CConstaterende datEtten-Leur
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 - Omgevingsvergunning Windturbine Hoge Zijpolder.pdf

Raad besluit 20 september 2021, gemeente Etten-LeurBij agendapunt: Definitieve verklaring van geen bedenkingen uitbreiding Windpark Groene Dijk II met vierde windturbine Hoge Zijpolder4.683 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Omgevingsvergunning Burgemeester en wethouders hebben op 22 januari 2021 een aanvraag voor een omgevingsvergunning ontvangen van WP Hoge Zijpolder B.V. voor het project, het bouwen van 1 windturbine op het perceel kadastraal bekend gemeente Etten-Leur, sectie M, nummer 62 en plaatselijk bekend Lamsweg ongenummerd. De aanvraag is geregistreerd onder nummer 2021OG0037-01.

Besluit Burgemeester en wethouders besluiten, gelet op de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, het Besluit omgevingsrecht en de Regeling omgevingsrecht: 1. de omgevingsvergunning te verlenen voor de activiteit “het (ver)bouwen van een bouwwerk (artikel 2.1 lid 1 onder a)”; 2. de omgevingsvergunning te verlenen voor de activiteit “het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan, (artikel 2.1 lid 1 onder c)”; 3. te bepalen dat er geen omgevingsvergunning vereist is voor de activiteit “beperkte milieutoets” (artikel 2.1 lid 1 onder i)”. met inachtneming van de bij deze beschikking behorende opgenomen overwegingen en voorschriften. Bijgevoegde documenten De in de bijlage “Bijgevoegde documenten” genoemde documenten maken deel uit van de beschikking en zijn als gewaarmerkt stuk bijgevoegd. Inwerkingtreding De beschikking treedt in werking met ingang van de dag nadat de beroepstermijn is verstreken. Als in deze periode een verzoek om voorlopige voorziening is ingediend dan treedt deze vergunning niet in werking voordat op dat verzoek is beslist. Etten-Leur, namens burgemeester en wethouders,

René Reijngoudt afdelingshoofd Leefomgeving Opgegeven bouwkosten: Leges buitenplanse afwijking: Leges bouwactiviteit: Totaal te betalen leges:

2021OG0037-01

€ 2.200.000,00 € 8.348,85 € 37.047,50 € 45.396,35

BAG-documentnummer: Z-297110

2

Beroepsclausule Belanghebbenden kunnen ingevolge de Algemene wet bestuursrecht beroep instellen. De termijn voor het indienen van een beroepschrift bedraagt zes weken. Deze termijn vangt aan met ingang van de dag na de dag waarop het besluit ter inzage is gelegd. Een beroepschrift dient te worden ingediend bij de Raad van State, Afdeling bestuursrecht, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag. Bij het instellen van beroep wordt griffierecht geheven. Het beroepschrift moet zijn ondertekend en moet minstens bevatten: a. de naam en het adres van de indiener; b. de dagtekening; c. een aanduiding van het besluit waartegen het beroep zich richt; d. de gronden van het beroep (motivering). Voorts kan op grond van het bepaalde in artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht aan de Raad van State (zie bovenstaand adres), worden verzocht een voorlopige voorziening te treffen, indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist. Meer informatie over deze clausule treft u aan in de brochure “Rechtsmiddelen (bezwaar en beroep) tegen beslissing overheid” op onze website.

2021OG0037-01

BAG-documentnummer: Z-297110

3

Inhoudsopgave De volgende onderdelen horen bij en maken deel uit van de beschikking met het registratienummer 2021OG0037-01, aan WP Hoge Zijpolder B.V. voor het project, het bouwen van 1 windturbine op het adres Lamsweg ongenummerd: pag. Procedureel ............................................................................................................................................. 4 Het (ver)bouwen van een bouwwerk (artikel 2.1 lid 1 onder a) ............................................................. 7 Het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan, (artikel 2.1 lid 1 onder c) ...................................................................................................................................... 9

2021OG0037-01

BAG-documentnummer: Z-297110

4

Procedureel Gegevens aanvrager Op 22 januari 2021 hebben wij een aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) ontvangen. Het betreft een verzoek van: WP Hoge Zijpolder B.V. Mevrouw J. Rommens Zevenbergseweg 44 4871 NJ Etten-Leur Het project waarvoor vergunning wordt gevraagd is als volgt te omschrijven: het bouwen van 1 windturbine op het adres Lamsweg ongenummerd. Een uitgebreide projectomschrijving is opgenomen in de ruimtelijke onderbouwing die als bijlage hoort bij deze beschikking. Gelet op bovenstaande omschrijving wordt vergunning gevraagd voor de volgende in de Wabo omschreven omgevingsaspecten: 1. de activiteit “het (ver)bouwen van een bouwwerk (artikel 2.1 lid 1 onder a)”; 2. de activiteit “het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan, (artikel 2.1 lid 1 onder c)”; Bevoegd gezag Op 6 november 2020 hebben Burgemeester en Wethouders een brief (C2270425/4772717) van Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant ontvangen, met het besluit dat artikel 9f, eerste en tweede lid van de Elektriciteitswet 1998 niet van toepassing is op de toevoeging van een vierde turbine aan het bestaande windpark Groene Dijk.

Door dit besluit is de gemeente Etten-Leur op grond van artikel 2.4 eerste lid van de Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht in samenhang met artikel 3.3 en bijlage I onderdeel C, onder categorie 20 van het Besluit omgevingsrecht bevoegd gezag betreffende deze aanvraag om omgevingsvergunning In artikel 6.5 Besluit omgevingsrecht (Bor) is geregeld dat -voor zover de aanvraag betrekking heeft op het gebruik van gronden waarbij met toepassing van artikel 2.12 lid 1 onder a, onder 3 Wabo wordt afgeweken van het bestemmingsplan- de raad het bevoegde bestuursorgaan is om over een verklaring van geen bedenkingen te beslissen. De raad is immers ook het bevoegde orgaan als het gaat om bestemmingsplannen. Door een verklaring van geen bedenkingen af te geven, verklaart de gemeenteraad geen bedenkingen te hebben tegen het afgeven van de omgevingsvergunning voor het afwijken van het bestemmingsplan. Zonder een verklaring van geen bedenkingen kan de voorbereidingsprocedure om te komen tot verlening van de omgevingsvergunning voor de activiteit afwijken van het bestemmingsplan dan ook niet worden gestart (artikel 2.27 Wabo). De gemeenteraad heeft op 12 april 2021 de ontwerp-verklaring van geen bedenkingen afgegeven. Op XX 2021 heeft de gemeenteraad de definitieve verklaring van geen bedenkingen afgegeven.

De besluitvormingsprocedure is uitgevoerd overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.10 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. De aanvraag is beoordeeld voor het “Bouwen” aan artikel 2.10, en voor het “Handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening” aan artikel 2.12 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Voorts is de aanvraag getoetst aan het Besluit omgevingsrecht en de Ministeriele regeling omgevingsrecht. Voor het “Bouwen”, en “Handelen in strijd met regels ruimtelijke Ordening” zijn wij voornemens de gevraagde omgevingsvergunning te verlenen.

2021OG0037-01

BAG-documentnummer: Z-297110

5

Besluitvormingsprocedure Op deze aanvraag is conform artikel 3.10 van de Wabo juncto artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) de uitgebreide procedure van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) van toepassing. Daarnaast is voor dit project op grond van artikel 3.30, lid 1 Wro de coördinatieregeling van toepassing. Dit houdt in, dat alle besluiten die betrekking hebben op het project in één procedure worden genomen en ter inzage worden gelegd. De bevoegdheid en verantwoordelijkheid voor deze coördinatie ligt bij de gemeente Etten-Leur. Ontvankelijkheid Artikel 2.8 van de Wabo biedt de grondslag voor een geharmoniseerde regeling van de indieningsvereisten. Dit betreft de gegevens en bescheiden die bij een aanvraag om een omgevingsvergunning moeten worden gesteld om tot een ontvankelijke aanvraag te komen. De regeling is uitgewerkt in paragraaf 4.2 van het Bor, met een nadere uitwerking in de Ministeriële regeling omgevingsrecht (Mor). Na ontvangst van de aanvraag hebben wij deze aan de hand van de Mor getoetst op ontvankelijkheid. Wij zijn van oordeel dat de aanvraag voldoende informatie bevat voor een goede beoordeling van de gevolgen van de activiteit op de fysieke leefomgeving. De aanvraag is dan ook ontvankelijk en in behandeling genomen.

Ter inzage legging Tussen 13 mei 2021 en 24 juni 2021 heeft een ontwerp van deze beschikking ter inzage gelegen en is een ieder in de gelegenheid gesteld om zienswijzen naar voren te brengen. Van deze gelegenheid is wel gebruik gemaakt. Samengevat betreft het de volgende zienswijze(n): Tijdens bovengenoemde periode zijn vijf zienswijzen ingediend. Na overleg is één zienswijze ingetrokken. Drie zienswijzen zijn ingediend bij zowel het college van burgemeester en wethouders (over het ontwerp-besluit omgevingsvergunning) als bij de gemeenteraad (over de ontwerp-vvgb). Eén zienswijze is ingediend bij het college van burgemeester en wethouders en heeft alleen betrekking op het ontwerp-besluit omgevingsvergunning. De zienswijzen zijn in bijgevoegde Nota beantwoording zienswijzen Windturbine Hoge Zijpolder van een reactie voorzien. De zienswijzen geven geen aanleiding om de vvgb niet af te geven dan wel de omgevingsvergunning in het belang van een goede ruimtelijke ordening te weigeren. Uit de ruimtelijke onderbouwing blijkt dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Wel geven de zienswijzen aanleiding tot aanpassing van de omgevingsvergunning: een voorschrift is toegevoegd ter borging van de verplichte compensatie als gevolg van negatieve effecten van de windturbine op het nabijgelegen Natuurnetwerk Brabant Leurse Haven en Kelsdonk.

Om eventuele negatieve effecten in beeld te brengen is aanvullend akoestisch onderzoek gedaan en zijn berekeningen uitgevoerd. Uit dit onderzoek volgt dat een compensatieplicht aan de orde is. De omvang van de daadwerkelijke financiële compensatie is afhankelijk van de keuze voor het uiteindelijke type windturbine. Door de initiatiefnemers zal conform artikel 3.16 en 3.22 van de provinciale Interim omgevingsverordening aan de compensatieplicht moeten worden voldaan. Mede als gevolg hiervan is ook de ruimtelijke onderbouwing op enkele punten aangevuld. Advies, aanwijzing minister, verklaring van geen bedenkingen In de Wabo en het Bor worden bestuursorganen vanwege hun specifieke deskundigheid of betrokkenheid aangewezen als adviseur. Gelet op het bepaalde in artikel 2.26 Wabo, alsmede de artikelen 2021OG0037-01

BAG-documentnummer: Z-297110

6

6.1 tot en met 6.5 van het Bor, hebben wij de aanvraag voor advies aan de gemeenteraad van de gemeente Etten-Leur gezonden. Naar aanleiding hiervan hebben wij de volgende adviezen ontvangen: • •

Besluit gemeenteraad d.d. 12 april 2021 tot afgifte van een ontwerp verklaring van geen bedenkingen. Besluit gemeenteraad d.d. XX 2021 tot afgifte van een definitieve verklaring van geen bedenkingen.

2021OG0037-01

BAG-documentnummer: Z-297110

7

Het (ver)bouwen van een bouwwerk (artikel 2.1 lid 1 onder a) A. Overwegingen Bij het nemen van het besluit hebben wij voor deze activiteit overwogen dat: deze voldoet aan het gestelde in het Bouwbesluit; deze voldoet aan de voorschriften van de Bouwverordening van de gemeente Etten-Leur; deze niet in overeenstemming is met het ter plaatse geldende bestemmingsplan “Buitengebied”; deze in het kader van de beoordeling aan redelijke eisen van welstand om advies is voorgelegd aan de welstandscommissie; uit het advies van de welstandscommissie d.d. 16 februari 2021 blijkt, dat het (voorlopige) uiterlijk en de plaatsing van het bouwwerk zowel op zichzelf als in verband met de omgeving of de te verwachten ontwikkeling daarvan, voldoet aan de redelijke eisen van welstand; dit uitgebrachte advies van de welstandscommissie door ons wordt onderschreven; wij op basis van het bovenstaande van oordeel zijn dat de gevraagde vergunning voor wat betreft deze activiteit kan worden verleend;

B. Voorschriften De volgende voorschriften zijn aan deze activiteit verbonden: 1.

met het bouwen van een bouwwerk waarvoor omgevingsvergunning is verleend mag niet worden begonnen alvorens door of namens burgemeester en wethouders: a. b.

het straatpeil is aangegeven; de rooilijnen en/of bebouwingsgrenzen op het bouwterrein zijn uitgezet;

Het referentiepunt zal nog nader aangegeven worden. Hiertoe dient, ten minste drie weken voorafgaand aan de geplande start van de voorbereidende werkzaamheden voor de start van de bouw, contact te worden opgenomen met de afdeling Leefomgeving. 2.

met betrekking tot de reeds bij ons ingediende constructieve gegevens geldt dat met (onderdelen van) de bouwconstructie mag worden begonnen nadat de betreffende gegevens zijn goedgekeurd.

3.

later te verstrekken constructieve gegevens en bescheiden moeten uiterlijk 3 weken voor de uitvoering van de betreffende constructies worden ingediend. Voor een opsomming van de gegevens wordt verwezen naar bijgaande bijlage ‘Later te verstrekken constructieve gegevens en bescheiden’.

4.

de vergunninghouder dient de verantwoordelijkheid voor de constructieve samenhang gedurende de nadere uitwerking en uitvoering expliciet te regelen.

5.

Uiterlijk zes weken voorafgaand aan de start van de bouwwerkzaamheden moeten de volgende bescheiden zijn ingediend: a. gegevens en bescheiden over veiligheid en het voorkomen van hinder tijdens het bouwen, met de volgende onderdelen: 1. één of meer tekeningen waaruit de bouwplaatsinrichting blijkt met: a. de toegang tot de bouwplaats inclusief afscheiding en afsluiting van de bouwplaats; b. de ligging van het te bebouwen perceel en de omliggende wegen en bouwwerken; c. de situering van het bouwwerk; d. de aan- en afvoerwegen; e. de laad-, los- en hijszones;

2021OG0037-01

BAG-documentnummer: Z-297110

8

f. g.

2.

3. 6.

7.

de plaats van bouwketen; de grenzen van het bouwterrein waarbinnen alle bouwactiviteiten, inclusief het laden en lossen, plaatsvinden; h. de in of op de bodem van het perceel aanwezige leidingen; i. de plaats van al het ander hulpmaterieel en opslag van materialen; j. gegevens en bescheiden over de toe te passen bouwmethodiek en de toe te passen materialen, materieel, hulp- en beveiligingsmiddelen bij de bouwwerkzaamheden; indien een bouwput moet worden gemaakt voor een ondergronds gelegen bouwdeel: a. de hoofdopzet van de verticale bouwputafscheiding en de bouwputbodem; b. de uitgangspunten voor een bemalingsplan; de uitgangspunten voor een monitoringsplan ter voorkoming van schade aan naburige bouwwerken;

Om graafschade te voorkomen en veiligheid van de graver en de directe omgeving te bevorderen, moet voorafgaand aan een mechanische grondroering , een zogenaamde “Klic-melding” worden gedaan. De Wet informatie uitwisseling ondergrondse netten (beter bekend als de “grondroerdersregeling”) verplicht iedere grondroerder (graver) hiertoe. Deze melding kunt u doen via Klic-online (www.klic.nl). Om een goede verhouding/afstemming tussen de ashoogte en de diameter van de rotor te borgen in relatie tot het bestaande windpark Groene Dijk II, dienen voorafgaand aan de definitieve keuze van de initiatiefnemer, het definitieve type windturbine met bijbehorende definitieve ashoogte en diameter van de rotor en de definitieve tiphoogte te worden aangeleverd en ter goedkeuring te worden voorgelegd aan het college van burgemeester en wethouders.

2021OG0037-01

BAG-documentnummer: Z-297110

9

Het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan, een beheersverordening, een exploitatieplan, regels gesteld door Rijk of Provincie of een voorbereidingsbesluit (artikel 2.1 lid 1 onder c) A. Overwegingen Bij het nemen van het besluit hebben wij voor deze activiteit overwogen dat: ter plaatse het bestemmingsplan “Buitengebied” van kracht is; aan het perceel Lamsweg ongenummerd, waarop de aanvraag betrekking heeft en waarop de windturbine is gesitueerd, de bestemming “Agrarisch met waarden” is toegekend; de op de planverbeelding voor “Agrarisch met waarden” aangewezen gronden uitsluitend mogen worden gebruikt ten behoeve van grondgebonden agrarische bedrijven, niet zijnde grondgebonden veehouderijen; de aanvraag omgevingsvergunning voorziet in het bouwen van 1 windturbine, welke ten dienste is van een niet agrarische bedrijvigheid; de windturbine een ashoogte heeft van minimaal 112 meter en maximaal 140 meter; de rotordiameter minimaal 136 meter en maximaal 170 meter bedraagt; de tiphoogte minimaal 180 meter en maximaal 200 meter bedraagt; de aanvraag derhalve niet voldoet aan genoemd bestemmingsplan; in geval de activiteit “(ver)bouwen” strijdig is met het bestemmingsplan, de aanvraag ingevolge artikel 2.10 lid 2 Wabo, mede aangemerkt moet worden als een aanvraag om een vergunning voor een activiteit als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 onder c Wabo; de

omgevingsvergunning ingevolge artikel 2.12 lid 1 aanhef en onder a sub 3° Wabo slechts kan worden verleend indien de activiteit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening en de motivering van het besluit een goede ruimtelijke onderbouwing bevat; ingevolge artikel 2.27 Wabo jo artikel 6.5 lid 1 Bor is een verklaring van geen bedenkingen van de gemeenteraad van Etten-Leur vereist voor deze activiteit; de gemeenteraad van Etten-Leur op 12 april 2021 heeft besloten te verklaren geen bedenkingen te hebben. de ontwerp-verklaring van geen bedenkingen ter inzage heeft gelegen, gelijktijdig met de ontwerpbeschikking omgevingsvergunning.

hetgeen is weergegeven in de ruimtelijke onderbouwing “Windturbine Hoge Zijpolder” met bijbehorende bijlagen en in het raadsvoorstel met betrekking tot de afgifte van de verklaring van geen bedenkingen, in de overwegingen van dit besluit is betrokken; genoemde ruimtelijke onderbouwing “Windturbine Hoge Zijpolder”, met bijbehorende bijlagen een beschrijving bevat van het project, alsmede de ruimtelijke onderbouwing zelf en de afwegingen die aan het verlenen van de omgevingsvergunning ten grondslag liggen; de Ruimtelijke onderbouwing “Windturbine Hoge Zijpolder”, met bijbehorende bijlagen van dit besluit onderdeel uitmaakt en als zodanig is gewaarmerkt; gelet op hetgeen in de ruimtelijke onderbouwing is beschreven, en gelet op het feit: • dat de conclusies uit het akoestisch onderzoek (bijlage 1A, d.d. 19 april 2021, versie 0.4) door het college worden gedeeld;

2021OG0037-01

BAG-documentnummer: Z-297110

10

•

dat de conclusies uit het slagschaduwonderzoek (bijlage 1B, d.d. 19 april 2021, versie 0.3) door het college worden gedeeld;

•

dat de conclusies uit het natuurrapport (bijlage 1C, d.d. 19 april 2021) door het college worden gedeeld;

•

dat de conclusies uit het externe veiligheidsonderzoek (bijlage 1D, d.d. 16 april 2021, versie 0.2) door het college worden gedeeld;

•

dat de conclusies uit het rapport radarhindertoetsing (bijlage 2, d.d. 17 december 2020) door het college worden gedeeld;

•

dat de realisatie van windturbine “Hoge Zijpolder”, welke landschappelijk gezien een eenheid vormt met het bestaande windpark “Groene Dijk II” als ‘lijn’ zichtbaar zal zijn in het landschap. De windturbines hebben een impact op de (lokale) visuele rust en horizon en met de extra windturbine (Hoge Zijpolder) zal deze impact in zeer kleine mate toenemen;

•

bij de realisatie van de windturbine op de opgegeven locatie wordt de archeologische drempelwaarde zoals opgenomen in het bestemmingsplan “Buitengebied” niet overschreden. Geconcludeerd wordt dat de aspecten archeologie en cultuurhistorie de uitvoering van het project niet in de weg staan;

•

uit overleg met Waterschap Brabantse Delta geconcludeerd kan worden dat er geen vergunningsplicht en/of en meldingsplicht optreedt bij de realisatie van de beoogde windturbine;

•

het onderdeel water de uitvoering van het project niet in de weg staat;

het project voor het plaatsen van de windturbine planologisch aanvaardbaar moet worden geacht en medewerking aan het project voor de hand ligt; er maatwerkvoorschriften (voorwaarden) in dit besluit zijn opgenomen om overlast van slagschaduw te voorkomen; er maatwerkvoorschriften (voorwaarden) in dit besluit zijn opgenomen om een overschrijding van de bovenwettelijke cumulatieve geluidsnorm te voorkomen; er voorschriften (voorwaarden) in dit besluit zijn opgenomen ter borging van de verplichte compensatie van negatieve effecten ten aanzien van Natuurnetwerk Brabant die volgt uit artikel 3.16 lid 1 en artikel 3.22 lid 1 van de provinciale Interim omgevingsverordening; in eerder genoemde stukken die in de overwegingen van dit besluit zijn betrokken, is gemotiveerd aangegeven, dat er geen aanleiding is om de aanvraag voor de windturbine te weigeren; voornoemde motiveringen van deze besluitvorming ongewijzigd worden overgenomen; wij op 10 februari 2021, in het kader van het Wettelijk vooroverleg, een positief (water) advies (datum 10-02-2021, kenmerk 366643) van het Waterschap Brabantse Delta hebben ontvangen:

2021OG0037-01

BAG-documentnummer: Z-297110

11

wij op 17 februari 2021, in het kader van het Wettelijk vooroverleg, een positieve reactie (datum 1702-2021, met kenmerk C2275870/4840220) van de Provincie Noord-Brabant hebben ontvangen, waarin is aangegeven dat het plan in overeenstemming is met de provinciale belangen; de raad van de gemeente Etten-Leur op 12 april 2021 de ontwerp verklaring van geen bedenkingen heeft afgegeven; de raad van de gemeente Etten-Leur op XX 2021 de definitieve verklaring van geen bedenkingen heeft afgegeven; de gemeente Etten-Leur onderdeel uitmaakt van de RES-regio West-Brabant. Hierin onderstrepen West-Brabantse gemeenten hun rol in het realiseren van de landelijke ambities inzake energiebesparing, duurzame energie en C02-reductie; wij op basis van het bovenstaande van oordeel zijn dat de gevraagde vergunning voor wat betreft deze activiteit kan worden verleend;

B. Voorschriften De volgende voorschriften zijn aan deze activiteit verbonden: 1.

het in gebruik nemen en houden van de windturbine is slechts toegestaan indien een stilstandvoorziening is aangebracht in of op de turbine ter voorkoming van slagschaduw op woningen van derden binnen een straal van 2,0 kilometer rondom de windturbine. Deze regeling geldt in aanvulling op het gestelde in de Activiteitenregeling milieubeheer artikel 3.12;

2.

door middel van de beschikbare instellingen van de windturbine kan het bronvermogen gereduceerd worden. Dit betreffen geluid-reducerende voorzieningen waarmee onder meer het toerental van de windturbine wordt verlaagd. Uit het akoestisch onderzoek is gebleken dat door het toepassen van geluid reducerende modi tevens in cumulatie met de bestaande windturbines de immissies beperkt kunnen worden tot 47dB Lden ter plaatse van woningen van derden. De woning met de hoogste immissie vanwege de windturbine betreft Zevenbergseweg 42 A. Deze woning ontvangt in de bestaande situatie 42db Lden- aan windturbinegeluid van bestaande windturbines. De windturbine dient dusdanig te worden ingesteld dat deze niet meer dan 46 dB Lden mag bijdragen op de woning Zevenbergseweg 42A om het totale cumulatieve windturbinegeluid op deze woning niet meer dan 47dB Lden te laten bedragen.

3.

Om een goede verhouding/afstemming tussen de ashoogte en de diameter van de rotor te bergen in relatie tot het bestaande windpark Groene Dijk II, dienen voorafgaand aan de definitieve keuze van de initiatiefnemer, het definitieve type windturbine met bijbehorende definitieve ashoogte en diameter van de rotor en de definitieve tiphoogte te worden aangeleverd en ter goedkeuring te worden voorgelegd aan het college van burgemeester en wethouders.

4.

Ingevolge artikel 3.37 lid 2 onder a van de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant bedraagt de termijn van het in werking hebben van windturbine Hoge Zijpolder maximaal 25 jaar (de exploitatietermijn) na het moment van ingebruikname van de windturbine. Van ingebruikname is sprake op het moment van aanmelden van eerste productie bij Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). De exploitatietermijn vangt in ieder geval 4 jaar na de dag van het onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning van XX 2021, met kenmerk 2021OG0037-01, aan. Ingevolge artikel 3.37 lid 2 onder b wordt binnen 3 maanden na het verstrijken van de exploitatietermijn, of zoveel eerder indien de windturbine niet meer (permanent) wordt gebruikt voor

2021OG0037-01

BAG-documentnummer: Z-297110

12

de opwekking van energie, de windturbine met alle bijbehorende voorzieningen door/namens vergunninghouder op milieuhygiënisch verantwoorde wijze te zijn ontmanteld en verwijderd en moet het perceel, kadastraal bekend gemeente Etten-Leur, sectie M, nummer 62 (waaronder de ondergrond van het perceel), voor zover de windturbine daarop/-in was gerealiseerd, zijn hersteld in de vóór de verlening van de omgevingsvergunning bestaande toestand. De bestaande toestand wordt vooraf door/namens vergunninghouder vastgesteld door middel van een fotoreportage die ten minste 4 weken voor aanvang van de werkzaamheden bij het college van burgemeester en wethouders wordt ingediend. Ongeacht het voorgaande is het einde van de exploitatietermijn van windturbine Hoge Zijpolder gelijk aan die van het reeds bestaande windpark Groene Dijk II. Dit betekent dat de drie windturbines van windpark Groene Dijk II én windturbine Hoge Zijpolder tegelijkertijd moeten worden afgebroken zoals overeengekomen in de afbraakovereenkomst (bijlage 3 van de anterieure overeenkomst). 5.

Voor de (financiële) borging dat de windturbine na afloop van daadwerkelijk gebruik wordt verwijderd conform artikel 3.37 lid 2 onder b en c van de Interim omgevingsverordening, wordt verwezen naar de afbraakovereenkomst welke is gesloten met vergunninghouder. De boeteclausule in de afbraakovereenkomst kent een hoogte waarmee verwijdering van de windturbine kan worden uitgevoerd. Hiermee is verwijdering van de windturbine financieel zekergesteld.

6.

Ingevolge artikel 3.16 lid 1 en artikel 3.22 lid 1 van de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant moet mogelijk natuurcompensatie plaatsvinden om eventuele negatieve effecten op Natuurnetwerk Brabant te compenseren, in dit geval verstoring van Natuurnetwerk Brabant ten gevolge van windturbinegeluid. Nadat een keuze is gemaakt voor het definitieve windturbinetype dient vergunninghouder onderzoek te laten doen naar de definitieve hoogte van de financiele compensatie. De uitkomsten van dit onderzoek sluit initiatiefnemer rechtstreeks kort met de provincie Noord-Brabant. Voorafgaand aan de start van de bouwwerkzaamheden dient vergunninghouder – indien blijkt dat compensatie moet plaatvinden – concrete afspraken te maken met de provincie Noord-Brabant over deze compensatie en de invulling van deze verplichting. Eventuele compensatie komt geheel en voor eigen rekening van vergunninghouder.

2021OG0037-01

BAG-documentnummer: Z-297110

Bijgevoegde documenten De volgende documenten worden meegezonden met de beschikking en zijn als gewaarmerkt stuk bijgevoegd: - Aanvraagformulier omgevingsvergunning met stempeldatum ontvangst d.d. 22 januari 2021; -

Toelichting omgevingsvergunning aanvraag versie 0.2 met stempeldatum ontvangst d.d. 20 april 2021;

-

Ruimtelijke onderbouwing “Windturbine Hoge Zijpolder” versie 0.10 (datum 19-08-2021): 1a)

Akoestisch onderzoek “Windturbine Hoge Zijpolder” versie 0.4 (datum 19-04-2021);

1b)

Slagschaduwonderzoek “Windturbine Hoge Zijpolder” versie 0.3 (datum 19-04-2021);

1c)

Natuurrapport “Windturbine Hoge Zijpolder” (datum 19-04-2021);

1d)

Onderzoek externe veiligheid “Windturbine Hoge Zijpolder” versie 0.2 (datum 16-042021);

1e)

Visualisaties “Windturbine Hoge Zijpolder” versie 0.2;

1f)

Ondertekend raadsbesluit ontwerp verklaring van geen bedenkingen (datum 12-042021);

-

Bijlage 2, radarhindertoetsing “Windturbine Hoge Zijpolder” (datum 17-12-2020) met stempeldatum ontvangst 22 januari 2021;

-

Bijlage 3, situatietekening “Windturbine Hoge Zijpolder” (datum 12-11-2020) met stempeldatum ontvangst 22 januari 2021;

-

Bijlage 4, voor en zijaanzicht “Windturbine Hoge Zijpolder” (datum 20-11-2020) met stempeldatum ontvangst 16 april 2021;

-

Bijlage 5, melding activiteitenbesluit “Windturbine Hoge Zijpolder” (datum 22-01-2021) met stempeldatum ontvangst 22 januari 2021;

-

Volmacht (datum 20-01-2021) met stempeldatum ontvangst 22 januari 2021;

-

Verklaring grondeigenaar inzake toestemming bouw “Windturbine Hoge Zijpolder” (datum 1902-2021) met stempeldatum ontvangst 22 februari 2021;

-

Nota beantwoording zienswijzen Windturbine Hoge Zijpolder, d.d. 15-07-2021.

Bijlage : Later te verstrekken constructieve gegevens en bescheiden

B1 Later te verstrekken constructieve gegevens en bescheiden m.b.t. het bouwveiligheidsplan • •

gegevens en bescheiden over de toe te passen bouwmethodiek en de toe te passen materialen, materieel, hulp- en beveiligingsmiddelen bij de bouwwerkzaamheden; indien een bouwput moet worden gemaakt voor een ondergronds gelegen bouwdeel: o de hoofdopzet van de verticale bouwputafscheiding en de bouwputbodem; o de uitgangspunten voor een bemalingsplan; o de uitgangspunten voor een monitoringsplan ter voorkoming van schade aan naburige bouwwerken.

B2 Later te verstrekken constructieve gegevens en bescheiden •

gegevens en bescheiden met betrekking tot belastingen en belastingcombinaties (sterkte en stabiliteit) en de uiterste grenstoestand van alle (te wijzigen) constructieve delen van het bouwwerk alsmede het bouwwerk als geheel, voor zover het niet de hoofdlijn van de constructie dan wel het constructieprincipe betreft.

Uit de in te dienen stukken dient de constructieve samenhang binnen gelijksoortige en tussen verschillende soorten constructies te blijken.

B3 Uitwerking indieningsvereisten EEM-berekeningen1 Steeds vaker worden bij de gemeentelijke Bouwtoezichten, als gevolg op het gebruik van de huidige geavanceerde computerprogramma’s, berekeningen ter beoordeling ingediend van ruimtelijke bouwconstructies die driedimensionaal (3D) zijn berekend. De basis van deze berekeningen vindt zijn oorsprong in de Eindige-ElementenMethode (EEM). Het beoordelen van de (complexe) 3D berekeningen door bouwtoezicht is een bijna onmogelijke opgave vanwege de dikke ondoorgrondelijke berekeningspakketten met eindeloze tabellen en figuren. Om meer inzicht te kunnen verkrijgen in de ingediende EEM-berekeningen heeft het Centraal Overleg Bouwconstructies (COBc) de “Uitwerking Indieningsvereisten EEM-berekeningen” (www.COBc.nl) opgesteld. In aanvulling op de Mor staat hierin omschreven welke gegevens minimaal moeten worden aangeleverd om EEM-berekeningen op een adequate en efficiënte wijze te kunnen beoordelen.

B4 Uitwerking indieningsvereisten bouwputten (bouwveiligheidsplan) Artikel 2.2 onderdeel 6 van de Mor vermeldt dat in het bouwveiligheidsplan de hoofdopzet van de verticale bouwputafscheiding moet worden beschreven. Ook moeten de uitgangspunten voor een bemalingsplan worden beschreven, indien een bouwput moet worden gemaakt voor een ondergronds gelegen bouwdeel. De term “hoofdopzet” wordt in de Mor niet nader gedefinieerd. Ter voorkoming van discussies moet de “hoofdopzet” minimaal de volgende gegevens bevatten:

Bron: Compendium Aanpak Constructieve Veiligheid (editie 2011), een initiatief van de VROM-Inspectie en de Betonvereniging

•

grondmechanisch advies, inclusief sonderingen ter plaatse van de te maken bouwput (aanbevolen wordt om ook gegevens van grondboringen mee te leveren);

•

gegevens (berekening en tekening) van de te maken bouwputafscheiding, indien van toepassing inclusief gegevens van het stempelraam en de verankering; invloed van het trekken van de damwand op de gerealiseerde funderingspalen binnen en buiten de bouwput;

• • • • • • • •

indien van toepassing: de wijze waarop de funderingspalen binnen de bouwput worden gerealiseerd; invloed van de grondwaterstand in de omgeving; indien van toepassing: inventarisatie van de funderingen en van de bouwwerken in de nabije omgeving; trillingsinvloed op de nabije omgeving; inschatting van de te verwachten waterremming van de waterafsluitende laag; inschatting van lekkage van de bouwputafscheiding; plaatsing van peilbuizen in de nabije omgeving van de bouwputafscheiding.

Aanbevolen wordt de gegevens van de bouwputafscheiding en van de bemaling voor te bespreken met het bevoegd gezag.2 Verder wordt aandacht gevraagd voor: • • • •

onderzoek naar bodem- en waterverontreiniging; wateronttrekkingsvergunning of melding; grondwater beschermingsverordening in waterwingebieden; raadpleging Waterschappen.

Bron: Compendium Aanpak Constructieve Veiligheid (editie 2011), een initiatief van de VROM-Inspectie en de Betonvereniging

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EttenLeur&id=c78f9392-dda4-4b57-a44d-e92e459c95b5