Bijlage bij Brief College Heemkundekring Jan uten Houte
Tekst van het document
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee
Geschiedenis en nalatenschap van een actieve, innovatieve suikerfabrikant, familieman en weldoener
De redding van de oude toren van Etten Arie de Bruin
Deel 4
Een senior aan het werk
1910-1928
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Samenstelling:
Arie de Bruin
© 2023 Arie de Bruin Copyright illustraties:
Arie de Bruin, tenzij anders aangegeven. Zie de bijschriften. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een computerbestand of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door kopiëren, fotograferen, beschikbaarstelling via internet of enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Illustratie voorblad: De toren die in 1912 gerestaureerd werd. (foto: 27 augustus 2018)
Met speciale dank aan:
West-Brabants Archief Disclaimer Bij het opstellen van de teksten, het aangeven van de bronnen, de samenstelling en de vormgeving van deze publicatie is de uiterste zorgvuldigheid toegepast. Wij hebben onze uiterste best gedaan van het materiaal in deze uitgave de makers en rechthebbenden te achterhalen. Indien u meent dat door publicatie niet of niet voldoende recht wordt gedaan aan uw rechten, zoals portretrechten en/of auteursrechten, verzoeken wij u contact op te nemen met de samensteller, Arie de Bruin. Indien u om een andere reden meent dat iets niet is zoals het behoort te zijn, bijvoorbeeld een bronverantwoording, dan wordt melding hiervan zeer gewaardeerd.
Toelichting op de serietitel: De aanwezigheid van een serietitel, “S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee”, duidt erop, dat deze publicatie een onderdeel is van een groter geheel. Het betreft een verzameling feiten, gebeurtenissen, overleveringen, beschrijvingen en illustraties die te maken hebben met S.C.J. Heerma van Voss (1841-1934), alsmede met de luchtvaart in en bij Etten-Leur. Een combinatie van luchtvaart en geschiedenis. Hierbij kan de luchtvaart de boventoon voeren, maar ook de geschiedenis. Wat van toepassing is op dit onderdeel, mag de lezer zelf vaststellen. 84.2.
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Inhoud --- Voorwoord 1 --- Het verhaal Torenperikelen Bouw van de toren Meer betrokkenheid bij Etten
4 5 5 7 7
2 --- De documenten De familie Peaux leeft mee De Gemeenteraad spreekt over de toren Correspondentie met de burgemeester Raadsbesluit van 11 augustus 1911 Vergaderingen van B en W op 23 augustus en 20 september 1911 Mededeling in de gemeenteraad 20 november 1911 Behandeling in vergaderingen van B en W in 1912 Na voltooiing van het werk Een gedenksteen in de toren De oorkonde: een grote vraag Onderhouden in de staat waarin hij in 1912 is gebracht
9 12 16 18 20 30 32 34 36 37 39 41
3 --- Hoe verliep het met de werkelijke kosten? Tegenvaller: schenkingsrecht Aanbesteding
4 --- Vervolgrestauratie in 1916 5 --- Komt een raadsbesluit in gevaar? Wordt de kerk verkocht? --- Verantwoording
42 42 44
45 48 50
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
--- Voorwoord Het is te danken aan S.C.J. Heerma van Voss, dat in 1912 de toren van de Nederlands Hervormde Kerk in Etten gerestaureerd kon worden en er vervolgens, tot op heden, nog steeds staat. Deze toren was in eigendom van de burgerlijke gemeente Etten-Leur. De kerk is al diverse jaren geleden “omgedoopt” tot de Van Gogh Kerk Etten-Leur. De vader van de wereldberoemde Vincent van Gogh was van 1875 tot 1882 de predikant in deze kerk. Zie “Heerma van Voss en Van Gogh” (in deel 2). Ds. T. van Gogh werd opgevolgd door ds. J. Mijs, een zwager van Heerma van Voss. Toen begin 1911 duidelijk werd dat de gemeente Etten en Leur geen geld had of wilde uitgeven om de toren te restaureren en hem maar wilde afbreken, kwam Heerma van Voss in actie. Na overleg met de burgemeester en het nodige heen-en-weer-geschrijf werd het duidelijk dat de gemeente f 750,- kon of wilde betalen. Echter, er was in totaal wel f 3.000,- nodig. Heerma van Voss zegde toe het resterende bedrag te betalen.
Uiteraard stelde hij enige voorwaarden, waaronder de verplichting voor de gemeente om voor de toren blijvend een verzekering tegen brandschade af te sluiten en “hem steeds te blijven onderhouden in den staat waarin hij na de herstelling in zijn oorspronkelijke vorm zal zijn gebracht.” Of de verzekering er ooit gekomen is en/of nog is, weet de schrijver niet, maar qua onderhoud gaat het tot op de dag van vandaag (zeer waarschijnlijk) goed. Veel lees- en kijkplezier toegewenst. Arie de Bruin
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
1 --- Het verhaal In februari 1911 verscheen in het “Dagblad van Noord-Brabant” het alarmerend bericht, dat de spits van deze toren zou worden afgebroken en vervangen door een afdak. De gemeente wilde namelijk het bedrag dat nodig was voor het herstel van de spits en het bovenmuurwerk niet beschikbaar stellen. Heerma van Voss en de gemeente kwamen tenslotte tot een akkoord: hij schonk, samen met enkele anderen een bedrag van f 2.250,- en de gemeente paste f 750,- bij, het bedrag dat was uitgetrokken voor het maken van een afdak.1
(“De Tijd” 13 juni 1911)
Te fors, vond de eigenaar, het gemeentebestuur, dat besloot om de spits te laten slopen en de toren aan de bovenzijde af te dekken met een houten afdak. Aan deze plannen werd in het “Dagblad van Noord-Brabant” een artikeltje gewijd. De Leurse suikerfabrikant S.C.J. Heerma van Voss ondernam onmiddellijk actie na het lezen van dat bericht. Hij vroeg aan de burgemeester bevestiging van de inhoud van het krantenartikel – die hij kreeg – en informeerde bij een deskundige op het gebied van monumentenzorg of de torenspits te herstellen was, waarop eveneens een bevestigend antwoord kwam. De motivering door het gemeentebestuur van zijn besluit kwam op het volgende neer: reparatie zou f 2.500,- kosten, sloop en een afdak daarentegen maar f 800,-. Het financiële voordeel van f 1.700,- was reden genoeg om tot het “afdak-plan” te besluiten.
Op 11 februari 1911 verscheen in vele kranten hierover een kort bericht, zoals hieronder.2 In een in 1986 uitgegeven boekje3, gewijd aan de Hervormde kerk in Etten, wordt uitgebreid geschreven over deze restauratieperikelen. Hierna volgt de letterlijke tekst. Torenperikelen Gedurende de negentiende eeuw en het begin van de twintigste eeuw werden kerk en toren niet altijd even zorgvuldig bijgehouden. Begin 1911 werd duidelijk dat een ingrijpend herstel van de torenspits noodzakelijk was. De kosten van dat herstel werden begroot op f 2.500,-, een tamelijk fors bedrag voor die tijd.
“De heer S. Heerma van Voss te Leur heeft toezegging gedaan, dat, zoo de gelden tot restauratie van den ouden kerktoren te Etten niet gevonden kunnen worden uit de gevraagde rijkssubsidie en de gemeentefondsen, hij bereid is die kosten te dragen om zoo den toren te Etten te behouden.” (“Nieuwe Rotterdamsche Courant” zaterdag 11 februari 1911 Avondblad)
5
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
passen, nu officieel aan het gemeentebestuur.4 Op 11 augustus 1911 besloot de gemeenteraad de schenking te aanvaarden onder de voorwaarden die Heerma van Voss gesteld had. Die voorwaarden waren (“Leeuwarder Courant” 18 augustus 1911) dat het herstellingswerk onder leiding van een deskundige architect Heerma van Voss antwoordde met een uitgevoerd zou worden, dat er een ingezonden brief aan de krant. De uitspraak van brandverzekering voor de toren zou worden Thorbecke dat “kunst geen regeeringszaak is” afgesloten en dat de gemeente de toren in de achtte Heerma van Voss een achterhaalde staat zou houden waarin deze na het mening. Hij verweet het gemeentebestuur dat het herstellingswerk zou verkeren. Inmiddels was het nog niet tot de gemeente Etten en Leur bij te passen bedrag opgelopen tot f 2.250,-. Op 2 doorgedrongen leek te zijn dat men zich overal november 1911 werd het raadsbesluit goedbeijverde om oude monumenten te herstellen. gekeurd door Gedeputeerde Staten. En een financieel voordeel van f 1.700,- leek hem Iets meer dan een jaar later, op 7 november 1912, al helemaal geen reden “een dergelijk vandalisme konden Burgemeester en Wethouders aan te plegen”, zeker niet voor een gemeente die er Heerma van Voss meedelen dat de herstelfinancieel goed voorstond.
Heerma van Voss lingswerkzaamheden voltooid waren.5 Bovendien vroeg zich bovendien af of men er niet aan had berichtten zij dat de Minister van Binnenlandse gedacht subsidie bij Rijk of Provincie aan te Zaken had meegedeeld dat hij toch een vragen, hetgeen inderdaad niet gebeurd was. Hij rijkssubsidie wilde verlenen.6 Enkele weken later kondigde aan dat hij zich uit alle macht zou informeerde het college bij Heerma van Voss verzetten tegen het afdakplan en desnoods zou naar diens mening over het plan om een proberen het geldbedrag dat de gemeente niet gedenksteen met de volgende tekst in de toren te wilde betalen bij kunstlievende vrienden en plaatsen: “Deze toren is gerestaureerd door de ingezetenen in te zamelen. Mocht ook dat niet gemeente Etten en Leur, daarbij gesteund door lukken, dan zou hij in het uiterste geval zélf het bijdragen van den Weledelgeb. Heer S.C.J. benodigde geld storten, zoals hij schreef “liever Heerma van Voss en de Familie Peaux.” dan het mooie dorp Etten te zien ontsieren, door Heerma van Voss reageerde afwijzend. De tekst haar prachtige toren te wijzigen in een deed waarschijnlijk voor zijn gevoel de waarheid onafgewerkten steenklomp, – aan een meer te zeer geweld aan, met name waar deze de rol kunstlievend nageslacht de zorg overlatende een van de gemeente betrof. Hij antwoordde: “dat geschonden monument, met veel grotere kosten, noch de familie P.
noch ik er enigszins aan dan thans te herstellen”. hechten dat onze namen op een gedenksteen Veel bijval kreeg zijn ingezonden stuk van vooral worden vermeld. Wanneer ik mijn gevoelens zou de familie Peaux. Twee generaties van deze mogen uitspreken zou het dit zijn: Vermeldt u familie hadden het predikantsambt van Etten eenvoudig op den steen: ‘Deze toren is vervuld. Voor de Peaux’ uit Haarlem, Oegstgeest gerestaureerd in 1912.” en Amsterdam die reageerden, was de toren duidelijk verbonden met goede familie- en jeugdherinneringen. Ook het gemeentebestuur reageerde op het ingezonden stuk. Eerst ging het toch maar eens de kansen op het verkrijgen van subsidie na. De Provincie weigerde echter ondersteuning te verlenen en ook het Rijk beschikte afwijzend op de subsidie-aanvraag, ondanks de verschillende reizen die burgemeester Beretta naar Den Haag ondernam. Heerma van Voss herhaalde zijn eerder in de krant gedane aanbod om het bedrag (28 september 2000) dat de gemeente had willen uitsparen bij te 6
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Tot zover zou zijn antwoord nog gelezen kunnen worden als een uiting van bescheidenheid. Het vervolg laat echter aan duidelijkheid omtrent zijn ware gevoelens niets te raden over, al verpakt Heerma van Voss de boodschap heel netjes: “Dit is een waarheid die door niemand kan worden aangevochten - en dan achter den steen een oorkonde waarin de juiste toedracht der zaak staat vermeld.” De eenvoudige steen is er gekomen, van de oorkonde echter niet.7 Het door Heerma van Voss betaalde herstel was echter maar oppervlakkig uitgevoerd. Al in 1916 moesten balken en stijlen vernieuwd worden om instorting te voorkomen. Ditmaal nam de gemeente alle kosten voor haar rekening.
toren blijkt, dat de eerste steen gelegd werd op 18 april 1771.8 In 1732 was de vorige toren (uit de 12e en 13e eeuw9) geheel onverwacht ingestort.10 Meer betrokkenheid bij Etten Dat Heerma van Voss niet alleen in Leur betrokken was bij de Hervormde gemeente, maar ook in Etten, blijkt behalve uit voorgaande berichtgeving ook uit een vermelding, dat hij contact had met de Ettense Hervormde dominee Van Gogh (periode 1875 tot 1882).11 Op een foto die gemaakt is ter gelegenheid van het 25-jarig jubileum van ds. J.H.L. Dijkman, die in de periode 1900 tot 1926 als predikant in Etten werkzaam was, komt Heerma van Voss ook voor.12
(einde citaat uit “De Oude Kerk te Etten”)
Bouw van de toren Hetzelfde boekje geeft aan, dat de bouw van deze toren op 23 januari 1771 werd aanbesteed en dat uit een aanwezige stenen plaat aan de
Foto 16 mei 2005.
7
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
De toren, in 1912 op kosten van onder meer S.C.J. Heerma van Voss gerestaureerd. Foto’s 27 augustus 2018. Het standbeeldje van Vincent van Gogh staat – letterlijk en figuurlijk – in de schaduw van deze toren.
8
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
2 --- De documenten In het West-Brabants Archief wordt een archiefdossier bewaard met documenten die geschreven zijn over en naar aanleiding van het subsidieplan van Heerma van Voss.13 Deze documenten vormden de basis voor de desbetreffende tekst in het boekje “De Oude Kerk te Etten”, die in het voorgaande hoofdstuk is opgenomen. Hier volgen afbeeldingen van de documenten. De inhoud wijst veelal voor zich, zodat veel commentaar of uitleg niet nodig is.
Het eerste document is een brief van jhr. Victor de Stuers, een destijds bekende kenner van monumenten. Hij had zich gespecialiseerd in het opsporen en in stand houden van historische bouw- en kunstwerken in Nederland. Heerma van Voss had zijn hulp al eerder ingeroepen, namelijk in 1904 bij de voorbereidingen voor de oprichting van het standbeeld van Adriaan van Bergen. Zie “Geen ballon voor de turfschipper (2 van 3)” (in deel 2). Haag 11 febr. 1911 Toren Etten Weledelgeboren Heer Ik dank u voor uw bericht. Terstond heb ik den Heer Mulder Autoriteit v/d Monumenten gewaarschuwd, die mij beloofde werk van de zaak te zullen maken. Het schijnt dat de top zeer wel voor herstelling vatbaar is. Hoogachtend heb ik den eer(?) te zijn … (w.g. Jhr. Victor de Stuers) Dit briefje was het begin van een nieuw dossier. Op de achterkant werd dit door Heerma van Voss genoteerd.
9
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
10
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
11
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
De familie Peaux leeft mee Heerma van Voss kreeg enkele brieven van leden van de familie Peaux. Het was een zeer bekende familie voor hem. Ds. P. Peaux was commissaris van “zijn” suikerfabriek te Zwartenberg. Hij werd in 1904 in die functie opgevolgd door zijn zoon P.E. Peaux. Bij de start van de firma die de suikerfabriek exploiteerde, in 1869, was ds. P. Peaux aandeelhouder, met één aandeel van f 5.000. Hij was toen de Nederlands Hervormde predikant in Etten. Bij de liquidatie van de firma was het aandeel inmiddels gesplitst in vier aandelen van nominaal f 1.250,-. Deze vier aandelen waren toen in bezit van drie kinderen van ds. P. Peaux. Zie “Suiker: de basis voor vliegen (bijlagen)” (in deel 2). Mevr. Noë-Peaux, de jongste zuster van ds. P. Peaux, schreef 13 februari 1911 een brief aan Heerma van Voss. In het adresboek 1907 van Haarlem staat zij als volgt vermeld: Mevr. wed. A.F. Noë-Peaux, Parklaan 11a. Zo ook in het adresboek 1911, nu met huisnummer 13. Adriana Françoise Peaux, geboren op 27 maart 1838 te Etten, was getrouwd met Abraham Noë. Haar broer Pieter Peaux werd daar 9 april 1835 geboren. Later, van 1868 tot 1875, was hij de predikant van de Nederlands Hervormde gemeente in Etten. Hij was de opvolger van zijn vader, ds. Rein Peaux (geboren 1806), die bijna 38 jaar de predikant was van deze gemeente, tot aan zijn overlijden op 24 juni 1868. Mevr.
Noë-Peaux schrijft in haar brief over haar Ettense periode. “Inliggend artikel las ik met groote belangstelling; en met erkentelijkheid aan u en uw gevoel voor onzen Ettenschen toren; ik he dat gewaardeerde gebouw in twee vormen weêrgegeven, in mijn woonkamer; het is een schoone herinnering aan mijn geboorteplaats, mijne Ouders en aan mijn jeugd en ik zou de instandhouding op hoogen prijs stellen. 12
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Nu is mijn beleefd verzoek of u mij zou willen meêdelen of de gelden tot herstelling zullen gevonden kunnen worden uit de gevraagde rijkssubsidie en de gemeentefondsen en zoo zulks niet kan of u mij dan wilt veroorloven eene kleine bijdrage bij de uwe te mogen voegen. Ik begrijp wel dat bijvoorbeeld f 50 of f 100 slechts een geringe bijdrage zal zijn, maar ik, voor mij, had dan toch het genoegen, iets gedaan te hebben voor onze geliefden toren. Ik ben de jongste zuster van Ds. P. Peaux en mijn adres is, Mevrouw Noë Peaux Haarlem, Parklaan 13. Met vriendelijke groeten Hoogachtend Fr. Noë Peaux Uit een brief van Heerma van Voss van 7 januari 1913 (zie verder in dit hoofdstuk) blijkt, dat hij het aanbod van de leden van de familie Peaux aannam. Ook zij droegen dus hun steentje bij.
13
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Ook P.E. Peaux, zoon van ds. P. Peaux, schreef een brief aan Heerma van Voss. Hooggeachte Heer Met hoeveel genoegen en instemming las ik het bericht omtrent Uw vorstelijk aanbod in zake den Ettensche kerktoren. Als geboren Ettenaar deed het mij goed te vernemen, dat dit fraaie bouwwerk, waaraan voor mij zooveel familie- en jeugd-herinneringen verbonden zijn, voor verval zal worden behoed. Maar niet alleen om van mijn danbaarheid te getuigen richt ik mij tot U. Ik wilde er nl. Uw aandacht op vestigen, indien het U wellicht nog niet bekend mocht zijn, dat er onlangs omtrent de kerk en den toren te Etten een belangwekkend opstel is verschenen in de nummers 2 en 6 (van Mei en December 1910) van het “Bulletin van de Oudheidkundige Bond” (uitgever S.C. van Doesburgh te Leiden). Het artikel is van de hand des Heeren Jan Kalf en bevat verscheidene afbeeldingen en plattegronden omtrent het kerkgebouw, dat zooals U weet in vroeger eeuwen aanmerkelijk grooter is geweest. Mijn exemplaar heb ik aan mijn vader afgestaan, maar ik zal trachten de beide afleveringen afzonderlijk te krijgen. Mocht ik daarin slagen, dan zal het mij aangenaam zijn het U toe te zenden. Hoogachtend Uw dr. P.E. Peaux
14
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Twee weken later schreef ds. P. Peaux een brief. Amice Met belangstelling vernam ik eenige dagen geleden dat gij u zoo edelmoedig intéresseert voor de toren van Etten en met ingenomenheid las ik wat gij schrijft in het Dagblad van N. Brabant. Gaarne wil ik wat bijdragen voor het behoud van de toren, indien dat noodig mocht blijken; maar ik moet rekening houden met de grote uitgaven die ik heb gehad en nog heb ten gevolge der verhuizing; daarom heb ik bij mij zelven overlegd om, in geval de suikerfabriek meer dan 15% dividend afwerpt, vijf percent, dat is f 31,25 (5% x ½ x f 1250) voor het door u beoogde doel te geven. Wij hebben dit jaar al een zeer triestigen winter, hetgeen niet heeft medegewerkt om ons met onze verandering van woonplaats te verzoenen; nog altijd blijven we ons hier min of meer vreemd voelen. Wat de gezondheid betreft, die is tamelijk goed, ofschoon ik maar niet kan komen tot volkomen herstel; mijn arm hoofd blijft duizelachtig, hetgeen wel niet pijnlijk is, maar hoogst onaangenaam; ik durf mij niet in te spannen, noch waag ik het uitstapjes te maken zonder geleide; en omdat geleide niet altijd te verkrijgen is, is te huis blijven het woord. Ontvang met uw zoons de groeten, ook van mijne vrouw. P. Peaux Het is onbekend of Heerma van Voss dit aanbod aannam.
Op de brief staan krabbels van Heerma van Voss, die probeerde uit te rekenen hoe de briefschrijver de beoogde schenking van f 31,25 had uitgerekend. Mogelijk beschouwde ds. P. Peaux zich slechts eigenaar van de helft van één vierde van het oorspronkelijke aandeel ad f 5.000.
15
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
De Gemeenteraad spreekt over de toren In de gemeenteraadsvergadering van 14 juni 1911 stond “het herstellen van den gemeentetoren” op de agenda.14
De heer Binck betwijfelt sterk of de Staten der Provincie tot het toekennen van subsidie genegen zullen zijn, doch geeft toezegging zooveel mogelijk zich daarvoor te zullen interesseeren, maar acht het niet gewenscht om voor dit of welk ander gemeentewerk ook, particuliere bijdragen te aanvaarden, en zou bij gemis aan de gemeentelijke gelden uit eigen fondsen of van Rijk of Provincies den toren liever zien afbreken. De heer Verpalen deelt deze zienswijze, en zou bij eventueele weigering van de subsidie eenvoudig tot de besloten herstelling overgaan, wijl de toren ten dienste der zich daarin bevindende klokken toch moet behouden blijven. De heer van Lith sluit zich aan bij dir gezegde en meent, dat, wanneer het Rijk en de Provincie het gedane verzoek niet inwilligen, daaruit de gevolgtrekking mag worden gemaakt, dat de toren geen kunstwaarde bezit. De heer Nooijens zegt, dat de toren naar zijne meening nog geen direct gevaar oplevert en beschouwt diens volledige vernieuwing verkieslijk, zij het dan ook uit particuliere bijdragen. De heer Buijs en andere leden zouden het jammer vinden, dat het bedoeld gedeelte of z.g. koepel van den toren werd weggenomen, en dringen er op aan om alle pogingen tot deszelfs behoud aan te wenden.
Nadat nog eenige onderlinge besprekingen zijn gevoerd wordt besloten tot het aannemen eener afwachtende houding, alsmede, in principe, tot behoud van den toren.
De Voorzitter deelt namens Burgemeester en wethouders mede, dat de toren in bedenkelijken staat geraakt, zoodat het nemen van maatregelen voor de veiligheid door afsluiting van den daarlangs loopende weg noodig werd geoordeeld, en men het dienstig acht om de vereischte werken nog in dit zomerseizoen te doen verrichten. Z.E.A. (de burgemeester) verklaart tevens, dat op de vanwege de gemeente gevraagde Rijks- en Provinciale bijdrage in de kosten dier werken nog geene definitieve beslissing is genomen, maar dat dientengevolge door genoemde colleges tòch twee deskundigen werden afgevaardigd tot nadere opname van dien bouwvallige toestand, hetwelk, zijns bedenkens, wel een gunstig en belangstellend plan tot medewerking teekent. En ofschoon hieromtrent nu geene vaste toezegging kan geschieden, wijl deswege vooraf nog besprekingen met den Hoofdambtenaar van het Departement van Binnenlandsche Zaken moeten en weldra zullen plaats hebben, vertrouwt Z.E.A. toch op een goed resultaat van wege het Rijk en beveelt de belangen der gemeente te dezer zake dringend aan in de medewerking van den heer Binck, als lid van de Provinciale Staten van Noord-Brabant. Wijders geeft Z.E.A. te kennen, dat bij onverhoopte niet-medewerking te dezer zake, bij anderen nog het voornemen bestaat toy het bekostigen der vernieuwing van den tegenwoordigen toren.
Zie voor het voorgaande deel van de notulen van de vergadering ook de illustraties hierna.
16
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
17
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Correspondentie met de burgemeester Nadat de burgemeester ervan overtuigd was dat de Provincie geen bijdrage zou leveren, moest hij concreet “zaken doen” met de gulle schenker, die van hem een brief kreeg.
18
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Het concept-antwoord van Heerma van Voss is bewaard.
dagelijksch toezicht bij de uitvoering van een vertrouwd en kundig opzichter. 3° Het recht voor mij om c.q. gedurende de uitvoering het werk te bezichtigen. 4° Verplichting voor de Gemeente van Etten en Leur om gedurende en na de herstelling, voortdurend tegen brandschade te verzekeren en hem steeds te blijven onderhouden in den staat waarin hij na de herstelling in zijn oorspronkelijke vorm zal zijn gebracht. 5° Schriftelijke mededeeling van het Gemeentebestuur, vóór dat met het werk begonnen wordt, dat het deze voorwaarden aanneemt. Onmiddellijk na oplevering van het werk kunt Ued. dan, tegen overlegging der afrekening, bij mij over mijne bijdrage beschikken. Hoogachtend Udwdr.
Leur 31 Juli 1911 Den Heer Burgemeester van Etten en Leur Etten Weledelachtbare Heer. Uwe geachte missive van 27 dr. had ik de eer te ontvangen en werd de beantwoording vertraagd door mijne afwezigheid. Als reeds destijds uEd. mondeling meedegedeeld blijf ik bereid tot eene opoffering om het oudheidkundig monument, den toren van Etten, voor de toekomst in ongeschonden staat te behouden. Wanneer de Gemeente daarvoor bijdraagt het uitgetrokken bedrag van f 750, ben ik bereid het overige, namelijk f 2250, voor mijne rekening te nemen, dit laatste als een maximum. Ouden de kosten minder bedragen dan f 3000 dan daalt mijne bijdrage met dat mindere bedrag. Het meest natuurlijk had ik gevonden dat of Rijk en/of Provincie en/of Gemeente een zoodanig werk voor hunne rekening hadden genomen. Nu de Provincie reeds niet medewerkt zou ik daarom het meest juiste vinden wanneer het Rijk zich ook onthield; een en ander zoo als ik reeds de eer had UEd. destijds mondeling als mijn gevoelen te doen kennen. Maar ’t zou jammer zijn, als de wraking eener bijdrage van het Rijk misschien moeielijkheden zou opleveren en daarom ben ik dan(?) bereid, hoewel liever niet, de subsidie te deelen met het Rijk. Zou dus die laatste gezind zijn, stel f 500 of meer subsidie te geven, dan daalt met dit bedrag mijne bijdrage.
Antwoordende op uwe vraag welke voorwaarde ik aan mijne subsidie zou verbinden, deze zijn geen andere dan die welke voor de hand liggen. 1° Een deskundig architect. 2° Publieke aanbesteding met 19
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Raadsbesluit van 11 augustus 1911 In de gemeenteraadsvergadering van 11 augustus 1911 werd weer gesproken over de toren. Het was niet gelukt subsidies van hogere overheden te verkrijgen en dus werd gesproken over de schenking die S.C.J. Heerma van Voss specifiek voor de restauratie wilde doen.15
herstellingskosten van den gemeente toren te Etten zouden bedragen beneden f 3000,- en onder voorwaarden, dat het herstellingswerk wordt opgedragen aan een deskundig architect; dat de gunning van dat werk wordt gedaan na publieke aanbesteding, met dagelijks toezicht bij de uitvoering van een vertrouwd en kundige opzichter; dat de schenker het recht zal hebben gedurende de uitvoering het werk te bezichtigen; dat de gemeente gedurende en na de herstelling de toren voortdurend tegen brandschade zal verzekeren en den toren steeds zal onderhouden in den staat, waarin hij na de herstelling in zijn oorspronkelijke vorm zal zijn gebracht; en dat schenker schriftelijk mededeling zal geschieden van de aanvaarding dezer voorwaarden; Overwegende, dat het wenschelijk is den gemeentetoren, die van jaren her dateert, te behouden, en dat voor die herstelling noch rijks- noch provinciale subsidie wordt verkregen: Gelet op de gemeentewet; Besluit: Onder dankbetuiging te aanvaarden eene schenking, groot hoogstens f 2250,- van den Weled. Geb. Heer Sijbrand Casparus Jan Heerma van Voss, beetwortelsuikerfabrikant te Leur, onder de daaraan verbonden voorwaarde, dat met behulp van dit bedrag, de gemeentetoren te Etten zal worden hersteld. Hetwelk aan de goedkeuring van H.E.G.A. zal worden onderworpen, vergezeld van de volgende Memorie van Toelichting.
De Voorzitter deelt namens Burgemeester en Wethouders mede, dat op hun verzoek aan de Staten dezer Provincie ter bekoming eener bijdrage in de kosten voor het herstellen van de gemeentetoren door H.E.G.A bij besluit van den 20 Juli j.l. afwijzend is beschikt, terwijl bij het bespreken dezer aangelegenheid met den Hoofdambtenaar aan het Departement van Binnenlandsche Zaken, hem eveneens werd te kennen gegeven, dat van Rijkswege te dezer zake geen subsidie wordt verleend, maar men aldaar wel behulpzaam wil zijn in het vervaardigen van plans en bestekken, alsmede in het toelichten der wijze van uitvoering. Dientengevolge en in verband met het bepaalde in de vorige zitting, sub lett. D, wordt, na discussie, bij hoofdelijke omvraag met 11 van de 13 stemmen goedgevonden het door den heer S.C.J. Heerma van Voss te Leur gedane aanbod, om de voor bedoelde herstellingswerken te kort komende gelden tot een bedrag van hoogstens f 2250,- bij te brengen, te aanvaarden. Tegen stemden de heeren C. Luijkx en Nooijens. Zullende de schenker worden bericht, dat de toegezegde bijdrage met dankbare erkentelijkheid en volgens de door hem deswege gestelde voorwaarden is aangenomen, om alom, zoodra mogelijk, tot de aanbesteding van het werk over te gaan. De Voorzitter vestigt de aandacht op het voorschrift van art.
194 der gemeentewet, naar luid waarvan, tot het aanvaarden van schenkingen, machtiging van Gedeputeerde Staten wordt vereischt. Wordende aldus onderstaand besluit vastgesteld:
Ter toelichting van bijgaand Raadsbesluit het volgende: De gemeentetoren te Etten, die van jaren her dateert, verkeert thans in een toestand, dat hij voor het publiek gevaar begint op te leveren, zoodat afdoende verbetering en herstelling dringend noodzakelijk is. Bij een gedaan deskundig onderzoek bleek, dat die herstelling niet op zich mocht doen wachten, en dat de kosten daarvan zouden beloopen bij herstelling met wegneming van den spits, ongeveer f 800,- en met behoud van den spits f 3000,-. De Raad wilde echter niet meer besteden dan f 800,-.
De Raad der gemeente Etten en Leur; Gelezen een schrijven van den Weled. Geb. Heer Sijbrand Casparus Jan Heerma van Voss, do. 31 Juli 1911, wonende te Leur, waarbij aan de gemeente ten geschenke wordt gegeven een bedrag van f 2250,- of zoveel minder als de 20
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Een ingezetene dezer gemeente, de Weled. Geb. Heer S.C.J. Heerma van Voss stelde er echter prijs op, dat dit gedenkteeken uit oude dagen behouden bleef en bood aan voor de herstelling f 2250 te geven, onder de voorwaarden in het besluit vermeld. Mocht de herstelling minder bedragen dan f 3000,- dan zal zijne schenking met dat bedrag verminderd worden. De voorwaarden, door den schenker aan zijne schenking verbonden, zijn voor de gemeente niet bezwarend, zoodat het in het belang is dezer gemeente, dat het bedrag wordt aanvaardt. Zie voor het voorgaande deel van de notulen van de vergadering ook de illustraties hierna.
21
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
22
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
23
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
24
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Het raadsbesluit in het besluitenboek Zoals gebruikelijk werden de raadsbesluiten ook opgenomen in een separaat besluitenboek.16
25
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Bericht over het besluit aan S.C.J. Heerma van Voss17
26
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Vergadering B en W 23 augustus 1911 In de vergadering van Burgemeester en Wethouders d.d. 23 augustus 1911 kwam de correspondentie met Heerma van Voss over de toren weer ter sprake. “Een schrijven van den heer S.C.J. Heerma van Voss te Leur dt. 16 Augustus 1911, berichtende de ontvangst onzer missive van den 12en dier maand no. 209 en dat ZEd met de hoofdstrekking daarvan geheel accoord gaat, doch opmerkzaam makende dat het in zaken niet gebruikelijk is, voor zooveel betreft de gestipuleerde voorwaarden, naar een vorig schrijven te verwijzen, maar ter voorkoming van misverstand, die voorwaarden woordelijk te herhalen, mitsdien deze aanvulling alsnog verzoekende. Goedgevonden hieraan te voldoen.” Welke architect wilt U? De burgemeester vroeg per brief aan Heerma van Voss aan welke architect hij het werk wilde laten opdragen.
27
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Afschrift van het besluit naar de schenker Het genomen raadsbesluit, tot aanvaarding van de schenking, werd aan Heerma van Voss toegestuurd. Gedeputeerde Staten, die toestemming moesten geven aan de schenking, hadden nog het verzoek om één van de voorwaarden enigszins aan te passen. Het werd wenselijk geacht, dat de verplichting van voortdurend “onderhoud in den staat,
waarin de toren na de herstelling in zijn oorspronkelijken vorm zal zijn gebracht”, werd beperkt tot “een behoorlijk onderhoud”. Uit latere berichten (zie hierna) blijkt, dat Heerma van Voss niet akkoord ging met de gevraagde wijziging en dat Gedeputeerde Staten zich neerlegde bij zijn weigering.
28
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Het raadsbesluit is in getypte vorm beschikbaar. Het kwam in het archief van Heerma van Voss.
29
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Vergaderingen van B en W op 23 augustus en 20 september 1911 In de vergadering van Burgemeester en Wethouders van 23 augustus 1911 werden mededelingen gedaan over de architect en de successierechten op de schenking.
Een afschrift der beschikking van den Minister van Finantiën d.d. 15 September 1911 no. 14, op het door ons gericht request aan H.M. de Koningin, in zake de schenking van den heer S.C.J. Heerma van Voss te Leur eener som van f 2250,- voor het herstellen van den gemeentetoren, waarvoor ingevolge art. 59 der wet successierecht verschuldigd is, en waarbij wordt verzocht gemeld artikel in dit geval buiten werking te stellen of het verschuldigde recht kwijt te schelden, houdende beslissing, dat geen termen aanwezig zijn, om het verzoek in te willigen. Aangenomen voor notificatie.
De Voorzitter deelt alsnog mede, in overleg met den heer S.C.J. Heerma van Voss te hebben aangewezen tot architect voor de herstellingswerken aan den gemeente-toren, den heer J.J. van der Horst te Teteringen, mits in overleg tredende met den deskundige, door den heer Administrateur van Kunsten en Wetenschappen bij het Departement van Binnenlandsche Zaken, door wien, volgens toezegging, gratis voorlichtingen te dezer zake zullen worden verstrekt. Z.E.A. maakt alsmede opmerkzaam, dat, blijkens informatie, van de door genoemde heer Heerma van Voss voor bedoeld werk gedane schenking, naar luid van art. 59 der Successiewet, nog recht aan het Rijk zal verschuldigd wezen, ter somme van f 337,50, waardoor de gemeente een schadepost zal krijgen, aldus in overweging gevende, hiervan bij de Koningin ontheffing te vragen. Een en ander voor kennisgeving aangenomen zijnde, wordt aan gezegd voorstel adhaesie verleend.
In de vergadering van Burgemeester en Wethouders van 20 september 1911 kwam een ingekomen stuk op tafel met het bericht dat geen vrijstelling was verkregen.
30
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Vergadering B en W 2 november 1911 In de vergadering van Burgemeester en Wethouders d.d. 2 november 1911 werd een ingekomen brief van S.C.J. Heerma van Voss behandeld, waarin deze mededeelde dat hij net akkoord ging met een verzoek van Gedeputeerde Staten. “Een schrijven van den heer S.C.J. Heerma van Voss te Leur do. 22 October 1911 in antwoord op het onze van 25 September j.l. no. 210, in verband met dat van heeren Gedeputeerde Staten dezer Provincie do. 21 September 1911 G no. 205, 2e afdeeling 1e bureau, daarbij de redenen mededeelende, op grond waarvan hij aan het verlangen van H.E.G.A. niet kan voldoen. De Voorzitter verklaart een afschrift van dit schrijven aan genoemd College te hebben overgemaakt, en het raadsbesluit daarbij ander maal ter goedkeuring te hebben aangeboden. Aangenomen voor kennisgeving, met goedkeuring van het verrichte.”
31
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Mededeling in de gemeenteraad 20 november 1911 In de gemeenteraadsvergadering van 20 november 1911 werd bij de ingekomen stukken melding gemaakt van het volgende bericht.18
medegedeeld, op grond waarvan hij geen vrijheid gevoelde, aan het verlangen van Gedeputeerde Staten te voldoen, kenbaar gemaakt bij hunne missive van 21 September 1911 G no. 205, aangaande de gestelde voorwaarde wegens het onderhoud van den toren, na diens herstelling, waarvan een afschrift aan H.E.G.A. werd overgemaakt, en waarin zij, zooals thans blijkt, berusten. Aangenomen voor notificatie.
Eene apostille van heren Gedeputeerde Staten dezer Provincie do. 2 November 1911. G No. 58, daarbij terugzendende het besluit dezer vergadering van den 11 Augustus j.l. betreffende het aanvaarden der schenking van den heer S.C.J. Heerma van Voss te Leur, waaraan goedkeuring is verleend bij besluit van H.E.G.A. d0. 2 November 1911 G No. 58. De Voorzitter maakt namens het Dagelijksch Bestuur opmerkzaam, dat genoemde schenker bij brief van 22 October 1911 de redenen heeft
Zie voor het voorgaande deel van de notulen van de vergadering ook de illustraties hierna.
32
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Bericht van Gedeputeerde Staten Gedeputeerde Staten gingen definitief akkoord met de schenking en de voorwaarden die Heerma van Voss gesteld had en die de gemeenteraad had goedgekeurd. Dit werd per brief d.d. 1 december 1911 aan de schenker gemeld.
33
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Behandeling in vergaderingen van B en W in 1912 In 1912 kwam het onderwerp “herstel gemeentetoren” in diverse vergaderingen van Burgemeester en Wethouders aan de orde.
Aldus besloten zijnde, zal een en ander door openbare afkondiging ter algemeene kennis worden gebracht.”
2 mei 1912 “De voorzitter deelt mede l.l. Dinsdag bezoek te hebben gehad van een commies van het Departement van Binnenlandsche Zaken ter bespreking van de herstellingswerken aan den gemeentetoren, hetwelk, in overleg met den architect, aanleiding heeft gegeven tot beslissing, dat daaraan uitvoering kan worden verleend, en waarvoor nog eene bijdrage vanwege het Rijk zal worden verleend. Aangenomen voor kennisgeving.”
18 juli 1912 “De Voorzitter verklaart dat kan worden overgegaan tot de verkoop van lood, koper en ijzerwaren afkomstig van den gemeentetoren en waarvan de opbrengst wordt geraamd op ongeveer f 300,-. Na beraadslaging goedgevonden daartoe over te gaan op Donderdag den 1e Augustus a.s. des voormiddags ten 11 ure in het gemeentehuis, bij enkele inschrijving en contant geld.”
23 mei 1912 Bij de ingekomen stukken. “Eene missive van den Minister van Binnenlandsche Zaken do. 21 Mei 1912 no. 1401 – afd. K.W., meldende dat bij K.B. van 13 Mei 1912 eene Rijkssubsidie is toegekend van f 200, ten behoeve der herstelling van den gemeentetoren. Aangenomen voor kennisgeving.”
3 oktober 1912 “De Voorzitter maakt opmerkzaam, dat de aannemer van het werk aan den gemeentetoren nog in gebreke is met eenige afwerking, waardoor verhinderd wordt om met het verfwerk te kunnen beginnen, en stelt aldus voor, hem te laten weten, dat vóór den 20 October e.k. de oplevering moet plaats hebben, wijl anders de boete zal worden toegepast. Aldus besloten.”
Agendapunt 4. “De Voorzitter geeft kennis, dat de aannemer voornemens is, omstreeks 3 Juni met de herstellingswerken van den gemeentetoren een aanvang te maken en geeft in overweging d weg daarlangs loopende tot wederophefffing af te sluiten en de passage daarlangs te verbieden, ter voorkoming van ongelukken.
34
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Bliksemafleider Blijkbaar was besloten op de gemeentetoren een bliksemafleider te plaatsen. In een vergadering van Burgemeester en Wethouders d.d. 12 december 1912 werd een ingekomen brief hierover behandeld.19 “Een schrijven van de Kerkvoogden der Nederlandsche Hervormde gemeente te Etten, dt. 3 December 1912, in antwoord op ons verzoek om toestemming tot berging der koperen plaat voor den bliksemafleider van den gemeentetoren in den grond naast dien toren, welke grond in eigendom en beheer is bij de genoemde kerkgemeente, en bevattende de voorwaarden waarop die vergunning wordt verleend. Aangenomen voor notificatie.”
35
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Na voltooiing van het werk Nadat het werk voltooid was, kreeg Heerma van Voss hierover begin november 1912 bericht. Hij werd verzocht “den gerestaureerden toren in oogenschouw te komen nemen.”
Bijzonder is, dat in deze brief melding wordt gemaakt dat toch een Rijkssubsidie werd verkregen.
36
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Een gedenksteen in de toren In de vergadering van 21 november 1912 besloot het College van Burgemeester en Wethouders, dat naar aanleiding van de restauratie een gedenksteen geplaatst zou worden.
“Met algemeene stemmen wordt daarna aangenomen een voorstel van den Burgemeester tot plaatsing van een gedenksteen in den gerestaureerden gemeentetoren te Etten, met de volgende inscriptie: “Deze toren is gerestaureerd door de gemeente Etten en Leur, daarbij gesteund door bijdragen van de WelEdGeb. Heer S.C.J. Heerma van Voss en de familie Peaux”, mits de bovengenoemde personen hiertegen geen bezwaar hebben.” Aan Heerma van Voss werd per brief gevraagd akkoord te gaan met het tekstvoorstel. Zie de tekst op de volgende bladzijde en de illustratie hieronder.
37
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
In de jongste vergadering van Burgemeester en Wethouders werd principieel besloten tot plaatsing van een gedenkteken in den gerestaureerden gemeente-toren, met het opschrift: “Deze toren is gerestaureerd door de gemeente Etten en Leur, daarbij gesteund door bijdragen van den Weled.geb. Heer S.C.J. Heerma van Voss en de Familie Peaux.” Aangenaam zou het ons zijn van U Weled.geb. te mogen vernemen of soms Uwerzijds daartegen bezwaren bestaan, en of U soms de redactie in diervoege wildet gewijzigd hebben, dat in plaats van de familie Peaux worde gelezen de namen der kinderen. Mocht U Weled.geb. deze laatste redactie het meest genegen zijn zoo zouden wij gaarne de namen dier kinderen van U vernemen. Burgemeester en Wethouders van Etten en Leur
(w.g. burg. Beretta en de secretaris J.P.J. Leijten) Ongesteldheid In die periode was Heerma van Voss ziek en het duurde even voordat hij met een reactie kwam. Ongesteldheid heeft mij verhinderd uwe beide missiven van 7 en 23 November ll. Betreffende de restauratie van den Gemeente Toren te Etten vroeger te beantwoorden. Indien de Rijksarchitect de herstelling van den Toren heeft goedgekeurd, verenig ik mij geheel met diens oordeel en ontvang ik nog slechts gaarne de balans van Ontvangsten en Uitgaven betreffende die restauratie, een en ander in verband met mijne voorwaarden neergelegd in mijn schrijven van 31 Juli ll.
38
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Gaarne zal ik dan tevens vernemen of de door mij en de familie P. bij te dragen subsidie kan gestort worden bij den Heer Gemeente Ontvanger. Wat betreft uw missive van 23 Nov. po heb ik de eer UEd. mede te deelen, dat noch de familie P. noch ik er eenigszins aan hechten dat onze namen op een gedenksteen worden vermeld. Wanneer ik een gevoelen zou mogen uitspreken zou het dit zijn: Vermeldt U eenvoudig op den steen: Deze toren is geheel gerestaureerd in 1912. Dit is een waarheid die door niemand kan worden aangevochten, en dan achter den steen een oorkonde waarin de juiste toedracht der zaak staat vermeld. Hoogachtend heb ik de eer te zijn UEd. dw. Vergadering B en W 16 januari 1913 In de vergadering van Burgemeester en Wethouders d.d. 16 januari 1913 werd de brief van Heerma van Voss besproken.
De oorkonde: een grote vraag Zal er achter de steen een oorkonde te vinden zijn? Nadere indicaties hiervoor zijn (nog) niet ontdekt.
“Een schrijven van den heer S.C.J. Heerma van Voss te Leur, dt. 7 Januari 1913, berichtende, door ongesteldheid verhinderd te zijn geweest onze missiven van 7 en 23 November l.l. vroeger te beantwoorden, alsmede zich geheel te vereenigen met het voorstel van den Rijksarchitect, indien deze de herstelling van den gemeente-toren heeft goedgekeurd, maar dat Z.Ed. gaarne de balans van ontvangsten en uitgaven betreffende die restauratie wenscht te ontvangen, in verband met de voorwaarden vermeld in zijn schrijven van 31 Juli l.l., terwijl Z.E. tevens verzoekt te mogen vernemen, of de door hem en de familie Peaux bij te dragen subsidie bij den gemeente-ontvanger kan worden gestort. Wijders deelt Z.E. mede, dat noch de familie Peaux, noch hij er eenigszins aan hechten, dat hunne namen op een gedenksteen worden vermeld, maar wel om eenvoudig op een steen te plaatsen: “Deze toren is geheel gerestaureerd in 1912” en dan achter den steen een oorkonde waarin de juiste toedracht der zaak staat vermeld. Na eenige discutie wordt eenparig goed gevonden aan dat schrijven, zoodra mogelijk, volkomen te voldoen.”
39
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
In de muur rechts van de buitendeur is de gedenksteen (zie hieronder) ingemetseld. Foto’s 8 september 2018.
40
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Onderhouden in de staat waarin hij in 1912 is gebracht Op de achterkant van een brief schreef Heerma van Voss het cruciale zinnetje: “Toren Etten Onderhouden in den Staat waarin hij in 1912 is gebracht”.
41
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
3 --- Hoe verliep het met de werkelijke kosten? In de raadsvergadering van 1 februari 1912 werd besloten “de begroting van plaatselijke inkomsten en uitgaven voor het dienstjaar 1912” op diverse punten aan te passen.20 Eén van de te verhogen begrotingsposten bij de ontvangsten was: Hoofdstuk 7 afd. art. 12a : schenking Heerma van Voss f 2.250,-
In de “Memorie van toelichting” in de notulen van de raadsvergadering en ook in de besluitenlijst (illustratie) werd bij de extra uitgaven deze post vermeld. Ook werd hierin vermeld: “De kosten van herstelling van den gemeentetoren waartoe vroeger reeds werd besloten, zijn oorspronkelijk gebracht op de begrooting 1911. Door omstandigheden kunnen deze herstellingswerken eerst in de tweede helft van 1912 plaats hebben, waarvan het bedrag thans wordt uitgetrokken op deze post.”
In de “Memorie van toelichting” in de notulen van de raadsvergadering en ook in de separate besluitenlijst (illustratie) werd bij de extra inkomsten deze post vermeld.21
Het betrof een bedrag van f 800,- en het overhevelen van zo’n begrotingspost was kon niet zo maar geschieden. In de gemeenteraadsvergadering van 1 februari 1912 werd er een apart agendapunt aan gewijd. Het besluit werd weliswaar “zonder beraadslaging of stemming” goedgekeurd, maar het moest wel onderworpen worden aan de goedkeuring van Gedeputeerde Staten. Het zou hen aangeboden worden met een “Memorie van toelichting”, die in de notulen van de raadsvergadering werd opgenomen. Zie de volgende bladzijde. Ook dit werd in de aparte besluitenlijst opgenomen.
Tegenvaller: schenkingsrecht Voor de gemeente waren er ten aanzien van het herstel van de toren twee forse, onverwachte financiële tegenvallers. Ontdekt was, dat over de te ontvangen schenking 15% schenkingsrecht verschuldigd zou zijn, oftewel f 337,50. Dit werd behandeld bij het hiervoor genoemde agendapunt inzake de begroting 1912. Twee van de te verhogen begrotingsposten bij de uitgaven: Hoofdstuk 14 afd. art. 1e : kosten van betaald successierecht met f 337,50 Hoofdstuk 14 afd. art. 5: kosten vallende op de aanbesteding van den gemeente-toren met f 2.200,-
In de raadsvergadering van 14 maart 1912 kon de voorzitter meedelen dat van Gedeputeerde Staten een apostille was ontvangen d.d. 8 februari 1912, waarin werd gemeld, dat die dag goedkeuring was verleend aan de verschuiving van de f 800 van 1911 naar 1912. Geen vrijstelling Aan het Ministerie van Financiën werd vrijstelling gevraagd voor het te betalen bedrag aan schenkingsrechten, maar die kwam er niet.22
42
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
43
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Aanbesteding Het eerder genoemde bedrag ad f 3.000,- was een raming van de kosten. Hoe hoog werden de kosten uiteindelijk? Bij de openbare aanbesteding kwam een tweede tegenvaller aan het licht. Op 11 april 1912 werd het herstelwerk gegund aan degene die als laagste had ingeschreven. Tien personen hadden ingeschreven. De duurste berekende een prijs van f 4.656,- en de goedkoopste was de heer Johannes Clarijs, aannemer te Zevenbergen, voor een bedrag van f 3.670,-. Het totaal benodigde bedrag was echter ingeschat op f 3.000,- en er ontstond een tekort van f 670,-. De gemeente heeft nogmaals een uiterste poging gedaan om toch nog een subsidie van het Rijk te verkrijgen. Mede gezien het te betalen schenkingsrecht, besloot het Ministerie van Binnenlandsche Zaken alsnog een subsidie te verlenen van f 200,-.
In de gemeenteraadsvergadering van 12 april 1912 werd door de raad een extra bedrag van f 100,- goedgekeurd.
Recapitulatie Kosten: f 3.670 + f 337,50 = f 4.007,40 Schenking-1 f 2.250,Schenking Peaux ?? Rijkssubsidie f 200,f 2.450,00 + ?? Te betalen door de gemeente f 1.557,50 - ??
In de gemeenteraadsvergadering van 28 mei 1912 deelde de burgemeester mee, “dat de gelden voor het herstellingswerk aan den gemeentetoren zijn bijeengebracht…”
heeft de schrijver nog niet achterhaald. Op 28 mei 1912 meldde de burgemeester dat de financiering rond was. Zie illustratie.
De gemeente-opzichter zou het toezicht op de herstelling van de toren uitvoeren en op deze manier werden deze kosten (f 150,-) bespaard. Er werd een lening afgesloten om de kosten te kunnen betalen.23
Het door Heerma van Voss toegezegde bedrag ad f 2.250,- zal daadwerkelijk betaald zijn. Twee leden van de familie Peaux droegen eveneens (een beetje) bij.
De gemeenteraad wilde aanvankelijk f 750,- (of misschien f 800,-) uitgeven. Op 12 april 2012 werd dit bedrag door de gemeenteraad “alsnog, voor eens” verhoogd met f 100,-. Zie illustratie.24 Hoe het uiteindelijk is afgelopen met de hoogte van de kosten en de verantwoording ervan,
44
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
4 --- Vervolgrestauratie in 1916 Op 1 augustus 1916 werd in een vergadering van de gemeenteraad het besluit genomen om de onderste verdiepingen van het houten gedeelte van de toren op te knappen.25 In 1912 was alleen de spits, het bovenste deel van de houten toren, gerestaureerd. Deze nieuwe herstelling werd noodzakelijk gevonden om niet het risico te lopen, dat de toren het “evenwicht” zou verliezen. Volgens bouwkundige Van den Berk helde de toren gevaarlijk over en waren de benedenverdiepingen versleten. Gemeentearchitect J. van Dongen kwam tot dezelfde bevindingen en het werk werd aangemerkt als een buitengewoon lastige restauratie. Het moest in gedeelten geschieden. Om de geschatte kosten van f 2.200,- te kunnen dekken werd een lening afgesloten.26 Zie onderstaand fragment uit de notulen van de raadsvergadering en de teksten in het besluitenboek op de volgende bladzijden.
45
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Plan voor de geldlening
46
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
47
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
5 --- Komt een raadsbesluit in gevaar? Wordt de kerk verkocht? Woensdag 26 mei 2021 werd min of meer de eerste versie van deze publicatie afgerond. Heel wonderlijk was het om juist op die dag te ontdekken, dat in Etten-Leur blijkbaar gesproken wordt over de verkoop van de Van Gogh Kerk, de kerk die aan de toren vastzit.27 Een artikel in de “Etten-Leurse Bode” maakte dat duidelijk. Zie de volgende bladzijde. Bij het lezen van het artikel moest de samensteller gelijk denken aan het feit, dat het gemeentebestuur op 11 augustus 1911 besloot en vastlegde, “dat de gemeente gedurende en na de herstelling de toren voortdurend tegen brandschade zal verzekeren en den toren steeds zal onderhouden in den staat, waarin hij na de herstelling in zijn oorspronkelijke vorm zal zijn gebracht.” Kwam dit besluit anno 2021 in gevaar?
Gaat de toren, samen met de kerk, in de verkoop? (foto 23 juni 2021)
48
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Foto: Ria Mol
verenigingen en stichtingen ook met minder subsidies moeten werken. Daarom vindt hij het onverteerbaar dat Van Gogh Sites wel zou kunnen rekenen op een forse gemeentelijke jaarlijkse bijdrage. Louis Roks van Leefbaar Etten-Leur nam geen blad voor de mond: “Het tweede voorstel is een nog slechter voorstel met vage beloftes. Het ontbreekt de wethouder aan kracht en politieke voelhorens.” Hij riep de wethouder op om de eer aan zichzelf te houden en te vertrekken. Een oproep die verder geen gehoor kreeg.
Raad stemt tegen verkoop Van Gogh Kerk: ‘Dit is een sigaar uit eigen doos’ Door: Monique Jansen woensdag 26 mei 10:36 2021
Toch was er ook steun voor de verkoop. Zo zag bijvoorbeeld Carola Groenen van D66 een mooie besparingsmogelijkheid, waardoor de gemeente uiteindelijk meer geld overhoudt. Ook vindt zij Van Gogh Sites en de provincie Noord-Brabant betrouwbaar genoeg om tot verkoop over te gaan. Wel gaf het ze het college de tip om de raad vaker tussendoor te informeren bij belangrijke dossier. Zo blijven grote verrassingen uit en kweekt het college meer draagvlak. Dennis Aerts van GroenLinks las de brief van de vrijwilligers van de Van Gogh kerk voor waarin werd gewezen op de waarde van het culturele erfgoed en de kansen voor toerisme. Het was niet genoeg om een meerderheid voor de verkoop te vinden. Daardoor blijft de kerk eigendom van de gemeente Etten-Leur en zal er opnieuw moeten worden nagedacht over de toekomst van de Van Gogh Kerk.
ETTEN-LEUR – De Van Gogh Kerk wordt niet verkocht aan de Van Gogh Sites NV. De gemeenteraad stemde gisteravond met overgrote meerderheid tegen het voorstel. Veel kritiek was er op het ‘voorstel 2.0’. Wethouder Frank Vrolijk stelde daarin voor om de subsidie van 36.000 euro aan Van Gogh Sites jaarlijks te verlagen met 4.000 euro naar uiteindelijk 20.000 euro. Daar stond dan wel tegenover dat Van Gogh Sites 100.000 euro extra vroeg als onderhoudsbijdrage. Ook de lening van 1,2 miljoen euro zou dan omhoog moeten naar 1,3 miljoen euro. Het was een voorstel waar de meeste fracties niet warm voor liepen. Peter van der Wulp van coalitiepartij APB was niet onder de indruk. Hij vroeg zich af wat het college verstaat onder ‘stevige onderhandelingen:’ “De geloofwaardigheid van Frank Vrolijk komt onder druk te staan. Dit is koehandel met handjeklap.”
Monique Jansen Onverteerbaar Ronnie Buiks van coalitiepartij CDA sprak van een ‘sigaar uit eigen doos.’ Hij wijst erop dat Etten-Leurse
49
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
--- Verantwoording Het beschikbaar hebben van allerlei informatie en de wens om dit te delen met anderen, hebben de schrijver geïnspireerd tot het samenstellen en uitgeven van deze publicatie. Gebruik van bronnen De uitgever wil met deze serie publicaties in een beknopte vorm veel informatie doorgeven. Daar waar het enigszins mogelijk is, worden de authentieke teksten, zoals opgenomen in het bronmateriaal, letterlijk overgenomen. Dit heeft tot gevolg, dat in citaten oudere spellingsvormen voorkomen en authentieke fouten veelal blijven staan. Soms worden citaten ingekort, hetgeen vrijwel altijd kenbaar gemaakt wordt. Voor zowel citaten als voor andere aanhalingen wordt zo goed mogelijk de bron vermeld. Indien mogelijk zijn gebruikte gegevens geverifieerd aan de hand van meerdere bronnen. Eigen interpretaties probeert de schrijver zo veel mogelijk te vermijden. Productie De uitvoering en toe te passen reproductiemethode zijn gekozen op basis van de gewenste verhouding tussen kwaliteit en kostprijs. De smalle bladmarges, de lettertypes en de omvang en grootte van de illustraties zijn onderdelen van de afweging tussen leesbaarheid en de hoeveelheid weer te geven informatie op één bladzijde.
Correcties en aanvullingen Uiteraard wordt het doorgeven van geconstateerde onjuistheden, alsmede van aanvullingen, relevante bijzonderheden of toepasselijke, niet opgenomen bronnen en illustraties enorm op prijs gesteld. BRONVERMELDINGEN Archieven Internet - websites (diverse) West-Brabants Archief Literatuur, kranten e.d. Zie de eindnoten. Overig Bron voor de notulen van vergaderingen van Burgemeester en Wethouders: West-Brabants Archief; raw - 0002 Archief van de gemeente Etten-Leur, 1811-1935; notulen van burgemeester en wethouders; 634 1911, mei 3 - 1912, maart en 635 1912, april - 1913, maart 20.
50
S.C.J. Heerma van Voss neemt ons mee Deel 4 - Een senior aan het werk (1910-1928) -- De redding van de oude toren va Etten
Eindnoten 1 H.G.J. Buijks, C.J.M. Leijten, C.Th. Lohmann en P.A. Tempelaars; “Rondom “De Schenkkan” te Leur”; nr. II
v.d. serie “Bijdragen tot de geschiedenis van Etten-Leur”; een uitgave van Heemkundekring “Jan uten Houte”; Etten-Leur; 1981; blz. 84. In het verslag van het bezoek van de Commissaris van de Koningin in Noord-Brabant aan de gemeente Etten en Leur d.d. 28 maart 1912 (www.bhic.nl/ontdekken/verhalen; zie ook elders in dit deel bij “Suikerindustrie”) staat: “Binnenkort zal men overgaan tot de besteding van de herstelling van den toren. Men kreeg daarvoor een legaat van f 2.000 van Heerma van Voss, waarvoor men f 300 successierecht moest betalen; een lelijke tegenvaller.” 2 Voorbeelden: “De Courant”, “Het Vaderland”, “Arnhemsche Courant”; op 13 februari: “Bredasche Courant” en “De Nederlander” en op 14 februari: “Haagsche Courant”. 3 Drs. Inge Huisinga, Drs. Rien Wols; “De Oude Kerk te Etten”; deel 6 van de Clavis Kleine Kunsthistorische Monografieën; verschenen onder de verantwoordelijkheid van: Clavis Stichting Publicaties Middeleeuwse Kunst, Utrecht; uitgave: De Walburg Pers, Zutphen; 1986; blz. 38, 39; bij de bronvermeldingen (blz. 46) staat o.a.: “Collectie Heerma van Voss (Gemeentelijke archiefbewaarplaats Etten-Leur). Magazijnlijst; omslag 6 (gemeentetoren)”.