CConstaterende datGeertruidenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1b BP Het Veerse Dok_Bijlagen bij toelichting_Totaal

De raad debatteert 13 juni 2024, gemeente GeertruidenbergBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Het Veerse Dok24.821 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Het Veerse Dok

1-11-2023

Notitie – Veilige ontwikkeling ‘Het Veerse Dok’

Auteurs: Rebecca Geurts, Nikéh Booister Projectnummer: 51018723 Onderwerp: veilige ontwikkeling ‘Het Veerse Dok Klant: Janssen de Jong Projectontwikkeling

1

Inleiding

1.1

Ligging en uitdagingen

Figuur 1: Overzicht locatie

Het project Veerse Dok, ligt in de zuidwestelijke hoek van de plaats Raamsdonksveer. Het gebied bevindt zich aan het zuidelijke einde van het waterlichaam Zuidergat en ligt geheel buitendijks. De plannen zijn dat de bestaande jachthaven zal plaatsmaken voor een woongebied waar op land en water gewoond kan worden. De voorziene ontwikkeling bevat maximaal 62 woningen/ wooneenheden, verdeeld over diverse woningtypen op en rondom het water. De buitendijkse ligging van, en daarmee de directe invloed van het watersysteem op het Veerse Dok brengt verschillende uitdagingen met zich mee voor het ontwerp, denkend aan het volgende: 1. Hoe om te gaan met waterstandsverhogingen. Dit kunnen nu hogere waterstanden zijn door bijvoorbeeld extreme rivierafvoeren, maar ook in de toekomst door zeespiegelstijging. 2. Neemt de bergingscapaciteit af door deze ontwikkeling? Waardoor afwenteling op andere gebieden plaats kan vinden. 3. Creëert deze ontwikkeling een mogelijke belemmering voor een toekomstige dijkversterking? Sweco heeft indicatieve berekeningen uitgevoerd om de uitdagingen in de eerste 2 punten te kunnen beschouwen. Verder wordt ook een blik op de toekomst gegeven voor deze uitdagingen. Voor punt 3 verwijzen we de lezer ook door naar de beantwoording van de inspraakreacties.

Sweco

De Holle Bilt 22

Sweco Nederland B.V.

T +31 (0) 88 811 6600

NL 3732 HM De Bilt

Handelsregister 30129769

www.sweco.nl Document referentie Notitie - veilige ontwikkeling 'Het Veerse Dok' 1 november 2023

Statutair gevestigd te De Bilt 1/8

1.2

Doel studie

Het primaire doel van deze studie is om het inzicht te geven in het waterveilig ontwikkelen in de Veerse Dok. De notitie levert hiermee een bijdrage aan aanpassingen en toevoegingen aan het ontwerp bestemmingsplan. De verdiepende analyse is gemaakt in verband met diverse inspraakreacties op het voorontwerp, bestemmingsplan.

1.3

Doel notitie

Inzicht geven in te verwachten waterstanden als gevolg van zeespiegelstijging en klimaatverandering zodat ontwikkeling veilig kan plaatsvinden. Deze notitie bevat een overzicht van de resultaten van de berekeningen en vervolgens een blik op de toekomst, waarin verschillende onderwerpen worden besproken die op het Veerse Dok van toepassing zijn en invloed kunnen hebben.

2

Resultaten waterstandsberekeningen

2.1

Korte toelichting berekeningen

Onderstaande resultaten geven indicatieve berekeningen weer die van toepassing zijn op de ontwikkelingen in het Veerse Dok. Woningen hebben overwegend een levensduur van ca. 60-120 jaar. De kans dat nieuw te bouwen woningen in 2100 nog bestaan is daarmee reëel. Er is daarom vooruit gekeken naar zichtjaar 2100 voor het berekenen van de effecten van klimaatverandering op de ontwikkeling. Met dit zichtjaar wordt dus ook rekening gehouden met het afwentelen op toekomstige generaties. Voor deze berekeningen zijn nog de KNMI-klimaatscenario’s uit 2014 gebruikt. De nieuwe klimaatscenario’s uit oktober 2023 nog niet in de modellen beschikbaar zijn. Er is in de berekeningen uit gegaan van het W+ scenario 1, wat correspondeert met een zeespiegelstijging van 0,75m. De toelichting en uitwerking van de berekeningen is te vinden in Bijlage I.

2.2

Waterstandsverhoging

In het kader van zeespiegelstijging en verhoogde rivierafvoeren zullen we vaker te maken met hogere waterstanden. In de tabel hieronder worden de verwachte waterstanden in 2100 bij verschillende overschrijdingsfrequenties getoond:

1

W+ is het meest extreme scenario uit de KNMI’14 scenario’s. In de KNMI’23 scenario’s komt naar voren dat een bandbreedte van 26 tot 73 centimeter bij de lagere scenario’s (Ld, Ln) verwacht wordt en een bandbreedte van 59-124 centimeter in de hoge scenario’s (Hd en Hn). Een zeespiegelstijging van rond de 75 centimeter is hiermee bij alle nieuwe scenario’s niet onrealistisch geacht.

Document referentie Notitie - veilige ontwikkeling 'Het Veerse Dok' 1 november 2023

2/8

Tabel 1: Overzicht waterstanden bij herhalingstijden Herhalingstijd

Waterstand

10 x per jaar

2,37 m + NAP

1 x per jaar

2,43 m + NAP

1 x per 5 jaar

2,71 m + NAP

1 x per 10 jaar

3,02 m + NAP

1 x per 30 jaar

3,25 m + NAP

1 x per 50 jaar

3,35 m + NAP

1 x per 1000 jaar

3,87 m + NAP

2.3

Hoogte maaiveld

Het huidige maaiveld is ongeveer 2,50 m+NAP. In overleg met de opdrachtgever zou dit zonder te grote ingrepen kunnen opgehoogd worden tot ongeveer 3,00 m+NAP. Bij een hoogte van 3m+NAP heeft het maaiveld een overstromingskans van ongeveer eens in de 10 jaar (zie tabel 1). Water staat dan net of net niet op het maaiveld, dit is afhankelijk van lokale karakteristieken. Eens in de 30 jaar zal er ongeveer 25 centimeter water op het maaiveld staan. De looptijd van een hypotheek is 30 jaar. Wanneer iemand ca. 30 jaar in een woning woont is de kans groot dat iemand het eenmaal mee maakt dat er 25 centimeter op de begane grond (parkeerverdieping) komt te staan. Deze getallen houden niet in dat die kans pas vanaf 2100 optreedt. Het maaiveld kan eerder dan 2100 ook onder water komen staan. Een overweging kan zijn om er vanuit te gaan dat men in de looptijd van de hypotheek maximaal éen keer een overstroming van het maaiveld meemaakt, in dat geval is een ophoging naar minimaal 3,25m+NAP noodzakelijk. De begane grond wordt ingericht als parkeerverdieping. Om er voor te zorgen dat er geen of zo min mogelijk schade optreedt is het van belang dat deze parkeerverdieping zo wordt ingericht dat deze overstromingsbestendig is. Vitale en kwetsbare functies zoals stroomvoorziening zal hoog genoeg aangelegd moeten worden zodat deze niet uitvalt of gemakkelijk hersteld kan worden.

Een aandachtspunt is de mogelijkheid om te kunnen evacueren uit het gebied. Hierover dienen afspraken gemaakt te worden met de veiligheidsregio. Gedurende de looptijd van dit project2 is het niet gelukt in contact te komen met de juiste persoon. In de komende maanden zal deze afstemming verder vorm krijgen.

2.4

Hoogte 1e woonlaag

Er zijn twee manieren voor de beschouwing van de eerste woonlaag: -

-

2

In het Nederlands Bouwbesluit 2012 is als standaard verdiepingshoogte 2,6m opgenomen. Bij een maaiveld van 3m+NAP + 2,6m NAP komt de eerste woonverdieping op 5,6m+NAP te liggen. Dit is ruim hoger dan een overstroming die eens in de 1000 jaar voorkomt (3,87m+NAP). Een andere benadering is te kijken naar de waarschijnlijke hoogte van de omliggende dijken in 2100. In het zichtjaar 2100 zal er, op basis van huidige systematiek, rekening gehouden moeten worden met een waterstand van ten minste 3,87 m+NAP (bij een herhalingstijd van 1/1000). De hoogte van de omliggende dijken zal waarschijnlijk ten minste 4,63 m+NAP worden, exclusief bodemdaling. Zie bijlage voor nadere toelichting hoe dit getal tot stand is gekomen.

Opdracht voor deze notitie en aanvullende onderzoeken bij Sweco.

Document referentie Notitie - veilige ontwikkeling 'Het Veerse Dok' 1 november 2023

3/8

Doordat dit indicatieve berekeningen zijn is bodemdaling niet meegenomen, daar zijn extra verdiepende onderzoeken voor nodig. Kijkend naar de Klimaateffectatlas, kaartlaag ‘Bodemdaling 2020-2100 Hoog’, laat dit geen bodemdaling zien3. In beide gevallen zal de woonlaag hoger moeten komen te liggen dan 4,63m+NAP.

2.5

Waterstandsstijging als gevolg van de ontwikkeling

De impact van de bebouwing op het watersysteem is naar verwachting verwaarloosbaar. De locatie heeft geen functie in de afvoer van Donge of Wilhelminakanaal. Als onderdeel van de RijnMaasmonding is dit gebied verwaarloosbaar klein.

3

Blik op de toekomst

Bovenstaande analyse geeft weer dat ontwikkelingen onder gestelde voorwaarden veilig zijn. Met de veranderende klimaatomstandigheden, de groeiende bevolking en de toenemende druk op de woningmarkt, is het van essentieel belang om goed te kijken naar locaties voor ontwikkelingen en de manier van ontwikkelen. Zo zorgen we ervoor dat we andere generaties, gebieden of gebruikers niet opzadelen met grotere opgaven. In dit hoofdstuk geven we een beschouwing op (beleids)ontwikkelingen van het afgelopen jaar en een vooruitblik op de betekenis voor de Veerse Dok in de toekomst. Water en bodem sturend Op 25 november 2022 heeft minister Harbers een brief gestuurd aan de 2e Kamer met de titel ‘Water en Bodem sturend’. In deze brief is met 7 uitgangspunten en 33 structurerende keuzes geven richting aan beleidsontwikkelingen en keuzes in de toekomst. Verschillende structurerende keuzes hebben betrekking op buitendijks bouwen, waaronder: Nr.

3 4

7. “We creëren ruimte voor het vasthouden, bergen en afvoeren van water in onze ruimtelijke inrichting, landgebruik en landbeheer. Hiermee vergroten we de veerkracht van zowel het hoofdwatersysteem als regionale watersystemen. Dit wordt vanaf heden door het Rijk, de waterschappen, provincies en gemeenten uitgewerkt en in de gebiedsprogramma’s opgenomen.”

Het Veerse Dok is geen onderdeel van het hoofdwatersysteem. Zoals in de bijlage naar voren komt, het effect van de ontwikkelingen hier op het de rivierwaterstanden en daarmee het hoofdwatersysteem verwaarloosbaar zijn. Er kunnen in het hoofdwatersysteem keuzes gemaakt worden in lijn met deze regel, waardoor vasthouden, bergen en afvoeren zorgen voor verandering in rivierwaterstanden. Of dit zo is en wat het effect hier van kan zijn is onzeker. Op voldoende hoogte bouwen en zo min mogelijk wateroppervlak dempen zijn belangrijke stappen voor een toekomstbestendige ontwikkeling van de Veerse Dok.

10. “We staan in de uiterwaarden (die vallen onder de Beleidslijn grote rivieren) geen nieuwe bebouwing meer toe. Daarmee maken we onze rivieren klimaatrobuuster en voorkomen we toenemende schade. Partijen houden hier vanaf heden rekening mee. Er wordt onderzocht hoe de Beleidslijn grote rivieren (Bgr) wordt aangescherpt. Dit is niet van toepassing op ontwikkellocaties, waar met het Rijk reeds bestuurlijke (beleids)afspraken over zijn gemaakt.”

De locatie van het Veerse Dok ligt niet binnen de kaders van de Bgr. Er zijn daarom momenteel geen belemmerende regels vanuit deze beleidslijn voor de ontwikkelingen bij de Veerse Dok. Het is echter wel nodig om aandacht te houden voor de mogelijke aanscherpingen en wijzigingen van het beleid, deze worden verwacht in het voorjaar van 2024.

11. “We actualiseren de huidige reserveringszones rond primaire waterkeringen (dijken en kust). Daarmee reserveren we ruimte voor toekomstige dijk- en kustversterkingen, en maken ze zo blijvend mogelijk. Ruimtelijke

Bij het ontwerp van de ontwikkeling in de Veerse Dok is rekening gehouden met huidige zoneringen zoals vastgelegd in het beleid van het waterschap4. Daarnaast zal bebouwing in beschermingszone A

www.klimaateffectatlas.nl Waterschap Brabantse Delta, leggerkaarten + leggerboeken. Zie www.brabantsedelta.nl/legger

Document referentie Notitie - veilige ontwikkeling 'Het Veerse Dok' 1 november 2023

4/8

plannen en instrumenten van de gemeenten en provincies worden hierop aangepast. Dit pakken we in 2023 samen met de waterschappen, provincies en gemeentes op.”

worden gesloopt, waarbij in deze beschermingszone en op het waterstaatswerk geen nieuwe bebouwing terug zal komen. In het Kennisprogramma Zeespiegelstijging is vooruit gekeken naar extremere zeespiegelstijging. Zo is in onderzoeken binnen Spoor II van het programma (zie pagina 5 van deze notitie) naar voren gekomen voor bepaalde faalmechanismen van dijken (piping en macrostabiliteit) de verwachte bermverbreding zeer groot kan zijn. Hierbij te noemen dat de faalmechanismen piping en macrostabiliteit niet van toepassing zijn ter hoogte van het Veerse Dok. Echter is de ruimte rondom het Veerse Dok is al dicht bebouwd en wat de mogelijke ruimtelijke invloed van dijktraject 35-2 is, is onbekend. Wanneer de zeespiegel sneller stijgt dan tot nu toe verwacht, rivierafvoeren sterker veranderen of waterstanden als gevolg van ingrepen in het hoofdwatersysteem veranderen, kan dit invloed hebben op waterstanden en daarmee dijken rondom het gebied. Er is echter onvoldoende informatie beschikbaar om hier uitsluitsel over te geven. Daaropvolgend kunnen systeemkeuzes, als gevolg van zeespiegelstijging, invloed hebben op waterstanden in de riviertak en daarmee invloed hebben op de levensduur van de deze ontwikkeling.

21. “We maken de risico’s van overstromingen, wateroverlast, bodemdaling en drinkwaterbeschikbaarheid sturend bij de locatiekeuze en inrichting van woningbouw. Hiermee voorkomen we dat we nieuwbouw gaan realiseren op locaties waar we later spijt van gaan krijgen. Provincies nemen in hun ruimtelijke arrangementen het (concept) richtinggevend kader mee.”

In het ontwerp wordt rekeningen gehouden met de risico’s zoals in deze structurerende keuze worden genoemd. Voor overstromingen wordt een bouwhoogte van de eerste woonlaag aangehouden waardoor men droog en veilig kan blijven in geval van een overstroming. Aandachtspunt is overstromingsbestendig bouwen om schade en hersteltijd te verkleinen en mogelijkheden tot evacuatie.

22. “We benutten locaties waar in de toekomst ruimte nodig is voor waterberging, rivierafvoer en toekomstige dijkversterkingen niet (meer) voor bebouwing.”

Het betreft bij deze locatie een kleine ontwikkeling, maar zoals eerder ook genoemd zouden meerdere kleinschalige ontwikkelingen uiteindelijk wel degelijk invloed kunnen hebben op waterberging en rivierafvoer.

De ontwikkeling ligt in de 6-uur contour van het drinkwaterwingebied van Evides. Met Evides zal nog een verdere afstemming plaatsvinden.

Tot slot wordt het volgende in de brief gesteld: “Verschillende locaties zijn op dit moment al in een vergevorderd stadium van ontwikkeling en daarvoor geldt dat heroverweging vanuit water en bodem tot onevenredige vertraging zou leiden. Daarom geldt dat het concept-kader om een klimaatrobuuste ontwikkeling te realiseren wordt toegepast op projecten en gebiedsontwikkelingen waar op 1-1-2025 nog geen bestemmingsplan is vastgesteld. Voor alle andere ontwikkellocaties wordt het kader zoveel mogelijk toegepast, waarbij de locatiekeuze wordt geëvalueerd en lokale afwegingen en keuzes worden gemaakt voor inrichting van de locatie en de bouwwijze voor nieuwe bebouwing.” Het ontwerp voor het Veerse Dok is in een vergevorderd stadium van ontwikkeling, waarbij het kader gegeven vanuit de brief is toegepast. KNMI-scenario’s 2023 De KNMI’23-klimaatscenario’s5 (verschenen op 9 oktober 2023) zijn een vertaling van de nieuwe inzichten en onderzoeksresultaten uit het meest recente IPCC-rapport (2021)6 naar de Nederlandse context. In het lage uitstootscenario stijgt de zeespiegel tot 2100 redelijk sterk (26-73 cm), bij een hoge uitstoot nog meer (59-124 cm). De bovengrens van de zeespiegelstijging rond 2100 kan tot 2,5 m oplopen als onzekere processen, zoals het instabiel worden van de Antarctische IJskap, al vóór 2100 optreden 7.

In vergelijking met de KNMI-scenario’s van 2014: In het lage uitstootscenario zou de zeespiegels tot 2100 redelijk sterk stijgen (25-73 cm), bij een hoge uitstoot nog meer (50-100 cm).

KNMI (2023) KNMI’23 klimaatscenario’s voor Nederland IPCC (2021) Climate Change 2021, The Physical Science Basis 7 KNMI (2023) KNMI’23 klimaatscenario’s voor Nederland 5 6

Document referentie Notitie - veilige ontwikkeling 'Het Veerse Dok' 1 november 2023

5/8

Deze nieuwe KNMI-scenario’s zijn echter nog niet beschikbaar in modellen waardoor deze ook nog niet meegenomen zijn in de berekeningen. Met het gekozen zichtjaar 2100 bij het W+ scenario uit de KNMI’14 scenario’s is zo goed inzicht gegeven in de toekomst

Kennisprogramma Zeespiegelstijging Spoor II Het KPZSS gaat uit van extreme scenario’s: 2 meter zeespiegelstijging in 2100 en 5,4 meter in 2200. Met deze scenario’s komt in het onderzoek, ‘Systeemanalyse waterveiligheid’ (2023), naar voren dat zeespiegelstijging niet alleen consequenties heeft voor de hoogte van de keringen, maar ook voor de sterkte (en daarmee de breedte). Zij geven daarbij aan dat voor diverse faalmechanismen (piping en macrostabiliteit, wat bij de laatste beoordeling ter hoogte van het Veerse Dok niet van toepassing is) de gemiddelde opgave voor de verbreding van de dijkbasis kan oplopen tot 100 meter, en mogelijk meer. Het is hierbij van belang om te melden dat het KPZSS uitgaat van extreme en zeer onzekere, scenario’s. In de ontwikkelingen van het Veerse Dok is het onmogelijk om rekening te houden met deze grote onzekerheden. Er is rekening gehouden met hetgeen in de legger van het waterschap staat vermeld plus de verdere genomen veiligheidsmaatregelen in het ontwerp, zoals het aannemen van een veilige hoogte voor de eerste woonlaag en het maaiveld. Wanneer de zeespiegelstijging versneld kan dit gevolgen hebben op benodigde dijkversterking of keuzes in de inrichting van het hoofdwatersysteem.

Document referentie Notitie - veilige ontwikkeling 'Het Veerse Dok' 1 november 2023

6/8

4

Conclusie

De ontwikkeling wordt veilig geacht indien er aan de voorwaarden wordt gehouden die in deze notitie staan beschreven. Dit hangt af van de keuzes die gemaakt moeten worden wat betreft de hoogte van het maaiveld en de hoogte van de eerste woonlaag. Op het gebied van waterveiligheid, rekening houdend met de waarschijnlijke dijkhoogte in 2100, zal de minimale woonlaag 4,63 m+NAP moeten worden. Daarnaast is het van belang dat het gebied zo ingericht wordt dat, bij het toch overstromen van het maaiveld bewoners kunnen evacueren en dat schade en hersteltijd beperkt is. Maatregelen kunnen zijn het verhogen van vlucht- en evacuatiewegen, vitale en kwetsbare functies hoger aanleggen maar ook het maken van afspraken over evacuatie met de veiligheidsregio en gemeente. Naast dat de ontwikkelingen onder voorwaarden veilig zijn is het belangrijk om aan te geven dat er een sterk bewustzijn moet zijn, en in dit geval ook is, voor de onzekerheden in de toekomst.

Document referentie Notitie - veilige ontwikkeling 'Het Veerse Dok' 1 november 2023

7/8

Bijlage 1: VEERSE DOK – INDICATIEVE BEREKENINGEN & VERWACHTE IMPACT WATERSYSTEEM

Document referentie Notitie - veilige ontwikkeling 'Het Veerse Dok' 1 november 2023

8/8

VEERSE DOK – INDICATIEVE BEREKENINGEN & VERWACHTE IMPACT WATERSYSTEEM

27-10-2023 Versie: 1 Auteur: Menno Rekveld Projectnummer: 51018723 Onderwerp: Veerse Dok - Raamsdonksveer Klant: Janssen de Jong Projectontwikkeling B.V. Projectleider: Rebecca Geurts Gecontroleerd door: Jurjen de Jong

Sweco

De Holle Bilt 22

Sweco Nederland B.V.

T +31 (0) 88 811 6600

NL 3732 HM De Bilt

Handelsregister 30129769

www.sweco.nl

Statutair gevestigd te De Bilt

Document referentie Veerse Dok 2023 - waterstanden en impact bebouwing.docx 1/10

27-10-2023

Inhoud

Versie 1 Projectnummer 51018723 Onderwerp Veerse Dok - Raamsdonksveer

1

Aanleiding ................................................................................................. 3

2

Methode .................................................................................................... 3 2.1 Dijkhoogte en waterstand volgens waterveiligheidsnorm .............. 3 2.2 Waterstand bij overschrijdingsfrequenties ..................................... 4 2.3 Impact buitendijks bouwen op het watersysteem .......................... 4

4

Resultaten ................................................................................................ 5 4.1 Dijkhoogte en waterstand volgens waterveiligheidsnorm .............. 5 4.2 Waterstand bij overschrijdingsfrequenties ..................................... 6 4.3 Impact buitendijks bouwen op het watersysteem .......................... 7

5

Conclusies .............................................................................................. 10

6

Bronnen .................................................................................................. 10

Document referentie Veerse Dok 2023 - waterstanden en impact bebouwing.docx

2/10

1

Aanleiding

27-10-2023

Het project Veerse Dok, ligt in de zuidwestelijke hoek van de plaats Raamsdonksveer, globaal ter hoogte van de Kartuizerstraat 12. Het gebied bevindt zich aan het zuidelijke einde van het waterlichaam Zuidergat en ligt geheel buitendijks. De bestaande jachthaven zal plaatsmaken voor een woongebied waar op land en water gewoond kan worden. Om het appartementencomplex met 16 appartementen te realiseren wordt extra land gewonnen en bestaand terrein verhoogd.

Versie 1 Projectnummer 51018723 Onderwerp Veerse Dok - Raamsdonksveer

Dit memo brengt de impact van buitendijks bouwen in kaart. De volgende vragen worden beantwoord: 1. Wat is de dijkhoogte en waterstand in 2100, behorende bij de waterveiligheidsnorm op basis van een indicatieve berekening? 2. Welke waterstanden horen bij overschrijdingsfrequenties van 10 dagen per jaar, jaarlijks en eens per 5 jaar? 3. Wat is verwachte impact van buitendijks bouwen op het watersysteem?

2

Methode

De methode volgt in dit hoofdstuk. Allereerst volgen de uitgangspunten voor de indicatieve berekeningen voor het WBN en HBN in paragraaf 2.1. Vervolgens worden de uitgangspunten voor de indicatieve berekeningen van de waterstand die 10 dagen per jaar, jaarlijks en eens in de 5 jaar voorkomen besproken in paragraaf 2.2. Tot slot wordt de methode voor het bepalen van de verwachte impact voor het watersysteem besproken in paragraaf 2.3.

2.1

Dijkhoogte en waterstand volgens waterveiligheidsnorm

Voor het bepalen van de dijkhoogte en waterstand volgens de waterveiligheidsnorm wordt gebruik van de werkwijze conform het Beoordelings- en Ontwerpinstrumentarium. Hierin zijn de volgende methode en uitgangspunten aangehouden. De projectlocatie ligt voor dijktraject 35-2. Dijktraject 35-2 heeft een ondergrens waarde van 1/1000 per jaar [3] en een lengte-effectfactor van 2 [1]. De hoogte van de dijk wordt bepaald door het faalmechanisme GEKB, met uitgangspunt 0,1 l/s/m overslag. De faalkansruimte voor dit faalmechanisme is 0,24 [1]. Dit geeft volgens onderstaande formule [1] als norm een terugkeertijd van 1/8333 per jaar. 𝑃𝑒𝑖𝑠;𝑑𝑠𝑛 =

𝜔𝑃𝑒𝑖𝑠 𝑁𝑑𝑠𝑛

Met: ω = faalkansruimte (GEKB = 0,24) Peis;dsn = faalkanseis per doorsnede Peis = norm van het dijktraject Ndsn = lengte-effectfactor voor een doorsnede

[-] [1/jaar] [1/jaar] [-]

Het HBN (hydraulisch belasting niveau) en WBN (waterstand bij norm) worden bepaald voor het zichtjaar 2100. Het HBN wordt berekend met een overschrijdingsfrequentie van 1/8333 [1/jaar] en het WBN wordt berekend met

Document referentie Veerse Dok 2023 - waterstanden en impact bebouwing.docx

3/10

de overschrijdingsfrequentie van 1/1000 [1/jaar]. Het HBN en WBN worden bepaald met de software Hydra-NL (versie 2.8.2.). De gebruikte randvoorwaarden database is “WBI2017_Benedenrijkn_352_v04_reparatie_02”. Zeespiegelstijging is meegenomen door middel van klimaatscenario KNMI 2006 W+, wat gelijk staat aan een zeespiegelstijging van 0,75 m in 2100. Het HBN en WBN is bepaald voor illustratiepunten 03502_0056 t/m 035-02_0061. Illustratiepunten 035-02_0052 t/m 035-02_0055 liggen ook in de nabijheid van de projectlocatie maar hier bestaat de huidige kering uit kademuur en geen dijk en zijn daarom niet beschouwd. Er is geen rekening gehouden met bodemdaling. De dijkprofielen voor elk illustratiepunt zijn bepaald door middel van het AHN4. Buiten het WBN zijn, met behulp van Hydra-NL, ook de waterstanden voor het zichtjaar 2100 met overschrijdingsfrequenties van eens in de 10, 30 en 50 jaar bepaald.

2.2

27-10-2023 Versie 1 Projectnummer 51018723 Onderwerp Veerse Dok - Raamsdonksveer

Waterstand bij overschrijdingsfrequenties

Voor het bepalen van de waterstanden bij een kans van voorkomen van 10 dagen per jaar tot eens in 5 jaar gebruik gemaakt van bestaande waterstandsmetingen. Deze overschrijdingsfrequenties kunnen niet met HydraNL bepaald worden en zijn daarom bepaald aan de hand van bestaande waterstandsmetingen. Hiervoor is op basis gebruik gemaakt van station Marksluis boven [3] wat representatief is voor de waterstanden bij project Veerse Dok (een afstand van 5 km). Vanuit deze meetreeks is uitgerekend welke waterstand een kans van voorkomen had van 10 dagen per jaar, jaarlijks en eens in de 5 jaar. Voor een verwachting van de waterstanden in 2100, is gebruik gemaakt van dezelfde zeespiegelstijging van 0,75 m en wordt aangenomen dat dit in gelijke mate doorwerkt op de waterstanden bij de projectlocatie.

2.3

Impact buitendijks bouwen op het watersysteem

De impact van buitendijks bouwen op het watersysteem kan voor de projectlocatie niet uitgerekend worden op basis van beschikbare modellen. De projectlocatie valt buiten de beleidslijn grote rivieren. Om inzicht te geven in de impacts van buitendijks bouwen is literatuur van het watersysteem geraadpleegd en een beschouwing gegeven op basis van expert judgement. Er wordt gekeken naar het functioneren van het watersysteem als afvoerfunctie van de Donge, afvoerfunctie van het Wilhelminakanaal en als onderdeel van de Rijn-Maasmonding.

Document referentie Veerse Dok 2023 - waterstanden en impact bebouwing.docx

4/10

4

Resultaten

27-10-2023

In dit hoofdstuk volgen de resultaten. Allereerst worden de resultaten voor het HBN en WBN getoond in paragraaf 4.1. In paragraaf 4.2 worden vervolgens de resultaten van de indicatieve berekeningen voor de waterstanden die 10 keer per jaar, jaarlijks en eens in de 5 jaar voorkomen getoond. Tot slot wordt de onderbouwing gegeven van de impact van de bebouwing op het watersysteem in paragraaf 4.3.

4.1

Versie 1 Projectnummer 51018723 Onderwerp Veerse Dok - Raamsdonksveer

Dijkhoogte en waterstand volgens waterveiligheidsnorm

In deze paragraaf worden de resultaten getoond voor de berekening van de dijkhoogte voor de waterveiligheidsnorm. Figuur 4-1 geeft een overzicht van de projectlocatie en de illustratiepunten van Hydra-NL.

Figuur 4-1, overzichtsfoto projectlocatie. De primaire kering is weergegeven in oranje en de illustratiepunten van Hydra-NL zijn weergegeven in blauw.

De WBN is gelijk voor alle illustratiepunten van Figuur 4-1. De WBN is 3,87 m+NAP voor het zichtjaar 2100 (terugkeertijd van 1/1000). Het WBN is weergegeven in tabel Tabel 4-1 samen met de waterstanden voor zichtjaar 2100 met overschrijdingsfrequenties van eens in de 10, 30 en 50 jaar. Tabel 4-1, waterstand zichtjaar 2100 voor verschillende overschrijdingsfrequenties. Overschrijdingsfrequenties [1/jaar]

1/10

1/30

1/50

1/1000

Waterstanden [m+NAP]

3,02

3,25

3,35

3,87

Document referentie Veerse Dok 2023 - waterstanden en impact bebouwing.docx

5/10

Tabel 4-2 geeft de resultaten voor de berekening van het HBN weer. De maatgevende waarde voor het zichtjaar 2100 is 4,63 m+NAP. De primaire kering van het waterschap zal naar alle waarschijnlijkheid tot tenminste 4,63 m+NAP exclusief bodemdaling moeten worden opgehoogd om te voldoen aan de veiligheidseis voor 2100.

27-10-2023 Versie 1 Projectnummer 51018723 Onderwerp Veerse Dok - Raamsdonksveer

Tabel 4-2, resultaten HBN-berekeningen voor zichtjaren 2050 en 2100. Locatie

Zichtjaar 2050 [m+NAP]

Zichtjaar 2100 [m+NAP]

035-02_0056_9_AM_km0251

4,18

4,49

035-02_0057_9_AM_km0251

4,13

4,43

035-02_0058_9_AM_km0251

4,00

4,32

035-02_0059_9_AM_km0251

3,87

4,21

035-02_0060_9_AM_km0251

4,07

4,41

035-02_0061_9_AM_km0251

4,29

4,63

4.2

Waterstand bij overschrijdingsfrequenties

Tabel 4-3 geeft de resultaten weer voor de indicatieve berekeningen voor de verwachte waterstand die 10 keer per jaar, jaarlijks en eens in de 5 jaar voorkomt. Tabel 4-3, resultaten analyse de op korte termijn te verwachten waterstanden. Overschrijdingsfrequenties

Heden [m+NAP]

2100 [m+NAP]

10 dagen per jaar

1,62

2,37

1 dag per jaar

1,68

2,43

1 dag per 5 jaar

1,96

2,71

Document referentie Veerse Dok 2023 - waterstanden en impact bebouwing.docx

6/10

4.3

Impact buitendijks bouwen op het watersysteem

Figuur 4-2 geeft het watersysteem van de Donge weer. Zoals het figuur weergeeft is de Donge opgedeeld in twee trajecten; De Boven Donge en Beneden Donge. De Boven Donge watert af in het Wilhelminakanaal. De Beneden Donge wordt als apart systeem beschouwd. De projectlocatie ligt aan de Beneden Donge. Het watersysteem de Beneden Donge zal daarom verder worden uitgewerkt.

27-10-2023 Versie 1 Projectnummer 51018723 Onderwerp Veerse Dok - Raamsdonksveer

Figuur 4-2, overzichtsfoto watersysteem Donge [2].

Figuur 4-3 geeft het watersysteem van de Beneden Donge weer verdeelt over verschillende trajecten. De projectlocatie bevindt zich in de “Oude loop”. In 1988 is de Donge ter hoogte van de snelweg A59 tussen Oosterhout en Geertruidenberg afgedamd (tussen traject 7 en Oude loop). De afvoer van trajecten 6 en 7 gaat daarom net als de afvoer van trajecten 1 tot en met 5 via het koppelkanaal (traject 8) richting gemaal Keizersveer (traject 12)[2].

Document referentie Veerse Dok 2023 - waterstanden en impact bebouwing.docx

7/10

27-10-2023 Versie 1 Projectnummer 51018723 Onderwerp Veerse Dok - Raamsdonksveer

Figuur 4-3, overzichtsfoto watersysteem Beneden Donge [2].

Document referentie Veerse Dok 2023 - waterstanden en impact bebouwing.docx

8/10

De oude loop van de Donge bij de projectlocatie is dus niet langer verbonden met de Donge zelf, maar enkel nog functioneel als afwatering van het Wilhelminakanaal. Het Wilhelminakanaal heeft een spuifunctie tot een maximum van 40 m3/s [4]. Net voordat het Wilhelmina kanaal uitmondt in de Amer, loopt het Wilhelminakanaal over in de Amertak. Op dat punt zit een open verbinding op deze “Oude loop” van de Donge. Het is onduidelijk wat de afvoerverdeling is tussen deze waterlopen. De Amertak is dieper en korter dan de “Oude loop” waardoor hoogstwaarschijnlijk de Amertak het overgrote deel van het water uit het Wilhelminakanaal afvoert.

27-10-2023 Versie 1 Projectnummer 51018723 Onderwerp Veerse Dok - Raamsdonksveer

Figuur 4-4Figuur 4-4 geeft een overzicht van het watersysteem ingezoomd op de projectlocatie. Te zien is dat de projectlocatie zich niet in de hoofdgeul van de oude loop van de Donge bevindt. De beperkte afvoer in deze oude loop zal geen effect ondervinden van veranderingen op de projectlocatie. Het is daarom onwaarschijnlijk dat deze ingreep een waterstandsverhogend effect zal geven.

Figuur 4-4, overzichtsfoto Beneden Donge ingezoomd op projectlocatie.

Verder grenst het projectgebied aan het watersysteem Rijn-Maasmonding. Waterstanden in dit systeem worden in de eerste geplaatst gedomineerd door wind en stormopzet. De oude geul (evenals de Amertak) zullen meestijgen en dalen met de waterstanden in de Amer. Echter het bergend vermogen van deze wateren is beperkt en heeft een verwaarloosbare bijdrage op de waterstanden. De beperkte bijdrage van dit gebied aan de systeemwerking blijkt ook uit dat de tak lijkt te ontbreken uit het rekenmodel Rijns-Maasmonding van Rijkswaterstaat [5]. De projectlocatie is daarnaast een zeer klein gebied en zal het is daardoor zeer onwaarschijnlijk dat het project enig effect heeft op het watersysteem de Rijn-Maasmonding.

Document referentie Veerse Dok 2023 - waterstanden en impact bebouwing.docx

9/10

27-10-2023 Versie 1 Projectnummer 51018723

5

Conclusies

Onderwerp Veerse Dok - Raamsdonksveer

1. Wat is de dijkhoogte en waterstand in 2100, behorende bij de waterveiligheidsnorm op basis van een indicatieve berekening? In het zichtjaar 2100 zal er rekening gehouden moeten worden met een waterstand van ten minste 3,87 m+NAP. De hoogte van de omliggende dijken zal waarschijnlijk ten minste 4,63 m+NAP worden, exclusief bodemdaling. 2. Welke waterstanden horen bij overschrijdingsfrequenties van 10 dagen per jaar, jaarlijks en eens per 5 jaar? Voor deze overschrijdingsfrequenties zijn de verwachtte waterstanden in 2100: - 10 dagen per jaar: 2,37 m+NAP - 1 dag per jaar 2,43 m+NAP - 1 dag per 5 jaar 2,71 m+NAP 3. Wat is verwachte impact van buitendijks bouwen op het watersysteem? De impact van de bebouwing op het watersysteem is naar verwachting verwaarloosbaar. De locatie heeft geen functie in de afvoer van Donge of Wilhelminakanaal. Als onderdeel van de Rijn-Maasmonding is dit gebied verwaarloosbaar klein.

6

Bronnen 1. Schematiseringshandleiding grasbekleding, 2022, Rijkswaterstaat 2. Watersysteemanalyse Beneden Donge, 2018, Brabantse Delta. 18IT026828 3. Waterinfo, waterveiligheidsportaal, https://waterinfo.rws.nl/#/nav/expert 4. Operationeel watermanagement Midden-Limburgse en NoordBrabantse kanalen WVL0820ZB47B, 2020, Rijkswaterstaat 5. D-HYDRO RijnMaasMonding 3D; Zoutindringing in de Nieuwe Waterweg, 2020, Deltares

Document referentie Veerse Dok 2023 - waterstanden en impact bebouwing.docx

10/10

Beeldkwaliteitsplan Het Veerse Dok Raamsdonksveer

Beeldkwaliteitsplan: Het Veerse Dok Raamsdonksveer | november 2023 Opgesteld door: Marquart Architecten opdrachtgever: Bless Projectontwikkeling / Janssen de Jong Projectontwikkeling

MarquartARCHITECTEN Keizersdijk 55B 4941 GD Raamsdonksveer Telefoon 0162 518098 info@marquart.nl www.marquart.nl

INHOUD 1 Inleiding 2 Analyse huidige situatie 3 Stedenbouwkundig plan 4 Spelregels beeldkwaliteit 5 Spelregels buitenruimte

INLEIDING LUCHTFOTO bron: google maps

INLEIDING

Doel Dit beeldkwaliteitsplan legt de stedenbouwkundige en architectonische kwaliteitsuitgangspunten voor de herontwikkeling van van jachthaven Dok 12 in Raamsdonksveer vast. Het biedt handvatten voor het ontwerp van de gebouwen. Het is tevens het toetsingskader voor de Ruimtelijke Kwaliteitscommissie van de gemeente Geertruidenberg bij de beoordeling van de plannen. Dit beeldkwaliteitsplan is geen blauwdruk voor de ontwikkeling van “Het Veerse Dok“. Het geeft wel duidelijk richting aan de planvorming en de gewenste uitstraling van het gebied. Afwijkingen ten aanzien van deze leidraad zijn bespreekbaar, zolang zij dezelfde ambitie nastreven. De getoonde referentiebeelden zijn bedoeld als sfeerbeelden. De tekst die gepaard gaat met de beelden is leidend, omdat de beelden hierbij op onderdelen af kunnen wijken.

Opzet Op basis van een korte analyse van de huidige situatie worden de stedenbouwkundige uitgangspunten toegelicht. Inspiratiedocument hiervoor is het stedenbouwkundige plan van Welmers Burg Stedenbouw dat eind 2020 is opgesteld ten behoeve van deze ontwikkeling. Vervolgens wordt ingegaan op de gewenste beeldkwaliteit van de bebouwing door middel van beoordelingscriteria, die ondersteund worden door tekeningen en referentiebeelden. Ten slotte wordt ingegaan op de gewenste uitstraling en invulling van de buitenruimte.

Schetsplan 2023

ANALYSE HUIDIGE SITUATIE

kaart gebied, omstreeks 1925 positie aan het Zuider Gat

kaart gebied, omstreeks 1988 ontstaan van de jachthaven

beschermingszones waterkering - waterstaatswerk (geel): in principe geen bebouwingsmogelijkheden - beschermingszone A (lichtgroen): bouwen onder voorwaarden - beschermingszone B (donkergroen) ruimere bouwmogelijkheden

ANALYSE HUIDIGE SITUATIE IMPRESSIE HUIDIGE SITUATIE

zicht vanuit Gasthuiswaard op locatie

zicht vanuit Gasthuiswaard op haven en horecapaviljoen

zicht vanuit Kartuizerstraat op horecapaviljoen

woningbouw aan de Kartuizerstraat

Woningbouw aan het Sandoel

Woningbouw aan de Aakschipper

STEDENBOUWKUNDIG PLAN

Ruimtelijke uitgangspunten Het streven is het ontwikkelen van een eigentijdse wijk met het open water als drager. Het waterwonen wordt hier geïntroduceerd op basis van diverse woningtypologieën: appartementen met prachtig uitzicht op de kade, kadewoningen in de waterkant met vlonderterras boven het water en diverse woonarken op het water. De bebouwing wordt, op hoofdlijnen, als korte linten haaks op het dijkje van de Kartuizerstraat gepositioneerd. Op deze wijze ontstaat er een open structuur waarbij het zicht vanaf de Kartuizerstraat op het water geborgd is. Aan het Zuidergat is ruimte voor twee hoogte accenten, die het zicht op Raamsdonksveer vanaf de Monnikenweg kenmerken. Programma Het woonprogramma bestaat uit diverse typologieën, voor diverse doelgroepen. Er worden woningen ontwikkeld in het bereikbare, middendure en dure segment. De typologie van die woningen verschilt van appartementen en penthouses met grote terrassen tot grondgebonden kade-woningen en drijvende woonarken. Vanwege de ligging van het plangebied, buitendijks, moet rekening gehouden worden met een veilige hoogte ten aanzien van de waterstand. Mede hierdoor zal op de eerste woonlaag een parkeervoorziening worden gerealiseerd en geen verblijfsruimten. Parkeren Het parkeren vindt vanwege het getilde wonen grotendeels plaats onder de gebouwen en in parkeerkoffers op maaiveld.

De parkeerbehoefte moet worden afgestemd op de gemeentelijke parkeernota van de gemeente Geertruidenberg “Parkeren doen we zo“. In deze nota worden ook handvatten gegeven aan het etsparkeren. Voor de appartementen wordt per gebouw voorzien in een gemeenschappelijke overdekte en afgesloten etsenberging. De privé berging van de bewoners bevindt zich in de appartementen.

Schetsplan Waterwonen Raamsdonksveer Marquart Architecten 2020

SPELREGELS BEELKWALITEIT

Architectuur en uitstraling Uitgangspunt van dit beeldkwaliteitsplan is om te sturen op een samenhangend ontwerp voor architectuur van de “land-“ en “waterwoningen“ en bijbehorende buitenruimte. De architectuur is eigentijds, waarbij de verschillende typen woningen en appartementen een gelijkwaardige, traditionele hoofdvorm met een flauwe kap hebben die is voorzien van overstekken. Het onderscheid tussen de typen wordt, behalve de verschillen in afmeting, gevormd door het gebruik van verschillende (gevel-)materialen en verschillende nuances.

Gevels Landwoningen De basis van de bouwblokken van de “landwoningen“ wordt uitgevoerd in metselwerk, in een genuanceerde beige-bruine steen. Zo ontstaat eenheid tussen de bouwblokken. Daarboven kan met betrekking tot materiaalgebruik en kleurstelling van deze basis worden afgeweken. Hier kan naast metselwerk gedacht worden aan keimwerk, gestucte gevels of een afwerking met een verticale beplating. De plint van de appartementen, met het parkeren en de bergingen, heeft een groene uitstraling zodanig dat deze laag gemaskeerd wordt en het parkeren aan het zicht wordt onttrokken. Door deze groene bekleding wordt de plint geïntegreerd in het openbaar groen.

licht genuanceerd metselwerk als robuuste basis voor de bouwblokken daken met overstekken geven richting aan het waterwonen balkons versterken de horizontale belijning en kunnen een verbijzondering in de bouwmassa accentueren

SPELREGELS BEELKWALITEIT

Waterwoningen De woningen op het water staan op een betonnen basis en hebben, daarboven, een afwerking met (verticale duurzame) gevelbekleding. De gevels hebben een herkenbare indeling op verdiepingsniveau waarbij op heldere wijze, op het water gerichte, verticale openingen zijn aangebracht in een rustig ritme. Entrees, gevelopeningen, dakranden en hoekoplossingen worden benadrukt in de vormgeving zodat een relatie ontstaat met het openbaar gebied. Balkons worden eenduidig vormgegeven en dienen het ontwerp te versterken. Daken Platte daken en hellende daken zijn beide voorstelbaar binnen de planopzet. Hellende daken zijn afgedekt met keramische pannen of voorzien van een felsbeplating in een mat (donker-) grijze kleurstelling. Eventuele PV-panelen of installatiecomponenten worden op zowel hellende als platte daken mee-ontworpen in het (platte) dakvlak.

SPELREGELS BEELKWALITEIT

sfeerbeelden architectuur: wonen richting / op het water

warme metselwerktinten afgewisseld met keimwerk, stucwerk en of (verticale) gevel beplating dakpannen of beplating als dakbedekking

SPELREGELS BUITENRUIMTE

Uitstraling en inrichting buitenruimte - „land“ De buitenruimte wordt dusdanig ontworpen dat deze aansluit op de architectuur, uitstraling en functie van de gebouwen. Tegelijkertijd dient de toegang naar het water gegarandeerd te worden voor bezoekers en bewoners door een veilig en duurzaam ontwerp. Door uitgeefbare grond, voor de inrichting van privé tuinen, te beperken, ontstaat een groene collectieve uitstraling van het gebied. De overgang van het plangebied naar de Kartuizerstraat krijgt een open en groene uitstraling. Privé-terrein grenzend aan het openbaar gebied en de parkeerkoffers worden afgezoomd door groen, bijvoorbeeld in de vorm van een lage haag of hogere grassen. Bomen worden strategisch aangebracht tussen het parkeren en aan de rand van de openbare weg om een groene uitstraling van het gebied te bevorderen, maar wel zodanig dat er zicht is vanaf het maaiveld op het open water. De verharding is van een gebakken materiaal en sluit in kleurstelling aan op het kleurgebruik van de gevels. Ondergeschikte paden kunnen in een halfverharding aangebracht worden en waar verblijfsplekken ontstaan, privé of openbaar, kunnen houten delen toegepast worden.

Ter plaatse van de parkeervakken wordt „open“ bestrating aangebracht om als „groene“overgang te dienen van de straat naar, enerzijds, het openbaar groen en anderzijds naar het water Het verzamelen van het afval gebeurt op een centrale plaats met containers nabij de entree van het plangebied, makkelijk bereikbaar voor de afvalverwerker, Bij de appartementen bevinden de brievenbussen zich centraal bij de hoofdentree van het gebouw. De brievenbussen van de drijvende woningen worden op het land geplaatst bij de overgang naar de steiger.

parkeerkoffers inpassen in het groen

gebouwd parkeren groen inkleden

SPELREGELS BUITENRUIMTE

Uitstraling en inrichting buitenruimte - „water“ Aan de waterkant worden, naast de bestaande betonnen kade, drie type overgangen toegepast; - een harde, met een waterkering in damwand of beton, waaraan de steigers liggen. Die bevorderen de toegankelijkheid van (openbare) ligplaatsen, - de overgang van de parkeerplaatsen, onder de appartementen, en het water waarbij het parkeer“dek“ doorgezet wordt tot boven het water en op palen staat, - een “semi“ natuurlijke, zachte, overgang, die gemaakt wordt in de vorm van een “natuurlijk“ talud, voorzien is van beplanting en rietkragen. Hier grenst het openbaar groen aan het water. Aan de buitenzijde van het plangebied wordt, aan de zuidwestzijde met het fietspad op de dijk, het bestaande hekwerk verwijderd om het plangebied een open karakter te geven. De zachte overgang naar het water krijgt een gebiedseigen beplanting in de vorm van riet gelijk aan de overgang aan de noordwestzijde. De buitenruimte „op“ het water bestaat uit houten steigers die openbaar zijn als ontsluiting van de woningen op het water en houten vlonders als privé terrassen bij de woningen. De steigers worden zodanig uitgevoerd dat bewoners op een eenvoudige wijze de berging bij de waterwoning kunnen bereiken. Het aanbrengen van hekjes die de bereikbaarheid belemmeren dient vermeden te worden om de uitstraling van het openbaar gebied te garanderen.

Veiligheid Een open karakter van het plangebied zorgt voor meer sociale veiligheid. In de nacht speelt verlichting hierbij de hoofdrol. De openbare verlichting wordt slim geplaatst, met name ter plaatse van de steigers zodat donkere hoeken aan de waterzijde worden voorkomen. De openbare verlichting kan, voor ondergeschikte paden en steigers, ook op borstweringshoogte worden aangebracht. De toepassing van sfeerverlichting wordt aangemoedigd.

referentie; harde overgang t.p.v. steigers

referentie; overgang op palen t.p.v. appartementen met parkeerlaag

referentie; zachte overgang t.p.v. openbaar groen aan de binnenkant van de havens tussen de

verschillende soorten overgangen tussen land en water; van hard naar zacht

relatie met water versterken door vlonders en toegankelijkheid waterkant

SPELREGELS BEELKWALITEIT

sfeerbeelden buitenruimte in relatie tot omgeving en architectuur

MarquartARCHITECTEN Keizersdijk 55B 4941 GD Raamsdonksveer Telefoon 0162 518098 info@marquart.nl www.marquart.nl

AKOESTISCH ONDERZOEK WEGVERKEERSLAWAAI KARTUIZERSTRAAT RAAMSDONKVEER REALISATIE WONINGEN

1

De Roever Omgevingsadvies Rembrandtlaan 4 5462 CH Veghel T 073 594 10 11 E info@deroever.nl W www.deroever.nl NL97 RABO 0122 6903 11 Advies- en ingenieursbureau J.G. de Roever B.V. KvK 16068733 BTW NL 8015.63.136.B.01

Titel document: Referentie: Datum: Opdrachtgever: .

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai, Kartuizerstraat Raamsdonkveer 20201498.v02 2 april 2023 Aveco de Bondt

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai, Kartuizerstraat Raamsdonkveer. Datum: 2 april 2023 ; Referentie: 20201801.v02

2

INHOUDSOPGAVE 1.

INLEIDING ....................................................................................................................................... 4

1.1. 1.2.

Algemeen ..................................................................................................................................... 4 Ligging van het plangebied en omgeving .................................................................................... 4

2.

WETTELIJK KADER ...................................................................................................................... 6

2.1. 2.2. 2.3. 2.4. 2.5.

Geluidzones ................................................................................................................................. 6 Voorkeursgrenswaarde en hoogst toelaatbare geluidbelasting .................................................. 6 Aftrek volgens artikel 110g Wet geluidhinder .............................................................................. 7 Weggegevens .............................................................................................................................. 7 Rekenmethode en gegevensbronnen ......................................................................................... 8

3.

REKENRESULTATEN .................................................................................................................. 11

3.1. Algemeen ................................................................................................................................... 11 3.2. Geluidbelastingen vanwege de Monnikenweg .......................................................................... 11 3.3. Hogere-waardebeleid ................................................................................................................ 12 3.4. Gecumuleerde geluidbelastingen .............................................................................................. 13 3.4.1. Bouwbesluit ....................................................................................................................... 15 3.4.2. Woon- en leefklimaat ......................................................................................................... 15 4. CONCLUSIE.................................................................................................................................. 16 BIJLAGE I. GEGEVENS ............................................................................................................... 17 BIJLAGE II. AFBEELDING REKENMODEL ................................................................................. 18 BIJLAGE III. INVOERGEGEVENS REKENMODEL ...................................................................... 19 BIJLAGE IV.

REKENRESULTATEN WEGVERKEERSLAWAAI .................................................. 20

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai, Kartuizerstraat Raamsdonkveer. Datum: 2 april 2023 ; Referentie: 20201801.v02

3

1.

INLEIDING

1.1. Algemeen De initiatiefnemer heeft het planvoornemen om de jachthaven aan de Karthuizerstraat in Raamsdonkveer te transformeren naar een kleine woonwijk. Om de voorgenomen ontwikkelingen mogelijk te maken is een akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai nodig.

1.2. Ligging van het plangebied en omgeving De locatie en invulling van het plangebied is weergegeven op afbeelding 1.

Afbeelding 1. Locatie plangebied (oranje kader) Bron: PDOK

Op afbeelding 2 is de geplande verbeelding van het plangebied weergegeven inclusief de beoogde bouwvlakken. Het noordoostelijk deel van het plangebied zal in eerste instantie niet worden meegenomen bij deze ontwikkeling. In dit rapport wordt het onderzoek naar de geluidbelasting afkomstig van het wegverkeer in de omgeving op de te realiseren woningen beschreven. In hoofdstuk 2 worden de uitgangspunten van het onderzoek toegelicht. De rekenresultaten worden besproken in hoofdstuk 3. In hoofdstuk 4 zijn de conclusies opgenomen.

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai, Kartuizerstraat Raamsdonkveer. Datum: 2 april 2023 ; Referentie: 20201801.v02

4

Afbeelding 2. Beoogde verbeelding van het plangebied inclusief bouwvlakken

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai, Kartuizerstraat Raamsdonkveer. Datum: 2 april 2023 ; Referentie: 20201801.v02

5

2.

WETTELIJK KADER

2.1.

Geluidzones

Op basis van geluidzones wordt bepaald welke wegen moeten worden betrokken bij het bepalen van de geluidbelasting op de te realiseren wooneenheden. De omvang van de geluidzone van een weg staat beschreven in artikel 74 van de Wet geluidhinder (Wgh) en hangt af van het aantal rijstroken en de ligging van de weg, zie tabel 1. Een weg heeft geen geluidzone wanneer de maximumsnelheid 30 km/uur bedraagt of is gelegen binnen een woonerf. Tabel 1. Geluidzones, artikel 74 Wgh GELUIDZONE*

Aantal rijstroken Stedelijk gebied

Buitenstedelijk gebied

1 of 2

200 meter

250 meter

3 of 4

350 meter

400 meter

5 of meer 350 meter 600 meter * het betreft de breedte van de zone aan weerszijden van de weg, gemeten vanaf de buitenste rijstrook en aan het uiteinde van een weg

Het plangebied valt binnen de zone van de Monnikenweg (80 km/uur). In de directe omgeving zijn verder een aantal wegen binnen de 30 km/uur zone gelegen. Deze wegen zijn alleen meegenomen in het kader van de cumulatieve geluidbelasting.

2.2.

Voorkeursgrenswaarde en hoogst toelaatbare geluidbelasting

De voorkeursgrenswaarde voor de geluidbelasting en de hoogst toelaatbare geluidbelasting staan beschreven in artikel 76 van de Wet geluidhinder (Wgh). De voorkeursgrenswaarde bedraagt 48 dB (artikel 82 lid 1 Wgh). Mocht niet aan deze grenswaarde kunnen worden voldaan, dan kan eventueel ontheffing worden verkregen voor een hogere waarde (artikel 83 Wgh). De hoogst toelaatbare geluidbelasting per situatie is weergegeven in tabel 2. Tabel 2. Hoogst toelaatbare geluidbelasting, artikel 83 Wgh Ligging object

Stedelijk gebied

Buitenstedelijk gebied

Situatie*

Waarde

Voorkeursgrenswaarde

48 dB

Nieuwe woning

63 dB

Vervangende nieuwbouw

68 dB

Voorkeursgrenswaarde

48 dB

Nieuwe woning

53 dB

Agrarische bedrijfswoning

58 dB

Vervangende nieuwbouw buiten bebouwde kom

58 dB

Vervangende nieuwbouw bebouwde kom binnen zone auto(snel)weg

63 dB

* in de tabel zijn alleen de waarden opgenomen behorend bij bestaande wegen, bij nieuwe wegen gelden andere waarden.

Het plangebied ligt binnen de bebouwde kom. De hoogst toelaatbare geluidbelasting vanwege een zoneringsplichtige weg bedraagt 63 dB.

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai, Kartuizerstraat Raamsdonkveer. Datum: 2 april 2023 ; Referentie: 20201801.v02

6

2.3.

Aftrek volgens artikel 110g Wet geluidhinder

Bij geluidberekeningen op de gevels van geluidsgevoelige objecten mag rekening gehouden worden met het stiller worden van het wegverkeer. Van de berekende geluidbelasting wordt hiertoe een waarde afgetrokken. Die waarde is afhankelijk van de snelheid van het verkeer en wordt bepaald aan de hand van artikel 110g van de Wet geluidhinder, en het Reken- en meetvoorschrift geluidhinder 2012, artikel 3.4: - Maximaal toegestane snelheid kleiner dan 70 km/u: aftrek 5 dB; - Maximaal toegestane snelheid 70 km/u of meer: o Bij een geluidbelasting van 57 dB: aftrek 4 dB; o Bij een geluidbelasting van 56 dB: aftrek 3 dB; o Overige situaties: aftrek 2 dB. De toegestane snelheid op de Monnikenweg bedraagt 80 km/uur. Er zijn geen geluidsbelastingen van 56 of 57 dB voor deze weg berekend. De aftrek voor deze weg bedraagt 2 dB. In het rekenmodel is de aftrek door middel van een groepsreductie meegenomen.

2.4.

Weggegevens

De verkeersgegevens (intensiteiten en verdelingen) voor de betrokken wegen zijn verkregen uit het regionaal verkeersmodel (2040). Niet alle betrokken wegen zijn in het regionaal verkeersmodel opgenomen, dit geldt voor de Kartuizerstraat en de Aakschipper. Er is van uitgegaan dat deze wegen alleen worden gebruikt door bestemmingsverkeer, daarom wordt hierbij uitgegaan van een referentie-intensiteit van 400 mvt/etmaal. Bij deze wegen is uitgegaan van dezelfde verdeling als die bekend is bij de Sandoel. De intensiteiten die zijn ingevoerd in het rekenmodel zijn te zien in afbeelding 3.

Afbeelding 3. Verkeersgegevens (intensiteiten)

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai, Kartuizerstraat Raamsdonkveer. Datum: 2 april 2023 ; Referentie: 20201801.v02

7

De Monnikenweg en de Sandoel (Landonk) ten oosten van de Griendstraat zijn uitgevoerd met referentiewegdek (W1). De overige wegen zijn uitgevoerd met een elementenverharding in keperverband (W13). De invoergegevens zijn, inclusief de verdelingen, in detail weergegeven in bijlage III.

2.5.

Rekenmethode en gegevensbronnen

Voor de berekeningen is gebruik gemaakt van het softwarepakket Geomilieu V2021.1, module RMW 2012. De geluidsbelasting worden bepaald van de maximale planologische mogelijkheden die met het beoogde bestemmingsplan worden gecreëerd. Er zijn massieve gebouwen gemodelleerd, waardoor meer realistisch de geluidbelasting op de buitenste gevel berekend kan worden dan bij berekeningen in het open veld. De geluidbelastingen zijn berekend op 1,5 meter boven de verdieping, zie onderstaande tabel. Verdieping

Rekenhoogte meter)

Begane grond

1,5

e

1 verdieping

4,5

2e verdieping

7,5

e

3 verdieping

10,5

4e verdieping

13,5

e

5 verdieping

16,5

Het maaiveld dat bij elk blok is aangehouden is weergegeven in afbeelding 4. Bij de waterwoningen zal de exacte positie afhankelijk zijn van de waterhoogte. Het water binnen het plangebied is direct verbonden met de Donge, en indirect met de Maas. Verwacht wordt dat met een hogere waterstand deze woningen meer geluidsbelasting zullen ervaren, omdat er dan minder sprake zal zijn van afscherming door de dijk ter plaatse van de Gasthuiswaard. In het model is daarom uitgegaan van een waterhoogte van 1,20 meter boven NAP. Dit is ongeveer de hoogste waterstand die binnen een jaar op het water ter plaatse wordt behaald.

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai, Kartuizerstraat Raamsdonkveer. Datum: 2 april 2023 ; Referentie: 20201801.v02

8

Afbeelding 4. Het maaiveld bij elk blok woningen

Voor het rekengebied is uitgegaan van een akoestisch absorberende bodem (bodemfactor 1), met uitzondering van de verhardingen (wegen, fietspaden, inritten etc.). Voor deze verhardingen wordt uitgegaan van een bodemfactor 0. Voor de tuinen en erven in de omgeving van woningen of bedrijven is uitgegaan van een half absorberende bodem (factor 0.5) vanwege het afwisselend voorkomen van verhardingen en groenvoorzieningen. De overige invoergegevens (gebouwen en terrein- en gebouwhoogtes) zijn afgelezen uit topografische gegevens van het Kadaster, het AHN, bestemmingsplankaarten en uit de beschikbare bronnen via internet. In bijlage II is een grafische presentatie van het ingevoerde rekenmodel weergegeven. De numerieke invoergegevens van het rekenmodel (wegdektypen, verkeersintensiteiten, verdelingen, hoogtes, etc.) zijn opgenomen in bijlage III. Op afbeelding 5 en 6 zijn 3d-weergaven van de rekenmodellen opgenomen.

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai, Kartuizerstraat Raamsdonkveer. Datum: 2 april 2023 ; Referentie: 20201801.v02

9

Afbeelding 5. Rekenmodel, 3d-weergave

Afbeelding 6. Rekenmodel, 3d-weergave

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai, Kartuizerstraat Raamsdonkveer. Datum: 2 april 2023 ; Referentie: 20201801.v02

10

3.

REKENRESULTATEN

3.1.

Algemeen

De geluidbelastingen door de gezoneerde weg zijn apart berekend. Daarnaast is de cumulatieve geluidbelasting door alle wegen in de omgeving berekend (exclusief aftrek volgens artikel 110g Wet geluidhinder). De geluidbelastingen zijn berekend zonder reflectie door de achterliggende gevel (invallend geluidsniveau).

3.2.

Geluidbelastingen vanwege de Monnikenweg

Op afbeelding 7 zijn de berekende geluidbelastingen van de Monnikenweg weergegeven. Een compleet overzicht van de rekenresultaten is opgenomen in bijlage IV.

Afbeelding 7. Geluidbelastingen Lden (incl. aftrek art. 110g Wgh) Monnikenweg Berekende geluidbelastingen op een hoogte van 1,5 meter boven de vloer van de beoogde verblijfsruimtes

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai, Kartuizerstraat Raamsdonkveer. Datum: 2 april 2023 ; Referentie: 20201801.v02

11

Toetsing De geluidbelasting bedraagt op zijn hoogst 52 dB ter plaatse van het meest westelijk gelegen blok woningen. De voorkeursgrenswaarde van 48 dB wordt op drie beoordelingspunten overschreden (meerdere hoogtes). De hoogst toelaatbare geluidbelasting van 63 dB wordt nergens overschreden. Omdat niet overal aan de voorkeursgrenswaarde wordt voldaan worden maatregelen beschouwd in paragraaf 3.3.

3.3.

Hogere-waardebeleid

Hogere waarden en een beschouwing van maatregelen zijn nodig, aangezien bij de beoogde woningen de voorkeursgrenswaarde van 48 dB ten gevolge van de Monnikenweg wordt overschreden. Uit afbeelding 7 blijkt dat de gevelbelasting ter plaatse van de gewenste woningen maximaal 52 dB bedraagt inclusief aftrek volgens art. 110g Wgh. Bij een gevelbelasting van meer dan 48 dB is toetsing aan de beleidsregel hogere waarden (gemeente Geertruidenberg) van toepassing en moeten bron- en overdrachtsmaatregelen beschouwd worden om te onderzoeken of een reductie mogelijk is. Daarnaast wordt gekeken naar maatregelen bij de ontvanger. Beleid hogere waarde gemeente Geertruidenberg Een hogere waarde tot en met 53 dB wordt volgens de beleidsregel verleend zonder extra voorwaarden. Uiteraard dient wel aan het binnenniveau voldaan te worden. Bronmaatregelen Het toepassen van geluidreducerend wegdek, het verlagen van verkeersintensiteiten of het aanpassen van de maximale snelheid kan leiden tot lagere geluidniveaus. Een meer geluidreducerend zou kunnen zorgen voor een situatie waarbij ter plaatse van de gewenste wooneenheden sprake zal zijn van een geluidbelasting onder de voorkeursgrenswaarde. Echter zou hiervoor het wegdek van de Monnikenweg over honderden meters vervangen moeten worden.

Gezien er slechts bij een beperkt aantal woningen een overschrijding wordt berekend, is de vervanging van het wegdek geen reële maatregel (financieel). Maatregelen die de verkeersstromen wijzigen (zoals het verlagen van de verkeersintensiteiten of de maximumsnelheid) zullen niet ad hoc worden genomen, maar zijn een onderdeel van een uitgebreide verkeersstudie. Het realiseren van dit aantal wooneenheden vormt doorgaans geen aanleiding voor een uitgebreide verkeersstudie.

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai, Kartuizerstraat Raamsdonkveer. Datum: 2 april 2023 ; Referentie: 20201801.v02

12

Overdrachtsmaatregelen Een afschermende voorziening of het vergroten van de afstand van de woningen tot de weg kan leiden tot lagere geluidniveaus. Een afschermende wand tussen de gewenste wooneenheden en de Monnikenweg zou veel afbreuk doen aan de landschappelijke kwaliteit. De Monnikenweg is immers gelegen in een open landschap, wat een scherm hier niet goed inpasbaar maakt. Het scherm zou daarnaast zeer hoog moeten zijn (overschrijdingen worden ook berekend op een hoogte van 16,5 meter). Tenslotte zullen de kosten voor een scherm niet opwegen tegen het gewenste effect bij het realiseren van dit aantal wooneenheden. Of het realiseren van een scherm een doelmatige investering is, is ook een afweging voor de wegbeheerder (gemeente). Een relatief kleine verschuiving van de wooneenheden naar achteren gaat niet zorgen voor een situatie dat overal zal worden voldaan aan de voorkeursgrenswaarde. Daarnaast zijn de wooneenheden in het huidige plan evenredig verspreid over het perceel en zou een verplaatsing de inpassing van de woningen in het landschap verslechteren. Maatregelen bij de ontvanger In paragraaf 3.4 wordt ingegaan op de cumulatieve geluidbelasting ter plaatse van de beoordelingspunten. Bij het ontwerp van de wooneenheden wordt, waar nodig, rekening gehouden met de extra benodigde geluidwering en/of voorzieningen van de desbetreffende geveldelen.

De gemeente zal bepalen welke voorzieningen/voorwaarden nodig zijn om de benodigde hogere waarden te verlenen.

3.4.

Gecumuleerde geluidbelastingen

Op afbeelding 8 zijn de berekende cumulatieve geluidbelastingen weergegeven. Hierbij zijn de wegen binnen de 30 km/uur zone eveneens betrokken. Een compleet overzicht van de rekenresultaten is opgenomen in bijlage IV. Naast toetsing aan de Wgh dient er ook te worden beschouwd of: • Er wordt voldaan aan de eisen voor de minimale geluidwering van de gevels. • Er sprake is van een acceptabel woon- en leefklimaat. Het Bouwbesluit 2012 geeft de minimumeis voor de karakteristieke geluidwering. Zie hoofdstuk 3.4.1. Daarnaast wordt het woon- en leefklimaat beoordeeld aan de hand van de cumulatieve geluidbelasting. Zie hoofdstuk 3.4.2.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Geertruidenberg&id=91149959-4d79-4201-9b20-9358a827572e