17144417, zie bijlage 1). TenneT heeft hiervoor samen met de gemeente een projectgroep ingesteld, bestaande uit onder andere de projectleider vanuit TenneT, de projectleider vanuit de gemeente, omgevingsmanager, tracécoördinator, beleidsmedewerker en een kabelengineer. Deze projectgroep heeft vervolgens een procesaanpak uitgewerkt om te komen tot een voorkeurstracé voor de ondergrondse kabelverbinding, zie paragraaf 2.4
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 10 van 80
1.2 Doel notitie Dit document beschrijft de resultaten van het ontwerpproces van de totstandkoming van de verschillende zoekgebieden voor de verkabeling van de bestaande bovengrondse 150kV-verbinding die over de woonkernen van Geertruidenberg en Raamsdonksveer loopt. Ook worden de effecten van de verschillende zoekgebieden inzichtelijk gemaakt. De notitie dient als input voor het bestuur van de gemeente Geertruidenberg om op basis van de inhoud een keuze te kunnen maken voor een zoekgebied waarbinnen naar mogelijkheden voor een ondergronds kabeltracé gezocht gaat worden.
1.3 Leeswijzer In hoofdstuk 2 volgt de projectomschrijving waarin de scope van het project toegelicht wordt en de randvoorwaarden van de minister in relatie tot de vaststelling projectscope worden uitgewerkt. Hoofdstuk 3 gaat in op het proces waarin de zoekgebieden tot stand zijn gekomen. In hoofdstuk 4 wordt het beoordelingskader beschreven op basis waarvan de effecten van de zoekgebieden worden beschreven. Hoofdstuk 5 bevat een beschrijving van de zoekgebieden met hun begrenzing, kenmerken en effecten aan de hand van verschillende aspecten. Een overzicht van de kenmerken van de zoekgebieden is samen met de conclusie te vinden in hoofdstuk 6. Afsluitend volgen en bijlagen.
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 11 van 80
2. Projectomschrijving 2.1 Scope van het project Het project betreft het ondergronds brengen van de huidige 150 kV-verbinding Geertruidenberg-Waalwijk welke op dit moment door de kernen van Geertruidenberg en Raamsdonksveer loopt. De nieuw aan te leggen verbinding zal niet per se hetzelfde tracé volgen als dat van de bestaande bovengrondse verbinding. Het te verwijderen gedeelte van deze bestaande 150 kV-verbinding betreft het gedeelte vanaf mastnummer 021 (eerste mast ten oosten van de A27) van de bestaande verbinding tot aan het 150 kV-station Geertruidenberg. Doordat er vanaf mast 001 (het bestaande opstijgpunt) al een kabeltracé loopt naar het 150 kV-station kan ook op dit bestaande stuk kabeltracé worden aangesloten. Na ingebruikname van de nieuwe ondergrondse verbinding worden de masten van de huidige 150kV-verbinding verwijderd. Onderstaande afbeelding geeft de bestaande situatie weer.
Figuur 1: Huidige ligging bovengrondse 150 kVverbinding met mastnummers
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 12 van 80
2.2 Opdracht van de minister van Economische Zaken en Klimaat In de brief van 15 februari 2018 heeft de minister van Economische Zaken en Klimaat aan TenneT verzocht om het gedeelte van de 150 kV-verbinding Geertruidenberg-Waalwijk dat door de kernen van Geertruidenberg en Raamsdonksveer loopt te verkabelen (Brief met kenmerk DGETM-EO / 17144417, zie bijlage 1). In de brief is een aantal randvoorwaarden benoemd voor de uitvoering: De projectgroep onderzoekt samen met de omgeving welke ondergrondse alternatieven mogelijk zijn. De ondergrondse alternatieven moeten zich bevinden in het zoekgebied tussen het 150 kV-station Geertruidenberg en mastnummer 021 van de bestaande verbinding en kunnen zowel ten noorden als ten zuiden van de woonkernen Geertruidenberg en Raamsdonksveer lopen. Geschikte tracés zullen onderzocht moeten worden. De projectgroep bepaalt op basis van onderzoeksresultaten en in overleg met de omgeving een voorkeurstracé. Voor de socialisering van de kosten 1 is het noodzakelijk de bestaande verbinding niet langer dan nodig als kabel aan te leggen. De kabel mag derhalve maximaal circa 7 kilometer lang zijn. Voor de verkabeling is een wijziging van het bestemmingsplan van de gemeente Geertruidenberg nodig. De gemeente Geertruidenberg is verantwoordelijk voor de aanpassing van het bestemmingsplan en het vergunningentraject.
TenneT dient de voorbereiding, aanleg, exploitatie en onderhoud en de verwijdering van de buiten gebruik gestelde bovengrondse verbinding op zich te nemen. Advies om de planschade door middel van een privaatrechtelijke overeenkomst tussen TenneT en de gemeente Geertruidenberg te regelen.
2.3 Uitgangspunten en beleidskaders bij tracering Voor de tracering van de kabeltracés binnen de zoekgebieden gelden uitgangspunten, randvoorwaarden en beleidskader die bepalend zijn voor de zoekgebieden. Deze uitgangspunten en beleidskader zijn opgenomen in bijlage 2 en 3 van deze notitie.
2.4 Procesbeschrijving Om tot een tracé te komen wordt een aantal stappen doorlopen. Per stap zal het detailniveau van het uiteindelijk ontwerp toenemen. De volgende stappen zijn geïdentificeerd: 1. Verkenning zoekgebieden voor het tracé; 2. Keuze zoekgebied; 3. Uitwerking tracéalternatieven binnen zoekgebied; 4. Keuze voorkeursalternatief; 5. Nadere uitwerking voorkeursalternatief en ruimtelijke procedure; 6. Aanbesteding en uitvoering.
1 NB De kosten van het project worden doorberekend in de nettarieven.
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 13 van 80
1. Verkenning van zoekgebieden voor het tracé Het project bevindt zich momenteel in de eerste fase, er zijn zoekgebieden verkend voor het tracé. Door middel van twee ontwerpateliers waarin diverse vertegenwoordigers van belangengroepen in Geertruidenberg en Raamsdonksveer aanwezig waren, zijn de zoekgebieden tot stand gekomen. Naast de input van vertegenwoordigers in de ateliers konden mensen ook op een openbare informatieavond op het gemeentehuis input gegeven. Hoofdstuk 3 beschrijft nader hoe de zoekgebieden tot stand zijn gekomen. 2. Keuze van zoekgebied In de brief van de minister is aangegeven dat de projectgroep op basis van onderzoeksresultaten en in overleg met de omgeving een voorkeurstracé bepaalt. Deze stap is door het projectteam vertaald in een processtap waar de gemeenteraad van Geertruidenberg de uiteindelijke keuze maakt voor het zoekgebied waarbinnen tracés worden uitgewerkt. TenneT brengt in deze notitie de totstandkoming en de kenmerken van de zoekgebieden in beeld, zonder daarbij een voorkeur uit te spreken. De gemeenteraad heeft als taak zich over deze effecten te buigen en uiteindelijke de keuze te maken. 3. Uitwerking tracéalternatieven binnen zoekgebied Op het moment dat een zoekgebied is aangewezen wordt dit gebied nader onderzocht.
TenneT contracteert een planologisch ingenieursbureau voor het uitvoeren van diverse onderzoeken binnen het zoekgebied (ecologisch onderzoek, bodem, water, archeologie etc.). In deze fase worden er samen met de belanghebbenden in dit zoekgebied tijdens ontwerpateliers tracéalternatieven ontwikkeld die maak- en haalbaar zijn. Tevens wordt gesproken met grondeigenaren en worden betredingstoestemmingen afgesloten ten behoeve van de veldonderzoeken. Ook hier kunnen meerdere tracés ontstaan met verschillende effecten. De verschillende tracés met hun effecten worden onderbouwd in een tracéstudie. Ook deze tracés worden met hun effecten gedeeld met de omgeving. 4. Vaststellen voorkeursalternatief (VKA) De tracéstudie wordt, net als de notitie zoekgebieden, voorgelegd aan het bestuur van de gemeente Geertruidenberg die op basis hiervan besluit welk tracé als voorkeursalternatief (VKA) gekozen wordt. 5. Nadere uitwerking voorkeursalternatief en ruimtelijke procedure Nadat het voorkeursalternatief is aangewezen dient het tracé nader te worden uitgewerkt zodat er voldoende onderbouwing beschikbaar is om een planologische procedure op te starten. In deze fase worden tevens betredingstoestemmingen geregeld met de grondeigenaren op de plekken waar veldonderzoeken plaats gaan vinden. De start van de ruimtelijke procedure is in 2020 voorzien. 6.
Aanbesteding en uitvoering De uitvoering van de aanleg van de ondergrondse kabelverbinding begint naar verwachting in 2021. Voorafgaand hieraan start de aanbesteding van aannemer(s). De bestaande masten kunnen pas worden afgebroken als de nieuwe kabelverbinding in gebruik is. In circa 2022/2023 zijn de werkzaamheden gereed en zijn de bestaande masten afgebroken.
DATUM REFERENTIE PAGINA
Onderstaande afbeelding geeft het proces globaal weer in een tijdsbalk.
Figuur 2: Procesplanning
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 14 van 80
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 15 van 80
3. Totstandkoming zoekgebieden De begrenzing van de zoekgebieden wordt bepaald door de kernmerken van het gebied. Om de mogelijkheden en onmogelijkheden in het gebied in kaart te brengen hebben TenneT en de gemeente Geertruidenberg gezamenlijk een studie naar zoekgebieden uitgevoerd. Gedurende deze studie is informatie verzameld over het gebied mede aan de hand van input door vertegenwoordigers van diverse stakeholders, deze informatie is vervolgens gespecificeerd en aangevuld tijdens twee ontwerpateliers en aanvullende gesprekken.
3.1 Verzamelen gebiedsgegevens Om inzicht te krijgen in het zoekgebied is relevante informatie van het zoekgebied verzameld, waaronder: -
Ondergronden (Luchtfoto, GBKN, Kadaster, etc.);
-
Kabels en leidingen (Van het zoekgebied is een oriëntatie melding gedaan, zodat alle leidingen inzichtelijk zijn voor de tracering);
-
Bodem, waaronder: Archeologie, Milieuhygiëne, NGE en cultuurtechniek;
-
Natuur (NNB, Natura2000, etc.);
-
Waterschap (Waterkeringen, kunstwerken, hoofdwatergangen, etc.);
-
Toekomstige ontwikkelingen.
De gegevens zijn in het GIS-systeem van TenneT verwerkt. Op basis van bovengenoemde gegevens is een eerste aanzet tot drie zoekgebieden geschetst: ter hoogte van de huidige hoogspanningsverbinding en ten noorden en zuiden van de stadskernen Geertruidenberg en Raamsdonksveer.
3.2 Ontwerpsessies, aanvullende gesprekken met stakeholders en informatieavond Op 21 augustus 2018 en 6 september 2018 hebben twee ontwerpateliers plaatsgevonden in het gemeentehuis van Geertruidenberg met vertegenwoordigers van belangengroepen. Tijdens deze middagen waren naast TenneT en de gemeente verschillende bewonersgroepen, Veers Erfgoed, Madese Natuur vrienden, Natuurfederatie, Verenigde Ondernemers Geertruidenberg (VOG), Zuidelijke Tuin- en Landbouw Organisatie (ZLTO) en Waterschap Brabantse Delta vertegenwoordigd.
Figuur 3 en Figuur 4: Eerste ontwerpatelier met vertegenwoordigers van belangengroepen in Geertruidenberg
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 16 van 80
Tijdens het eerste ontwerpatelier lag de nadruk op het meenemen van de vertegenwoordigers van belangengroepen in het proces en hen een beeld te geven van de voorgenomen ontwikkelingen. De achtergrond en randvoorwaarden van het project zijn toegelicht en er is een eerste voorstel van zoekgebieden getoond. Vervolgens hebben de belangenvertegenwoordigers gereageerd en waardevolle input geleverd over het gebied welke verwerkt is in de studie naar zoekgebieden. Tijdens de tweede ontwerpsessie zijn de resultaten van de eerste sessie getoetst en heeft verdere aanscherping van het voorstel tot zoekgebieden plaatsgevonden. Wegens hun afwezigheid bij de ontwerpateliers heeft met Rijkswaterstaat een apart overleg plaatsgevonden. Gedurende dit overleg is de stand van zaken rond de ontwikkelingen van Rijkswegen A27/A59 en knooppunt Hooipolder besproken. Om een beter beeld van de raakvlakken met waterkeringen, kunstwerken en hoofdwatergangen te krijgen, heeft met Waterschap Brabantse Delta eveneens aanvullend overleg plaats gevonden. Alle verzamelde informatie is door TenneT en gemeente Geertruidenberg verwerkt tot drie zoekgebieden die gepresenteerd zijn tijdens de informatieavond voor inwoners van Geertruidenberg en Raamsdonksveer op 20 september 2018. Op deze avond waren ook het RIVM en de GGD aanwezig.
Er kan terug gekeken worden op een geslaagde avond waarvoor veel belangstelling was vanuit de omgeving. Tijdens deze avond is tevens input gegeven voor de zoekgebieden die zijn meegenomen in deze notitie. Dit betreft bijvoorbeeld de vraag waarom er geen noordelijker zoekgebied is en of er ook een Midden-Noord variant kan worden meegenomen. Deze input is verwerkt in deze notitie.
Figuur 5: Informatiemarkt op 20 september 2018 in Geertruidenberg
3.3 De zoekgebieden Inzake de nieuwe verkabeling van de bestaande 150kV-verbinding zijn zoekgebieden verkend binnen de kernen van Geertruidenberg en Raamsdonksveer en ten noorden en zuiden hiervan. Voor deze drie zoekrichtingen zijn zoekgebieden uitgewerkt onder de noemers Noord, Midden, en Zuid. Daarnaast is er een combinatie zoekgebied ontstaan, het zogenaamde Midden-Noord gebied. Onderstaande afbeelding geeft de zoekgebieden weer.
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 17 van 80
In bijlage 4 is een kaart weergegeven met een overzicht van de geïnventariseerde kenmerken in het gebied die van invloed zijn op het project. In hoofdstuk 5 worden de verschillende zoekgebieden beschreven.
Figuur 6: Overzicht zoekgebieden
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 18 van 80
4. Beoordelingskader effecten zoekgebieden Binnen alle vier de zoekgebieden zijn kabeltracés maak- en haalbaar. Een aantal thema's dient na de keuze van het zoekgebied nader te worden onderzocht om meer gedetailleerd inzicht te geven in de kenmerken van het gebied. Op dit moment is de analyse ingestoken op een globale maak- en haalbaarheid waarin de effecten op basis van bureaustudies en een globale beoordeling door experts in beeld zijn gebracht. In bijlage 2 zijn de uitgangspunten voor de tracering van kabeltracés opgenomen. Deze uitgangspunten vormen een belangrijke input voor de totstandkoming van de zoekgebieden en de bepaling van de effecten.
4.1 Bebouwing en ruimtegebruik Bebouwing en ruimtegebruik gaat in op het type gebied en de belangrijkste functies, zoals bijvoorbeeld woongebieden en het agrarisch gebied. Om inzicht te krijgen in de effecten op deze gebieden is gekeken naar verschillende thema's zoals de nabijheid van woningen en effect op ruimtegebruik. Afstand tot gevoelige bestemmingen TenneT houdt bij de tracering van een ondergrondse kabel zo veel als redelijkerwijs mogelijk is afstand tot bebouwing. Ondanks het ontbreken van een voorzorgsbeleid voor magneetvelden van kabels, hoogspanningsstations en opstijgpunten (zie ook bijlage 3: beleidskader) wordt er zo veel mogelijk voorkomen dat gevoelige bestemmingen (woningen, scholen, kinderopvangplaatsen of crèches) binnen de magneetveldzone van onze nieuwe infrastructuur komt te liggen. Doordat er geen voorzorgsbeleid is voor kabels, kan de magneetveldcontour niet als ‘formeel traceringscriterium’ worden gebruikt. Bij het traceren wordt daarom de aanlegstrook als ‘formeel traceringscriterium’ gebruikt om afstand te houden tot bebouwing. De aanlegstrook is de strook die bij de aanleg nodig is voor het uitvoeren van het werk (graven sleuf), werkterreinen, werkweg, opslag grond en dergelijke.
De ervaring van de afgelopen jaren is dat het vrijwel altijd mogelijk is ten minste de breedte van de aanlegstrook afstand aan te houden tot bebouwing of andere maatregelen (bijvoorbeeld aanpassingen in de kabelconfiguratie) toe te passen. Hierdoor is het vrijwel altijd mogelijk gebleken te voorkomen dat gevoelige bestemmingen binnen de magneetveldcontour van kabels, hoogspanningsstations en opstijgpunten komen te liggen. De aanlegstrook waar voor de kabelverbinding rekening wordt gehouden is 50 meter (2x25 meter uit het hart van de nieuwe verbinding). Deze aanlegstrook is ruim ingestoken en gaat uit van open ontgraving (het leggen van de kabel in een kabelsleuf). Wanneer er geen gevoelige bestemmingen binnen 25 meter van de hartlijn van de nieuwe verbinding zijn gelegen kan worden geconcludeerd dat er geen gevoelige bestemmingen binnen de magneetveldzone van de nieuwe kabelverbinding komen te liggen. Op het moment dat er minder ruimte beschikbaar is, wordt gekeken naar passende oplossingen waarbij tevens rekening wordt gehouden met voldoende afstand tot gevoelige bestemmingen. Wat deze afstand precies wordt is afhankelijk van de configuratie en diepteligging van de kabel op deze locatie. Bij een boring is er bijvoorbeeld niet overal dezelfde aanlegstrook nodig en ligt de kabel ook dieper.
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 19 van 80
Bij dit criterium is door experts van TenneT beoordeeld of er voldoende ruimte beschikbaar is binnen de zoekgebieden om een tracé te ontwikkelingen met voldoende afstand ten opzichte van gevoelige bestemmingen. Hierbij is gekeken of er voldoende ruimte is voor de benoemde aanlegstrook of dat er maatregelen mogelijk zijn waarbij tevens voorkomen wordt dat gevoelige bestemmingen binnen de magneetveldzone van de nieuwe kabelverbinding komen te liggen. Onder gevoelige bestemmingen wordt verstaan woningen met bijbehorende tuin, scholen, kinderopvangplaatsen of crèches. De zoekgebieden zijn niet ten opzichte van elkaar gescoord. Er is alleen een inschatting gemaakt van welke ruimte binnen iedere zoekgebied beschikbaar zal zijn. +
Er is meer dan voldoende ruimte beschikbaar om de afstand van 25 meter aan te houden ten opzichte van gevoelige bestemmingen
0
Er is voldoende ruimte beschikbaar of er zijn maatregelen mogelijk om de afstand van 25 meter aan te houden ten opzichte van gevoelige bestemmingen
-
Er is onvoldoende ruimte beschikbaar of onvoldoende maatregelen mogelijk om de afstand van 25 meter aan te houden ten opzichte van gevoelige bestemmingen
Beoordelingskader afstand tot woningen Effect op ruimtegebruik Bij de aanleg van het nieuwe kabeltracé wordt waar mogelijk rekening gehouden met de huidige situatie en de autonome ontwikkelingen van verschillende functies in een gebied, zoals: bebouwd gebied, bedrijven(terreinen), landbouw, natuur, recreatieve functies en infrastructuur. De begrenzing van de zoekgebieden is waar mogelijk afgestemd op deze functies. Echter, niet alle ruimtelijke functies kunnen geheel worden ontzien en de ligging van het kabeltracé heeft mogelijk gebruiksbeperkingen tot gevolg. +
Relatief weinig of geen effect op bestaand ruimtegebruik en autonome ontwikkelingen
0
Gering effect op bestaand ruimtegebruik en autonome ontwikkelingen
-
Relatief groot effect op bestaand ruimtegebruik en autonome ontwikkelingen
Beoordelingskader effect op ruimtegebruik
4.2 Natuur / ecologie In en om de kernen van Geertruidenberg en Raamsdonksveer zijn zones aangewezen als Natuur Netwerk Nederland (Noord-Brabant) of als Natura 2000 gebied, zoals vastgelegd in het Natuurbeheerplan NoordBrabant. Daarnaast zijn er gebieden waar beschermde soorten gesignaleerd zijn of verwacht worden. Dit thema wordt onder natuur / ecologie behandeld. Effect op beschermde soorten en/of NNB-gebieden De aanleg van het kabeltracé leidt mogelijk tot tijdelijke effecten op natuur. Met name vanwege de benodigde werkterreinen zijn effecten voorzien. Deze kunnen grotendeels voorkomen of beperkt worden door niet te werken in het broedseizoen en alleen bij daglicht te werken, zodat geen extra verlichting nodig is in de donkerperiode als vleermuizen actief zijn. Mogelijk treden ook tijdelijke effecten op voor amfibieën. Ook is op enkele plaatsen wellicht kap van bomen nodig. De uiteindelijke effecten kunnen pas worden bepaald
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 20 van 80
nadat uit veldonderzoek is gebleken welke soorten in het gebied aanwezig zijn. Deze onderzoeken vinden in de vervolgfase plaats, nadat de keuze voor het zoekgebied is gemaakt. Er is gekeken in hoeverre er NNB gebieden in de zoekgebieden aanwezig zijn. Natura2000-gebieden zijn buiten de zoekgebieden gelegen. +
Weinig tot geen effecten op beschermde soorten en/of NNB-gebieden te verwachten
0
Enkele effecten op beschermde soorten en/of NNB-gebieden te verwachten
-
Significante effecten op beschermde soorten en/of NNB-gebieden te verwachten
Beoordelingskader Effect op beschermde soorten en/of NNB-gebieden
4.3 Bodem en archeologie Effect op bodemkwaliteit Aan de hand van gegevens uit het bodemloket wordt aangegeven in hoeverre gebieden onderzocht zijn op bodemkwaliteit, dit in verband met mogelijke bodemverontreiniging. Daarnaast is gekeken naar de ligging van voormalige stortplaatsen. Wat betreft de verontreinigingslocaties is er sprake van een indicatie: sommige verontreinigingen zijn nog niet exact begrensd met behulp van een afperkend onderzoek of zijn nog niet onderzocht. Verkennende bodemonderzoeken worden in een later stadium uitgevoerd ten behoeve van het definitieve tracé (na keuze zoekgebied). +
In het zoekgebied zijn geen (potentiële) verontreinigingslocaties aanwezig.
0
In het zoekgebied zijn enkele (potentiële) verontreinigingslocaties aanwezig.
-
In het zoekgebied zijn veel (potentiële) verontreinigingslocaties aanwezig.
Beoordelingskader Effect op bodemkwaliteit Effect op archeologische waarden Het totaal van archeologische waarden dat zich in de bodem bevindt, wordt aangeduid als het archeologisch bodemarchief. Het bodemarchief bestaat uit bekende en onbekende waarden. De bekende waarden vallen uiteen in de wettelijke beschermde rijksmonumenten en de AMK-terreinen (Archeologische Monumentenkaart terreinen). De onbekende waarden betreffen de archeologische verwachtingsgebieden. Voor dit thema is gekeken of er gebieden met een hoge of middelhoge verwachtingswaarde ten aanzien van archeologische invloeden in de zoekgebieden aanwezig zijn. In bijlage 7 is een kaart met de archeologische verwachtingswaarde opgenomen. Archeologie 1 betreft een gebied waar alleen bodemingrepen zijn toegestaan zonder vergunning van de Minister. Dit is een gebied met een zeer hoge archeologische waarde. Archeologie 2 betreft gebieden met een zeer hoge archeologische verwachtingswaarde. Archeologie 3 en 4 betreft gebieden met een hoge verwachtingswaarde. Archeologie 5 betreft gebieden met een middelhoge verwachtingswaarde. Archeologie 6 betreft gebieden met een lage verwachtingswaarde. Nader onderzoek dient plaats te vinden naar de bodemopbouw en de daadwerkelijke verwachting voor het gedeelte binnen het zoekgebied. Dit onderzoek vindt pas plaats na de keuze van het zoekgebied.
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 21 van 80
+
Er zijn geen gebieden met hoge of middelhoge verwachtingswaarde in het zoekgebied aanwezig.
0
Er zijn gebieden met een hoge en middelhoge verwachtingswaarde in het zoekgebied aanwezig.
-
Er zijn gebieden met (zeer) hoge verwachtingswaarde in het zoekgebied aanwezig.
Beoordelingskader Effect op archeologische waarden
4.4 Water en infrastructuur In dit thema worden belangrijke waterwegen, autowegen, kabels en leidingen die een raakvlak hebben met de zoekgebieden behandeld. Tevens wordt ingegaan op de invloed die dit heeft voor een mogelijk tracé in de zoekgebieden. Effect op waterhuishouding In en rondom Geertruidenberg en Raamsdonksveer zijn veel waterkeringen gelegen. Tevens loopt er rivier De Donge door de stad. Diverse watergangen dienen door het kabeltracé gekruist te worden. Voor de aspecten m.b.t. waterhuishoudingen dient de Keur 2 te worden aangehouden. Deze stelt dat de kernzones van de waterkeringen niet mag worden aangetast. +
Geen of nauwelijks raakvlakken met waterkeringszones.
0
Weinig raakvlakken met waterkeringszones of met goed mitigeerbare effecten.
-
Veel raakvlakken met waterkeringszones met lastig mitigeerbare effecten.
Beoordelingskader waterhuishouding Raakvlakken infrastructuur Bij raakvlakken met externe infrastructuur wordt beoordeeld in welke mate andere infrastructuren een nadelig effect hebben op de nieuwe kabelverbinding en vice versa. Onder andere infrastructuren worden onder andere buisleidingen, spoorlijnen, snelwegen en kabels verstaan. Wanneer deze verschillende infrastructuren in elkaars nabijheid bestaan kunnen deze een onderling nadelig effect hebben op elkaar. Er kan inductie ontstaan op parallelle geleidende materialen. Dit betekent dat geleidend materiaal wordt opgeladen door de aanwezigheid van een hoogspanningsverbinding. Op het moment dat het opgeladen voorwerp in contact komt met de aarde zal het voorwerp zich ontladen. Dit wordt ook wel statische ontlading genoemd. Voorbeelden van parallelle geleiders zijn buisleidingen, bovenleiding of spoorstaven spoor, kabels, geleiderails etc. TenneT houdt bij het bouwen van de verbinding strenge internationale en nationale normen aan. Hierdoor wordt beïnvloeding grotendeels voorkomen. Echter kan het zijn dat voor bepaalde geleiders maatregelen moeten worden getroffen zodat er geen nadelige effecten ontstaan (corrosie of veiligheidsproblemen bij onderhoud).
2 De keur is een verordening met de regels die het waterschap hanteert bij de bescherming van
waterkeringen, watergangen (sloten, beken en rivieren) en bijbehorende kunstwerken (gemalen, stuwen).
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 22 van 80
Bij dit criterium is door experts van TenneT beoordeeld of er problemen verwacht worden met externe infrastructuur. De zoekgebieden zijn niet ten opzichte van elkaar gescoord. Er is alleen een inschatting gemaakt van hoe groot de raakvlakken bij derden binnen iedere zoekgebied zal zijn. +
Geen of geringe raakvlakken met externe infrastructuur, weinig maatregelen nodig.
0
Enkele raakvlakken met externe infrastructuur, enkele maatregelen nodig.
-
Veel raakvlakken met externe infrastructuur, veel maatregelen nodig.
Beoordelingskader Raakvlakken infrastructuur
4.5 Techniek en kosten Binnen alle zoekgebieden zijn technisch maakbare kabeltracés mogelijk. Wel is het ene zoekgebied technisch complexer dan een ander, waardoor de aanleg van sommige kabeltracés lastiger is dan andere. Voor dit thema wordt ingaan op bijzonderheden van de zoekgebieden ten aanzien van de leveringszekerheid, effecten op de beheer- en onderhoudssituatie, technische complexiteiten tijdens de aanleg en de kosten. Effecten op leveringszekerheid/betrouwbaarheid net Het belangrijkste technische criterium voor TenneT is het effect op leveringszekerheid/betrouwbaarheid. TenneT beoogt namelijk om een zo betrouwbaar mogelijke hoogspanningsverbinding te realiseren. De kabeltracés worden in een aantal gevallen langer dan de verbinding in de huidige situatie. Het langer worden van deze aansluitingen heeft als gevolg dat de gehele 150 kV-verbinding in lengte toeneemt en dat er meer componenten nodig zijn om deze te realiseren. Het toenemen van de lengte en het aantal componenten heeft een grotere faalkans tot gevolg en verdient niet de voorkeur. Het tracé waarbij 150 kV-verbindingen minimaal aan lengte toenemen heeft het minste effect op de leveringszekerheid. Bij leveringszekerheid zijn de zoekgebieden ten opzichte van elkaar gescoord. Met andere woorden: één zoekgebied scoort het beste en één zoekgebied scoort het slechtste.
Dit wil niet zeggen dat een zoekgebied met de slechtste score ook leidt tot een slechte prestatie ten aanzien van leveringszekerheid. Echter zijn er wel zoekgebieden beschikbaar die leiden tot een net dat beter scoort ten aanzien van leveringszekerheid. +
Geen of nauwelijks nadelige effecten op de leveringszekerheid of betrouwbaarheid van de verbinding
0
Geen bijzondere effecten op de leveringszekerheid of betrouwbaarheid van de verbinding
-
Nadelige effecten op de leveringszekerheid of betrouwbaarheid van de verbinding
Beoordelingskader effecten leveringszekerheid/betrouwbaarheid net Technische complexiteit beheer en onderhoud Bij het criterium 'complexiteit tijdens de beheer- en onderhoudsfase' wordt de bereikbaarheid van de kabeltracés tijdens de beheer- en onderhoudsfase beoordeeld. Naast de bereikbaarheid wordt ook onderzocht of er voldoende ruimte is om eventuele storingen snel te kunnen verhelpen. Een storing in een ondergrondse verbinding moet door middel van metingen gelokaliseerd worden. Nadat de
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 23 van 80
fout gevonden is dient de kabel te worden opgegraven of uit de boring te worden getrokken. Dit zijn tijdrovende werkzaamheden. Over het algemeen kan dan ook gesteld worden dat het vinden en repareren van een storing in een kabel moeilijker is en meer tijd kost dan bij een bovengrondse verbinding. Bij dit criterium is door experts van TenneT beoordeeld of er problemen verwacht worden bij storing- of onderhoudssituaties. De zoekgebieden zijn niet ten opzichte van elkaar gescoord. Er is alleen een inschatting gemaakt van hoe ingewikkeld de beheer- en onderhoudsituatie van iedere zoekgebied zal zijn. +
(bijna) alle locaties zijn goed bereikbaar tijdens beheerfase en eventuele storing is snel te verhelpen.
0
(bijna) alle locaties zijn redelijk tot goed bereikbaar tijdens beheerfase en eventuele storing is te verhelpen.
-
Veel locaties zijn zeer slecht bereikbaar tijdens beheerfase en eventuele storing is zeer lastig te verhelpen.
Beoordelingskader Technische complexiteit beheer en onderhoud Technische complexiteit aanleg Bij het criterium 'complexiteit tijdens aanleg' wordt de bereikbaarheid van de kabeltracés beoordeeld. Met andere woorden kan hier groot materieel worden ingezet. Naast de bereikbaarheid wordt ook onderzocht of er ruimte is om werkterreinen te kunnen aanleggen. Tevens wordt beoordeeld of er gebruik kan worden gemaakt standaard aanlegmethoden. Omdat de zoekgebieden nu alleen op hoofdlijnen bekend zijn en nog geen kabeltracés bekend zijn, is bij dit criterium door een experts van TenneT beoordeeld of er problemen verwacht worden tijdens de aanleg van de nieuwe kabelverbinding. De zoekgebieden zijn niet ten opzichte van elkaar gescoord. Er is alleen een inschatting gemaakt van hoe ingewikkeld de aanleg in iedere zoekgebied zal zijn en of er veel bijzondere werkwijzen toegepast dienen te worden. +
Geen of nauwelijks belemmeringen tijdens aanleg. Standaard toegangswegen. Enkele niet standaard werkterreinen of aanlegmethoden.
0
Zeer beperkte belemmeringen tijdens aanleg. Standaard toegangswegen. Enkele niet standaard werkterreinen of aanlegmethoden.
-
Belemmeringen tijdens aanleg. Weinig standaard toegangswegen. Weinig standaard werkterreinen of aanlegmethoden.
Beoordelingskader Technische complexiteit aanleg Kosten Voor deze studie heeft TenneT voor elke variant een kostenbegroting gemaakt. Deze begroting is gebaseerd op de verwachte lengte van de verbinding, het benodigde type kabel, inclusief componenten, de wijze van aanleg (sleuf in open ontgraving, boring, etc) en de engineeringskosten. Ook de afschrijving van de bestaande kabel tussen het station en mast 001 is meegenomen in deze begroting.
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 24 van 80
Het verwijderen van de bestaande bovengrondse verbinding is niet meegenomen in de vergelijking van de kosten omdat deze voor alle varianten gelijk is. Bij kosten zijn de zoekgebieden ten opzichte van elkaar gescoord. Met andere woorden: minimaal één zoekgebied scoort het beste en minimaal één zoekgebied scoort het slechtste. Er wordt door kostenexperts van TenneT inzicht gegeven in de kostenverhogende aspecten van het duurste zoekgebied en/of waarom het andere zoekgebied de laagste kosten heeft. +
Zoekgebied met de laagste kosten
0
Zoekgebied met gemiddeld hoge kosten
-
Zoekgebied met de hoogste kosten
Beoordelingskader Kosten
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 25 van 80
5. Beschrijving zoekgebieden met effectbeoordeling Dit hoofdstuk beschrijft de begrenzing, kenmerken en effecten van de zoekgebieden. In de dit hoofdstuk worden tevens gebieden beschouwd waarvan gedurende het proces is gebleken dat deze niet binnen de gestelde randvoorwaarden en eisen van dit project passen en buiten het zoekgebied zijn komen te liggen. De kenmerken en effecten van de zoekgebieden zijn aan de hand van verschillende thema's beschreven en voorzien van een effectbeoordeling zoals opgenomen in het beoordelingskader in hoofdstuk 4.
5.1 Zoekgebied Noord 5.1.1 Begrenzing zoekgebied
Figuur 7: Begrenzing zoekgebied Noord
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 26 van 80
Beschrijving zoekgebied Vanaf 150kV-hoogspanningsstation Geertruidenberg loopt het zoekgebied parallel aan de Amerweg ten westen en langs Geertruidenberg. Hierbij wordt de dijk (regionale waterkering) aan de Noordkant van Geertruidenberg langs de Amercentrale gevolgd tot de Donge. De rivier wordt gekruist en vervolgens zet het zoekgebied zich aan de overzijde van de rivier in Raamsdonksveer voort. In Raamsdonksveer concentreert het zoekgebied zich rondom de Zalmweg richting de A27. De Rijksweg wordt gekruist en vervolgens sluit het zoekgebied weer aan op Mast 021 van het bestaande net richting Waalwijk. Een tracé binnen dit zoekgebied zal een lengte hebben van circa 4,6 km. Totstandkoming zoekgebied Zoekgebied Noord is voortgekomen uit onderzoek naar het gebied ten noorden van de kernen Geertruidenberg en Raamsdonksveer. De zuidelijke grens van dit zoekgebied is bepaald door de bebouwing met woningen van de dorpskernen Geertruidenberg en Raamsdonksveer. Het kabeltracé zal namelijk niet onder woningen doorlopen en dient op voldoende afstand te liggen van de woningen. Voor de bepaling van de noordelijke grens is gekeken waar er ten noorden van de woonkernen mogelijkheden zijn voor een kabeltracé.
Ten noorden van de woonkernen ligt de het bedrijventerrein Amerkant met de Amercentrale, de slikpolder, de Bergsche Maas, het bedrijventerrein Dombosch en het Natura2000-gebied Biesbosch. Daarnaast ligt er een grote lengte aan primaire waterkeringen. Een kabeltracé ten noorden van de bedrijventerreinen blijkt niet maakbaar- en haalbaar vanwege knelpunten op het gebied van beheer, uitvoering en vergunning. De Bergsche Maas is slecht toegankelijk tijdens de uitvoering en beheer van een kabeltracé, bijvoorbeeld de bereikbaarheid met materieel en materiaal. Dit zal bij een storing leiden tot lange reparatietijden en daardoor tot lagere netbeschikbaarheid. Daarnaast zijn de flora en fauna op de eilandjes in de rivier, die is aangewezen als beschermd natuurgebied (onderdeel van Natura 2000 gebied de Biesbosch) een knelpunt, zie kaart in bijlage 5. Vanwege de maximale lengte aan boringen zal er ter hoogte van het Natura 2000gebied een in- en uittredepunt nodig zijn met een werkterrein voor boorstellingen en uitleglocaties. Deze werkzaamheden hebben zeer waarschijnlijk tijdelijk negatieve gevolgen op de instandhoudingsdoelstellingen van de beschermde natuur in Natura 2000-gebieden. Voor deze werkzaamheden is als onderdeel van de ruimtelijke procedure toestemming nodig.
Hiervoor dient als eerste stap van de zogenaamde ADC-toets 3 aangetoond te worden dat er geen andere alternatieven mogelijk zijn voor het project. Deze alternatieven zijn er echter wel in dit project. Een mogelijk tracé in de Bergsche Maas is tevens langer dan 7 kilometer, wat tegen de randvoorwaarde van de Minister voor de maximum gestelde lengte voor een tracé ingaat. Een zoekgebied noordelijk van de bedrijventerreinen is om bovenstaande redenen niet mogelijk. De noordelijke grens van het zoekgebied wordt hiermee bepaald door de zuidgrens van de bedrijventerreinen.
3 ADC-toets: een onderzoek naar alternatieven, het aantonen van een dwingende reden van groot openbaar
belang en compensatie van verloren gaande waarden.
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 27 van 80
Figuur 8 Ligging Natura2000gebied Biesbosch en NNBgebieden
5.1.2 Bebouwing en ruimtegebruik Afstand tot gevoelige bestemmingen Zoekgebied Noord loopt vlak langs de woningbouw aan de noordzijde van de woonkernen. Er is slechts een smal zoekgebied beschikbaar die voor een groot deel bestaat uit waterkeringen en wegen. Een minimale afstand van 25 meter ten opzichte van bebouwing is hierdoor niet overal te behalen. Deze functies in het zoekgebied zorgen ervoor dat het aanleggen van een kabeltracé in open ontgraving vrijwel onmogelijk is. Een kabeltracé in dit zoekgebied zal grotendeels door middel van boringen worden uitgevoerd. Dit bekent dat de kabel ter hoogte van de woningen dieper komt te liggen dan bij open ontgraving. Als gevolg van de diepere ligging van het kabeltracé en de kabelconfiguratie kan worden voorkomen dat er woningen komen te liggen in de magneetveldzone van de kabelverbinding. Het zoekgebied wordt dan ook als volgt beoordeeld: 0
Er is voldoende ruimte beschikbaar of er zijn maatregelen mogelijk om de afstand van 25 meter aan te houden ten opzichte van gevoelige bestemmingen
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 28 van 80
Effect op ruimtegebruik Het zoekgebied betreft een relatief smalle strook die grotendeels bestaat uit infrastructuur, door het volgen van de autowegen (Amerweg, Zalmweg), de dijk, bermen en sloten. Een klein deel van het zoekgebied ten westen van de Donge betreft het bedrijventerrein Rivierkade. Tevens liggen er een aantal weilanden en een kinderboerderij in het gebied. Aan de oost- en westzijde tegen de Donge zijn plannen in ontwikkeling in het kader van 'Programma Donge Oevers'. Voor dit project is in juni 2017 het locatieconcept voor Rivierkade door de gemeente is vastgesteld ten behoeve van een toeristische, recreatieve en economische trekpleister aan de Donge met ontwikkelmogelijkheden voor ondernemers die bijvoorbeeld willen investeren in passende overnachtingsformules, recreatieve arrangementen of andere vormen van verblijfsrecreatie. Op het moment dat het kabeltracé aan de rand van dit gebied ligt zou dit geen belemmering moeten zijn voor deze ontwikkelingen. De oostzijde van de Rijksweg A27 bestaat uit overwegend agrarisch gebied. Het zoekgebied wordt op dit thema als volgt beoordeeld: 0
Gering effect op bestaand ruimtegebruik en autonome ontwikkelingen
5.1.3 Natuur / ecologie Effect op beschermde soorten en/of NNB-gebieden De Donge maakt onderdeel uit van Natuur Netwerk Brabant (NNB). In bijlage 5 is een kaart weergegeven met het NNB uit het Natuurbeheerplan Brabant. Voor zoekgebied Noord wordt in het gebied ten oosten van de Donge een gebied met mogelijk hoge natuurwaarden en beschermde soorten verwacht. Dit gebied betreft momenteel een braakliggend terrein met veel bomen dat onderdeel uitmaakt van de ontwikkeling Donge Oevers. Het aantreffen van beschermde natuur in dit gebied kan effecten hebben voor realisatie van een tracé in dit zoekgebied. In zoekgebied Noord is tevens een klein deel van de Slikpolder gelegen. Dit is een gebied met hoge natuurwaarden. Voor de Slikpolder is de gemeente voornemens om de inrichting van het gebied te verbeteren, zodat het een aantrekkelijk natuur- en recreatiegebied is voor de inwoners en bezoekers van gemeente Geertruidenberg. Uitgangspunt is dat het gebied uitsluitend wordt ingezet voor natuurontwikkeling in combinatie met stille, extensieve recreatieve functies. Dit zal worden gecombineerd met de voorgenomen dijkverlegging door het waterschap, zie paragraaf 5.1.5. Het kruisen van de Slikpolder heeft mogelijk een (tijdelijk) effect op de aanwezige natuurwaarden en beschermde soorten zoals kerkuilen en nesten. Het zoekgebied wordt op dit thema als volgt beoordeeld: 0
Enkele effecten op beschermde soorten en/of NNB-gebieden te verwachten
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 29 van 80
5.1.4 Bodem en Archeologie Effect op bodemkwaliteit Aan de rand van het zoekgebied ter hoogte van de rotonde Amerweg/Centraleweg ligt een oude vuilstortplaats. Er wordt niet door vuilstortplaatsen getraceerd. Er zijn voldoende mogelijkheden om deze voormalige stortplaats te ontwijken.
Figuur 9 Ligging voormalige vuilstortplaats (bron: kaart voormalige vuilstortplaatsen, Provincie Noord Brabant)
Zoals in bijlage 6 is weergegeven zijn voor een groot deel van het zoekgebied, zoals bij de Amerweg, Slikpolder en Zalmweg) onvoldoende bodemgegevens bekend bij het Bodemloket. Bij een mogelijk tracé dienen deze gebieden te worden ondergezocht (dit geldt voor alle zoekgebieden). Het zoekgebied wordt op dit thema als volgt beoordeeld: 0
In het zoekgebied zijn enkele (potentiële) verontreinigingslocaties aanwezig.
Effect op archeologische waarden In bijlage 5 is een kaart met een overzicht van de verwachte archeologische waarden in het gebied weergegeven. Zoekgebied Noord bestaat voor een deel uit gebieden met een lage archeologische verwachtingswaarde. Het grootste gedeelte bestaat uit gebieden met een middelhoge archeologische verwachtingswaarde. Het deel ten westen van Geertruidenberg bestaat uit een gebied met een hoge archeologische verwachtingswaarde.
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 30 van 80
Het zoekgebied wordt op dit thema als volgt beoordeeld: 0
Er zijn gebieden met een hoge en middelhoge verwachtingswaarde in het zoekgebied aanwezig.
5.1.5 Water en infrastructuur Effect op waterhuishouding Zoekgebied Noord kruist de Donge als belangrijkste hoofdwatergang. Dit betekent dat rekening gehouden dient te worden met de bijbehorende waterkeringszones. De randvoorwaarden hiervoor zijn opgenomen in de traceringsprincipes in bijlage 2. In het waterstaatswerk (kernzone) mogen geen kabels worden gelegd. Wanneer er een kabeltracé in de beschermingszones komt te liggen dient hier nader onderzoek plaats te vinden. Een boring zou de waterkering mogelijk kunnen ontzien, wat in het geval van een kabeltracé in zoekgebied Noord een passende oplossing zou zijn.
Figuur 10 Uitsnede leggerkaart waterschap Brabantse Delta (Waterstaatswerken met beschermingszones en Awatergangen)
Een ontwikkeling waar rekening mee gehouden dient te worden in Zoekgebied Noord is de dijkteruglegging Slikpolder. Waterschap Brabantse Delta heeft in mei 2017 besloten het alternatief Dijkverlegging als voorkeursalternatief vast te stellen. Daarmee komt de dijk aan de zuidzijde van de Slikpolder te liggen, in plaats van rondom de Slikpolder. Dit plan wordt momenteel verder uitgewerkt, maar een voorontwerp en een concrete planning zijn nog niet bekend. Het zoekgebied wordt op dit thema als volgt beoordeeld: -
Veel raakvlakken met waterkeringszones met lastig mitigeerbare effecten.
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 31 van 80
Raakvlakken infrastructuur Vooral langs de Amerweg richting de Amercentrale liggen er veel kabels en leidingen zoals gasleidingen en middenspanningskabels. De weilanden parallel aan de Amerweg bieden wel mogelijkheden aan zoekruimte voor een tracé. Vanaf de Amercentrale, richting de Donge tot aan de Rijksweg A27 loopt er een gasleiding parallel aan het zoekgebied. Er dient voldoende afstand van de kabels en leidingen gehouden te worden om ontoelaatbare beïnvloeding op kabels en leidingen te voorkomen. Na het vaststellen van het tracé zal er een beïnvloedingsstudie uitgevoerd moeten worden om dit in kaart te brengen. Bij het maken van het uitvoeringsontwerp zal de civiele aannemer rekening moeten houden met bestaande kabels- en leidingen. Het tracé zal in deze fase dusdanig gekozen worden dat het overlappen van de werkstrook met de kabelsen leidingen voorkomen wordt. Zoekgebied Noord heeft tevens raakvlakken met de verbreding van de Rijksweg A27 tussen Houten en Knooppunt Hooipolder door Rijkswaterstaat. In december 2017 is het Ontwerp-Tracébesluit (OTB) vastgesteld en wordt gewerkt aan een definitief Tracébesluit. Met dit plan wordt rekening gehouden door middel van een boring onder de A27 door. In dit geval kruisen we de snelweg haaks. Gezien bovenstaande wordt deze variant dan ook als volgt beoordeeld: 0
Enkele raakvlakken met externe infrastructuur, enkele maatregelen nodig.
5.1.6 Techniek en kosten Technische kenmerken Op basis van de in de voorgaande paragraven genoemde inventarisatie zal een tracé door zoekgebied Noord zich kenmerken door de aanleg van meerdere lange boringen om knelpunten met de omgeving op te lossen. Hieronder zijn deze knelpunten nader benoemd: 1.
Het gebied vanaf de Standhazense dijk tot aan de Amercentrale: Hier ligt een mogelijk tracé ingeklemd tussen de bebouwing van Geertruidenberg en de Waterkering langs de Amercentrale.
2.
De ontwikkeling van het Waterschap ‘Slikpolder’ en de kruising met de Donge.
3.
De zeer beperkte ruimte langs de Zalmweg in Raamsdonkveer.
4.
De kruising van het park met waterpartijen onder de bestaande lijn in Raamsdonksveer, en de A27.
Op basis van een eerste tracéonderzoek is gebleken dat al deze knelpunten middels horizontaal gestuurde boringen opgelost kunnen worden. Dit zal resulteren in een kabeltracé van ca. 4,6 km lang. Door de verwachte aanwezigheid van deze boringen zal het toe te passen kabeltype zwaarder zijn dan bij aanleg in open ontgraving. Om het kabeltracé te kunnen realiseren zijn er ca. 30 verbindingsmoffen (een component om twee kabels met elkaar te verbinden) op 5 moflocaties (de locatie waar deze componenten in de verbinding komen te liggen) benodigd. Daarnaast moeten op de einden van de kabels, ter plaatse van station Geertruidenberg en bij Mast 021, 12 stuks eindsluitingen (component om de aansluiting met een bovenlijn bij een mast of op het station mogelijk te maken).
DATUM REFERENTIE PAGINA
TenneT TSO B.V. 22 oktober 2018 0685169 32 van 80
Hergebruik van de bestaande kabel naar het huidige opstijgpunt nabij station Geertruidenberg is niet mogelijk aangezien een tracé in het noordelijk zoekgebied hier niet logischerwijs op kan aansluiten. Effecten op leveringszekerheid/betrouwbaarheid net Uit de bovenstaande beschrijving blijkt dat een kabeltracé in dit zoekgebied grotendeels in boringen aangelegd zal worden. Slechts in het eerste stuk van het kabeltracé, gezien vanaf het station Geertruidenberg, en ter plaatse van de moflocaties zal deze in open ontgraving aangelegd worden. De faalkans van een kabel in open ontgraving is groter dan die van een kabel in een boring. Daarnaast zijn er ca. 42 componenten benodigd om de kabelverbinding te realiseren. Op basis van de lengte van het kabeltracé, het aantal componenten en de relatief grote lengte die in boringen aangelegd is dit zoekgebied als volgt beoordeeld: +