Omgevingsvergunning Reclamemast A58.pdf
Tekst van het document
Omgevingsvergunning
Burgemeester en wethouders hebben op 12 april 2021 een aanvraag voor een omgevingsvergunning ontvangen van Ocean Outdoor Nederland B.V., voor het project: het oprichten van een reclamemast met twee ledschermen gericht op de A58 op het perceel kadastraal bekend gemeente Etten-Leur, sectie N, nummer 447 en plaatselijk bekend Rijksweg A58. De aanvraag is geregistreerd onder nummer 2021OG0218-01.
Besluit Burgemeester en wethouders besluiten, gelet op de Woningwet, Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, het Besluit omgevingsrecht en de Regeling omgevingsrecht: 1. de omgevingsvergunning te verlenen voor de activiteit “Het (ver)bouwen van een bouwwerk (artikel 2.1 lid 1 onder a)” 2. de omgevingsvergunning te verlenen voor de activiteit “Het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan, een beheersverordening, een exploitatieplan, regels gesteld door Rijk of Provincie of een voorbereidingsbesluit (artikel 2.1 lid 1 onder c)” met inachtneming van de bij deze beschikking behorende opgenomen overwegingen en voorschriften. Bijgevoegde documenten De in de bijlage “Bijgevoegde documenten” genoemde documenten maken deel uit van de beschikking en zijn als gewaarmerkt stuk bijgevoegd. Inwerkingtreding De beschikking treedt in werking nadat de termijn voor het indienen van een beroepschrift is verstreken.
Etten-Leur, namens burgemeester en wethouders,
René Reijngoudt afdelingshoofd Leefomgeving
2021OG0218-01
BAG-documentnummer:
2
BAG Gebruiksoppervlakte Inhoud bouwwerk: Leges Bouwkosten
nvt. nvt.
€
250.000,00
Leges bouwactiviteit Leges afwijken bestemmingsplan Leges verklaring van geen bedenkingen
€ € €
5.669,85 8.348,85 418,35
Totaal te betalen leges
€
14.437,05
Beroepsclausule Belanghebbenden kunnen ingevolge de Algemene wet bestuursrecht beroep instellen. De termijn voor het indienen van een beroepschrift bedraagt zes weken. Deze termijn vangt aan met ingang van de dag na de dag waarop het besluit ter inzage is gelegd. Een beroepschrift dient te worden ingediend bij de Rechtbank Zeeland-West-Brabant, Team Bestuursrecht, Postbus 90.006, 4800 PA Breda. Bij het instellen van beroep wordt griffierecht geheven. Het beroepschrift moet zijn ondertekend en moet minstens bevatten: a. de naam en het adres van de indiener; b. de dagtekening; c. een aanduiding van het besluit waartegen het beroep zich richt; d. de gronden van het beroep (motivering). Voorts kan op grond van het bepaalde in artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht aan de voorzieningenrechter van de rechtbank te Breda (zie bovenstaand adres), worden verzocht een voorlopige voorziening te treffen, indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist. Meer informatie over deze clausule treft u aan in de brochure “Rechtsmiddelen (bezwaar en beroep) tegen beslissing overheid” op onze website.
2021OG0218-01
BAG-documentnummer:
3
Inhoudsopgave Het volgende onderdeel hoort bij en maakt deel uit van de beschikking met het registratienummer 2021OG0218-01, aan Ocean Outdoor Nederland B.V. Ter attentie van Dhr. R.S. Vink voor het project: reclamemast op het adres Rijksweg A58 te EttenLeur: pag. Procedureel ............................................................................................................................................. 4 Het (ver)bouwen van een bouwwerk (artikel 2.1 lid 1 onder a) ............................................................. 6 Het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan, een beheersverordening, een exploitatieplan, regels gesteld door Rijk of Provincie of een voorbereidingsbesluit (artikel 2.1 lid 1 onder c) ..................................................................................... 7
2021OG0218-01
BAG-documentnummer:
4
Procedureel Gegevens aanvrager Op 12-04-2021 hebben wij een aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) ontvangen. Het betreft een verzoek van: Ocean Outdoor Nederland B.V. Dhr. R.S. Vink Locatellikade 1 1076 AZ Amsterdam
Het project waarvoor vergunning wordt gevraagd is als volgt te omschrijven: het oprichten van een reclamemast met twee ledschermen gericht op de A58, ter hoogte van hecotometerpaal 81.8. Een uitgebreide projectomschrijving is opgenomen in de ruimtelijke onderbouwing die als bijlage hoort bij deze beschikking. Gelet op bovenstaande omschrijving wordt vergunning gevraagd voor de volgende in de Wabo omschreven omgevingsaspecten: 1. de omgevingsvergunning te verlenen voor de activiteit “Het (ver)bouwen van een bouwwerk (artikel 2.1 lid 1 onder a)” 2. de omgevingsvergunning te verlenen voor de activiteit “Het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan, een beheersverordening, een exploitatieplan, regels gesteld door Rijk of Provincie of een voorbereidingsbesluit (artikel 2.1 lid 1 onder c)” Bevoegd gezag Gelet op bovenstaande projectbeschrijving, alsmede op het bepaalde in hoofdstuk 3 van het Besluit omgevingsrecht (Bor) en de daarbij horende bijlage zijn wij het bevoegd gezag om de omgevingsvergunning te verlenen. Daarbij zijn wij er procedureel en inhoudelijk voor verantwoordelijk dat in ons besluit alle relevante aspecten aan de orde komen met betrekking tot de fysieke leefomgeving, zoals ruimte, milieu, natuur en aspecten met betrekking tot bouwen, monumenten en brandveiligheid.
Verder dienen wij ervoor zorg te dragen dat de aan de omgevingsvergunning verbonden voorschriften op elkaar zijn afgestemd. Ontvankelijkheid Artikel 2.8 van de Wabo biedt de grondslag voor een geharmoniseerde regeling van de indieningsvereisten. Dit betreft de gegevens en bescheiden die bij een aanvraag om een omgevingsvergunning moeten worden gesteld om tot een ontvankelijke aanvraag te komen. De regeling is uitgewerkt in paragraaf 4.2 van het Bor, met een nadere uitwerking in de Ministeriële regeling omgevingsrecht (Mor). Na ontvangst van de aanvraag hebben wij deze aan de hand van de Mor getoetst op ontvankelijkheid. Wij zijn van oordeel dat de aanvraag voldoende informatie bevat voor een goede beoordeling van de gevolgen van de activiteit op de fysieke leefomgeving. De aanvraag is dan ook ontvankelijk en in behandeling genomen. Ter inzage legging Tussen 23 december 2021 en 2 februari 2022 heeft een ontwerp van deze beschikking ter inzage gelegen en zijn belanghebbenden in de gelegenheid gesteld om zienswijzen naar voren te brengen. Van deze gelegenheid is wel gebruik gemaakt. Beantwoording op deze zienswijzen is als bijlage bij deze
2021OG0218-01
BAG-documentnummer:
5
omgevingsvergunning gevoegd. Verklaring van geen bedenkingen In artikel 6.5 Bor is geregeld dat -voor zover de aanvraag betrekking heeft op het gebruik van gronden waarbij met toepassing van artikel 2.12 lid 1 onder a, onder 3 Wabo wordt afgeweken van het bestemmingsplan- de raad het bevoegde bestuursorgaan is om over een verklaring van geen bedenkingen te beslissen. De raad is immers ook het bevoegde orgaan als het gaat om bestemmingsplannen. Door een verklaring van geen bedenkingen af te geven, verklaart de gemeenteraad geen bedenkingen te hebben tegen het afgeven van de omgevingsvergunning voor het afwijken van het bestemmingsplan. Zonder een verklaring van geen bedenkingen kan de voorbereidingsprocedure om te komen tot verlening van de omgevingsvergunning voor de activiteit afwijken van het bestemmingsplan dan ook niet worden gestart (artikel 2.27 Wabo). De gemeenteraad heeft op 23 juni 2020 de ontwerp-verklaring van geen bedenkingen afgegeven. Op XX-XX-2022 heeft de gemeenteraad de definitieve verklaring van geen bedenkingen afgegeven.
2021OG0218-01
BAG-documentnummer:
6
Het (ver)bouwen van een bouwwerk (artikel 2.1 lid 1 onder a) A. Overwegingen Bij het nemen van het besluit hebben wij voor deze activiteit overwogen dat: deze voldoet aan het gestelde in het Bouwbesluit; deze voldoet aan de voorschriften van de Bouwverordening van de gemeente Etten-Leur; deze niet in overeenstemming is met het ter plaatse geldende bestemmingsplan “Herziening 1 Bedrijventerrein Vosdonk”; voor de strijdigheid met het bestemmingsplan een omgevingsvergunning is verleend, zoals in dit besluit is opgenomen; deze in het kader van de beoordeling aan redelijke eisen van welstand om advies is voorgelegd aan de welstandscommissie; uit het advies van de welstandscommissie d.d. 13-05-2021 blijkt, dat het uiterlijk en de plaatsing van het bouwwerk zowel op zichzelf als in verband met de omgeving of de te verwachten ontwikkeling daarvan, voldoet aan de redelijke eisen van welstand; dit uitgebrachte advies van de welstandscommissie door ons wordt onderschreven; wij op basis van het bovenstaande van oordeel zijn dat de gevraagde vergunning voor wat betreft deze activiteit kan worden verleend;
B. Voorschriften De volgende voorschriften zijn aan deze activiteit verbonden: 1.
met het bouwen van een bouwwerk waarvoor omgevingsvergunning is verleend mag niet worden begonnen alvorens door of namens burgemeester en wethouders: a. b.
het straatpeil is aangegeven; de rooilijnen en/of bebouwingsgrenzen op het bouwterrein zijn uitgezet;
2.
met betrekking tot de reeds bij ons ingediende constructieve gegevens geldt dat met (onderdelen van) de bouwconstructie mag worden begonnen nadat de betreffende gegevens zijn goedgekeurd.
3.
later te verstrekken constructieve gegevens en bescheiden moeten uiterlijk 3 weken voor de uitvoering van de betreffende constructies worden ingediend. Voor een opsomming van de gegevens wordt verwezen naar bijgaande bijlage ‘Later te verstrekken constructieve gegevens en bescheiden’.
4.
de vergunninghouder dient de verantwoordelijkheid voor de constructieve samenhang gedurende de nadere uitwerking en uitvoering expliciet te regelen.
2021OG0218-01
BAG-documentnummer:
7
Het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan, een beheersverordening, een exploitatieplan, regels gesteld door Rijk of Provincie of een voorbereidingsbesluit (artikel 2.1 lid 1 onder c) A. Overwegingen Bij het nemen van het besluit hebben wij voor deze activiteit overwogen dat: ter plaatse het bestemmingsplan “Herziening 1 Bedrijventerrein Vosdonk” van kracht is; aan het perceel Rijksweg A58 te Etten-Leur de bestemming “Verkeer” is toegekend waarop de aanvraag betrekking heeft; ingevolge de bij het bestemmingsplan behorende regels uitsluitend gebouwd mag worden ten dienste van wegen, straten, paden, fiestpaden, parkeervoorzieningen, geluidwerende voorzieningen, groenvoorzieningen, water en waterhuishoudkundige voorzieningen, nutsvoorzieningen, bruggen, taluds, oevers, straatmeubliair en kunstobjecten; de aanvraag om omgevingsvergunning voorziet in het oprichten van een reclamemast welke niet ten dienste staat van de voor de bestemming “Verkeer” bedoelde doeleinden; de aanvraag derhalve niet voldoet aan genoemd bestemmingsplan; in geval de activiteit “(ver)bouwen” strijdig is met het bestemingsplan, de aanvraag ingevolge artikel 2.10 lid 2 Wabo, mede aangemerkt moet worden als een aanvraag om een vergunning voor een activiteit als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 onder c Wabo; de omgevingsvergunning ingevolge artikel 2.12 lid 1 aanhef en onder a sub 3°
Wabo slechts kan worden verleend indien de activiteit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening en de motivering van het besluit een goede ruimtelijke onderbouwing bevat; ingevolge artikel 2.27 Wabo jo artikel 6.5 lid 1 Bor een verklaring van geen bedenkingen van de gemeenteraad vereist is voor deze activiteit; de gemeenteraad op 23 juni 2020 besloten heeft een ontwerp-verklaring van geen bedenkingen af te geven; de ontwerp-verklaring van geen bedenkingen ter inzage heeft gelegen, gelijktijdig met de ontwerpbeschikking omgevingsvergunning; genoemde ruimtelijke onderbouwing “Reclamemast, A58 Etten-Leur” d.d. 18-03-2022, met bijbehorende bijlagen een beschrijving bevat van het project, alsmede de ruimtelijke onderbouwing zelf en de afwegingen die aan het verlenen van de omgevingsvergunning ten grondslag liggen; de ruimtelijke onderbouwing “Reclamemast, A58 Etten-Leur”, met bijbehorende bijlagen van dit besluit onderdeel uitmaakt en als zodanig is gewaarmerkt; gelet op hetgeen in de ruimtelijke onderbouwing is beschreven, en gelet op het feit dat: • • • •
voor het oprichten van de reclamemast geen nadere beoordling in een m.e.r.-beoordeling of plan-m.e.r. noodzakelijk is; de reclamemast een, niet-geluidgevoelig object betreft en geen geluid veroorzaakt; de reclamemast voldoet aan de Richtlijn lichtinder van het NSVV van 2020, zoals omschreven in de ruimtelijk onderbouwing; de reclamemast niet aangemerkt wordt als (beperkt) kwetsbaar object en derhalve het aspect externe veiligheid belemmering vormt voor het oprichten daarvan;
2021OG0218-01
BAG-documentnummer:
8
•
de reclamemast geen belemmering vormt voor de verkeersveiligheid, zoals is omschreven in de ruimtelijke onderbouwing, paragraaf 3.2.1 en bijlage 2 bij de ruimtelijke onderbouwing; • de reclamemast een bestaande reclamemast vervangt; • de reclamemast niet in strijd is met enig rijksbeleid, zoals omschreven in de ruimtelijke onderbouwing; • de reclamemast geen nagatieve invloed heeft op provinciaal beleid, zoals omschreven in de ruimtelijke onderbouwing; • de reclamemast voldoet aan gemeentelijk beleid, zoals omschreven in de ruimtelijke onderbouwing; • door de reclamemast geen groen verloren gaat; het project voor het bouwen van een reclamemast aanvaardbaar moet worden geacht en medewerking aan het project voor de hand ligt; er maatwerkvoorschriften (voorwaarden) in dit besluit zijn opgenomen over de beeldwisselfrequentie; wij op basis van het bovenstaande van oordeel zijn dat de gevraagde vergunning voor wat betreft deze activiteit kan worden verleend;
B. Voorschriften De volgende voorschriften zijn aan deze activiteit verbonden: 1.
De beeldwisselfrequentie voor beide zijden van de reclamemast dient ten minste 10 seconden per beeld te bedragen.
2.
Vanuit Wet natuurbescherming geldt een zorgplicht om werkzaamheden buiten het broedseizoen te laten plaatsvinden.
2021OG0218-01
BAG-documentnummer:
Bijgevoegde documenten De volgende documenten worden meegezonden met de beschikking en zijn als gewaarmerkt stuk bijgevoegd: -
Aanvraagformulier omgevingsvergunning, d.d. 12-04-2021, Olo-nummer: 5946581;
-
Ruimtelijke onderbouwing Reclamemast A58 Etten-Leur nr. 200577, d.d. 18-03-2022;
-
Bestektekening situatie, d.d. 04-03-2021;
-
Bestektekening ontwerp, d.d. 16-03-2021;
-
Bestektekening Impessies;
-
Rapport constructie op hoofdlijnen, nummer 10704, d.d. 04-01-2021;
-
Beantwoording zienswijzen Reclamemast A58.
Bijlage bij 2021OG0218-01
BAG-documentnummer:
Bijlage : Later te verstrekken constructieve gegevens en bescheiden
B1 Later te verstrekken constructieve gegevens en bescheiden m.b.t. het bouwveiligheidsplan • •
gegevens en bescheiden over de toe te passen bouwmethodiek en de toe te passen materialen, materieel, hulp- en beveiligingsmiddelen bij de bouwwerkzaamheden; indien een bouwput moet worden gemaakt voor een ondergronds gelegen bouwdeel: o de hoofdopzet van de verticale bouwputafscheiding en de bouwputbodem; o de uitgangspunten voor een bemalingsplan; o de uitgangspunten voor een monitoringsplan ter voorkoming van schade aan naburige bouwwerken.
B2 Later te verstrekken constructieve gegevens en bescheiden •
gegevens en bescheiden met betrekking tot belastingen en belastingcombinaties (sterkte en stabiliteit) en de uiterste grenstoestand van alle (te wijzigen) constructieve delen van het bouwwerk alsmede het bouwwerk als geheel, voor zover het niet de hoofdlijn van de constructie dan wel het constructieprincipe betreft.
Uit de in te dienen stukken dient de constructieve samenhang binnen gelijksoortige en tussen verschillende soorten constructies te blijken.
B3 Uitwerking indieningsvereisten EEM-berekeningen1 Steeds vaker worden bij de gemeentelijke Bouwtoezichten, als gevolg op het gebruik van de huidige geavanceerde computerprogramma’s, berekeningen ter beoordeling ingediend van ruimtelijke bouwconstructies die driedimensionaal (3D) zijn berekend. De basis van deze berekeningen vindt zijn oorsprong in de Eindige-ElementenMethode (EEM). Het beoordelen van de (complexe) 3D berekeningen door bouwtoezicht is een bijna onmogelijke opgave vanwege de dikke ondoorgrondelijke berekeningspakketten met eindeloze tabellen en figuren. Om meer inzicht te kunnen verkrijgen in de ingediende EEM-berekeningen heeft het Centraal Overleg Bouwconstructies (COBc) de “Uitwerking Indieningsvereisten EEM-berekeningen” (www.COBc.nl) opgesteld. In aanvulling op de Mor staat hierin omschreven welke gegevens minimaal moeten worden aangeleverd om EEM-berekeningen op een adequate en efficiënte wijze te kunnen beoordelen.
B4 Uitwerking indieningsvereisten bouwputten (bouwveiligheidsplan) Artikel 2.2 onderdeel 6 van de Mor vermeldt dat in het bouwveiligheidsplan de hoofdopzet van de verticale bouwputafscheiding moet worden beschreven. Ook moeten de uitgangspunten voor een bemalingsplan worden beschreven, indien een bouwput moet worden gemaakt voor een ondergronds gelegen bouwdeel. De term “hoofdopzet” wordt in de Mor niet nader gedefinieerd. Ter voorkoming van discussies moet de “hoofdopzet” minimaal de volgende gegevens bevatten: •
grondmechanisch advies, inclusief sonderingen ter plaatse van de te maken bouwput (aanbevolen wordt om ook gegevens van grondboringen mee te leveren);
Bron: Compendium Aanpak Constructieve Veiligheid (editie 2011), een initiatief van de VROM-Inspectie en de Betonvereniging
2021OG0218-01
BAG-documentnummer:
• • • • • • • • •
gegevens (berekening en tekening) van de te maken bouwputafscheiding, indien van toepassing inclusief gegevens van het stempelraam en de verankering; invloed van het trekken van de damwand op de gerealiseerde funderingspalen binnen en buiten de bouwput; indien van toepassing: de wijze waarop de funderingspalen binnen de bouwput worden gerealiseerd; invloed van de grondwaterstand in de omgeving; indien van toepassing: inventarisatie van de funderingen en van de bouwwerken in de nabije omgeving; trillingsinvloed op de nabije omgeving; inschatting van de te verwachten waterremming van de waterafsluitende laag; inschatting van lekkage van de bouwputafscheiding; plaatsing van peilbuizen in de nabije omgeving van de bouwputafscheiding.
Aanbevolen wordt de gegevens van de bouwputafscheiding en van de bemaling voor te bespreken met het bevoegd gezag.2 Verder wordt aandacht gevraagd voor: • • • •
onderzoek naar bodem- en waterverontreiniging; wateronttrekkingsvergunning of melding; grondwater beschermingsverordening in waterwingebieden; raadpleging Waterschappen.
Bron: Compendium Aanpak Constructieve Veiligheid (editie 2011), een initiatief van de VROM-Inspectie en de Betonvereniging
2021OG0218-01
BAG-documentnummer: