CConstaterende datGeertruidenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

13. Omgevingsprogramma Groen 2024

De raad besluit 13 maart 2025, gemeente GeertruidenbergBij agendapunt: Duurzame Inrichting Openbare Ruimte20.130 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

6.4.2 Bewonersinitiatieven Ervaart de inwoner overlast van de boom, veroorzaakt deze een onveilige situatie of heeft de inwoner ideeën hoe het beheer anders of beter kan? Dan wendt de inwoner zich met de klacht, het verzoek of idee altijd tot de eigenaar van de boom. Zonder toestemming zelf iets doen met het eigendom van een ander is immers strafbaar. Een verzoek aan de gemeente voor kap van een vergunningsvrije, gemeentelijke boom, komt meestal vanuit een inwoner die een persoonlijk belang heeft bij kap. Niet het individueel belang, maar het collectief belang staat in de nieuwe situatie centraal. Zolang de desbetreffende boom niet ziek is en niet voor een onveilige situatie zorgt, stuurt de gemeente in een gesprek met de aanvrager op behoud van de boom en het collectief oplossen van het probleem dat de boom veroorzaakt. Zo zal de gemeente vaker vragen de kapbehoefte van een individu te onderbouwen met toestemming van belanghebbenden, het collectief. Wij willen graag met lokale partijen in gesprek over bomen en vergroenen. Voor een toekomstbestendige oplossing moet er, op termijn, zowel een beheervoordeel (financieel) als kwaliteitsvoordeel (ruimtelijk en/ of ecologisch) te behalen zijn. Mocht tot kap worden overgegaan dan wordt de kap altijd gecompenseerd. Bijvoorbeeld door het vervangen van de boom voor een of meer nieuwe, andere bomen.

Omdat dergelijke ‘bewonersinitiatieven’ regelmatig ontstaan binnen de gestelde vervangingstermijn (voor wijkbomen dertig jaar), is voor de uitvoering vaak geen budget beschikbaar.

6.5

Monitoring

Bij monitoring verzamelt de gemeente gedurende langere tijd op systematische wijze gegevens over de fysieke leefomgeving of onderdelen daarvan. Gemeente gebruikt de monitoring om te beoordelen of de doelstellingen die zijn gesteld worden behaald. We volgen de regels voor monitoring van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). Onderzoeks- en monitoringsgegevens zijn bruikbaar voor het omgevingsplan en het verlenen van omgevingsvergunningen. Ook inwoners, bedrijven en organisaties kunnen beschikken over de gegevens.

6.6

Financiële consequenties

6.6.1

Nieuwe bomen

Om de mogelijkheden van het planten van nieuwe bomen voor de toekomst inzichtelijk te maken zijn er ruimtelijke analyses gemaakt. We hebben de beschikbare ruimte voor het planten van nieuwe bomen bepaald. In tabel 4 is de beschikbare ruimte te zien voor acht deelgebieden. Gemeente Geertruidenberg heeft de ambitie uitgesproken de komende tien jaar het areaal bomen met minimaal 3.000 stuks te laten toenemen. Per jaar betekent dat er gemiddeld 300 bomen worden aangeplant.

40

Duurzaamheid

Beschikbare ruimte in openbare ruimte voor x aantal bomen

Aantal bomen nodig om aan regel 3 te voldoen

Aantal bomen nodig om aan regel 30 te voldoen

48

209

191

2.100

4.504

4.726

Raamsdonk

174

463

4469

Historisch centrum Geertruidenberg

674

1165

1737

Geertruidenberg

812

1351

1149

Dombosch, Rivierkade en Pontonnier

252

30

377

Amergebied

0

0

177

Gasthuiswaard

122

0

219

Centrum Raamsdonksveer Raamsdonksveer

Mogelijkheden openbare ruimte aantal bomen

4.182

Jaarlijks aan te planten in openbare ruimte aantal bomen in de komende tien jaar

300

Tabel 4. De potentieel beschikbare ruimte voor nieuwe bomen en het aantal bomen dat nodig is om aan de opgaven van de 3+30-regel te voldoen voor acht deelgebieden.

De ambitie om 300 nieuwe bomen per jaar te planten is haalbaar. De potentiële ruimte is voldoende om tegemoet te komen aan de ambitie voor veertien jaar. De praktische uitvoering hangt ook af van de lokale situatie. In tabel 4 zijn in de laatste twee kolommen de opgaven vanuit de 3+30-regel weergegeven. Met deze informatie kan beter een keuze gemaakt worden waar de prioriteiten liggen om bomen te planten.

41

Duurzaamheid

6.6.2 Nieuw groenareaal Het groene areaal groeit ook in omvang. Gemeente Geertruidenberg wil het groene areaal (oppervlakte groen en bomen) met 10% uitbreiden bij herinrichtingen en renovatieprojecten. In combinatie met de 3+30+300-regel wordt gekeken op welke plekken dit het meest interessant is en welk type groen het meeste maatschappelijke effect sorteert. Bij nieuwe wijken volgen we het uitgangspunt zoveel als mogelijk. Deze investeringen worden gedaan vanuit de projecten. Het groene areaal wordt verder vergroot door het oppervlak verharding van de openbare ruimte met 0,5% per jaar te verminderen, zie beleidsregel 21. Dat betekent dat er jaarlijks extra ruimte is voor ongeveer 1.200 m2 groen, zie tabel 5. Verhardingsoppervlakte (m2) Centrum Raamsdonksveer

2.241

Raamsdonksveer

17.126

Raamsdonk

2.982

Historisch centrum Geertruidenberg

4.889

Geertruidenberg

4.809

Dombosch, Rivierkade en Pontonnier

7.808

Amergebied

4.722

Gasthuiswaard

1.762

Agrarische gebieden

0

Totaal oppervlakte

46.339

Jaarlijks oppervlakte

1.159

Tabel 5. Verhardingsoppervlakte dat in tien jaar moet zijn verminderd

42

Duurzaamheid

Onderstaande tabel 6 geeft de raming voor investeringskosten voor zowel de bomen als oppervlaktegroen per jaar weer. Standplaats

Aantal/ oppervlakte per jaar

Raming per jaar

Bomen in gras/berm (40%)

120

€ 120.000

Bomen in beplanting (40%)

120

€ 120.000

Bomen in verharding (20%)

60

€ 60.000

Subtotaal bomen (aantal)

300

€ 300.000

Beplanting (40%)

464

€ 14.500

Gras (40%)

464

€ 14.500

Bermen (20%)

231

€ 5.500

Subtotaal groen (m2)

1.159

€ 34.500

Bomen (aantal)

Groen (oppervlakte (in m2)

Totaal investering per jaar

€ 334.500

Tabel 6. Raming per jaar

6.7

Vervolg: Uitvoeringsagenda Groen

In de omgevingsvisie hebben we vastgelegd dat Geertruidenberg in 2050 zijn duurzaamheids-doelstellingen wil behalen en hierin staat op hoofdlijnen beschreven wat we daarvoor moeten gaan doen. In dit omgevingsprogramma Groen beschrijven we op welke wijze we invulling gaan geven aan deze ambitie. We laten zien welke opgaven er zijn en hoe groen hiervoor wordt ingezet. In de volgende fase werken we dit verder uit. We stellen daarvoor een Uitvoeringsagenda op waarin we aangeven wanneer, hoe, en op welke plaats binnen de organisatie we de voorgestelde acties oppakken. Dit kan bijvoorbeeld plaatsvinden door: ƒ Directe uitvoering van de actie. Bijvoorbeeld: het meten en monitoren van de staat van biodiversiteit en ecologische kwaliteit, inwoners blijven informeren en inspireren, versterken en benutten van de samenwerking met lokale groene organisaties. ƒ Nadere uitwerking van beleidskaders op specifieke terreinen. Bijvoorbeeld: het opstellen van beleidsregels voor natuurinclusief bouwen of het maken van een bomenplan. De Uitvoeringsagenda Groen maakt dus concreet welke inspanningen verricht gaan worden om de vergroening binnen de gemeente mogelijk te maken. Het is een concretisering van het vastgesteld beleid, waar tegelijkertijd ook de benodigde capaciteit en financiële middelen aan wordt gekoppeld.

De Uitvoeringsagenda heeft een looptijd van vier jaar en wordt vervolgens geëvalueerd en opnieuw vastgesteld. Tussentijds worden de resultaten van de Uitvoeringsagenda gemonitord om daarmee te waarborgen dat de beleidsdoelstellingen van het omgevingsprogramma Groen worden behaald.

43

Duurzaamheid

Binnen het kader van de Uitvoeringsagenda wordt de uitvoering van de benoemde acties geprioriteerd en afgestemd op andere visies en programma’s. Voor bepaalde opgaven zal gelden dat deze op de langere termijn worden gerealiseerd, omdat we aansluiten bij natuurlijke momenten zoals nieuwe projecten (als wijkvernieuwing) of de samenwerking aan willen gaan met andere partijen (bijvoorbeeld om natuurgebieden met elkaar te verbinden). Bij de nadere uitwerking van de acties werken we samen met inwoners, bedrijven en andere organisaties. Op deze wijze kunnen we de kennis, kunde en organisatiekracht van deze partijen benutten om de actie zo optimaal mogelijk in te richten. Omdat de groenvisie op een aantal punten zeer dicht aanligt tegen de visie klimaatadaptatie en we de acties die uit deze twee visies voortkomen zo goed mogelijk op elkaar willen laten afstemmen, stellen we één Uitvoeringsagenda voor beide visies op.

6.8

Communicatie

6.8.1

Communicatie met inwoners

Om vergroening in de gemeente Geertruidenberg te stimuleren is het essentieel om goede informatie te verstrekken en effectief te communiceren met alle betrokkenen. In de komende jaren streven we ernaar om op verschillende locaties ‘te ontharden’ en meer biodiverse vergroening te realiseren, waardoor klimaatbestendige omgevingen ontstaan. Onze communicatie richt zich op het vergroten van bewustzijn en het aanmoedigen van inwoners om zelf actie te ondernemen. Het is van groot belang dat de gemeente actief met inwoners communiceert over de relevantie van groenvoorzieningen in de gemeente Geertruidenberg, inclusief welke planten en dieren hierbij passen. Dit omvat informatie over welke flora bijdraagt aan biodiversiteit en welke geschikt zijn voor klimaatadaptatie, evenals suggesties voor het integreren van deze planten en dieren in tuinen en huizen. Het is ook belangrijk dat de gemeente op een transparante en begrijpelijke manier blijft communiceren over haar eigen inspanningen.

6.8.2 Educatie Educatie is een laagdrempelige manier om kennis over te brengen. Zo groeit de bewustwording van biodiversiteit, klimaatadaptatie en vitaliteit. Via kinderen sijpelt kennis vaak ook een gezin binnen. ‘Groen’ maakt ons creatiever, blijer en gezonder. Iets wat zeker kinderen in deze onstuimige wereld kunnen gebruiken. De gemeente moedigt daarom de ontwikkeling van groene en natuurlijke schoolpleinen en speeltuinen aan, zodat de volgende generaties op een speelse manier vertrouwd raken met een groene leefomgeving en een vitale basis meekrijgen.

44

Duurzaamheid

7 Woordenlijst Biobased: biobased materialen gemaakt van dierlijk materiaal of van schimmels, planten, bacteriën die ecologisch verantwoord geteeld, geoogst, gebruikt en hergebruikt worden. Biotoop Een biotoop is een gebied of landschapstype waarin organismen kunnen groeien en floreren. Binnen een biotoop kunnen planten en dieren zich voortplanten. Circulair Bestaande materialen en producten worden zo lang mogelijk gedeeld, verhuurd, hergebruikt, hersteld, opgeknapt en gerecycleerd om meer waarde te creëren. Op deze manier wordt de levenscyclus van producten uitgebreid. Ecologisch maaibeheer Beheer van groene structuren waarbij de inheemse flora en fauna centraal staat. Het is gericht op behoud of ontwikkeling van ecologische waarden. Groenblauwe structuren Ruimtelijke structuren van groene en blauwe landschapselementen die met elkaar functioneel samenhangende netwerken vormen. Hittestress Gezondheidsklachten die ontstaan als mensen door hoge temperaturen en luchtvochtigheid niet meer in staat zijn de lichaamstemperatuur goed te reguleren. Hotspots Een plek waar relatief veel biodiversiteit is en waar bepaalde soorten floreren. Icoonsoorten Flora en fauna dat kenmerkend is voor het gebied en die grote ecologische waarde vertegenwoordigen. Overgangsgebieden Gebieden die een bijdrage leveren aan de gunstige staat van instandhouding voor behoud en herstel van de biodiversiteit.

Symbiose Het samenleven van twee of meer soorten, waarbij voor het samen zijn voor ten minste één van de organismen gunstig, of zelfs noodzakelijk is. Het een versterkt het ander. Struwelen Begroeiingen van struiken en bomen, die meestal niet hoger worden dan zo’n vijf meter.

45

Duurzaamheid

8 Bronnenlijst Bomenbeleidsplan Niet kappen maar koesteren Gemeente Geertruidenberg, 2017 Verordening bomen Gemeente Geertruidenberg, 2017 Strategie Klimaatadaptatie Gemeente Geertruidenberg, 2022 Beleidskader Natuur 2030 Provincie Noord-Brabant, 2023 Uitvoeringsagenda Natuur Provincie Noord-Brabant, 2022 Nationale Klimaatadaptatiestrategie (NAS) Ministerie IenM, 2016.

46

Duurzaamheid

Bijlage 1 Groenstructuurkaart

47

Duurzaamheid

Bijlage 2 Beschermde bomenkaart

48

Duurzaamheid

Bijlage 3 Biotopen Op hoofdlijnen zijn de biotopen onder te verdelen in grijze natuur, groene natuur en blauwe natuur. Grijze natuur betreft hier de erven buitengebied, de bedrijventerreinen en de stedelijke omgeving. Blauwe natuur betreft de wateren. De overige biotopen vallen onder de groene natuur.

49

Duurzaamheid

Bijlage 4 Icoonsoorten Voor gemeente Geertruidenberg zijn dertien icoonsoorten geselecteerd met de biotoop waar deze soort het meest wordt aangetroffen, zie onderstaande tabel 7. Dit is een versimpelde weergave van de specifieke habitateisen per soort. Bij de keuze voor de icoonsoorten is rekening gehouden met deze criteria: ƒ De soort komt van nature voor binnen de gemeente Geertruidenberg of de gemeente Geertruidenberg behoorde tot het historische verspreidingsgebied van de soort en door de aanwezigheid van bronpopulaties in de omgeving kan de soort weer terugkeren. ƒ De soort is niet te zeldzaam. Het is lastig om doelstellingen te bepalen voor zeer zeldzame soorten. De zeldzaamheid maakt dat doelstellingen en beleid niet of nauwelijks geëvalueerd kunnen worden, waardoor niet duidelijk wordt of het gevoerde beleid succesvol is. ƒ De soort is niet te algemeen. Algemene soorten zijn minder kritisch ten aanzien van de eisen aan hun leefomgeving, waardoor de aanwezigheid van deze soorten niets zegt over hoe succesvol het gevoerde beleid is.

ƒ Soorten uit verschillende soortgroepen, zodat niet alleen maar vogels of soorten met een hoog ‘aaibaarheidsgehalte’ icoonsoort zijn. ƒ Soorten hebben bij voorkeur nog geen wettelijk beschermde status. Als de soort wel een wettelijk beschermde status heeft, dan kan deze alsnog tot icoonsoort worden gekozen als binnen de gemeente Geertruidenberg belangrijke populaties aanwezig zijn. ƒ Gebieden binnen de gemeente Geertruidenberg kunnen een belangrijke rol spelen om de achteruitgang van een soort tegen te gaan. ƒ Maatregelen voor deze soort hebben positieve effecten voor veel meer soorten. ƒ De soort komt hoofdzakelijk in de omgeving van gemeente Geertruidenberg voor. ƒ De soort is kenmerkend voor bepaalde delen binnen de gemeente Geertruidenberg. ƒ Maatregelen voor deze soort moeten kansrijk zijn. Icoonsoort

Soortgroep

Biotoop

Bruin blauwtje

Dagvlinders

Bermen en groenstroken, grasland

Huismus

Vogels

Erven buitengebied, stedelijke omgeving

Gierzwaluw

Vogels

Stedelijke omgeving

Grote modderkruiper

Vissen

Open stromend/ stilstaand water

Kattendoorn

Vaatplanten

Grasland

Oeverzwaluw

Vogels

Open stromend water

Patrijs

Vogels

Agrarisch natuurbeheer, akkerland

Ransuil

Vogels

Erven buitengebied, stedelijke omgeving

Roodrandzandbij

Bijen

Bermen en groenstroken, grasland

Scholekster

Vogels

Bedrijventerrein, grasland, agrarisch natuurbeheer

Steenuil

Vogels

Erven buitengebied

Tijgertaaiplaat

Schimmels/ paddenstoel

Moerasbos, bossen, houtsingels

Wezel

Zoogdieren

Agrarisch natuurbeheer, bossen, houtsingels

Bron: Actualisatie groenbeleidsplan gemeente Geertruidenberg, Maasarend, januari 2024.

50

Duurzaamheid

Bijlage 5 Hotspots biodiversiteit In gemeente Geertruidenberg zijn zes hotspotgebieden aangegeven: Amertak, Donge ten oosten A27, Donge ten westen A27, Kleine Nieuwe Dombosch, Kromgat en Overdiepse polder - Oude Maasje. Van deze locaties maakt alleen Kromgat geen onderdeel uit van het NNB.

Bron: Actualisatie groenbeleidsplan gemeente Geertruidenberg, Maasarend, januari 2024.

51

Duurzaamheid

Bijlage 6 Hittestress door warme nachten

Bron: Actualisatie groenbeleidsplan gemeente Geertruidenberg, Maasarend, januari 2024.

52

Duurzaamheid

Bijlage 7 Natuurnetwerk Brabant

Bron: Actualisatie groenbeleidsplan gemeente Geertruidenberg, Maasarend, januari 2024.

53

Duurzaamheid

Bijlage 8 Natura 2000-gebieden

54

Duurzaamheid

Bijlage 9 3+30+300-regel

55

Duurzaamheid

56

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Geertruidenberg&id=3825f40b-27ef-412b-9a56-9dafa2554b50