Bijlage 1 - Bodemonderzoek.pdf
Tekst van het document
Verkennend bodemonderzoek Vlaamse Schuur te Etten-Leur
Verkennend bodemonderzoek Vlaamse Schuur te Etten-Leur Aeres Milieu Projectnummer Status rapport Datum
: AM20391 : Definitief (versie 1) : 3 mei 2021
Opdrachtgever
: Accent Adviseurs Luchthavenweg 13E 5657 EA Eindhoven
Opgesteld door Paraaf
: BEd L. Koomen :
Gecontroleerd door Paraaf
: ing. T.K.P.G. Thijssen :
Aeres Milieu B.V. Noordhoven 4 6042 NW ROERMOND (t) 0475 – 320 000 e-mail: info@aeres-milieu.nl www.aeres-milieu.nl
2001 + 2002
Disclaimer Het onderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden (opzet conform NEN 5740 en interpretatie aan de hand van de Leidraad Bodembescherming). Opgemerkt wordt dat bij een verkennend bodemonderzoek sprake is van een steekproefsgewijze bemonstering en het nemen van een beperkt aantal monsters. De mogelijkheid blijft daarom bestaan dat puntverontreinigingen, welke niet voortkomen uit het historisch onderzoek, niet door het onderzoek worden aangetoond. Daarnaast blijft het mogelijk dat lokale afwijkingen in de samenstelling van het bodemmateriaal voorkomen. Tot slot wordt erop gewezen dat het uitgevoerde bodemonderzoek een momentopname is. Het bovenstaande betekent dat Aeres Milieu op voorhand geen aansprakelijkheid accepteert voor maatregelen of mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Aeres Milieu uitgevoerde bodemonderzoek neemt. Tevens wordt opgemerkt dat Aeres Milieu voor het verkrijgen van de voor het historisch onderzoek noodzakelijke informatie (mede) afhankelijk is van externe bronnen. Voor Aeres Milieu is niet te verifiëren of deze bronnen altijd volledig en zonder fouten zijn. Hierdoor kan Aeres Milieu niet instaan voor de juistheid en volledigheid van de verzamelde historische informatie.
Pagina | 2 AM20391
INHOUDSOPGAVE 1. INLEIDING ........................................................................................................................................................................................................................4 2.
VOORONDERZOEK .............................................................................................................................................................................................5 2.1
Inleiding ............................................................................................................................................................................................................5
2.2
Topografische beschrijving........................................................................................................................................................................5
2.3
Historisch overzicht en omgeving .........................................................................................................................................................6
2.4
Dossieronderzoek ..........................................................................................................................................................................................6
2.5
Bodemopbouw en geo(hydro)logie .......................................................................................................................................................7
2.6
Beschrijving van de onderzoekslocatie .................................................................................................................................................7
2.7
Asbest ................................................................................................................................................................................................................8
2.8
Bodemkwaliteitskaart Midden- en West-Brabant..............................................................................................................................8
2.9
Onderzoekshypothese .................................................................................................................................................................................8
3.
ONDERZOEKSSTRATEGIE ................................................................................................................................................................................9 3.1
Inleiding ............................................................................................................................................................................................................9
3.2
Onderzoeksstrategie ....................................................................................................................................................................................9
4.
VELDWERKZAAMHEDEN ............................................................................................................................................................................... 10 4.1
Algemeen ...................................................................................................................................................................................................... 10
4.2
Grondbemonstering ................................................................................................................................................................................... 10
4.3
Grondwatermonstername ........................................................................................................................................................................ 11
5.
LABORATORIUMONDERZOEK..................................................................................................................................................................... 12 5.1
Algemeen ...................................................................................................................................................................................................... 12
5.2
Grond(meng)monster(s)............................................................................................................................................................................ 12
5.3
Grondwatermonster(s) .............................................................................................................................................................................. 13
5.4
Toetsing van de gestelde hypothese .................................................................................................................................................. 14
6. CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ...................................................................................................................................................................... 15
Bijlagen: 1 2 3 4 5 6 7
Topografische en kadastrale overzichtskaart Foto’s onderzoekslocatie Situatietekening onderzoekslocatie met boorpunten Boorprofielen en zintuiglijke waarnemingen Verklaring veldmedewerker Toetsingstabellen en analyserapport grond(meng)monster(s) Toetsingstabellen en analyserapport grondwatermonster(s)
Pagina | 3 AM20391
1. INLEIDING In opdracht van Accent Adviseurs heeft Aeres Milieu een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op de locatie: Adres onderzoekslocatie
: Vlaamse Schuur te Etten-Leur
Gemeente
: Etten-Leur
Kadastrale registratie
: Etten-Leur, sectie P, nummers 2613 en 2614 (beide gedeeltelijk)
Oppervlakte
: circa 3.875 m2
Huidig gebruik van de locatie
: tuin en schuur
Toekomstig gebruik
: wonen met tuin
Dit bodemonderzoek is uitgevoerd conform de richtlijnen van de NEN 5740. Het verkennend bodemonderzoek bestaat uit een vooronderzoek naar de historie en bodemgesteldheid van de onderzoekslocatie en aanvullend hierop een bodemonderzoek op het perceel.
Aanleiding De aanleiding voor het laten uitvoeren van dit bodemonderzoek is de voorgenomen herontwikkeling van de onderzoekslocatie, Ter plaatse is de realisatie van 11 woningen voorzien.
Doel Het doel van het verkennend onderzoek is, middels een steekproef, het vaststellen van de actuele bodemkwaliteit ter plaatse. Het onderzoek is niet bedoeld om een exacte aard en omvang van een eventuele verontreiniging aan te geven.
Onderzoek Aeres Milieu B.V. heeft geen binding met de opdrachtgever en de onderzoekslocatie anders dan als onafhankelijk onderzoeksbureau. In hoofdstuk 2 is het vooronderzoek en de daaruit volgende onderzoekshypothese beschreven. Naar aanleiding van de opgestelde hypothese wordt in hoofdstuk 3 de onderzoeksstrategie opgesteld. In hoofdstuk 4 worden de veldwerkzaamheden (grond-
en
grondwateronderzoek)
beschreven.
Hoofdstuk
5
beschrijft
de
laboratoriumwerkzaamheden
en
de
onderzoeksresultaten. Het rapport wordt afgesloten met hoofdstuk 6, waarin de conclusies en enkele aanbevelingen staan beschreven. Bemonstering en laboratoriumonderzoek vonden plaats in april en mei 2021. De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd conform de protocollen van de BRL SIKB 2000. De chemische analyses zijn uitgevoerd door SGS Environmental Analytics B.V. te Rotterdam. SGS Environmental Analytics B.V. is geaccrediteerd volgens de door de Raad voor Accreditatie gestelde criteria voor Testlaboratoria conform ISO/IEC 17025. Alle analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatie Schema 3000 (AS3000).
Pagina | 4 AM20391
2. VOORONDERZOEK 2.1
Inleiding
Conform het onderzoeksprotocol NEN 5725 is ten behoeve van de bepaling van de onderzoeksstrategie op onderhavige locatie een vooronderzoek uitgevoerd. De resultaten van dit vooronderzoek zijn opgenomen in voorliggend hoofdstuk. De in paragraaf 2.1 t/m 2.6 opgenomen informatie is afkomstig van/uit: •
de opdrachtgever;
•
het kadaster;
•
topotijdreis.nl;
•
gemeente Etten-Leur;
•
omgevingsdienst Midden- en West-Brabant;
•
het dinoloket;
•
terreininspectie.
In principe richt het vooronderzoek zich op alle percelen waarop het onderzoek betrekking heeft én de direct hieraan grenzende percelen. Indien een direct aangrenzend perceel smal (< 10 m breed) is, worden ook de percelen hier weer aan grenzend meegenomen. Indien de aangrenzende percelen groot zijn, wordt alleen het gedeelte van deze percelen binnen 25 meter vanaf de grens van de bodemonderzoekslocatie in beschouwing genomen, tenzij er aanleiding bestaat toch het gehele perceel te onderzoeken.
2.2
Topografische beschrijving
De onderzoekslocatie ligt tussen de Vlaamse Schuur en de Hoge Neerstraat te Etten-Leur. Kadastraal is de locatie bekend als gemeente Etten-Leur, sectie P, nummers 2613 en 2614 (beide gedeeltelijk). De coördinaten volgens het R.D. stelsel zijn X = 104.148/ Y = 398.170. Zie bijlage 1 voor een kadastrale kaart. Op onderstaande luchtfoto is de globale begrenzing van de onderzoekslocatie weergegeven.
Afbeelding 1: globale begrenzing onderzoekslocatie (Bron luchtfoto: PDOKviewer) Pagina | 5 AM20391
2.3
Historisch overzicht en omgeving
In het kader van het vooronderzoek is historisch kaartmateriaal bestudeerd. Uit kaartmateriaal van de geraadpleegde historische kaarten is af te leiden dat de onderzoekslocatie tot aan het begin van de jaren veertig van de 20ste eeuw onbebouwd is. De woning ten zuiden van de onderzoekslocatie is op de kaart uit 1900 al zichtbaar. Op de kaart uit 1999 is goed de toename van bebouwing rondom de onderzoekslocatie en de weg de Vlaamse Schuur zichtbaar.
1900
1940
1962
1980
1999
2010
Afbeelding 2: geraadpleegde historische kaarten (Bron kaarten: topotijdreis.nl)
2.4
Dossieronderzoek
Via de website van de omgevingsdienst Midden- en West-Brabant is bodeminformatie gedownload van de locatie en directe omgeving. Uit de rapportage blijkt dat er op de onderzoekslocatie niet eerder bodemonderzoeken zijn uitgevoerd. Voor het verkrijgen van historische informatie van de onderzoekslocatie is op 16 februari 2021 een informatieverzoek ingediend bij de gemeente Etten-Leur. Gevraagd is naar uitgevoerde bodemonderzoeken en/of bodemsaneringen, verleende hinderwet- of milieuvergunningen, bouw- en/of sloopvergunningen, de aanwezigheid van onder- en/of bovengrondse brandstoftanks, gegevens over calamiteiten en eventuele asbestinventarisaties. Tevens is gevraagd of de locatie en de directe omgeving verdacht is op het voorkomen van verhoogde gehalten aan PFAS en/of GenX, of dat er ter plaatse bronlocaties bekend zijn voor PFAS of GENX. In het gemeentelijk archief waren echter geen, voor het verkennend bodemonderzoek relevante, (milieu)dossiers beschikbaar. Pagina | 6 AM20391
In het verleden is voor de wijk de Vlaamse Schuur een indicatief onderzoek (rapport Grondmij, d.d. 01-08-1992) en een aanvullend onderzoek (rapport Grondmij, d.d. 01-11-1993) uitgevoerd. Conclusie is dat er geen belemmering is voor woningbouw en er geen aanleiding is voor nader onderzoek naar de sterk verhoogde gehalten aan zware metalen (nikkel en zink) in het grondwater. De verhogingen zijn te beschouwen als van nature verhoogde gehalten. Volgens de gemeente zijn er geen verhoogde gehalten en bronlocaties PFAS en/of GenX aanwezig ter plaatse van de onderzoekslocatie en de omgeving. Op de locatie heeft, voor zover bekend, geen bovengrondse of ondergrondse opslag van oliehoudende producten plaatsgevonden. Voor zover bekend hebben er op de locatie geen ophogingen, opvullingen of dempingen plaatsgevonden.
2.5
Bodemopbouw en geo(hydro)logie
De bodemopbouw van de onderzoekslocatie wordt schematisch weergegeven in tabel 2.1. Diepte [m-mv]
Lithostratigrafie
Lithologie
0 – 2,4
Formatie van Boxtel
Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en fijn zand, met weinig zandige klei en grof zand en een spoor klei, veen en grind
2,4 – 6,5
Formatie van Stramproy
Kleiige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit zandige klei, klei en midden zand, met weinig veen, fijn en grof zand en een spoor bruinkool
6,5 – 14,1
Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden, fijn en grof zand, met weinig klei en zandige klei en een spoor veen, bruinkool en grind
14,1 – 20,5
Formatie van Waalre
Kleiige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit zandige klei, klei en midden zand, met weinig veen, fijn en grof zand en een spoor grind
Tabel 2.1: Geo(hydro)logische indeling (bron: Dinoloket)
Het maaiveld ter plaatse van de onderzoekslocatie bevindt zich op een hoogte van circa 6,9 m+NAP. De stroming van het freatisch grondwater is globaal noordelijk gericht en bevindt zich op een hoogte van circa 5,5 m+NAP. De onderzoekslocatie bevindt zich niet binnen de grenzen van een grondwaterbeschermingsgebied.
2.6
Beschrijving van de onderzoekslocatie
Op 13 april 2021 is een veldinspectie uitgevoerd, hierbij is gelet op het terreingebruik en de aanwezigheid van ondergrondse tanks, stookplaatsen, (half)verhardingslagen, ophogingen, storthopen, dempingen, afgravingen en asbestverdacht materiaal op het terrein. De onderzoekslocatie bestaat grotendeels uit tuin. De tuin is ingericht met gras, bomen en struiken. Westelijk op de onderzoekslocatie staat een schuur met rondom een klinkerverharding. Het dak van de schuur is bedekt met dakpannen. Tijdens de veldinspectie is op het terrein geen asbestverdacht materiaal aangetroffen.
Pagina | 7 AM20391
Er zijn geen waarnemingen gedaan die wijzen op de aanwezigheid van bodemverontreinigingen of
bronnen van
verontreinigingen. Een fotoreportage van de onderzoekslocatie is opgenomen in bijlage 2. De onderzoekslocatie wordt aan de noord- en oostzijde begrensd door de Vlaamse Schuur, aan de zuidzijde door de Hoge Neerstraat en aan de westzijde door woningen aan de straat “Karnhuis”.
2.7
Asbest
Uit het dossieronderzoek en de uitgevoerde veldinspectie is geen informatie naar voren gekomen dat ter plaatse van de onderzoekslocatie asbestverdachte activiteiten hebben plaatsgevonden.
2.8
Bodemkwaliteitskaart Midden- en West-Brabant
Uit de interactieve bodemkwaliteitskaart van de regio Midden- en West-Brabant blijkt dat voor de onderzoekslocatie de ontgravingsklasse ‘AW2000’ geldt voor zowel de bovengrond als ondergrond. Op de bodemfunctieklassenkaart heeft de locatie de functieklasse ‘Wonen’.
2.9
Onderzoekshypothese
Gebaseerd op de verzamelde gegevens uit het vooronderzoek is de onderzoekslocatie als “onverdacht” beschouwd. De aanwezigheid van asbestverdacht materiaal in de bodem wordt niet verwacht (onverdacht).
Pagina | 8 AM20391
3. ONDERZOEKSSTRATEGIE 3.1
Inleiding
Op basis van de verzamelde informatie uit het vooronderzoek (NEN 5725) en de gestelde onderzoekshypothese(n) voor de onderzoekslocatie, is een onderzoeksstrategie opgesteld conform de richtlijnen van de onderzoeksnorm NEN 5740 (BodemLandbodem; Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek – Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond van het Nederlands Normalisatie-Instituut.
3.2
Onderzoeksstrategie
Het bodemonderzoek is uitgevoerd conform de strategie ‘ONV’ uit de NEN 5740. In principe worden boringen willekeurig verspreid over de gehele onderzoekslocatie. Voor het vaststellen van de milieuhygiënische conditie van de bodem (grond en grondwater) van de onderzoekslocatie zal volgens onderstaande strategie veldwerk en monstername voor laboratoriumanalyse plaatsvinden. ONDERZOEKSNORM NEN 5740 'ONV' Aantal boringen
Aantal te onderzoeken (meng)monsters
oppervlakte (m²)
tot 0,5 m
èn tot 2 m
èn met peilbuis
bovengrond
ondergrond
grondwater
3.875
10
2
1
2
1
1
NEN-grond incl. lutos
NEN-grond incl. lutos
NEN-grondwater
Analysepakket
Tabel 3.1: Veldwerk, monstername en analysestrategie volgens NEN 5740 ‘ONV’ Uit elke boring worden monsters genomen in trajecten van ten hoogste 0,5 m.
Legenda bij tabel 3.1 m: meter beneden maaiveld lutos: lutum en organische stofgehalte De bovengrond en de ondergrond worden onderzocht op de stoffen uit het NEN 5740 ‘standaardpakket’: • drogestof-bepaling • 9 zware metalen • 10 polycyclische aromatische koolwaterstoffen • 7 polychloorbifenylen (PCB) • minerale olie Tevens bepaalt het laboratorium het gehalte aan organische stof en lutumgehalte voor het vaststellen van een toetsingskader voor de lokale bodemkwaliteit. Het grondwater wordt onderzocht op de stoffen uit het NEN 5740 ‘standaardpakket’: • 9 zware metalen • 8 vluchtige aromatische koolwaterstoffen (incl. naftaleen) • 21 vluchtige gehalogeneerde koolwaterstoffen • minerale olie
Pagina | 9 AM20391
4. VELDWERKZAAMHEDEN 4.1
Algemeen
Conform de onderzoeksstrategie, zoals beschreven in hoofdstuk 3, is op de onderzoekslocatie een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. De werkzaamheden zijn uitgevoerd onder certificaat op grond van BRL SIKB 2000 conform protocollen 2001 en 2002 van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer. Voor het traceren van de kabels en leidingen is voorafgaand aan de uitvoering van de veldwerkzaamheden een KLIC melding verricht.
4.2
Grondbemonstering
Op 13 april 2021 zijn de boringen geplaatst volgens de in paragraaf 3.2 weergegeven onderzoeksstrategie.
De werkzaamheden zijn uitgevoerd door de heer H. van den Tillaar, erkend monsternemer in het kader van de BRL SIKB 2000 voor de protocollen 2001, 2002 en 2018.
De boringen zijn verricht met behulp van de Edelmanboor (ø 7 of 10 cm). Zie voor de boorpuntlocaties bijlage 3.
Gebaseerd op de diepte en stroming van het freatisch grondwater is een boring afgewerkt met een peilbuis (zie bijlage 2). Deze is centraal op de onderzoekslocatie geplaatst, ter plaatse van boorpunt 1. De bovenkant van het peilbuisfilter is onder de aangetroffen grondwaterstand geplaatst. Tijdens de installatie van de peilbuis is geen werkwater gebruikt.
Het opgeboorde bodemmateriaal is volgens de classificatienorm voor onverharde bodems (NEN 5104) beoordeeld. Daarnaast is vastgesteld in hoeverre het opgeboorde materiaal mogelijke aanwijzingen biedt voor de aanwezigheid van visueel zichtbare verontreiniging.
Op basis van de zintuiglijke waarnemingen en de bodemopbouw heeft laagsgewijze bemonstering plaatsgevonden. De uitkomende grond en alle zintuiglijk waargenomen bijzonderheden zijn per boring beschreven in de profielbeschrijvingen (zie bijlage 4). In het opgeboorde materiaal zijn zintuigelijk geen bijzonderheden waargenomen.
In het kader van dit onderzoek is geen specifiek onderzoek (conform NEN 5707) verricht naar het voorkomen van asbest in de grond en op het maaiveld. Wel heeft een inspectie van het terrein plaatsgevonden. Op het maaiveld en in de vrijkomende grond zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. Het voorliggende onderzoek doet echter geen bindende uitspraak over de aan- of afwezigheid van asbest in de bodem binnen de onderzoekslocatie.
Pagina | 10 AM20391
4.3
Grondwatermonstername
De peilbuis is een week na plaatsing op 20 april 2021 bemonsterd conform protocol 2002 van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer. De bemonstering is uitgevoerd door erkend veldwerker van Aeres Milieu, de heer L. Koomen. Voorafgaand aan de bemonstering is de grondwaterstand opgenomen en zijn de zuurgraad (pH) en het elektrischegeleidingsvermogen (Ec) van het grondwater bepaald. Deze waarden waren constant bij monstername. De geleidbaarheid is gecorrigeerd voor de grondwatertemperatuur. De geleiding is een maat voor de concentratie aan opgeloste stoffen in het water, terwijl de pH de zuurgraad van het water aangeeft (pH<7: zuur, pH = 7: neutraal, pH>7: basisch). De grondwatermonsters zijn in het veld, voor zover noodzakelijk gefiltreerd en geconserveerd. De in het veld gemeten parameters zijn in tabel 4.1 samengevat. Peilbuis 01
Filterdiepte (m-mv.) 2,4 – 3,4
Grondwaterstand (m-mv.) 1,35
pH (-) 6,89
Ec (µS/cm) 1283
Troebelheid (NTU) 623
Tabel 4.1: Resultaten veldmetingen tijdens grondwatermonstername
De meetresultaten wijken niet af van natuurlijk of regionaal voorkomende waarden.
In het grondwater in de peilbuis is sprake van een verhoogde troebelheid (>10 NTU). Een verhoogde troebelheid kan in sommige gevallen leiden tot een overschatting van de gehalten aan organische parameters in het grondwater. Bij het voorliggende onderzoek is de index van geen enkele organische parameter groter dan 1,0. De eventuele overschatting van de gehalten als gevolg van een verhoogde troebelheid heeft geen gevolgen voor de interpretatie van de onderzoeksgegevens en de conclusies van dit rapport. Aanvullend onderzoek naar de verhoogde troebelheid is daarom niet uitgevoerd. De overige waarden geven geen aanleiding tot opmerkingen.
Pagina | 11 AM20391
5. LABORATORIUMONDERZOEK 5.1
Algemeen
De analyses zijn uitgevoerd door het onderzoekslaboratorium van SGS Environmental Analytics B.V. te Rotterdam. SGS Environmental Analytics B.V. is geaccrediteerd volgens de door de Raad voor Accreditatie gestelde criteria voor Testlaboratoria conform ISO/IEC 17025, waar verdere conservering en (voor)behandeling van de monsters plaats heeft gevonden.
5.2
Grond(meng)monster(s)
In het laboratorium zijn voor het chemisch onderzoek van de grondmonsters uit de boven- en ondergrond al dan niet mengmonsters samengesteld volgens onderstaande tabel. De keuze voor het samenstellen van deelmonsters tot een mengmonster of het analyseren van individuele monsters is gebaseerd op de zintuiglijke waarnemingen in het veld en op de onderzoeksstrategie.
Analysemonster MM1
Traject (m -mv) 0 – 0,5
Deelmonsters
Analysepakket
02-1, 04-1, 06-1,
Standaardpakket incl. lu/os
07-1, 08-1, 09-1 MM2
0 – 0,5
01-1, 03-1, 10-1,
Standaardpakket incl. lu/os
11-1, 12-1, 13-1 MM3
0,5 – 1,5
1-2, 1-3, 2-2, 3-2
Standaardpakket incl. lu/os
Tabel 5.1: samenstelling analysemonsters en analysepakket
De analyseresultaten van de grond(meng)monsters worden in de volgende tabel samengevat, waarbij door middel van onderstaande sterrencodering de mate van verontreiniging is aangegeven.
*
Het gehalte is groter dan de achtergrondwaarde en kleiner dan of gelijk aan de het gemiddelde van de achtergronden interventiewaarde;
**
het gehalte is groter dan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde;
***
het gehalte is groter dan de interventiewaarde.
In de Regeling bodemkwaliteit (RBK) is vastgelegd dat de toetsing altijd moet plaatsvinden door het gevonden gehalte in een monster eerst te corrigeren met het lutum en organisch stof gehalte (=berekende concentratie) en vervolgens te vergelijken met de grenswaarden van de Regeling Bodemkwaliteit.
In de kolommen zijn alleen die stoffen vermeld waarvan de analyseresultaten na toetsing hoger zijn dan de bijbehorende achtergrondwaarde voor duurzame bodemkwaliteit. Zie bijlage 6 voor het analyserapport.
Pagina | 12 AM20391
(Meng)monster MM1
Traject (m -mv) 0 – 0,5
Zintuiglijke waarnemingen Geen bijzonderheden / bijmengingen
Verhoogde component Lood
Berekende concentratie [mg/kg d.s.] en toetsing 173 *
PAK (10-VROM)
3,92
*
MM2
0 – 0,5
Geen bijzonderheden / bijmengingen
--
-
-
MM3
0,5 – 1,5
Geen bijzonderheden / bijmengingen
--
-
-
Tabel 5.2: Toetsingsresultaten van de grond(meng)monsters
Uit de analyseresultaten blijkt dat bovengrondmengmonster MM1 (dieptetraject 0 – 0,5 m-mv.) licht verhoogd is met lood en PAK. In bovengrondmengmonster MM2 (dieptetraject 0 – 0,5 m-mv.) en ondergrondmengmonster MM3 (dieptetraject 0,5 – 1,5 m-mv.) zijn geen gehalten gemeten verhoogd ten opzichte van de achtergrondwaarde.
Zware metalen bezitten een geringe mobiliteit in de bodem en hechten zich met name aan slib- en kleideeltjes. Zware metalen komen van nature in bepaalde concentraties in de bodem voor. Deze concentraties kunnen verhoogd voorkomen in het stedelijk milieu. De afgifte vindt onder andere plaats door dakpannen, dakgoten, kabels en leidingen, verkeer en afval. Ook depositie van zware metalen op de bodem door industriële activiteiten is een mogelijke oorzaak van verhoogde concentraties. Tot de bedrijfsactiviteiten die verontreiniging van de bodem met zware metalen kunnen veroorzaken worden onder andere gerekend galvanische bedrijven, grafische industrie, sloperijen en metaalbewerkende industrie.
De afkorting PAK staat voor Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen. Het gaat hierbij om een verbindingsklasse van meer dan 200 stoffen, die bestaan uit twee of meer aan elkaar verbonden benzeenringen. Ze ontstaan met name bij verbrandingsprocessen, en kunnen dus zowel een synthetische als een natuurlijke oorsprong hebben. PAK’s ontstaan o.a. door onvolledige verbranding van minerale olie zoals die ook in het verkeer plaatsvindt. Ze worden tevens gevormd bij het proces van droge destillatie van steenkool, zoals die bij gas- en cokesfabrieken werd toegepast. Daarnaast kunnen ze worden aangetroffen bij de vervaardiging en verwerking van rubber, kunststoffen, verf, lakken, minerale olie en teerproducten.
5.3
Grondwatermonster(s)
De analyseresultaten van de grondwatermonsters worden in de volgende tabel samengevat, waarbij door middel van onderstaande sterrencodering de mate van verontreiniging is aangegeven.
*
Het gehalte is groter dan of gelijk aan de streefwaarde (of de detectiegrens, indien deze hoger is) en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de streef- en interventiewaarde;
**
het gehalte is groter dan het gemiddelde van de streef- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde;
***
het gehalte is groter dan de interventiewaarde.
In de kolommen zijn alleen die stoffen vermeld waarvan de analyseresultaten na toetsing hoger zijn dan de bijbehorende streefwaarde voor duurzame bodemkwaliteit. Zie bijlage 7 voor het analyserapport.
Pagina | 13 AM20391
Peilbuis
Filtertraject [m-mv] 2,4 – 3,4
1
Grondwaterstand [m-mv.]
Verhoogde component
1,35
Barium
Gemeten concentratie [µg/l] en toetsing 58 *
Xylenen
0,64
*
Naftaleen
0,03
*
Tabel 5.3: Toetsingsresultaten van de grondwatermonsters
Uit de analyseresultaten blijkt dat het freatisch grondwater afkomstig uit peilbuis 1 licht verhoogd is met barium, xylenen en naftaleen.
Het licht verhoogde gehalte aan barium wordt waarschijnlijk gedeeltelijk van buiten de onderzoekslocatie aangevoerd, aangezien in het ondergrondmonster geen verhoogd gehalte barium gemeten is. Verhoogde gehalten aan barium zijn vaak van natuurlijke oorsprong. De lichte verhogingen met xylenen en naftaleen zijn op basis van het vooronderzoek en de zintuigelijke
bevindingen
tijdens
de
veldwerkzaamheden
niet
te
verklaren.
Op
de
locatie
zijn
ook
geen
verontreinigingsbronnen aan te wijzen die in relatie zouden kunnen staan met de verhoogd aangetroffen gehalten aan deze stoffen.
5.4
Toetsing van de gestelde hypothese
Geconcludeerd kan worden dat de berekende concentraties in de bovengrond in tegenspraak zijn met de vooraf geformuleerde hypothese dat de locatie als onverdacht beschouwd kan worden. De gemeten concentraties liggen ruim beneden de tussenwaarde (= het gemiddelde van de achtergrondwaarden (AW2000) en de interventiewaarden voor grond). Het uitvoeren van een aanvullend of nader bodemonderzoek is niet noodzakelijk. Geconcludeerd kan worden dat de gemeten concentraties in het grondwater in tegenspraak zijn met de vooraf opgestelde hypothese dat de locatie onverdacht is. Het uitvoeren van een aanvullend of nader grondwateronderzoek is gelet op de aangetroffen componenten en gemeten concentraties niet noodzakelijk.
Pagina | 14 AM20391
6. CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN Tijdens de veldinspectie op de locatie zijn geen waarnemingen gedaan die wijzen op de aanwezigheid van bodemverontreiniging of bronnen van verontreiniging. In het opgeboorde bodemmateriaal zijn zintuiglijk geen bijzonderheden waargenomen. Uit de analyseresultaten blijkt dat de bovengrond plaatselijk licht verhoogd is met lood en PAK. In de ondergrond zijn geen gehalten gemeten verhoogd ten opzichte van de achtergrondwaarde. Het freatisch grondwater is licht verhoogd met barium, xylenen en naftaleen. De resultaten van dit bodemonderzoek geven geen aanleiding tot het uitvoeren van een nader bodemonderzoek.
De
milieuhygiënische conditie van de bodem vormt geen belemmering voor de voorgenomen planontwikkeling (woningbouw).
Indien er werkzaamheden plaatsvinden, waarbij grond vrijkomt, kan de grond mogelijk niet zonder meer worden afgevoerd of elders worden toegepast. Ten aanzien van hergebruik van deze grond elders is het Besluit Bodemkwaliteit van toepassing.
Het grondwater ter plaatse van de onderzoekslocatie is niet multifunctioneel toepasbaar. Het wordt daarom afgeraden het freatisch grondwater te gebruiken voor consumptie, besproeiing of proceswater.
Pagina | 15 AM20391
aeres milieu
Bijlage 1 Topografische en kadastrale situatie
AM20391
Kadastrale kaart
Uw referentie: AM20391-NP
Deze kaart is noordgericht
12345 25
Schaal 1: 1000
Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens
Kadastrale gemeente Sectie Perceel
Etten-Leur P 2614
Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 16 februari 2021 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers
Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.
aeres milieu
Bijlage 2 Foto’s onderzoekslocatie
AM20391
AM20391
Foto 1
Foto 2
Foto 3
Foto 4
Foto 5
Foto 6
AM20391
Foto 7
Foto 8
Foto 9
Foto 10
aeres milieu
Bijlage 3 Situatietekening met boorpuntlocaties
AM20391
104151
104176
104201
104226
398150
Legenda
Boorpuntenkaart (A4)
Plangebied
AM20391 Etten-Leur Vlaamse Schuur
Foto's
398125
398125
398150
398175
104126
398175
104101
Schaal
Boringen
N
boring tot 0,5 m-mv
v1.0_3-5-2021_LK
398100
peilbuis Achtergrond: Luchtfoto PDOK Actueel 25 cm, Kadastrale kaart WFS PDOK
104101
104126
104151
104176
104201
104226
398100
boring tot 2,0 m-mv
aeres milieu
Bijlage 4 Boorprofielen en zintuiglijke waarnemingen
AM20391
getekend volgens NEN 5104
Boring:
01
Boring: 0
0
gras
0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, sporen wortels, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
50
50
50
100
100
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
2 100
100 Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
3
erf Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, sporen wortels, donkerbruin, Edelmanboor
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, sporen wortels, donkerbruin, Edelmanboor
2
02
Zand, zeer fijn, zwak siltig, sporen roest, licht grijsoranje, Edelmanboor
3 140
150
150
Leem, zwak zandig, sporen roest, lichtgrijs, Edelmanboor
150 Leem, zwak zandig, matig roesthoudend, lichtgrijs, Edelmanboor
4 200
200
4 200
200 Leem, zwak zandig, sporen wortels, lichtgrijs, Edelmanboor
250
300
340
Boring:
03
Boring: 0
0
tuin
0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, uiterst wortelhoudend, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
50
04 gras Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
50 Zand, zeer fijn, matig siltig, matig humeus, sporen wortels, donkerbruin, Edelmanboor
2 100
100
Zand, zeer fijn, sterk siltig, bruingrijs, Edelmanboor
3 150
150
Leem, sterk zandig, sporen roest, lichtgrijs, Edelmanboor
4 200
200
Boring:
05
Boring: 0 8
0 1
50
50
Boring:
klinker
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, sterk grindhoudend, grijsbruin, Edelmanboor 50
Boring: 0
50
klinker
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
0
tuin Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
Zand, matig fijn, zwak siltig, licht geelgrijs, Edelmanboor
08
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, sporen wortels, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
erf
0 8 15
1
07
0
06
50
Projectnaam: Vlaamse Schuur te Etten-Leur Projectcode: AM20391
Opdrachtgever: Accent Adviseurs
getekend volgens NEN 5104
Boring:
09
Boring: 0
0
tuin
50
50
Boring:
Boring: 0
0 1
50
12 0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, sporen wortels, donkerbruin, Edelmanboor
50
50
50
tuin
groenstrook Zand, zeer fijn, matig siltig, matig humeus, sporen wortels, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
tuin Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, sporen wortels, donkerbruin, Edelmanboor
1
11
Boring:
0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, sporen wortels, donkerbruin, Edelmanboor
1
10
50
13 0
0
Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, sporen wortels, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
tuin
50
Projectnaam: Vlaamse Schuur te Etten-Leur Projectcode: AM20391
Opdrachtgever: Accent Adviseurs
Legenda (conform NEN 5104) grind
klei
geur
Grind, siltig
Klei, zwak siltig
Grind, zwak zandig
Klei, matig siltig
geen geur zwakke geur matige geur sterke geur
Grind, matig zandig
Klei, sterk siltig
Grind, sterk zandig
Klei, uiterst siltig
Grind, uiterst zandig
Klei, zwak zandig
uiterste geur
olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie matige olie-water reactie sterke olie-water reactie Klei, matig zandig
Klei, sterk zandig
zand
uiterste olie-water reactie
p.i.d.-waarde >0
Zand, kleiïg
>1 >10 Zand, zwak siltig
>100
leem
>1000
Zand, matig siltig
Leem, zwak zandig
>10000
Zand, sterk siltig
Leem, sterk zandig
monsters geroerd monster
Zand, uiterst siltig
overige toevoegingen zwak humeus
veen Veen, mineraalarm
matig humeus
ongeroerd monster volumering
overig bijzonder bestanddeel
Veen, zwak kleiïg
sterk humeus
Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand
Veen, sterk kleiïg
zwak grindig
Veen, zwak zandig
matig grindig
Veen, sterk zandig
sterk grindig
Gemiddeld laagste grondwaterstand slib
water
peilbuis blinde buis
casing
hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand afdichting bentoniet/mikoliet/klei afdichting
grind afdichting filter
aeres milieu
Bijlage 5 Verklaring veldmedewerker
AM20391
VERKLARING Hierbij verklaar ik (ondergetekende) dat de veldwerkzaamheden onafhankelijk van de opdrachtgever zijn uitgevoerd conform de eisen van de BRL 2000. Projectnummer
AM20391
Onderzoekslocatie
Vlaamse Schuur, Etten-Leur
Opdrachtgever
Accent Adviseurs
Afwijkingen van BRL 2000 (protocol)
Nee
Ja, aard en motivatie afwijkingen beschrijven Protocol :
Datum uitvoering veldwerkzaamheden:
2001
13 april 2021
Gecertificeerd monsternemer
H. van den Tillaar
2002
20 april 2021
Gecertificeerd monsternemer
L. Koomen
aeres milieu
Bijlage 6 Analyseresultaten grond(meng)monsters met achtergrond en interventiewaarden
AM20391
Projectnaam Projectcode
Vlaamse Schuur te Etten-Leur AM20391
Tabel: Analyseresultaten grond (as3000) monsters (gehalten in mg/kgds, tenzij anders aangegeven) Monstercode Bodemtype
MM1 1 or
MM2 2 or
br
AW 1/2(AW+I)
Ja 81.3 <1 Geen
-----
Ja 81.0 <1 Geen
-----
organische stof (gloeiverlies)(% vd DS)
<0.5
--
<0.5
--
KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem)(% vd DS) 2.0
--
2.6
--
<20 0.21 1.7 11 0.06 110 <0.5 4.0 29
54.2 0.362 5.98 22.8 0.0862 173 0.35 11.7 68.8
*
29 <0.2 2.1 10 0.06 26 <0.5 5.1 37
POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen <0.01 -<0.01 fenantreen 0.26 -0.03 antraceen 0.08 -<0.01 fluoranteen 0.93 -0.09 benzo(a)antraceen 0.54 -0.05 chryseen 0.50 -0.05 benzo(k)fluoranteen 0.29 -0.03 benzo(a)pyreen 0.55 -0.05 benzo(ghi)peryleen 0.39 -0.04 indeno(1,2,3-cd)pyreen 0.37 -0.04 pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) 3.917 3.92 * 0.394 POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28(µg/kgds) <1 PCB 52(µg/kgds) <1 PCB 101(µg/kgds) <1 PCB 118(µg/kgds) <1 PCB 138(µg/kgds) <1 PCB 153(µg/kgds) <1 PCB 180(µg/kgds) <1 som PCB (7) (0.7 factor)(µg/kgds) 4.9 MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40
<5 <5 <5 <5 <20
-------24.5
a
----70
<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 4.9
RBK eis
br
monster voorbehandeling() droge stof(gew.-%) gewicht artefacten(g) aard van de artefacten(-)
METALEN barium+ cadmium kobalt koper kwik° lood molybdeen nikkel zink
I
105 0.239 6.93 20.3 0.0854 40.5 0.35 14.2 85.2
0.60 15 40 0.15 50 1.5 35 140
6.8 102 115 18 290 96 68 430
920 13 190 190 36 530 190 100 720
20 0.20 3.0 5.0 0.050 10 1.5 4.0 20
1.5
21
40
0.35
20
510
1000
4.9
190
2595
5000
35
----------0.394
-------24.5
<5 6 <5 <5 <20
Monstercode en monstertraject 1 13441162-001 MM1 02(1) 04(1) 06(1) 07(1) 08(1) 09(1) 2 13441162-002 MM2 01(1) 03(1) 10(1) 11(1) 12(1) 13(1)
a
----70
De resultaten zijn voor de interventiewaarde getoetst aan de toetsingswaarden zoals vermeld in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Staatcourant 27 juni 2013, Nr. 16675 en voor de achtergrondwaarde aan het Besluit Bodemkwaliteit, Staatscourant 20 december 2007, Nr. 247. Tevens zijn de volgende wijzigingen doorgevoerd: De gewijzigde grenswaarden van een aantal OCB (per 30-07-2008) (www.Senternovem.nl) en de wijziging in de Staatscourant 67 van 7 april 2009 en met wijzingen zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). De gehalten die de betreffende toetsingswaarden overschrijden zijn als volgt geclassificeerd: het gehalte is groter dan de achtergrondwaarde en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de achtergrond- en * interventiewaarde het gehalte is groter dan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de ** interventiewaarde *** het gehalte is groter dan de interventiewaarde -geen toetsingswaarde voor opgesteld niet geanalyseerd # Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat RBK Tabel 1 (rapportagegrenzen), Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). a gecorrigeerd gehalte is groter dan of gelijk aan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), maar wel kleiner dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr.
22335 (02-11-2012), dus mag verondersteld worden kleiner dan de achtergrondwaarde te zijn. b gecorrigeerd gehalte is groter dan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), en groter dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). + De interventiewaarde voor barium geldt alleen voor die situaties waarbij duidelijk sprake is van antropogene verontreiniging en geen sprake is van thermisch gereinigde grond en baggerspecie. ° Er staan twee interventie waardes beschreven voor kwik in grond in de circulaire bodemsanering (per 1 juli 2013); 4 mg/kg d.s. voor organisch kwik en 36 mg/kg d.s. voor anorganisch kwik. Het analyse resultaat is het gehalte aan kwik. Er kan daarin geen verder onderscheid worden gemaakt tussen de twee soorten. Voor deze toetsing wordt de eis van 36 mg/kg d.s. gehanteerd. or Origineel resultaat br Omgerekend resultaat De achtergrond- en interventiewaarden zijn afhankelijk van de bodemsamenstelling. Voor de toetsing is gebruik gemaakt van de volgende samenstelling: (Als humus/lutum niet is gemeten geldt een default waarde van lutum = 25% en organische stof = 10%.) Bodemtypehumus lutum 1 0.5% 2% 2 0.5% 2.6%
Projectnaam Projectcode
Vlaamse Schuur te Etten-Leur AM20391
Tabel: Analyseresultaten grond (as3000) monsters (gehalten in mg/kgds, tenzij anders aangegeven) Monstercode Bodemtype
monster voorbehandeling() droge stof(gew.-%) gewicht artefacten(g) aard van de artefacten(-)
MM3 3 or
AW 1/2(AW+I)
-----
organische stof (gloeiverlies)(% vd DS) <0.5
--
KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem)(% vd DS) 3.9
--
0.60 15 40 0.15 50 1.5 35 140
6.8 102 115 18 290 96 68 430
920 13 190 190 36 530 190 100 720
20 0.20 3.0 5.0 0.050 10 1.5 4.0 20
POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen <0.01 -fenantreen 0.05 -antraceen 0.01 -fluoranteen 0.11 -benzo(a)antraceen 0.04 -chryseen 0.04 -benzo(k)fluoranteen 0.04 -benzo(a)pyreen 0.05 -benzo(ghi)peryleen 0.05 -indeno(1,2,3-cd)pyreen 0.04 -pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) 0.437 0.437
1.5
21
40
0.35
POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28(µg/kgds) <1 PCB 52(µg/kgds) <1 PCB 101(µg/kgds) <1 PCB 118(µg/kgds) <1 PCB 138(µg/kgds) <1 PCB 153(µg/kgds) <1 PCB 180(µg/kgds) <1 som PCB (7) (0.7 factor)(µg/kgds) 4.9
20
510
1000
4.9
190
2595
5000
35
MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40
25 0.28 2.8 14 0.08 30 0.51 6.3 52
RBK eis
br
Ja 78.3 <1 Geen
METALEN barium+ cadmium kobalt koper kwik° lood molybdeen nikkel zink
I
<5 <5 6 <5 <20
78.3 0.468 8.15 27.2 0.112 45.6 0.51 15.9 113
-------24.5
a
----70
Monstercode en monstertraject 1 13441162-003 MM3 01(2) 01(3) 02(2) 03(2)
De resultaten zijn voor de interventiewaarde getoetst aan de toetsingswaarden zoals vermeld in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Staatcourant 27 juni 2013, Nr. 16675 en voor de achtergrondwaarde aan het Besluit Bodemkwaliteit, Staatscourant 20 december 2007, Nr. 247. Tevens zijn de volgende wijzigingen doorgevoerd: De gewijzigde grenswaarden van een aantal OCB (per 30-07-2008) (www.Senternovem.nl) en de wijziging in de Staatscourant 67 van 7 april 2009 en met wijzingen zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). De gehalten die de betreffende toetsingswaarden overschrijden zijn als volgt geclassificeerd: het gehalte is groter dan de achtergrondwaarde en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de achtergrond- en * interventiewaarde het gehalte is groter dan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de ** interventiewaarde *** het gehalte is groter dan de interventiewaarde -geen toetsingswaarde voor opgesteld niet geanalyseerd # Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat RBK Tabel 1 (rapportagegrenzen), Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). a gecorrigeerd gehalte is groter dan of gelijk aan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), maar wel kleiner dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr.
22335 (02-11-2012), dus mag verondersteld worden kleiner dan de achtergrondwaarde te zijn. b gecorrigeerd gehalte is groter dan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), en groter dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). + De interventiewaarde voor barium geldt alleen voor die situaties waarbij duidelijk sprake is van antropogene verontreiniging en geen sprake is van thermisch gereinigde grond en baggerspecie. ° Er staan twee interventie waardes beschreven voor kwik in grond in de circulaire bodemsanering (per 1 juli 2013); 4 mg/kg d.s. voor organisch kwik en 36 mg/kg d.s. voor anorganisch kwik. Het analyse resultaat is het gehalte aan kwik. Er kan daarin geen verder onderscheid worden gemaakt tussen de twee soorten. Voor deze toetsing wordt de eis van 36 mg/kg d.s. gehanteerd. or Origineel resultaat br Omgerekend resultaat De achtergrond- en interventiewaarden zijn afhankelijk van de bodemsamenstelling. Voor de toetsing is gebruik gemaakt van de volgende samenstelling: (Als humus/lutum niet is gemeten geldt een default waarde van lutum = 25% en organische stof = 10%.) Bodemtypehumus lutum 3 0.5% 3.9%
SGS Environmental Analytics B.V. Correspondentieadres Steenhouwerstraat 15 · 3194 AG Rotterdam Tel.: +31 (0)10 231 47 00 · Fax: +31 (0)10 416 30 34 www.sgs.com/analytics-nl
Analyserapport
Aeres Milieu BV Lennart Koomen Postbus 1015 6040 KA ROERMOND
Uw projectnaam Uw projectnummer SGS rapportnummer Rapport-verificatienummer
Blad 1 van 8
: Vlaamse Schuur te Etten-Leur : AM20391 : 13441162, versienummer: 1. : 9511UYRY
Rotterdam, 20-04-2021
Geachte heer/mevrouw, Hierbij ontvangt u de analyse resultaten van het laboratoriumonderzoek ten behoeve van uw project AM20391. Het onderzoek werd uitgevoerd conform uw opdracht. De gerapporteerde resultaten hebben uitsluitend betrekking op de monsters zoals deze door SGS ontvangen zijn. De door u aangegeven omschrijvingen voor de monsters, het project en de monsternamedatum (indien aangeleverd) zijn overgenomen in dit analyserapport. SGS is niet verantwoordelijk voor de gegevens verstrekt door de opdrachtgever. Het onderzoek is uitgevoerd door SGS Environmental Analytics B.V., gevestigd aan de Steenhouwerstraat 15 in Rotterdam (NL). Indien het onderzoek is uitgevoerd door derden of het SGS laboratorium in Frankrijk (99-101 Avenue Louis Roche, Gennevilliers) is dit in het rapport aangegeven. Dit analyserapport bestaat inclusief bijlagen uit 8 pagina's. In geval van een versienummer van '2' of hoger vervallen de voorgaande versies. Alle bijlagen maken onlosmakelijk onderdeel uit van het rapport. Alleen vermenigvuldiging van het hele rapport is toegestaan. Voor meer informatie, omtrent bijvoorbeeld meetonzekerheid of gebruikte analysemethoden, kunt u contact opnemen met de afdeling Customer Support. Per 23 maart 2021 is SYNLAB Analytics & Services B.V. overgegaan naar de nieuwe naam SGS Environmental Analytics B.V.
Alle erkenningen van SYNLAB Analytics & Services B.V blijven van kracht en zijn/worden omgezet naar SGS Environmental Analytics B.V. Wij vertrouwen er op u met deze informatie van dienst te zijn. Hoogachtend,
Jaap-Willem Hutter Technical Director SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
Aeres Milieu BV
Blad 2 van 8
Analyserapport Lennart Koomen Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Vlaamse Schuur te Etten-Leur AM20391 13441162 1
Orderdatum
Nummer
Monstersoort
Monsterspecificatie
001 002 003
Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)
MM1 02(1) 04(1) 06(1) 07(1) 08(1) 09(1) MM2 01(1) 03(1) 10(1) 11(1) 12(1) 13(1) MM3 01(2) 01(3) 02(2) 03(2)
Analyse
Eenheid
Q
monster voorbehandeling droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten
gew.-% g -
S S S S
Ja 81.3 <1 geen
Ja 81.0 <1 geen
Ja 78.3 <1 geen
organische stof (gloeiverlies)
% vd DS
S
<0.5
<0.5
<0.5
KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) % vd DS
S
2.0
2.6
3.9
METALEN barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink
S S S S S S S S S
<20 0.21 1.7 11 0.06 110 <0.5 4.0 29
29 <0.2 2.1 10 0.06 26 <0.5 5.1 37
25 0.28 2.8 14 0.08 30 0.51 6.3 52
<0.01 0.03 <0.01 0.09 2) 0.05 0.05 0.03 0.05 0.04 0.04 1) 0.394
<0.01 0.05 0.01 0.11 0.04 0.04 0.04 0.05 0.05 0.04 1) 0.437
<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 1) 4.9
<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 1) 4.9
mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds
001
POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen mg/kgds S <0.01 fenantreen mg/kgds S 0.26 antraceen mg/kgds S 0.08 fluoranteen mg/kgds S 0.93 benzo(a)antraceen mg/kgds S 0.54 chryseen mg/kgds S 0.50 benzo(k)fluoranteen mg/kgds S 0.29 benzo(a)pyreen mg/kgds S 0.55 benzo(ghi)peryleen mg/kgds S 0.39 indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kgds S 0.37 1) pak-totaal (10 van VROM) mg/kgds S 3.917 (0.7 factor) POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 µg/kgds PCB 52 µg/kgds PCB 101 µg/kgds PCB 118 µg/kgds PCB 138 µg/kgds PCB 153 µg/kgds PCB 180 µg/kgds som PCB (7) (0.7 factor) µg/kgds
S S S S S S S S
13-04-2021
Startdatum 14-04-2021 Rapportagedatum 20-04-2021
<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 1) 4.9
002
003
De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.
Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
Aeres Milieu BV
Blad 3 van 8
Analyserapport Lennart Koomen Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Vlaamse Schuur te Etten-Leur AM20391 13441162 1
Orderdatum
Nummer
Monstersoort
Monsterspecificatie
001 002 003
Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)
MM1 02(1) 04(1) 06(1) 07(1) 08(1) 09(1) MM2 01(1) 03(1) 10(1) 11(1) 12(1) 13(1) MM3 01(2) 01(3) 02(2) 03(2)
Analyse
Eenheid
MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40
mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds
Q
S
13-04-2021
Startdatum 14-04-2021 Rapportagedatum 20-04-2021
001
<5 <5 <5 <5 <20
002
<5 6 <5 <5 <20
003
<5 <5 6 <5 <20
De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.
Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
Aeres Milieu BV
Blad 4 van 8
Analyserapport Lennart Koomen Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Vlaamse Schuur te Etten-Leur AM20391 13441162 1
Orderdatum
13-04-2021
Startdatum 14-04-2021 Rapportagedatum 20-04-2021
Monster beschrijvingen
001
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
002
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
003
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
Voetnoten 1 2
De sommatie na verrekening van de 0.7 factor voor <-waarden volgens BoToVa. Er zijn componenten aanwezig die een storende invloed hebben op de meting. Om die reden is de onzekerheid in het resultaat vergroot.
Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
Aeres Milieu BV
Blad 5 van 8
Analyserapport Lennart Koomen Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Vlaamse Schuur te Etten-Leur AM20391 13441162 1
Orderdatum
13-04-2021
Startdatum 14-04-2021 Rapportagedatum 20-04-2021
Analyse
Monstersoort
Relatie tot norm
monster voorbehandeling
Grond (AS3000)
droge stof
Grond (AS3000)
gewicht artefacten
Grond (AS3000)
aard van de artefacten
Grond (AS3000)
organische stof (gloeiverlies)
Grond (AS3000)
lutum (bodem)
Grond (AS3000)
barium
Grond (AS3000)
cadmium
Grond (AS3000)
kobalt
Grond (AS3000)
koper
Grond (AS3000)
kwik
Grond (AS3000)
lood
Grond (AS3000)
molybdeen
Grond (AS3000)
nikkel
Grond (AS3000)
zink
Grond (AS3000)
naftaleen
Grond (AS3000)
fenantreen
Grond (AS3000)
antraceen
Grond (AS3000)
fluoranteen
Grond (AS3000)
benzo(a)antraceen
Grond (AS3000)
chryseen
Grond (AS3000)
benzo(k)fluoranteen
Grond (AS3000)
benzo(a)pyreen
Grond (AS3000)
benzo(ghi)peryleen
Grond (AS3000)
indeno(1,2,3-cd)pyreen
Grond (AS3000)
pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) PCB 28
Grond (AS3000)
Grond: conform NEN-EN 16179. Grond (AS3000): conform NEN-EN 16179 Grond: Gelijkwaardig aan ISO 11465 en gelijkwaardig aan NEN-EN 15934. Grond (AS3000): conform AS3010-2 en gelijkwaardig aan NEN-EN 15934 Conform AS3000 Idem Grond: gelijkwaardig aan NEN 5754. Grond (AS3000): conform AS3010-3 Grond: eigen methode. Grond (AS3000): conform AS3010-4 Conform AS3010-5 en conform NEN 6950 (ontsluiting conform NEN 6961, meting conform NEN-EN-ISO 17294-2) Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Conform AS3010-6 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem
PCB 52
Grond (AS3000)
PCB 101
Grond (AS3000)
PCB 118
Grond (AS3000)
PCB 138
Grond (AS3000)
PCB 153
Grond (AS3000)
PCB 180
Grond (AS3000)
som PCB (7) (0.7 factor)
Grond (AS3000)
totaal olie C10 - C40
Grond (AS3000)
Grond (AS3000)
Conform AS3010-8 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Conform AS3010-7 en conform NEN-EN-ISO 16703
Monster
Barcode
Aanlevering
Monstername
Verpakking
001 001 001
Y9009940 Y9009760 Y9007119
14-04-2021 14-04-2021 14-04-2021
13-04-2021 13-04-2021 13-04-2021
ALC201 ALC201 ALC201
Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
Aeres Milieu BV
Blad 6 van 8
Analyserapport Lennart Koomen Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Vlaamse Schuur te Etten-Leur AM20391 13441162 1
Orderdatum
13-04-2021
Startdatum 14-04-2021 Rapportagedatum 20-04-2021
Monster
Barcode
Aanlevering
Monstername
Verpakking
001 001 001 002 002 002 002 002 002 003 003 003 003
Y9009170 Y9007091 Y9009941 Y9009175 Y9009140 Y9009764 Y9009767 Y9009169 Y9009167 Y9009952 Y9009757 Y9009944 Y9007109
14-04-2021 14-04-2021 14-04-2021 14-04-2021 14-04-2021 14-04-2021 14-04-2021 14-04-2021 14-04-2021 14-04-2021 14-04-2021 14-04-2021 14-04-2021
13-04-2021 13-04-2021 13-04-2021 13-04-2021 13-04-2021 13-04-2021 13-04-2021 13-04-2021 13-04-2021 13-04-2021 13-04-2021 13-04-2021 13-04-2021
ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201
Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
Aeres Milieu BV
Blad 7 van 8
Analyserapport Lennart Koomen Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Vlaamse Schuur te Etten-Leur AM20391 13441162 1
Monsternummer:
002
Monster beschrijvingen
MM201(1) 03(1) 10(1) 11(1) 12(1) 13(1)
Orderdatum
13-04-2021
Startdatum 14-04-2021 Rapportagedatum 20-04-2021
Karakterisering naar alkaantraject benzine
C9-C14
kerosine en petroleum diesel en gasolie motorolie
C10-C16 C10-C28 C20-C36
stookolie
C10-C36
De C10 en C40 pieken zijn toegevoegd door het laboratorium en worden gebruikt als interne standaard.
Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
Aeres Milieu BV
Blad 8 van 8
Analyserapport Lennart Koomen Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Vlaamse Schuur te Etten-Leur AM20391 13441162 1
Monsternummer:
003
Monster beschrijvingen
MM301(2) 01(3) 02(2) 03(2)
Orderdatum
13-04-2021
Startdatum 14-04-2021 Rapportagedatum 20-04-2021
Karakterisering naar alkaantraject benzine
C9-C14
kerosine en petroleum diesel en gasolie motorolie
C10-C16 C10-C28 C20-C36
stookolie
C10-C36
De C10 en C40 pieken zijn toegevoegd door het laboratorium en worden gebruikt als interne standaard.
Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
aeres milieu
Bijlage 7 Analyseresultaten grondwatermonster(s) met streef- en interventiewaarden
AM20391
Projectnaam Projectcode
Vlaamse Schuur te Etten-Leur AM20391
Tabel: Analyseresultaten grondwater (as3000) monsters (gehalten in µg/l, tenzij anders aangegeven) Monstercode Bodemtype
01 1
METALEN barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink
58 <0.20 2.1 8.6 <0.05 <2.0 3.7 12 62
VLUCHTIGE AROMATEN benzeen tolueen ethylbenzeen o-xyleen p- en m-xyleen xylenen (0.7 factor) styreen naftaleen interventiefactor vluchtige aromaten
<0.2 0.31 <0.2 0.19 0.45 0.64 <0.2 0.03
Monstercode en monstertraject 1 13446094-001 01 01
*
--* *
1/2(S+I)
<25 <25 <25 <25 <50
I
RBK eis
50 0.40 20 15 0.050 15 5.0 15 65
338 3.2 60 45 0.18 45 152 45 432
625 6.0 100 75 0.30 75 300 75 800
20 0.20 2.0 2.0 0.050 2.0 2.0 3.0 10
0.20 7.0 4.0
15 504 77
30 1000 150
0.20 6.0 0.01
35 153 35
70 300 70
0.20 0.20 0.20 0.10 0.20 0.21 0.20 0.020
0.000429
GEHALOGENEERDE KOOLWATERSTOFFEN 1,1-dichloorethaan <0.2 1,2-dichloorethaan <0.2 1,1-dichlooretheen <0.1 cis-1,2-dichlooretheen <0.1 trans-1,2-dichlooretheen <0.1 som (cis,trans) 1,2dichloorethenen (0.7 factor) 0.14 dichloormethaan <0.2 1,1-dichloorpropaan <0.2 1,2-dichloorpropaan <0.2 1,3-dichloorpropaan <0.2 som dichloorpropanen (0.7 factor) 0.42 tetrachlooretheen <0.1 tetrachloormethaan <0.1 1,1,1-trichloorethaan <0.1 1,1,2-trichloorethaan <0.1 trichlooretheen <0.2 chloroform <0.2 vinylchloride <0.2 tribroommethaan <0.2 MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40
S
1
a
7.0 7.0 0.01
454 204 5.0
900 400 10
0.20 0.20 0.10 0.10
0.01 0.01
10 500
20 1000
0.14 0.20
0.80 0.01 0.01 0.01 0.01 24 6.0 0.01
40 20 5.0 150 65 262 203 2.5
80 40 10 300 130 500 400 5.0 630
0.42 0.10 0.10 0.10 0.10 0.20 0.20 0.20 0.20
50
325
600
50
--a a
---a a a a
a
-----
De resultaten zijn getoetst aan de toetsingswaarden zoals vermeld Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Staatcourant 27 juni 2013, Nr. 16675. De gehalten die de betreffende toetsingswaarden overschrijden zijn als volgt geclassificeerd: * het gehalte is groter dan de streefwaarde en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de streef- en interventiewaarde het gehalte is groter dan het gemiddelde van de streef- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de ** interventiewaarde *** het gehalte is groter dan de interventiewaarde -geen toetsingswaarde voor opgesteld niet geanalyseerd # Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat RBK Tabel 1 (rapportagegrenzen), Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). a gecorrigeerd gehalte is groter dan of gelijk aan de streefwaarde (of geen streefwaarde voor opgesteld), maar wel kleiner dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012), dus mag verondersteld worden kleiner dan de streefwaarde te zijn. b gehalte is groter dan de streefwaarde (of geen streefwaarde voor opgesteld), en groter dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012).
SGS Environmental Analytics B.V. Correspondentieadres Steenhouwerstraat 15 · 3194 AG Rotterdam Tel.: +31 (0)10 231 47 00 · Fax: +31 (0)10 416 30 34 www.sgs.com/analytics-nl
Analyserapport
Aeres Milieu BV Lennart Koomen Postbus 1015 6040 KA ROERMOND
Uw projectnaam Uw projectnummer SGS rapportnummer Rapport-verificatienummer
Blad 1 van 5
: Vlaamse Schuur te Etten-Leur : AM20391 : 13446094, versienummer: 1. : HUMP2131
Rotterdam, 28-04-2021
Geachte heer/mevrouw, Hierbij ontvangt u de analyse resultaten van het laboratoriumonderzoek ten behoeve van uw project AM20391. Het onderzoek werd uitgevoerd conform uw opdracht. De gerapporteerde resultaten hebben uitsluitend betrekking op de monsters zoals deze door SGS ontvangen zijn. De door u aangegeven omschrijvingen voor de monsters, het project en de monsternamedatum (indien aangeleverd) zijn overgenomen in dit analyserapport. SGS is niet verantwoordelijk voor de gegevens verstrekt door de opdrachtgever. Het onderzoek is uitgevoerd door SGS Environmental Analytics B.V., gevestigd aan de Steenhouwerstraat 15 in Rotterdam (NL). Indien het onderzoek is uitgevoerd door derden of het SGS laboratorium in Frankrijk (99-101 Avenue Louis Roche, Gennevilliers) is dit in het rapport aangegeven. Dit analyserapport bestaat inclusief bijlagen uit 5 pagina's. In geval van een versienummer van '2' of hoger vervallen de voorgaande versies. Alle bijlagen maken onlosmakelijk onderdeel uit van het rapport. Alleen vermenigvuldiging van het hele rapport is toegestaan. Voor meer informatie, omtrent bijvoorbeeld meetonzekerheid of gebruikte analysemethoden, kunt u contact opnemen met de afdeling Customer Support. Per 23 maart 2021 is SYNLAB Analytics & Services B.V. overgegaan naar de nieuwe naam SGS Environmental Analytics B.V.