CConstaterende datGeertruidenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032

De raad besluit 18 december 2025, gemeente GeertruidenbergBij agendapunt: Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-20329.723 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032

Vastgesteld in de raadsvergadering van 18 december 2025

Inhoudsopgave 1

Inleiding .....................................................................................................................................................3

2

Wettelijke kaders en uitgangspunten .......................................................................................................4

3

4

5.

2.1

Landelijke wet- en regelgeving .........................................................................................................4

2.2

Gemeentelijke kaders en beleid .......................................................................................................6

Beheervisie en beheerthema’s ..................................................................................................................8 3.1

Beheervisie ........................................................................................................................................8

3.2

Beheerthema’s ..................................................................................................................................8

Huidige situatie ....................................................................................................................................... 10 4.1

De objectcategorieën in het areaal ................................................................................................ 10

4.2

Beschrijving huidig areaal .............................................................................................................. 12

4.3

Huidige staat van onderhoud ......................................................................................................... 13

4.4

Leeftijdsopbouw van het areaal..................................................................................................... 15

4.5

Materiaalsoorten in het areaal ...................................................................................................... 15

4.6

Toekomstige areaalveranderingen ................................................................................................ 16

Organisatie............................................................................................................................................... 17 5.1

Organisatie operationeel beheer ................................................................................................... 17

5.2

Inspectie ......................................................................................................................................... 17

5.3

Onderhoud ..................................................................................................................................... 17

5.4 Schade door derden…………………………………………………………………………………………………………………..18 6. Financiële planning 2026-2032............................................................................................................... 19 6.1

Exploitatie Bruggen en Duikers ...................................................................................................... 19

6.2

Voorziening Infrastructurele Kunstwerken .................................................................................... 19

6.3

Vervangingsinvesteringen .............................................................................................................. 20

6.4

Risico’s ............................................................................................................................................ 20

Bijlage l

- Overzicht geïnspecteerde infrastructurele kunstwerken ............................................................ 21

Bijlage ll - Onderbouwing uitgaven groot onderhoud………………………………………………………………………………. 23

-2Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032

1. Inleiding Aanleiding In het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), onderdeel van de Omgevingswet, staan de technische eisen waaraan bouwwerken moeten voldoen. Deze eisen zijn o.a. bedoeld om de veiligheid en bruikbaarheid van bouwwerken te waarborgen. Het Bbl creëert op die manier een zorgplicht voor de beheerder. Deze zorgplicht geldt ook voor zogenaamde infrastructurele kunstwerken. Dit zijn bouwwerken en/of objecten die niet voor bewoning bestemd zijn, zoals bruggen, tunnels, duikers, kademuren, damwanden, beschoeiingen, steigers en aanlegvoorzieningen. Overigens, artistieke kunstwerken zoals beelden, muurschilderingen en dergelijke zijn geen infrastructurele kunstwerken en vallen dus buiten de scoop van dit Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032. Met dit Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032 (verder steeds aangeduid als Programma) geeft de Gemeente Geertruidenberg invulling aan de zorgplicht die uit het Bbl voortvloeit. We beschrijven in dit document onze visie op het beheer van infrastructurele kunstwerken en hoe we dit de komende jaren invullen. Het Programma vervangt daarmee het Beheerplan Infrastructurele kunstwerken 2019-2023 dat nog geen beleidskader bevatte.

Artikel 12 van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) stelt zo’n beleidskader voor kapitaalgoederen echter verplicht, inclusief financiële consequenties en de vertaling daarvan in de begroting. Met dit Programma voldoen wij dus aan de wettelijke eisen uit zowel het Bbl als het BBV. Inhoud De gemeente Geertruidenberg beheert en onderhoudt een groot aantal infrastructurele kunstwerken. Afhankelijk van hun aard zijn deze bouwwerken belangrijk voor de economie, veiligheid, mobiliteit, welzijn recreatie en/of beleving van bewoners en andere gebruikers van de openbare ruimte. Het uitvallen van infrastructurele kunstwerken heeft daarom vaak een grote impact op de leefomgeving. Dit Programma is gebaseerd op de bevindingen uit de reguliere inspectieronden van 2022, aanvullende inspecties (2023) en de in 2024 uitgevoerde instandhoudingsinspectie van de Bergse Brug. Ook de later, na deze inspecties nog vastgestelde schadebeelden zijn verwerkt. Op basis van al deze bevindingen geeft het Programma een overzicht van de onderhouds- en investeringskosten voor infrastructurele kunstwerken in de Gemeente Geertruidenberg. In deze versie van het Programma zijn overigens nog niet alle infrastructurele kunstwerken opgenomen. Het gaat dan in ieder geval om de beschoeiingen, die in het verleden altijd buiten beschouwing bleven.

In de afgelopen periode (2025) zijn deze objecten geïnventariseerd. Bij de reguliere inspectieronde van 2027 zal ook de kwaliteit van deze objecten worden beoordeeld, zodat deze in de eerstvolgende reguliere herijking van dit Programma zullen zijn opgenomen. Leeswijzer In de eerste paragraaf van dit Programma beschrijven we de wettelijke kaders voor het beheer van infrastructurele kunstwerken (par. 2). Vervolgens werken we onze beheervisie uit in vier beheerthema’s (par. 3). Daarna schetsen we de huidige situatie van het areaal aan infrastructurele kunstwerken in de gemeente Geertruidenberg (par. 4). In paragraaf 5 staat de organisatie van het beheer centraal en paragraaf 6 van dit Programma presenteert de financiële planning van het beheer voor de jaren tot 2032.

-3Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032

2 Wettelijke kaders en uitgangspunten Voordat we het gemeentelijke beleid voor infrastructurele kunstwerken beschrijven, schetsen we hieronder in paragraaf 2.1 eerst de landelijke wet- en regelgeving waaraan dit beleid moet voldoen. Vervolgens beschrijven we in paragraaf 2.2 het gemeentelijke kader waarin het beleid moet passen.

2.1 Landelijke wet- en regelgeving Burgerlijk Wetboek (artikelen 162 en 174) Het Burgerlijk Wetboek bevat meerdere wetsartikelen over veiligheid en zorgplicht. Deze landelijke wetgeving verplicht de gemeente als eigenaar van de infrastructurele kunstwerken om voor een aantoonbaar veilige situatie te zorgen. Bij geleden schade kan de burger de gemeente als beheerder van een bouwwerk aansprakelijk stellen op grond van de artikelen 162 lid 6 en 174 lid 6 van het Burgerlijk Wetboek. Die aansprakelijkheid geldt onafhankelijk van de vraag of de beheerder het gebrek kende, het gebrek behoorde te kennen of een verwijt is te maken ten aanzien van het gebrek. Omgevingswet Per 1 januari 2024 is de Omgevingswet van kracht. Deze wet bundelt 26 voormalige wetten en tal van regels en voorschriften over onze fysieke leefomgeving in een enkele wet. In de voormalige de Woningwet en het Bouwbesluit waren regels en vereisten opgenomen voor infrastructurele kunstwerken. Deze zijn nu dus onderdeel van de Omgevingswet. De Omgevingswet bestaat uit vijf onderdelen: o Omgevingswet Deze wet is de basis van het wettelijke stelsel en gaat over de fysieke leefomgeving. De Omgevingswet schrijft een algemene zorgplicht voor. Dit houdt in dat overheden, bedrijven én burgers verantwoordelijk zijn voor een veilige en gezonde fysieke leefomgeving.

o Omgevingsbesluit Dit besluit omvat de regels voor het bevoegd gezag over omgevingsvergunningen, over procedures, handhaving en uitvoering, en over het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Het Omgevingsbesluit geldt voor alle partijen die actief zijn in de fysieke leefomgeving, dus burgers, bedrijven en overheden. o Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) In dit besluit staan rijksregels voor de overheid, onder andere over wat er in omgevingsplannen, omgevingsverordeningen en waterschapsverordeningen moet staan. Ook omgevingswaarden van het Rijk staan in het Bkl. Verder omvat het regels voor het toetsen en verbinden van voorschriften aan een omgevingsvergunning, evenals regels voor monitoring en gegevensverzameling. o Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) Dit Besluit bevat rijksregels voor burgers en bedrijven, bijvoorbeeld voor milieubelastende activiteiten, activiteiten in een beperkingengebied of activiteiten met gevolgen voor de natuur. o Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) In dit besluit staan rijksregels voor burgers en bedrijven die met bouwwerken te maken hebben, zoals het bouwen, in stand houden, gebruiken of slopen van bouwwerken. Voor het beheer en onderhoud van infrastructurele kunstwerken zijn met name de Bbl en Bkl van belang. In hoofdstuk 3 van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) zijn voorwaarden opgenomen voor bestaande gebouwen.

Infrastructurele kunstwerken vallen hier ook onder. Onderstaande artikelen uit dit hoofdstuk vormen de basis voor het beheer en onderhoud van de infrastructurele kunstwerken in de gemeente Geertruidenberg. Artikel 3.5: zorgplicht Degene die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat de staat van het bouwwerk tot gevaar voor de gezondheid of veiligheid kan leiden, is verplicht alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs kunnen worden gevraagd om dat gevaar te voorkomen of niet te laten voortduren.

-4Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032

Artikel 3.6: onderzoekplicht De eigenaar van een bouwwerk of degene die uit anderen hoofde bevoegd is tot het treffen van voorzieningen aan dat bouwwerk is verplicht onderzoek te doen naar de staat van dat bouwwerk als het behoort tot een bij ministeriële regeling aangewezen categorie bouwwerken waarvan redelijkerwijs is komen vast te staan dat die een gevaar voor de gezondheid of veiligheid kunnen opleveren. Artikel 3.6a: periodieke beoordeling De eigenaar van een bouwwerk of degene die uit anderen hoofde bevoegd is tot het treffen van voorzieningen aan dat bouwwerk is verplicht periodiek een beoordeling te doen van de constructieve veiligheid van dat bouwwerk als het behoort tot een bij ministeriële regeling aangewezen categorie bouwwerken.

Erfgoedwet Met de Erfgoedwet is in één wet overzichtelijk vastgelegd hoe met ons cultureel erfgoed zoals monumenten moet worden omgegaan, wie hiervoor verantwoordelijk is en hoe het toezicht is geregeld. De gemeente Geertruidenberg heeft infrastructurele kunstwerken in beheer die zijn aangemerkt als Rijksmonument (beschoeiing bij de vestingwerken) en die dus onder deze wet vallen. Dit kan invloed hebben op het beheer en onderhoud van deze objecten. Wegenwet Conform artikel 16 van de Wegenwet dient de gemeente ervoor te zorgen dat de binnen haar gebied liggende wegen in goede staat verkeren, met uitzondering van wegen die door het Rijk of de Provincie worden onderhouden. De wet geldt ook voor alle infrastructurele kunstwerken die onderdeel uit maken van deze wegen. Anders dan het Burgerlijk Wetboek gaat dit artikel niet over de aansprakelijkheid, maar maant het de gemeente om de infrastructurele kunstwerken op goede wijze in stand te houden. Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) Om het toezicht op gemeenten doelmatig te kunnen uitvoeren, beschrijft het BBV de algemeen geldende regels voor het opstellen van begrotingen. Het schrijft onder andere voor dat er een beleidskader moet worden opgesteld, een voorschrift waaraan we met dit Programma voldoen.

Daarnaast omvat het BBV definities rond het begroten en onderverdelen van onderhoud aan kapitaalgoederen. Infrastructurele kunstwerken worden niet expliciet benoemd, maar vallen wel degelijk onder deze kapitaalgoederen. Het BBV maakt onderscheid tussen “onderhoudskosten” en “vervangingsinvesteringen”: 1. Onderhoudskosten zijn lasten voor de instandhouding die in de jaarrekening (exploitatierekening) worden opgenomen. Onderhoudskosten zijn weer onderverdeeld in: a. Klein onderhoud: dit betreft incidentele onvoorziene reparaties of jaarlijks terugkerende onderhoudslasten (o.a. preventieve maatregelen en onderhoudscontracten) die nodig zijn om het infrastructurele kunstwerk in functionele en veilige staat te houden, conform het vastgestelde kwaliteitsniveau (zie par. 5.3 van dit Programma). b. Groot onderhoud: dit gaat om het uitvoeren van onderhoud als het gevolg van slijtage na een langere periode van gebruik. Dit type onderhoud wordt van tevoren gepland en is vaak ingrijpender van aard. 2. Vervangingsinvesteringen, waaronder ook integrale vervangingen, worden geactiveerd en in de balans opgenomen. De kapitaallasten lopen via de exploitatierekening. Waterschap verordening Waterschap Brabantse Delta (2024) Waterschappen hebben op basis van de artikelen 59 lid 1 en 78 lid 1 uit de Waterschapswet een verordenende bevoegdheid. Dit is ook opgenomen in de Omgevingswet, artikel 2.1.

Deze verordening wordt conform artikel 2.5 van de Omgevingswet een “Waterschap verordening” genoemd. Deze was tot de invoering van de Omgevingswet beter bekend als de “Keur”. De gemeente Geertruidenberg valt onder het waterschap Brabantse Delta. Dit waterschap heeft ook een Waterschap verordening opgesteld, die per 14 augustus 2024

-5Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032

in werking is getreden. In deze verordening staan de regels (met name geboden en verboden) die het waterschap hanteert bij de bescherming van onder andere waterkeringen, watergangen en bijbehorende infrastructurele kunstwerken. Deze regels voorkomen dat dijken en oevers beschadigd raken. Het beheren en onderhouden van infrastructurele kunstwerken moet volgens de Waterschap verordening aan bepaalde richtlijnen voldoen. Dit moet aantoonbaar zijn. De voor onze gemeente geldende Waterschap verordening stelt voor wat betreft de infrastructurele kunstwerken de volgende onderhoudsverplichtingen per type bouwwerken: o Steigers/vlonders: de steiger of vlonder en een zone van 1,00 m daaromheen wordt in een goede staat van onderhoud gehouden. o Bruggen: taluds onder bruggen dienen doelmatig te worden onderhouden om uitspoeling te voorkomen. o Grondkerende constructies: de constructies dienen doelmatig te worden onderhouden om: • uitspoeling, te voorkomen; • vervorming te voorkomen waardoor de watergang smaller wordt en • bij uitvoering van onderhoud de watertoevoer niet ontoelaatbaar te belemmeren. o Dammen met duikers: taluds bij duikers dienen doelmatig te worden onderhouden om uitspoeling te voorkomen. Doorstroming van de duiker moet gegarandeerd zijn. Verder bevat de verordening allerlei verplichtingen rondom de aanleg van onder andere infrastructurele kunstwerken.

Omdat dit beheerplan gaat over reeds bestaande infrastructurele kunstwerken, blijven deze verplichtingen hier buiten beschouwing. Normen en richtlijnen (CUR-aanbeveling 117) Op het bouwen en in stand houden van infrastructurele kunstwerken zijn meerdere normen en aanbevelingen van toepassing. We benoemen hier alleen de CUR-aanbeveling 117 omdat die zich richt op het inspecteren en adviseren van infrastructurele kunstwerken. Inspecties en advisering zijn namelijk van groot belang bij beheer en onderhoud van deze bouwwerken. Een systematische werkwijze is belangrijk, zeker als er veel bouwwerken moeten worden onderhouden. De genoemde CUR-117 beschrijft deze systematische werkwijze. CUR-aanbeveling 117 (ook wel CROW-CUR 117:2020) is een richtlijn voor het inspecteren en adviseren van infrastructurele kunstwerken, zoals bruggen, viaducten, kademuren en sluizen. Deze aanbeveling is opgesteld om inspecties en onderhoudsadviezen op een uniforme, systematische en professionele manier uit te voeren.

2.2 Gemeentelijke kaders en beleid Omgevingsvisie De Omgevingswet geeft gemeenten bevoegdheden om visie en beleid te maken voor de buitenruimte. Dit gemeentelijke strategische beleid(sdocument) wordt de Omgevingsvisie genoemd. In 2021 heeft de gemeenteraad van Geertruidenberg haar Omgevingsvisie vastgesteld. Deze Omgevingsvisie bevat • een beschrijving van de hoofdlijnen voor de kwaliteit en de fysieke leefomgeving; • de hoofdlijnen van de voorgenomen ontwikkeling, het gebruik, het beheer, de bescherming en het behoud van het grondgebied; • de hoofdlijnen van het integrale beleid voor de fysieke leefomgeving . Voor de infrastructurele kunstwerken is in de Omgevingsvisie voor de omschreven gebieden geen specifiek kwaliteitsniveau vastgelegd. Wettelijk geldt dat de objecten ‘heel en veilig’ moeten zijn. In het DIOR is voor de beeldkwaliteit bovendien kwaliteitsniveau B, conform de Kwaliteitsgids openbare ruimte 2023 van het CROW, opgenomen. Zie par. 3.2 van dit Programma voor een uitwerking van deze kwaliteitsaanduidingen en par. 4.2 voor een toelichting op de kwaliteitsniveaus.

-6Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032

Beschermd stadsgezicht Geertruidenberg De oude kern van Geertruidenberg heeft de status van beschermd stadsgezicht. Dit betekent dat voor het bouwen, verbouwen of slopen van infrastructurele kunstwerken binnen dit beschermde stadsgebied andere, vaak strengere regels gelden. Beleid en Beheerplan Wegen De verharding van rijbanen, voetpaden en fietspaden op civieltechnische bouwwerken, zoals bruggen, tunnels en duikers, hebben uiteraard een relatie met het Beheerplan Wegen van de gemeente. In iASSET wordt duidelijk gemaakt of de verharding valt onder het Beheerplan Wegen of onder dit Programma. In hoofdlijnen komt het erop neer dat verharding op de landhoofden van de infrastructurele kunstwerken onder het Beheerplan Wegen valt. Alleen als er op een brug of viaduct een ander soort verharding ligt dan op de landhoofden, dan valt deze verharding onder het Programma. Duurzame inrichting Openbare Ruimte (DIOR) In februari 2025 heeft de raad van de gemeente Geertruidenberg het DIOR (Duurzame Inrichting Openbare Ruimte) vastgesteld. Daarmee heeft de raad de beleids- en beheerkaders (beeld/kwaliteitsniveaus) voor de openbare ruimte vastgelegd. Voor infrastructurele kunstwerken is in het DIOR het beeld/kwaliteitsniveau B opgenomen, conform de Kwaliteitscatalogus openbare ruimte 2023 van het CROW1.

In het kader van de bezuinigingen en ombuigingen is besloten om het DIOR vanaf 2027 in te voeren. Vanaf 2027 zal bij de reguliere inspectie van de infrastructurele kunstwerken naast de constructieve veiligheid ook naar de beeld/kwaliteit van de objecten gekeken worden, conform de Kwaliteitscatalogus openbare ruimte 2023 van het CROW.

Inkoop- en aanbestedingsbeleid De gemeente Geertruidenberg zet zich in voor volledig duurzame inkoop, waarbij sociale factoren en milieufactoren centraal staan. Daarbij heeft de gemeente in het bijzonder oog voor de sociaal zwakkeren in de samenleving. Zij stimuleert daarom - waar mogelijk en doelmatig - de participatie van arbeidsgehandicapten, langdurig werkeloze uitkeringsgerechtigden of jongeren in het arbeidsproces. Gevolg voor dit beleid- en beheerplan is dat als de gemeente de inspecties of onderhoud van infrastructurele kunstwerken aanbesteedt, dit volgens de regels uit het inkoop- en aanbestedingsbeleid moet gebeuren. Mobiliteitsplan Geertruidenberg De gemeente Geertruidenberg heeft haar doelstellingen met betrekking tot bereikbaarheid en verkeersveiligheid vastgelegd in het Mobiliteitsplan Geertruidenberg (2025). Infrastructurele kunstwerken vormen een belangrijke schakel voor de bereikbaarheid in en rond Geertruidenberg. College- en coalitieakkoord 2022-2026 gemeente Geertruidenberg De gemeente Geertruidenberg kent zowel een collegeakkoord als een coalitieakkoord. In deze akkoorden beschrijven college en coalitie, aan de hand van meerdere programma’s, de maatschappelijke effecten die zij in de bestuurstermijn willen bereiken. Voor het beleid en beheer van infrastructurele kunstwerken zijn de Programma’s Leefbaarheid, Duurzaamheid en Financiën van belang.

Binnen deze programma’s worden gemeentelijke kaders gesteld voor het beheer en onderhoud van onder andere infrastructurele kunstwerken. 18 maart 2026 vinden er nieuwe gemeenteraadsverkiezingen plaats. Mogelijk leidt de uitkomst van deze verkiezingen tot andere inzichten m.b.t. de beoogde maatschappelijke effecten en de daarvan afgeleide kaders. Deze worden verwerkt in het nieuwe Beleid- en beheerplan voor de Infrastructurele Kunstwerken 2028-2037 dat in 2028 ter vaststelling aan de raad wordt voorgelegd.

1 CROW = Centrum Regelgeving en Onderzoek in de Grond, Weg- en Waterbouw en de Verkeerstechniek. Dit is een Nederlands ken-

nisinstituut voor infrastructuur, openbare ruimte, verkeer & vervoer en werk & veiligheid.

-7Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032

3 Beheervisie en beheerthema’s 3.1 Beheervisie Het is de visie van de gemeente Geertruidenberg dat haar kapitaalgoederen, waaronder dus ook de infrastructurele kunstwerken, optimaal worden ingezet en altijd veilig en goed op peil gehouden worden. Op die manier wordt kapitaalvernietiging voorkomen. Voor de infrastructurele kunstwerken werken we deze visie op beheer en onderhoud hieronder uit in vier thema’s: veiligheid, duurzaamheid, kostenefficiëntie en aantrekkelijkheid. Dat laatste thema heeft betrekking op de beeldkwaliteit en zal pas met het implementeren van het DIOR in 2027 actueel worden. De uitwerking van de wettelijke eis ‘heel en veilig’ in vier beheerthema’s vormt het feitelijke beleidskader voor het beheer van infrastructurele kunstwerken in de gemeente Geertruidenberg.

3.2 Beheerthema’s Veiligheid Het thema veiligheid wordt in dit Programma onderverdeeld in drie soorten: o Constructieve veiligheid: dit houdt in dat de constructie van een object voldoende sterk is om de toegestane belasting te kunnen dragen, zodat het zijn functie veilig kan vervullen. Deze constructieve veiligheid is een wettelijke zorgplicht van onze gemeente. o Gebruikersveiligheid: hiermee wordt bedoeld dat mensen bij het (normaal) gebruik van een infrastructureel kunstwerk geen lichamelijk letsel of materiele schade oplopen. Dit is opgenomen in artikel 16 van de Wegenwet. o Sociale veiligheid: dit betekent dat mensen zich bij het gebruik van een infrastructureel kunstwerk en de omgeving ervan niet onveilig voelen. Duurzaamheid Duurzaamheid bij beheer en onderhoud van infrastructurele kunstwerken vullen we als volgt in: o We inspecteren onze objecten periodiek om schadebeelden tijdig te signaleren en te kunnen herstellen. Hierdoor voorkomen we zo veel mogelijk hoge herstelkosten of voortijdige vervanging. o We gebruiken bij onderhoud van onze objecten duurzame materialen met een lange levensduur. We onderzoeken vooraf of er circulaire onderdelen beschikbaar zijn en of de onderdelen die we toepassen op een later moment hergebruikt kunnen worden. Houten materialen hebben het FSC- of PEFCkeurmerk2.

o Als een object het einde van de technische levensduur bereikt heeft, onderzoeken we of het mogelijk en rendabel is om de levensduur te verlengen. Dit is de meest duurzame en circulaire oplossing, aangezien het gebruik van grondstoffen wordt beperkt. o Bij het vervangen van een object zoeken we altijd oplossingen met een lange levensduur. Indien mogelijk en beschikbaar passen we circulaire bouwmaterialen toe en kijken of de toegepaste materialen aan het einde van de levensduur nog herbruikbaar zijn. o Bij het vervangen van een object kijken we altijd of de inrichting nog voldoet aan de geldende of toekomstige eisen. Kostenefficiëntie Kostenefficiënt beheer en onderhoud van infrastructurele kunstwerken betekent dat we o onnodige en/of dubbele onderhoudswerkzaamheden voorkomen en onderhoudswerkzaamheden zoveel mogelijk combineren; o bij ingrijpende onderhoudsmaatregelen met hoge kosten beoordelen of het niet kostenefficiënter is om het object volledig te renoveren of te vervangen; o geen onnodig onderhoud uitvoeren aan objecten die in de nabije toekomst worden vervangen. 2 De keurmerken FSC en PEFC geven de garantie dat het hout afkomstig is uit goed beheerde bossen.

-8Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032

Aantrekkelijkheid De openbare ruimte moet aantrekkelijk zijn en uitnodigen om te gebruiken. De infrastructurele kunstwerken zijn wezenlijk onderdeel van de openbare ruimte en moeten daarom ook zo onderhouden worden dat de aantrekkelijkheid ervan wordt vergroot. In februari 2025 heeft de raad het DIOR vastgesteld. In het gekozen scenario wordt voor de infrastructurele kunstwerken uitgegaan van kwaliteitsniveau B. Na implementatie van DIOR zal de beeldkwaliteit van de infrastructurele kunstwerken vanaf de inspectieronde van 2027 expliciet worden gemonitord.

-9Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032

4 Huidige situatie 4.1 De objectcategorieën in het areaal ‘Infrastructurele kunstwerken’ is een verzamelnaam voor niet voor bewoning geschikte bouwobjecten, waarvan de functie sterk kan verschillen. Deze paragraaf biedt een overzicht van de verschillende soorten bouwwerken oftewel objectcategorieën die we in de gemeente Geertruidenberg onderscheiden. Bruggen en viaducten Het gemeentelijke areaal bestaat uit 19 bruggen en viaducten in beheer. De uitdrukking ‘bruggen’ en ‘viaducten’ worden vaak door en naast elkaar gebruikt. Bruggen vormen een vaste of beweegbare verbinding van een (spoor)weg over een water. Een viaduct is een verbinding van een (spoor)weg over een andere (spoor)weg of hindernis. Remmingswerk, bedoeld om het aanvaren van bruggen te voorkomen, zien wij als onderdeel van de brug. Dit in tegenstelling tot de openbare verlichting, waarvan het beheer en onderhoud altijd buiten dit Programma valt. Binnen onze gemeente hebben we zeven bruggen en viaducten van beton, vier van staal, zeven van hout en een van composietmateriaal. Na de overdracht van de brug over De Dongen bij de nieuwe aansluiting op de A59 zal het aantal betonbruggen acht stuks bedragen.

Viaducten die onderdeel zijn van de door de gemeente lopende rijkswegen A27 (Kerklaan en Maasdijk) en de brug over de A59 (Oosterhoutseweg en De Dongen) zijn geen onderdeel van het gemeentelijke areaal, maar in beheer en onderhoud bij Rijkswaterstaat. De openbare verlichting onder deze viaducten en het viaduct Oosterhoutseweg zijn in beheer en onderhoud bij de gemeente Geertruidenberg. De kosten van het onderhoud hiervan komen ten laste van de exploitatie openbare verlichting. De gemeente is verantwoordelijk voor het onderhoud van de slijtlaag van de Amertakbrug (Kanaalweg West)

Tunnels Een tunnel is een kunstmatige onderdoorgang om tussen twee punten aan weerszijden van een obstakel transport mogelijk te maken. De gemeente Geertruidenberg heeft één tunnel in beheer en onderhoud: de vee-tunnel onder het Halve Zolenpad. De voet/fietstunnel onder de A59 nabij de Raadhuisstraat in Raamsdonk is eigendom van Rijkswaterstaat die daardoor verantwoordelijk is voor het beheer en onderhoud ervan. Alleen de verlichting van deze tunnel is in beheer en onderhoud bij de gemeente Geertruidenberg. De kosten hiervan komen ten laste van de exploitatie openbare verlichting. Vissteigers Vissteigers hebben geen infrastructureel, maar een recreatief doel. Het hebben van vissteigers is geen wettelijke taak. Daarbij komt dat de steigers gelegen zijn aan wateren die verpacht zijn aan visverenigingen en het vissen in deze wateren dus geen openbare aangelegenheid is. Daarom wordt in de komende periode onderzocht of wij als gemeente deze vissteigers moeten blijven beheren en onderhouden, dan wel overdragen of verwijderen. In totaal heeft de gemeente Geertruidenberg momenteel 16 vissteigers in beheer en eigendom (10st. kunststof en 6 st. hout). Twee vissteigers zijn speciaal toegankelijk voor mindervaliden.

-10Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032

Aanlegvoorzieningen Het betreft hier voorzieningen voor de beroeps- en pleziervaart om aan te kunnen meren, zoals remmingswerken, dukdalven, meerstoelen, meerpalen, bolders, fenters en haalkommen. Het fysieke (technische) beheer en onderhoud van deze objecten valt onder de infrastructurele kunstwerken. De exploitatie van deze objecten, zoals bijvoorbeeld het innen van liggelden, valt buiten de scope van dit Programma. Hetzelfde geldt voor de faciliteiten die rond deze objecten geboden worden, zoals stroom, water, afvalinzameling of sanitaire voorzieningen.

Duikers Een duiker is een constructie die twee wateren onder een weg of toegangsdam met elkaar verbindt. In tegenstelling tot een brug is het een gesloten constructie die in de grond ligt. In het areaal van de gemeente hebben we zowel duikers die onder de openbare weg doorlopen (wegduikers) en duikers onder een toegangsdam naar een woning-, bedrijf- of landbouwperceel (perceelduikers). Alleen de wegduikers vallen binnen dit Programma. De perceelduikers vallen onder het oppervlaktewaterbeheer. In totaal beheert de gemeente momenteel 23 wegduikers: 19 van beton en 4 van staal. Al deze duikers zijn opgenomen in de reguliere inspectieronden. In 2025 vindt een inspectie plaats van de oppervlaktewateren in de gemeente. Hierbij worden ook alle weg- en perceelduikers in beeld gebracht. Mogelijk dat hierbij wegduikers in beeld komen die in dit Programma moeten worden opgenomen. Door hun beperkte grootte zijn duikers meestal slecht fysiek toegankelijk en is het inspecteren daardoor erg lastig. Daarbij is het erg kostbaar om een duiker droog te zetten, zodat deze fysiek of met een robot kan worden geïnspecteerd. In de praktijk hebben duikers vaak een lange levensduur en vertonen nauwelijks schadebeelden. Constructieve problemen kondigen zich in de praktijk meestal aan door schadebeelden aan het wegdek. Duikers worden daarom beperkt geïnspecteerd.

Mocht daar aanleiding toe zijn, dan wordt een niet-reguliere eenmalige inspectie van het object uitgevoerd.

Grondkeringen Grondkeringen zijn bedoeld om grond tegen te houden. Ze worden gebruikt om stabiliteit te creëren zodat grond niet wegspoelt of afglijdt, om infrastructuur te beschermen of om waterstromen te reguleren. Grondkeringen komen in verschillende vormen voor, zoals kademuren, damwanden, schanskorven of beschoeiingen. In totaal beheert de gemeente tien grondkeringen. Beschoeiingen zijn tot op heden nooit opgenomen in het beheerareaal voor infrastructurele kunstwerken. Er bestond tot 2025 geen totaaloverzicht waar zich in de gemeente beschoeiingen bevonden en wie hiervoor onderhoudsplichtig is. Inmiddels zijn de beschoeiingen in de gemeentelijke watergangen geïnventariseerd. In de komende periode wordt verder uitgezocht of de gemeente verantwoordelijk is voor deze beschoeiingen. Bij de beschoeiingen die onder de gemeentelijke verantwoordelijkheid vallen zal gekeken worden of het wenselijk is deze in stand te houden of dat het mogelijk is deze om te vormen naar een natuurlijke oever. De beschoeiingen die we handhaven, worden in het eerstvolgende Programma Infrastructurele Kunstwerken (2028) opgenomen. Geluidsschermen Geluidsschermen dienen om geluidsoverlast langs drukke wegen, bedrijventerreinen of natuurgebieden te verminderen. Ze blokkeren of weerkaatsen lawaai zodat dit minder doordringt naar de achtergelegen bebouwing of natuurgebieden.

Geluidsschermen bieden daardoor meer rust, betere slaap en minder stress voor de mensen en dieren in het achtergelegen gebied. Ze leveren daarmee een belangrijke bijdrage aan de leefkwaliteit.

-11Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032

Onze gemeente beheert drie geluidschermen; twee langs de A27 en een bij het bedrijventerrein Dombosch. Dit areaal wordt uitgebreid met een geluidscherm langs de nieuwe aansluiting op de A59 ter hoogte van Zorgcomplex De Kloosterhoeve. Overige infrastructurele kunstwerken Alle objecten die niet in een van de bovenstaande categorieën passen, noemen we ‘overige infrastructurele kunstwerken’. Het gaat hierbij om objecten die geen civieltechnische functie hebben, maar bijvoorbeeld bijdragen aan de veiligheid of beleving van de openbare ruimte. Het gaat vooral om muurtjes, hekwerken en (losstaande) leuningen met als doel verkeersgeleiding of -veiligheid. Deze objecten zijn in het verleden onder de categorie infrastructurele kunstwerken gevoegd om inspectie en onderhoud hiervan te waarborgen. Onze gemeente kent in totaal acht van deze objecten.

4.2 Beschrijving huidig areaal De gemeente Geertruidenberg heeft 87 infrastructurele kunstwerken in beheer die we regelmatig inspecteren (zie Bijlage I voor een uitgebreid overzicht). De figuur hieronder laat zien uit welke verschillende soorten bouwwerken dit zogenaamde areaal is opgebouwd. De grafiek geeft de percentuele verdeling van de verschillende kunstwerken in de gemeente weer.

o Bruggen o Duikers o Steigers o Geluidschermen o Muren o Leuningwerken Totaal:

19 23 22 2 18 2 87

overige geluidschermen 8% 3% (keer)muren 13%

bruggen 22% tunnels 1% steigers 18%

duikers 28%

aanlegsteigers 7%

Niet alle infrastructurele kunstwerken zijn in beeld Niet alle infrastructurele kunstwerken binnen de gemeente zijn in beeld en/of worden geïnspecteerd. Uit een inventarisatie van het waterschap (2018) bleek dat de gemeente onderhoudsplichtig is voor in totaal 73 duikers. Momenteel inspecteren we alleen de duikers onder de doorgaande wegen (wegduikers). De resterende duikers liggen geheel of gedeeltelijk op openbaar gebied in dammen, maar zijn bedoeld om privaat perceel toegankelijk te maken. Omdat het belang ervan bij de eigenaar/gebruiker van het betreffende perceel ligt, vallen deze duikers buiten de scope van dit Programma. Mochten dit soort duikers falen, dan is de impact voor de leefbaarheid en mobiliteit zeer beperkt. Beschoeiingen in de gemeente waren tot voor kort ook niet in beeld gebracht. In 2025 hebben we deze daarom geïnventariseerd. In de komende periode zal verder onderzocht worden of de gemeente ook eigenaar en/of onderhoudsplichtige van deze beschoeiingen is en of we deze in de toekomst willen handhaven. Op locaties waar de beschoeiing vervangen kan worden door een natuurvriendelijke oever zal het onderhoud gestaakt worden of wordt de beschoeiing verwijderd. De beschoeiingen die gehandhaafd worden, zullen in de reguliere inspectieronde van de infrastructurele kunstwerken in 2027 worden meegenomen.

De resultaten hiervan verwerken we in de herijking van dit Programma in 2028. -12Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032

Vervangingswaarde areaal De totale vervangingswaarde van de geïnspecteerde infrastructurele kunstwerken in de gemeente Geertruidenberg bedraagt momenteel naar schatting 25 miljoen euro. Dit bedrag is inclusief de uitvoeringskosten die noodzakelijk zijn om de kunstwerken te vervangen. De figuur hieronder toont de verdeling van dit totaalbedrag over de verschillende soorten bouwwerken. 20.000.000 18.000.000 16.000.000 14.000.000 12.000.000 10.000.000 8.000.000 6.000.000 4.000.000 2.000.000 -

bruggen

tunnels

steigers

aanlegsteigers

duikers

keermuren

geluidschermen

overige

De figuur toont dat bruggen veruit de grootste vervangingswaarde van het areaal vertegenwoordigen: 19 miljoen euro. Circa 75% van dit bedrag wordt in beslag genomen door drie van de in totaal 19 bruggen: de Bergse Brug, de Wim Letscherbrug en de Koedambrug.

4.3 Huidige staat van onderhoud Onderhoudsniveaus De gemeente Geertruidenberg heeft tot op heden geen onderhoudsniveau voor haar infrastructurele kunstwerken vastgesteld. Dit Programma borgt de kwaliteit door het wettelijke uitgangspunt ‘heel en veilig’ uit te werken in de vier beheerthema’s veiligheid, duurzaamheid, kostenefficiëntie en aantrekkelijkheid (zie par. 3.2). Begin 2025 stelde de gemeenteraad het DIOR vast. Hierin staat dat we voor infrastructurele kunstwerken kwaliteitsniveau B hanteren, conform de Kwaliteitscatalogus van het CROW. Deze kwalificatie heeft uitsluitend betrekking op de beeldkwaliteit (‘schoon en heel’) en zegt dus niets over de constructieve staat (‘veilig’) van een object. De beeldkwaliteit van objecten nemen we mee bij de eerstvolgende inspectie van de infrastructurele kunstwerken in 2027. Tijdens de DIOR-quickscan van 2024 bleek overigens dat de beeldkwaliteit van alle destijds geïnspecteerde infrastructurele kunstwerken zich op dat gewenste niveau bevindt. Binnen de gemeente hanteren wij de kwalificaties ‘goed’, ‘voldoende’, ‘matig’ of ‘slecht’ om de onderhoudstoestand van infrastructurele kunstwerken aan te geven. De gemeente ambieert de infrastructurele kunstwerken op het niveau ‘voldoende’ te onderhouden. Voor wat betreft de beeldkwaliteit (DIOR) komt dit overeen met het beeld/kwaliteitsniveau B. Hieronder werken we de vier kwalificaties uit.

•

Goed Het object is technisch in uitstekende staat en het totaalbeeld is verzorgd, al kan het bouwwerk enkele lichte schades en tekenen van beginnende veroudering vertonen. Doordat het om beginnende veroudering of schades gaat, zijn deze eenvoudig te verhelpen. Toch accepteren we een minder aantrekkelijk uiterlijk als gevolg van zeer lichte schades en een lichte achteruitgang. Bij dit niveau kunnen we dus enkele concessies in het onderhoud doen, met name wat betreft het aanzien (beeldkwaliteit). De kwalificatie ‘goed’ komt overeen met kwaliteitsniveau A, conform de Kwaliteitscatalogus van het CROW.

-13Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032

•

Voldoende Het object heeft zichtbare schades en is plaatselijk ook zichtbaar verouderd. Tegelijkertijd is het bouwwerk constructief veilig en kan het veilig gebruikt worden. Dit is het minimale onderhoudsniveau binnen onze gemeente. De schades kunnen leiden tot meer en/of grotere schades. Zaken als aanslag en vuil worden geaccepteerd, zolang dit niet ten koste gaat van de sociale veiligheid. Bij dit niveau is het onderhoud gericht op de technische, functionele en economische levensduur van het object. De kwalificatie ‘voldoende’ komt overeen met kwaliteitsniveau B, conform de Kwaliteitscatalogus van het CROW.

•

Matig Het object heeft veel schades waardoor sommige onderdelen niet langer functioneren. De schades leiden tot meer en/of andere schades en het object oogt onaantrekkelijk. Het herstel van deze schades is tijdrovend en brengt behoorlijke kosten met zich mee. Deze staat van onderhoud heeft een negatief effect op de levensduur van het bouwwerk. Bovendien is het alleen veilig te gebruiken als het voldoende regelmatig gecontroleerd wordt en het hoogstnoodzakelijke onderhoud wordt gepleegd. De kwalificatie ‘matig’ komt overeen met kwaliteitsniveau C, conform de Kwaliteitscatalogus van het CROW.

•

Slecht Het object is in slechte tot zeer slechte conditie en is onderhevig aan onomkeerbare veroudering. De staat van het object kan tot onveilige situaties leiden. Door de vele duidelijk zichtbare schades oogt het object bovendien zeer onaantrekkelijk. Het herstel van de schades is tijdrovend en er zijn hoge kosten mee gemoeid. Soms zal het zelfs doelmatiger zijn om het object in zijn geheel te vervangen. De kwalificatie ‘slecht’ komt overeen met kwaliteitsniveau D, conform de Kwaliteitscatalogus van het CROW en impliceert achterstallig onderhoud.

Om het functioneren van de infrastructurele kunstwerken te kunnen waarborgen voeren we elke vijf jaar een visuele inspectie uit. Indien nodig vindt naar aanleiding van deze inspectie nader onderzoek plaats. De inspecties richten zich op de kwalificatie ‘heel en veilig’ en het in stand houden van de objecten. In 2027 starten wij met het implementeren van het DIOR in werking en gaan we voortaan de beeldkwaliteit in onze inspecties en plannen meenemen. Daarmee zijn alle vier de beheerthema’s (hfdst. 3.2) voortaan in onze aanpak geborgd. In 2022 vond de meest recente reguliere inspectie van de infrastructurele kunstwerken in onze gemeente plaats. Naar aanleiding hiervan zijn in 2023 en 2024 vijf bouwwerken (waaronder de Bergse Brug) nader onderzocht. Op basis van deze inspecties wordt in de naast staande tabel de staat van onderhoud aangegeven zoals deze eind 2022 was.

kwalificatie goed voldoende matig slecht onbekend

aantal objecten 40 (40% 30 (35%) 9 (10%) 2 (2%) 6 (7%)

Inmiddels zijn de twee objecten die zich in een slechte staat bevonden vervangen. Het ging hierbij concreet om de voetgangersbruggen bij de Commandeurstraat (kw3 1.05) en het Koningspark (kw 1.09). De bouwwerken waarvan de staat als ‘matig’ werd aangemerkt zijn, behalve de Bergse Brug, hoofdzakelijk houten objecten zoals voet- en fietsbruggen en vissteigers. De brug in de Zijlweg (kw 1.03) wordt hersteld. De voetgangersbrug bij het St Agnesplein (kw 1.17), wordt eind 2025 of begin 2026 vervangen.

3 “kw” staat voor “infrastructureel kunstwerk”.

-14Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032

Op 18 september 2025 heeft de raad bovendien ingestemd met het vervangen van de Bergse Brug. Van de zeven resterende objecten met de status ‘matig’ zijn er zes in het vervangingsprogramma infrastructurele kunstwerken voor de jaren 2027 t/m 2032 opgenomen. Voor vier van deze objecten zal de komende periode onderzocht worden of het nog noodzakelijk (wettelijke verplichting of gemaakte afspraken) dan wel maatschappelijk wenselijk is dat wij deze handhaven. Het resterende object betreft de steigers van de gemeentelijk jachthaven in Raamsdonksveer (kw 4.01). Hoewel deze in een matige staat verkeren, voeren we hieraan alleen nog klein onderhoud uit om de steigers veilig te houden voor de gebruikers. De jachthaven wordt immers verkocht. Duiker (kw 5.13) bij de Landonk/Kasteellaan verkeert in een matige staat. Het vervangen van deze duiker combineren we met de ontwikkelingen van het aangelegen Kartuizerstraat. De objecten met de status ‘onbekend’ zijn duikers waar de waterstand inspectie onmogelijk maakte. Er zijn technieken in ontwikkeling die het in de nabije toekomst mogelijk maken ook deze duikers te inspecteren. In het hiernaast staande diagram wordt de staat van onderhoud van de infrastructurele kunstwerken weergegeven zoals deze begin 2026 zal zijn.

4.4 Leeftijdsopbouw van het areaal Infrastructurele kunstwerken hebben vaak een lange levensduur. De gemiddelde leeftijd van de infrastructurele kunstwerken in de gemeente Geertruidenberg bedraagt vanaf 2026; 28 jaar. Het oudste object binnen de gemeente waarvan het jaar van aanleg bekend is, stamt uit 1940 (kw 1.03: de brug in de Zijlweg). Als we kijken naar de leeftijdsopbouw van het areaal dan zien we dat ongeveer 70% van het areaal 30 jaar of jonger is.

Leeftijd t/m 10 jaar 11 t/m 20 jaar 21 t/m 30 jaar 31 t/m 40 jaar 41 t/m 50 jaar 51 t/m 60 jaar > 60 jaar onbekend

Aantal 5 34 22 12 2 3 5 4

Percentage 6% 39% 25% 14% 2% 3% 6% 5%

4.5 Materiaalsoorten in het areaal Infrastructurele kunstwerken zijn vaak uit verschillende materialen opgebouwd. Kijken we alleen naar de hoofdconstructie van de objecten, dan onderscheiden we vijf materiaalsoorten in ons areaal. De tabel hiernaast geeft het aantal objecten per materiaalsoort weer.

Materiaal constructie beton staal steen hout composiet

Aantal objecten 25 9 18 24 11

-15Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032

4.6 Toekomstige areaalveranderingen Het areaal van de gemeente zal in de komende jaren uitgebreid worden met een nieuwe brug over De Dongen en een geluidscherm. Het betreft infrastructurele kunstwerken ten behoeve van de nieuwe aansluiting van Geertruidenberg op de A59. Deze worden na de overdracht van deze nieuwe ontsluitingsweg opgenomen in dit Programma. Ook zal het te beheren areaal uitgebreid gaan worden met een aantal (bestaande) beschoeiingen. Het beheer en onderhoud van deze beschoeiingen is momenteel nog niet binnen de organisatie geborgd. Wij gaan het beheer van deze objecten onderbrengen bij de infrastructurele kunstwerken. Inmiddels zijn de aanwezige beschoeiingen geïnventariseerd. In 2026 wordt uitgezocht wie onderhoudsplichtig hiervoor is. Bij de reguliere inspectiecyclus in 2027 worden de beschoeiingen die in beheer en onderhoud van de gemeente zijn ook worden geïnspecteerd.

-16Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032

5. Organisatie 5.1 Organisatie operationeel beheer Het beleid en technische beheer van de infrastructurele kunstwerken in Geertruidenberg is ondergebracht bij het Domein Fysiek, team Civiel. De Beheerder van de infrastructurele kunstwerken is verantwoordelijk voor alle activiteiten (meldingen, inspectie, onderhoudsprogrammering, inkoop, etc.) die noodzakelijk zijn om het areaal op het door de raad vastgestelde kwaliteitsniveau in stand te houden. De Beheerder hanteert hierbij de kaders zoals deze in dit Programma zijn vastgelegd. Het daadwerkelijke klein en groot onderhoud aan de infrastructurele kunstwerken wordt met behulp van een raamovereenkomst ingekocht. Voor specialistische werkzaamheden of renovaties en vervanging van objecten geldt een separaat inkooptraject. Bij het uitvoeren van de beheertaken krijgt de Beheerder ondersteuning van de Toezichthouder(s) Buitenruimte. Complexe en/of specialistische onderhoudswerkzaamheden, renovaties en vervangingen worden projectmatig aangepakt. Hierbij wordt dan een projectleider ingezet. De Beleidsadviseur Openbare Ruimte is verantwoordelijk voor het beleid, het bewaken van de beleidskaders, het evalueren daarvan en indien noodzakelijk doen van verbetervoorstellen. Dit laatste in nauwe samenwerking met de Beheerder.

5.2 Inspectie Om de veiligheid van de infrastructurele kunstwerken te waarborgen, voert een extern bedrijf elke vijf jaar een inspectie van de bouwwerken uit. Deze inspecties vinden plaats conform de CUR-aanbeveling 117 (CUR117). Dat wil zeggen dat de inspecties op een uniforme, systematische en professionele manier worden uitgevoerd door hiervoor opgeleide inspecteurs. Dit is essentieel om de resultaten van opeenvolgende inspectierondes te kunnen vergelijken. Daarbij wordt ook de onafhankelijkheid van de inspectie gewaarborgd. Alle inspectieresultaten worden verwerkt in het beheerprogramma iASSET. Infrastructurele kunstwerken worden pas vijf jaar na oplevering in de reguliere vijfjaarlijkse inspectierondes opgenomen. Dat betekent dus dat nieuwe objecten uiterlijk negen jaar na oplevering voor het eerst worden geïnspecteerd. Indien een reguliere inspectie aanleiding geeft tot nader onderzoek, dan vindt aanvullend uitgebreid technisch onderzoek plaats. Dit verdiepende onderzoek kan bestaan uit materiaalanalyses, stabiliteitsberekeningen of levensduurprognoses. Vanwege hun omvang, complexiteit en de inzet van specifieke inspectiemiddelen worden de Bergse Brug en Wim Letscherbrug separaat geïnspecteerd. De reguliere en aanvullende inspecties inclusief bijbehorende advisering zijn van groot belang voor het beheer en onderhoud van de infrastructurele kunstwerken.

De inspectieresultaten vormen de basis voor de beheerder voor het uitvoeren van onderhoudsmaatregelen en de Financiële planning (hfdst. 6).

5.3 Onderhoud Onderhoud wordt uitgevoerd om een object gedurende de levensduur op het gewenste onderhoudsniveau te houden dan wel opnieuw op dit niveau te brengen. Met andere woorden: zorgen dat alle objecten in het areaal naar behoren functioneren (“heel en veilig”) en een aantrekkelijk uiterlijk behouden. Het uitvoeren van onderhoud is niet levensduur verlengend, maar het zorgt ervoor dat het object zijn waarde behoudt binnen de geplande levensduur.

-17Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032

We onderscheiden verschillende vormen van onderhoud, te weten: o Klein onderhoud o Groot onderhoud o Vervangen of renoveren Hieronder definiëren we deze verschillende vormen van onderhoud. Klein onderhoud Bij klein onderhoud gaat het om dagelijkse reparaties die noodzakelijk zijn om het object in goed werkende en veilige staat te houden op een vooraf vastgesteld onderhoudsniveau. Het gaat hierbij om het herstellen van kleine schades op basis van meldingen van burgers of eigen waarnemingen. Klein onderhoud vindt in de regel plaats aan een klein gedeelte van een object. De kosten van het klein onderhoud van de infrastructurele kunstwerken komen ten laste van de Exploitatie Bruggen en Duikers van het geldende begrotingsjaar. Deze begroting is gebaseerd op meerjarige ervaringscijfers. Gezien de onvoorspelbare aard van klein onderhoud zullen de werkelijke kosten hiervoor jaarlijks fluctueren. Groot onderhoud We spreken van ‘groot onderhoud’ als het nodig is om (grotere) delen van een object te herstellen of te vervangen. Groot onderhoud is gericht op schades die meestal het gevolg zijn van langdurig gebruik, weersinvloeden, verkeersbelasting of het indringen zout en andere chemicaliën. Groot onderhoud vloeit meestal voort uit de reguliere vijfjaarlijkse inspecties.

Voordat we tot groot onderhoud besluiten, kijken we altijd eerst of het object het einde van de technische levensduur nadert. In dat geval maken we de afweging wat kostenefficiënter is: groot onderhoud of renovatie/vervanging? De kosten voor groot onderhoud worden gedekt uit de Voorziening Infrastructurele Kunstwerken. Deze Voorziening wordt gevoed door een jaarlijkse storting vanuit de Exploitatie Bruggen en Duikers. De hoogte van deze storting wordt elke vijf jaar herijkt op basis van de uitgevoerde inspecties. Mocht tussentijds blijken dat deze storting ontoereikend is dan zal aan de raad een voorstel voor aanpassing van deze storting worden voorgelegd. Renoveren of vervangen Wanneer een infrastructureel kunstwerk het einde van de technische levensduur bereikt of functioneel niet meer voldoet, beoordelen we of renovatie volstaat of dat volledige vervanging noodzakelijk is. Renovatie verlengt de levensduur van het bestaande object, als dit tenminste technisch en economisch haalbaar is. Bij vervanging breken we het bestaande bouwwerk af en bouwen het opnieuw. Daarbij streven we naar de toepassing van circulaire en duurzame materialen met een lange technische levensduur.

Voordat we kiezen tussen renoveren of vervangen van een bouwwerk, beoordelen we eerst de ‘nut en noodzaak’ ervan: is het bouwwerk überhaupt nog nodig in de openbare ruimte? Ook checken we of het in stand houden van het betreffende object voor de gemeente een wettelijke verplichting is. Voor het renoveren of vervangen van een object wordt de raad altijd verzocht om een krediet beschikbaar te stellen.

5.4 Schade door derden Als er schade ontstaat aan infrastructurele kunstwerken door toedoen van derden worden de kosten voor het herstellen altijd bij de veroorzaker verhaald. Indien de veroorzaker niet bekend is wordt aangifte gedaan bij de politie.

-18Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032

6. Financiële planning 2026-2032 De financiële planning hieronder is gebaseerd op de reguliere inspecties van 85 kleine kunstwerken en de Wim Letscherbrug die in 2022 hebben plaatsgevonden. Ook de resultaten van aanvullende onderzoeken naar aanleiding van deze reguliere inspectieronde en de intussen reeds uitgevoerde werkzaamheden zijn hierin verwerkt. In 2024 heeft een instandhoudingsinspectie van de Bergse Brug plaatsgevonden. Naar aanleiding van deze inspectie heeft de raad 18 september 2025 besloten om deze brug te vervangen. De kosten voor deze vervanging zijn in de investeringsraming verwerkt.

6.1 Exploitatie Bruggen en Duikers De kosten voor het dagelijkse onderhoud van alle infrastructurele kunstwerken in Geertruidenberg zijn opgenomen in de Exploitatie Bruggen en Duikers. Onder deze exploitatiekosten vallen zowel personeels- en plankosten als de kosten voor onderhoud, beheer en herstel van schades, inclusief het verhalen van de kosten daarvan. Vanuit de Exploitatie Bruggen en Duikers wordt er jaarlijks een vastgesteld bedrag in de Voorziening Infrastructurele Kunstwerken gestort ten behoeve van het groot onderhoud. In de tabel hieronder zijn de geraamde exploitatiekosten voor de periode 2026-2032 opgenomen. exploitatie kosten infrastructurele kunstwerken 62100103 Plankosten 62100103 Onderhoud en beheer 62100103 Voorziening infrastructurele kunstwerken Totaal

2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031 2032 10.000 10.000 68.000 15.000 10.000 10.000 10.000 78.000 15.000 15.000 15.000 15.000 15.000 15.000 15.000 15.000 100.000 80.000 80.000 80.000 80.000 80.000 80.000 80.000 125.000 105.000 163.000 110.000 105.000 105.000 105.000 173.000

De plankosten voor de jaren 2027, 2028 en 2032 vallen hoger uit. Deze extra kosten maken we voor de reguliere inspectieronden in 2027 en 2032. Daarnaast houden we in 2028 rekening met aanvullende inspecties naar aanleiding van de eerstgenoemde reguliere inspectieronde.

6.2 Voorziening Infrastructurele Kunstwerken De Voorziening Infrastructurele Kunstwerken wordt gevoegd door een vastgestelde een jaarlijkse storting vanuit de Exploitatie Duikers en Bruggen. De hoogte daarvan volgt uit de uitgevoerde inspecties en de daaruit voortvloeiende onderhoudswerkzaamheden. De jaarlijkse storting in de Voorziening dient dusdanig hoog te zijn dat de Voorziening gedurende de planperiode van vijf jaar niet negatief komt te staan. De storting wordt elke vijf jaar op basis van de uitgevoerde reguliere inspectieronde herzien. Bij de inspectie van de Wim Letscherbrug in 2022 is vastgesteld dat de tuien over 5 tot 15 jaar een nieuwe conservering moeten krijgen. Het precieze moment zullen we na de inspectie van 2027 nader kunnen bepalen. De kosten (150.000 euro) van dit groot onderhoud zijn voorlopig voor 2032 voorzien en verwerkt in de onderstaande uitgaven. Het daadwerkelijke onderhoudsmoment kan dus nog wijzigen. De jaarlijkse uitgaven voor groot onderhoud zijn gebaseerd op de onderhoudsplanning van de inspectieronden van 2022, aangevuld met de kosten voor herstelwerkzaamheden waarvan de noodzaak later werd geconstateerd. De tabel hieronder toont de kostenraming voor de periode 2026-2032. Voorziening Infrastructurele Kunstwerken beginsaldo 01-01 storting in Vooriening Infrastructurele Kunstwerken Verwachte kosten voor groot onderhoud o.b.v.

de inspecties 2022 en 2023 en reeds uitgevoerde werkzaamheden inclusief VAT-kosten verwacht eind saldo voorziening 31-12

2025 524.962

2026 377.678

2027 301.678

2028 330.762

2029 244.505

2030 266.548

2031 223.367

2032 271.237

100.000

80.000

80.000

80.000

80.000

80.000

80.000

80.000

-247.284 377.678

-156.000 301.678

-50.916 330.762

-166.257 244.505

-57.957 266.548

-123.182 223.367

-32.130 271.237

-210.099 141.138

De onttrekking aan de Voorziening Infrastructurele Kunstwerken in gebaseerd op de programmering uit de reguliere inspecties aangevuld met de herstelkosten van later geconstateerde (onvoorziene) gebreken (Bijlage II). Deze theoretische uitgaven kunnen afwijken van de werkelijke uitgaven omdat de beheerder van de infrastructurele kunstwerken de uiteindelijke programmering van het onderhoud maakt.

-19Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032

6.3 Vervangingsinvesteringen Als een infrastructureel kunstwerk het einde van de technische levensduur bereikt, wordt het bouwwerk vervangen. Het uitstellen van vervanging leidt uiteindelijk immers tot hogere onderhoudskosten of zelfs het buitengebruikstellen van het object. De voor vervanging noodzakelijke investeringen worden steeds meegenomen in het meerjaren-investeringsplan van de begroting voor het betreffende dienstjaar. Voordat een object daadwerkelijk vervangen wordt, beoordelen we altijd eerst ‘nut en noodzaak’ van de investering. Voor de komende jaren voorzien we de volgende vervangingsinvesteringen. kunstwerk kw. 1.01 Bergse Brug kw 1.17 Voetgangersbrug kw 3.01 Vissteiger 1 kw 3.02 Vissteiger 2 kw 4.02 Passantenhaven kw 3.15 Houten vissteiger zandput kw 8.05 Leuning burg. Meijerstraat kw 7.02 Geluidssch. Rijkvoortshoef kw 7.01 Geluidsch. Omschoorweg totaal investering

2025

2026

2027

2028

2029 7.300.000

2030

2031

2032

0

44.550 44.550

69.000 19.800* 19.800* 330.000 33.000* 23.100* 62.700 69.000

330.000

0

0

7.300.000

62.700

* De met een sterretje gemarkeerde bedragen zijn bij het opstellen van de Kadernota 2026 uit de investeringsagenda gehaald, omdat onderzocht wordt of het nog noodzakelijk of wenselijk is om deze bouwwerken te handhaven.

6.4 Risico’s Aan het beheer en onderhoud van infrastructurele kunstwerken zijn de volgende risico’s verbonden: o risicoaansprakelijkheid bij schade of letsel die gebruikers bij het gebruik van het object hebben opgelopen; o economische en/of maatschappelijke schade als objecten niet functioneren, waardoor routes niet bruikbaar zijn; o financiële schade door verval van objecten als gevolg van achterstallig of gebrekkig onderhoud; o politieke schade of imagoschade als het beheer en onderhoud aan de objecten niet voldoen aan de redelijke verwachtingen van gebruikers; o versnelde afname van kwaliteit en veiligheid van een object door externe invloeden, zoals weeromstandigheden, vandalisme of overbelasting door het verkeer; o veiligheidsrisico’s doordat infrastructurele kunstwerken die niet in beeld zijn onbeheerd blijven; o onderliggende schades die bij onderhoud (en niet bij reguliere inspectie) geconstateerd worden, wat weer leidt tot extra onderhoudskosten; o extra onderhoudskosten als gevolg van het uitstellen van vervangings- en/of renovatie-investeringen; o tekorten aan civieltechnisch opgeleide medewerkers bij overheid en bedrijfsleven kunnen ertoe leiden dat onze organisatie op de middellange termijn onvoldoende kennis in huis heeft om zelfstandig het beheer en onderhoud van de infrastructurele kunstwerken uit te kunnen voeren.

-20Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032

Bijlage l - Overzicht geïnspecteerde infrastructurele kunstwerken

-21Programma Infrastructurele Kunstwerken 2026-2032

Nr Kunstwerk 1 kw 1.01 Bergse Brug 2 kw 1.02 Achterste dijk 3 kw 1.03 Zijlweg 4 kw 1.04 Luiten Ambachtstraat 5 kw 1.05 Commandeurstraat 6 kw 1.06 Fietsbrug Kardeel 7 kw 1.06a Kademuur Kardeel 8 kw 1.07 Fietsbrug Halve Zolenlijn 9 kw 1.08 Weegbree 10 kw 1.09 Houten brug park 11 kw 1.11 Houten brug Plassengebied 12 kw 1.12 Kunststof brug Jeu de Boules baan 13 kw 1.13 Metselwerk brug gemeentehuis 14 kw 1.14 Koedambrug 15 kw 1.15 Wim Letscherbrug 16 kw 1.15a Leuning op betonsloof Wim Letscherbrug 17 kw 1.16 Voetgangersbrug sportvelden 18 kw 1.17 Voetgangersbrug 19 kw 2.01 Veetunnel Halve Zolenlijn 20 kw 3.01 Invalide vissteiger 1 21 kw 3.02 Invalide vissteiger 2 22 kw 3.03 Kunststof vissteiger 3 23 kw 3.04 Kunststof vissteiger 4 24 kw 3.05 Kunststof vissteiger 5 25 kw 3.06 Kunststof vissteiger 6 26 kw 3.07 Kunstsof vissteiger 7 27 kw 3.08 Kunstof vissteiger 8 28 kw 3.09 Kunststof vissteiger 9 29 kw 3.10 Kunststof vissteiger 10 30 kw 3.11 Kunststof vissteiger 11 31 kw 3.12 Kunststof vissteiger 12 32 kw 3.13 Steiger Zandput 33 kw 3.14 Steiger appartementen Achter de Hoeven 34 kw 3.15 Houten vissteiger Zandput 35 kw 3.16 Steiger Oranjebastion 36 kw 4.01 Gemeentelijke Jachthaven 37 kw 4.02 Passanthaven 38 kw 4.03.1 Aanlegsteiger langs Reenweg noord 39 kw 4.03.2 Aanlegsteiger langs Reenweg midden 40 kw 4.03.3 Aanlegsteiger langs Reenweg zuid 41 kw 4.04 Steigers Timmersteekade 42 kw

5.01 Ramgatseweg 43 kw 5.02 Bliek 44 kw 5.03 Elftweg 45 kw 5.04 Zalmweg 46 kw 5.05 Achter de Hoeven 47 kw 5.06 Achter de Hoeven 48 kw 5.07 Beelaertsweg 49 kw 5.09 Kloosterweg - Eendrachtsweg 50 kw 5.10 Engelandse steeg 51 kw 5.11 Rotonde Triangel - A27 52 kw 5.12 Rotonde Triangel - Oosterhoutseweg 53 kw 5.13 Landonk - Kasteellaan 54 kw 5.14 Borstlappenweg 55 kw 5.15 Fietspad Dongeroute - Lageweg 56 kw 5.16 Oosterhoutseweg 57 kw 5.17 Kanaalweg 58 kw 5.18 Kanaalweg - Dwarsweg 59 kw 5.19 Essenboom 60 kw 5.20 Fietspad Dongeroute - Zandput 61 kw 5.21 Duiker Barbeelweg 62 kw 5.22 Duiker Oosterhoutseweg 63 kw 6.01 Kademuur Timmersteekade 64 kw 6.02 Kademuur Lunetkade 65 kw 6.03 Keermuur Het Spant 66 kw 6.04 Keermuren Brandepoortbastion 67 kw 6.05 Keermuren Oranjebastion 68 kw 6.06 Keermuren Willem Marislaan 69 kw 6.07 Muurtje 70 kw 6.08 Trap en keermuurtjes 71 kw 6.09 Muurtje 72 kw 6.10 Muurtje 73 kw 7.01 Geluidsscherm Omschoorweg 74 kw 7.02 Geluidsscherm Rijvoortshoef 75 kw 7.03 Geluidsscherm Zalmweg 76 kw 8.01 Betonnen damwand met stalen leuning 77 kw 8.02 Stalen hekwerk oversteekplaats 78 kw 8.03 Hekwerk met metselwerk sloof en pilaren 79 kw 8.04 Keermuur met reling 80 kw 8.05 Leuning Burgemeester Meijersstraat 81 kw 8.06 Muur met kanonnen 82 kw 8.07 Muur rond kerk

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Geertruidenberg&id=b59870d2-acb4-4c13-98ad-c89c436f73a2