PID e240053102
Tekst van het document
Project Initiatie Document
Nr. 02330000248240 Zaaknr. 02330000068650
Projectnaam Versie, datum, status Auteur Planning
Integraal Masterplan Openbare Ruimte 14 november 2024 Ernst van Leussen Startdatum: december 2024
1. Aanleiding
In 2023 is in het fysieke domein een verdiepingsproces doorlopen om het “integraal werken” in de openbare ruimte verder te optimaliseren en te professionaliseren. Met een integrale werkwijze proberen we de sectorale onderhouds- en vervangingscycli van wegen, riolering, groen, openbare verlichting en de andere kapitaalgoederen in de openbare ruimte zoveel mogelijk op elkaar af te stemmen.
Einddatum: juli 2026
We willen een stap verder gaan. Als vervolg op dit proces gaan we in 2025 een Integraal Masterplan Openbare Ruimte (IMOR) opstellen waarin we het integraal werken verder gaan concretiseren en waarbij we tevens de verbinding gaan versterken met het ruimtelijke en sociale domein. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de koppeling met het thema “positieve gezondheid”, dat in de nota sociaal domein een belangrijk uitgangspunt is. Stel je voor, een leefomgeving die inwoners nog meer stimuleert om hen gezondheid te verbeteren. Wijken die veilig, duurzaam en klimaatbestendig zijn ingericht. Met fiets- en wandelpaden die goed bereikbaar en veilig zijn. En in de buurt ontmoetingsplekken, voorzieningen en leuke activiteiten die voor iedereen toegankelijk zijn. Door budgetten en geldstromen samen te voegen ontstaan er kansen om tegelijk met de vervangingsopgave, diverse gemeentelijke ambities en doelstellingen vanuit de verschillende domeinen te verwezenlijken. De leefbaarheid en de kwaliteit van de openbare ruimte krijgt hierdoor een impuls en straten worden toekomstbestendig en klimaat adaptief ingericht. 2. Probleemstelling/ waarom een Integraal Masterplan Openbare Ruimte?
De komende jaren komen er veel opgaven af op de gemeente Ermelo. Naast de reguliere vervangingsopgaven hebben we te maken met ambities en doelen ten aanzien van klimaatadaptatie, energietransitie, mobiliteit, bereikbaarheid, toegankelijkheid, positieve gezondheid, woningbouw, biodiversiteit, duurzaamheid, kansrijk opgroeien, samenredzaamheid, bestaanszekerheid, zelfstandig wonen, etc. Deze thema’s raken allemaal in meer of mindere mate de fysieke openbare ruimte van de gemeente. Aan de andere kant hebben we ook te maken met een bezuinigingsopgave, waardoor het belangrijk is om slimme en wijze keuzes te
onze ref. pagina
02330000248240 2 van 6
maken, we kunnen ons geld immers maar een keer uitgeven. Vraagstelling In het IMOR proces gaan we aan de slag met de vraag is hoe we de ambities en doelen van zowel het fysieke, het ruimtelijke en het sociale domein kunnen verbinden met het reguliere groot onderhoud en de vervangingscycli van de openbare ruimte. Hoe zorgen we voor een totaaloverzicht, zodat we op basis daarvan goed onderbouwde keuzes kunnen maken? Wat betekent dit concreet voor de inrichting van de openbare ruimte, waarbij we onderscheid maken in de verschillende wijken in Ermelo? Hoe creëren we een gezonde en veilige leefomgeving, een omgeving die inwoners stimuleert om hun gezondheid te verbeteren. Een wijk die veilig, duurzaam en klimaatbestendig is. Met fiets- en wandelpaden die goed bereikbaar en veilig zijn. En in de buurt ontmoetingsplekken, voorzieningen en leuke activiteiten die voor iedereen toegankelijk zijn. Denk verder aan de volgende thema’s die integraal beschouwd kunnen worden. Deze opsomming is niet uitputtend en zonder verdere prioritering. Dit wordt in de uitwerking van het masterplan verder uitgewerkt.
➢ hoe willen we omgaan met regenwater in de verschillende buurten en straten (regenwaterstructuur); ➢ waar liggen de grotere afkoppelkansen? (regenwater) ➢ hoe gaan we de opgave “klimaatadaptie” realiseren, wanneer zijn we tevreden (ambitie), waar ligt de focus komende jaren; ➢ Hoe zorgen we ervoor dat we de openbare ruimte meer gaan inrichten volgens het BOSS-principe? (de inrichting moet bewegen, ontspannen, spel en sport stimuleren) ➢ waar zien we kansen voor fietsstraten; ➢ hoe gaan we om met hitte, waar moeten we maatregelen nemen, waar ligt de focus; ➢ waar willen we bredere en beter toegankelijkere trottoirs; ➢ waar willen we meer groen en biodiversiteit; ➢ waar de boomstructuur versterken, her-planten; ➢ waar meer of minder parkeren; ➢ hoe fietsen stimuleren (fietsvriendelijk), en autogebruik verminderen; ➢ hoe bereikbaarheid garanderen en OV versterken: ➢ hoe ziet de materialisatie van 30 km zones er uit (o.a. klinkers of asfalt); ➢ waar meer straatmeubilair en speelplekken; ➢ waar en hoe willen we koelteplekken en schaduwroutes creëren, ➢ hoe anticiperen op ontwikkelingen Kerkdennen ➢ hoe anticiperen op nieuwbouwlocaties ➢ hoe gaan we anticiperen/ afstemmen op plannen van de woningbouwvereniging. U-woon heeft waarschijnlijk ook een grote opgave. Woningen worden gerenoveerd of gesloopt en herbouwd. Hier liggen kansen om gelijk de openbare ruimte aan te pakken.
➢ Hoe kan de openbare ruimte bijdragen aan een sociale en inclusieve samenleving (versterken sociale cohesie en leefbaarheid) ➢ Anticiperen en afstemmen op energietransitie (denk aan verdubbeling trafo-huisjes, verzwaren kabels etc.) ➢ Hoe gaan we om met de bezuinigingsopgave ➢ Etc. etc. 3. Doelstelling
We willen komen tot een domein overstijgend breed gedragen IMOR. Het IMOR geeft ons houvast en richting in de realisatie van beleidsambities, doelstellingen en opgaven, vanuit het fysieke, ruimtelijke en sociale domein, op buurt- en wijkniveau, met als horizon het jaar 2040, en een doorkijk naar 2050. Pilotlocaties, straat van de toekomst Begin 2024 zijn in het kader van het integraal werken de herinrichting van de Torenlaan en de Dokter Holtropstraat gekozen als pilot projecten voor de
onze ref. pagina
02330000248240 3 van 6
“straat van de toekomst”. Met het vaststellen van de kadernota zijn hiervoor ook de benodigde middelen vrijgemaakt. Uitvoering van deze twee projecten staan gepland in 2026 en 2027. Het IMOR bouwt voort op deze pilotprojecten en geeft aan de andere kant ook input voor de nadere uitwerking van deze twee straten. Flexibel Het doel is niet om een statisch in beton gegoten plan te realiseren, maar het is meer een soort structuurplan dat kan meebewegen met nieuwe of veranderende opgaven en ambities. We leven immers in een wereld die constant in beweging is. Flexibiliteit is daarbij een belangrijke eigenschap. Samenwerking versterken tussen het fysieke en sociale domein Een bijkomende doelstelling is om gedurende het proces de samenwerking te versterken tussen de verschillende beleidsterreinen en afdelingen binnen (en buiten) de gemeente. Dit zal de onderlinge samenwerking en het besef en begrip voor elkaars doelstellingen, opgaven, belangen en uitdagingen vergroten. 4. Proces en Resultaat
Resultaat Met het IMOR hebben van een toekomstbestendige uitvoeringsstrategie op wijkniveau voor de korte termijn (2030) en de lange termijn (2040/2050), rekening houdend met ambities, doelstellingen en opgaven van het fysieke, ruimtelijke en sociale domein. Proces Dit doen we door eerst uit te zoomen waardoor structuren en dwarsverbanden zichtbaar worden, daarna zoomen we in op wijk/ buurtniveau. Elke wijk/ buurt kent zijn eigenschappen, sterke punten, aandachtspunten, opgaven en doelstellingen, maatwerk is daarom belangrijk. In West ligt bijvoorbeeld al een gescheiden rioolstelsel (regenwater en afvalwater wordt hier al apart ingezameld en verwerkt), het riool is relatief nieuw (dus geen grootschalige reconstructies in de ondergrond), maar de wijk kent veel verharding (rommelig), relatief weinig groen en een hoge parkeerdruk. Deze onderwerpen werken op elkaar in, dit biedt zowel kansen als uitdagingen. We analyseren relevante visies en beleidsdocumenten. In werk- en brainstormsessies (ambtelijk, bestuurlijk en betrokken externe partijen) worden deze visies en beleidsambities integraal beschouwd en gaan we nadenken over de doelen (wat willen we eigenlijk bereiken, en waarom?), welke ambities versterken elkaar, welke zijn conflicterend en hoe gaan we daarmee om, welke vraagstukken zijn heel urgent en welke hebben een lagere prioriteit, etc.
Na de werksessies volgen uitwerkingen op buurt/wijkniveau waarbij we de resultaten presenteren op kaarten en visualisaties ondersteund met korte en bondige teksten. Dit proces doorlopen we samen met een adviesbureau dat ons hierbij gaat helpen. Bovengenoemde werkwijze wordt nader uitgewerkt in een plan van aanpak dat we gezamenlijk met het adviesbureau gaan opstellen.
5. Afbakening
De exacte afbakening wordt bepaald in het later op te stellen plan van aanpak, dat in samenspraak met de projectgroep wordt opgesteld door een extern adviesbureau. Financieel is er een afbakening doormiddel van een plafondbedrag van € 60.000,-
onze ref. pagina
02330000248240 4 van 6
6. Projectfasering/ planning
Fase 1 Aanbestedingsfase + opstellen plan van aanpak Periode: december 2024 – maart 2025 De werkzaamheden worden aanbesteed op basis van een in samenspraak mer “inkoop” nader te bepalen procedure. Er worden 3 adviesbureaus uitgenodigd om met het kernteam het gesprek aan te gaan waarbij ze hun visie, aanpak en ervaringen aan ons presenteren op basis van dit PID inclusief een korte uitvraag waarbij de selectiecriteria zijn omschreven. De selectiecriteria zijn o.a. visie en strategie, kennis en ervaring, projectmanagement, tarieven, “klik”, etc. (nader bepalen met inkoop). De bureaus krijgen de gelegenheid om een presentatie te geven waarin ze aangeven hoe ze het proces (aanpak) voor zich zien, hoe ze de positie van het IMOR zien ten opzichte van de te actualiseren omgevingsvisie, wat ze zien als kansen en bedreigingen en wat voor producten ze denken op te leveren (resultaat), rekening houdend met het plafondbedrag van € 60.000,-. Na of tijdens de presentatie hebben we ruim de gelegenheid om vragen te stellen en het gesprek aan te gaan met de betreffende bureaus. Op basis van de aanbestedingsprocedure kiezen we 1 bureau die we vervolgens opdracht geven om, in nauwe samenwerking met het kernteam, een plan van aanpak op te stellen om te komen tot het IMOR. Bij dit plan van aanpak hoort ook een open en transparante kostenraming.
In het PvA staat helder beschreven welke werkzaamheden er worden uitgevoerd tegen welke kosten en wat er concreet wordt opgeleverd. Dit betreft de eerste fase van het aanbestedingsproces. Met de oplevering van het plan van aanpak plus de open begroting is fase 1 afgerond. Het adviesbureau krijgt hiervoor op basis van de werkelijk bestede uren betaald. Na afronding van fase 1 volgt een gesprek/ onderhandeling tussen de gemeente en het adviesbureau over de kostenraming in relatie tot de werkzaamheden. Als we er vervolgens gezamenlijk inhoudelijk en financieel uitkomen geven we opdracht voor de uitvoering van het plan van aanpak (fase2). Als we er onderling niet uitkomen dan zijn we vrij om met het plan van aanpak opnieuw de markt op te gaan. Het plan van aanpak wordt vastgesteld door het college. Na vaststelling gaan we verder met fase 2. Fase 2: Opstellen IMOR conform vastgesteld plan van aanpak Periode: april 2025 – april 2026 Fase 3: Vasstellen IMOR door raad Periode: tweede kwartaal 2026 (voor de bouwvak)
7. Risico’s
Risico’s zijn:
•
De factor tijd bij de verschillende collega’s (beschikbaar hebben/maken en/of prioriteren). De meeste collega’s hebben het erg druk. In het plan van aanpak moet dit onderkent worden en de inbreng van de diverse collega’s moet realistisch zijn.
•
Gezien de duidelijke wens om tot een integraal en team/ afdeling overstijgend plan te komen waar zoveel mogelijk gemeentelijke beleidsambities en doelstellingen een plek krijgen bestaat het risico dat het proces te ingewikkeld wordt en het plan blijft “hangen” en niet
onze ref. pagina
02330000248240 5 van 6
concreet genoeg wordt. Uiteindelijk is het van belang om in het plan van aanpak een heldere afbakening te omschrijven waarin staat wat wel en wat niet wordt meegenomen in het IMOR en tot welk detailniveau de uitwerking zal plaatsvinden. Duidelijkheid in verwachtingen dus.
•
Qua kosten is het project ingeschat op € 60.000,-. Dit moet vooralsnog gezien worden als een plafondbedrag. Dit bedrag is grofweg bepaald aangezien we nog nooit een vergelijkbaar plan hebben opgesteld. Hier ligt dus een risico dat we met het bedrag het gewenste resultaat niet kunnen bereiken. In het plan van aanpak volgt een betere financiële onderbouwing en is er ruimte om alsnog andere keuzes te maken in gewenste resultaten, focus en beschikbare financiële middelen. Het college zal het uiteindelijke plan van aanpak + het benodigde budget vaststellen en kan dus nog bijsturen.
8. financiële dekking Kapitaalgoed
Budgetnummer
Bijdrage € 30.000
dekking Uitvoeringsprogramma
6702020/PALG036
€ 20.000
Programma water en
Duurzaamheid Riool
riolering Openbaar groen
6507020/PALG191/ 192
€ 5.000
Beheerplan groen
Wegen
6201020/PALG327
€ 5.000
Beheerplan wegen
totaal
€ 60.000
Dit bedrag is puur voor het opstellen van het masterplan, dus exclusief de realisatie van de pilotprojecten. 9. Projectorganisatie
Kernteam • Henk de Vos (regisseur) • Albert-Jan van de Scheur (adviseur Groen en Landschap) • Ernst van Leussen (adviseur Water, Riolering en Klimaatadaptatie) • Gerreke Petersen (adviseur duurzaamheid) • Erwin Boogmans (projectleider/ beleidsadviseur Ruimte) • Rianne van Dijk (beleidsadviseur/ projectleider sociaal domein) Brede werkgroep (inbreng afhankelijk van het onderwerp) • De Aike Uenk (beheerder water en riolering, klimaatadaptatie) • Steven Groot (adviseur energie en OV) • Rene Formrnoij (OR > adviseur mobiliteit • Wilco Veenendaal (OR > adviseur Wegen) • Elko Huizing (OR > technisch projectleider) • Karin Dekens (medewerker subsidies) • Kim Dijkgraaf (wijkregisseur) • Rik Kleijer (Openbare orde en Veiligheid • Ruth van Raaijen (samenredzaamheid) • Etienne Dorssers (sport en spelen) • Wilma Turkstra (beleidsadviseur WMO) • Marcella van Wagensveld (projectleider wonen en duurzaamheid) • Martijn Woutersen (Beleidsadviseur wonen) • … Als opdrachtgever zal namens de gemeente Ermelo Henk de Vos optreden. Bestuurlijk opdrachtgever wethouder openbare ruimte (Ronald van Veen) Opdrachtnemers/ projectleiders zijn Albert Jan van de Scheur (beleidsadviseur Groen) en Ernst van Leussen (beleidsadviseur Water, Riolering en Klimaatadaptatie).
onze ref. pagina
02330000248240 6 van 6
Henk de Vos, Ambtelijk opdrachtgever
Albert-Jan van de Scheur en Ernst van Leussen, projectleiders
Akkoord opdrachtgever
Akkoord projectleiders
Datum:
Datum:
Ronald van Veen, Bestuurlijk opdrachtgever
Akkoord opdrachtgever
Datum: