20241219 Raadsvoorstel raadsbesluit afwikkeling Brabant Water
Tekst van het document
Raadsvoorstel Aan Raadsvergadering Agendanummer Onderwerp Portefeuillehouder
Zaaknummer : 20240419118560
: Raad van Geertruidenberg : 19 december 2024 : : Afwikkeling precario Brabant Water : H.H.M. de Jongh
Voorstel 1. a. Achter gesloten deuren te vergaderen, en te besluiten tot opheffing van geheimhouding op de volgende documenten: i. 20240423 Raadsinformatiebrief afwikkeling procedures met Brabant Water; (Onderwerp: Raadsinformatiebrief over afwikkeling procedures met Brabant Water). ii. 20210831 raadsvoorstel vaststellingsovk Enexis.docx met het bijbehorende raadsbesluit (discussieraad 23 september 2021, besluitvormende raad 7 oktober 2021); (Onderwerp: Precarioheffing netbeheerders: vaststellingsovereenkomst met Enexis) iii. (concept -)vaststellingsovereenkomst met Enexis Netbeheer B.V.; iv. het afzonderlijke verslag en beraadslagingen hierover (discussieraad 23 september 2021, besluitvormende raad 7 oktober 2021); v. 20210209 Raadsinformatiebrief Ennatuurlijk.docx (Onderwerp: Raadsinformatiebrief: Precarioheffing netbeheerders: minnelijke schikking met Ennatuurlijk). b. Om hierna in het openbaar verder te vergaderen en te besluiten over de overige aan dit voorstel verbonden voorstellen. 2. Niet af te zien van invordering van precariobelasting 2017 t/m 2021 van Brabant Water. 3. In te stemmen met bijgaande concept-vaststellingsovereenkomst met Brabant Water (bijlage 2) en daarbij de eventuele wensen en bedenkingen aan het college te geven. 4.
De doorberekening door Brabant Water van de kosten van de precarioheffing (inclusief opslag) aan de verbruikaansluitingen in de gemeente Geertruidenberg niet te compenseren. 5. Ermee in te stemmen dat na totstandkoming van de vaststellingsovereenkomst: a. de vordering op Brabant Water van precarioheffing van in totaal € 712.037,24 wordt afgeboekt; b. het positieve verschil wordt beschouwd als vergoeding van de door de gemeente onterecht betaalde verlegkosten van leidingen à €21.947,91; c. en een klein incidenteel resultaat van €1.014,85 wordt verwerkt in de jaarrekening 2024, dan wel in een tussenrapportage 2025. Samenvatting Eerst wordt vergaderd achter gesloten deuren waarbij de raad wordt gevraagd om de opgelegde geheimhouding, rustend op documenten met betrekking tot procedures over het heffen van precariobelasting 2017 op netbeheerders, op te heffen. Daarna kan in het openbaar verder worden vergaderd. De gemeente Geertruidenberg is na jarenlange juridische procedures door het Gerechtshof ’sHertogenbosch in het gelijk gesteld en mag precariobelasting heffen op de in gemeentegrond aanwezige leidingen van Brabant Water over de jaren 2017 t/m 2021. Met een vaststellingsovereenkomst willen we dit met Brabant Water afwikkelen. Daarmee ontvangt de gemeente de ingeboekte precariobelasting en komt er een einde aan de lange gerechtelijke procedures.
Brabant Water heeft aangegeven de kosten van de precarioheffing met ingang van 2025 inclusief een opslag van bijna 30% (o.a. bestaande uit renteverlies en
administratiekosten) gespreid over een periode van vijf jaar te zullen doorberekenen aan de kleinverbruikaansluitingen in de gemeente Geertruidenberg. Inleiding In onze raadsinformatiebrief van 23 april 2024 hebben wij u reeds over het volgende geïnformeerd. Door (de rechtsvoorgangers van) de gemeente Geertruidenberg is in 1921 aan (de rechtsvoorganger van) Brabant Water een privaatrechtelijke concessie verleend voor het leveren van water en het leggen, onderhouden, verleggen, vervangen of verwijderen van waterleidingen. De concessie is eind jaren ’60 voor onbepaalde tijd verlengd. De gemeente heeft bij brief van 15 december 2016 de concessie opgezegd tegen 15 maart 2017 om de uniforme AVOI1 met verlegregeling te kunnen toepassen en de afspraken met netbeheerders te moderniseren. Vervolgens stond in 2017 ook de weg open om precario te heffen op het hebben van leidingen in gemeentegrond. Tot en met 2021 was dit wettelijk mogelijk. Deze heffingen zijn geheven, maar nog niet ingevorderd. In totaal gaat het om € 712.037,24 aan geraamde inkomsten. Inkomsten uit heffing van precariobelasting zijn niet-geoormerkte inkomsten. Destijds was het uitgangspunt om deze inkomsten uit precario ten goede te laten komen aan de lokale samenleving in de vorm van een minder hoge stijging van OZB.
Procedures met Brabant Water Brabant Water heeft zich – met name uit principiële beweegredenen – lang verzet tegen deze precarioheffing. Er volgden een aantal langdurige procedures: enerzijds tegen de heffing van precariobelasting 2017 (bezwaar, beroep, hoger beroep en cassatieberoep) en anderzijds de opzegging van de concessie (dagvaardingsprocedure en hoger beroep). Tegen de heffingen precariobelasting over de jaren 2019 t/m 2021 zijn bezwaarschriften ingediend. Deze zijn in overleg met Brabant Water aangehouden in afwachting van de uitkomst van de lopende geschillen bij de civiele rechter en de belastingrechter. Uitspraken in hoger beroep; geschilbeslechting? In de fiscale procedure tegen de aanslag 2017 is de gemeente in het gelijk gesteld. Het Gerechtshof ‘sHertogenbosch, team belastingrecht heeft het hoger beroep van Brabant Water ongegrond verklaard. Daarmee is de heffingsaanslag precario 2017 terecht opgelegd. Er is cassatieberoep ingediend door Brabant Water. De gemeente had hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, die de opzegging van de concessie als onrechtmatig oordeelde. Het Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch heeft bij arrest van 28 november 2023 de gemeente in het gelijk gesteld en geoordeeld dat de concessie rechtsgeldig is opgezegd. Brabant Water is tegen deze uitspraak niet meer in cassatie gegaan.
Hiermee is de opzegging van de concessie definitief. Na het arrest van 28 november 2023 heeft Brabant Water aangegeven om met de gemeente te willen komen tot een afwikkelingsvoorstel om de lopende geschillen te beëindigen ter finale kwijting. Onze wederzijdse advocaten stelden een concept-vaststellingsovereenkomst op. Totstandkoming vaststellingsovereenkomst is doorkruist Op 25 maart 2024, midden in de ‘onderhandelingsfase’ met Brabant Water die daarmee ‘on hold’ is gezet, ontving de gemeente een brief van Brabant Water2 dat hij de aan de gemeente te betalen precariobelasting, verhoogd met een opslag voor administratiekosten en rentederving, via een opslag op het vastrechttarief rechtstreeks in rekening wil brengen bij de kleinverbruikaansluitingen in de gemeente Geertruidenberg. Dat komt dan neer op opslag van € 94,22 (afgerond) per kleinverbruikaansluiting middels een verhoging van het maandelijkse vastrecht gedurende vijf jaar met € 1,57 (afgerond). Mag Brabant Water deze kosten doorberekenen? Op grond van de Drinkwaterwet moeten drinkwatertarieven kostendekkend, transparant en nondiscriminatoir zijn. 1 Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren gemeente Geertruidenberg 2017 2
Zie bijlage 1.
Onderwerp: Afwikkeling precario Brabant Water
p. 2/9
Wij hebben een melding gedaan bij de toezichthouder over de totstandkoming van de drinkwatertarieven, de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). Verzocht is om de doorberekening van de precariobelasting aan inwoners van Geertruidenberg plus de opslag met bijna 30% te onderzoeken. Het antwoord dat wij ontvingen van de ILT luidt samengevat: - een drinkwaterbedrijf mag precariobelasting en daaraan gerelateerde kosten direct doorbelasten aan alle afnemers in de betreffende gemeente via een opslag op het vastrecht; - in 2024 is geconstateerd dat de drinkwatertarieven van alle drinkwaterbedrijven, ook die van Brabant Water, op totaalniveau kostendekkend zijn; - er mag geen onderscheid gemaakt worden tussen groepen gebruikers; - ILT beoordeelt geen gegevens over de opslag van 30%; die gegevens dienen aan Brabant Water gevraagd te worden; - het is aan de aandeelhoudersvergadering van Brabant Water (AvA) om de drinkwatertarieven goed te keuren. Kortom: Brabant Water mag de kosten van precarioheffing door de gemeente Geertruidenberg met een opslag aan alle aansluitingen in Geertruidenberg doorberekenen, maar is hiertoe niet verplicht. Het is een keuze.
Het huidige Tarievenbesluit 2025 van Brabant Water bevat echter wel een onderscheid tussen groepen gebruikers (alleen doorberekening van de kosten aan kleinverbruikers, niet aan grootverbruikers) en is daarmee discriminatoir, maar het is aan de AvA om de drinkwatertarieven 2025 aan te passen. Hoe verder? Alsnog afzien van invordering van precariobelasting van Brabant Water, vanwege diens aankondiging om de kosten door te berekenen aan de inwoners, is geen serieuze optie. Ook wordt niet geadviseerd om de inwoners te compenseren. Dit motiveren wij in dit voorstel. Wel is het wenselijk om tot afronding te komen met Brabant Water, en de afloop van het cassatieberoep niet af te wachten, zodat er bij voorkeur vóór 2025 definitieve duidelijkheid komt over de in te vorderen precariobelasting. Daarom heeft het college besloten om in te stemmen met de concept-vaststellingsovereenkomst. Een definitief besluit nemen wij nadat u uw eventuele wensen en bedenkingen hierover heeft gegeven. Tot slot zal de portefeuillehouder Financiën zich in zijn rol als lid van de AvA van Brabant Water gaan inspannen om de door te berekenen kosten voor onze inwoners zo laag mogelijk te houden. Advies Geadviseerd wordt: - Om de geheimhouding op documenten met betrekking tot de heffing van precariobelasting aan onze netbeheerders, op te heffen. - Om niet af te zien van invordering.
- Om niet over te gaan tot compensatie van doorbelasting in de tarieven aan de aansluitingen. - Om de afloop van het lopende cassatieberoep niet af te wachten, maar om met Brabant Water te komen tot een vaststellingsovereenkomst. U wordt verzocht om in te stemmen met deze conceptvaststellingsovereenkomst en uw eventuele wensen en bedenkingen hierover te geven aan het college. Omdat de concept-vaststellingsovereenkomst feitelijk nog in de onderhandelingsfase bevindt, ook al rust er geen geheimhouding op, vragen wij u om vertrouwelijk om te gaan met de conceptvaststellingsovereenkomst. Bijdrage aan maatschappelijke opgave / strategische doelstelling / beoogd (maatschappelijk) effect Er komt zekerheid over de in te vorderen precariobelasting van Brabant Water waarmee een bijdrage wordt geleverd aan de opgave Financiën om een financieel gezonde gemeente te blijven.
Onderwerp: Afwikkeling precario Brabant Water
p. 3/9
Argumenten 1. Opheffing geheimhouding In 2021 zijn aan u documenten voorgelegd waarop geheimhouding rust. Het betreffen documenten met andere netbeheerders over het beëindigen van procedures en de heffing en invordering van precariobelasting. Op de documenten is geheimhouding opgelegd met verschillende ‘horizonbepalingen’. Er zijn documenten waarop geheimhouding rust totdat de vaststellingsovereenkomst is ondertekend of totdat alle lopende procedures met de netbeheerders zijn beëindigd. Op andere documenten rust geheimhouding voor onbepaalde tijd. Op 23 april 2024 is aan u een geheime raadsinformatiebrief gezonden. In de inventarisatie in bijlage 3 is aangegeven op welke documenten geheimhouding is opgelegd, wanneer, en wie mag besluiten over opheffing. Gelet op de bepalingen hierover in de Gemeentewet is het aan u om de opgelegde geheimhouding op te heffen. 1.1 Opheffing geheimhouding door beide partijen gewenst om te kunnen communiceren Brabant Water wilde aanvankelijk voorzichtigheid betrachten over de inhoud, de wijze en totstandkoming van de overeenkomst en met name het schikkingsbedrag, omdat dit nadelig kon zijn voor Brabant Water in het kader van zijn positie jegens andere netbeheerders.
Maar omdat Brabant Water de kosten van precariobelasting wil doorberekenen aan de inwoners/aansluitingen in onze gemeente, heeft Brabant Water een afwijkend tariefbesluit voor Geertruidenberg moeten uitleggen in de Aandeelhoudersvergadering (AvA). Daarnaast moet Brabant Water dit verantwoorden op de nota. Daarom zijn bepalingen over geheimhouding uit de concept-vaststellingsovereenkomst aangepast c.q. verwijderd. Ook voor de gemeente is opheffing van geheimhouding noodzakelijk om straks naar de inwoners te kunnen communiceren over het besluit van Brabant Water om de kosten door te berekenen. Daarom wordt voorgesteld om de eerder opgelegde geheimhouding op documenten over de heffing van precariobelasting 2017 (en verder) aan onze netbeheerders en de daarmee gepaard gaande opzegging van duurovereenkomsten/concessies, op te heffen. 1.2 Opheffing van geheimhouding op één duidelijk moment Op de documenten rust geheimhouding tot wisselende momenten. Met het nu (laten) besluiten tot opheffing van geheimhouding is er eenduidigheid in de momenten waarop de geheimhouding vervalt. 1.3 Opheffing van de geheimhouding betekent niet automatisch openbaarmaking in de zin van de Wet open overheid (Woo) Opheffing van geheimhouding maakt een document niet automatisch actief geopenbaard. Wel kunt u er in het openbaar over vergaderen. Middels een Woo-verzoek kan om openbaarmaking worden verzocht.
Aan de hand van de Woo en met inachtneming van de jurisprudentie zal per alinea of zelfstandige tekstpassage beoordeeld moeten worden of en, zo ja, in hoeverre informatie geopenbaard kan worden. Pas nadat er een besluit is genomen op het Woo-verzoek zal duidelijk zijn of een document geheel dan wel gedeeltelijk openbaar wordt gemaakt. 1.4 De normen in artikel 2:5 Algemene wet bestuursrecht en de gedragscodes blijven ook gelden Na opheffing van geheimhouding dienen nog altijd de algemene geheimhoudingsbepaling in artikel 2:5 van de Algemene wet bestuursrecht3, de bepalingen in de ‘Gedragscode voor de burgemeester en het college’ en in de Gedragscode voor de leden van de gemeenteraad Geertruidenberg’4 in acht te worden genomen. In Artikel 2:5 Awb 1. Een ieder die is betrokken bij de uitvoering van de taak van een bestuursorgaan en daarbij de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden, en voor wie niet reeds uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift ter zake van die gegevens een geheimhoudingsplicht geldt, is verplicht tot geheimhouding van die gegevens, behoudens voor zover enig wettelijk voorschrift hem tot mededeling verplicht of uit zijn taak de noodzaak tot mededeling voortvloeit. 2.
Het eerste lid is mede van toepassing op instellingen en daartoe behorende of daarvoor werkzame personen die door een bestuursorgaan worden betrokken bij de uitvoering van zijn taak, en op instellingen en daartoe behorende of daarvoor werkzame personen die een bij of krachtens de wet toegekende taak uitoefenen. 4 https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR658288 en https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR658281 3
Onderwerp: Afwikkeling precario Brabant Water
p. 4/9
hoofdstuk 4 van de gedragscodes is bepaald dat een bestuurder zorgvuldig en correct om dient te gaan met informatie waarover hij uit hoofde van zijn ambt beschikt en hij geen vertrouwelijke informatie verstrekt. 2. Niet afzien van invordering van precariobelasting 2017 t/m 2021 van Brabant Water. U heeft in de precarioverordeningen 2017 t/m 2021 geen kwijtscheldingsmogelijkheid opgenomen. Het is uw bevoegdheid om te besluiten tot het afzien van invordering, maar dat wordt niet geadviseerd. 2.1 Met deze precarioinkomsten kon (grotere) stijging van de OZB worden beperkt De mogelijkheid om precariobelasting op netbeheerders te heffen gedurende de jaren 2017 t/m 2021 heeft de gemeente inkomsten opgeleverd. Destijds is besloten tot precarioheffing en de daarmee gepaard gaande inkomsten mede om daarmee de stijging van de OZB te beperken. Dat was gunstig voor onze inwoners. 2.2 Het gelijkheidsbeginsel maakte dat de heffing van precariobelasting op Brabant Water is doorgezet; afzien van invordering geeft precedentwerking. In 2017, na de opzegging van de concessie met Brabant Water en de heffing van precariobelasting over 2017, gaf Brabant Water al blijk van verzet en dreigde Brabant Water de kosten te gaan doorberekenen. Het college heeft destijds gemotiveerd besloten om de heffing van precariobelasting op Brabant Water door te zetten op grond van het gelijkheidsbeginsel.
Zou de gemeente dit niet gedaan hebben, dan zou ook van de andere netbeheerders geen precariobelasting geheven hebben kunnen worden. Bovendien heeft de gemeente behalve met Brabant Water ook procedures gevoerd met Ennatuurlijk (warmtenet) en Enexis (elektriciteitsnetwerk). Die procedures zijn geëindigd en van deze bedrijven is de afgesproken precariobelasting geïnd. Overige netbeheerders die jarenlang precariobelasting betalen zonder hierover procedures te voeren zijn Gasunie, ProRail, Tennet en Rijkswaterstaat. Als de gemeente nu afziet van invordering, kan dat precedentwerking hebben. Andere netbeheerders, die wèl precariobelasting hebben betaald, zouden zich kunnen beroepen op het gelijkheidsbeginsel en dit kan leiden tot nieuwe procedures en hogere kosten voor de gemeente die de inkomsten van de precariobelastingen op netbeheerders zouden kunnen gaan overtreffen. Dat maakt dat wordt geadviseerd om de invordering van de precariobelasting door te zetten. 2.3 Alsnog afzien van precarioinvordering is ook financieel niet aan te raden Ook gelet op de komende jaren van financiële onzekerheid voor de gemeente wordt geadviseerd om niet alsnog af te zien van invorderen. Geheven precariobelasting netbeheerders 2017-2021
Reeds betaalde precario netbeheerders 2017-2021 5
Openstaand Brabant Water (2017 -2021)
€ 2.071.057,87
€ 1.356.549,63
€ 712.053,246
Af: kosten (advieskosten Terra Incognita en AKD, juridische kosten AKD), exclusief BTW € 192.578,417
Resultaat exclusief precariobelasting Brabant Water
Resultaat inclusief precariobelasting Brabant Water
€ 1.163.971,22
€ 1.878.479,46
2.4 Er moet dekking zijn van de financiële gevolgen bij afzien van precarioinvordering Na de uitspraken van het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch is in de risicoparagraaf van de jaarrekening het risico, dat deze precarioheffingen niet zouden worden voldaan, reeds op nul gesteld. In de administratie staat een vordering van precarioheffing op de debiteur Brabant Water (2017 t/m 2021) voor een totaal bedrag van € 712.037,24. Afzien van precario-invordering op Brabant Water betekent dat er een verlies van €712.037,24 moet worden verantwoord. Hiervoor is geen dekking. Dit bedrag zou dan moeten worden afgeboekt ten laste van het resultaat (2024) of moeten worden gedekt uit de Vrije Algemene Reserve. Dat resulteert ook in een lager resultaat van totale precario-inkomsten op netbeheerders.
Er is nog een deel precariobelasting 2017 van Rijkswaterstaat à € 2.471,00 niet ontvangen. Inclusief €16,00 aanmaningskosten. 7 Stand van zaken t/m september 2024. € 215.770,29 inclusief BTW 5 6
Onderwerp: Afwikkeling precario Brabant Water
p. 5/9
2.5 Afzien van precario-invordering betekent dat de gevoerde juridische procedures slechts een morele overwinning inhouden Brabant Water heeft al het mogelijke gedaan om de gemeente Geertruidenberg ervan te weerhouden om precariobelasting te heffen, maar is uiteindelijk door het Gerechtshof in het ongelijk gesteld. Na de jarenlange juridische procedures zou alsnog afzien van invordering betekenen dat de gemeente alleen een morele overwinning heeft behaald waaraan veel kosten zijn besteed. 3. Instemmen met bijgaande concept-vaststellingsovereenkomst met Brabant Water en eventuele wensen en bedenkingen meegeven aan het college Brabant Water heeft aangegeven om met de gemeente te willen komen tot een financieel afwikkelingsvoorstel. Voor een eerste afwikkelingsvoorstel hebben wij de kaders voor onderhandeling bepaald. Onderhandelingen tussen de wederzijdse advocaten leidden tot een voorlopig akkoord binnen onze kaders. De lopende geschillen met Brabant Water worden beëindigd, tegen betaling door Brabant Water van een bedrag van €735.000,00 vrij van BTW, tegen finale kwijting over en weer voor wat betreft de lopende geschillen tussen partijen. De afspraken zijn vervolgens uitgewerkt in de concept-vaststellingsovereenkomst.
Op grond van artikel 160, eerste lid onder d Gemeentewet is het college bevoegd om te besluiten tot privaatrechtelijke rechtshandelingen zoals het aangaan van een overeenkomst. Artikel 169, vierde lid Gemeentewet schrijft voor dat het college vooraf de raad inlichtingen geeft over de uitoefening van deze bevoegdheid indien de raad daarom verzoekt, of indien de uitoefening ingrijpende gevolgen kan hebben voor de gemeente. In dat geval nemen wij geen besluit totdat uw raad zijn wensen en bedenkingen kenbaar heeft kunnen maken. De (concept-)vaststellingsovereenkomst levert op zichzelf geen negatief verschil op voor de precarioinkomsten en is daarom niet ingrijpend van aard te noemen. Ook kan de Verlegregeling zoals die nu bestaat, gewoon worden toegepast en betaalt de gemeente niet (meer) 100% van de kosten bij alle verleggingen. Er is echter wel sprake van een situatie waarbij het in naleving van het Convenant actieve informatieplicht wenselijk is om eerst de wensen en bedenkingen van de raad in te winnen alvorens een definitief besluit kan worden genomen.. Dat komt omdat Brabant Water de kosten gedurende vijf jaar aan de inwoners van Geertruidenberg gaat doorberekenen. Wij bieden u de gelegenheid om uw wensen en bedenkingen kenbaar te maken over de conceptvaststellingsovereenkomst en wij stellen voor om met de concept-vaststellingsovereenkomst in te stemmen.
3.1 Er komt zekerheid over de in te vorderen precariobelasting van Brabant Water De Hoge Raad heeft eind september 2024 aangegeven dat binnen zes maanden uitspraak in cassatie wordt verwacht. De uitkomst van een juridische procedure is vooraf ongewis en ook al bestaat er vertrouwen dat de uitspraak van het Gerechtshof in cassatie wordt bevestigd; zeker is dit niet. Zolang er een cassatieberoep loopt, is er onzekerheid over de juistheid van de precarioheffingen. Daarbij zou een nieuw geschil mogelijk zijn over de aanslag precarioheffing 2018. Brabant Water stelt deze niet te hebben ontvangen. De gemeente stelt na onderzoek echter dat er voldoende steekhoudende argumenten aanwezig zijn om met succes het standpunt in te nemen dat het aannemelijk is dat Brabant Water de aanslag precariobelasting 2018 heeft ontvangen. Met een schikking is er duidelijkheid en zijn de precarioinkomsten van Brabant Water definitief bekend. De openstaande vorderingen van de heffingsaanslagen precario 2017 t/m 2021 worden voldaan. 3.2 Met de vaststellingsovereenkomst worden de door te berekenen kosten niet hoger Het door te berekenen bedrag aan de verbruiksaansluitingen in de gemeente Geertruidenberg is gebaseerd op het bedrag dat Brabant Water na het sluiten van de vaststellingsovereenkomst aan de gemeente zou betalen.
Als het cassatieberoep wordt afgewacht en de gemeente daarin in het gelijk wordt gesteld, zal een vaststellingsovereenkomst niet meer nodig zijn omdat er dan volledige duidelijkheid is over te de innen precariobelasting, de terugvordering van verlegkosten en de verschuldigde wettelijke rente. Hoe hoger de kosten zijn, hoe hoger het bedrag wordt dat aan onze inwoners wordt doorberekend. Ook om dit bedrag niet verder te laten oplopen, wordt de vaststellingsovereenkomst geadviseerd.
Onderwerp: Afwikkeling precario Brabant Water
p. 6/9
3.3 Er komt een einde aan slepende geschillen Met deze vaststellingsovereenkomst komt er een einde aan deze jarenlange slepende geschillen met Brabant Water over de opzegging van de concessie en de heffing van precario over de jaren 2017 t/m 2021. Het cassatieberoep en de nog lopende bezwaarschriftenprocedures met Brabant Water worden beëindigd. 4. De doorberekening door Brabant Water van de kosten aan de inwoners niet compenseren Als de gemeente ervoor wil kiezen om deze doorberekening (volledig) te compenseren aan de inwoners, zal dit een kostenpost van minimaal € 924.985,00 betekenen voor de gemeente. In verband met de komende jaren van financiële onzekerheid van de gemeente wordt dit niet geadviseerd. Daarnaast is zal bij compensatie gezocht moeten worden naar de juiste manier van compenseren binnen de belastingtechnische mogelijkheden van de gemeente. Er kan niet zomaar een compensatie per inwoner toegekend worden, zeker niet nu Brabant Water de kosten niet per inwoner maar per aansluiting doorberekent. Kanttekeningen 2.1 en 3.1 De doorberekening door Brabant Water kan negatieve p.r. voor de gemeente betekenen, maar met een communicatieplan kan hierop worden geanticipeerd Brabant Water is verplicht om op zijn factuur transparant te zijn over de opbouw van de kosten.
Dat betekent dat hij aan moet geven dat hij hogere kosten heeft als gevolg van de precariobelasting die hij doorberekent. In zijn brief van 22 maart 2024 heeft Brabant Water aangekondigd aan de inwoners een brief te sturen over de doorberekening van de heffing van precariobelasting die is opgelegd aan Brabant Water en die Brabant Water bij de kleinverbruikaansluitingen in de gemeente Geertruidenberg in rekening zal brengen. Een concept-brief heeft Brabant Water bij zijn brief gevoegd. Over de heffing van precariobelasting verwijst Brabant Water in de concept-brief naar de gemeente. Het is in onze ogen een tendentieuze brief, maar de gemeente kan op de inhoud zelf weinig invloed uitoefenen: dat is aan Brabant Water; net zoals het aan Brabant Water is om ervoor te kiezen om deze kosten door te berekenen. Naast de hogere rekening voor de aansluitingen in de gemeente Geertruidenberg zal een dergelijke brief een negatief effect opleveren in de vorm van telefoontjes naar de gemeente, en negatieve publiciteit. Uiteraard streven wij er naar om te komen tot een samenwerking met Brabant Water over de communicatie richting onze inwoners.
Maar voor het geval dit niet lukt , zal de gemeente zich voorbereiden op het negatieve effect en zelf vooraf de inwoners actief uitleg te geven over de gemaakte keuze tot precarioheffing en de keuze van Brabant Water om dat door te berekenen aan zijn aansluitingen in de gemeente Geertruidenberg. Beide opties kunnen het negatieve effect al voor een deel doen afnemen. Financiën Na de uitspraken van het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch is in de risicoparagraaf van de jaarrekening het risico, dat deze precarioheffingen niet zouden worden voldaan, reeds op nul gesteld. In de administratie staat een vordering van precarioheffing op de debiteur Brabant Water (2017 t/m 2021) voor een totaal bedrag van € 712.037,248. Met de vaststellingsovereenkomst ontvangt de gemeente een bedrag van € 735.000,00. Deze ontvangst wordt op de vordering afgeboekt. Het positieve verschil van afgerond € 23.000,00 kan worden beschouwd als vergoeding van de door de gemeente onterecht betaalde verlegkosten van kabels en leidingen à € 21.947,91 en een klein incidenteel resultaat van € 1.014,85. Dit kan worden verwerkt in de jaarrekening 2024, of, als dit niet meer in 2024 gerealiseerd wordt, in een tussenrapportage in 2025. Communicatie Er wordt een communicatieplan opgesteld. Eerst zal worden gestreefd om met Brabant Water samen te werken aan de communicatie aan onze inwoners.
Voor het geval dit niet lukt, bereidt de gemeente zich voor en informeert de gemeente vooraf de inwoners zelf actief over de gemaakte keuze tot precarioheffing en de keuze van Brabant Water om dat door te berekenen aan zijn aansluitingen in de gemeente Geertruidenberg. De (concept)-vaststellingsovereenkomst zal enige mate van vertrouwelijkheid houden.
8
Exclusief €16,00 aanmaningskosten
Onderwerp: Afwikkeling precario Brabant Water
p. 7/9
Inclusieve samenleving N.v.t. Uitvoering De onderhandelingen worden gevoerd tussen onze huisadvocaat AKD en de advocaat van Brabant Water. Nadat uw wensen en bedenkingen over de concept-vaststellingsovereenkomst zijn gegeven, zal het college er een definitief besluit over nemen. Voor het geval u kunt instemmen, is de portefeuillehouder Financiën al gemachtigd om hierover definitief te besluiten en de vaststellingsovereenkomst te ondertekenen. Een ontwerpbesluit bieden wij u hierbij vaststelling aan. Bijlagen 1. Brief van Brabant Water d.d. 22 maart 2024 (ontvangen 25 maart 2024). 2. Concept-vaststellingsovereenkomst. 3. Inventarisatie documenten met geheimhouding netbeheerders.
Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Geertruidenberg, de secretaris a.i., de burgemeester,
R. Brekelmans
Onderwerp: Afwikkeling precario Brabant Water
M. Witte
p. 8/9
De raad van de gemeente Geertruidenberg; Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van Geertruidenberg van 5 november 2024. Overwegende, - dat met deze concept-vaststellingsovereenkomst langlopende juridische geschillen met Brabant Water worden beslecht, waarmee er definitieve zekerheid ontstaat over de geheven precariobelasting voor het aanwezig hebben van kabels en leidingen in gemeentegrond; - dat het college, na instemming van de raad en met inachtneming van zijn wensen en bedenkingen, definitief besluit over deze concept-vaststellingsovereenkomst;
Besluit: De raad besluit: 1. a. Achter gesloten deuren te vergaderen, en te besluiten tot opheffing van geheimhouding op de volgende documenten: i. 20240423 Raadsinformatiebrief afwikkeling procedures met Brabant Water; (Onderwerp: Raadsinformatiebrief over afwikkeling procedures met Brabant Water). ii. 20210831 raadsvoorstel vaststellingsovk Enexis.docx met het bijbehorende raadsbesluit (discussieraad 23 september 2021, besluitvormende raad 7 oktober 2021); (Onderwerp: Precarioheffing netbeheerders: vaststellingsovereenkomst met Enexis) iii. (concept -)vaststellingsovereenkomst met Enexis Netbeheer B.V.; iv. het afzonderlijke verslag en beraadslagingen hierover (discussieraad 23 september 2021, besluitvormende raad 7 oktober 2021); v. 20210209 Raadsinformatiebrief Ennatuurlijk.docx (Onderwerp: Raadsinformatiebrief: Precarioheffing netbeheerders: minnelijke schikking met Ennatuurlijk). b. Om hierna in het openbaar verder te vergaderen en te besluiten over de overige aan dit voorstel verbonden voorstellen. 2. Niet af te zien van invordering van precariobelasting 2017 t/m 2021 van Brabant Water. 3. In te stemmen met bijgaande concept-vaststellingsovereenkomst met Brabant Water (bijlage 2) en daarbij de eventuele wensen en bedenkingen aan het college te geven. 4.
De doorberekening door Brabant Water van de kosten van de precarioheffing (inclusief opslag) aan de verbruikaansluitingen in de gemeente Geertruidenberg niet te compenseren. 5. Ermee in te stemmen dat na totstandkoming van de vaststellingsovereenkomst: a. de vordering op Brabant Water van precarioheffing van in totaal € 712.037,24 wordt afgeboekt; b. het positieve verschil wordt beschouwd als vergoeding van de door de gemeente onterecht betaalde verlegkosten van leidingen à € 21.947,91; c. en een klein incidenteel resultaat van € 1.014,85 wordt verwerkt in de jaarrekening 2024 dan wel in een tussenrapportage 2025. Aldus vastgesteld in zijn openbare vergadering van 19 december 2024, Geertruidenberg, de raad voornoemd, de griffier,
de voorzitter,
H.J. Dammingh
M. Witte
Onderwerp: Afwikkeling precario Brabant Water
p. 9/9