OMWB verslag rapporteurs dd 27 februari 2024
Tekst van het document
Verslag overleg rapporteurs Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB) d.d. dinsdag 27 februari 2024 Aanwezig:
Mariëtte Nooijens Fer van Bergen Ger de Weert Floor Dijkman Jack van Beers Wim Voeten
Afwezig (met kennisgeving) Daan van Ruitenbeek
rapporteur OMWB rapporteur OMWB wethouder vakambtenaar teamleider Bouwen, Duurzaamheid en Milieu griffier (verslag) rapporteur OMWB
We bespraken tijdens dit overleg de kadernota 2025 van de OMWB en de beoordeling daarvan. De kadernota 2025 is in D6 verband getoetst aan richtlijnen die de gemeenteraden in november 2023 vaststelden. In algemene zin merken we op dat er erg veel beleidsmatig in de kadernota staat, terwijl we een beleidsarme kadernota hebben gevraagd. Echter de kerntaak is Vergunningverlening Toezicht en Handhaving Klachten en Advies (VTHKA). Hierover zijn echter maar twee pagina’s opgenomen. We stellen vast dat er al genoeg discussie is over het oppakken van de VTHKA-taken. De rest van de taken die in de kaderbrief genoemd worden zijn allemaal nieuwe taken waarover geen besluitvorming door het Algemeen Bestuur heeft plaatsgevonden. Gevraagd wordt waarom een aantal van de genoemde taken die landelijk voor alle omgevingsdiensten spelen niet centraal worden opgepakt. Immers Omgevingsdienst Nederland is naar aanleiding van het rapport van de commissie Van Aartsen uitgebreid met een kenniscomponent. De rapporteurs willen graag zien wat de OMWB wil bereiken op VTH-taken. Mevrouw Dijkman geeft aan dat die verdieping gaat via het Interbestuurlijk Programma (IBP). Echter daar zien we ambtelijk niets van. De rapporteurs stellen vast dat de gevraagde bijdrage stijgt, terwijl er nog een taakstelling ligt.
De rapporteurs vragen zich af wanneer echt bij de OMWB doordringt wat we van deze organisatie verwachten. De heer Van Beers geeft aan dat we vanaf het begin positief kritisch zijn. Echter de grote gemeenten (Breda en Tilburg) en provincie hebben de grootste stem en stemmen in met de voorliggende voorstellen (NOOT: De stemverhouding is op basis van bijdrage aan de OMWB). Wethouder De Weert geeft aan dat de kaderbrief is vastgesteld door het dagelijks bestuur en niet door het algemeen bestuur. Hij heeft gevraagd waarom de kaderbrief niet ook in het AB wordt behandeld voordat deze aan de gemeenteraden wordt gestuurd. Het antwoord was dat het vaststellen van de kaderbrief een bevoegdheid van het dagelijks bestuur is. De rapporteurs vragen wat de stand van zaken is aangaande de uitvoering van het rapport ‘van goed naar beter’. Wethouder De Weert geeft aan dat dit programma nog op een nette manier moet worden geëvalueerd en worden teruggekoppeld via een bestuursrapportage aan de raden, staten en colleges. De rapporteurs onderschrijven de beoordeling die bij de stukken is gevoegd. Ze stellen vast dat er nog heel veel vragen zijn over de kaderbrief aangezien de kerntaak van de OMWB de VTH-taken en
klachtenafhandeling. Grotendeels is nog onduidelijk is wat dit betekent voor de begroting 2025, wat dit betekent voor het gestelde kader nieuw voor oud. Verder willen de rapporteurs in de begroting inzicht in de stand van zaken betreffende het up to date maken van het bestand van Milieubelastende Activiteiten (MBA). Wethouder De Weert geeft aan dat jaarlijks een werkprogramma wordt opgesteld met daarin de prioriteiten. Hierin leggen we de onderdelen vast waarop we risicogericht willen toetsen. Het werkplan wordt door het college vastgesteld en de uitvoering wordt ambtelijk gemonitord. Het werkplan 2023 is niet volledig uitgevoerd. Wat niet geleverd is, wordt ook niet betaald. De rapporteurs spreken hun zorgen uit over de extra kosten voor huisvesting van 2 miljoen euro. Deze kosten worden op 10 jaar afgeschreven. De rapporteurs storen zich aan de passage over het streefcijfer van 5% voor het ziekteverzuim. In het derde kwartaal van 2023 bedroeg het landelijk gemiddelde verzuimpercentage 4,8% (Bron: CBS). Wethouder De Weert heeft aan dat er wel een rapport is waarin het verzuim verklaard wordt. Er is ook een uitvoeringsplan met maatregelen om het verzuimpercentage te verlagen. Overigens geeft hij aan dat de provincie heeft aangekondigd een soort efficiencyonderzoek op te starten over de drie omgevingsdiensten in Noord-Brabant.
Als voorzitter van de audit commissie geeft hij verder aan dat een externe audit is gedaan naar bedrijfsvoering. Hieruit kwam naar voren dat de kwetsbaarheid verminderd moet worden en dat het opbouwen van nieuwe competities extra aandacht vraagt. Tevens geeft hij aan dat we nu de Omgevingswet is ingevoerd we weer leges voor de vergunningverlening mogen vragen. We schatten in tussen de € 100.000 en € 125000 aan leges te kunnen heffen. Een stukje van de kosten voor de OMWB komt dus via de leges terug. De rapporteurs vragen in hoeverre robotisering invloed heeft op de bedrijfsvoering? Wethouder De Weerst geeft aan dat robotisering inderdaad een aanzienlijk aantal processen simpeler moet maken. DE OMWB is bezig met automatisch gegenereerde brieven. Vanuit het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) is de ambitie uitgesproken om daaraan meer te gaan doen. Wethouder De Weert geeft aan dat we als Etten-Leur heel kritisch zijn op de OMWB. Voor ons is de OMWB puur een uitvoeringsorganisatie en geen beleidsorganisatie. In ons werkprogramma zijn ook alleen VTH-taken en taken op het gebied van milieuklachten opgenomen. Op die manier houden we de kosten in de hand. De rapporteurs vragen of we meebetalen aan de beleidsmatige onderwerpen? Wethouder De Weert geeft aan dat we daaraan indirect bijdragen, echter is het moeilijk om de exacte omvang daarvan eruit te filteren.
Afgesproken wordt dat de heer Van Bergen tijdens de raad debatteert van 4 maart 2024 de terugkoppeling verzorgt.