Mva Erfgoedverordening 2
Tekst van het document
Memorie van antwoord Aan : de leden van de gemeenteraad Van : het college van burgemeester en wethouders Datum : 20 oktober 2022 Onderwerp : memorie van antwoord vanwege vragen van Morgen over Agendapunt 7, Erfgoedverordening, in verband met de raad van 20 oktober 2022 Vragen van : Morgen 1. Vraag: In diverse bestemmingsplannen zijn cultuurhistorische landschapselementen beschermd. In het boekje Kleine monumenten van de Oudheidkundige kring zijn ook diverse cultuurhistorische landschapselementen in beeld gebracht. Hiermee wordt rekening gehouden in de zin van de Erfgoednota en het ligt in de bedoeling om verder na te gaan voor welke landschapselementen verdere bescherming passend is. Graag een inventarisatie van de landschapselementen die nu beschermd zijn. Wanneer is nagegaan voor welke landschapselementen verdere bescherming passend is. Antwoord: Allereerst is op te merken dat het onderwerp van deze vragen op zich los staat van het voorliggende raadsvoorstel om de Erfgoedverordening aan te passen aan de Omgevingswet. Zoals is aangegeven in het voorstel, gaat het om een juridisch-technische aanpassing, geen inhoudelijke wijziging van beleid, en volgt de verordening het model van de VNG.
Cultuurhistorische landschapswaarden verwijzen in het algemeen naar de ontstaanswijze en bijzondere plekken van cultuurlandschappen, zoals polders, kavelstructuren, terpen en het landschap van waterlinies. Het geëigende juridische instrumentarium voor de bescherming van waardevolle historische landschapselementen is in het algemeen het bestemmingsplan (in de toekomst het omgevingsplan). Dit kan op verschillende manieren (bestemming, dubbelbestemming en aanduiding) en tot verschillende niveaus. Er zijn diverse cultuurhistorische landschapselementen in de gemeente die beschermd zijn via het bestemmingsplan. Dit betreft bijvoorbeeld het slagenlandschap met de daarbij behorende openheid in Raamsdonk. Verder zijn hierbij als voorbeelden te noemen: de dubbelbestemmingen Waarde-cultuurhistorie en Waarde-groeiplaats monumentale bomen in het bestemmingsplan Kom Geertruidenberg 2012, en de dubbelbestemming wro-zone-aanlegvergunning landschap en cultuurhistorie in het bestemmingsplan Buitengebied. Vanwege de landelijke Modernisering van de monumentenzorg (2009) en het Besluit ruimtelijke ordening (2012) moeten we bij het opstellen van bestemmingsplannen rekening houden met de cultuurhistorische waarden. Hiertoe moet de gemeente voor het desbetreffende plangebied cultuurhistorische waarden inventariseren en waarderen, en bepalen hoe deze waarden te integreren c.q. beschermen.
De omgang hiermee is te verantwoorden in de toelichting van het bestemmingsplan. Dit is sindsdien dienovereenkomstig gebeurd voor de verschillende bestemmingsplannen. Voor een inventarisatie van historische landschapselementen en de verantwoording over de bedoelde omgang daarmee is te verwijzen naar de toelichting van de verschillende bestemmingsplannen (raadpleegbaar via www.ruimtelijkeplannen.nl). Bij een dergelijke inventarisatie is en wordt voorts mede rekening gehouden met eerder van de lokale erfgoedinstanties ontvangen informatie over historische elementen, waaronder landschapselementen, het boekje Kleine monumenten van de Oudheidkundige Kring, de erfgoedkaarten van de lokale erfgoedinstantie (waaronder www.geertruidenbergopdekaart.nl), en de provinciale cultuurhistorische waardenkaart. Naast wat is gedaan zoals hierboven vermeld, kan nog een aanvullende inventarisatie en waardering van historische landschapselementen plaatsvinden in relatie met mogelijke bescherming ervan. Individuele monumentale bomen zijn overigens beschermd via de Verordening bomen 2017 gemeente Geertruidenberg.
2. Vraag: In de verordening is (althans ik zie het niet) niets geregeld over het raadplegen of inschakelen van instanties die m.n. voor landschapselementen van betekenis kunnen zijn. In dit verband hebben we het over Landschapsonderzoek, historische en/of archeologische betekenis van het gebied. Is dit geregeld in de verordening? Zo ja waar? Zo nee, waar zijn de (spel)regels vastgelegd als het gaat om het waarderen van landschapselementen? Antwoord: Zie ook het antwoord onder 1. Wat betreft landschapselementen is de Erfgoedverordening (zowel de huidige als de voorgestelde nieuwe) alleen van belang, indien en voor zover het gaat om de aanwijzing van een landschapselement als gemeentelijk monument en om de bescherming ervan als monument (via een omgevingsvergunningsplicht). In het algemeen is het bestemmingsplan echter een geëigender juridisch instrument om waardevolle cultuurhistorische landschapselementen te beschermen dan een monumentenstatus. In de Erfgoedverordening staat dat de adviescommissie om advies wordt gevraagd over het voornemen om een object aan te wijzen als gemeentelijke monument. Dit is de Commissie ruimtelijke kwaliteit (hierna: CRK). In de Verordening op de CRK staat verder dat deze commissie om advies wordt gevraagd over een omgevingsvergunningaanvraag voor het wijzigen e.d. van een monument.
Op grond van de verordening op de CRK kunnen B&W de CRK advies vragen over allerlei zaken betreffende een goede omgevingskwaliteit, waaronder daarmee ook over het inventariseren en waarderen van historische landschapselementen en het bepalen van een standpunt over juridische bescherming van dergelijke elementen. Hiernaast kan het in voorkomende gevallen passend zijn om, aanvullend op de deskundigheid bij de lokale erfgoedinstanties en van de CRK, een advies in te winnen bij een andere deskundige op het gebied van historische landschapselementen in relatie met het inventariseren en waarderen van historische landschapselementen en het bepalen van een standpunt over juridische bescherming ervan. Dit hangt af van wat aan de orde is en kan maatwerk vergen. Het Monumentenhuis Brabant, het provinciale steunpunt op het gebied van monumentenzorg kan hierover mede advies geven. Archeologie is sinds 2021 voor heel het gemeentelijke grondgebied beschermd via het Parapluplan archeologie. De basis voor het inwinnen van advies op archeologisch gebied is daarin geregeld, alsook in de Nota archeologie (2017). De advisering over archeologie, zoals over archeologische onderzoeken e.d., vindt al meer dan 10 jaar in eerste instantie plaats via de samenwerking met de archeoloog van het Monumentenhuis Brabant. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Geertruidenberg, de secretaris,
de burgemeester,
R.C.J. Nagtzaam
M. Witte
Onderwerp: mva erfgoedverordening
p. 2/2