WVS Ontwerp herziene begroting 2024
Tekst van het document
Ontwerp Herziene Begroting 2024 Meerjarenraming 2025 - 2027
Inhoudsopgave
1. Voorwoord Algemeen Directeur
3
2. Financiële herziene begroting en meerjarenraming
6
2.1 Uitgangspunten herziene begroting 2024 en meerjarenraming 2.2 Ketensamenwerking 2.3 Overzicht van baten en lasten 2022 - 2027 2.4 Financiële positie 2.5 Risicoparagraaf
3. Overige begrotingsinformatie 3.1 Weerstandsvermogen 3.2 Wet Open Overheid
6 9 11 12 13 17 17 17
Bijlagen 1. Resultatenrekening 2024 - 2027 Overhead 2. Balans 2022 - 2027 3. Overzicht lang- en kortlopende leningen 4. Overzicht reserves en voorzieningen 5. Overzicht van investeringen in vaste activa 6. Gemeentelijke bijdrage 2024 7. Specificatie Rijksbijdrage per gemeente 2024
WVS - Herziene begroting 2024
18 19 20 21 22 23 24
2
1. Voorwoord Algemeen Directeur WVS WVS als het sociaal ontwikkelbedrijf van West-Brabant, werkt samen met de ISD en het Werkplein om een steeds groter wordende groep inwoners, die langdurig aan de zijlijn staan, weer een betere toekomst te bieden. Gezamenlijk gaan we de uitdaging aan om zoveel als mogelijk deze ‘vergeten groep’ te laten participeren en te ontwikkelen naar, liefst loonvormende arbeid. Wij geloven dat we door meer samen te werken, in staat zijn om de maatschappelijke kosten te laten dalen en het maatschappelijke rendement te laten stijgen. Voor u ligt de herziene begroting 2024 en de meerjarenraming 2025 tot en met 2027 van WVS. Deze herziene begroting is gebaseerd op de gegevens die we weten vanuit de mei- en septembercirculaire 2023. WVS kan pas naar aanleiding van bedragen en aantallen die in de mei- en septembercirculaire van 2023 bekend worden gemaakt, een reële begroting voor 2024 en verder maken. Daarom zal er in het najaar van 2023 een aangepaste begroting worden gepresenteerd. De akties voortkomend uit het gezamenlijke jaarplan van Ketensamenwerking zijn, voor zo ver als mogelijk, meegenomen in deze begroting. Tevens is de begroting met beide partijen afgestemd. De begroting moet dan ook in samenhang worden bekeken met de begrotingen van de ISD en het Werkplein. WVS voert vanuit de Participatiewet, de Wet sociale werkvoorziening en beschut werken uit.
Tevens ontwikkelt WVS mensen die de route naar werk niet zelfstandig kunnen maken. Het gezamenlijke doel van de Ketensamenwerking voor 2024 en de meerjarenraming 2025 tot en met 2027 is om 380 inwoners in ontwikkeltraject te zetten. Om onze inwoners te ondersteunen in hun ontwikkeling is vanaf 2023 de (praktijk)academie opgericht. Een gezamenlijk diagnosecentrum is eind 2023 opgezet met de ISD en het Werkplein, om inwoners gerichter te kunnen ontwikkelen op basis van hun skills. Hierdoor kunnen we gerichter bijstandsgerechtigde inwoners, jongeren en statushouders in hun kracht zetten. WVS heeft vanuit het verleden te maken met hogere loonkosten t.o.v. het landelijk gemiddelde terwijl de bedrijfskosten en de verhouding reguliere medewerkers versus doelgroepmedewerkers lager liggen. Het inverdienvermogen ligt echter weer hoger t.o.v. het landelijk gemiddelde. WVS zit daarmee in de top van best presterende sociale ontwikkelbedrijven in Nederland zoals blijkt uit het onderzoek dat door Berenschot is uitgevoerd in opdracht van het ministerie van SZW en de benchmark van de branchevereniging Cedris. We zetten al onze energie op de ontwikkeling van de eigenwaarde van onze inwoners. Werk is uiteindelijk de beste zorg. ( x € 1.000)
2017
2018
2019
2020
2021
2022
Operationeel resultaat
6.918
6.004
5.235
2.014
2.028
2.161
247
2.273
713
4.140
1.833
-879
Incidentele baten en lasten
4.786
6.427
8.182
8.058
5.593
7.532
Subsidieresultaat*
Gemeentelijke bijdrage
-12.222
-11.962
-11.529
-10.076
-8.740
-7.746
Totaal resultaat
-271
2.742
2.601
4.136
714
1.068
* Het subsidieresultaat is het verschil tussen de rijksbijdrage en de SW-loonkosten. In 2020, 2021 en 2022 heeft WVS te kampen gehad met Covid-19. De compensatie vanuit het Rijk is verantwoord onder incidentele baten en lasten.
3
WVS - Herziene begroting 2024
Factoren die een bepalende rol spelen bij het al dan niet realiseren van de herziene begroting van 2024 zijn: 1. Subsidies 2. Kostenbeheersing 3. Algemene economische situatie 4. Opbrengsten, toegevoegde waarde 5. Invulling van de regie- en opdrachtgeversrol door de gemeenten 6. De rol van WVS binnen de Participatiewet i.s.m. de werkpleinen en het RPA 7. Uitstroom SW en leidinggevend SW-kader 8. (Fiscale) Wetgeving 9. Cao Aan de Slag (WAB) 10. Cao SW Ad 1. Subsidies De begroting is gebaseerd op het voorlopig toegekende Wsw-participatiebudget voor 2024 o.b.v. de septembercirculaire 2023 zijnde € 34.260,- en met 3,5 % LPO € 35.459,-. Het is op dit moment nog niet duidelijk welke invloed de landelijke realisatiecijfers hebben op de P-budgetten SW voor de komende jaren. Deze worden jaarlijks in de meicirculaire aangepast voor het lopende en de komende jaren. Naast de hoogte van het bedrag speelt ook de toekenning van de (fictieve) taakstelling een steeds belangrijkere. In 2021 en 2022 was de uitstroom van de SW hoger dan voorspeld. I.v.m. de hoge stijging van het WML begin 2023 is er in de septembercirculaire een extra toekenning van € 706.000,(inschatting nog) gedaan ter compensatie. Tevens is er besloten door het Rijk om de begeleidingsvergoeding beschut werk per 2024 te verhogen met € 2.157,- per persoon. Ad 2.
Kostenbeheersing WVS scoort in de benchmark goed in kostenbeheersing. Echter, met de invoering van de Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB) zijn de kosten voor het begeleidend en ondersteunend regulier personeel flink gestegen. De begeleidingsvergoeding vanuit het Rijk en vanuit lokale afspraken staat onder druk. Ook de nieuwe Cao Aan de Slag zorgt voor een verhoging van de loonkosten van de doelgroep PW. Hierdoor is het steeds lastiger om binnen de kostprijs de producten te leveren en dit heeft dan ook effect op het operationeel resultaat. Daarnaast zijn er positieve effecten van de arbeidsontwikkeling van de doelgroep voor de werkpleinen. Deze zijn niet opgenomen in de begroting van WVS. De financiële effecten hiervan zie je terug bij de ISD en het Werkplein. Daarom moeten de resultaten in samenhang worden gezien met die van het Werkplein en de ISD. Hiervoor kan verwezen worden naar de ketenbegroting. Ad 3. Algemene economische situatie De economische groei lijkt gestagneerd te zijn. Dit heeft gevolgen voor de orderportefeuille. We zien meer liquiditeitsproblemen bij onze klanten, vooral MKB, dit komt mede door terugbetalingen van Covid-regelingen. Ad 4. Opbrengsten, toegevoegde waarde In de huidige economische ontwikkeling is het zaak om het nivo van de opbrengsten en toegevoegde waarde per medewerker te behouden.
Het inrichten van de organisatie op basis van lean en het realiseren van een betere prijsvorming is de basis voor een gezonde toekomst. Ad 5. Invulling van de regie- en opdrachtgeversrol door gemeenten Een goede samenwerking met de gemeenten, ISD en Werkplein zorgt er voor dat meer mensen aan loonvormende arbeid kunnen deelnemen. Door opdrachten vanuit gemeenten te verstrekken voor werkzaamheden die bij de doelgroep passen, kunnen mensen op basis van hun ontwikkelmogelijkheden getraind worden binnen deze werkzaamheden. De druk op de financiële situatie bij de gemeenten is merkbaar in de opdrachtverstrekkingen. Dit heeft impact op het resultaat. Bij geschiktheid vindt er doorstroom plaats naar reguliere arbeid, maar inmiddels is er ook een vangnet voor die groep die deze stap niet kan maken. Samen met de ISD en het Werkplein is de afgelopen jaren een nieuwe werkwijze WVS - Herziene begroting 2024
4
geïmplementeerd waarbij de ontwikkeling van de inwoner centraal staat. De komende jaren wordt er geïnvesteerd in mensen die meer begeleiding nodig hebben en het zelfstandig niet redden om in ontwikkeling te komen. Mocht het niet haalbaar zijn dat onze inwoners uit het Landelijk Doelgroep Register (LDR) kunnen aansluiten op de arbeidsmarkt, zal WVS de mogelijkheid bieden voor een dienstverband. Ad 6. De rol van WVS binnen de Participatiewet i.s.m. de werkpleinen en het RPA De uitvoering van de Participatiewet vraagt om intensieve samenwerking met de werkpleinen en het werkgeversveld. Op arbeidsmarktregioniveau zijn afspraken gemaakt om in Multi Disciplinaire Teams in de subregio’s samen te werken. Een aantal jaren geleden is er voor gekozen om de sturing op arbeidsmarktniveau meer centraal te trekken en in 2023 wordt deze werkwijze geëvalueerd en eventueel aangepast. Ad 7. Uitstroom SW personeel en leidinggevend SW kader In de begroting is opgenomen dat leidinggevend kader in SW-dienstverband wordt vervangen door reguliere krachten. Hierin is echter niet de volledige vervanging meegenomen die door uitstroom vanwege pensioenleeftijd is ingeschat. Door de invoering van de RVU regeling voor SW-personeel, is er een snellere uitstroom van SW-leidinggegevenden.
In deze herziene begroting is het aantal reguliere krachten bijgesteld, daar de uitstroom van SW-leidinggevend en kaderpersoneel sneller gaat dan was voorzien, mede door de RVU-regeling in de Cao SW. Ad 8. (Fiscale) wetgeving Het lage inkomensvoordeel (LIV) is in 2022 per persoon verhoogd. Na 2024 zal het LIV komen te vervallen. Ad 9. Cao Aan de Slag (WAB) Per 1 januari 2020 is de Wet Arbeidsmarkt in Balans in werking getreden. Met de WAB zijn maatregelen getroffen om te voorkomen dat er bij payroll wordt geconcurreerd op arbeidsvoorwaarden. Het kabinet vindt het belangrijk dat voor iedereen, dus ook voor mensen die alleen met ondersteuning de arbeidsmarkt betreden, het beginsel van gelijke beloning voor hetzelfde werk geldt. Voor de SW-medewerkers was bij invoering van de WAB al een uitzondering gemaakt. Sinds 1 juli 2021 is er een nieuwe Cao Aan de Slag gaan gelden voor de medewerkers uit de PW met een beschut werk indicatie en deze Cao geldt ook voor inwoners met een LDR-verklaring, die een dienstverband gaan krijgen bij WVS. De Cao loopt af per 31-12-23 en de Cao onderhandelingen zijn in volle gang. Verwacht wordt dat deze uitkomen op een stijging van 10 % van de loonkosten. Ad. 10. Cao SW De Cao SW wordt opengebroken en er zijn onderhandelingen gaande m.b.t. de verhoging van de salarissen. We gaan er van uit dat de stijging 8 % zal zijn.
5
WVS - Herziene begroting 2024
2. Financiële begroting en meerjarenraming 2.1 Uitgangspunten herziene begroting 2024 Bij het opstellen van de begroting zijn naast de werkelijke resultaten over 2022, de interne werkbudgetten voor 2023, en de realisatiecijfers 1e halfjaar 2023 als uitgangspunt gehanteerd. De begrotingen van de ISD, het Werkplein en WVS vormen gezamenlijk de basis voor de ketenbegroting. Toegevoegde waarde Voor de berekening van de toegevoegde waarde (TW) zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: •
•
•
De TW voor WVS is uit verschillende zaken opgebouwd. De TW per fte SW wordt constant verondersteld. Daarnaast is rekening gehouden met de TW voor de nieuwe Beschut Werk-medewerkers. Voor nieuwe medewerkers met structurele loonkostensubsidie wordt een TW nivo van de huidige SW-populatie verwacht. Hierbij gaan we uit van een loonwaarde van gemiddeld 50 %. Daarnaast zullen er ontwikkeltrajecten voor de ISD en het Werkplein uitgevoerd worden. Voor mensen in een ontwikkeltraject wordt geen toegevoegde waarde meegenomen omdat de focus ligt op leren i.p.v. werken. De formatie SW is gebaseerd op de prognose komende uit de mei- en septembercirculaire 2023. Per type contract (SW, Beschut Werk, participatie) wordt een andere inzetbaarheid over de verschillende werksoorten zoals groen, postbezorging en industriële activiteiten verwacht. Participatie is opgenomen voor het Publiek Groenbedrijf. Conform besluitvorming worden hiervoor personen aangetrokken vanuit de doelgroep B met een LDR-verklaring, welke een training en opleiding krijgen met als doel uitstroom naar de arbeidsmarkt. In de begroting is rekening gehouden met een omzet van de deelnemende gemeenten ten opzichte van de werkelijke omzet 2022 met een afname i.v.m. daling fte SW.
Rijksbijdrage Herziene begroting 2023
Werkelijk 2022
Herz. begr. 2023
Herz. begr. 2024
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
Aantal SE
1.634
1.554
1.462
1.377
1.298
1.204
Rijksbijdrage per SE
30.233
30.744
35.459
36.265
37.346
38.541
2,0 %
3,5 %
3,0 %
3,0 %
3,0 %
Rijksbijdrage (€ x 1.000) incl. LPO
49.478
48.987
51.862
51.935
52.189
51.730
Werkelijk 2022
Herz. begr. 2023
Begroting 2024
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
Aantal SE
1.634
1.554
1.481
1.395
1.315
1.221
Rijksbijdrage per SE
30.233
30.744
31.350
32.208
33.173
34.229
2,0 %
6,0 %
4,0 %
4,0 %
4,0 %
48.987
49.219
49.532
50.026
49.824
Begroting 2023
Rijksbijdrage (€ x 1.000) incl. LPO
49.478
Het is op dit moment nog niet duidelijk welke invloed de landelijke realisatiecijfers hebben op de P-budgetten SW voor de komende jaren. Deze worden jaarlijks in de meicirculaire aangepast voor het lopende en de komende jaren. Voor 2025 en e.v. is de LPO iets verhoogd naar 4 %. Het is nog onduidelijk of het Rijk de forse stijging van het WML zal compenseren. Bijdrage deelnemende gemeenten Basis is het aantal geplaatste doelgroep medewerkers (SW + participatie) op 1 januari van het voorafgaande jaar aan het rapportagejaar (Bijlage 6 per gemeente).
WVS - Herziene begroting 2024
6
Begroting 2024
Werkelijk 2022
Aantal SW/participatie-medewerkers
Herz. begr. 2023
Herz. begr. 2024
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
2.043
1.961
1.862
1.789
1.695
Gem. bijdrage per SW/participant in €
3.438
3.769
4.148
4.201
4.336
4.488
Gem. bijdr. (€ x 1.000)
7.532
7.700
8.135
7.822
7.757
7.608
Begroting 2024
Werkelijk 2022
Herz. begr. 2023
Begroting 2024
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
2.043
1.961
1.880
1.807
1.713
Aantal SW/participatie-medewerkers Gem. bijdrage per SW/participant in €
3.438
3.769
4.254
4.263
4.450
4.670
Gem. bijdr. (€ x 1.000)
7.532
7.700
8.342
8.014
8.042
7.999
Overige subsidies overheid Beschut Werk In de begroting is opgenomen dat er Beschut Werk wordt ingezet en dat deze zal worden uitgevoerd door WVS conform gemaakte afspraken. Voor deze doelgroep is uitgegaan van 70 % loonkostensubsidie en gemiddeld 28 uur per persoon. De begeleidingsvergoeding voor Beschut Werk wordt vanuit het ministerie BZK geraamd. In de herziene begroting 2024 is een bedrag opgenomen van € 8.600,- plus € 2.157,- (was € 8.100,-) per traject. Het landelijk onderzoek (het rapport “Het sociaal ontwikkelbedrijf: werkvormen, kosten en baten”) toont aan dat de € 8.600,- per traject onvoldoende is om de begeleidingskosten te dekken. In dat onderzoek wordt aangegeven dat bij interne plaatsing de extra kosten € 11.000,- per persoon per jaar zijn. Vanuit de overheid is dit gedeeltelijk onderkend. Daarnaast geeft het rapport aan dat de opbrengsten vallen bij de rijksoverheid (werknemer betaalt belastingen) en bij de werkpleinen/gemeenten indien de voorwaarden juist zijn (bijv. echtpaar of alleenstaande, deeltijd). Natuurlijk doet WVS er alles aan om dit tekort zoveel mogelijk te beperken. Vanuit het Rijk is een extra begeleidingsvergoeding van € 2.157 toegekend via de septembercirculaire 2023 vanaf 2024.
Ontwikkeltrajecten Er zijn in de ketenbegroting aannames gemaakt m.b.t. afname ontwikkeltrajecten door de ISD en het Werkplein. In de begroting en de meerjarenraming is uitgegaan van de aangereikte cijfers vanuit de ketenbegroting. De tariefstelling van de trajecten is o.b.v. het gemiddelde van afgelopen jaren met een indexering conform afspraak. In het eerste gedeelte van 2023 zien we dat het gemiddelde van 6 maanden te ruim is ingeschat. Dit is nu bijgesteld naar 4 maanden. Overige bedrijfsopbrengsten Dit betreft de doorberekening van de kosten van dienstverlening van WVS aan de verbonden partijen, zoals Flexkompaan BV, WVS Schoonmaak Vof en Propeople Holding BV, alsmede derdenpartijen zoals Stichting Werkwijs West-Brabant en Stichting Op Weg Naar Werk. In de begroting is verondersteld dat de dienstverlening op hetzelfde niveau gehandhaafd blijft. Personeelskosten SW Voor de berekening van de indexering van de lonen SW is rekening gehouden met de huidige loonafspraken. Daarnaast is rekening gehouden met een minimaal salaris op het nivo WML plus 10 % op 1-1-23. De LPO op het Participatie budget SW wordt verondersteld op 6 % voor 2024. De loonsverhoging voor de SW is op 8 % gesteld. De Cao-afspraken zijn opengebroken en er vinden nieuwe onderhandelingen plaats. Voor de jaren 2025 e.v. is 5,0 % stijging aangehouden.
Door uitstroom van in verhouding duurdere werknemers wordt daarnaast een algemene daling van de loonkosten per SW-fte verondersteld, die de loonkosten in positieve zin beïnvloedt. Vanaf 2017 is er een tegemoetkoming loondomein vanuit het Rijk geïntroduceerd, die een gunstig effect heeft op de loonkosten SW. Deze regeling betreft het Lage Inkomens Voordeel, ook wel LIV genaamd. In het regeerakkoord is opgenomen dat deze regeling na 2024 komt te vervallen. 7
WVS - Herziene begroting 2024
Overige personeelskosten SW De overige personeelskosten zijn gebaseerd op de gerealiseerde kosten 2022 en het budget 2023. Tevens is hier rekening gehouden met de uitstroom van SW-medewerkers conform de prognose vanuit de rijksoverheid. De stijging in personeelskosten t.o.v. begroting 2023 wordt veroorzaakt door de stijging van WML met 10,15 %. Loonkostensubsidie Begeleid Werken Het aantal BW-plaatsingen wordt constant verondersteld. Salariskosten regulier personeel Leidinggevende SW-medewerkers worden vanwege uitstroom gedeeltelijk vervangen door regulier Flexkompaan personeel. Verder wordt uitstromend leidinggevend kader ambtelijk en Flexkompaan vervangen door nieuwe Flexkompaan krachten. Werkelijk 2022
Herz. begr. 2023
Herz. begr. 2024
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
Fte ambt. pers.
49,7
45
43
42
40
38
Gem. loonsom (€)
81.421
85.356
91.023
93.500
96.075
98.711
Tot. Sal. kst. (€ x 1.000)
4.045
3.841
3.914
3.927
3.843
3.751
Fte Flexkompaan
144,2
153,8
157,0
158,0
160,0
162,0
Gem. loonsom (€)
78.259
72.760
85.108
87.532
90.006
92.568
Tot. Sal. kst. (€ x 1.000)
11.285
11.190
13.362
13.830
14.401
14.996
Totaal Fte regulier
193,9
198,8
200,0
200,0
200,0
200,0
Totaal Sal. kst. regulier (€ x 1.000)
15.330
15.031
17.276
17.757
18.244
18.747
Werkelijk 2022
Herz. begr. 2023
Begroting 2024
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
Fte ambt. pers.
49,7
45
43
42
40
38
Gem. loonsom (€)
81.421
85.356
91.023
93.500
96.075
98.711
Tot. Sal. kst. (€ x 1.000)
4.045
3.841
3.914
3.927
3.843
3.751
Fte Flexkompaan
144,2
153,8
153,4
154,4
156,4
158,4
Gem. loonsom (€)
78.259
72.760
80.858
83.282
85.784
88.378
Tot. Sal. kst. (€ x 1.000)
11.285
11.190
12.407
12.862
13.420
13.999
Totaal Fte regulier
193,9
198,8
196,4
196,4
196,4
196,4
Totaal Sal. kst. regulier (€ x 1.000)
15.330
15.031
16.321
16.789
17.263
17.750
Voor de berekening van de salarissen ambtelijk personeel is rekening gehouden met de verhoging van 3 % van de kosten voor 2024 en verder. Dit is voor Cao-stijgingen en wijzigingen in werkgeverslasten. Bij Flexkompaan is dit 2 % hoger i.v.m. periodieken. In de begroting 2024 waren de periodieken van Flexkompaan nog niet meegenomen. Dit is nu gecorrigeerd. Met de invoering van de WAB is het personeel in Flexkompaan qua salariëring gelijk getrokken met de ambtelijke collega’s. Flexkompaan personeel is korter in dienst en heeft daardoor vaak nog periodieken in het vooruitzicht. De extra stijging hierdoor is 2 %. Loonkosten Beschut Werk In de begroting zijn de loonkosten op basis van WML opgenomen, met een indexatie per 1-1-23 van 10,15 % voor het gehele loongebouw en stijging sociale lasten. De Cao Aan de Slag is voor alle schalen gekoppeld aan het nivo van het WML. Merendeel van deze doelgroep zit in een tijdelijk contract. Waar mogelijk zal z.s.m. een vast contract worden geboden i.v.m. de hoge WW premie. In de Cao is sprake van een 37-urige werkweek, een pensioenvoorziening en extra secundaire arbeisvoorwaarden zoals biijv. reiskosten. Er vinden onderhandelingen plaats over de stijgingen van het WVS - Herziene begroting 2024
8
salarisgebouw 2024. Uitgangspunt in de herziene begroting is een stijging van 10 %. Loonkosten Participanten In de begroting wordt uitgegaan van dezelfde kostenstructuur als bij Beschut Werk. Afschrijvingen De afschrijvingskosten in 2024 zijn gebaseerd op een behoudend investeringsbeleid. Om grote investeringen te voorkomen binnen het ICT domein, is gekozen voor de kantoorautomatisering en de ICT-infrastructuur in een exploitatiemodel. Door problemen met leveringen in de markt is er in 2022 toch voor gekozen om de hardware gedeeltelijk zelf aan te schaffen. Overige bedrijfskosten Deze zijn min of meer constant verondersteld, m.u.v. de energie- en verzekeringskosten. Deze zijn zo sterk gestegen dat deze zijn aangepast. De stijging van de energielast (elektriciteit en gas) is zo hoog dat een extra bijstelling noodzakelijk is. Voor de jaren 2024 tot en met 2027 blijven de aantallen ontwikkeltrajecten en medewerkers met loonkostensubsidie (zolang daarover nog geen andere besluiten genomen zijn) constant. Wel zou het maatschappelijk zinvol zijn om meer gebruik te maken van trajecten met loonkostensubsidie om plaatsings- en doorstroommogelijkheden te kunnen realiseren voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.
2.2 Ketensamenwerking Doelstelling van de ketensamenwerking tussen de ISD Brabantse Wal, het Werkplein en WVS is te werken als een gezamenlijk ontwikkelbedrijf. Met de bedoeling inwoners die binnen ons werkgebied wonen en onder de Participatiewet vallen optimaal te ondersteunen bij hun ontwikkeling naar een betaalde baan. Of als dat niet haalbaar is, naar een betaalde detachering óf vrijwilligerswerk. Binnen de ketensamenwerking staan de inwoners centraal. Inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt kunnen aan de hand van de zogenaamde routekaart worden ontwikkeld in verschillende leerroutes (o.a. groen, productie, logistiek, schoonmaak, post- en pakketbezorging en horeca) met als doel uitstroom naar een betaalde baan op de reguliere arbeidsmarkt of, als dit niet mogelijk is, een tijdelijke of structurele baan bij WVS. Voor inwoners uit het landelijk doelgroep register (LDR) die tijdelijk of structureel in dienst komen bij WVS zal aan WVS een begeleidingsvergoeding worden betaald van € 4.000,- per jaar. In 2023 wordt een gezamenlijk arbeids onderzoek centrum ingericht waar onderzoek kan plaatsvinden naar de mogelijkheden van inwoners en de beste manier om hen te begeleiden c.q. te ontwikkelen naar betaald werk. Afspraak is dat op jaarbasis aan 380 inwoners een ontwikkeltraject (onderzoek en / of leerroutes) in de keten wordt aangeboden.
Hoewel het accent vooral ligt op de kwaliteit van de trajecten is er vanzelfsprekend ook aandacht voor het halen van de targets qua aantal trajecten. Tevens wordt gewerkt aan een tool waarmee gemeten kan worden wat de impact is van de ontwikkeltrajecten. Wellicht kan deze tool te zijner tijd worden gecombineerd met het meten van de lange termijn effecten van de ontwikkeltrajecten. Uit de cijfers van de eerste 8 maanden m.b.t. de ontwikkeltrajecten blijkt dat een gemiddelde looptijd van 6 maanden te lang is. Deze is nu bijgesteld naar 4 maanden. Op uitvoeringsniveau is er sprake van een steeds intensievere samenwerking tussen professionals van de ISD, het Werkplein en WVS. Dit gebeurt ook op flexplekken en in een gezamenlijke huisvesting. Er is een gezamenlijk communicatieplan opgesteld voor de ketensamenwerking. Er vindt nog een nadere uitwerking plaats qua tijdsplanning en prioritering. 9
WVS - Herziene begroting 2024
De uitgangspunten in de begroting voor het ramen van ontwikkeltrajecten en de aantallen beschut werk, inclusief de tariefstelling, zijn conform de afspraken die reeds zijn opgenomen in de ketenbegroting. Ook zijn meegenomen 36 fte instroom van mensen uit het LDR. Herz. begr. 2023
Begroting 2024
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
Ontwikkeltrajecten aantal
380
380
380
380
380
Beschut Werken aantal
222
234
257
280
299
Beschut Werken in Fte
155
164
180
196
209
Participanten aantal
41
41
41
41
41
Participanten in Fte
36
36
36
36
36
Herz. begroting Ketensamenwerking 2024 Bestaand
WVS
HvWB
ISD BW
Totaal
Ontwikkeltrajecten
561
275
837
Loonwaardemetingen
55
28
83
Jobcaoching
68
11
79
Praktijk- en persoonlijkheidsonderzoek
5
0
5
689
314
1004
Ontwikkeling
ontwikkelbudget
20
20
10
50
Bedrijfsvoering
Manager / aansturing
48
48
24
120
Totaal
68
757
348
1174
WVS
HvWB
ISD BW
Totaal
Ontwikkeltrajecten
842
413
1255
Loonwaardemetingen
55
28
83
Jobcaoching
68
11
79
Praktijk- en persoonlijkheidsonderzoek
5
0
5
970
452
1422
Begroting Ketensamenwerking 2024 Bestaand
Ontwikkeling
ontwikkelbudget
20
20
10
50
Bedrijfsvoering
Manager / aansturing
48
48
24
120
Totaal
68
1038
486
1592
Aantallen activiteiten 2024
HvWB
ISD BW
Totaal
Ontwikkeltrajecten aantal
255
125
380
Loonwaardemetingen
100
50
150
Jobcoaching
30
5
35
WVS - Herziene begroting 2024
10
2.3 Overzicht van baten en lasten 2022 - 2027 Het overzicht baten en lasten voor de jaren 2022 - 2027 laat met name het exploitatieresultaat vóór gemeentelijke bijdrage zien. Ook wordt het totaal exploitatieresultaat gesplitst in het subsidieresultaat (rijksbijdrage minus alle personeelskosten SW personeel) en het operationele resultaat. Conform de eisen zoals gesteld in het Besluit Begroting en Verantwoording, is WVS verplicht inzicht te geven in de overheadkosten zoals gedefineerd in de BBV. Deze opstelling vindt u in bijlage 1. bedragen x € 1.000 Herz. begroting 2024 Netto omzet derden
11
Werkelijk 2022
Herz. begr. 2023
Herz. begr. 2024
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
23.965
23.814
25.932
26.529
26.722
26.399
Netto omzet deelnemende gemeenten
9.630
9.750
9.500
9.250
9.000
8.750
Grond- en hulpstof uitbesteed werk
-9.896
-10.064
-11.924
-12.041
-12.022
-11.829
Toegevoegde waarde
23.699
23.500
23.508
23.738
23.700
23.320
Rijksbijdrage
49.478
48.987
51.862
51.935
52.189
51.730
Loonkostensubsidie
1.822
4.223
3.489
3.950
4.442
4.907
Overige subs. overheid
2.247
1.684
2.833
3.003
3.176
3.314
Totaal bijdr. overheden
53.547
54.894
58.184
58.888
59.807
59.951
Overige bedrijfsopbr.
2.733
1.988
2.420
2.394
2.348
2.267
Totaal baten
79.979
80.382
84.112
85.020
85.855
85.538
Loonkosten SW
-54.207
-55.365
-56.699
-55.925
-55.444
-53.769
Overige pers. kstn SW
-2.272
-2.025
-2.334
-2.252
-2.175
-2.083
Verstrekte subsidies
-212
-225
-225
-225
-225
-225
Totaal pers. kstn SW
-56.691
-57.615
-59.258
-58.402
-57.844
-56.077
Kosten regulier pers.
-16.720
-15.941
-17.641
-18.123
-18.610
-19.112
Kosten Beschut Werk
-3.257
-5.488
-5.240
-5.985
-6.781
-7.531
Kosten participanten
-76
-1.271
-1.152
-1.198
-1.246
-1.295
Afschrijvingskosten
-1.888
-1.810
-1.910
-1.960
-1.960
-1.960
Overige bedr. kosten
-7.691
-5.806
-6.571
-6.671
-6.671
-6.671
Financieringskosten
-120
-151
-475
-503
-500
-500
Sub-totaal overige bedr. kstn
-29.752
-30.467
-32.989
-34.440
-35.768
-37.069
Totaal bedrijfskosten
-86.443
-88.082
-92.247
-92.842
-93.612
-93.146
Result. voor gem. bijdr. en dividend
-6.464
-7.700
-8.135
-7.822
-7.757
-7.608
Gem. bijdrage
7.352
7.700
8.135
7.822
7.757
7.608
Totaal expl. result.
1.068
0
0
0
0
0
Subsidieresultaat Doelgroep
-8.725
-11.165
-10.300
-9.701
-9.241
-8.267
WVS - Herziene begroting 2024
Begroting 2024
Werkelijk 2022
Herz. begr. 2023
Begroting 2024
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
Netto omzet derden
23.965
23.814
26.321
26.508
26.355
25.700
Netto omzet deelnemende gemeenten
9.630
9.750
9.500
9.250
9.000
8.750
Grond- en hulpstof uitbesteed werk
-9.896
-10.064
-12.055
-11.980
-11.845
-11.543
Toegevoegde waarde
23.699
23.500
23.766
23.778
23.510
22.907
Rijksbijdrage
49.478
48.987
49.219
49.532
50.026
49.824
Loonkostensubsidie
1.822
4.223
3.394
3.953
4.574
5.198
Overige subs. overheid
2.247
1.684
2.815
2.993
3.176
3.333
Totaal bijdr. overheden
53.547
54.894
55.428
56.478
57.776
58.355
Overige bedrijfsopbr.
2.733
1.988
2.450
2.424
2.377
2.296
Totaal baten
79.979
80.382
81.644
82.680
83.663
83.558
Loonkosten SW
-54.207
-55.365
-55.305
-54.578
-54.120
-52.492
Overige pers. kstn SW
-2.272
-2.025
-2.353
-2.270
-2.192
-2.099
Verstrekte subsidies
-212
-225
-225
-225
-225
-225
Totaal pers. kstn SW
-56.691
-57.615
-57.883
-57.073
-56.537
-54.816
Kosten regulier pers.
-16.720
-15.941
-17.231
-17.700
-18.172
-18.660
Kosten Beschut Werk
-3.257
-5.488
-5.097
-5.989
-6.982
-7.978
Kosten participanten
-76
-1.271
-1.120
-1.199
-1.282
-1.372
Afschrijvingskosten
-1.888
-1.810
-1.910
-1.960
-1.960
-1.960
Overige bedr. kosten
-7.691
-5.806
-6.270
-6.270
-6.272
-6.271
Financieringskosten
-120
-151
-475
-503
-500
-500
Sub-totaal overige bedr. kstn
-29.752
-30.467
-32.103
-33.621
-35.168
-36.741
Totaal bedrijfskosten
-86.443
-88.082
-89.986
-90.694
-91.705
-91.557
Result. voor gem. bijdr. en dividend
-6.464
-7.700
-8.342
-8.014
-8.042
-7.999
Gem. bijdrage
7.352
7.700
8.342
8.014
8.042
7.999
Totaal expl. result.
1.068
0
0
0
0
0
Subsidieresultaat Doelgroep
-8.725
-11.165
-11.488
-10.777
-10.202
-9.145
WVS - Herziene begroting 2024
12
2.4 Financiële positie De afgelopen jaren is een bijdrage van de gemeenten noodzakelijk om een negatief eigen vermogen te voorkomen. In bijlage 6 is een overzicht opgenomen van de gemeentelijke bijdragen voor 2024. In bijlage 2 is de balans per ultimo opgenomen voor de jaren 2022 - 2027. In paragraaf 3.1. Weerstandsvermogen is een overzicht gegeven van ‘jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen’. Deze verplichtingen hebben een nadelige invloed op de financiële positie van WVS. Door het negatieve resultaat in de totale planperiode zal de financieringsbehoefte toenemen. Dit wordt gecompenseerd door stortingen van de gemeentelijke bijdragen. Ultimo 2022 bedroegen de langlopende leningen € 9.008.000,-. In 2023 wordt hierop € 2.063.000,- afgelost. In 2023 is het afsluiten van een langlopende lening gepland van € 5.000.000,-. Om aan haar financieringsbehoefte te kunnen voldoen sluit WVS rekening-courantkredieten en kasgeldleningen af. De behoefte aan krediet neemt toe vanwege de jaarlijkse aflossingen op de leningen. Het rentepercentage voor de langlopende leningen bedraagt voor 2023 2,41 %. Voor rekening-courantkrediet is dit percentage begroot op 0,7 % en voor kasgeldleningen op 1,35 %. Met deze financieringswijze voldoet WVS zowel aan de kasgeldlimiet als aan de norm voor het renterisico.
In bijlage 3 is een overzicht van de langlopende en de kortlopende leningen gegeven voor de jaren 2022 - 2024. De voorzieningen die WVS heeft gevormd hebben het karakter van een toekomstige financiële verplichting. Sinds 2018 wordt er een voorziening gecreëerd voor het 3e WW-jaar ambtelijk. Dit is een verplichting. Deze wordt gevormd uit een bijdrage van het ambtelijk personeel zelf. In 2022 is de voorziening spaarverlof gecreëerd voor de tegoeden die vanuit de Cao-regelingen SW en SGO worden gespaard. De toevoegingen aan en opnames uit deze voorziening hebben een onvoorspelbaar karakter. In bijlage 4 is een overzicht gegeven van het verloop van de reserves en de voorzieningen voor de jaren 2022 - 2027.
13
WVS - Herziene begroting 2024
2.5 Risicoparagraaf Als risico’s worden beschouwd alle redelijke voorzienbare risico’s die niet in de begroting zijn verwerkt en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de omvang van de exploitatie, het exploitatieresultaat en het eigen vermogen van WVS. Ondernemersrisico WVS opereert op de commerciële markt door producten en diensten aan derden te leveren. Hierdoor heeft WVS te maken met het normale ondernemersrisico zoals het debiteuren- en voorraadrisico. Door de turbulente economische omstandigheden is dit risico niet te onderschatten. Omvang: Het achterblijven van de TW van bijvoorbeeld 5 % levert direct een verlies op aan exploitatieresultaat van ruim € 1.100.000,-. Maatregelen: Via de interne P&C cyclus, waardoor snel achterblijvende resultaten zichtbaar zijn, spreiden van risico’s o.b.v. werksoorten, klanten en branches. Tevens werk blijven acquireren ook al is er geen stilstand. Dit vangt leegstand op, of biedt mogelijkheden voor betere rendementen. Opdrachten van deelnemende gemeenten De deelnemende gemeenten zijn belangrijke opdrachtgevers voor WVS. De gemeentelijke opdrachten vormen voor WVS ook een belangrijke inkomstenbron, maar belangrijker nog is dat gemeenten veel werk hebben waar mensen uit de doelgroep op zijn aangewezen.
Door een jaarlijkse krimp in het aantal SW-medewerkers is er in 2017 voor gekozen om jaarlijks 30 fte uit de doelgroep te plaatsen in het groenbedrijf van WVS met de bedoeling hen te laten doorstromen naar de reguliere markt. Op deze wijze zou ook de orderportefeuille in het gemeentelijk groen op peil kunnen worden gehouden. Deze aantallen hebben we helaas niet kunnen realiseren. Vanaf 2022 zijn de 30 fte vervangen door 80 trajecten in het groen met als doel uitstroom naar de reguliere arbeidsmarkt en, voor diegenen die die overstap niet kunnen maken, een dienstverband bij WVS. Omvang: De gemeentelijk omzet beslaat om en nabij een derde van de omzet van WVS. Als er door de financiële druk op de begrotingen van de gemeenten, wellicht bezuinigd wordt op opdrachten m.b.t. detacheringen en groenvoorziening, verdwijnen hierdoor banen en werk voor de doelgroep. 5 % Van de omzet van de gemeenten staat voor een bedrag van € 500.000,-. Met de geplande indienstname van inwoners uit het LDR hebben we het werk hard nodig. Maatregelen: Samen met de gemeenten bekijken waar de mogelijkheden liggen. Zorgen dat er een goede orderportefeuille is. Risico rijksbijdrage In de begroting is uitgegaan van de afbouw SW zoals het Rijk die voorziet. Voorspellen wat de ontwikkeling van de rijksbijdrage gaat doen, is lastig. Er zijn veel landelijke factoren die van invloed zijn op de rijksbijdrage per SE.
Indien er grote afwijkingen zijn t.o.v. de begroting zal dit worden gemeld, en indien nodig zal een herziene begroting worden ingediend. In de herziene begroting is uitgegaan van een compensatie van LPO van 3,5 %. Indien deze niet wordt ontvangen heeft dat impact op de begroting. Door de koppeling met de Cao SW (op dit moment) is de impact beperkt. Omvang: WVS ontvangt vanuit de gemeenten de volledige subsidie Wsw. Bij overschrijding van de taakstelling is het financiële risico geheel voor WVS. Bij 10 SE is dit een risico van € 310.000,-. Maatregelen: Dit ligt buiten de invloedssfeer van WVS.
WVS - Herziene begroting 2024
14
Rente risico’s De totale activa bedragen ultimo 2022 € 25.107.000,-. Hiervan is ruim 70 % gefinancierd met vreemd vermogen. Een groot deel van dit vreemde vermogen is rentedragend. De aan het vreemde vermogen verbonden rentelasten leggen een claim op de exploitatiebegroting. Alle langlopende leningen hebben een vast rentepercentage over de gehele looptijd van de lening. Derhalve is het renterisico met betrekking tot de langlopende leningen nihil. Wijzigingen in de rentestand hebben derhalve geen gevolgen voor het exploitatieresultaat. Anders ligt dit voor de kortlopende leningen. De rente hierop is variabel en de kosten hiervan fluctueren met wijzigingen in de rentestand. Momenteel is de rente op een laag niveau. Omvang: Het renterisico op korte termijn ligt vooral bij de kasgeldleningen. Er is ultimo 2022 € 3.000.000,- aangetrokken. Daarnaast moet i.v.m. de aflossingsverplichting elk jaar € 2.000.000,- geherfinancierd worden. Stijging van het rentepercentage met 1 % heeft een impact van € 50.000,- op de exploitatie per jaar. Maatregelen: Zorgen dat het werkkapitaal op orde is. Het aanhouden van een eigen vermogen binnen WVS verlaagt de behoefte aan vreemd vermogen. Daarnaast is het goed om de renterisiconorm en wetgeving vanuit Fido te bewaken. RVU-regeling Cao SW In de Cao SW is een nieuwe regeling opgenomen.
Twee jaar vóór pensioen kan een SW-medewerker ervoor kiezen om te stoppen met werken. De medewerker ontvangt dan een aangepast salaris ter hoogte van ongeveer € 1.800 bruto per maand (bij fulltime dienstverband). De medewerker is dan vrijgesteld van werk tot de pensioendatum en blijft in dienst zodat de aanspraak op de rijksbijdrage blijft bestaan. Er is echter geen inverdienvermogen. De regeling is vrij nieuw, er is derhalve lastig een inschatting te maken van de deelnamegraad. Omvang: Bij deelname van 20 fte zal de daling in toegevoegde waarde (o.b.v. gemiddelde TW per fte) € 200.000,bedragen. Maatregelen: WVS heeft hier geen invloed op. Natuurlijk zal WVS de gevolgen zoveel mogelijk proberen te compenseren door productie efficiëncy. Jaarlijks terugkerende aan arbeidskosten gerelateerde verplichtingen Volgens het BBV dienen de verplichtingen die gerelateerd zijn aan de jaarlijks terugkerende arbeidskosten niet als verplichting in de balans te worden opgenomen. Bij de beoordeling van het weerstandsvermogen van WVS dienen ze wel te worden meegenomen. Deze verplichtingen worden in de begroting opgenomen op het moment dat ze tot betaling leiden. Het risico m.b.t. het oplopen van de verlofsaldi is dat er bij het einde van een dienstverband veel verlof wordt opgenomen, en er dan vervanging moet worden aangenomen, voor de uitdienst datum.
Omvang: Het betreffen de volgende verplichtingen: • Vakantiegeldverplichtingen (waarde per ultimo 2022 € 3.213.000,-) • Verloftegoeden (waarde per ultimo 2022: € 2.272.000,-) Maatregelen: Gezien de daling van het aantal personeelsleden, zal ook deze post dalen in hoeveelheid verlofuren. Dit geldt tevens voor de vakantiegeldverplichting. De loonsom daalt en daarmee ook de verplichting. M.b.t. de verloftegoeden, gelden ook binnen WVS de reguliere regels vanuit de cao’s. Binnen de Cao SW bestaat een regeling “spaarverlof”. Hierdoor kunnen SW-ers verlofuren sparen. Hierdoor loopt op persoonsnivo het saldo op. Uitstroom van SW-kader De capaciteiten van de SW-instroom is sinds 1998 (invoering nieuwe Wet sociale werkvoorziening) minder dan de gemiddelde SW-populatie van vóór 1998. Dit betekent dat kaderfuncties die momenteel zijn ingevuld door SWmedewerkers in geval van vervanging door pensionering of anderszins, niet meer door SW-medewerkers kunnen 15
WVS - Herziene begroting 2024
worden ingevuld omdat bij de huidige instroom de benodigde capaciteiten hiervoor ontbreken. Dit betekent dat extra regulier personeel moet worden aangetrokken om deze opengevallen plaatsen in te nemen. Omvang: Bij vervanging van een SW-er door een reguliere kracht missen we de rijksbijdrage voor die plaats. Dit is voor 2024 een bedrag van € 35.459,- per fte inclusief LPO. Maatregelen: Uiteraard wordt getracht eventuele vacatures op een andere wijze in te vullen door herverdeling van taken en het niet vervangen van uitstroom van indirecte functies, maar dit is niet altijd mogelijk. Indien een SW-medewerker 1 op 1 vervangen moet worden, is het verschil in kosten, de rijkssubsidie. Natuurlijk wordt gekeken naar kostenreductie door een 1 op 1 vervanging te proberen te vermijden. Vergoeding begeleidingskosten Beschut Werk De uitvoering van beschut werk ligt volledig bij WVS. De aanmelding voor een indicatie beschut werken loopt via de ISD en het Werkplein. De indicatie wordt afgegeven door het UWV. Vanaf 1 januari 2017 mogen burgers zich rechtstreeks melden bij het UWV voor het aanvragen van een indicatie beschut werk. Dit leidt tot wat meer indicaties beschut werk. De realisatie van de instroom is opgenomen conform de planning afgegeven door het Rijk.
De feitelijke instroom is afhankelijk van het aantal door het UWV geindiceerde kandidaten die via de ISD en het Werkplein kunnen worden aangeleverd. Omvang: De aantallen ‘Beschut Werk’-plaatsingen kunnen achterblijven op de fictieve taakstellingen. WVS heeft haar begeleidingsorganisatie zo ingericht dat zij conform de fictieve taakstellingen personen in dat jaar kunnen plaatsen. Indien er niet geplaatst wordt, heeft WVS wel de kosten, maar niet de vergoeding hiervoor. Maatregelen: I.o.m. de werkpleinen zorgen voor een goede instroom, zodat de dekking geregeld is, of kijken naar budgetoverheveling c.q. afspraken m.b.t. minimale afname van ontwikkeltrajecten. Ontwikkeltrajecten De inschattingen voor afname ontwikkeltrajecten voor de jaren 2024-2027 zijn gebaseerd op de meerjaren afspraken. WVS heeft haar begeleidingsorganisatie zo ingericht dat zij de personen in dat jaar kunnen plaatsen. Indien er niet wordt geplaatst mist WVS de dekking voor de begeleidingsorganisatie. Omvang: De aantallen of de gemiddelde duur van ontwikkeltrajecten kunnen achterblijven op de afgesproken aantallen. WVS heeft haar begeleidingsorganisatie zo ingericht dat zij de personen in dat jaar kunnen plaatsen. Indien er niet wordt geplaatst mist WVS de dekking voor de begeleidingsorganisatie.
Maatregelen: In overleg met de werkpleinen zorgen voor een goede geleidelijke instroom en zo mogelijk volledige instroom van de afspraken. Academie In het kader van de ontwikkeling van inwoners die geen arbeidskwalificatie hebben heeft WVS de ‘Academie’ opgezet om inwoners via de leerroutes op te leiden richting een branche waar voldoende werkgelegenheid is om een duurzame inzet mogelijk te maken. Middels praktijkcertificaten, die erkend worden door het MBO en werkgevers, kan een kandidaat aantoonbaar maken dat hij/zij beschikt over kwalificaties om bepaalde werkzaamheden uit te kunnen voeren. Omvang: De aantallen kunnen achterblijven op de verwachte aantallen terwijl de begeleidingsorganisatie hierop ingericht is. Indien er niet wordt geplaatst mist WVS dekking voor de begeleidingsorganisatie. Maatregelen: In overleg met met werkpleinen, onderwijsinstellingen en werkgevers zorgen voor een geleidelijke in- en doorstroom van de kandidaten zodat voldoende dekking is om de praktijkopleiding te financieren. WVS - Herziene begroting 2024
16
Stijging WML en Cao Sw en Cao Aan de Slag De Cao Aan de Slag heeft een basis van 37 uur per week. Het voornemen van het Rijk is om het WML te gaan baseren op een basis WML uurloon van 36 uur. Daarnaast zijn er Cao onderhandelingen gaande voor de Cao Aan de Slag. De Cao SW wordt opengebroken en er zijn onderhandelingen gaande. Omvang: 1 % stijging van de loonkosten voor de medewerkers Cao Aan De Slag en Cao SW heeft een stijging van de loonkosten van ruim € 600.000 tot gevolg. Er is nog geen duidelijkheid m.b.t. de compensatie vanuit het Rijk. Maatregelen: Hier heeft WVS geen invloed op. In de herziene begroting is voor de Cao Aan de Slag 10 % en de Cao SW 8 % stijging opgenomen. Overige bedrijfskosten Vanaf 2022 zijn er een aantal kostensoorten die extreem zijn gestegen. Hierop heeft WVS maar beperkt invloed. Het gaat hier onder andere over de kosten voor energie en verzekeringen. De hoogte van deze kosten wordt bepaald door de marktwerking. Voor deze kosten is in de begroting 2024 (en herziene begroting 2023) een kostenverhoging opgenomen. Het effect van de marktwerking op de andere kostensoorten is beperkt meegenomen omdat WVS daar op dit moment geen aanleiding toe ziet. Omvang: De kostenstijging van energie en verzekeringen kost WVS al ruim € 300.000 extra t.o.v. prijspeil 2022.
Onduidelijk wat de effecten zijn op de andere kostensoorten en wat de marktwerking verder nog gaat doen. Maatregelen: WVS heeft hier beperkt invloed op. Door middel van langlopende contracten, goede afspraken, en efficient omgaan met de resources, probeert WVS de kosten zo laag mogelijk te houden. De herziene begroting houdt rekening met nog een extra stijging. Wet Waadi (Wet allocatie arbeid door intermediairs) Er zijn voornemens om de wet Waadi aan te passen. In de basis dienen de medewerkers die worden ingezet via uitzending of detachering betaald te worden volgens de Cao van de inlenende partij. Voor de medewerkers werkend onder de Cao SW en Aan de Slag geldt er momenteel een vrijstelling. In de mogelijke wetswijziging kan dit komen te vervallen. Dit heeft grote impact op de organisatie van WVS. Voor de gedetacheerden moet dan worden bepaald of er een vergelijkbare functie van toepassing is (vaak is jobcarving van toepassing) en WVS moet dan kennis vergaren van alle Cao’s die van toepassing zijn. Ook heeft WVS haar medewerkers onder Cao Aan de Slag werkzaam via Flexkompaan BV. Bij een detachering naar WVS zouden zij dan wellicht volgens de Cao SGO of SW verloond dienen te gaan worden. Omvang: WVS heeft deze nieuwe ontwikkeling nog niet doorgerekend, maar gedacht moet worden aan fikse loonstijgingen. Ook de impact van sociale verzekeringen is nog onduidelijk.
Maatregelen: WVS heeft hier geen invloed op. Vanuit Cedris loopt een lobby om deze vrijstelling weer terug in het nieuwe wetsvoorstel op te laten nemen. WVS gaat zich verder beraden over eventueel te nemen maatregelen.
17
WVS - Herziene begroting 2024
3. Overige begrotingsinformatie 3.1 Weerstandsvermogen In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in het vermogen van WVS om risico’s (zie paragraaf 2.4) die niet in de begroting zijn verwerkt op te vangen door middel van financiële buffers, genoemd weerstandscapaciteit. De relatie tussen weerstandscapaciteit en alle risico’s waarvoor geen voorzieningen zijn getroffen, wordt weerstandsvermogen genoemd. In verband met de invoering van het BBV (2004) is het niet meer toegestaan de vakantiegeldverplichting als zodanig onder de schulden op te nemen. Deze verplichting (ultimo 2021 € 2.272.000,-) wordt niet in de balans opgenomen. Als financiële buffer voor het opvangen van tegenvallers voortvloeiende uit de hiervoor genoemde risico’s dienen de reserves (eigen vermogen). Deze bedroegen per ultimo 2022 € 3.000.000,- exclusief bestemmingsreserves en tijdelijke Covid gelden. Daarnaast fungeren de deelnemende gemeenten als vangnet voor WVS, doordat ze uiteindelijk - voor zover de reserves ontoereikend zijn - het exploitatietekort voor hun rekening nemen. In een bestuursbesluit in 2011 is vastgelegd dat de bandbreedte voor de reserves is vervallen en dat de bestemmingsreserve is toegevoegd aan de algemene reserve. Exploitatieverliezen moeten van de algemene reserve worden afgeboekt.
Gelet op de (grote) commerciële risico’s die WVS loopt en de groeiende behoefte aan liquiditeit zou een ruimer weerstandsvermogen zeer wenselijk zijn. Deloitte heeft onderzoek gedaan naar het meest passende nivo van het weerstandsvermogen. Dit is ook op dit moment nog een bedrag van € 6 miljoen. Eind 2021 heeft er een toevoeging van € 1.256.000 plaatsgevonden o.b.v. het resultaat 2021. Dit betrof de door het Rijk toegekende corona compensatie over 2021. Deze zal in 2023 vrijvallen.
3.2 Wet Open Overheid Openbaarheidsparagraaf Wet open overheid De Wet open overheid (Woo) is per 1 mei 2022 in werking getreden en is de opvolger van de Wet openbaarheid bestuur (Wob). In deze paragraaf wordt beschreven hoe WVS invulling geeft en gaat geven aan de Woo. Passieve openbaarmaking In 2023 heeft WVS de rol van Woo-contactfunctionaris ingevuld. Contactgegevens zijn opgenomen op de website en intern gecommuniceerd. De Woo-contactfunctionaris is het eerste aanspreekpunt om vragen te beantwoorden over de beschikbaarheid van publieke informatie en om eventuele Woo-verzoeken te behandelen. Actieve openbaarmaking De Woo stelt de verplichting om 11 benoemde informatiecategorieën actief te publiceren. Deze verplichting geldt niet voor alle 11 categorieën tegelijk. Naar verwachting moeten in de zomer van 2023 de eerste categorieën gepubliceerd worden. WVS zorgt ervoor dat de verplichte informatiecategorieën actief gepubliceerd worden conform de daarvoor geldende regels. Zodra dit mogelijk is, wordt WVS aangesloten op het landelijke platform, zoals de Woo voorschrijft. Zolang er nog geen verplichting c.q. mogelijkheid is om bepaalde categorieën documenten te publiceren op het landelijke platform zal WVS openbare stukken blijven publiceren op de eigen website. Informatiehuishouding op orde De Woo verplicht dat de digitale informatiehuishouding op orde wordt gebracht.
Dit is een randvoorwaarde om uitvoering te geven aan openbaarheid. Dit betekent dat er maatregelen moeten worden genomen om informatiebestanden duurzaam toegankelijk te maken en te houden. WVS is bezig met het optimaliseren van de digitale informatiehuishouding.
WVS - Herziene begroting 2024
18
Bijlage 1. Resultatenrekening 2024 en meerjarenraming 2025-2027 Overhead Baten
Begroting 2024
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
Netto omzet
0
0
0
0
Mutatie voorraad GP en OHW
0
0
0
0
Grond- en hulpstoffen uitbesteed werk
0
0
0
0
Toegevoegde waarde
0
0
0
0
Bijdrage overheden
2.900
2.800
2.700
2.600
Overige opbrengsten
609
624
640
656
Subtotaal
3.509
3.424
3.340
3.256
Totaal Baten
3.509
3.424
3.340
3.256
Lasten
19
Personeelskosten
-9.630
-9.336
-9.230
-9.199
Overige bedrijfskosten
-2.650
-2.716
-2.784
-2.854
Totaal bedrijfskosten
-12.280
-12.052
-12.014
-12.053
Rentebaten- en lasten
-475
-503
-500
-500
Totaal lasten
-12.755
-12.555
-12.514
-12.553
Resultaat
-9.246
-9.131
-9.174
-9.297
WVS - Herziene begroting 2024
Bijlage 2. Balans 2021 - 2027 (x € 1.000)
Activa
stand per ultimo
2022
Prognose 2023
Herz. begroting 2024
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
16.629
16.500
16.500
16.500
16.500
16.500
Vaste activa Materiële activa Financiële activa
18
18
18
18
18
18
Totaal vaste activa
16.647
16.518
16.518
16.518
16.518
16.518
Voorraden
1.188
1.100
1.100
1.100
1.100
1.100
Vorderingen
6.058
6.200
6.200
6.200
6.200
6.200
Overlopende activa
977
1.000
1.000
1.000
1.000
1.000
Liquide middelen
237
705
0
0
0
0
Vlottende activa
Totaal vlottende activa
8.460
9.005
8.300
8.300
8.300
8.300
Totaal activa
25.107
25.523
24.818
24.818
24.818
24.818
Algemene reserve
7.121
5.274
3.000
3.000
3.000
3.000
Bestemmingsreserve
200
250
900
0
0
0
Passiva Eigen vermogen
Storting gemeenten
7.532
7.700
8.135
7.822
7.757
7.608
Onttrekking gemeenten
-2.865
-1.674
0
0
0
0
Nog te bestemmen resultaat
-6.464
-7.700
-9.035
-7.822
-7.757
-7.608
Totaal eigen vermogen
5.524
3.850
3.600
3.000
3.000
3.000
Voorzieningen
1.725
1.728
1.731
1.734
1.737
1.738
Langlopende leningen
9.008
11.945
9.382
7.800
11.400
9.500
2.508
3.000
3.000
3.000
4.900
3.000
0
0
726
1.308
708
608
Kasgeldleningen
3.000
2.000
4.000
5.000
2.000
4.000
Overlopende passiva
3.342
3.000
3.000
3.000
3.000
3.000
Totaal kortlopende schulden
8.850
8.000
10.726
12.308
8.708
10.608
Totaal passiva
25.107
25.523
24.815
24.818
24.818
24.818
Eigen vermogen in % van totaal vermogen
22,0
15,1
14,5
12,1
12,1
12,1
Werkkapitaal
4.738
4.300
4.300
4.300
4.300
4.300
Kortlopende schulden Crediteuren Rekeningcourantkrediet
WVS - Herziene begroting 2024
20
Bijlage 3. Overzicht van langlopende leningen en RC-krediet
Leningen o/g (in € x 1.000) Verstrekt door
Omschrijving
Hoofdsom
Looptijd
Rente %
BNG
Lening 90545
4.538
1999/2024
6,09
BNG
Lening 91109
4.538
2001/2025
6,05
BNG
Lening 95110
2.700
2002/2023
5,33
BNG
Lening 111105
5.000
2017/2027
0,84
BNG
Lening 112899
4.000
2019/2024
-0,20
BNG
Lening 115893
4.000
2022-2032
1,88
BNG
Lening 116610
3.000
2023-2033
3,31
Sub-totaal
27.776
Werkelijk 2022
Budget 2023
Raming 2024
9.008
11.945
9.382
3.000
2.000
4.000
0
0
105
0
0
0
12.008
13.945
13.487
Leningen o/g
-138
-288
-288
Kasgeldleningen
3
-135
-180
RC-krediet
0
0
-7
Leningen o/g Stand per ultimo Kasgeldleningen Stand per ultimo Rekening courant-krediet Stand per ultimo Lening u/g (Propeople Holding B.V.) Stand per ultimo Saldo geleend - uitgeleend Rentebaten en -kosten
Leningen u/g
2
0
0
-133
-423
-475
Leningen o/g
-1,53
-2,41
-3,07
Kasgeldleningen
0,10
-1,35
-2,00
RC-krediet
0,00
0,70
-1,00
Rente lasten totaal Rente %
Leningen u/g
4,00
4,00
4,00
Totaal gemiddelde rente %
-1,11
-3,03
-3,48
* In 2022 is de lening aan Propeople volledig afgelost.
21
WVS - Herziene begroting 2024
Bijlage 4. Overzicht reserves en voorzieningen (x € 1.000)
Omschrijving timo
ul-
2022
2023
2024
2025
2026
2027
4.256
5.274
3.000
3.000
3.000
3.000
200
250
300
0
0
0
Reserves Algemene reserve Bestemmingsreserves
50 jr. WVS kst. SGO
Storting gemeente
600 7.532
Onttrekking gemeente
7.700
8.135
7.822
7.757
7.608
-418
0
0
0
0
Covid subs. 2020 Covid subs. 2021
-1.256
Nog te bestemmen resultaat
-6.464
-7.650
-9.035
-7.822
-7.757
-7.608
Totaal reserves
5.524
3.850
3.000
3.000
3.000
3.000
3e WW-jaar ambtelijk
15
18
0
0
0
0
Spaarverlof SW en Ambt.
1.710
1.710
1.710
1.710
1.710
1.710
Totaal voorzieningen
1.725
1.728
1.731
1.734
1.737
1.738
Voorziening rijkssubsidies
Bestemmingsreserves: * Vanaf 2018 zal er jaarlijks € 50.000,- worden gestort in een bestemmingsreserve ten bate van WVS 50 jarig bestaan in 2024. * Vanuit het resultaat 2022 is € 600.000,- gereserveerd voor extra kosten vanuit de Cao SGO voor het jaar 2023. Voorziening: Per 1-1-2024 vervalt het 3e WW-jaar voor ambtenaren.
WVS - Herziene begroting 2024
22
Bijlage 5. Overzicht van investeringen in vaste activa
(in € x 1.000) Werkelijk 2022
Herz. Begr. 2023
Herz. begroting 2024
Grond
0
0
0
Voorzieningen aan terreinen
0
0
0
Gebouwen
886
500
900
Installaties
98
200
200
Machines
137
300
150
Automatisering
17
50
100
Inventarissen
290
100
200
Vervoermiddelen
1.146
1.050
1.250
Projecten in uitvoering
231
0
0
0
0
0
Totaal investeringen
2.805
2.200
2.450
PM Afschrijvingskosten
-1.888
-1.810
-1.910
Overige
Vanwege de mondiale economische situatie zijn forse prijsstijgingen voor materialen en productiemiddelen niet uit te sluiten. Om te voorkomen dat hierdoor, onbedoeld, het investeringsbudget ontoereikend zou zijn c.q. zou moeten worden overschreden, vraagt WVS in de begroting 2024 met betrekking tot de geplande investeringen een marge aan te mogen houden van 10 %. Dit betekent dat, als investeringen onverhoopt tot 10 % meer kosten, hiervoor niet eerst toestemming hoeft te worden gevraagd aan het AB. Vanzelfsprekend zal WVS er alles aan doen om extra kosten te vermijden. Gezien de prijststijgingen welke reeds in 2023 zichtbaar zijn geworden, is het investeringsbudget verruimd. Deze was € 2.450.000,- + 10 % (€ 2.695.000,-). Voorgesteld wordt het investeringsbudget te verhogen tot € 2.800.000,-, hetgeen gelijk is aan de gewijzigde investeringsbegroting 2023.
23
WVS - Herziene begroting 2024
Bijlage 6. Gemeentelijke bijdrage 2024
In de begroting 2024 van WVS is uitgegaan van één gemeentelijke bijdrage. Het verlies van WVS bedraagt in 2024 € 8.135.000,- (was € 8.342.000,-). Een overzicht van de bijdrage per gemeente in dit resultaat: Begroting 2024
SW aantal 01-01-2023
Beschut Werken aantal
Participanten aantal
Totaal
Bergen op Zoom
368
38
1
407
Etten-Leur
198
23
0
221
Halderberge
177
14
0
191
Moerdijk
90
11
1
102
Roosendaal
500
63
0
563
Rucphen
209
15
0
224
Steenbergen
90
10
0
100
Woensdrecht
76
11
0
87
Zundert
60
6
0
66
1.768
191
2
1.961
Per doelgroeper
Doelgroep 01-01-2023
Herz. begr. Raming 2025 2024
Raming 2026
Raming 2027
Bergen op Zoom
407
€ 1.688.396
€ 1.623.434
€ 1.609.943
€ 1.579.019
Etten-Leur
221
€ 916.795
€ 881.521
€ 874.195
€ 857.403
Halderberge
191
€ 792.343
€ 761.857
€ 755.526
€ 741.014
Moerdijk
102
€ 423.136
€ 406.856
€ 403.475
€ 395.725
Roosendaal
563
€ 2.335.546
€ 2.245.684
€ 2.227.022
€ 2.184.245
Rucphen
224
€ 929.240
€ 893.487
€ 886.062
€ 869.042
Steenbergen
100
€ 414.839
€ 398.878
€ 395.563
€ 387.965
Woensdrecht
87
€ 360.910
€ 347.024
€ 344.140
€ 337.530
Zundert
Per doelgroeper
66
€ 273.794
€ 263.260
€ 261.072
€ 256.057
1.961
€ 8.135.000
€ 7.822.000
€ 7.757.000
€ 7.608.000
aantal doelgroepers
1.961
1.862
1.789
1.695
per doelgroeper
€ 4.148
€ 4.201
€ 4.336
€ 4.488
Begroting Raming 2025 2024
Raming 2026
Raming 2027
Doelgroep 01-01-2023
Bergen op Zoom
407
€ 1.731.358
€ 1.663.283
€ 1.669.094
€ 1.660.170
Etten-Leur
221
€ 940.123
€ 903.159
€ 906.314
€ 901.468
Halderberge
191
€ 812.505
€ 780.558
€ 783.285
€ 779.097
Moerdijk
102
€ 433.903
€ 416.842
€ 418.299
€ 416.062
Roosendaal
563
€ 2.394.975
€ 2.300.807
€ 2.308.845
€ 2.296.500
Rucphen
224
€ 952.885
€ 915.419
€ 918.617
€ 913.705
Steenbergen
100
€ 425.395
€ 408.669
€ 410.097
€ 407.904
Woensdrecht
87
€ 370.094
€ 355.542
€ 356.784
€ 354.877
Zundert
66
€ 280.761
€ 269.772
€ 270.664
€ 269.217
1.961
€ 8.342.000
€ 8.014.000
€ 8.042.000
€ 7.999.000
aantal doelgroepers
1.961
1.880
1.807
1.713
per doelgroeper
€ 4.254
€ 4.263
€ 4.450
€ 4.670
De meerjarenraming per gemeente is gebaseeerd op de verhouding van de doelgroepers per 1-1-23. WVS - Herziene begroting 2024
24
Bijlage 7. Specificatie Rijksbijdrage per gemeente
In de mei- septembercirculaire 2023 zijn de volgende Participatiebudgetten SW per gemeente voor 2024 opgenomen. In de herziene begroting is tevens 3,5 % correctie LPO opgenomen. Herz. begroting 2024
2024 excl. LPO
2024 incl. LPO
Bergen op Zoom
€ 10.525.150
€ 10.893.530
Etten-Leur
€ 5.479.477
€ 5.671.259
Halderberge
€ 4.973.985
€ 5.148.075
Moerdijk
€ 2.427.192
€ 2.512.144
Roosendaal
€ 14.151.880
€ 14.647.196
Rucphen
€ 5.986.403
€ 6.195.927
Steenbergen
€ 2.590.883
€ 2.681.564
Woensdrecht
€ 2.132.662
€ 2.207.305
Zundert
€ 1.840.554
€ 1.904.974
Totaal
€ 50.108.186
€ 51.861.972
Per SE
€ 34.260
€ 35.459
2024 excl. LPO
2024 incl. LPO
Bergen op Zoom
€ 9.808.424
€ 10.396.929
Etten-Leur
€ 4.976.001
€ 5.274.561
Halderberge
€ 4.579.863
€ 4.854.654
Begroting 2024
25
Moerdijk
€ 2.326.703
€ 2.466.305
Roosendaal
€ 13.178.027
€ 13.968.709
Rucphen
€ 5.521.412
€ 5.852.696
Steenbergen
€ 2.353.939
€ 2.495.175
Woensdrecht
€ 1.965.509
€ 2.083.439
Zundert
€ 1.723.422
€ 1.826.827
Totaal
€ 46.433.298
€ 49.219.296
Per SE
€ 31.350
€ 33.231
WVS - Herziene begroting 2024