Raadsvoorstel_Windpark Groene Dijk II.pdf
Tekst van het document
Raadsvoorstel Datum Raadsvergadering: Agenda nr: Onderwerp
Uitbreiding windpark Groene Dijk II met vierde windturbine
Van:
Jaap Streppel
Telefoonnummer:
4452
Email:
Jaap.Streppel@etten-leur.nl
Aan de leden van de raad. Voorstel 1. De coördinatieregeling ex artikel 3.30 van de Wet ruimtelijke ordening toe te passen voor de uitbreiding van windpark Groene Dijk II. 2.
Op grond van artikel 6.5 lid 1 van het Besluit omgevingsrecht een ontwerpverklaring van geen bedenkingen af te geven ten behoeve van de uitbreiding van windpark Groene Dijk II en deze ontwerpverklaring te beschouwen als een definitieve verklaring van geen bedenkingen, indien tegen de ontwerpverklaring geen zienswijzen zijn ingebracht.
Inleiding Omschrijving initiatief V.O.F. Windpark Etten-Leur exploiteert windpark Groene Dijk in de oksel van rivier de Mark en de Zevenbergseweg nabij de gemeentegrens met de gemeente Moerdijk. Het windpark is in 2017 opgeschaald en bestaat momenteel uit drie windturbines met elk een vermogen van 4,2 MW (windpark Groene Dijk II). De initiatiefnemers stellen nu de plaatsing voor van een vierde windturbine (windturbine Hoge Zijpolder) in lijn met de drie gerealiseerde windturbines (ten zuiden van de huidige drie windturbines). Het windpark Groene Dijk is operationeel sinds 2000. Het originele windpark bestond uit vijf windturbines met een vermogen van 1,3 MW per turbine. Deze windturbines zijn recent vervangen door de huidige drie windturbines (Groene Dijk II). Vanwege technologische en financiële ontwikkelingen op het gebied van windenergie zijn deze groter dan de originele windturbines. Om dezelfde reden is opnieuw een hogere turbine met een groter vermogen voorgesteld. De tiphoogte (maximale hoogte) van de drie bestaande turbines bedraagt 180 meter. De maximale hoogte van de nieuwe turbine bedraagt 225 meter. De precieze hoogte is afhankelijk van het te kiezen type
windturbine. In het voorstel en de ingediende stukken wordt daarom uitgegaan van de maximale hoogte. Ook wordt uitgegaan van een maximaal vermogen van 7 MW. Afwijking bestemmingsplan nodig De realisatie van de vierde windturbine Hoge Zijpolder is op grond van het geldende bestemmingsplan 'Buitengebied' niet mogelijk. Om planologische medewerking aan het initiatief te kunnen verlenen, is een buitenplanse afwijking (omgevingsvergunning voor het afwijken van het bestemmingsplan 'Buitengebied') nodig. Eerder genomen besluiten Bij een opgesteld vermogen van meer dan 5 MW zijn Gedeputeerde Staten bevoegd gezag. Gedeputeerde Staten hebben op 3 november 2020 besloten het bevoegd gezag ten aanzien van de coördinatie van de benodigde vergunningen en de beslissingsbevoegdheid voor de uitbreiding van windpark Groene Dijk II aan onze gemeente over te dragen. Met het overnemen van die taak kan de gemeente sturen op proces en inhoud en komen de leges behorende bij de vergunningverlening toe aan de gemeente. Beoogd effect en evaluatie: In te stemmen met de voorgestelde procedures om planologische medewerking te verlenen aan de uitbreiding van windpark Groene Dijk II met een vierde windturbine.
Argumenten 1.1 De gemeenteraad beslist over het toepassen van de coördinatieregeling Voorgesteld wordt de vergunningverlening uit te voeren in een gecoördineerde procedure overeenkomstig artikel 3.30 Wet ruimtelijke ordening (Wro). Ook voor de vervanging van de vijf windturbines door drie windturbines is gebruik gemaakt van een gecoördineerde procedure. Met het coördineren bedoelt de wetgever dat besluiten die met elkaar samenhangen in één procedure worden voorbereid. De procedures voor de vergunning(en) worden dus gecombineerd tot één procedure. In het geval van de vierde windturbine betreft het de activiteiten 'afwijken van het bestemmingsplan' en 'bouwen' en onder andere de activiteiten van netaansluiting en eventuele ontsluiting van kraanopstelplaatsen. Ook is een melding bij het waterschap nodig. De ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming wordt niet onder de gemeentelijke coördinatieregeling gebracht. Deze volgt een afzonderlijke procedure vanwege de lange doorlooptijd. De coördinatieregeling biedt de mogelijkheid om de procedures van een initiatief gelijktijdig te laten verlopen in plaats van naast elkaar. Op deze manier is er geen versnipperde besluitvorming wat duidelijkheid geeft voor zowel initiatiefnemers als voor belanghebbenden. Het tweede voordeel is de tijdwinst die met de coördinatieregeling kan worden geboekt.
Tegen besluiten die met toepassing van de coördinatieregeling zijn genomen, staat alleen nog beroep open bij de Raad van State. De Raad van State moet binnen een half jaar een uitspraak doen. De bevoegdheid om te besluiten over het al dan niet toepassen van de coördinatieregeling is een bevoegdheid van uw raad. In dit geval wordt het om redenen van tijdwinst, het voorkomen van versnipperde besluitvorming en een gebundelde beroepsprocedure wenselijk geacht om de coördinatieregeling te passen.
2.1 Er is een verklaring van geen bedenkingen van de gemeenteraad nodig Het verlenen van een omgevingsvergunning in afwijking van een bestemmingsplan is een bevoegdheid van het college. De omgevingsvergunning mag pas worden verleend nadat de gemeenteraad een verklaring van geen bedenkingen (vvgb) heeft afgegeven. De wettelijke grondslag voor deze verklaring is artikel 6.5 van het Besluit omgevingsrecht. Door een vvgb af te geven, verklaart uw raad geen bedenkingen te hebben tegen de omgevingsvergunning voor het afwijken van het bestemmingsplan. Zo'n verklaring kan alleen worden geweigerd in het belang van een goede ruimtelijke ordening. Zonder een vvgb kan de voorbereidingsprocedure om komen tot verlening van de omgevingsvergunning voor de activiteit afwijken bestemmingsplan niet worden gestart. Dit is neergelegd in artikel 2.27 Wabo.
2.2 Het initiatief past binnen het beleid en de normen Door initiatiefnemers is een ruimtelijke onderbouwing aangeleverd voor de planologische procedure. In deze ruimtelijke onderbouwing is uitvoerig beschreven wat het initiatief inhoudt en wat de milieuen planologische gevolgen zijn. De ruimtelijke onderbouwing is als bijlage bij voorliggend voorstel gevoegd. Hiermee zijn de vereiste stukken beschikbaar om een oordeel over het initiatief te kunnen geven.
Het initiatief past binnen het vigerend beleid Uit de ruimtelijke onderbouwing blijkt dat de plannen voor het toevoegen van een vierde windturbine aan windpark Groene Dijk II passen binnen het rijks-, provinciaal en gemeentelijk beleid. •
De provincie heeft in het kader van het vooroverleg per brief d.d. 17 februari 2021 aangegeven dat het plan in overeenstemming is met provinciale belangen.
•
Op grond van artikel 3.9 van de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant dienen initiatiefnemers invulling te geven aan kwaliteitsverbetering van het landschap. Door de provincie wordt hiervoor uitgegaan van een bijdrage van € 10.000,-/MW. De nieuwe windturbine krijgt een vermogen van 4-7 MW. Dat betekent dat initiatiefnemers een financiële bijdrage van minimaal € 40.000,- en maximaal € 70.000,- in het gemeentelijk groenfonds dienen te storten.
•
De 60% Omgevingsvisie van onze gemeente laat alleen nog incidenteel een beperkte uitbreiding van de bestaande windparken toe (meer turbines per opstelling). Hiervan is nu sprake. Hoewel omwille van eigendom en juridische redenen sprake is van een solitaire windturbine, zal de turbine ruimtelijk worden ervaren als onderdeel van windpark Groene Dijk. Ook de provincie beschouwt de vierde windturbine als onderdeel van de lijnopstelling van windpark Groene Dijk II.
•
Initiatiefnemers zijn gewezen op het streven naar minimaal 50% lokaal eigendom zoals opgenomen in het Klimaatakkoord en overgenomen in de Regionale Energie Strategie (RES). In dit concrete geval zijn de gronden in volledig eigendom van de initiatiefnemers. Zij zijn voornemens om de windturbine zelf te ontwikkelen en te exploiteren. Er is dus geen sprake van (grote) projectontwikkelaars. Daarmee is lokaal eigendom geborgd. Daarnaast wordt een financiële vergoeding uitgekeerd aan omwonenden voor derving woongenot en kunnen omwonenden financieel meeprofiteren door middel van obligaties tot een bedrag van circa 500.000 euro.
Het initiatief past binnen wettelijke normen Uit de verschillende onderzoeken blijkt dat geluidhinder en slagschaduw binnen de wettelijke normen kunnen blijven. Hiervoor zijn voorwaarden opgenomen in de ontwerpomgevingsvergunning. De ontwerp-omgevingsvergunning is als bijlage toegevoegd. Ook is een natuurtoets uitgevoerd naar de mogelijke gevolgen voor ecologie (met name vogels). De natuurtoets is van wezenlijk belang voor de haalbaarheid van het project. Gesproken wordt met IVN en de WestBrabantse Vogelwerkgroep voor de ontheffing Wet natuurbescherming die bij de provincie is ingediend. De provincie is bevoegd gezag voor het beoordelen van de natuurtoets en het beslissen op de aanvraag om ontheffing Wet natuurbescherming. Het is aannemelijk dat deze ontheffing wordt verleend, omdat de te verwachten aantallen slachtoffers relatief beperkt zullen zijn ten opzichte van de landelijke populaties van betrokken soorten en omdat de gunstige staat van betrokken populaties niet in het geding zal zijn.
Een vierde windturbine met een afwijkende maat is ruimtelijke inpasbaar In bijgevoegde ruimtelijke onderbouwing worden de landschappelijke effecten van de afwijkende maat van de vierde windturbine in beeld gebracht. De tiphoogte (maximale hoogte) van de drie bestaande turbines bedraagt 180 meter. De maximale hoogte van de nieuwe turbine bedraagt 225 meter. De precieze hoogte is afhankelijk van het te kiezen type windturbine. In het voorstel wordt daarom uitgegaan van de maximale hoogte. Uit de visualisatie zoals opgenomen in de ruimtelijke onderbouwing blijkt dat het hoogteverschil vanuit de verschillende invalshoeken nauwelijks waarneembaar is.
2.3 Wanneer geen zienswijzen zijn ingebracht is er geen reden de gemeenteraad een definitief besluit te laten nemen De ontwerp-verklaring van geen bedenkingen (bijgevoegd) doorloopt dezelfde procedure als het ontwerpbesluit omtrent de aanvraag omgevingsvergunning. Dit betekent dat tegen beide ontwerpbesluiten zienswijzen kunnen worden ingediend. De beoordeling en eventuele verwerking daarvan in het definitieve besluit geschieden door het bestuursorgaan dat bevoegd gezag is. Voor de aanvraag omgevingsvergunning is dat het college, voor de verklaring van geen bedenkingen is dat de gemeenteraad.
Als er geen zienswijzen zijn ingebracht tegen de ontwerp-verklaring van geen bedenkingen zijn er geen redenen om uw raad nog een definitief besluit omtrent de verklaring van geen bedenkingen te laten nemen. Er zijn immers geen zienswijzen die de eerdere positieve beoordeling kunnen doen veranderen. In dat geval mandateert uw raad het college om in zijn naam te besluiten over de definitieve vaststelling van de verklaring van geen bedenkingen. Alternatieven/varianten 1.1 Niet toepassen van de coördinatieregeling Coördinatie is facultatief en nooit verplicht. Het niet toepassen van de coördinatieregeling betekent echter een langere proceduretijd waarmee de subsidieaanvraag (september 2021) mogelijk in het gedrang komt. Meerdere werkzaamheden moeten worden uitgevoerd door de ambtelijke organisatie omdat verschillende procedures naast elkaar moeten worden gevoerd. Daarnaast ontstaat meer onduidelijkheid voor eventuele bezwaarmakers wanneer de verschillende besluiten op verschillende tijdstippen worden bekend gemaakt en de bijbehorende procedures niet gelijktijdig lopen. Een nadeel van de coördinatieregeling voor bezwaarmakers is dat binnen zes weken op alle onderwerpen bezwaar moet zijn aangetekend. Als een bezwaarmaker niet op tijd reageert, zijn alle kansen op bezwaar en beroep verkeken.
Bij het vervangen van de vijf oude windturbines door de drie bestaande windturbines is de coördinatieregeling succesvol toegepast.
2.1 Geen verklaring van geen bedenkingen afgeven Het afgeven van een verklaring van geen bedenkingen is voorbehouden aan de gemeenteraad. Het college kan hierover niet adviseren. Uw raad kan besluiten de verklaring van geen bedenkingen niet af te geven. Dat betekent dat uw raad geen medewerking wenst te verlenen aan het toevoegen van een vierde windturbine aan windpark Groene Dijk II. De verklaring kan alleen worden geweigerd in het belang van een goede ruimtelijke ordening. Initiatiefnemers hebben uw raadsfracties per brief d.d. 20 oktober 2020 in een vroegtijdig stadium over hun plannen geïnformeerd. Kanttekeningen en risico’s Toepassen coördinatieregeling Bij toepassing van de coördinatieregeling worden alle samenhangende besluiten in één keer voorbereid. Risico is dat een negatieve uitspraak over één van de besluiten gevolgen kan hebben voor daarmee samenhangende besluiten.
Nieuwe verklaring van geen bedenkingen bij wijziging plan Bij instemming met dit voorstel geeft uw raad een ontwerp-verklaring van geen bedenkingen af voor de activiteit afwijken bestemmingsplan als onderdeel van voorliggende ontwerpomgevingsvergunning (waarvan de ruimtelijke onderbouwing en daarbij behorende onderzoeken ook onderdeel uitmaken). Deze ontwerp-verklaring van geen bedenkingen wordt met de ontwerp-
omgevingsvergunning ter inzage gelegd en geldt voor het project zolang het project vanuit oogpunt van ruimtelijke ordening niet wezenlijk wijzigt. Ter verduidelijking: een ieder kan bij uw raad een zienswijze indienen tegen de ontwerp-verklaring van geen bedenkingen. Een zienswijze tegen de ontwerp-omgevingsvergunning kan door een ieder worden ingediend bij uw college. Indien het plan naar aanleiding van eventuele zienswijzen vanuit het oogpunt van ruimtelijke ordening aanpassing behoeft, dan is van uw raad een nieuwe verklaring van geen bedenkingen nodig voor het aangepaste plan. Vervolgens moet dit aangepaste plan (de ontwerp-omgevingsvergunning) opnieuw gedurende 6 weken ter inzage worden gelegd. Dit leidt tot vertraging in de besluitvorming en mogelijk tot vertraging of het niet verkrijgen van de subsidie.
Planologische procedure Initiatiefnemers hebben een omgevingsdialoog gevoerd met de omgeving. De reacties waren overwegend positief. Een beknopt verslag van de omgevingsdialoog is in bijgevoegde ruimtelijke onderbouwing opgenomen. Daarnaast is uw raad per brief d.d. 20 oktober 2020 eerder op de hoogte gesteld over de beoogde ontwikkeling. In deze brief is ook een korte samenvatting over de omgevingsdialoog opgenomen. Niet valt uit te sluiten dat er gedurende de procedure reacties komen. Dit kan tot vertraging in de besluitvorming leiden en mogelijk tot vertraging of het niet verkrijgen van de subsidie. Toelichting Financieel De initiatiefnemers zijn leges verschuldigd in geval van planologische medewerking. Deze bedragen circa € 68.500,- (€ 8.137,30 procedure buitenplanse afwijking en circa € 60.400,- voor de activiteit bouwen). Het daadwerkelijke bedrag hangt af van de uiteindelijke bouwkosten. Daarnaast dienen de initiatiefnemers tevens een financiële bijdrage van minimaal € 40.000,- voor kwaliteitsverbetering van het landschap in het gemeentelijk groenfonds te storten. Verder komen alle kosten voor de realisatie van de vierde windturbine voor rekening van de initiatiefnemers.
Juridisch Er wordt met initiatiefnemers een privaatrechtelijke overeenkomst gesloten. In deze overeenkomst worden afspraken vastgelegd over onder andere de exploitatiebijdrage, eventuele planschade, kwaliteitsverbetering van het landschap en afbraak van de turbine op het moment dat die niet meer in gebruik is.
Personeel Met de werkzaamheden is rekening gehouden in de werkplanning 2021 van de afdeling Leefomgeving.
Duurzaamheid People Zoals beschreven onder 2.2 is de vierde windturbine volledig in lokaal eigendom. Daarnaast wordt omwonenden een obligatie participatie aangeboden tot een maximum bedrag van circa 500.000 euro.
Planet De aanvraag betreft het toevoegen van een windturbine voor de levering van duurzame energie. Om te voldoen aan de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant wordt daarnaast door initiatiefnemers een bijdrage van € 10.000,-/MW in het gemeentelijk groenfonds gestort. Dit bedrag wordt in de kwaliteitsverbetering van het landschap geïnvesteerd.
Profit De realisatie van de windturbine levert (regionale) werkgelegenheid op. Daarnaast profiteren omwonenden mee in de winst door middel van obligaties. Planning januari 2021: indienen aanvraag omgevingsvergunning (initiatiefnemers); februari 2021: opstellen ontwerp-beschikking (gemeente); maart/april 2021: besluit gemeenteraad over wel/niet toepassen coördinatieregeling & ontwerpverklaring van geen bedenkingen (gemeente); april/mei 2021: publicatie en ter inzage legging ontwerp-beschikking en ontwerp-verklaring van geen bedenkingen voor een periode van 6 weken (gemeente); april/mei 2021: informatiebijeenkomst (initiatiefnemers); mei/juni 2021: beantwoorden zienswijzen en opstellen definitieve beschikking (gemeente); september 2021: besluit gemeenteraad definitieve verklaring van geen bedenkingen indien nodig (gemeente); september 2021: aanvraag SDE++ subsidie (initiatiefnemers); oktober 2021: publicatie en ter inzage legging definitieve beschikking voor een periode van 6 weken (gemeente). Communicatie en participatie De omwonenden van de vierde windturbine zijn dezelfde omwonenden die betrokken waren bij de herstructurering van windpark Groene Dijk. Bij windpark Groene Dijk zijn de mensen in een vroeg stadium bij de plannen betrokken en is er in overleg hindermitigatie en een financiële vergoeding in het kader van derving woongenot toegepast.
De initiatiefnemers van de vierde windturbine hebben
ondertussen dezelfde groep mensen opnieuw benaderd met de plannen voor de vierde windturbine . Aansluitend is er ook hetzelfde pakket, de combinatie van hindermitigatie en een financiële vergoeding in het kader van derving woongenot toegepast. De omgevingsdialoog met de omwonenden en de andere stakeholders zijn goed gerapporteerd in de ruimtelijke onderbouwing en in oktober 2020 per brief door initiatiefnemers met uw raad gedeeld. Tijdens de ter inzage ligging van de ontwerp-beschikking organiseren de initiatiefnemers een informatiebijeenkomst. Van de informatiebijeenkomst dienen initiatiefnemers een verslag te maken. Over dit voorstel is overleg gepleegd met de initiatiefnemers, het waterschap en verantwoordelijk ambtenaren bij de provincie Noord-Brabant. De provincie en het waterschap hebben beiden aangegeven geen bezwaren te hebben tegen het initiatief. Van gemeentewege zijn hierbij de volgende personen betrokken geweest: Jac Beekers (duurzaamheid), Kees Vissers (natuur en milieu), Peter Perdaems (VTH Wabo), Ludo van Beckhoven en Jaap Streppel (ruimtelijke ordening en procesbegeleiding). Bijlagen • ontwerp-raadsbesluit •
ruimtelijke onderbouwing
•
concept omgevingsvergunning
Etten-Leur, 16 februari 2021 burgemeester en wethouders,
Dhr. drs. C. Smits gemeentesecretaris
Mw. dr. M.W.M. de Vries burgemeester