6.2 Informatiedossier dierenwelzijn Kennispunt LPP
Tekst van het document
Dierenwelzijn Waar gaat het over
In de gemeente leven veel dieren: gezelschapsdieren, landbouwdieren en wilde dieren. De gemeente kan beleid ontwikkelen om het welzijn van deze dieren te bevorderen.
Verantwoordelijkheden en wettelijke bepalingen
Er leven verschillende soorten dieren in de gemeente: gezelschapsdieren (zoals honden, katten of cavia’s), landbouwdieren (zoals varkens en koeien) en in het wild levende dieren.
De Wet dieren (2013) is de belangrijkste wet voor gehouden dieren, zoals landbouwhuisdieren en gezelschapsdieren. In deze wet staan regels die het welzijn en de gezondheid van dieren moeten beschermen. De Omgevingswet (2024) is de belangrijkste wet voor dieren die in het wild leven. Deze wet moet ervoor zorgen dat soorten blijven bestaan.
De gemeente heeft een zorgplicht voor alle dieren binnen de gemeentegrenzen waar niet meer voor wordt gezorgd. Bovendien hebben gemeenten een wettelijke opvangplicht voor huisdieren die zwervend worden aangetroffen (Burgerlijk Wetboek), voor dieren bij huisontruimingen (Algemene wet bestuursrecht) en voor zieke of gewonde in het wild levende dieren. Veel gemeenten werken hierin samen met dierenzorgorganisaties, zoals de dierenambulance.
Via de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) en de Wet aanpak overlast heeft de gemeente een aantal mogelijkheden om dierenwelzijn af te dwingen of op te treden bij incidenten met dieren. Denk bijvoorbeeld aan een muilkorfgebod voor gevaarlijke honden of het instellen van een vuurwerkvrije zone in de buurt van een dierenasiel.
Via de Omgevingswet en het maken van omgevingsplannen, heeft de gemeente invloed op welke activiteiten er, onder welke voorwaarden, in bepaalde gebieden en wijken binnen de gemeente mogen plaatsvinden. In principe valt dierenwelzijn niet onder de Omgevingswet, maar meerdere provincies hebben er wel extra regels over opgenomen in hun omgevingsverordening (net zoals ze Kennispunt lokale politieke partijen
1/3
30.09.2024
dat voorheen hadden in hun ruimtelijke plannen onder de Wet ruimtelijke ordening). Ook gemeenten kunnen in hun omgevingsplan regels opnemen over dierenwelzijn en activiteiten verbinden aan een omgevingsvergunning. Bijvoorbeeld als het gaat om uitbreiding van veehouderijen, het plaatsen van stallen etc.
De uitvoering van het dierenwelzijnsbeleid is grotendeels in handen van het Rijk en de provincie (natuurbeheer) of organisaties zoals de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) en omgevingsdiensten (veestallen). Daarop heeft de gemeente vaak maar beperkte invloed.
Toch laten wet- en regelgeving voldoende ruimte voor gemeenten om diervriendelijke maatregelen te nemen. Veel gemeenten stellen daarvoor beleid op in een nota dierenwelzijn, die door de gemeenteraad wordt vastgesteld. Voorbeelden van beleidskeuzes zijn veehouders voorlichten over en ondersteunen bij het verduurzamen van hun bedrijf, geen jacht op gemeentegronden toestaan, en inwoners informeren over het gebruik van gif of voorkomen van etensresten in de natuur. Gemeenten kunnen via vergunningverlening de voorkeur geven aan activiteiten waar geen dieren bij zijn betrokken, of geen evenementen toestaan tijdens het broedseizoen.
Informatie dierenwelzijn Rijksoverheid Informatie Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit over dierenwelzijn De Raad voor Dierenaangelegenheden (RDA) onderzocht de bevoegdheden van verschillende overheden en publiceerde daarover de Zienswijze Dieren in het huis van Thorbecke VNG geeft voorbeeldregels voor het houden van dieren zoals een gemeente die kan opnemen in de APV
Achtergrond De Wet dieren (2013) ziet dieren als wezens met gevoel en houdt rekening met de kwaliteit van het leven zoals die door het dier wordt ervaren. Het dier heeft volgens de wet een eigen waarde die los staat van het nut van het dier voor de mens. Daarom wordt in steeds meer gemeenten aandacht gevraagd voor beleid dat rekening houdt met het welzijn van het dier. In gemeenten hebben veel inwoners een gezelschapsdier: bijna de helft van de huishoudens in Nederland heeft één of meer huisdieren (cijfers: I&O Research). In totaal gaat het om meer dan 20 miljoen dieren die uit liefhebberij worden gehouden. Lang niet alle mensen die een huisdier nemen of hebben, zijn zich voldoende bewust van wat dat met zich meebrengt. Door als gemeente goede voorlichting te geven over het houden van huisdieren, kun je wellicht problemen als verwaarlozing of het dumpen van huisdieren en daarmee dierenleed voorkomen. Huisdierbezitters met een laag inkomen kunnen in de problemen komen door bijvoorbeeld een hoge rekening van de dierenarts. Ook daar kan een gemeente beleid voor maken. Zo mogen mensen met een minimuminkomen in sommige gemeenten één keer per jaar gratis de dierenarts bezoeken.
Naast gezelschapsdieren als een hond of een kat, hebben mensen soms ook hobbydieren: landbouwdieren die in kleine aantallen en zonder commercieel doel worden gehouden zoals geiten, Kennispunt lokale politieke partijen
2/3
30.09.2024
paarden, varkens en kippen. Hiervoor gelden regels rond bijvoorbeeld besmettelijke dierziekten, vervoer en huisvesting. Zo verplicht het Besluit houders van dieren mensen met hobbydieren tot het bieden van bescherming tegen slechte weersomstandigheden. De gemeente moet vanwege haar bevoegdheden op het gebied van ruimtelijke ordening de aanleg van dit soort schuilgelegenheden en -stallen goed regelen. Ook hier heeft de gemeente dus een rol te vervullen als het gaat om dierenwelzijn. Voor honden bestaat sinds 2013 een chipplicht. Een landelijke chipplicht voor katten wordt op dit moment onderzocht, met als doel het aantal zwerfkatten te verminderen. Vooruitlopend daarop kunnen gemeenten nu al inwoners voorlichten over het belang van chippen en erop aandringen dat eigenaren dit bij hun kat laten doen. Dierenwelzijn raakt vaak aan andere beleidsterreinen. Enerzijds willen gemeenten bijvoorbeeld verrommeling van het landschap tegengaan, anderzijds zijn zij verplicht te zorgen voor schuilmogelijkheden voor weidedieren. Bij nieuwbouwplannen moet vooraf onderzocht worden of de rugstreeppad, vleermuis of een van de andere beschermde diersoorten niet gestoord worden in de natuurlijke leefomgeving.
Je kunt daarom als gemeente kiezen voor een integrale aanpak: dan houd je bij diverse soorten van beleid, naast andere zaken, ook rekening met de mogelijke gevolgen voor de dieren in je gemeente.
Informatie van de Dierenbescherming over gemeentelijk dierenwelzijnsbeleid De Rijksoverheid onderzoekt de uitvoerbaarheid van een landelijke chipplicht voor katten
Tools en leeromgeving De Raad voor Dierenaangelegenheden publiceerde Staat van het dier 2024, een vervolg op het opinieonderzoek uit 2019. Stichting Bevordering Huisdierenwelzijn stimuleert gemeenten een beleidsnota Dierenwelzijn op te stellen.
Inspiratie en praktijkvoorbeelden Praktijkvoorbeelden van de Dierenbescherming Nota Dierenwelzijn Purmerend Beleid dieren gemeente Amsterdam Nota Dierenwelzijn gemeente Harderwijk Nota Dieren gemeente Groningen
Kennispunt lokale politieke partijen
3/3
30.09.2024