Raadsvoorstel Verbonden Partijen beleidskaders 2024
Tekst van het document
Raadsvoorstel Aan Raadsvergadering Agendanummer Onderwerp
Zaaknummer : 2022080395245 : Raad van Geertruidenberg : 10 november 2022 : : Verbonden Partijen beleidskaders 2024
Voorstel 1. De financiële kaders voor de begroting 2024 van de Verbonden Partijen vast te stellen en wel als volgt: a. De algemene kaders 2024 voor alle Verbonden Partijen, met uitzondering van de RAV en Beschermd Wonen: 1. We verwachten van het bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling (GR) dat zij een structureel sluitende meerjarenbegroting 2024-2027 aanbiedt aan de deelnemers. De GR vermeldt duidelijk de uitgangspunten die gebruikt zijn voor de begroting 2024. In de begroting 2024 neemt de GR ook een overzicht op met de bijdragen 2024 t/m 2027 per deelnemer. 2. De begroting wordt opgesteld op basis van ongewijzigd beleid. Er worden dus geen nieuwe taken of uitbreiding van bestaande taken in de primitieve begroting opgenomen, behalve als dit eerder door het Algemeen Bestuur is besloten. 3. De begroting bevat een overzicht met het verloop van aanwezige reserves. In dit overzicht is te zien wanneer de reserve wordt ingezet en voor welk bedrag per jaar. Hierin wordt ook het doel van de reserve omschreven. 4. Wanneer een reserve 2 jaar of langer niet wordt ingezet, dan legt de GR deze reserve in de besluitvorming bij de ontwerpbegroting voor. Het uitgangspunt is dat deze reserve op dat moment vrijvalt. Wordt er niet besloten tot vrijval dan geeft de GR in de ontwerpbegroting de planning en het doel van de uitgaven voor deze reserve opnieuw aan. 5.
De bijdrage van de deelnemende gemeenten in de begroting 2024 stijgt maximaal met de geldende CAO indexering en de prijsontwikkeling uit de septembercirculaire 2022 (of een actuelere circulaire). Ook wijzigt de bijdrage wanneer er wijzigingen zijn in de kwantiteit van de dienstverlening die de deelnemers afnemen. 6. In de ontwerpbegroting worden de mogelijkheden beschreven om de bijdrage van de deelnemende gemeenten te verminderen, bijvoorbeeld door besparingen voor te stellen of beleidsinhoudelijke keuzes aan te geven. 7. Een positief jaarrekeningresultaat wordt uitgekeerd aan de deelnemers. De GR kan hier alleen van afwijken door een duidelijk en gemotiveerd voorstel voor resultaatbestemming voor te leggen aan het Algemeen Bestuur. 8. In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing beschrijft de GR de risico’s met de meeste impact en de getroffen beheersingsmaatregelen. 9. Indien gedurende het begrotingjaar 2024 grote kostenstijgingen plaatsvinden, als gevolg van uitzonderlijke gebeurtenissen, worden uitgaven boven de begroting ter besluitvorming voorgelegd aan het Algemeen bestuur b. Gelet op de aanvangsfase waarin de Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen verkeert geen financiële richtlijnen voor 2024 vast te stellen; c. Ten aanzien van de RWB voor wat betreft het Kleinschalig Collectief Vervoer aanvullend de volgende financiële richtlijn vast te stellen: 1.
Bij de uitvoeringsgerichte taak Kleinschalig Collectief Vervoer geldt voor de vervoersprijs per eenheid een aanpassing aan de hand van de branchegerichte NEA-index. Verder worden de vervoerslasten begroot aan de hand van het geprognosticeerde gebruik van de vervoersvoorziening. Doorbelasting van kosten aan gemeenten en provincie vindt plaats op basis van realisatie. d. Ten aanzien van de Veiligheidsregio aanvullende financiële richtlijnen op te nemen in de zienswijze, luidende als volgt: 1. De Veiligheidsregio wordt gevraagd om de begroting op te stellen waarbij separaat inzichtelijk is wat de financiële gevolgen zijn van de diverse onderdelen met minimaal: ✓ Indexering ✓ Invoering omgevingswet ✓ Bezuiniging scenario’s ✓ Geen herijking maar wijziging van beleid.
2. In de kaderbrief 2024 en/of begroting 2024 dient een uitgebreide toelichting opgenomen te worden over de verdere uitwerking, beleidsmatig en financieel, van de Stichting Risicobeheer. e. Ten aanzien van de Wava/MidZuid aanvullend de volgende financiële richtlijn vast te stellen: 1. MidZuid blijft stappen zetten om de aanvullende gemeente bijdrage te verlagen. Dit kan door besparingen voor te stellen of beleidsinhoudelijke keuzes aan te geven. f. Ten aanzien van het CJG aanvullend de volgende financiële richtlijn vast te stellen: 1. Een eventuele kostenstijging voor bedrijfsvoering of overhead kan alleen worden veroorzaakt wordt indexering of door nieuw beleid, waar het bestuur van de regeling expliciet vooraf mee instemt. 2. De beleidsinhoudelijke kaders 2024 voor de diverse Verbonden partijen vast te stellen en wel als volgt: a. Ten behoeve van de Regio West-Brabant de volgende beleidsmatige richtlijnen voor 2024 vast te stellen: 1. In de begroting 2024 wordt aangegeven welke resultaten uit het actieprogramma 2023 – 2027 in 2024 worden gerealiseerd en welke resultaten in de periode 2025-2027 worden beoogd; 2. In de begroting 2024 wordt aangegeven wat de financiële en personele inzet van de RWB hierbij is en welke aanvullende middelen (capaciteit en financiën) van de gemeenten worden gevraagd; 3.
In de begroting 2024 wordt aangegeven op welke wijze de verbinding met onderwijs en bedrijfsleven wordt gelegd bij de uitvoering van het actieprogramma; 4. In de begroting 2024 wordt aangegeven of en zo ja op welke manier de transitieopgaven op gebied van bijvoorbeeld circulariteit, klimaat en energie doorwerken in de opgaven uit het actieprogramma. b. Ten behoeve van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant de volgende beleidsmatige richtlijnen voor 2024 vast te stellen: 1. In het nog op te stellen beleidsplan 2024-2027 zijn actiepunten opgenomen, die uiterlijk in 2027 moeten zijn gerealiseerd. In de kaderbrief 2024 geeft de Veiligheidsregio aan welke actiepunten in 2024 centraal staan. In de begroting geeft de Veiligheidsregio aan op welke wijze deze actiepunten worden ingevuld. 2. VR wordt gevraagd naar de stand van zaken met betrekking tot de implementatie van het basistakenpakket en verzorging van algemene rapportages over de bevindingen van controles met zo mogelijk een differentiatie per gemeente. 3. De VR wordt gevraagd naar de voortgang met betrekking tot: a. Safety Village (kosten, gebruik, etc.) b. Risk Factory c. Regionaal Coördinatie Centrum: prestaties meldkamer 4. In de kaderbrief dient aandacht gegeven te worden aan de ontwikkelingen op het gebied van: a. Invoering Omgevingswet b. Energietransitie 5.
De VR wordt gevraagd om een toelichting op de verdere uitwerking van de “Stichting risicobeheer” en een actualisatie van de nota reserves en voorzieningen. c. Ten behoeve van de Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord de volgende beleidsmatige richtlijnen voor 2024 vast te stellen: 1. De RAV waarborgt onder de nieuwe wet ambulancezorg de kwaliteit en continuïteit van de ambulancezorg in heel haar werkgebied. De ambulancezorg dient blijvend te worden uitgevoerd zonder gemeentelijke financiële bijdragen. 2. Het Landelijk Kwaliteitskader Ambulancezorg 1.0 bevat 26 indicatoren waarmee daadwerkelijk het niveau van de geleverde zorg wordt gemeten. Tijdigheid in het spoedvervoer is er hier één van. De indicatoren zijn onderverdeeld in zeven segmenten: Bereikbare en beschikbare zorg, Patiënt centraal, Veilige zorg, Professionaliteit, Samenwerken, Continue verbeteren en Basis op orde. De RAV informeert de gemeenten hoe zij voldoet aan het landelijke kwaliteitskader. 3. In haar begroting geeft de RAV aan hoe zij de paraatheidsuitbreidingen conform het landelijk referentiekader Spreiding & Beschikbaarheid in 2024 verwacht te realiseren. Uitgangspunt dient te zijn dat in het hele werkgebied de responstijd voor A1 ritten niet meer dan 5% wordt overschreden (melding-aankomst meer dan 15 minuten). 4.
In haar begroting geeft de RAV aan op welke wijze zij invulling geeft aan de aanbevelingen uit het in 2023 uitgevoerde landelijke klanttevredenheidsonderzoek door NIVEL en het klanttevredenheidsonderzoek door middel van direct contact met de patiënt. d. Ten behoeve van de GGD West-Brabant de volgende beleidsmatige richtlijnen voor 2024 vast te stellen: 1. De GGD voert in West-Brabant de in de Wet Publieke gezondheid (Wpg) aan de gemeenten opgedragen taken uit. Op onderdelen betreft dit ook taken die vallen onder de Jeugdwet, Omgevingswet, wet op de Kinderopvang en de wet op de Veiligheidsregio’s. Leidraad in het handelen van de GGD is het bewaken, beschermen en bevorderen van de publieke gezondheid.
Onderwerp: Verbonden Partijen beleidskaders 2024
p. 2/9
2. De GGD geeft in de kaders en Beleidsbegroting 2024 duidelijk weer op welke wijze invulling gegeven gaat worden aan de in het Meerjarenbeleidskader 2023 – 2026 opgenomen ambities. Daarbij dient u goed notie te nemen van: a. De door de VNG uitgebrachte propositie ‘De winst van het sociaal domein’ (met als uitgangspunten o.a. ‘kansengelijkheid’ en ‘gezond leven makkelijker maken’) en het VNGKoersdocument ‘Met daadkracht naar veerkracht’. b. De Gezamenlijke gezondheidsambitie ‘Vooruitzien naar een Gezonder Nederland’ van VNG en de zorgverzekeraars. In West-Brabant bent u bij de regionale uitwerking van deze ambitie partij. c. Ontwikkelingen op lokaal niveau, zoals lokale preventieakkoorden en -aanpakken, JOGG en gemeentelijke gezondheidsvisies en – nota’s. Samen met gemeenten en lokale partners werkt u hierbij aan de uitwerking en realisering van doelen en ambities. 3. Met behulp van prestatie-indicatoren brengt de GGD de resultaten in beeld die zij bereikt op de diverse door haar uit te voeren taken. Door de noodgedwongen grootschalige inzet vanuit de GGD ter beteugeling van de Coronacrisis heeft het actualiseringstraject van de prestatieindicatoren vertraging opgelopen. In de loop van 2022 heeft de GGD samen met een ambtelijke werkgroep de optimalisering van deze indicatoren weer ter hand genomen.
Wij gaan ervan uit dat de GGD de geactualiseerde indicatoren opneemt in de Beleidsbegroting 2024. 4. In eendrachtige samenwerking met de landelijke overheid, RIVM en GGD GHOR Nederland behoren de GGD’ en goed toegerust en voorbereid te zijn op mogelijke oplevingen van COVID19 dan wel op een door een andere zoönose/virus veroorzaakte gezondheidscrisis. De raad verwacht dat de GGD West-Brabant in afstemming met de Veiligheidsregio Midden en WestBrabant en omringende GGD’en werkt aan een robuustere organisatie die het makkelijker maakt om snel en adequaat in te spelen op grote crisissituaties in de regio. Wij gaan ervan uit dat u: a. In de kaders en daaropvolgende Beleidsbegroting 2024 een beschrijving geeft van hoe deze robuustere organisatie eruit gaat zien. b. De raad informeert over de stand van zaken rond de samenwerking tussen de GGD’en in Brabant, Zeeland en Limburg bij door infectieziekten veroorzaakte gezondheidscrises. e. Ten behoeve van de Nazorg Gesloten Stortplaatsen geen beleidsmatige richtlijnen voor 2024 vast te stellen; f. Ten behoeve van de Wava/MidZuid de volgende beleidsmatige richtlijnen voor 2024 vast te stellen: 1. De wet- en regelgeving op het gebied van het bieden van werk aan mensen met een arbeidsbeperking is continu in beweging.
We verwachten dat MidZuid anticipeert op de aanpassingen in de Participatiewet, de ontwikkelingen vanuit Breed Offensief en de veranderingen in de regelgeving rondom het beschut werk. Deze veranderingen zien we graag op een adequate en efficiënte manier terug in de begroting 2024. 2. Inwoners die vallen onder de Participatiewet zoveel mogelijk bij reguliere werkgevers geplaatst worden. Hierbij dient zoveel mogelijk uitgegaan te worden van een arbeidsovereenkomst bij de reguliere werkgever. Bij inzet van een detacheringsconstructie is het uitgangspunt dat dit een tijdelijk karakter heeft. 3. MidZuid houdt inzichtelijk welke activiteiten en risico’s verbonden zijn aan de afbouw van het huidige SW-bestand in combinatie met de opdrachtportefeuille en stelt maatregelen voor om nadelige financiële gevolgen daarvan zoveel mogelijk te beperken. 4. In 2021 en 2022 is er binnen MidZuid een transformatietraject doorlopen. Op dit moment loopt er een organisatie-ontwikkelingstraject, met onder andere de onderdelen duurzaam financieel perspectief, doorontwikkeling MidZuid en het wendbaar maken van de organisatie. Wij verzoeken MidZuid om de gemeenten te betrekken bij deze trajecten en op de hoogte te houden van de (tussen)resultaten van dit organisatie-ontwikkeltraject. g. Ten behoeve van de regeling Regionaal Bureau Leren geen beleidsmatige richtlijnen voor 2024 vast te stellen h.
Ten behoeve van de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant de volgende beleidsmatige richtlijnen voor 2024 vast te stellen: 1. Betrek bij de begroting 2024 de resultaten van het OMWB-brede programma “Van goed naar Beter” en laat de resultaten zien op effectiever werken, met een nog meer en nog betere kwaliteit leveren - voor hetzelfde geld - en de ontwikkeling van de dienst (lerende organisatie). 2. Betrek de effecten van één jaar Omgevingswet op het gebied van samenwerking met de partners, dienstverlening aan inwoners en bedrijven en financiën in de begroting 2024. i. Ten behoeve van het Centrum voor Jeugd en Gezin de volgende beleidsmatige richtlijn voor 2024 vast te stellen: 1. Maak door (tussentijdse) evaluaties duidelijk in hoeverre het doel ten aanzien van de inzet van de tijdelijke extra formatie van 1 fte voor een CJG-professional bij het onderwijs is behaald en of extra inzet nodig is en op welke manier. j. Ten behoeve van Beschermd Wonen geen beleidsmatige richtlijnen voor 2024 vast te stellen.
Onderwerp: Verbonden Partijen beleidskaders 2024
p. 3/9
Inleiding Gelijktijdig met het vaststellen van de gemeentebegroting 2023 wordt het beleidskader voor de Verbonden Partijen voor 2024 vastgesteld. Het betreft hier beleidsinhoudelijke en financiële uitgangspunten die de Verbonden Partijen dienen te gebruiken bij het opstellen van hun begroting 2024. Deze procedure is conform de kaderstellende spelregels Verbonden Partijen zoals deze in juli 2015 mede door u zijn vastgesteld. In de Paragraaf Verbonden Partijen van de gemeentebegroting 2023 wordt hierop nader ingegaan. De gemeente Geertruidenberg neemt deel aan de volgende gemeenschappelijke regelingen: 1. Regio West-Brabant (RWB); 2. Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant; 3. Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord; 4. Openbare Gezondheidszorg West-Brabant (GGD West-Brabant); 5. Nazorg gesloten stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen; 6. Wava/MidZuid; 7. Uitvoering administratieve en inhoudelijke taken betreffende het voorkomen van schoolverzuim en voortijdig schoolverlaten (Regionaal bureau Leren); 8. Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB); 9. BVO Centrum voor Jeugd en Gezin Drimmelen Geertruidenberg (CJG); 10. Beschermd Wonen. Beoogd effect Met het vaststellen van kaderstellende spelregels wordt beoogd als deelnemende gemeenten meer grip te krijgen op de financiële en beleidsmatige ontwikkelingen bij de Verbonden Partijen.
In onze gemeente zijn inmiddels ambassadeurs per Verbonden Partij ingesteld die inhoudelijk meer op de hoogte zijn van de werkzaamheden van de verschillende Verbonden partijen, waarmee de afstand tussen de gemeenteraad en de Verbonden Partijen wordt verkleind. Ook wordt getracht onder meer door voorlichtingsbijeenkomsten de afstand tussen de gemeenteraden en de Verbonden Partijen te verkleinen. Argumenten In het coalitieakkoord 2022-2026 is aangegeven dat we ons meer willen richten op regionale samenwerking (investeren in de samenwerking met de omliggende gemeenten, maar ook met de regionale partners). Dat impliceert dat we ons de komende tijd vooral willen focussen op de werkzaamheden van de Verbonden Partijen en de inspanningen die zij voor onze gemeente verrichten. Daarnaast willen we ook meer samenwerken de andere gemeenten die deel uit maken van de Verbonden Partijen. Dit impliceert dat we ons wat minder focussen op generieke bezuinigingstaakstellingen en meer gericht, per Verbonden Partij, bekijken welke activiteiten zij uitvoeren in relatie tot de gevraagde gemeentelijke bijdrage. 1.1 Ten aanzien van de financiële en beleidsinhoudelijke kaders In regionaal verband zijn ambtelijk de algemene financiële kaders en de beleidsinhoudelijke kaders besproken en is hiervoor een voorstel gedaan. Dit vindt u terug in de diverse bijlagen behorend bij het raadsvoorstel.
Kanttekeningen De gemeente Geertruidenberg neemt deel aan diverse Gemeenschappelijke Regelingen. Besluitvorming over de financiële en beleidsmatige aangelegenheden van deze Verbonden Partijen geschiedt bij meerderheid van stemmen in de desbetreffende gemeenschappelijke regeling. De individuele invloed van onze gemeente is daarom beperkt. Financiën De financiële richtlijnen voor 2024 worden meegenomen in de voorbereiding van de gemeentebegroting 2024. Communicatie De Verbonden Partijen worden van uw besluit op de hoogte gesteld. Inclusieve samenleving Het betreft hier een regulier onderdeel van de P&C cyclus van de Verbonden Partijen, waarbij fundamentele beleidswijzigingen ten aanzien van onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners niet aan de orde zijn. Afstemming tav de inclusieve samenleving is derhalve niet van toepassing. Uitvoering Onderwerp: Verbonden Partijen beleidskaders 2024
p. 4/9
nvt Bijlagen 1. Algemene financiële richtlijnen Verbonden Partijen 2024 2. Specifieke richtlijnen RWB 3. Specifieke richtlijnen Veiligheidsregio 4. Specifieke richtlijnen RAV 5. Specifieke richtlijnen GGD 6. Specifieke richtlijnen nazorg gesloten stortplaatsen 7. Specifieke richtlijnen Wava/MidZuid 8. Specifieke richtlijnen Regionaal Bureau Leren 9. Specifieke richtlijnen Omgevingsdienst 10. Specifieke richtlijnen Centrum Jeugd en Gezin 11. Specifieke richtlijnen Beschermd Wonen
Een ontwerpbesluit bieden wij u hierbij vaststelling aan.
Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Geertruidenberg, de secretaris, de burgemeester,
R.C.J. Nagtzaam
Onderwerp: Verbonden Partijen beleidskaders 2024
M. Witte
p. 5/9
De raad van de gemeente Geertruidenberg; Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van Geertruidenberg. Besluit: De raad besluit: 1. De financiële kaders voor de begroting 2024 van de Verbonden Partijen vast te stellen en wel als volgt: a. De algemene kaders 2024 voor alle Verbonden Partijen, met uitzondering van de RAV en Beschermd Wonen: 1. We verwachten van het bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling (GR) dat zij een structureel sluitende meerjarenbegroting 2024-2027 aanbiedt aan de deelnemers. De GR vermeldt duidelijk de uitgangspunten die gebruikt zijn voor de begroting 2024. In de begroting 2024 neemt de GR ook een overzicht op met de bijdragen 2024 t/m 2027 per deelnemer. 2. De begroting wordt opgesteld op basis van ongewijzigd beleid. Er worden dus geen nieuwe taken of uitbreiding van bestaande taken in de primitieve begroting opgenomen, behalve als dit eerder door het Algemeen Bestuur is besloten. 3. De begroting bevat een overzicht met het verloop van aanwezige reserves. In dit overzicht is te zien wanneer de reserve wordt ingezet en voor welk bedrag per jaar. Hierin wordt ook het doel van de reserve omschreven. 4. Wanneer een reserve 2 jaar of langer niet wordt ingezet, dan legt de GR deze reserve in de besluitvorming bij de ontwerpbegroting voor. Het uitgangspunt is dat deze reserve op dat moment vrijvalt.
Wordt er niet besloten tot vrijval dan geeft de GR in de ontwerpbegroting de planning en het doel van de uitgaven voor deze reserve opnieuw aan. 5. De bijdrage van de deelnemende gemeenten in de begroting 2024 stijgt maximaal met de geldende CAO indexering en de prijsontwikkeling uit de septembercirculaire 2022 (of een actuelere circulaire). Ook wijzigt de bijdrage wanneer er wijzigingen zijn in de kwantiteit van de dienstverlening die de deelnemers afnemen. 6. In de ontwerpbegroting worden de mogelijkheden beschreven om de bijdrage van de deelnemende gemeenten te verminderen, bijvoorbeeld door besparingen voor te stellen of beleidsinhoudelijke keuzes aan te geven. 7. Een positief jaarrekeningresultaat wordt uitgekeerd aan de deelnemers. De GR kan hier alleen van afwijken door een duidelijk en gemotiveerd voorstel voor resultaatbestemming voor te leggen aan het Algemeen Bestuur. 8. In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing beschrijft de GR de risico’s met de meeste impact en de getroffen beheersingsmaatregelen. 9. Indien gedurende het begrotingjaar 2024 grote kostenstijgingen plaatsvinden, als gevolg van uitzonderlijke gebeurtenissen, worden uitgaven boven de begroting ter besluitvorming voorgelegd aan het Algemeen bestuur b.
Gelet op de aanvangsfase waarin de Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen verkeert geen financiële richtlijnen voor 2024 vast te stellen; c. Ten aanzien van de RWB voor wat betreft het Kleinschalig Collectief Vervoer aanvullend de volgende financiële richtlijn vast te stellen: 1. Bij de uitvoeringsgerichte taak Kleinschalig Collectief Vervoer geldt voor de vervoersprijs per eenheid een aanpassing aan de hand van de branchegerichte NEA-index. Verder worden de vervoerslasten begroot aan de hand van het geprognosticeerde gebruik van de vervoersvoorziening. Doorbelasting van kosten aan gemeenten en provincie vindt plaats op basis van realisatie. d. Ten aanzien van de Veiligheidsregio aanvullende financiële richtlijnen op te nemen in de zienswijze, luidende als volgt: 1. De Veiligheidsregio wordt gevraagd om de begroting op te stellen waarbij separaat inzichtelijk is wat de financiële gevolgen zijn van de diverse onderdelen met minimaal: ✓ Indexering ✓ Invoering omgevingswet ✓ Bezuiniging scenario’s ✓ Geen herijking maar wijziging van beleid. 2. In de kaderbrief 2024 en/of begroting 2024 dient een uitgebreide toelichting opgenomen te worden over de verdere uitwerking, beleidsmatig en financieel, van de Stichting Risicobeheer. e. Ten aanzien van de Wava/MidZuid aanvullend de volgende financiële richtlijn vast te stellen: 1.
MidZuid blijft stappen zetten om de aanvullende gemeente bijdrage te verlagen. Dit kan door besparingen voor te stellen of beleidsinhoudelijke keuzes aan te geven. f. Ten aanzien van het CJG aanvullend de volgende financiële richtlijn vast te stellen:
Onderwerp: Verbonden Partijen beleidskaders 2024
p. 6/9
1. Een eventuele kostenstijging voor bedrijfsvoering of overhead kan alleen worden veroorzaakt wordt indexering of door nieuw beleid, waar het bestuur van de regeling expliciet vooraf mee instemt. 2. De beleidsinhoudelijke kaders 2024 voor de diverse Verbonden partijen vast te stellen en wel als volgt: a. Ten behoeve van de Regio West-Brabant de volgende beleidsmatige richtlijnen voor 2024 vast te stellen: 1. In de begroting 2024 wordt aangegeven welke resultaten uit het actieprogramma 2023 – 2027 in 2024 worden gerealiseerd en welke resultaten in de periode 2025-2027 worden beoogd; 2. In de begroting 2024 wordt aangegeven wat de financiële en personele inzet van de RWB hierbij is en welke aanvullende middelen (capaciteit en financiën) van de gemeenten worden gevraagd; 3. In de begroting 2024 wordt aangegeven op welke wijze de verbinding met onderwijs en bedrijfsleven wordt gelegd bij de uitvoering van het actieprogramma; 4. In de begroting 2024 wordt aangegeven of en zo ja op welke manier de transitieopgaven op gebied van bijvoorbeeld circulariteit, klimaat en energie doorwerken in de opgaven uit het actieprogramma. b. Ten behoeve van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant de volgende beleidsmatige richtlijnen voor 2024 vast te stellen: 1. In het nog op te stellen beleidsplan 2024-2027 zijn actiepunten opgenomen, die uiterlijk in 2027 moeten zijn gerealiseerd.
In de kaderbrief 2024 geeft de Veiligheidsregio aan welke actiepunten in 2024 centraal staan. In de begroting geeft de Veiligheidsregio aan op welke wijze deze actiepunten worden ingevuld. 2. VR wordt gevraagd naar de stand van zaken met betrekking tot de implementatie van het basistakenpakket en verzorging van algemene rapportages over de bevindingen van controles met zo mogelijk een differentiatie per gemeente. 3. De VR wordt gevraagd naar de voortgang met betrekking tot: a. Safety Village (kosten, gebruik, etc.) b. Risk Factory c. Regionaal Coördinatie Centrum: prestaties meldkamer 4. In de kaderbrief dient aandacht gegeven te worden aan de ontwikkelingen op het gebied van: a. Invoering Omgevingswet b. Energietransitie 5. De VR wordt gevraagd om een toelichting op de verdere uitwerking van de “Stichting risicobeheer” en een actualisatie van de nota reserves en voorzieningen. c. Ten behoeve van de Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord de volgende beleidsmatige richtlijnen voor 2024 vast te stellen: 1. De RAV waarborgt onder de nieuwe wet ambulancezorg de kwaliteit en continuïteit van de ambulancezorg in heel haar werkgebied. De ambulancezorg dient blijvend te worden uitgevoerd zonder gemeentelijke financiële bijdragen. 2. Het Landelijk Kwaliteitskader Ambulancezorg 1.0 bevat 26 indicatoren waarmee daadwerkelijk het niveau van de geleverde zorg wordt gemeten.
Tijdigheid in het spoedvervoer is er hier één van. De indicatoren zijn onderverdeeld in zeven segmenten: Bereikbare en beschikbare zorg, Patiënt centraal, Veilige zorg, Professionaliteit, Samenwerken, Continue verbeteren en Basis op orde. De RAV informeert de gemeenten hoe zij voldoet aan het landelijke kwaliteitskader. 3. In haar begroting geeft de RAV aan hoe zij de paraatheidsuitbreidingen conform het landelijk referentiekader Spreiding & Beschikbaarheid in 2024 verwacht te realiseren. Uitgangspunt dient te zijn dat in het hele werkgebied de responstijd voor A1 ritten niet meer dan 5% wordt overschreden (melding-aankomst meer dan 15 minuten). 4. In haar begroting geeft de RAV aan op welke wijze zij invulling geeft aan de aanbevelingen uit het in 2023 uitgevoerde landelijke klanttevredenheidsonderzoek door NIVEL en het klanttevredenheidsonderzoek door middel van direct contact met de patiënt. d. Ten behoeve van de GGD West-Brabant de volgende beleidsmatige richtlijnen voor 2024 vast te stellen: 1. De GGD voert in West-Brabant de in de Wet Publieke gezondheid (Wpg) aan de gemeenten opgedragen taken uit. Op onderdelen betreft dit ook taken die vallen onder de Jeugdwet, Omgevingswet, wet op de Kinderopvang en de wet op de Veiligheidsregio’s. Leidraad in het handelen van de GGD is het bewaken, beschermen en bevorderen van de publieke gezondheid. 2.
De GGD geeft in de kaders en Beleidsbegroting 2024 duidelijk weer op welke wijze invulling gegeven gaat worden aan de in het Meerjarenbeleidskader 2023 – 2026 opgenomen ambities. Daarbij dient u goed notie te nemen van: a. De door de VNG uitgebrachte propositie ‘De winst van het sociaal domein’ (met als uitgangspunten o.a. ‘kansengelijkheid’ en ‘gezond leven makkelijker maken’) en het VNGKoersdocument ‘Met daadkracht naar veerkracht’.
Onderwerp: Verbonden Partijen beleidskaders 2024
p. 7/9
b. De Gezamenlijke gezondheidsambitie ‘Vooruitzien naar een Gezonder Nederland’ van VNG en de zorgverzekeraars. In West-Brabant bent u bij de regionale uitwerking van deze ambitie partij. c. Ontwikkelingen op lokaal niveau, zoals lokale preventieakkoorden en -aanpakken, JOGG en gemeentelijke gezondheidsvisies en – nota’s. Samen met gemeenten en lokale partners werkt u hierbij aan de uitwerking en realisering van doelen en ambities. 3. Met behulp van prestatie-indicatoren brengt de GGD de resultaten in beeld die zij bereikt op de diverse door haar uit te voeren taken. Door de noodgedwongen grootschalige inzet vanuit de GGD ter beteugeling van de Coronacrisis heeft het actualiseringstraject van de prestatieindicatoren vertraging opgelopen. In de loop van 2022 heeft de GGD samen met een ambtelijke werkgroep de optimalisering van deze indicatoren weer ter hand genomen. Wij gaan ervan uit dat de GGD de geactualiseerde indicatoren opneemt in de Beleidsbegroting 2024. 4. In eendrachtige samenwerking met de landelijke overheid, RIVM en GGD GHOR Nederland behoren de GGD’ en goed toegerust en voorbereid te zijn op mogelijke oplevingen van COVID19 dan wel op een door een andere zoönose/virus veroorzaakte gezondheidscrisis.
De raad verwacht dat de GGD West-Brabant in afstemming met de Veiligheidsregio Midden en WestBrabant en omringende GGD’en werkt aan een robuustere organisatie die het makkelijker maakt om snel en adequaat in te spelen op grote crisissituaties in de regio. Wij gaan ervan uit dat u: a. In de kaders en daaropvolgende Beleidsbegroting 2024 een beschrijving geeft van hoe deze robuustere organisatie eruit gaat zien. b. De raad informeert over de stand van zaken rond de samenwerking tussen de GGD’en in Brabant, Zeeland en Limburg bij door infectieziekten veroorzaakte gezondheidscrises. e. Ten behoeve van de Nazorg Gesloten Stortplaatsen geen beleidsmatige richtlijnen voor 2024 vast te stellen; f. Ten behoeve van de Wava/MidZuid de volgende beleidsmatige richtlijnen voor 2024 vast te stellen: 1. De wet- en regelgeving op het gebied van het bieden van werk aan mensen met een arbeidsbeperking is continu in beweging. We verwachten dat MidZuid anticipeert op de aanpassingen in de Participatiewet, de ontwikkelingen vanuit Breed Offensief en de veranderingen in de regelgeving rondom het beschut werk. Deze veranderingen zien we graag op een adequate en efficiënte manier terug in de begroting 2024. 2. Inwoners die vallen onder de Participatiewet zoveel mogelijk bij reguliere werkgevers geplaatst worden.
Hierbij dient zoveel mogelijk uitgegaan te worden van een arbeidsovereenkomst bij de reguliere werkgever. Bij inzet van een detacheringsconstructie is het uitgangspunt dat dit een tijdelijk karakter heeft. 3. MidZuid houdt inzichtelijk welke activiteiten en risico’s verbonden zijn aan de afbouw van het huidige SW-bestand in combinatie met de opdrachtportefeuille en stelt maatregelen voor om nadelige financiële gevolgen daarvan zoveel mogelijk te beperken. 4. In 2021 en 2022 is er binnen MidZuid een transformatietraject doorlopen. Op dit moment loopt er een organisatie-ontwikkelingstraject, met onder andere de onderdelen duurzaam financieel perspectief, doorontwikkeling MidZuid en het wendbaar maken van de organisatie. Wij verzoeken MidZuid om de gemeenten te betrekken bij deze trajecten en op de hoogte te houden van de (tussen)resultaten van dit organisatie-ontwikkeltraject. g. Ten behoeve van de regeling Regionaal Bureau Leren geen beleidsmatige richtlijnen voor 2024 vast te stellen h. Ten behoeve van de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant de volgende beleidsmatige richtlijnen voor 2024 vast te stellen: 1.
Betrek bij de begroting 2024 de resultaten van het OMWB-brede programma “Van goed naar Beter” en laat de resultaten zien op effectiever werken, met een nog meer en nog betere kwaliteit leveren - voor hetzelfde geld - en de ontwikkeling van de dienst (lerende organisatie). 2. Betrek de effecten van één jaar Omgevingswet op het gebied van samenwerking met de partners, dienstverlening aan inwoners en bedrijven en financiën in de begroting 2024. i. Ten behoeve van het Centrum voor Jeugd en Gezin de volgende beleidsmatige richtlijn voor 2024 vast te stellen: 1. Maak door (tussentijdse) evaluaties duidelijk in hoeverre het doel ten aanzien van de inzet van de tijdelijke extra formatie van 1 fte voor een CJG-professional bij het onderwijs is behaald en of extra inzet nodig is en op welke manier. j. Ten behoeve van Beschermd Wonen geen beleidsmatige richtlijnen voor 2024 vast te stellen.
Onderwerp: Verbonden Partijen beleidskaders 2024
p. 8/9
Aldus vastgesteld in zijn openbare vergadering van 10 november 2022, Geertruidenberg, de raad voornoemd, de griffier,
de voorzitter,
drs. K.M.C. Millenaar-Rammelaere
M. Witte
Onderwerp: Verbonden Partijen beleidskaders 2024
p. 9/9