Bijlage 2 Analyse begroting 2022 Verbonden Partijen
Tekst van het document
Bijlage 2 Analyse begroting 2022 Verbonden Partijen 1. Regio West Brabant a. Beleidsontwikkelingen In 2022 wil de RWB het actieprogramma 2019—2023 verder uitvoeren, naast het verder uitwerken van de samenwerkingsafspraken met de provincie. In 2022 richt de RWB zich op de volgende onderdelen: - Human Capital Topsectoren: het met concrete projecten ontwikkelen en opleiden van het arbeidstalent voor het regionale bedrijfsleven;; - Het uitvoeren van het raamwerk circulaire economie West-Brabant samen met onderwijs en bedrijfsleven; - Concrete gebiedsgerichte afspraken maken op het terrein van de programma’s Sterke Steden en Vitaal Buitengebied; - Voorbereidingen treffen voor nieuwe vormen van openbaar vervoer; - Maatregelen treffen om, de mobiliteit van de regio West-Brabant slimmer, duurzamer en veiliger te maken; - Uitwerken van de speerpunten uit de HR-visie die in 2021 wordt opgesteld. b. Financiële gegevens In de Kadernota 2022 van de RWB is richting de deelnemende gemeenten aangegeven dat de nul-lijn voor 2022 wordt gehanteerd voor wat betreft de gemeentelijke bijdrage. Dit leidt voor 2022 tot een bezuinigingsoperatie van € 57.000, oplopend tot € 270.000 voor 2025. Op basis van deze Kadernota is de begroting 2022 opgesteld. Bovenstaand uitgangspunt betekent voor de gemeente Geertruidenberg een bijdrage van € 672.624.
Deze is als volgt opgedeeld: Apparaatskosten 95.388 O&O fonds 14.004 Bijdrage Rewin 65.232 Mobiliteitscentrum 15.500 KCV 482.500 Totaal € 672.624 Ten opzichte van 2021 betekent dit een stijging van € 38.104 (bijdrage was € 634.520). Deze wordt grotendeels veroorzaakt door de kostenstijging van het KCV (de hogere kosten van het vervoer zelf als gevolg van de prijsstaffel die is overeengekomen met PZN naar aanleiding van de volumedalingen als gevolg van Corona, de dalende bijdrage van de provincie Noord-Brabant aan de bureaukosten en een verhoging van de NEA-index). c. Gemeentelijk standpunt Aan de RWB is ten behoeve van het opstellen van de Kadernota 2022, maar ook ten aanzien van de begroting 2021, aangegeven dat er vanuit de gemeente Geertruidenberg een taakstellende bezuiniging van 5% opgelegd wordt, met daarnaast het uitvoeren van een zerobased operatie ten aanzien van een aantal bezuinigingsscenario’s. De RWB heeft daaraan niet voldaan, ondanks de nul-lijn. Gelet op vorenstaande wordt voorgesteld de volgende zienswijze in te dienen: 1. De RWB te verzoeken alsnog een taakstellende bezuiniging van 5% door te voeren op de begroting 2022. 2.
De RWB te verzoeken alsnog een zero based (gebaseerd op nul: elke uitgave wordt beoordeeld op omvang en noodzaak) operatie op de begroting 2022 uit te voeren, en daarbij drie scenario’s te formuleren waarin de consequenties in beeld worden gebracht voor de dienstverlening door de verbonden partij wanneer de begroting daarvan met 5, 10 en 15% wordt verlaagd; 3. De RWB te verzoeken, om in het geval de taakstellende bezuiniging niet wordt overgenomen, de gemeenteraad van Geertruidenberg schriftelijk en met redenen omkleed, te voorzien van een toelichting. 2. Veiligheidsregio Midden- en West Brabant a. Beleidsontwikkelingen De VRMWB zet in het beleidsplan 2019 – 2023 ‘Samen werken aan veiligheid en veerkracht’ in op drie pijlers:
1. Stimuleren van redzaamheid in de samenleving: De VRMWB richt zich op het vergroten van handelingsbekwaamheid van onze inwoners en specifieke doelgroepen. Daarnaast wordt onderzoek gedaan om meer inzicht te krijgen in de redzaamheid van deze specifieke doelgroepen en inwoners. 2. Bijdragen aan een veilige leefomgeving: De VRMWB draagt bij aan het vergroten van veiligheid en veerkracht in specifieke gebieden en op belangrijke thema’s door middel van gebieds- en themagerichte veiligheidsaanpak. Met de invoering van de Omgevingswet ziet de VRMWB een essentiële rol in de advisering over een veilige, gezonde en leefbare omgeving voor zichzelf. 3. Leveren van een hulpvaardige en slagvaardige inzet: De VRMWB houdt vast aan het niveau van een 24/7 veilig en effectief optreden. Vakbekwaamheid, de meldkamer, de kracht van lokale kennis en de bredere inzet van vrijwilligers zijn hierbij cruciaal. Naar het voorbeeld van Fort Oranje zetten zij hun kennis & expertise voor “lokale crisis” meer flexibel in. Het jaar 2022 staat in het teken van de doorontwikkeling van de organisatie als gevolg van de uitkomsten van de evaluatie van de Wet Veiligheidsregio’s waarbij ook de leerpunten uit de coronacrisis de nodige aandacht zullen krijgen.
De uitkomsten van de wetsevaluatie vragen om nadere investeringen in de organisatie van de brandweer (als gevolg van taakdifferentiatie, tweede loopbaanbeleid, uitruk op maat, ed.) als ook in crisisbeheersing 2.0 met meer aandacht voor informatiemanagement en interregionale samenwerking. Bovendien is door de coronacrisis de uitvoering van een aantal voornemens uit het beleidsplan minder voorspoedig verlopen. In 2022 zal hier een inhaalslag op plaatsvinden. Er is bij de vaststelling van de begroting 2021 een structurele besparing van 2,5% doorgevoerd. Bezuiningen
bezuiningsopdracht
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
€ -1.420.525
€ -1.325.584
€ -1.678.263
€ -1.890.658
Bovendien gaat de VRMWB bij de eerste begroting van de nieuwe gemeenteraden, de begroting 2023, de mogelijkheden voor bezuinigingen inzichtelijk maken en een concreet bezuinigingsvoorstel doen (incl. consequenties voor de dienstverlening en uitvoering van taken). In het jaar 2021 worden hiervoor de eerste stappen gezet samen met de gemeenten. Daar waar er sprake is van nieuw beleid, is de lijn gevolgd “oud voor nieuw”. De begroting is slechts aangepast met de loon- en prijsontwikkeling, conform eerder vastgestelde lijn. b. Financiële gegevens De gemeentelijke bijdrage voor 2022 bedraagt voor de gemeente Geertruidenberg € 1.328.204. c. Gemeentelijk standpunt Er wordt rekening gehouden met een bezuiniging van 2,5%. Ondanks deze inspanningen willen wij de gemeenteraad voorstellen om de volgende zienswijze kenbaar te maken: 1. De Veiligheidsregio te verzoeken alsnog een taakstellende bezuiniging van 5% door te voeren op de begroting 2022. 2. Voor wat betreft de door de gemeenteraad aangenomen motie inzake de zero based operatie akkoord gaan met de gekozen oplossingsrichting van de Veiligheidsregio met dien verstande dat er gedurende het jaar 2021 wel een goede start gemaakt wordt om voldoende gereed te zijn voor de begroting 2023. 3.
De Veiligheidsregio te verzoeken, om in het geval de taakstellende bezuiniging niet wordt overgenomen, de gemeenteraad van Geertruidenberg schriftelijk en met redenen omkleed, te voorzien van een toelichting. 3. Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord a. Beleidsontwikkelingen In januari 2021 werd de nieuwe Wet ambulancezorgvoorzieningen van kracht. Hiermee is de vergunning tot ambulancezorg verleend aan de huidige aanbieders. Acute zorg thuis, samenwerking tussen ketenpartners voor zorgcoördinatie en bij het bestrijden van het personeelstekort zijn speerpunten die
door het ministerie van VWS zijn uitgesproken als nieuwe denkrichting voor de acute zorg op de langere termijn. RAV staat achter deze denkrichting. In het meerjarenbeleidsplan zal er tevens dit jaar een nieuw kwaliteitskader gepresenteerd worden om de verleende zorg beter te kunnen meten. b. Financiële gegevens Vanuit de gemeenten is geen financiële bijdrage verleend. De kosten kunnen volledig worden afgedekt met het toegekende rijksbudget. c. Gemeentelijk standpunt Vanwege het ontbreken van een financiële relatie tussen de RAV en de gemeente is een zienswijze over de jaarrekening 2020 niet aan de orde. 4. Openbare Gezondheidszorg West-Brabant (GGD West-Brabant) a. Beleidsontwikkelingen ‘Op naar de gezondste regio van Nederland.’ Dat is en blijft de ambitie van de GGD West-Brabant ondanks de coronacrisis. In 2022 gaat de GGD verder met de strategische ambities uit de Agenda van de Toekomst en zet vooral in op de maatschappelijke gevolgen van de coronacrisis en het effect hiervan op de Publieke Gezondheid in West-Brabant. Deze ambities worden met de wettelijke taken voortdurend bepaald door ontwikkelingen om ons heen. Onderstaande vier ambities staan centraal: 1. Gezonde en veilige leefomgeving; 2. Preventie verbreden en verdiepen; 3. Gelijke gezondheidskansen voor iedereen; 4. Borging van onze moderne, eigentijdse dienstverlening.
Daarnaast wordt in de Beleidsbegroting worden per basistaak/productgroep de belangrijkste Indicatoren in beeld gebracht. Mede op verzoek van de raden is met de GGD een traject gestart om tot optimalisering van de prestatie-indicatoren te komen. Door de grote druk op de GGD vanwege de coronacrisis is hier vertraging op ontstaan. Met betrekking tot de JGZ is het traject al wel ver gevorderd. In aanloop naar de Kadernota/Beleidsbegroting 2023 gaat de GGD tevens met gemeenten in gesprek over plusproducten. Onderzocht gaat worden of sommige producten uit het basispakket gehaald kunnen worden en in het vervolg door gemeenten als plusproduct ingekocht. Mocht dit mogelijk blijken, dan kunnen gemeenten daarmee (meer) zelf bepalen of zij bepaalde producten nog blijven afnemen bij de GGD. b. Financiële gegevens De beleidsuitgangspunten en technische begrotingsvoorstellen in de begroting 2022 van de GGD leiden tot meerkosten voor onze gemeente. Onze gemeentelijke bijdrage voor 2022 wordt geraamd op € 797.586,- (zie p. 28 en p. 45 van de begroting van de GGD). Dit wordt veroorzaakt door de indexering van 1,54% op alle basistaken. Daarnaast geeft het bestuur van de GGD aan af te wijken van de richtlijn: “De begroting 2022 dient te worden opgesteld op basis van een gelijkblijvende gemeentelijke bijdrage t.o.v. het begrotingsjaar 2021.
Als dit leidt tot beleidsmatige keuzes dienen deze aangegeven te worden in de kaders voor de begroting 2022.” In haar reactie schrijft de GGD dat een uitzondering wordt gemaakt voor de indexering, omdat dit een structurele autonome ontwikkeling betreft. Daarnaast geeft de GGD aan dat zij bij een mogelijke bezuinigingstaakstelling graag in gesprek gaat met de betreffende gemeenten over de plusproducten. Formeel gezien is de bedoeling van de richtlijn een andere: deelnemende gemeenten verkeren in moeilijke financiële omstandigheden en vragen daarom aan verbonden partijen om ook mee te bewegen en juist binnen de bedrijfsvoering kosten te besparen, zodat niet geïndexeerd hoeft te worden en geen beleidsmatige keuzese gemaakt hoeven te worden om plusproducten niet meer af te nemen. Gelet op de bijzondere omstandigheden rondom de corona bestrijding geeft dit voor nu echter onvoldoende
aanleiding om dit mee te nemen in de zienswijze. Wel lijkt de structurele dotatie aan een algemene risicoreserve op gespannen voet te staan met het indexeren conform septembercirculaire 2020 zoals de GGD dit in haar begroting 2022 heeft gedaan. De GGD zal hier voor de beleidscyclus van 2023 op geattendeerd worden. Naar aanleiding van de kaderbrief 2022 van de GGD heeft het college al een zienswijze ingediend. Hierin wordt o.a. gewezen op de taakstellende bezuiniging van 5% in 2022 en verder die al eerder werd opgelegd. Gezien de begrote indexering is hieraan geen gevolg gegeven. c. Gemeentelijk standpunt Wij stellen u voor een zienswijze in te dienen op de begroting 2022 van de GGD en wel als volgt: 1. Wij vragen duidelijkheid te verschaffen ten aanzien van het onderscheid tussen wettelijke en extra taken zoals die door de GGD West-Brabant wordt uitgevoerd. 2. Eerder hebben wij u verzocht om een taakstellende bezuiniging van 5% op te nemen. Deze inspanning zien wij niet terug in uw begroting 2022. 3. We begrijpen dat de GGD voor alsnog bezig is om de coronacrisis in goede banen te leiden. Het vragen om het uitvoeren van een zero based (gebaseerd op nul: elke uitgave wordt beoordeeld op omvang en noodzaak) operatie op de begroting 2022, zou ongepast zijn.
Toch zouden we willen zien dat dit zo snel als redelijkerwijs mogelijk opgepakt wordt, waarbij er drie scenario’s geformuleerd worden waarin de consequenties in beeld worden gebracht voor de dienstverlening door de GGD wanneer de begroting daarvan met 5, 10 en 15% wordt verlaagd. 5. Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant a. Beleidsontwikkelingen Voor 2022 worden de volgende ontwikkelingen verwacht: - de komst van de Omgevingswet die vraagt om meer samenwerking en veranderende taken en taakopvatting; - de overdracht van bodemtaken van de provincie per 1 januari 2022; - ondersteuning van gemeenten bij nieuwe taken en verplichtingen op grond van de Omgevingswet zoals geluidplafonds bij industrieterreinen en monitoring van geluid bij lokale wegen; - doorontwikkeling van de uitvoering van de VTH taken op basis van risico’s en een grotere rol van data bij de uitvoering (informatiegestuurd werken). Hiermee wil OMWB het effect van hun inzet zo groot mogelijk maken en tegelijkertijd zo efficiënt mogelijk de taken voor de deelnemers uitvoeren. Of de Omgevingswet op 1 januari 2022 daadwerkelijk in werking treedt van is bij het opstellen van de ontwerp-begroting nog niet zeker. Daarbij is de impact voor omgevingsdiensten noch gemeenten (financieel) goed in te schatten. b.
Financiële gegevens De ontwerpbegroting is opgesteld op basis van de beleidsmatige en financiële ontwikkelingen die de OMWB op zich af ziet komen. De ontwerpbegroting is solide en in lijn met de kadernota. Er is sprake van een gezond financieel beeld, dat in lijn ligt met de voorafgaande jaren. De OMWB heeft een kosteneffectiviteitsonderzoek laten doorvoeren (‘De dienst beter maken’). De 1e tranche is in deze begroting 2022 doorgevoerd. Dit bestaat uit een besparing van ruim € 650.000. Daartegenover staan ook extra uitgaven van € 450.000. Verdere besparingen zijn voorzien voor de begrotingsjaren daarna. Dit is een deel van 2 bewegingen die waarneembaar zijn in de ontwerpbegroting 2022. Een beweging van kostenbesparing en een beweging van extra uitgaven. Per saldo is de stijging van het uurtarief met 0,3% in plaats van de een indexatie van 1,5%. Het risico-profiel is gestegen door toedelen van de kosten voor invoering van de Omgevingswet in de risicoparagraaf op te nemen. Dit wordt deels gecompenseerd door het resultaat over 2020 toe te delen aan de algemene reserves. De gemeentelijke bijdrage voor 2022 van € 414.162 is gebaseerd op de bijdrage voor 2021 minus 5% taakstelling. Daar waar deze taakstelling (nog) niet via kosteneffectiviteit bij de dienst bereikt kan worden, kunnen keuzes gemaakt worden in het werkprogramma.
Bijvoorbeeld door minder risicovolle inrichtingen uit het niet-basistakenbestand minder frequent te controleren.
c. Gemeentelijk standpunt Wij hebben in onze richtlijnen voor de kaderbrief aangedrongen op bezuinigingen. De OMWB heeft een kosteneffectiviteits-onderzoek uitgevoerd en ziet kansen om de komende jaren 4 tot 7% te bezuinigen, daarmee komen zijn tegemoet aan de wens van 5% taakstelling. De gemeente Geertruidenberg ziet de opmerking dat de inspanningen om bezuinigingen te realiseren ook een inspanning van de deelnemers vraagt te onderzoeken waar in de samenwerking kostenefficiëntie bereikt kan worden, als een uitnodiging om daar samen met OMWB en (een aantal van) de deelnemers in een werkgroep over na te denken. Wij stellen voor een zienswijze in te dienen waarbij wij OMWB vragen om de deelnemers in het vervolgtraject goed en vroegtijdig te betrekken bij de uitwerking en doorvoering van de toekomstige kostenbesparingen en de daarvoor noodzakelijke investeringen. Bestuurlijke betrokkenheid is belangrijk en om oog te hebben voor realistische, haalbare en verdedigbare keuzes waarvan de gevolgen ook helder zijn voor de betrokkenen. Verder vragen wij OMWB om in te zetten op het beperken en beheersen van de financiële risico’s. de reden hiervoor is de volgende: De algemene reserve eind 2022 wordt (voor resultaatbestemming 2020) begroot op € 1.546.000. De financiële waarde van de gewogen risico’s komt uit op € 2.180.000. Hiermee is de weerstandsratio 0,7.
Het weerstandsvermogen is van niet van voldoende niveau om de onderkende afgewogen risico’s af te dekken. De algemene reserve wordt weliswaar versterkt met de beoogde bestemming van het jaarrekeningresultaat 2020 maar ook dan is het belangrijk om scherp te blijven om risico’s beheersbaar te houden. Tenslotte geeft de inwerkingtreding van de Omgevingswet de OMWB de kans om een zerobased operatie uit te voeren op de begroting, cf de door de gemeenteraad aangenomen motie. 6. Nazorg gesloten stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen De Verbonden Partij voldoet aan de financiële richtlijnen die wij hebben gesteld ten aanzien van de begroting 2022. a. Beleidsontwikkelingen De gemeenschappelijke regeling beheert de nazorg van de gesloten stortplaatsen. Er is daarom geen sprake van nieuw beleid. b. Financiële gegevens In de begrotingen 2019-2021 is de bijdrage voor de deelnemende gemeenten geëgaliseerd, zodat niet jaarlijks de mutatie in bijdrage bestuurlijk toegelicht hoefde te worden. Bij de input voor de kadernotitie 2022 is door diverse gemeenten meegegeven dat de meerjarenbegroting opgesteld zou moeten worden op basis van gelijkblijvende bijdrage. Hierbij spelen een aantal factoren een rol. 1. In 2020 heeft Sweco een herberekening gedaan van het benodigde doelvermogen per 2020.
De constatering is hierbij gedaan dat de werkelijke hoogte van de voorziening momenteel zo’n 10% hoger is. 2. De uitkomsten van het onderzoek naar de kwaliteit van de bovenafdichting van stortplaats Bavel-Dorst volgen medio 2021. De verwachting is dat de gehanteerde levensduur verlengd kan worden van 50 naar 75 jaar. Als dit het geval is, betekent dit dat het benodigd doelvermogen in de komende jaren zo’n 20% lager wordt dan waar nu mee gerekend wordt. 3. Stortplaats Bavel-Dorst wordt al jaren beschouwd als ware het een leemtewet stortplaats. Dit is het echter niet. Er gaat, in samenspraak met het bevoegd gezag en Sweco, verder onderzocht worden wat het kan betekenen om voor de nazorgtaken af te stappen van de leemtewet en wat mogelijke financiële consequenties zijn. 4. Ten slotte gaat Sweco in de komende twee à drie jaar het nazorgplan eens helemaal onder de loep nemen, waarbij speciale aandacht wordt gegeven aan de impact van het vervangen van een bovenafdichting voor de ontwikkeling van het doelvermogen op lange termijn en hoe we hier op een andere manier mee om kunnen gaan.
Op basis van de bovenstaande factoren wordt voorgesteld om de bijdrage in de meerjarenbegroting 2022-2025 gelijk te houden. De betreffende ontwikkelingen bieden voldoende vertrouwen en ruimte om de bijdrage niet te laten stijgen. De gemeentelijke bijdrage voor de jaren 2022 tot en met 2025 is per jaar € 30.965. Uitgaande van de begrote nazorgkosten voor stortplaats Bavel-Dorst en begrote pre-nazorgkosten voor stortplaats Zevenbergen, betekent een gelijke bijdrage wel dat de GR licht gaan interen op de huidige hoogte van de voorziening. Op basis van de beschikbare informatie van Sweco en Attero variëren de jaarlijkse begrote nazorgkosten voor de jaren 2022-2025 tussen de € 660.000 en € 770.000. Daarnaast zijn er dan nog de jaarlijkse bedrijfsvoeringskosten. Bij een gelijkblijvende bijdrage houdt dit in dat de GR in de komende vier jaar totaal zo’n € 300.000 inteert op de voorziening. Gezien de positieve toekomstverwachtingen is een stabiele bijdrage goed te onderbouwen. Vanwege de omvang van de jaarlijkse kosten, wordt vooralsnog geen verlaging van de bijdrage voorgesteld. c.
Gemeentelijk standpunt Wij stellen daarom voor de volgende zienswijze in te dienen tegen de begroting 2022: wij kunnen vooralsnog instemmen met de begroting 2022, waarbij wij de kanttekening plaatsen dat wij alsnog een verlaging van de gemeentelijke bijdrage verwachten indien de uitkomsten van het onderzoek naar de benodigde hoogte van het doelvermogen uitwijzen dat daar ruimte voor is. 7. WAVA MidZuid a. Beleidsontwikkelingen Door het vaststellen van de notitie ‘Mensenwerk is de basis’ heeft MidZuid de ruimte gekregen om, naast de uitvoering van de wsw en beschut werk, activiteiten te ontwikkelen, mits deze een relatie hebben met de uitvoering van de Participatiewet. Vanaf 2017 wordt volgens deze koers gewerkt. Dit wordt in de komende jaren doorgezet. Eind 2019 is gestart met het actualiseren van ‘Mensenwerk is de basis’ wat heeft geleid tot het transformatieproces dat in 2020 is gestart en waarvan in de tweede helft van 2021 de uitkomsten geïmplementeerd zullen worden. Het transformatieproces voor de doorontwikkeling van MidZuid is een proces, waarin de projectgroepen, bestaande uit medewerkers van de deelnemende gemeenten en MidZuid, de samenwerkingsprocessen optimaliseren en MidZuid verder door ontwikkelen tot een meer flexibele organisatie.
Dit zou in 2022 moeten leiden tot een nog betere stroomlijning in uitvoering van de dienstverlening, betere samenwerking in de keten (sociaal domein) en een betere bedrijfsvoering. De opdracht van MidZuid is om mensen zo dicht mogelijk naar regulier werk te brengen en dat zo efficiënt mogelijk te doen. Dit leidt tot 3 uitgangspunten: Mensontwikkeling is leidend, dat betekent dat wij medewerkers zo hoog mogelijk plaatsen op de werkladder en binnen een trede hun loonwaarde of toegevoegde waarde optimaliseren. Duurzame samenwerking met partners: o Heldere afspraken over prijs en kwaliteit op basis van marktconforme tarieven en loonwaarden van de medewerkers. o Heldere afspraken over begeleiding en ondersteuning. o Een werkomgeving voor medewerkers conform de wettelijke eisen. De bedrijfsvoering verloopt budgettair neutraal en de gemeentelijke bijdrage wordt zoveel als mogelijk beperkt. Ten aanzien van doelgroepmedewerkers wordt verwacht dat de afname van het aantal wswmedewerkers zal doorzetten. Daar staat een groei van het aantal medewerkers via beschut werk en participatiebanen tegenover. In de begroting wordt ervan uitgegaan dat de doelstellingen voor 2020 en verder, zowel voor beschut werk als voor participatiebanen gehaald gaan worden.
Ook zal, door landelijke ontwikkelingen rond de subsidie SW, de komende jaren sprake zijn van een positieve ontwikkeling in het subsidieresultaat. Dit heeft een belangrijke invloed op de ontwikkeling van de gemeentelijke bijdrage welke hierdoor zal afnemen in de komende jaren. Echter zal de groep SWers de komende jaren steeds verder krimpen, waardoor de positieve ontwikkelingen op de SW-bijdragen steeds minder van invloed zullen zijn op de financiering van MidZuid. b. Financiële gegevens
Er is de komende jaren sprake van een dalende gemeentelijke bijdrage. Dit heeft vooral te maken met de subsidieresultaten van de doelgroepmedewerkers. Door een aantal maatregelen om het bedrijfsresultaat verder te verbeteren zal deze daling groter zijn dan beschreven in de begroting van 2021.
Voor de gemeente Geertruidenberg worden onderstaande bijdragen genoemd voor de komende jaren. Begroting 2022 Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 Gemeentelijke € 254.472 € 236.252 € 204.873 € 191.414 bijdrage gemeente Geertruidenberg Voor de gemeentelijke bijdrage in het subsidieresultaat/begrotingssaldo is het aantal plaatsingen bepalend. Daarvoor is het aantal definitieve plaatsingen in 2017 als uitgangspunt genomen. Bovengenoemde bedragen zijn voorschotbedragen, bij de jaarrekening vindt een onderlinge verrekening plaats op basis van het werkelijk aantal plaatsingen. c. Gemeentelijk standpunt De concept begroting 2022 van MidZuid geeft geen aanleiding om op financieel gebied een zienswijze in te dienen. 8. Uitvoering administratieve en inhoudelijke taken betreffende het voorkomen van schoolverzuim en voortijdig schoolverlaten (Regionaal Bureau Leerplicht) a. Beleidsontwikkelingen In 2022 staan vier speerpunten centraal: 1. Thuiszitters; geen enkel kind zit langer dan 3 maanden thuis zonder een passend aanbod van onderwijs en/of zorg. 2. Een sluitend regionaal vangnet voor jongeren van 12 tot 23 jaar; het RBL, onderwijs, sociaal domein en alle andere partners in de verzuimketen spannen zich in om het recht op onderwijs voor alle jongeren te waarborgen. Daarmee wordt geprobeerd jongeren zoveel mogelijk de kans te bieden om een startkwalificatie te halen. 3.
Overstap onderwijs (aansluiting po en vo, aansluiting vo en mbo en overstap mbo-mbo); door gezamenlijke inspanning van gemeenten, het onderwijs, de leerlingen en ouders komen tot een weloverwogen keuze voor vervolgopleidingen. 4. Aanpak oud-voortijdig schoolverlaters; het regionaal beleid is erop gericht om deze jongeren te begeleiden naar een passende opleiding, baan of leerbaan voor bijscholing voor een duurzame inzetbarheid op de arbeidsmarkt. Hier wordt nog meer maatwerk in mogelijk. b. Financiële gegevens De voor onze gemeente geraamde gemeentelijke bijdrage voor 2022 bedraagt € 85.338. Ten opzichte van de begroting 2021 een stijging van € 5.687. De mutaties 2022 bestaan uit: - Indexering personele en materiele kosten (€ 2.816). - Pilot Projectaanjager leerplicht (0,6 fte) (€ 2.871) Voor de Pilot Projectaanjager is al separaat een besluit genomen om dit op te nemen als extra projectopdracht namens de gemeenten van Niveau 2 en 2A. Deze pilot staat los van de gemeentelijke bijdrage voor de reguliere bedrijfsvoering. De stijging in ‘reguliere’ gemeentelijke bijdrage bestaat louter uit loon- en prijsontwikkeling, conform de septembercirculaire 2020. Wanneer het RBL geen rekening houdt met loon- en prijsontwikkeling is er niet langer sprake van een reële begroting. Ook geeft het RBL aan dat dat ten koste gaat van de uitvoering en resultaten van de regionale opdracht.
Het RBL is een ‘platte’ organisatie die formatief en bedrijfsvoering technisch geen ‘knoppen’ heeft om aan te draaien. c. Gemeentelijk standpunt De Ontwerpbegroting 2022 geeft geen aanleiding om op financieel gebied een zienswijze in te dienen.
9. BVO Centrum voor Jeugd en Gezin a. Beleidsontwikkelingen De Bedrijfsvoeringsorganisatie CJG Drimmelen Geertruidenberg (BVO CJG) wil zich in 2022 verder inzetten voor het doel “organiseren en aanbieden van hulp voor ouders en jeugdigen met betrekking tot de taken zoals genoemd in de Jeugdwet”. Hiervoor hebben ze een aantal subdoelen benoemd: Informatie en advies over opvoeden en opgroeien. Ambulante jeugdhulp en gezinsbegeleiding op alle leefgebieden. Coördinatie van jeugdhulp en arrangeren van passende zorg Inzetten op vergroting en zichtbaarheid en bereikbaarheid van het CJG.
Om de doelstelling te bereiken worden de volgende activiteiten uitgevoerd: 1. Zorgen voor een solide en stabiele organisatie. Dit betekent binden en boeien van (de ervaring en deskundigheid van) het personeel en de organisatie in alle opzichten als één organisatie laten functioneren 2. Borging van continuïteit van hulp en ondersteuning (één aanspreekpunt) 3. Zorgen voor een (blijvend) betaalbare organisatievorm: eerst eigen kracht, netwerk en voorliggende voorzieningen, wanneer noodzakelijk gespecialiseerde zorg inzetten 4. Lokaal verankerd CJG (dichtbij de burger) 5. Het bieden van professionele en waar nodig integrale hulp b. Financiële gegevens De begrotingsvoorstellen in de begroting 2022 van de BVO CJG leiden tot meerkosten voor onze gemeente ten opzichte van de begroting 2021. Onze gemeentelijke bijdrage voor 2022 wordt geraamd op € 983.750 (zie p. 25). Dit wordt veroorzaakt door: Op de begroting 2021 is 2,5% geïndexeerd voor het onderdeel personeel, ten behoeve van de begroting 2022). De post ICT, informatievoorziening en informatiebeveiliging is gestegen ten opzichte van eerdere begroting. In 2020 waren een aantal kosten onvoldoende begroot. Hierbij gaat het o.a. over een extra ICT licentie, een aantal in het contract opgenomen variabele kosten en een groter aantal noodzakelijke kosten. De BVO CJG is een sinds 2020 van start gegaan.
Een vrij jonge organisatie waarbij er sprake is van voortschrijdend inzicht op basis van praktijkervaringen in 2020. Deze inzichten zijn meegenomen in de begroting 2022. c. Gemeentelijk standpunt Op basis van de Financiële kaders begroting 2022 Verbonden Partijen is één van de uitgangspunten dat de begroting 2022 dient te worden opgesteld op basis van een gelijkblijvende gemeentelijke bijdrage t.o.v. het begrotingsjaar 2021. Ten opzichte van het begrotingsjaar 2021 stijgt de begroting 2022 van € 1.860.794 naar € 1.967.500. De financiële inbreng voor de BVO CJG zal gelijk worden verdeeld per gemeente. In de gemeenschappelijke regeling staat opgenomen dat de verdeling financiële bijdrage gemeenten 50% voor Drimmelen en 50% voor Geertruidenberg is. De gemeentelijke bijdrage stijgt dan van € 930.397 naar € 983.750. Gezien de onderbouwing van de stijging van de bijdrage kan worden ingestemd met de programmabegroting 2022. Tevens wordt de volgende zienswijze voorgesteld: “De meerkosten van de GR BVO CJG voor de begroting 2022 zijn voor nu te verantwoorden. De BVO CJG is sinds 2020 van start gegaan. De BVO CJG is een vrij jonge organisatie waarbij er sprake is van voortschrijdend inzicht op basis van praktijkervaringen in 2020. Deze inzichten zijn meegenomen in de begroting 2022. We gaan er wel vanuit dat dit eenmalig was.
Vanaf nu (begroting 2023 en verder) is het uitgangspunt dat een eventuele kostenstijging voor bedrijfsvoering of overhead alleen veroorzaakt wordt door indexering of door nieuw beleid, waar het bestuur van de regeling expliciet vooraf mee instemt.”