verslag rapporteurs BWB 26 februari 2026
Tekst van het document
VERSLAG RAPPORTEURS BELASTINGSAMENWERKING WEST-BRABANT (BWB) D.D. 26 FEBRUARI 2026 Aanwezig
Erik Vissers Ger de Weert Marsja Dubbelman Carole Vermeegen
rapporteur BWB portefeuillehouder BWB contactambtenaar BWB raadsadviseur
Afwezig: (met kennisgeving
Eric Menheere
rapporteur BWB
Onderwerp van bespreking is de Kadernota 2027 van de BWB. Ambtelijk wordt de Kadernota beoordeeld aan de hand van een format waarbij wordt gekeken of de Kadernota op tijd is ingediend en de kaders eventueel afwijken van de richtlijnen. Er zijn geen afwijkingen geconstateerd. In de Kadernota is door de BWB een toelichting gegeven op de extra aanvullende financiële richtlijnen die door de gemeenten Breda en Roosendaal zijn aangegeven. De BWB is een uitvoeringsorganisatie, wanneer er iets uitgevoerd dient te worden dan zijn er kosten aan verbonden. Wanneer de kosten moeten dalen, zullen er minder taken door de BWB moeten worden gedaan. Met de perceptiekosten wordt aangetoond dat de inkomsten omhoog gaan en de kosten dalen, waardoor de kosten wel iets zijn gestegen maar in relatie tot de opbrengst gedaald zijn. Daarnaast is in de Kadenota de verwerking van de BTW opgenomen, deze wordt niet meer opgenomen in de deelnemersbijdrage maar de BTW kan via het BTW-compensatiefonds door de gemeente teruggevorderd worden. De BWB voert dit niet meer op als kostenpost. Verder zijn er geen bijzonderheden te melden omdat de voorgestelde richtlijnen zijn opgenomen in de Kadernota. Positief om te zien dat er meer vaste inzet is en de deelnemersbijdrage omlaag gaat.
Er wordt een toelichting gegeven op de bezwaarschriften die in de afgelopen jaren zijn ontvangen, op basis van onderstaand overzicht: 2025
2024:
2023:
De no-cure-no-pay-bedrijven hebben zich teruggetrokken uit de markt waardoor het aantal bezwaarschriften is gedaald. Ook heeft de BWB goed gecommuniceerd over het indienen van een bezwaarschriften richting de ontvangers van de beschikkingen. Er wordt afgesproken dat het overzicht met bezwaarschriften in het vervolg vooraf aan het overleg aan de rapporteurs wordt verstrekt. Er wordt zich afgevraagd of het LEAN-traject leidt tot een kwaliteitsverbetering of kostenvermindering. Bestuurlijk wordt toegelicht dat destijds bij de investering in LEAN is afgesproken dat voor iedere euro die uitgegeven wordt aan dit traject 50% van de kosten bespaard dienen te worden. Het doel is uiteindelijk zowel kwaliteitsverbetering als kostenvermindering. Afgesproken wordt dat de heer Vissers de vragen vanuit de raad tijdens de raad debatteert van 9 maart beantwoordt. Voor het verslag, Carole Vermeegen raadsadviseur