Memo discussiepunten raad Subsidiebeleid 2025
Tekst van het document
Memo
Zaaknummer: 20230426103775
Aan
: Gemeenteraad Geertruidenberg
Van
: Mike Hofkens (portefeuillehouder subsidiebeleid) Anne Lossez (beleidsmedewerker) Richard Derks (projectleider)
Datum
: 8 juni 2023
Onderwerp
: Subsidiebeleid 2025 in Raad Debatteert 15 juni a.s.
Geachte gemeenteraad, Eind 2024 loopt het bestaande meerjarige subsidieprogramma Sociaal domein af. Dit subsidieprogramma is, samen met de subsidieverordening sociaal domein, de formele basis voor alle subsidies op de gebieden Maatschappelijke samenhang, ondersteuning en zorg; Jeugdbeleid; Kunst, cultuur en erfgoed; Toerisme en recreatie; Sport; Participatie. Jaarlijks geeft de gemeente hier circa € 2,5 miljoen aan uit. In januari j.l. is gestart met de realisatie van het nieuwe subsidiebeleid dat per 1-1-2025 moet gaan gelden. De eerste stap daarin is het opstellen van een bestuursopdracht met daarin de bestuurlijke ambitie, kaders en randvoorwaarden voor de inhoud en realisatie van het nieuwe beleid. Hiervoor is een interne oriëntatie en een externe evaluatie uitgevoerd. Op basis hiervan zijn discussiepunten geformuleerd die we op 15 juni aan u voorleggen in een Raad Debatteert. De uitkomst van de discussie met de raad verwerken we in de bestuursopdracht Subsidiebeleid 2025 die 1 juli 2023 gereed moet zijn voor besluitvorming door het college. Bevindingen en uitgangspunten In de bijgaande presentatie schetsen we het huidige subsidielandschap en de ambitie die we daarmee hebben. Tijdens de raadsvergadering geven we hier een nadere toelichting op.
De gemeente Geertruidenberg heeft in de kern een goed gestructureerd subsidiebeleid waar ook de subsidie-ontvangers over het algemeen tevreden over zijn. In de praktijk zien we alleen dat het huidige subsidiebeleid weinig mogelijkheden en houvast biedt voor maatwerk, en de afwegingskaders voor het al dan niet honoreren van een verzoek om een bijdrage van de gemeente niet altijd helder zijn. De organisatieontwikkeling naar opgavegericht werken aan maatschappelijke opgaven via programmasturing biedt nieuwe handvatten om deze aandachtspunten in het nieuwe subsidiebeleid op te lossen. De ambitie voor het nieuwe subsidiebeleid luidt: • • • •
Inhoudelijk aansluiten op de geformuleerde maatschappelijke opgaven Meer sturen op doelen en maatschappelijke effecten Meer integrale, transparante en eerlijke inrichting en uitvoering Verbeterde uitvoerbaarheid met minder uitzonderingen
Het nieuwe subsidiebeleid heeft een structuur aspect (hoe komt het er qua beleidsinstrumenten uit te zien en hoe organiseren we het intern) en een inhoudelijk aspect (welke inhoudelijke voorwaarden en consequenties worden er verbonden aan een subsidie). De structuur van het beoogde subsidielandschap volgt vrij direct uit de gewenste ontwikkeling en de input van de evaluaties. De voorgestelde lijn daarin wordt: • Er komt 1 subsidieverordening voor de hele gemeente • Een basisset van enkele “standaard” subsidieregelingen voor veelvuldig en meerjarig gebruik. • Géén subsidieprogramma meer, maar inhoudelijk aansluiten op de opgaven/programma’s uit het collegeakkoord. Dit geeft ook de mogelijkheid om het beoogde maatschappelijk effect explicieter te maken en mee te nemen in de beoordeling en verantwoording. • Waar nodig ontwikkelen (tijdelijke) specifieke subsidieregelingen waar de basisset niet voldoet, wel altijd onder regime van de subsidieverordening.
1
Discussiepunten De discussiepunten die we u voor willen leggen gaan vooral over het inhoudelijke aspect: Wie kan wanneer aanspraak maken op een subsidie en welke voorwaarden stellen we daarbij? (en welke consequenties mag dit hebben voor huidige subsidieontvangers) De discusspiepunten zijn: 1.
Verschuiven & fluctueren van subsidies 1. Hoe kijkt de raad aan tegen het verschuiven en fluctueren van subsidies? 2. Welke overwegingen geeft de raad daarbij mee? 2. Omgang met grijze subsidies 1. Hoe kijkt de raad aan tegen het bestaan van grijze subsidies en de (on)wenselijkheid daarvan? 2. Welke overwegingen geeft de raad daarbij mee? 3. Subsidiëren van bedrijven en natuurlijke personen 1. Hoe kijkt de raad aan tegen het subsidiëren van bedrijven & natuurlijke personen? 2. Welke overwegingen geeft de raad daarbij mee? 4. Verantwoording op maatschappelijke effecten 1. Hoe kijkt de raad aan tegen het verschuiven van de focus op financiële verantwoording aan de gemeente, naar inhoudelijke verantwoording aan de samenleving? 2. Welke overwegingen geeft de raad daarbij mee? Korte toelichting per discussiepunt: Discussiepunt 1: Verschuiven en fluctueren van subsidies De doelstelling om te focussen op de strategische doelen en maatschappelijke effecten zal er toe leiden dat er verschuivingen plaats gaan vinden tussen organisaties die wel en geen subsidie ontvangen, en tot fluctuaties in de hoogte van de subsidie.
In het huidige subsidiebeleid is daar weinig ruimte voor gegeven, bijvoorbeeld doordat in het subsidieprogramma alle organisaties die subsidies ontvangen in het (door de raad vast te stellen subsidieprogramma) zijn beschreven, inclusief de hoogte van de toegewezen meerjarige subsidie. Discussiepunt 2: Omgang met “grijze subsidies” In de inventarisatie zijn “grijze subsidies” naar boven gekomen. Het gaat om, grotendeels historische, gewoonten waarbij de gemeente bepaalde kosten betaalt (worstenbrood, water/gas/stroom, drankjes), faciliteiten ter beschikking stelt (raadszaal, pand, lagere huur) of diensten verleent (gemeente-werken) zonder dat daarvoor een actueel afwegings- of evaluatiekader bestaat. We hebben het voornemen om ook deze vormen van ondersteuning door de gemeente transparant (=financieel) te maken en onder het regime van het subsidiebeleid te brengen. We willen daarvoor in het instrumentarium een eenvoudige beleidsregel opnemen voor kleine subsidies aan waardevolle initiatieven waarvoor geen verantwoording achteraf nodig is. Discussiepunt 3: Subsidierem van bedrijven en natuurlijke personen In het huidige subsidiebeleid kunnen deze meeste subsidies alleen worden verstrekt aan maatschappelijke en vrijwilligersorganisaties. Als maatschappelijke opgaven leidend zijn is het niet logisch om subsidies te beperken tot verenigingen en stichtingen.
Als, bijvoorbeeld, commerciële sportscholen of (samenwerkende) inwoners, op een effectieve manier activiteiten uit (willen) voeren die bijdragen aan de strategische doelen moeten daar in principe ook subsidiemiddelen voor beschikbaar zijn. Discussiepunt 4: Verantwoording op maatschappelijke effecten De jaarlijkse verantwoording vraagt zowel van de gemeente als van de subsidieontvanger de nodige inzet, zonder dat een goede beoordeling van het resultaat mogelijk is. We willen zoeken naar andere vormen van maatschappelijke verantwoording waarbij de subsidieontvanger, op een aansprekende en makkelijke manier, vooral aan de samenleving zichtbaar maakt waarvoor de subsidies is gebruikt en wat inwoners daar aan hebben gehad. Dat kan bijvoorbeeld via publicaties of een evenement. Dit kan betekenen dat de verantwoording aan de gemeente (m.n. voor kleinere subsidies) lichter wordt en er meer voorwaarden gesteld worden aan het zichtbaar maken van de maatschappelijke meerwaarde aan de samenleving.
Onderwerp:
p. 2/2