GR ICT WBW Kadernota 2027 ICT WBW
Tekst van het document
Voorstel Aan Van Onderwerp Datum
Bestuur ICT WBW J. Posthuma Kadernota 2027 22-01-2026
Beslispunt De kadernota 2027 vaststellen Inleiding In deze kadernota vindt u de financiële uitgangspunten voor de begroting 2027-2030. Deze zijn gebaseerd op de door enkele deelnemers aangereikte richtlijnen. In deze nota zal worden aangegeven welke richtlijnen door de deelnemers zijn ingediend, hoe daarmee om wordt gegaan en welke uitgangspunten ICT WBW zal hanteren bij het opstellen van de begroting 2027-2030. Voorgelegde richtlijnen De door de deelnemers aangeboden richtlijnen betreffen uitsluitend financiële richtlijnen. Wel hebben de deelnemers gezamenlijk een gemeenschappelijk informatiebeleid vastgesteld. Dit beleid vormt een inhoudelijk kader voor de verdere ontwikkeling van de informatievoorziening binnen de deelnemende gemeenten. ICT WBW zal dit gemeenschappelijk informatiebeleid betrekken als richtinggevend kader bij het opstellen van de begroting 2027-2030, voor zover dit consequenties heeft voor de uitvoering, prioritering en financiële vertaling van de ICT-dienstverlening. De ontvangen financiële richtlijnen luiden als volgt: 1. We verwachten van het bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling dat zij uiterlijk 15 april 2026, maar bij voorkeur vóór 1 april 2026, een structureel sluitende meerjarenbegroting voor komende vier jaar aanbiedt aan de deelnemers.
De gemeenschappelijke regeling vermeldt duidelijk de inhoudelijke en financiële uitgangspunten die gebruikt zijn voor de begroting voor het komende jaar. In de begroting neemt de gemeenschappelijke regeling ook een overzicht op met de bijdragen voor de komende vier jaar per deelnemer. 2. De begroting wordt opgesteld op basis van ongewijzigd beleid. Er worden dus geen nieuwe taken of uitbreiding van bestaande taken opgenomen, behalve als dit eerder door het Algemeen Bestuur is besloten. 3. De begroting bevat een overzicht met het verloop van aanwezige reserves. In dit overzicht is te zien wanneer de reserve wordt ingezet en voor welk bedrag per jaar. Hierin wordt ook het doel van de reserve omschreven. Wanneer een reserve 2 jaar of langer niet wordt ingezet, dan legt de gemeenschappelijke regeling de instandhouding of vrijval van deze reserve in de besluitvorming bij de ontwerpbegroting voor. Het uitgangspunt is dat deze reserve op dat moment vrijvalt. Wordt er niet besloten tot vrijval dan geeft de gemeenschappelijke regeling in de ontwerpbegroting de planning en het doel van de uitgaven voor deze reserve opnieuw aan. Via de ontwerpbegroting worden de gemeenteraden in de gelegenheid gesteld hierop een zienswijze in te dienen. 4.
De bijdrage van de deelnemende gemeenten in de begroting voor het komende jaar stijgt maximaal met de geldende CAO-indexering, overige CAO afspraken en de prijsontwikkeling uit de meest recente circulaire. Voor het opstellen van zowel de kaderbrief als de begroting gebruikt de gemeenschappelijke regeling de dan meest recente Rijkscirculaire voor zowel de loon- als de prijsindex. 5. Voor het opvangen van afwijkingen tussen de indexeringen die in de begroting zijn opgenomen en de werkelijke CAO-indexering, overige CAO-afspraken en de werkelijke prijsontwikkeling houdt de verbonden partij een beperkte algemene reserve aan om de bedrijfsvoering in het lopende
boekjaar te kunnen continueren zonder dat hiervoor een beroep moet worden gedaan op de deelnemers en een zienswijzenprocedure moet worden gevolgd. 6. Uiteraard wijzigt de deelnemersbijdrage ook wanneer er wijzigingen zijn in de kwantiteit van de dienstverlening die de deelnemers afnemen. 7. Een positief jaarrekeningresultaat wordt uitgekeerd aan de deelnemers. De gemeenschappelijke regeling kan hier alleen van afwijken door een duidelijk en gemotiveerd voorstel voor resultaatbestemming voor te leggen aan het Algemeen Bestuur. Over een dergelijk voorstel besluit het Algemeen Bestuur. 8. In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing beschrijft de gemeenschappelijke regeling de risico’s met de meeste impact en de getroffen beheersingsmaatregelen. Ook geeft de gemeenschappelijke regeling inzicht in de benodigde weerstandscapaciteit. De met de deelnemers afgestemde richtlijnen begrotingen en richtlijnen 2027 zijn onderstaand opgenomen. Aanvullende financiële richtlijnen 1. De begroting dient een onderbouwing te bevatten hoe de gedane investeringen in de transitie worden terugverdiend terwijl tegelijkertijd bedrijfscontinuïteit en beveiliging minimaal gewaarborgd blijven. Beleidsmatige richtlijnen 1.
De begroting 2027 dient een duidelijke onderbouwing te bevatten van de manier waarop ICT WBW de vastgestelde ambities, waaronder de regie organisatie, heeft gerealiseerd en de samenwerking met de deelnemers geïntegreerd in haar dienstverlening 2. In de begroting 2027 wordt gerapporteerd over de maatregelen ten aanzien van cybersecurity teneinde de bedrijfscontinuïteit en beveiliging te waarborgen. Hiervoor periodiek NIS2-Quickscan te hanteren en de resultaten ervan jaarlijks te rapporteren aan de deelnemers van de ICT Samenwerking ICT West Brabant West alsmede aan de gelieerde gemeenteraden, zodat zij hun controlerende rol beter te kunnen uitvoeren. Aantoonbare implementatie van zogeheten Cyberbeveiligingswet en cybermaatregelen wordt gezien de wereldwijde ontwikkelingen een steeds belangrijkere noodzaak. Uitgangspunten Kadernota 2027 ICT WBW Op 1 richtlijn na worden de ingediende richtlijnen door ICT WBW overgenomen. Richtlijn 5 wordt niet overgenomen omdat ICT WBW niet beschikt over een algemene reserve. Een eventueel positief jaarrekeningresultaat wordt volledig uitgekeerd aan de deelnemers. Hierdoor ontstaat geen mogelijkheid tot het opbouwen van een algemene reserve. Daardoor kunnen eventuele afwijkingen tussen de indexeringen die in de begroting zijn opgenomen en de werkelijke CAOindexering, daar niet uit gedekt worden.
Om beperkte tegenvallers binnen het lopende boekjaar op te vangen, wordt in de begroting een post onvoorzien opgenomen ter grootte van 1% van het begrotingstotaal. Indien er zich gedurende het jaar desondanks significante kostenstijgingen voordoen die niet binnen de begroting kunnen worden opgevangen, wordt dit via een tussentijdse begrotingswijziging ter besluitvorming aan het bestuur voorgelegd. De financiële richtlijnen voor de begroting 2027-2030 van ICT WBW zijn daarmee als volgt: 1. De meerjarenbegroting 2027-2030 is structureel sluitend waarbij de gehanteerde uitgangspunten worden vermeld en een overzicht wordt opgenomen met de bijdragen 2027 t/m 2030 per deelnemer.
2 van 5
2. De begroting wordt opgesteld op basis van ongewijzigd beleid. Er worden dus geen nieuwe taken of uitbreiding van bestaande taken in de primitieve begroting opgenomen, behalve als dit eerder door het Algemeen Bestuur is besloten. 3. De begroting bevat een overzicht met het verloop van aanwezige reserves. In dit overzicht is te zien wanneer de reserve wordt ingezet en voor welk bedrag per jaar. Hierin wordt ook het doel van de reserve omschreven. 4. De bijdrage van de deelnemende gemeenten in de begroting 2027 stijgt maximaal met de geldende CAO indexering en de prijsontwikkeling uit de septembercirculaire 2025 (of een actuelere circulaire). Ook wijzigt de bijdrage wanneer er wijzigingen zijn in de kwantiteit van de dienstverlening die de deelnemers afnemen. Concreet betekent dit dat in de begroting 2027-2030 onderstaande loon- en prijsindexeringen worden toegepast: a) Loonkosten - Voor berekening van de loonkosten wordt uitgaan van de werkelijke periodieken. - Indien ten tijde van het opstellen van de begroting 2027 nog geen nieuwe CAO van toepassing is voor de periode vanaf 1-1-2027, wordt uitgegaan van het in de laatste gemeentefondscirculaire opgenomen percentage van de prijs overheidsconsumptie, beloning werknemers. In de septembercirculaire 2025 is dit percentage bepaald op 5,7%.
b) Overige kosten De overige kostensoorten volgen het prijsindexcijfer van de algemene prijsontwikkeling BBP uit de laatste gemeentefondscirculaire. In de septembercirculaire 2025 is dit cijfer bepaald op 2,5%. 5. Een (eventueel) positief jaarrekeningresultaat wordt uitgekeerd aan de deelnemers. 6. In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing worden de risico’s met de meeste impact en de getroffen beheersingsmaatregelen beschreven.
Beleidsmatige ontwikkelingen In lijn met de Nationale Digitaliseringsstrategie en het gemeenschappelijk Informatiebeleid werken de gemeenten gezamenlijk aan verdere professionalisering van digitalisering. In 2027 ligt de nadruk op het versterken van regie, samenhang en weerbaarheid, waarbij ICT WBW deze uitgangspunten vertaalt naar keuzes in beheer, aanbestedingen en leverancierssturing. 1. Digitale overheid en dienstverlening (spoor 1: Persoonlijk en toegankelijk) Digitalisering ondersteunt het dagelijks functioneren van de gemeentelijke organisatie en de dienstverlening aan inwoners. In 2027 wordt bij vervanging of wijziging van systemen nadrukkelijk gestuurd op samenhang, standaardisatie en beheersbaarheid. Hierdoor sluiten oplossingen beter op elkaar aan en wordt het beheer eenvoudiger en voorspelbaarder. ICT WBW bewaakt deze samenhang en bereidt keuzes voor, zodat gevolgen voor beheer, ondersteuning en kosten vooraf inzichtelijk zijn. Digitale oplossingen worden daarmee minder versnipperd en beter afgestemd op de totale werkomgeving. 2. Digitale weerbaarheid en cyberveiligheid (spoor 4: Verantwoord omgaan met informatie) Betrouwbare digitale voorzieningen zijn een randvoorwaarde voor continuïteit van dienstverlening. In 2027 worden beveiliging, continuïteit en herstelvermogen standaard meegenomen bij aanbestedingen, contractverlengingen en systeemwijzigingen. 3 van 5
ICT WBW verwerkt deze aspecten in leveranciersafspraken en technische inrichting. Beveiliging wordt daarmee onderdeel van reguliere besluitvorming en niet langer een los thema achteraf. Dit draagt bij aan voorspelbaarheid en beheersing van risico’s. 3. Data en informatie (spoor 2: Datagedreven werken) Data en informatie vormen een steeds belangrijkere basis voor beleid, uitvoering en verantwoording. In 2027 wordt bij nieuwe of gewijzigde systemen explicieter gekeken naar datakwaliteit, informatiebeheer en privacy. ICT WBW ondersteunt dit door randvoorwaarden te stellen aan veilige opslag, verwerking en ontsluiting van informatie. Hierdoor ontstaat meer duidelijkheid over eigenaarschap, verantwoordelijkheden en hergebruik van gegevens binnen de organisatie. 4. Digitale vaardigheden en organisatie (spoor 3: Slim organiseren) Digitalisering vraagt om een organisatie die kan meebewegen met veranderingen. In 2027 ligt de nadruk op het beter ondersteunen van medewerkers bij het gebruik van de digitale werkomgeving en bij veranderingen in werkwijzen. ICT WBW draagt hieraan bij door de digitale werkomgeving verder te ontwikkelen en ondersteuning beschikbaar te stellen. Veranderingen worden daarmee beter begeleid en minder afhankelijk van individuele kennis of tijdelijke oplossingen. 5.
Digitalisering en autonomie (Spoor 5: Innovatie, nieuwe technologie en wendbaarheid) Landelijk beleid vraagt om bewuste omgang met digitale afhankelijkheden. In 2027 wordt bij grote ICT-keuzes expliciet inzichtelijk gemaakt welke afhankelijkheden ontstaan en hoe deze worden beheerst. ICT WBW vervult hierin een regierol door aandacht te besteden aan overstapmogelijkheden, dataeigenaarschap en leveranciersafspraken. Het doel is niet volledige zelfstandigheid, maar grip houden op cruciale onderdelen van de digitale infrastructuur en dienstverlening. Financiële kaders digitalisering De inzet op digitalisering in 2027 leidt niet tot een afzonderlijk programma of een apart budget. Financiële effecten worden betrokken bij reguliere besluitvorming over beheer, aanbestedingen, contractverlengingen en vervangingsinvesteringen die via ICT WBW worden voorbereid en uitgevoerd. Door digitale keuzes meer in samenhang te beoordelen, kan op onderdelen sprake zijn van tijdelijke meerkosten, bijvoorbeeld door hogere eisen aan beveiliging, continuïteit of leveranciersafspraken. Deze kosten worden per besluit afgewogen en afgezet tegen de risico’s van verstoringen, herstelmaatregelen en ongewenste afhankelijkheden. Door gezamenlijke keuzes via ICT WBW te maken, blijven schaalvoordelen behouden en wordt versnippering voorkomen.
Eventuele structurele financiële effecten worden, indien aan de orde, uitgewerkt en ter besluitvorming voorgelegd bij de begroting 2027 of latere begrotingsmomenten.
Aldus vastgesteld door het bestuur van de ICT-samenwerking West-Brabant West op .. januari 2026, De voorzitter,
De manager,
4 van 5
mevr. E. van der Star
dhr. J. Posthuma
5 van 5