20250929 Mva vragen rib afvalmotie
Tekst van het document
Zaaknummer: 20250923135183 Memorie van antwoord Aan : de leden van de gemeenteraad Van : het college van burgemeester en wethouders Datum : 29 september 2025 Onderwerp : memorie van antwoord bij vragen over de RIB Afvalmotie Vraag van : Fractie VVD
Vraag Fractie VVD Dhr. P. Duijzer en mevr. Y. Weterings van de fractie VVD hebben vragen gesteld over de RIB Afvalmotie (ID 952, d.d. 20 augustus 2025) waarin het college aangaf de motie “naar een eerlijk afvalbeleid” van de VVD niet uit te voeren. Vraag 1: Zoals het college aangeeft is het huidige systeem pas dit jaar ingegaan. Voorgaande jaren werd ook een onderscheid gemaakt in grootte van huishoudens. Kan het college toelichten waarom in 2024 zij nog wel dit onderscheid kon maken en nu niet meer? Antwoord: We kunnen het onderscheid nog steeds maken, zie ook antwoord op vraag 3. We gebruiken dit echter niet meer voor het bepalen van de hoogte van het vastrecht. Bij het invoeren van het huidige systeem is expliciet vermeld dat we afstappen van heffing op basis van huishoudgrootte en overgingen naar 1 vastrecht (gelijk voor alle huishoudens) en een tarief per aanbieding van restafval. Het maken van het onderscheid is daardoor niet meer nodig voor de afvalstoffenheffing. Vraag 2: Graag ontvangen wij een nadere onderbouwing waarom deze aanpassing tot onoverkomelijke meerkosten leiden. Over welk bedrag hebben we het? Antwoord: De motie ging over kostenneutraal doorvoeren van de aanpassing. Door de genoemde meerkosten is dat niet mogelijk. Ter informatie was voor extra communicatie bij de invoering ca. €30.000 per jaar (voor een periode van 2 jaar) begroot.
We verwachten ook deze keer een gelijk bedrag voor deze wijziging nodig te hebben. Daarbij komt nog de externe begeleiding bij het aanpassen van de administratie en registratie ten behoeve van de afvalstoffenheffing, plus het herinrichten van de systemen bij SVHW. Dat bedrag is al gauw € 50.000. Het gaat niet lukken om deze wijziging dus door te voeren zonder een extra kostenverhoging. Vraag 3: Hoeveel eenpersoonshuishoudens zijn er in de gemeente en hoeveel meerpersoonshuishoudens? Antwoord: Eenpersoons: 3.000 Meerpersoons: 6.900 Zorgwoningen: 200 Vraag 4: Evaluatiemoment: bij de bespreking van de motie is dit argument ook genoemd. Dit was toen niet overtuigend voor de meerderheid van de raad. Waarom denkt het college dat dit nu wel een overtuigend argument is? Antwoord: Het volledige effect van de doorgevoerde wijziging op de resultaten en afvalstoffenheffing voor alle inwoners/huishoudens wordt pas na enkele jaren bereikt. Een aanpassing van het systeem op basis van enkele individuele gevallen, slechts 7 maanden na het moment van invoeren is onwenselijk. Daarmee geven we het verkeerde signaal af. De inzameling en manier van heffing zijn de afgelopen jaren al vaak en ingrijpend veranderd. Terwijl een stabiel en continu beleid nu nodig is om de gewenste veranderingen te realiseren.
Het is nu tijd om het nieuwe systeem zoveel mogelijk ongewijzigd over minimaal de eerste twee jaren door te zetten. Dat geeft de inwoners de gelegenheid te wennen en zich het gewenste gedrag eigen te maken. Dan kan de gemeente alle effecten van de wijzigingen registreren en beoordelen. Pas daarna bepalen we of, en zo ja waar, er aanpassingen nodig zijn om de doelen te realiseren. In 2027 kunnen we dan een gedegen, onderbouwd voorstel voor optimalisatie van “Het Nieuwe Inzamelen” presenteren.
Vraag 5: In de RIB wordt vrij zwak vermeld dat bij de evaluatie van het systeem de motie wordt betrokken. Kunnen wij ervan uitgaan dat uitgangspunt is, dat de motie dan alsnog wordt uitgevoerd? Antwoord: Over het wel of niet uitvoeren van de motie in de toekomst na de evaluatie kan het college op dit moment nog geen definitieve uitspraak doen. Bij de evaluatie kijken we naar alle aspecten, resultaten t.o.v. doelstellingen, kosten en ontwikkelingen en de gevolgen daarvan voor alle inwoners/huishoudens. Een eventuele differentiatie van het vastrecht zullen we daarbij uiteraard wel meenemen. Vraag 6: Gesproken wordt in de RIB over een “noodzakelijke extra communicatiecampagne”: - kan het College verduidelijken welke communicatiecampagne zij met dit onderwerp voor ogen hebben? Antwoord: De campagne die noodzakelijk is om de voorgestelde wijziging in het systeem van de afvalstoffenheffing bij de inwoners bekend te maken. Bij de vorige wijziging is de communicatie een jaar van te voren gestart, en deze loopt nog steeds. Daarnaast hebben we nog de vaste communicatie. Alles is daarin gericht op een (1) vastrecht voor alle huishoudens en een aanbiedtarief voor restafval. Dat gaat om de website, de afvalapp, maar ook alle overige schriftelijke communicatie als folders, flyers, voorbereide standaard briefsjablonen et cetera.
De genoemde communicatiecampagne zal dan ook gericht moeten zijn op het uitleggen en bekendmaken aan alle inwoners van de nieuwe regels, inclusief de mogelijke (financiële) gevolgen die de wijziging meebrengt. Vraag 7: Is het College ook niet van mening dat dit wel heel dramatisch klinkt voor de voorgestelde aanpassing, waarbij volstaan kan worden met de mededeling over de aanpassing van de tarieven? Antwoord: Nee, een dergelijke ingrijpende wijziging (een aanpassing van het systeem van heffing) dient breder bekend gemaakt te worden dan alleen het bekend maken van de nieuwe tarieven. Het betekent namelijk dat we alle informatie en communicatie van afgelopen anderhalf jaar opnieuw dienen te doen (zie ook antwoord op vraag 6). Vraag 8: Met de motie verandert het systeem van afvalverwerking niet wezenlijk. De communicatieboodschap hoeft onzes inziens dan ook niet te veranderen. Het college stelt dat “bewoners tijd nodig hebben om te wennen.” Kan het college aangeven op welke wijze de boodschap aangepast zou moeten worden bij uitvoering van de motie en waarom in het licht van de motie bewoners tijd nodig zouden moeten hebben om te wennen? Antwoord: Het systeem van afvalinzameling/verwerking verandert weliswaar niet, maar het systeem van verhalen van de kosten (de afvalstoffenheffing) verandert door uw motie wel. Voor verder toelichting zie antwoord vraag 6 & 7.
Vraag 9: In de andere RIB (ID 953, d.d. 20 augustus 2025) over afvalstoffenheffing naar aanleiding van raadsvragen van fractie Broeders - Hooijmaijers wordt gesproken over een brief die in september naar de "nulaanbieders" gaat. Graag ontvangen wij een kopie van deze brief. Antwoord: Zie bijlage voor een concept van de brief welke op korte termijn verzonden gaat worden.. Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Geertruidenberg, de loco-secretaris, de burgemeester,
N. Bovenhorst
M. van Toorenburg