CConstaterende datGeertruidenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

CONCEPT Besluitenlijst van de openbare raadsvergadering de raad besluit d.d 07 november 2024

De raad besluit 19 december 2024, gemeente GeertruidenbergBij agendapunt: Vaststellen besluitenlijst de raad besluit d.d. 7 november 20243.884 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Besluitenlijst van de openbare raadsvergadering de raad besluit d.d. 07 november 2024 Aanwezig: Voorzitter

Mw. Witte

Griffier

Dhr. Dammingh

Keerpunt’74

Dhr. J.A.W. Aerts, dhr. E.A.M. van Oosterhout, dhr. R.C. van Raamsdonk en dhr. R.J.P. Kraus

Lokaal+

Mw. Op de Laak, Dhr. Van den Kieboom en Dhr. F.A.M. Eijkhout

Morgen!

Mw. A.H. Voulon, mw. F.W.J. van de Weerd en dhr. P.A.M. Verschuren

Gemeentebelangen

Dhr. A. Smit en dhr. A.J.W. Langermans

Broeders/Hooijmaijers

Dhr. Broeders en dhr. Hooijmaijers

VVD

Mw. H.J.H. Weterings en dhr. P.F Duijzer

SVP

Mw. M. Cornet

Lijst Igor van Nunen

Dhr. I. van Nunen

Wethouders

Mw. A.M.E.J. van Rooij, dhr. H.H.M. de Jongh, dhr. T. Mertens en dhr. M.P.C. Hofkens

Afwezig: Dhr. C.W.M. Bouwens. 1. Opening Mw. Witte heet de aanwezigen welkom bij de openbare, besluitvormende raadsvergadering van de gemeente Geertruidenberg van 07 november 2024. 2. Vaststellen agenda De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. 3. Primus bij hoofdelijke stemming Dhr. Van Oosterhout wordt als primus bij hoofdelijke stemming aangewezen. 4. Vaststellen besluitenlijst de raad besluit d.d. 17 oktober 2024 De raad besluit unaniem de besluitenlijst van 17 oktober 2024 vast te stellen. 5. Najaarsnota 2024 De raad besluit unaniem: 1. Kennis te nemen van de voortgang van de resultaten van de programmalijnen zoals opgenomen in de Najaarsnota 2024 hoofdstuk 3 Tussenrapportage 2024-2 onderdeel 3.1 Programma’s.

2. In te stemmen met de financiële afwijkingen met toelichting van de exploitatie en investeringen zoals opgenomen in de Najaarsnota 2024 hoofdstuk 3 Tussenrapportage 2024-2 onderdeel 3.1 Programma’s. 3. In te stemmen met de onttrekking uit en stortingen in de voorzieningen zoals opgenomen in de Najaarsnota hoofdstuk 3 Tussenrapportage 2024-2 onderdeel 3.2 Reserves en Voorzieningen. 4. In te stemmen met de onttrekking uit en stortingen in de reserves zoals opgenomen in hoofdstuk 3 onderdeel 3.2 Reserves en Voorzieningen. 5. In te stemmen met de wijziging van de volgende kredieten: a. Het krediet Snoekweg te verhogen met € 170.000; b. Het krediet OV: armaturen 2023 te verhogen met € 573, en vervolgens af te sluiten c. Het krediet OV: lichtmasten 2023 te verhogen met € 21.119, en vervolgens af te sluiten d. Het krediet Fietspad Groenendijk te verlagen met € 650.000 e. Het krediet Vervanging GFT, restafval minicontainers te verlagen met € 200.000 f. Het krediet Statenlaan riool te verhogen met € 25.000 g. Het krediet DDHC Hockey renovatie zandveld te verlagen met € 168.258, en vervolgens af te sluiten met uitzondering van mogelijke SPUK-boekingen in 2024 en 2025 h. Het krediet Voorbereidingskrediet vernieuwbouw gemeentehuis te verlagen met € 115.000 i. Het krediet Ontvangstruimte te verhogen met € 115.000 j.

Het krediet Investeringen hard- en software te verlagen met € 20.500, en vervolgens af te sluiten 6. In te stemmen met het opheffen van de reserves en het overhevelen van de saldi naar de vrije algemene reserve: a. De reserve noodfonds b. De reserve Wet Voorzieningen Gehandicapten (WVG) c. De reserve Stimuleringsfonds aanpassen eigen woning d. De reserve Dualisme e. De reserve Decentralisaties f. De reserve Doorontwikkeling Organisatie 7. De begroting 2024 te wijzigen overeenkomstig punt 1 tot en met 5 6. Begroting 2025 - 2028 Amendement gewijzigd vaststellen van de begroting 2025-2028. Ingediend door raadslid Van Oosterhout Het amendement is unaniem door de raad aangenomen. Tekst amendement: Beslispunt 1. De beleidsbegroting 2025-2028 vast te stellen; Te wijzigen in: Beslispunt 1. De beleidsbegroting 2025-2028 vast te stellen, inclusief correcties zoals bijgevoegd in bijlage 3.

Amendement compensatie ziekteverzuim (begroting 2025-2028) Ingediend door raadsleden Smit en Langermans van fractie GB. Met de stemmen van de fracties GB, Lijst Broeders/Hooijmaijers, Lijst Igor van Nunen en SVP (6) vóór en de stemmen van Keerpunt 74, Lokaal+, Morgen! en VVD (12) tegen is het amendement verworpen.

Tekst amendement: Beslispunt 1: De beleidsbegroting 2025-2028 vast te stellen, te wijzigen in: Beslispunt 1: De beleidsbegroting 2025-2028 vast te stellen, waarin het budget Huishoudelijke Ondersteuning is verlaagd van € 3.000.000 naar € 2.800.000. Amendement Zwembadkaartjes 2025 (begroting 2025-2028) Ingediend door de raadsleden van de fracties Keerpunt 74, Morgen!, GB, Lijst Igor van Nunen en SVP. Met de stemmen van de fracties Keerpunt 74, Morgen!, GB, Lijst Igor van Nunen en SVP vóór (11) en de stemmen van de fracties Lokaal+, Lijst Broeders/Hooijmaijers en VVD tegen (7) is het amendement aangenomen. Tekst amendement: De raad besluit toe te voegen aan het raadsbesluit: De kinderen van de basisscholen (leeftijd t/m 12 jaar) voor seizoen 2025 een zwemabonnement te verstrekken in de voorverkoop voor € 10,00 en kinderen vanaf 13 t/m 17 jaar een abonnement van € 25,-- euro. De extra kosten te dekken uit vrijval in de Algemene Reserve waarin de afgelopen jaren de begrotingsoverschotten zijn terecht gekomen. Raadslid Langermans legt een stemverklaring af. Amendement Verbinding samenleving (begroting 2025-2028) Ingediend door de raadsleden van de fracties GB en lijst Igor van Nunen Het amendement is unaniem door de raad aangenomen.

Tekst amendement: De raad besluit de volgende beslispunten toe te voegen aan het raadsbesluit: De sleuteloverdracht op het gemeentehuis en de gedecoreerdentoast op in 2025 in ere te herstellen. Eenmalig de kosten hiervoor te dekken uit het jaaroverschot 2024. En de daaropvolgende jaren structureel in de begroting te verwerken. De kosten voor het organiseren van de drie dodenherdenkingen in onze kernen voor rekening komen van de gemeente. Eenmalig de kosten hiervoor te dekken uit het jaaroverschot 2024. En de daaropvolgende jaren structureel in de begroting te verwerken. Met de stemmen van de fracties van Keerpunt 74, Lokaal+, Morgen!, VVD en SVP vóór en de stemmen van de fracties GB, Lijst Broeders/Hooijmaijers en Lijst Igor van Nunen tegen besluit de raad : 1. De beleidsbegroting 2025-2028 vast te stellen; 2. Het bedrag van onvoorziene uitgaven voor de begroting 2025 vast te stellen op € 65.000; 3. De financiële begroting 2025 vast te stellen en daarmee: a. Het overzicht van lasten en baten en de toelichting per programma; b. De uiteenzetting van de financiële positie van de gemeente, inclusief de toelichting daarop; c. De onderbouwing van de reserves en de voorzieningen voor de jaren 2025 tot en met 2028; 4. De voor 2025 opgenomen investeringskredieten beschikbaar te stellen; 5.

In te stemmen met de in paragraaf A “lokale heffingen” voorgestelde tariefwijzigingen bij de gemeentelijke belastingen en heffingen; 6. In te stemmen met de (financiële) kaders voor de begrotingen van de verbonden partijen;

7. Het voordelige begrotingssaldo van 2025 vast te stellen op € 4.000 en de nadelige begrotingssaldi van 2026 tot en met 2028 van respectievelijk € 3.360.000, € 3.780.000 en € 3.981.000 vooralsnog te onttrekken uit de Vrije Algemene reserve. 8. De looptijd en werkingsduur van het meerjarenonderhoudsplan “Infrastructurele (kunst)werken” en “Baggeren / Binnenhavens” te verlengen tot en met 31-12-2025. 9. De kinderen van de basisscholen (leeftijd t/m 12 jaar) voor seizoen 2025 een zwemabonnement te verstrekken in de voorverkoop voor € 10,00 en kinderen vanaf 13 t/m 17 jaar een abonnement van € 25,-- euro. De extra kosten te dekken uit vrijval in de Algemene Reserve waarin de afgelopen jaren de begrotingsoverschotten zijn terecht gekomen. 10. De sleuteloverdracht op het gemeentehuis en de gedecoreerdentoast op Koningsdag in 2025 in ere te herstellen. Eenmalig de kosten hiervoor te dekken uit het jaaroverschot 2024. En de daaropvolgende jaren structureel in de begroting te verwerken. 11. De kosten voor het organiseren van de drie dodenherdenkingen in onze kernen voor rekening komen van de gemeente. Eenmalig de kosten hiervoor te dekken uit het jaaroverschot 2024. En de daaropvolgende jaren structureel in de begroting te verwerken. Raadslid Van Nunen legt een stemverklaring af.

Motie Goed werkgeverschap 1a (begroting 2025-2028): Ingediend door de raadsleden van de fracties GB en lijst Igor van Nunen Met de stemmen van de fracties Keerpunt 74, Morgen!, VVD, GB, Lijst Igor van Nunen en SVP en raadslid Broeders vóór (14) en de stemmen van de fractie Lokaal+ en raadslid Hooijmaijers (4) tegen is de motie aangenomen. Tekst motie: De raad draagt het college op: De volgende mogelijkheid te onderzoeken en het resultaat hiervan uiterlijk in het tweede kwartaal van 2025 aan de gemeenteraad te verstrekken en bij de kadernota 2026 mee te wegen. • Het opschalen van ons loongebouw van beleidsmedewerkers naar het niveau van de gemeente Drimmelen en/of Oosterhout. Raadsleden Duijzer en Van Oosterhout leggen een stemverklaring af. Motie Goed werkgeverschap 1b (begroting 2025-2028) Ingediend door de raadsleden van de fracties GB en lijst Igor van Nunen De motie is unaniem aangenomen. Tekst motie: De raad draagt het college op: De volgende mogelijkheid te onderzoeken en het resultaat hiervan uiterlijk in het tweede kwartaal van 2025 aan de gemeenteraad te verstrekken en bij de kadernota 2026 mee te wegen. • Het realiseren van een multifunctionele ontmoetingsruimte voor medewerkers waar koffie en lunch gezamenlijk genuttigd kunnen worden.

Motie herstart verkoop Hermenzeil Ingediend door de raadsleden van de fracties GB en lijst Igor van Nunen De motie is unaniem aangenomen. Tekst motie: De raad draagt het college op:

Hermenzeil aan de Zijlweg 1 te Raamsdonk in 2025 te verkopen. Hiervoor uiterlijk in het tweede kwartaal van 2025 een raadsvoorstel verkoopprocedure aan de gemeenteraad voor te leggen. Raadslid Smit legt een stemverklaring af. Motie besteding compensatiegelden Ingediend door de raadsleden van de fractie Keerpunt 74. De motie is ingetrokken. Tekst motie: De raad verzoekt het college: Een start te maken met het onderzoeken van de mogelijkheden (met belanghebbenden), zodat bij een volgende ronde van compensatieverdeling en projectaanwijzingen, deze optie als al onderzocht kan worden ingediend. Motie solidair Volkstuinieren Ingediend door de raadsleden van de fractie Morgen! De motie is unaniem aangenomen. Tekst motie: De raad verzoekt het college: • de vergoeding voor het bijhouden van de heg door Volkstuinvereniging “Lambertushof” variabel te maken en jaarlijks bij te stellen zodat de hoogte van de vergoeding het verschil in huurprijs per vierkante meter ten nadele van De volkstuinvereniging compenseert op voorwaarde dat de heg bijgehouden wordt zoals voorgeschreven. • mogelijk met een andere oplossing te komen zolang het resultaat maar is dat beide verenigingen dezelfde vergoeding per vierkante meter betalen waarbij de laagste vergoeding het richtpunt is. 7.

Leges- en belastingverordening 2025 De raad besluit unaniem vast te stellen: a) de "Verordening afvalstoffenheffing en reinigingsrechten 2025”, zoals vermeld onder punt I; b) de "Verordening riool- en waterzorgheffing 2025", zoals vermeld onder punt II; c) de "Verordening onroerende zaakbelasting 2025", zoals vermeld onder punt III; d) de "Verordening precariobelasting 2025", zoals vermeld onder punt IV; e) de "Verordening havengelden 2025", zoals vermeld onder punt V; f) de "Verordening binnenhavengeld 2025", zoals vermeld onder punt VI; g) de “Verordening leges 2025”, zoals vermeld onder punt VII; h) de "Verordening lijkbezorgingsrechten 2025", zoals vermeld onder punt VIII; i) de "Verordening marktgelden 2025", zoals vermeld onder punt IX; j) de “Verordening tot achtste wijziging op de “Verordening Woonschepen Geertruidenberg 2016”, zoals vermeld onder punt X; k) de "Verordening toeristenbelasting 2025-2026", zoals vermeld onder punt XI; l) de "Verordening watertoeristenbelasting 2025-2026", zoals vermeld onder punt XI; m) deze verordeningen en besluiten na vaststelling bekend te maken en na bekendmaking in werking te laten treden. 8. Verbonden Partijen beleidskader 2026 De raad besluit unaniem:

1. De financiële kaders voor de begroting 2026 van alle Verbonden Partijen vast te stellen, met uitzondering van de Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord, Beschermd Wonen en Geweld in Afhankelijkheidsrelaties en wel als volgt: a. We verwachten van het bestuur van de gemeenschappelijke regeling dat zij een structureel sluitende meerjarenbegroting, waarin vier jaar vooruit wordt gekeken, aanbiedt aan de deelnemers. De gemeenschappelijke regeling vermeldt duidelijk de uitgangspunten die gebruikt zijn voor de begroting voor het komende jaar. In de begroting voor het komende jaar neemt de gemeenschappelijke regeling ook een overzicht op met de bijdragen voor de komende vier jaar per deelnemer. b. De begroting wordt opgesteld op basis van ongewijzigd beleid. Er worden dus geen nieuwe taken of uitbreiding van bestaande taken in de primitieve begroting opgenomen, behalve als dit eerder door het algemeen bestuur is besloten. c. De begroting bevat een overzicht met het verloop van aanwezige reserves. In dit overzicht is te zien wanneer de reserve wordt ingezet en voor welk bedrag per jaar. Hierin wordt ook het doel van de reserve omschreven. Wanneer een reserve 2 jaar of langer niet wordt ingezet, dan legt de gemeenschappelijke regeling de instandhouding of vrijval van deze reserve in de besluitvorming bij de ontwerpbegroting voor.

Het uitgangspunt is dat deze reserve op dat moment vrijvalt. Wordt er niet besloten tot vrijval dan geeft de gemeenschappelijke regeling in de ontwerpbegroting de planning en het doel van de uitgaven voor deze reserve opnieuw aan. Via de ontwerpbegroting worden de gemeenteraden in de gelegenheid gesteld hierop een zienswijze in te dienen. d. De bijdrage van de deelnemende gemeenten in de begroting voor het komende jaar stijgt maximaal met de geldende CAO-indexering, overige CAO-afspraken en de prijsontwikkeling uit de meest recente circulaire. Voor het opstellen van zowel de kaderbrief als de begroting gebruikt de gemeenschappelijke regeling de dan meest recente circulaire voor zowel de loonals de prijsindex. Hiervoor gebruiken we de meest recente ramingen zoals opgenomen in het Centraal Economisch Plan van het Centraal Plan Bureau. Voor de loonontwikkeling wordt hierbij ‘de index van de loonvoet sector overheid’ gevolgd en voor de prijsontwikkeling ‘de index van de netto materiele consumptie’. De verbonden partij geeft bij de kaderbrief en de begroting een specificatie weer van de verhouding lonen/prijzen in haar exploitatiebegroting.

Voor het opvangen van afwijkingen tussen de indexeringen die in de begroting zijn opgenomen en de werkelijke CAO-indexering, overige CAO-afspraken en de werkelijke prijsontwikkeling houdt de verbonden partij een beperkte algemene reserve aan om de bedrijfsvoering in het lopende boekjaar te kunnen continueren zonder dat hiervoor een beroep moet worden gedaan op de deelnemers en een zienswijzenprocedure moet worden gevolgd. Uiteraard wijzigt de deelnemersbijdrage ook wanneer er wijzigingen zijn in de kwantiteit van de dienstverlening die de deelnemers afnemen. e. Een besluit van het algemeen bestuur van een verbonden partij tot instelling van een algemene reserve is goed gemotiveerd, onderbouwd en voorzien van bijbehorende spelregels. Op dit besluit van het algemeen bestuur wordt een zienswijzemogelijkheid geboden aan de deelnemende gemeenten bij de concept-begroting(wijziging). De algemene reserve wordt aangevuld tot de maximale hoogte zoals vastgesteld door het algemeen bestuur. Voor het bepalen van de omvang van de (beperkte) algemene reserve kan het algemeen bestuur een advies vragen aan de accountant, maar de algemene reserve bedraagt niet meer dan 8% van de totale lasten in de begroting (uitgangspunt is en blijft dat de weerstandscapaciteit bij de deelnemers wordt aangehouden). f. Een positief jaarrekeningresultaat wordt uitgekeerd aan de deelnemers.

De gemeenschappelijke regeling kan hier alleen van afwijken door een duidelijk en gemotiveerd voorstel voor resultaatbestemming voor te leggen aan het algemeen bestuur. Over een dergelijk voorstel besluit het algemeen bestuur. g. In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing beschrijft de gemeenschappelijke regeling de risico’s met de meeste impact en de getroffen beheersingsmaatregelen. Ook geeft de gemeenschappelijke regeling inzicht in de benodigde weerstandscapaciteit. 2. Aan alle Verbonden Partijen, met uitzondering van de Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord, als aanvulling op de financiële kaders de volgende richtlijn mee te geven: De gemeente Geertruidenberg gaat enkel akkoord met de begrotingen 2026 van de Verbonden Partijen als daarin de nul-lijn voor 2026 wordt gehanteerd, tenzij afwijking van die lijn noodzakelijk is om te kunnen voldoen aan wettelijk verplichte taken of door de gemeenteraad van Geertruidenberg vastgestelde beleidsdoelstellingen. 3. De volgende aanvullende financiële richtlijnen vast te stellen voor de verbonden Partijen:

a. Ten aanzien van de Regio West Brabant voor het Kleinschalig Collectief Vervoer geldt voor de vervoersprijs per eenheid een aanpassing aan de hand van de branchegerichte NEA-index. Verder worden de vervoerslasten begroot aan de hand van het geprognosticeerde gebruik van de vervoersvoorziening. Doorbelasting van kosten aan gemeenten en provincie vindt plaats op basis van realisatie. b. Ten aanzien van het Centrum voor Jeugd en Gezin geldt dat het uitgangspunt voor de begroting 2026 is dat een eventuele kostenstijging voor bedrijfsvoering of overhead alleen veroorzaakt wordt door indexering of door nieuw beleid, waar het bestuur van de regeling expliciet vooraf mee instemt. 4. De beleidsinhoudelijke kaders voor 2026 voor de diverse Verbonden Partijen vast te stellen en wel als volgt: a. Ten behoeve van de Regio West-Brabant de volgende beleidsmatige richtlijnen voor 2026 vast te stellen: In de begroting 2026 wordt in heldere taal aangegeven: 1. Welke doelen uit de strategische agenda en actieprogramma 2024 – 2028 in 2026 worden gerealiseerd en welke doelen in de periode 2027-2028 worden beoogd; 2. Wat de financiële en personele inzet van de RWB hierbij is en welke aanvullende middelen (capaciteit en financiën) van de gemeenten worden gevraagd; 3.

Of, en zo ja op welke wijze er voor de uitvoering van de actieagenda samenwerking nodig is met de Stedelijke Regio’s, de Baronie-gemeenten en Rewin en hoe deze samenwerking wordt vormgegeven; 4. Op welke wijze de verbinding met onderwijs en bedrijfsleven wordt gelegd bij de uitvoering van het actieprogramma. b. Ten behoeve van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant geen beleidsmatige richtlijnen voor 2026 vast te stellen; c. Ten behoeve van de Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord de volgende beleidsmatige richtlijnen voor 2026 vast te stellen: 1. De RAV waarborgt onder de Wet ambulancezorgvoorzieningen de kwaliteit en continuïteit van de ambulancezorg in heel haar werkgebied. De ambulancezorg dient blijvend te worden uitgevoerd zonder gemeentelijke financiële bijdragen; 2. Het Meerjarenplan 2022-2025 van de RAV loopt tot en met 2025. De RAV betrekt bij de opstelling van het nieuwe meerjarenplan de stakeholders. Het nieuwe meerjarenplan komt tot uitdrukking in de begroting 2026; 3. Het Landelijk Kwaliteitskader Ambulancezorg 1.0 bevat 26 indicatoren waarmee daadwerkelijk het niveau van de geleverde zorg wordt gemeten. Tijdigheid in het spoedvervoer is er hier één van. De indicatoren zijn onderverdeeld in zeven segmenten: Bereikbare en beschikbare zorg, Patiënt centraal, Veilige zorg, Professionaliteit, Samenwerken, Continue verbeteren en Basis op orde.

De RAV informeert de gemeenten in haar begroting hoe zij voldoet aan het landelijke kwaliteitskader en de opgenomen indicatoren; 4. De RAV is in 2024 gestart met de implementatie van de nieuwe urgentie-indeling ambulancezorg. De nieuwe indeling kent zeven in plaats van drie urgentieniveaus. De RAV verwerkt de nieuwe urgentie-indeling in haar begroting waarbij inzage in de responstijden op A0 en A1 (voorheen A1 en A2 ritten) behouden blijft. Uitgangspunt dient te zijn dat in het hele werkgebied de responstijd voor A0 ritten niet meer dan 5% wordt overschreden (melding-aankomst meer dan 15 minuten); 5. In haar begroting geeft de RAV aan wat het Integraal Zorg Akkoord (IZA) en de landelijke Beleidsagenda Toekomstbestendige Acute Zorg van VWS betekent voor de ambulancezorg in haar werkgebied. De beleidsagenda kent drie kernpunten: Kwaliteit en toegankelijkheid van de zorg, Zorgcoördinatie en Samenwerking in de regio; d. Ten behoeve van de GGD West-Brabant de volgende beleidsmatige richtlijnen voor 2026 vast te stellen: 1. De GGD geeft in kaders en Beleidsbegroting 2026 duidelijk weer met welke concrete plannen invulling gegeven gaat worden aan de in het beleidsplan 2023-2026 ‘Wij maken samen gezond gewoon’ opgenomen 4 ambities en laten ze hun 3 gezonde geluiden horen; 2.

Wij verwachten dat zij in samenspraak met de deelnemende gemeenten in 2026 een vervolg van het beleidsplan opstelt en presenteert; 3. Gezien de afnemende financiële middelen in 2026 verwachten gemeenten beleidsmatige keuzes te moeten maken. Om deze keuzes gedegen voor te kunnen bereiden is meer

e. f.

g. h.

i. j. k.

gedetailleerd inzicht nodig in het aanbod en in de geleverde producten en kosten. Wij verwachten van de GGD dat zij deze informatie leveren; Ten behoeve van de Nazorg gesloten Stortplaatsen geen beleidsmatige richtlijnen voor 2026 vast te stellen Ten behoeve van de Wava/MidZuid de volgende beleidsmatige richtlijnen voor 2026 op te stellen: 1. De wet- en regelgeving op het gebied van het bieden van werk aan mensen met een arbeidsbeperking is continu in beweging. We verwachten dat MidZuid anticipeert op de aanpassingen in de Participatiewet, de veranderingen in de regelgeving rondom het beschut werk en de veranderingen van de arbeidsmarktinfrastructuur. Deze veranderingen zien we graag op een adequate en efficiënte manier terug in de begroting 2026. 2. MidZuid zet in op ontwikkeling zodat inwoners die vallen onder de Participatiewet zoveel mogelijk bij reguliere werkgevers geplaatst worden. Hierbij dient zoveel mogelijk uitgegaan te worden van een arbeidsovereenkomst bij de reguliere werkgever. Bij inzet van een detacheringsconstructie is het uitgangspunt dat dit een tijdelijk karakter heeft. 3. MidZuid houdt inzichtelijk welke activiteiten en risico’s verbonden zijn aan de afbouw van het huidige SW-bestand in combinatie met de opdrachtportefeuille en stelt maatregelen voor om nadelige financiële gevolgen daarvan zoveel mogelijk te beperken.

Dit kan ook betekenen dat bepaalde activiteiten worden verminderd, afgestoten of gewijzigd voor een optimaal maatschappelijk en financieel resultaat. 4. De uitwerkingen van de strategische toekomstvisie worden opgenomen in de begroting 2026. Het streven hierbij is een meer stabiele en voorspelbare situatie in de financiële lasten voor MidZuid en de deelnemende gemeenten. Ook de consequenties voor de huisvesting worden hierbij meegenomen. Tot de besluitvorming worden investeringen in het gebouw beperkt tot noodzakelijk wettelijk onderhoud, behalve als het algemeen bestuur anders besluit. 5. We verwachten dat MidZuid in afstemming met de ketenpartners en gemeenten zorgt voor passende leerroutes en ontwikkeltrajecten die aansluiten bij de vraag op de arbeidsmarkt en de veranderende doelgroep waarvoor deze trajecten worden ingezet. We vragen MidZuid daarbij innovatief te werk te gaan, zodat recht wordt gedaan aan de uitdagingen rond de doelgroep. Ten behoeve van de regeling Regionaal Bureau Leren geen beleidsmatige richtlijnen voor 2026 vast te stellen; Ten behoeve van de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant de volgende beleidsmatige richtlijnen voor 2026 vast te stellen: 1. De omgevingsdienst is in 2024 gestart met de implementatie van het kwaliteitsmanagementsysteem in de organisatie.

In de kaderbrief 2026 geeft de omgevingsdienst concreet aan op welke wijze de resultaten van het kwaliteitsmanagementsysteem en de doorontwikkeling van datamanagement en -beheer worden verwerkt in de (meerjaren)begroting 2026. Bijvoorbeeld door in het beleidsdeel van de begroting inzage te geven in de aanpak van de ontwikkeling van kritieke prestatieindicatoren (kpi’s) voor de primaire processen (dienstverlening); 2. Wij hebben de OMWB gevraagd om in 2025, samen met de deelnemers, de MWB-norm te herzien en te komen tot een nieuwe financieringsopzet. Hierbij wordt aansluiting gezocht bij de rapportage ‘Financieringssystematiek omgevingsdiensten’ vastgesteld op 20 juni 2024 door het bestuurlijk overleg Interbestuurlijk Programma Versterking VTH (IBP VTH) en het Gemeenschappelijk Uitvoeringskader (GUK). Het proces om tot een nieuwe financieringssystematiek te komen wordt in de Kaderbrief 2026 beschreven en ook de (potentiële) gevolgen voor de (meerjaren)begroting 2026 en verder; Ten behoeve van het Centrum voor Jeugd en Gezin geen beleidsmatige richtlijnen voor 2026 vast te stellen; Ten behoeve van Beschermd Wonen geen beleidsmatige richtlijnen voor 2026 vast te stellen; Ten behoeve van Geweld in Afhankelijkheidsrelaties geen beleidsmatige richtlijnen voor 2026 vast te stellen.

9. Aanwijzing plaatsvervangend griffier De raad besluit - na schriftelijke - stemming unaniem: 1. De heer Eric Dammingh met ingang van 1 december 2024 aan te wijzen als plaatsvervangend griffier van de gemeente Geertruidenberg

10. Sluiting De besluitvormende raad van Geertruidenberg,

De griffier,

De voorzitter,

H.J Dammingh

M. Witte

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Geertruidenberg&id=ce2545cd-5961-4dcf-8d98-f384e78450d5