CConstaterende datGeertruidenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarstukken 2022

De raad debatteert 15 juni 2023, gemeente GeertruidenbergBij agendapunt: Jaarstukken 202236.607 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 5

De afwijkingen ten opzichte van de begroting worden onderstaand op hoofdlijnen toegelicht. De uitgebreide toelichting op de afwijkingen >€ 25.000 is in de jaarrekening opgenomen. Afwijkingen Baten (bedragen in €)

Bedrag

V/N

Verrekening Ambtelijke inzet Oekraïne

498.000

V

2.000

N

496.000

V

Mutaties diverse posten < € 25.000) Saldo afwijkingen baten

Afwijkingen Lasten (bedragen in €)

Bedrag V/N

Salarissen organisatiebreed (ontstaan door vacatures gedurende het jaar)

910.000

V

Inhuur vanwege vacatures en ziekteverzuim

849.000

N

Overwerk binnen- en buitendienst, inclusief flexibele schil

28.000

V

UWV gelden o.a. vergoeding voor zwangerschapsverlof

202.000

V

Invoering Wet Open Overheid

39.000

V

Bestuursondersteuning College

40.000

V

HRM incidenteel budget

40.000

V

Scholing en opleiding

26.000

V

Overige diverse personeelskosten

37.000

N

Mutaties diverse posten < € 25.000

33.000

V

Saldo afwijkingen lasten

432.000

V

Bovengenoemd saldo van hogere baten en lagere lasten is het saldo overeenkomstig de BBV voorschriften inzake Overhead. Voor een zuivere beoordeling moet eveneens beoordeeld worden of er voor- of nadelen aanwezig zijn, die ontstaan omdat bepaalde zaken niet zijn uitgevoerd in 2022. Hiervan is sprake bij Bestuursondersteuning College voor een bedrag van € 40.000 vanwege het doorschuiven van het periodiek te houden dienstverleningsonderzoek van 2022 naar 2023. Daarnaast is het onderzoek naar de implementatie van de WOO in onze organisatie in 2022

95

opgestart, maar wordt in 2023 afgerond. Vandaar wordt voorgesteld om deze restantbudgetten over te hevelen naar 2023.

Tabel Beleidsindicatoren In dit programma zijn geen beleidsindicatoren opgenomen.

Wat heeft het gekost? Overzicht Overhead

(bedragen x € 1.000)

Gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten Jaarrekening

Begroting

Begroting na wijziging

Jaarrekening

Verschil Begroting / Rekening

2021

2022

2022

2022

2022

Lasten

7.359

8.552

8.586

8.153

432

Baten

-27

-81

-39

-535

496

Saldo

7.332

8.471

8.547

7.618

928

Jaarrekening

Begroting

Begroting na wijziging

Jaarrekening

Verschil Begroting / Rekening

Resultaat bestemming

2021

2022

2022

2022

2022

Lasten

0

0

0

0

0

Baten

0

0

0

0

0

Saldo

0

0

0

0

0

Jaarrekening

Begroting

Begroting na wijziging

Jaarrekening

Verschil Begroting / Rekening

Gerealiseerd resultaat

2021

2022

2022

2022

2022

Lasten

7.359

8.552

8.586

8.153

432

Baten

-27

-81

-39

-535

496

Saldo

7.332

8.471

8.547

7.618

928

Verbonden partijen Binnen Overhead is geen sprake van Verbonden Partijen.

Risico's Binnen Overhead zijn geen risico's vastgesteld.

96

Paragrafen Paragraaf A - Lokale heffingen Beleid en hoofdlijnen In deze paragraaf geven we een specificatie van de lokale heffingen, uitgesplitst naar: 1. het beleid en hoofdlijnen ten aanzien van lokale heffingen; 2. een aanduiding van de lokale lastendruk; 3. de (geraamde) inkomsten; 4. kengetallen. De heffingen die tot woonlasten leiden zijn: a. onroerende zaakbelastingen - voor eigenaren van woningen; - voor gebruikers en eigenaren van niet-woningen; b. afvalstoffenheffing; c. rioolheffing; De overige heffingen betreffen: d. hondenbelasting; e. begraafrechten; f. leges omgevingsvergunning; g. secretarieleges; h. precariobelasting; i. havengelden/woonschepenrechten; j. marktgelden; k. (water)toeristenbelasting. Wijzigingen Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) Sinds enkele jaren zijn gemeenten verplicht om in de paragraaf lokale heffingen een overzicht van baten en lasten op te nemen voor de heffingen waarbij sprake is van het verhalen van kosten. Concreet is dit het geval bij de afvalstoffenheffing, de rioolheffing, de begraafrechten, de leges, de havengelden, de marktgelden en de woonschepenrechten. Overigens verstrekten wij daarvoor al een aantal jaren inzicht bij het vaststellen van de belastingverordeningen. Overhead mag niet meer worden verantwoord op de taakvelden, maar mag wel worden meegenomen in de tarieven en de onderbouwing daarvan.

Overhead wordt toegerekend op basis van de directe uren die door de diverse medewerkers aan de taakvelden worden besteed. De totale overhead staat opgenomen in “Overzicht overhead” in het jaarverslag.

Onroerende zaakbelastingen (OZB) Onroerende zaakbelastingen (OZB) De onroerende zaakbelastingen worden geheven op onroerende zaken. De tarieven van de OZB hangen af van de waardeontwikkeling van die zaken en van de gewenste opbrengst. Ook in 2021 heeft er een hertaxatie van de onroerende zaken plaatsgevonden. De zogenaamde WOZ waarde is bepaald naar de waarde peildatum 1 januari 2021. Deze waarde is gebruikt voor de heffing van de OZB in 2022. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen tarieven voor woningen en tarieven voor niet-woningen. Er is sprake van een woning als een onroerende zaak in hoofdzaak (= voor tenminste 70%) dient tot

97

woning. Uitgangspunt is daarbij de waarde van de hele onroerende zaak. In de begroting 2022 is uitgegaan van een verhoging van de opbrengst met 1% in verband met dekking van de investering van het Integraal Huisvestigingsplan Onderwijs (hiertoe is in 2020 besloten). Daarnaast zijn de OZB-opbrengsten met 1,5% inflatiecorrectie verhoogd conform besluitvorming voorgaande jaren. Voor niet woningen is dezelfde verhoging toegepast. Onroerende zaakbelasting Tarieven per jaar

2020

2021

2022

0.1163%

0.1128%

0.1074%

- eigenarendeel

0.2550%

0.3076%

0.3041%

- gebruikersdeel

0.2029%

0.2514%

0.2573%

Woningen - eigenarendeel Niet-woningen

De financiële consequenties van bovenstaande zijn in de onderstaande tabellen verwerkt. Opbrengst ozb

Begroting

Werkelijk

Saldo

Onroerende zaak Woning eigendom

3.008.000

3.059.000

51.000 V

Onroerende zaak Niet-woning eigendom

2.248.000

2.127.000

121.000 N

Onroerende zaak Niet-woning gebruik

1.652.000

1.617.000

35.000 N

Totaal netto

6.908.000

6.803.000

105.000 N

Woz-waarden 2021 (x € 1,00) Woning eigendom

Begroting

Jaarrekening

2.800.000.000

2.860.000.000

Niet-woning eigendom

739.000.000

700.000.000

Niet-woning gebruik

642.000.000

676.000.000

Woning In de begroting 2022 is bij het vaststellen van de tarieven uitgegaan van de op dat moment bekende WOZ-waarden van € 2.800.000.000. De ingeschatte waarde- ontwikkeling van de woningen was 9%. In de begroting is een opbrengst opgenomen van € 3.008.000 met een tarief van 0,1074%. Bij de jaarrekening 2022 wordt als totale WOZ waarde de waarde aangehouden zoals deze ook in de algemene uitkering wordt aangehouden. Deze WOZ waarde viel € 60 miljoen hoger uit. De waardeontwikkeling is daarmee iets meer dan 2% hoger uitgekomen dan ingeschat. Daarmee is verklaard dat de OZB opbrengst ongeveer € 51.000 hoger is uit gevallen. De hogere opbrengst van de onroerendezaakbelasting woningen is in principe van incidentele aard omdat bij de berekening van de opbrengst 2023 rekening is gehouden met de WOZ waarde ontwikkeling van 2022 en daarop de tarieven zijn aangepast. Niet-woning In de begroting 2022 is bij het vaststellen van de tarieven uitgegaan van de op dat moment bekende WOZ-waarden van € 739.000.000 met een waardeontwikkeling van 0%. In de begroting is een opbrengst opgenomen van € 2.248.000 met een tarief van 0,3041% voor eigenaren van nietwoningen. De werkelijke opbrengst voor eigenaren bedraagt echter € 2.127.000, dat is € 121.000 minder dan begroot. De begrote opbrengst van gebruikers van niet-woningen bedraagt € 1.652.000 met een tarief van 0,2573%.

Bij deze gebruikers bedroeg de netto opbrengst € 1.617.000. Dat is € 35.000 minder dan begroot. Kanttekening hierbij is dat er voor belastingjaar 2022 en deels oudere jaren nog aanslagen OZB opgelegd dienen te worden. Dit gebeurt in de 1e helft van 2023, waarmee naar huidige inzichten de begrote opbrengst OZB zeer dicht benaderd wordt.

98

Afvalstoffenheffing Afvalstoffenheffing Met de afvalstoffenheffing worden de huisvuil inzamelingskosten gedekt. De heffing mag, wettelijk gezien, alleen worden ingezet voor de dekking van de kosten van afvalinzameling en afvalverwerking. Er mag géén winst op worden gemaakt (‘gesloten financiering’). In onderstaande tabel geven we een overzicht van de tarieven van de afvalstoffenheffing over de afgelopen jaren. Tarieven afvalstoffenheffing per jaar

2020

2021

2022

- eenpersoonshuishouden

172,92

179,88

186,96

- tweepersoonshuishouden

223,92

232,92

240,24

- driepersoonshuishouden

245,16

255,00

256,54

- meerpersoonshuishouden

316,00

329,52

338,76

- extra container

156,00

156,00

156,00

Berekening kostendekking afvalverwijdering: Kosten

Bedrag

Directe kosten taakveld

2.627.000

Mutatie voorziening

275.000

Overhead

114.000

Totale kosten

3.016.000

Opbrengsten

Bedrag

Heffingen

2.390.000

Mutatie voorziening

84.000

Overige opbrengsten

542.000

Totaal opbrengsten

3.016.000

Totaaloverzicht

Bedrag

Totaal lasten

3.016.000

Totaal baten

3.016.000

Dekkingspercentage

100%

Rioolheffing Rioolheffing De rioolheffing is ter dekking van de kosten voor maatregelen, die de gemeente noodzakelijk acht voor een doelmatig werkende riolering en overige maatregelen voor hemelwater en grondwater. De gemeente kan de kosten verhalen die worden gemaakt voor het nakomen van de zorgplichten uit de Wet verankering en bekostiging van gemeentelijke watertaken. Dit betekent dat de gemeente het individuele profijt van de heffing niet hoeft aan te tonen. In onderstaande tabel geven we een overzicht van de tarieven van de rioolheffing over de afgelopen jaren.

99

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Geertruidenberg&id=2921aa37-850b-45c9-aeba-95d68d977720