Bijlagen bestemmingsplan e240022020
Tekst van het document
Bijlage 1 Lijst met bedrijfsactiviteiten
3
Bijlage 2 Positie geluidscherm
4
Bijlage 3 Beeldkwaliteitplan
5
Bijlage 4 Definitief besluit Wnb
95
Bijlage 5 Groen en natuurinclusief bouwen
122
Bijlage 6 Watertoets - inpassing wateropgave
123
Bijlage 1 Beeldkwaliteitplan
160
Bijlage 2 Ladder voor duurzame verstedelijking
250
Bijlage 3 Verkennend bodem-, asbest in grond- en indicatief asfaltonderzoek
264
Bijlage 4 Watertoets - inpassing wateropgave
432
Bijlage 5 Archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek, verkennende fase
469
Bijlage 6 Archeologisch veldonderzoek - proefsleuven
563
Bijlage 7 Quickscan natuurtoets
640
Bijlage 8 Nader onderzoek ecologie
674
Bijlage 9 Activiteitenplan ecologie
710
Bijlage 10 Definitief besluit Wnb
768
Bijlage 11 Quickscan natuurtoets rotonde aansluiting Spijkweg
795
Bijlage 12 Nader onderzoek ecologie - Erfpachtwoning en rotonde
813
Bijlage 13 Quickscan natuurtoets - Geluidscherm
826
Bijlage 14 Nader onderzoek ecologie - Geluidscherm
851
Bijlage 15 Activiteitenplan - Geluidscherm
865
Bijlage 16 Onderzoek stikstofdepositie
884
Bijlage 17 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai
943
Bijlage 18 Onderzoek bedrijven en milieuzonering
1044
Bijlage 19 Geuronderzoek
1054
Bijlage 20 Onderzoek externe veiligheid
1076
Bijlage 21 Uitwerking mobiliteit
1093
Bijlage 22 Vormvrije m.e.r.-beoordeling
1134
Bijlage 23 Participatieverslag
1265
Bijlage 24 Advies VNOG
1275
Bijlage 25 Zienswijzennota
1279
Bijlage 1: Lijst van niet publieksgerichte bedrijfsmatige bedrijven aan huis SBI 581 1814 182 952 791 41,68 62 722 9602 9609
Omschriivina Uitgeverijen (kantoren) Grafische afwerking Reproductiebedrijven opgenomen media Reparatie t.b.v. particulieren (excl. auto's en motorfietsen) Reisorganisaties Verhuur van en handel in onroerend qoed Computerservice- en informatietechnoloqiebureaus e.d. Maatschappij- en geesteswetenschappelijk onderzoek Kappersbedrijven en schoonheidsinstituten Persoonlijke dienstverlening niet elders qenoemd
Cat. 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
N
EML00I 04828G0000
gw En errst
Ho
EML00I 06150G0000
Type geluidscherm: Kokowall® Standaard Geluidsscherm of vergelijkbaar https://kokosystems.nl/kokowall-geluidsschermen-b/
Obstakelvrije zone (13 meter) Obstakelvrije zone met extra reservering voor een extra rijbaan Kadastrale grens Geluidscherm (4,5 meter hoog) Positie geluidscherm is 4,5 meter uit de insteek watergang/sloot Bestaand raster hekwerk (komt te vervallen t.h.v. het geluidscherm) Bestaande bomen
Horsterhoeve Ermelo Geluidscherm Project: 3538.01 Schaal: 1:500/1:1000 Formaat: A1 Datum: 21-03-2024
eg
HORSTERHOEVE, Ermelo BEELDKWALITEITPLAN
meent
Horsterhoeve - Ermelo Definitief 22-04-2024 P 3538.07
COLOFON
Buro Ontwerp & Omgeving P3538.07
formaat: A4 bezoekadres: Velperweg 157 6824 MB Arnhem correspondentieadres: Postbus 2033 6802 CA Arnhem T: 026-4432663 I: www.ontwerpenomgeving.nl E: info@ontwerpenomgeving.nl Met medewerking van:
Fier Architecten
BEELDKWALITEITPLAN Horsterhoeve - Ermelo
OPDRACHTGEVER
INHOUDSOPGAVE ALGEMEEN Status
5 5
HET PLANGEBIED Historische ontwikkeling Landschap Bestaande bomen
7 7 8 10
STEDENBOUWKUNDIG PLAN Globale beschrijving Water en groenstructuur Programma Onsluiting en parkeren Natuurinclusiviteit
15 15 17 20 21 22
BEELDKWALITEIT Modern dorp Architectonische ensembles Variatie en samenhang Orientatie van de bebouwing Deelgebied dekzandrug Deelgebied hooiland Overgang prive-openbaar Geluidscherm
23 23 24 24 28 29 34 38 40
OPENBARE RUIMTE Algemeen Groenstructuur dekzandrug Groenstructuur hooiland Verhardingen Spelen Verlichting
43 43 43 47 52 56 58
BIJLAGEN Visualisaties Principe profielen Inpassing geluidscherm
59 59 66 78
3
Horlo
Een hart voor Horlo
Horsterhoeve
4
BEELDKWALITEITPLAN Horsterhoeve - Ermelo
ALGEMEEN De gemeente Ermelo is op zoek naar ruimte voor nieuwe woningen. Vooral voor jongeren en starters zijn er maar weinig mogelijkheden binnen de gemeente. De eigenaren van recreatiepark De Horsterhoeve zijn van plan het recreatiepark te beëindigen, waarbij er een nieuwe invulling voor het terrein gezocht dient te worden. Het betreft een gebied met een grootte van circa 11,4 ha. Woningbouw is een goede invulling, gezien de omgeving waarin het park zich bevindt. De ontwikkeling past goed in het door de gemeente Ermelo opgestelde beleid voor de recreatieterreinen in het buitengebied. Tevens voldoet de locatie aan de wens van de gemeente Ermelo om een nieuwe woningbouwlocatie van enige grootte te vinden. Deze locatie kan een grote bijdrage leveren aan de woningbouw opgave in de gemeente. De herontwikkeling van recreatiepark De Horsterhoeve biedt een kans om een aantal doelen te realiseren. Ten eerste is er de kans om samenhang te creëren in dit gebied en de gehele kern Horloo een eigen identiteit te geven. Dit kan door het een 'hart' te geven in de vorm van een nieuwe centrale openbare ruimte met op de kruising van de Horster-Engweg, de Horloseweg, de Ribbenboschweg en een nieuw te vormen verbinding richting het zuiden. Ten tweede is de bouw van nieuwe woningen zeer gewenst in de gemeente Ermelo.
De toevoeging van ruim 250 woningen biedt een stevige basis voor de vorming van een nieuwe kern waar ook de omringende bestaande bewoning toebehoort. Deze nieuwe kern kan goed verbonden worden met de (recreatieve) voorzieningen in de omringende dorpen en steden (Ermelo, Harderwijk) en met het Veluwemeer.
Het laatste doel is de versterking van de landschappelijke kenmerken in het gebied zodat het onderscheid tussen de landschapstypen versterkt en benut wordt. Horsterhoeve wordt op een natuurinclusieve wijze ontwikkeld en zal daarmee ook een bijdrage leveren aan het versterken en/of in stand houden van de leefgebieden van verschillende dieren en planten. De landschappelijke ondergrond van het gebied is hiermee mede bepalend voor de identiteit. Denk hierbij aan de bebouwing die van oorsprong op de hogere delen is gesitueerd, overgangen in het landschap van hoog naar laag (gradiënt) en verschillen in een open en besloten landschap.
Status In het beeldkwaliteitsplan wordt de gewenste beeldkwaliteit beschreven van zowel de bebouwde ruimte (woningen) als de onbebouwde ruimte (openbaar gebied) in Horsterhoeve. Bouwplannen en inrichtingsplannen voor de openbare ruimte worden hieraan getoetst. Het beeldkwaliteitsplan dient als leidraad en als inspiratiebron voor partijen die bouwplannen gaan ontwikkelen in Horsterhoeve. Het beeldkwaliteitsplan zal vastgesteld worden door de gemeenteraad als aanvullend welstandsbeleid.
5
Wolderwijd
Kasteel Groot Horloo
Groene Zoomweg
Erfpacht
buurtschap Horlo
Ho
rlo
6
BEELDKWALITEITPLAN Horsterhoeve - Ermelo
Plangebied
weg -Eng ster Hor
Spi jkw eg
A28
sew
eg
HET PLANGEBIED De begrenzing van het plangebied is aangegeven met de rode lijn. Aan de noordzijde grenst het aan de Horster-Engweg en een complex met bestaande (recreatie)woningen. Aan de zuidzijde grenst het gebied aan het lager gelegen natuurgebied in een kleinschalig kampenlandschap. Het plangebied is gelegen in het buitengebied van Ermelo, in het noordwesten van de gelijknamige gemeente en vlak langs de A28. De locatie betreft recreatiepark De Horsterhoeve met de bijbehorende opstallen en groenvoorzieningen. Het plangebied heeft een totale oppervlakte van circa 11,4 hectare en bevindt zich in een landelijk gebied met weilanden, houtopstanden, woonerven en boerenerven. Langs de zuidelijke rand van het gebied stroomt het Tweelingbeekje. De uitlopers (dekzandruggen) van de Veluwe worden al lang gebruikt voor bewoning. De kern Ermelo ligt op de rand van het grote massief van de Veluwe. Het deel lo in ‘ermelo’ verwijst naar een op zandgrond gelegen bos. In westelijke richting strekken zich langgerekte ruggen uit richting het Veluwemeer, oftewel de voormalige Zuiderzee. Op deze ruggen ontstonden in een kleinschalig kampenlandschap boerderij complexen vaak op de rand van droog en nat. Deze bewoning concentreerde zich in buurtschappen langs de oost-west gerichte wegen zoals de Horsterengweg (Horlo), de Buitenbrinkweg en de Zeeweg (buurtschap Horst).
Het natuurschoon leende zich ook goed voor instellingen, zoals bijvoorbeeld ’s-Heerenloo en Groot Emaus. Na WO2 kwamen er ook nog verschillende recreatieparken bij. Tussen de hoger gelegen dekzandruggen liggen lagere delen waar beweiding plaats vindt en waar hooilanden zijn.
De afwatering loopt op natuurlijke wijze van het oosten naar het westen, richting Veluwemeer. Op korte afstand van elkaar is er hier sprake van verschillende landschapstypen met herkenbare onderlinge verschillen. De aanleg van de A28 en later de Spijkweg vormden een barrière tussen deze dekzandruggen met hun kleinschalige landschap en het Veluwemeer. De prachtige landschappelijke overgangen, waar de Veluwe bijna tot in de zee liep zijn hierdoor verdwenen of op zijn minst verwaterd. Voor omgeving Horlo heeft dit ook betekend dat het gebied opgesloten kwam te liggen in de oksel van deze grootschalige infrastructuur. De verschillende ontwikkelingen in het gebied hebben geleid tot een bonte verzameling van functies en bewoningsvormen. We zien grootschalige woningbouw projecten als Groot-Horloo, recreatiewoningen, al dan niet permanent bewoond en kleinere nieuwbouwprojecten in de vorm van buitenplaatsen en rood-voor-rood ontwikkelingen tussen agrarische erven en bedrijven. Het resultaat is een behoorlijk dicht bebouwd landschappelijk woongebied dat op zichzelf veel kwaliteiten heeft maar dat als totaal een onduidelijk profiel heeft.
Historische ontwikkeling Horsterhoeve ligt op de grens van het Zuiderzeekustlandschap en het Kampenlandschap aan de rand van dekzandruggen. Het landschap bestond uit bos, bouwlanden, weilanden, hooilanden en heide. Het landschap kent een grillige structuur met driften naar de hoger gelegen gebieden.
7
In de tweede helft van de 20e eeuw ontstaat vakantiepark de Horsterhoeve en wordt de Rijksweg A28 aangelegd. Hierdoor wordt het landschap afgesneden van de Zuiderzee. In de laatste decennia zie we de aanleg van de Spijkweg en het oprukken van de verstedelijking van Harderwijk. Met deze ontwikkelingen komt het gebied Horlo in de oksel van de infrastructuur te liggen. De bouw van kasteel Groot Horloo is de meest recente grote verandering in het gebied. Het is gebouwd als beëindiging van de Horster-Engweg en heeft een verschijningsvorm en bebouwingsdichtheid (kasteel, burcht) die erg verschilt van de rest van de omgeving. De gesloten vorm van deze bebouwing heeft als voordeel dat het het geluid van de A28 buiten houdt waardoor er toch op deze plek gewoond kan worden.
Landschap In de kaartbeelden is heel duidelijk de oost-west gerichte geleding van dit gebied te zien. De dekzandruggen met daartussen de lager gelegen weilanden met watergangen die van het oosten naar het westen, richting Veluwemeer, stromen. De Horster-Engweg en de Buitenbrinkweg zijn twee wegen die langs de randen van deze ruggen lopen. De overgang van hoog naar laag is soms scherp maar meestal behoorlijk subtiel. Tussen de ingang van het recreatiepark bij de Horster-Engweg en het zuidelijke deel van het terrein zit ruim 1,5 meter hoogteverschil. Het landschaps ontwikkelingsplan (LOP) van de gemeenten Ermelo en Putten ziet twee landschapstypen in deze omgeving, namelijk
8
BEELDKWALITEITPLAN Horsterhoeve - Ermelo
Heide
Bos
Hooilanden
Heide
Zuiderzeekustlandschap
het kampenlandschap en het zuiderzeekustlandschap. Het kampenlandschap karakteriseert zich als een (half)open en kleinschalig cultuurlandschap met een afwisselde verkaveling waarlangs oude laanbeplanting, houtwallen en kleine bosperceeltjes het beeld bepalen.
Zuiderzeekustlandschap Kampenlandschap
De geomorfologische kaart vertelt iets over de vormen van het landschap en daarin zien we het onderscheid tussen hoog en laag, namelijk de dekzandrug en de vlakte met verspoelde dekzanden of löss, goed terug.
Landschapstypen
Vlakte Veluwemeer
Dekzandrug
Verspoelde dekzanden of löss
Het zuiderzeekustlandschap is ontstaan onder invloed van de Zuiderzee en kenmerkt zich als een (half) open landschap met een stroken- of slagenverkaveling waarbij de beplanting bestaat uit erfbeplanting en recreatiebosjes.
Samen resulteert dit alles in de huidige ruimtelijke en functionele stuctuur: op de hoger gelegen delen zijn de erven gelegen nabij de akkers. Ook zijn er heidegronden. De structuur wordt bepaald door driften over en naar de hoger gelegen delen. De lagere natte gronden werden gebruikt als hooiland en weide voor de schapen en hebben een grillige structuur, ontstaan door subtiele hoogteverschillen in de bodem. De bestemmingsplankaart laat zien hoe het gebied tot op heden in gebruik is. Opvallend is dat de overwegend lager gelegen delen tussen de ruggen bestemd zijn als natuur. Dit is het leefgebied van een aantal dassen. Bij mogelijke veranderingen in het gebied dient
Geomorfologie
9
hier rekening mee te worden gehouden. De recreatiebestemming zal verdwijnen als het gebied getransformeerd wordt naar woongebied.
Wonen Groen
Bos
Bestaande bomen Binnen het plangebied staan verschillende bestaande bomen. In het hoger gelegen deel zien we grofweg bomen als (zomer)eiken en beuken afgewisseld met berken. Een aantal structuren zijn zeer waardevol, daarom wordt hier in het ontwerpbestemmingsplan de waarde bestemming ´waardevolle bomen´ aan gegeven. In het lager gelegen deel zien we veel (zwarte) elzen en berken afgewisseld met enkele dennen of eiken. De bestaande bomen zijn beoordeeld op kwaliteit, levensverwachting, beeldkwaliteit en ecologische waarde. Het stedenbouwkundig ontwerp houdt rekening met de inpassing van de waardevolle bomen. Op basis van dezelfde boombeoordeling zijn er ook bomen die niet behouden kunnen worden. De te kappen bomen zullen minimaal 1 op 1 gecompenseerd worden in het ontwerp. Bij het inpassen van bomen moet er sprake zijn van een duurzame inpassing die recht doet aan de omgeving, ecologische kwaliteit en beheerbaarheid. Daarnaast worden veel nieuwe bomen toegevoegd, dit wordt uitgewerkt in het inrichtingsplan. Het (civieltechnische) inrichtingsplan is leidend qua situatie nieuwe en te kappen bomen. Dit kan (licht) afwijken ten opzichte van de tekeningen in dit beeldkwaliteitplan.
10
BEELDKWALITEITPLAN Horsterhoeve - Ermelo
Agrarisch Recreatie
Natuur
Vigerend bestemmingsplan met de plangrenzen voor de ontwikkeling
Bestaande bomen: vitaliteit
Goede toekomstverwachting
Redelijke toekomstverwachting Matige toekomstverwachting
Slechte toekomstverwachting
Vitaliteit (Boominventarisatie Pius Floris)
11
Bestaande bomen: te behouden
In het noordelijk deelgebied betreffen de in te passen bomen voornamelijk de eikenwal en verschillende solitaire zomereiken
In te passen beukenlaan (fagus silvatica)
Zomereiken noorse esdoorn en gewone berken gewone berk
gewone berk paardenkastanje zwarte els
spar
spar en berk
gewone berken
gewone berk
grijze els
zwarte els
gewone berk
In het zuidelijk deelgebied betreffen de in te passen bomen voornamelijk bij het landschap passende soorten als berken en elzen. Enkele berken zijn in minder goede staat, deze zijn vooralsnog behouden tenzij het vanuit beheersof veiligheidsoogpunt niet verantwoord is. In het gebied staan ook nog een tweetal sparren. Deze soort past minder goed bij het landschapstype, maar kan als esthetisch fraaie boom een plek krijgen binnen het woonveld (hof in hooi 2).
zwarte els
Vliegdennen en een esdoorn Bomen, te behouden
12
In te passen elzensingel (zwarte els)
Bestaande bomen: te kappen
De te kappen bomen betreffen voor een belangrijk deel bomen die in minder goede staat zijn en vaak betreft dit berken. Ook zitten er verschillende exoten tussen. Te kappen bomen worden minimaal 1 op 1 gecompenseerd in het ontwerp.
Bomen, te kappen
13
8 2
3 7
1
4
5
5
4
Planonderdelen 7 6
6
4
14
BEELDKWALITEITPLAN Horsterhoeve - Ermelo
1
Centrale Meent
2
Wonen ‘dekzandrug’ -tussen de bomen
3
Wonen ‘dekzandrug’ -de hoeve
4
Drift
5
Wonen ‘dekzandrug’-dorpse buurt'
6
Wonen ‘hooiland’ - hof in hooi
7
Ontsluiting naar Spijkweg
8
Ontsluiting naar Horster-Engweg
STEDENBOUWKUNDIG PLAN Globale beschrijving Horsterhoeve, het recreatiepark, wordt een woongebied. Samen met de overige woningen in de omgeving (Horlo) gaat het een groter geheel vormen. Een woongebied, waarin de Meent de centrale plek wordt. De bestaande en nieuwe woonstraten in Horlo komen hier allemaal samen Een ‘meent’ is een historische benaming voor de zogenaamde ‘gemene gronden’ oftewel gronden die in gemeenschappelijk gebruik zijn. De Meent is het nieuwe hart van Horlo en ligt op de voormalige plek van de recreatie weide van Horsterhoeve. Een 'drift' of dreef is een weg waarlangs men een kudde vee dreef van het dorp naar het open veld. Dit soort routes is ook te zien op de historische kaart. Het principe van driften die leiden naar een gemeenschappelijke meent is toegepast in dit plan.
CONCEPT: hoogtelijnen - landschappen
Het nieuwe woongebied is ingedeeld en ingericht op basis van de landschappelijke kenmerken. Er zijn twee landschappelijke eenheden, namelijk ‘dekzandrug’ en ‘hooiland’. Het stedenbouwkundig ontwerp en de inrichting van de openbare ruimte sluit daarmee zoveel mogelijk aan op de natuurlijke ondergrond en de hoogtelijnen.
CONCEPT: landschapstypen
15
De Meent De Meent heeft overwegend een groene inrichting. De gronden worden zo ingericht dat deze bijdragen aan de bestaande ecologische waarden in het gebied en deze zelfs versterken. In de inrichting wordt aangesloten bij het historische landgebruik van dit gebied. De gronden kunnen gebruikt worden door de bewoners van Horlo, bijvoorbeeld als natuurlijke speelplaats, zitplekken, werkplekken, kleinschalige bijeenkomsten. Op de Meent staat een gebouw met een maatschappelijke functie, hetgeen betekent dat er gemeenschapsvoorzieningen zijn toegestaan. Concreet kan bijvoorbeeld worden gedacht aan een buurthuis, een kinderopvang of ondergeschikte detailhandel voorzieningen zoals een klein winkeltje met streekproducten. Daarnaast zijn ook zorgwoningen toegestaan voor zelfstandig wonende (jong)volwassen met een zorgvraag. Dekzandrug Op de dekzandrug kan er onderscheid worden gemaakt tussen vier woonvelden. Deze woonvelden worden van elkaar gescheiden door groenstructuren of de wegenstructuur. De woningen zullen grotendeels met de voorgevel gesitueerd worden aan de straat. Parkeren wordt waar mogelijk geclusterd binnen de woonvelden waardoor langs de straten en paden zo min mogelijk geparkeerde auto’s staan. De groen- en bomenstructuren (deels bestaand), waarvan vooral de grote eiken- en beuken structuren in het oog springen zijn een beeldbepalend onderdeel van dit deelgebied.
CONCEPT: meent en driften
Hooiland In het hooiland worden compacte clusters van woningen in een groene kamer gerealiseerd. Hierbij worden de woningen niet aan de straat gesitueerd, maar in een erf/cluster als architectonisch ensemble. Er zal veel meer vermenging zijn tussen wonen en groen, waarbij er diffuse grenzen tussen privé en openbaar groen ontstaan. Infrastructuur wordt zoveel mogelijk beperkt door de openbare parkeerplaatsen te clusteren. De kamers worden begrensd door elzensingels, passend bij het omringende landschappelijke beeld. CONCEPT: verkavelingsprincipe
16
BEELDKWALITEITPLAN Horsterhoeve - Ermelo
Water- en groenstructuur Het landschappelijk raamwerk is een belangrijke bouwsteen voor het stedenbouwkundig ontwerp. Het landschappelijk raamwerk bestaat uit een groen- en waterstructuur. De groen- en waterstructuur heeft meerdere functies, namelijk voor de woonkwaliteit (zicht op groen en water, recreatieve mogelijkheden), klimaatadaptatie (schaduw, verkoeling, stof beperken, water vasthouden en bergen) en natuurwaarden (natuurinclusiviteit, biodiversiteit). Er kan een onderscheid worden gemaakt in de water- en groenstructuur van de dekzandrug en het hooiland.
17
Dekzandrug Een dekzandrug is van nature hoog en droog. Dit is ook van belang voor de waterhuishouding ter plaatse. De grondwaterstroming loopt af van noordoost naar het zuidwest. De beoogde opzet van de wijk en de verschillen in hoogte lenen zich goed voor een bovengrondse afvoer van hemelwater. Dit is kostenbesparend (geen tweede rioolbuis) en draagt bij aan het waterbewustzijn. Door zoveel mogelijk af te voeren in het aanliggend groen kan hemelwater wegzakken naar de ondergrond zoals de klimaatvisie van de gemeente voorschrijft. In dit deelgebied zullen niet veel wadi's worden gerealiseerd omdat het water een natuurlijk verloop heeft van noord naar zuid. Tevens wordt er hier gekozen voor een forse groenstructuur waarbij ook veel huidige bomen en bosschages worden ingepast. In het noorden van de dekzandrug zullen de woningen als het ware tussen de bestaande bomen en bosschages worden gesitueerd, waardoor er gewoond wordt tussen de bomen.
Maaiveldhoogte (AHN)
Hooiland Hooiland is van nature lager en natter. Dit is ook van belang voor de waterhuishouding ter plaatse van het hooiland. Er zullen meerdere wadi's worden gerealiseerd om het water langzaam te laten infiltreren in de bodem. Het overtollige water kan via het Tweelingbeekje worden afgevoerd naar het Wolderwijd. In het Hooiland wordt gekozen voor een meer ingetogen groenstructuur.
Legger watersyteem van waterschap Vallei en Veluwe
18
BEELDKWALITEITPLAN Horsterhoeve - Ermelo
2,40
2,70 2,60
2,50
3,00
3,0
2,80
2,50
3,0
3,20
3,00
2,80
3,20
3,20
3,20
1,80
3,10
2,80
wadi
3,20
3,20 3,20
2,20 3,40
2,40 2,60
wadi
2,80
wadi
2,00
wadi 3,00
wadi 3,20
3,20
2,45
2,60
3,2
2,70
3,20
2,80
3,20
2,70
3,10
2,80 3,05
2,90 2,30
3,10 3,00
250
Duiker 500 mm op 0,80 -> 0,75 m + NAP
2,60
2,80
wadi
wadi
2,60
2,0
2,60 wadi
2,10
2,40
Wadi 2,00 2,40
2,60
2,40
Vaste stuw op 2,30 m + NAP
2,80
2,30
2,30 2,30
2,00 2,00
wadi
RHG 2,30
2,50 wadi 2,30
2,40
wadi
Duiker 500 mm op 1,62 -> 1,51 m + NAP
2,25
RHG 1,85
Inpassing wateropgave Het stedenbouwkundig plan en afwateringsontwerp gaan samen op. Het ontwerp op hoofdlijnen is als volgt (bron: watertoets, Arcadis): • Grootschalige ophoging is niet nodig. • Per kavel een infiltratievoorziening met 60 mm inhoud over bebouwd oppervlak. • Kavels met onvoldoende ruimte voor infiltratie op eigen terrein (zoals appartementen) worden wadi's aangewezen die de vereiste berging realiseren. • Wegen wateren af op de berm met aanliggend een greppel of wadi. Water kan inzijgen, bij hevige neerslag vindt er afvoer benedenstrooms plaats. • Wegen die niet direct afwateren op een berm worden in een hol wegprofiel aangelegd met een molgoot in de as van de rijbaan. De molgoot watert vervolgens af naar de greppels. • Waterberging is droogvallend ingericht (wadi) en heeft een overloopmogelijkheid op uiteindelijk de Tweelingbeek. • De Horsterengweg (noorden) is een bestaande weg die wordt geintegreerd in het plan. Bestaande percelen hebben in de huidige situatie geen afwateringsvoorziening hetgeen overlast oplevert. Hier wordt voorzien in een hemelwaterriool die afvoert naar de wadi op de Meent. • Verhard oppervlak wordt, tot slot, tot een minimum beperkt om het groene beeld te versterken. Parkeerplaatsen, voeten fietspaden worden in waterpasserende (half)verharding uitgevoerd.
Duiker 500 mm op 1,43 -> 1,38 m + NAP
2,00
RHG 1,50 RHG 1,00
Afwateringsontwerp (bron: Watertoets Horsterhoeve, Arcadis)
19
Programma Het woningbouwprogramma bestaat uit 265 nieuw te bouwen woningen en 1 bestaande vrijstaande woning die ingepast wordt in het plan. Er is een onderverdeling gemaakt tussen sociale huur/ koop, middenhuur woningen en vrije sectorwoningen. Bijgaande afbeelding toont het programma
SOCIALE HUUR / KOOP
136 (51%)
85
APPARTEMENTEN
35
RAR/BEBO
16
RAR
WONINGEN MIDDENHUUR 266 (100%)
19 (7%)
19
RIJ (TUSSEN/HOEK)
VRIJE SECTOR
111 (42%)
54
RIJ (TUSSEN/HOEK)
38
TWEE-ONDER-ÉÉN-KAP
18
VRIJSTAAND
1
BESTAANDE WONING
GEMEENSCHAPPELIJKE BERGING
Woningbouwprogramma
20
BEELDKWALITEITPLAN Horsterhoeve - Ermelo
inprikkers
halfverharde paden/driften
Ontsluiting en parkeren
hoofdrijbaan
calamiteiten ontsluiting
De infrastructuur zal bestaan uit verschillende soorten (half) verhardingen. Bewoners van het noordelijk deel van de dekzandrug zullen hun woningen met de auto kunnen bereiken via de Horster-Engweg. De overige woningen in het plangebied worden ontsloten via de Spijkweg. Op de Spijkweg zal hiervoor een nieuwe rotonde worden gerealiseerd. Het is niet mogelijk om met de auto vanaf de Spijkweg, via het plangebied, naar de Horster-Engweg te komen. Binnen de woonvelden, op de plekken waar parkeren wordt toegepast, zal andere verharding worden aangelegd. Deze zal zich onderscheiden van de ontsluitingswegen in het plangebied. De woonvelden waar de erfstructuur geldt zullen ook op deze manier kenbaar worden gemaakt.
parkeerhof
'hof in hooi'
drift
Tot slot maakt de Drift een belangrijk onderdeel uit van de infrastructuur. De Drift is een onverhard pad dat nu vanuit het zuiden uitkomt op het recreatieterrein. Dit pad zal nu verder worden getrokken tot aan de Meent, waar vervolgens de Horster-Engweg begint. De Drift wordt in een halfverharding (stabilizer of vergelijkbaar) aangelegd. Daar waar deze woningen ontsluit dient onderzocht te worden of dit tot vervuiling in de woning (meeslepen van het materiaal) leidt. Hier dient nader onderzocht te worden of er een alternatief materiaal met vergelijkbare uitstraling gebruikt kan worden.
Ontsluiting en parkeren
21
Natuurinclusiviteit De gemeente Ermelo hanteert een puntensysteem om natuurinclusiviteit meetbaar te maken. Het aantal te behalen punten wordt bepaald op basis van de grootte van het project. Het project Horsterhoeve valt onder de categorie ‘zeer grootschalige projecten’ waarvoor minimaal 26 punten behaald moeten worden. De maatregelen worden in een anterieure overeenkomst vastgelegd. Binnen het plan zijn o.a. de volgende maatregelen in te passen: • Geveltuin • Groen dak • Nestkasten • Insectenhotel • Planten van inheemse bomen, struiken en planten • Inheemse hagen • Takkenrillen • Inrichting tuin afstemmen op kleine zoogdieren zoals de egel • Bloemrijke graslanden • Zoomvegetatie langs perceelranden • Inheems bos >300 m2 • Rekening houden met natuurwaarden bij maaibeleid • Ecologische wadi’s • Hergebruik van regenwater van het gebouwen en verharde oppervlakten • Composteren van bio-afbreekbaar afval van huishoudens op het terrein • Inpassen van een deel van bestaand groen en bomen De te nemen maatregelen worden in de nadere uitwerking vastgelegd. De maatregelen komen deels voort uit de onderzoeken die gedaan zijn naar de flora en fauna en de maatregelen die nodig zijn ten behoeve van in het gebied aanwezige diersoorten als de gewone dwergvleermuis, de steenmarter, de steenuil en de huismus.
De maatregelen zijn deels bouwkundig, zoals inmetselkasten verspreid door het gebied voor de vleermuis en huismus.
22
BEELDKWALITEITPLAN Horsterhoeve - Ermelo
Een deel van de maatregelen zijn opgenomen in de openbare ruimte, indicatief weergegeven op de kaart hieronder: • Plaatsing muizenruiters, takkenrillen en fruitbomen voor de steenuil. • Marterhopen voor de steenmarter. • Vleermuiskasten aan bomen (van tijdelijke aard). • Vleermuiskasten op palen(van tijdelijke aard). Vleermuiskast in boom muizenruiters takkenril
takkenril/ dassenraster
Vleermuiskast op paal muizenruiters marterhopen
verspreide fruitbomen
Natuurinclusieve maatregelen
verspreide fruitbomen
BEELDKWALITEIT Modern dorp Het overkoepelende thema voor de ontwikkeling van Horsterhoeve is dat er een nieuwe kern (Horloo) ontstaat rond een gezamenlijke meent. De ontwikkeling van recreatiepark Horsterhoeve naar een woongebied kan op die manier bijdragen tot cohesie en samenhang in het totale buurtschap Horloo. Dit buurtschap rond de meent krijgt de beeldtaal van een (eigentijds vormgegeven) dorp. Wat definieert een dorp? Een dorp onderscheidt zich van oudsher van de stad door de nadruk op agrarische activiteiten zoals landbouw en veeteelt, visserij of bosbouw. Verder onderscheidt het zich van oudsher in stedenbouwkundige verschijningsvorm van de stad door zijn organische en kleinschalige groei en opbouw. Er is daardoor een sterke verweving met het landelijk gebied eromheen. Vanuit het oogpunt van sociale samenhang kan gesteld worden dat een dorp een hechte gemeenschap heeft, men kent elkaar en er is sociale controle. Bij de functies die een dorp en het omringende landelijk gebied kenmerken horen verschillende gebouwtypen. Daarbij denken we bijvoorbeeld aan: •
Burgerlijk: villa (adel), arbeiderswoning, burgerwoning, schoolmeesterswoning, burgermeesterswoning, raadhuis; • Agrarisch: dorpsboerderij, pakhuis, molen, graanschuur, boter- of zuivelfabriek, agrarische cooperatie, landarbeiderswoning, boerderij, schuur, stal, hooiberg, silo, wagenschuur, loods; • Diensten: slagerij/bakkerij, winkel, kroeg, hotel; • Religie: kerk, pastorie; • Adel: buitenplaats, landgoed. De bijzondere typen die hierboven worden beschreven kunnen dienen ter inspiratie voor de nieuwbouw en met name voor de gebouwen die op beeldbepalende plekken liggen. De eigentijdse architectuur kenmerkt zich door typisch dorpse vormen die, gereduceerd tot herkenbare kloeke volumes, een herkenbaar beeld opleveren.
23
Architectonische ensembles Op bijgaande afbeelding is weergegeven wat de architectonische ensembles zijn binnen plan Horsterhoeve. In deelgebied Dekzandrug zijn er vier ensembles: tussen de bomen, de hoeve, dorpse buurt en de meent. In deelgebied Hooiland zijn er ook drie ensembles: hof in hooi 1 en -2 en wonen aan de drift.
Variatie en samenhang De variatie (en samenhang) binnen het plan wordt onder andere bepaald door te draaien aan drie knoppen: goothoogte, kleurgebruik en materiaalgebruik.
goothoogte
kleuren
materialen
Goothoogte De goothoogte en kapvorm hebben invloed op het bebouwingsbeeld. Hoe meer er een lage goot toegepast wordt hoe meer kap er te zien is, in plaats van gevel. Bijgaande afbeelding laat zien welk principe gehanteerd wordt, per zone. In het bestemmingsplan zijn de maximale nok- en goothoogten vastgelegd. Het beeldkwaliteitplan beschrijft de aanvullende eisen. Naar de randen van het gebied wordt meer vaker een lage goot (1 laag= ca. 3,5 m) toegepast. Het idee is dat de percentages gelden over de totale gootlengte. Dat geeft in zijn totaal houvast maar daarnaast ook flexibiliteit voor architecten om keuzes te maken.
24
BEELDKWALITEITPLAN Horsterhoeve - Ermelo
Goothoogte
In deelgebied Dekzand 1 is een woning/woningblok met kap waarbij de goot voor een deel (30%) op 1 laag (ca. 3,5m) begint de norm. In het gebied bevindt zich ook een appartementengebouw (1) die maximaal 3 bouwlagen hoog is (plat afgedekt).
Dekzand 1
dit betreft het appartementengebouw 1
> 2 lagen
Deelgebied Dekzand 2 laat woningen/woningblokken zien met ca. 50% van de lengte een lage goot (1 laag). Hetzelfde geldt voor Hooiland 2.
2 lagen 1 laag 10%
20%
30%
40%
50%
60%
70%
80%
90%
100%
Binnen Hooiland 1 wordt gestapelde bouw gerealiseerd (2) met een goothoogte die maximaal 9 meter bedraagt en een nokhoogte van maximaal 12 meter volgens het bestemmingsplan. Aanvullend hieraan geeft het beeldkwaliteitplan aan dat minimaal 20% van de goothoogte maximaal 2 lagen bedraagt (tussen de 6 en 7 meter hoog).
Dekzand 2 > 2 lagen 2 lagen 1 laag 10%
20%
30%
40%
50%
60%
70%
80%
90%
100%
20%
30%
40%
50%
60%
70%
80%
90%
100%
Hooiland 1 > 2 lagen 2 lagen 1 laag 10%
1
Hooiland 2
2 2
> 2 lagen 2 lagen 1 laag 10%
20%
30%
40%
50%
60%
70%
80%
90%
100%
25
Kleuren Per deelgebied geldt een kleurpalet voor de gevel. Een groot deel van de gebouwen gebruikt kleuren uit het basispakket (>70%). Afwijkingen zijn toegestaan indien dit architectonisch wenselijk is (variatie in het straatbeeld, stedenbouwkundige accenten). De afwijking kan dan ook een woning of rij woningen betreffen. Het kleurpalet voor deelgebied Dekzandrug is in basis donkerder dan dat van Hooiland.
Basiskleuren gevel
Basiskleuren gevel
donkerbruin
paarsbruin
rozebruin
wit
grijs
beige
purperbruin
roodbruin
rood
zand
oker
zachtbruin
Aanvullende kleuren gevel zandgeel
oranjerood
wit
grijs
donkerbruin
donkerbruin
PALET DEKZANDRUG
26
BEELDKWALITEITPLAN Horsterhoeve - Ermelo
Aanvullende kleuren gevel donkerbruin
donkergrijs
PALET HOOILAND
Dekzand - Dorpse buurt ntb hout baksteen 10%
20%
30%
40%
50%
60%
70%
80%
90%
30%
40%
50%
60%
70%
80%
90%
Dekzand - De hoeve ntb hout baksteen 10%
20%
Materialen Het gebruik van verschillende materialen is ook een goede manier om onderscheid te maken tussen de verschillende sferen in het gebied. In deelgebied Dekzand is baksteen het belangrijkste materiaal. In deelgebied Hooiland komt daar een groter aandeel hout bij. De percentages worden gemeten over het totaal aan geveloppervlakten en geven een indicatie van de verdeling. Naast baksteen en hout zijn er natuurlijk ook nog materialen als stuc/keim/
Dekzand - Tussen de bomen ntb hout baksteen 10%
20%
30%
40%
50%
60%
70%
80%
90%
40%
50%
60%
70%
80%
90%
40%
50%
60%
70%
80%
90%
40%
50%
60%
70%
80%
90%
Hooiland - Hof in hooi 1 ntb hout baksteen 10%
20%
30%
Hooiland - Wonen aan de drift ntb hout baksteen 10%
20%
30%
Hooiland - Hof in hooi 2 ntb hout baksteen
(combinaties van) materialen 10%
20%
30%
27
Oriëntatie van de bebouwing De afbeelding laat zien wat de belangrijkste oriëntatie van de woningen in het plan is. Sommige woningen, die op hoeken liggen, hebben een dubbele oriëntatie. Voor het gewenste straatbeeld is het van belang de meerzijdige oriëntatie in de architectuur tot uitdrukking te laten komen. Daarnaast zijn er gebouwen die op een beeldbepalende plek liggen, de markante gebouwen. Hier wordt een verbijzondering verwacht door een onderscheidend ontwerp en/of kleur- en materiaalgebruik en/of massa. Op dit soort plekken kunnen bijvoorbeeld ook specifieke dorpse typen worden ingezet (de 'boterfabriek').
28
BEELDKWALITEITPLAN Horsterhoeve - Ermelo
Deelgebied Dekzandrug
inspiratiebeelden
Het deelgebied Dekzandrug betreft het noordelijke hoger gelegen deel van het plangebied. Het bestaat uit drie architectonisch samenhangende delen (ensembles). Deze ensembles liggen rond en tegen de Meent. De Meent is het centrale ‘plein’ voor Horlo. De verschillende wegen en paden in de omgeving komen hier op uit.
SFEERBEELDEN DEKZANDRUG
De architectuur kenmerkt zich door herkenbare dorpse vormen die gereduceerd zijn tot kloeke volumes. Een eigentijdse versie van archetypische dorpse bebouwing. Het bebouwingsbeeld is gevarieerd. De mate van variatie is beschreven in de paragraaf ‘variatie en samenhang’.
29
Dekzandrug - dorpse buurt
Structuur en situering
Materiaal, kleur en detail
• •
• • •
• •
Woningen gelegen aan de straat. Variatie in de rooilijn. Soms kort op de straat, soms er verder van af. Wisselende goothoogten en kaprichtingen. Op enkele plaatsen zijn markante en beeldbepalende gebouwen voorzien.
• •
Massa en hoofdvorm •
• •
• • •
inspiratiebeelden inspiratiebeelden
30
BEELDKWALITEITPLAN Horsterhoeve - Ermelo
Een variatie aan kapvormen is mogelijk. Het zadeldak is daarbij de basis kapvorm. Andere vormen gebruiken ter verbijzondering. De goothoogte varieert, conform ‘Dekzand 1’. Goothoogte is maximaal 7 meter hoog, op delen gaat deze omlaag (zie de tabel op p25). Incidenteel kan een deel plat of met hogere goot gerealiseerd worden om een torentje of accent te maken. Het appartementengebouw heeft een plat dak of hellend dak (zadeldak). Woningen op hoeken hebben ook een representatieve kopgevel en daarmee een dubbele oriëntatie; Bijgebouwen bij hoekwoningen, inclusief de zijdelingse perceelgrens maken deel uit van de architectonische ontwerp opgave van het hoofdgebouw, in compositie, bouwkundige detaillering en materiaalgebruik.
•
• •
•
Kleurpalet ‘Dekzandrug’. Overwegend baksteen met rode of bruine tint. Incidenteel woningen met accentkleuren baksteen t.b.v. een contrastrijk en gevarieerd straatbeeld. Hoogwaardig materiaalgebruik. Materiaal: conform ‘Dekzand-dorpse buurt’. Baksteen, hout, aan te vullen met overige materialen als stuc, leem of natuursteen ter verbijzondering. Dak gedekt met keramische dakpannen, rood of zwart, incidenteel leien, riet of metaal ter verbijzondering. De entree van de woning wordt architectonisch benadrukt. Kopgevels grenzend aan openbare ruimte hebben een open structuur, zijn voorzien van gevelopeningen en hebben een representatieve uitstraling. Zie ook de afbeelding bij ´orientatie van de bebouwing´. Appartementengebouw: markant gebouw op de overgang naar deelgebied Hooiland. Een mogelijke referentie is het archetype van de zuivel- of boterfabriek.
Dekzandrug - de hoeve
Structuur en situering • • • •
•
Woningen gelegen aan een erf. De erfverharding loopt tot kort aan de gevel. De bebouwing omkaderd het erf. Kopgevel van de rug-aan-rug schuur heeft een markante uitstraling. Bijvoorbeeld door het een 'kop' en een 'staart' te geven in massa en een afwijkende materialisering. In samenhang ontworpen geheel.
Massa en hoofdvorm •
• •
• • •
•
Het zadeldak is de basis kapvorm eventueel aangevuld met andere vormen (zoals een schilddak of mansarde) ter verbijzondering. Goothoogte varieert, conform ‘Dekzand 2’. Goothoogte is maximaal 7 meter hoog, op delen gaat deze omlaag (zie de tabel op p25). Lage goot richting de buitenzijde van het ensemble. De gebouwen zijn (kap)schuurvormig, passend bij het archetype van het boerenerf. De gevel van de grote schuur die gericht is naar de rijbaan is een stedenbouwkundig accent. Bijgebouwen bij de woningen, inclusief de zijdelingse perceelgrens maken deel uit van de architectonische ontwerp opgave van het hoofdgebouw, in compositie, bouwkundige detaillering en materiaalgebruik. De ligging van de rijwoningen, met de voorzijde naar het erf en met de achterzijde naar openbaar
•
gebied maken het noodzakelijk dat deze overgang integraal ontworpen wordt inclusief de plaatsing van bijgebouwen, ontwerp van groen en erfafscheidingen. Zie ook de paragraaf 'overgang privéopenbaar'. Bijgebouwen bij de rug-aan-rug woningen integreren in het bouwvolume, als losse schuur rond het erf, of tegen de kopgevel aan gesitueerd.
Materiaal, kleur en detail • • • • •
•
• •
Kleurpalet ‘Dekzandrug’ Overwegend baksteen met rode of bruine tint. Incidenteel woningen met accentkleuren baksteen t.b.v. een contrastrijk en gevarieerd straatbeeld. Hoogwaardig materiaalgebruik. Materiaal: conform ‘Dekzand-de hoeve’. Met name baksteen en hout als basismaterialen, evt aan te vullen met overige materialen als stuc, leem of natuursteen ter verbijzondering van elementen. Dak gedekt met keramische dakpannen, rood of zwart, incidenteel leien, riet of metaal ter verbijzondering. De entree van de woning wordt architectonisch benadrukt. Gevelopeningen en gevelindelingen geïnspireerd op schuur- en stal vormen.
inspiratiebeelden
31
Dekzandrug - tussen de bomen
Structuur en situering • • • •
Woningen gesitueerd tussen de (bestaande) bomen. Ontsloten via (overrijdbare) paden tussen de woningen. Ogenschijnlijk willekeurig gestrooide woningen in bos. Woningen met basement van baksteen en opbouw van hout of andere kleur baksteen.
Materiaal, kleur en detail • • • • •
Massa en hoofdvorm •
• • • •
•
inspiratiebeelden
32
BEELDKWALITEITPLAN Horsterhoeve - Ermelo
Het zadeldak is de basis kapvorm aangevuld met andere vormen (zoals de mansarde) ter verbijzondering. Goothoogte varieert, conform ‘Dekzand 1 en 2’. Goothoogte is maximaal 7 meter hoog, op delen gaat deze omlaag (zie de tabel op p25). Woningen op hoeken hebben ook een representatieve kopgevel en daarmee een dubbele oriëntatie. Bijgebouwen bij hoekwoningen, inclusief de zijdelingse perceelgrens maken deel uit van de architectonische ontwerp opgave van het hoofdgebouw, in compositie, bouwkundige detaillering en materiaalgebruik. Bijgebouwen bij de rug-aan-rug schuur integreren in het bouwvolume of als losse schuur rond het erf.
• • •
Kleurpalet ‘Dekzandrug’ Overwegend baksteen met rode of bruine tint. Incidenteel woningen met accentkleuren baksteen t.b.v. een contrastrijk en gevarieerd straatbeeld. Hoogwaardig materiaalgebruik. Materiaal: conform ‘Dekzand-tussen de bomen’. Baksteen, hout, aan te vullen met overige materialen als stuc, leem of natuursteen ter verbijzondering. Dak gedekt met keramische dakpannen, zwart, incidenteel leien, riet of metaal ter verbijzondering. De entree van de woning wordt architectonisch benadrukt. Kopgevels grenzend aan openbare ruimte hebben een open structuur, zijn voorzien van gevelopeningen en hebben een representatieve uitstraling.
Dekzandrug - de meent
Structuur en situering • • •
Gebouw ten behoeve van maatschappelijke functie (ntb) op de meent. Entree gelegen aan zuidzijde. Het gebouw heeft een alzijdige orientatie.
Massa en hoofdvorm •
• • • •
Het zadeldak is de basis kapvorm eventueel aangevuld met andere vormen (zoals een schilddak of mansarde) ter verbijzondering. Goothoogte varieert, conform ‘Dekzand 1’. Goothoogte is maximaal 4 meter hoog, eventueel op delen hoger. Het gebouw is schuurvormig. Alle functies in één gebouw, inclusief opslag, berging.
Materiaal, kleur en detail • • • •
•
Kleurpalet ‘Dekzandrug’ Overwegend baksteen met rode of bruine tint. Hoogwaardig materiaalgebruik. Materiaal: Baksteen en of hout, eventueel aan te vullen met overige materialen als stuc, leem of natuursteen ter verbijzondering. Dak gedekt met keramische dakpannen, rood of zwart (geen glimmende pan), leien, riet of metaal.
inspiratiebeelden
33
Deelgebied Hooiland
‘Wonen langs de drift’ bestaat uit een aantal woningen die gesitueerd zijn aan de drift. Deze woningen begeleiden de route richting het hart van de wijk. Het architectuurbeeld wijkt af van de woonhoven die verder van de drift af liggen. Op enige afstand van de drift, in de groene kamers liggen compacte clusters met woningen, omringd door een brede groene rand. De woningen staan rond een hof. Dit zijn de deelgebieden ‘Hof in hooi’. Hof in hooi zijn buurten genesteld in de natuurlijke context. De architectuur laat rust en eenvoud zien en benadrukt het wonen in de natuur. Het materiaalpalet en kleurgebruik is eenvoudig en tijdloos. De massa’s zijn eenvoudig en robuust en voorzien van een kap. De woningen binnen een cluster hebben een samenhangend architectuurbeeld, waarbij de clusters onderling van elkaar verschillen. Cluster ‘hof in hooi 1’ laat een verschil zien tussen de binnenkant en de buitenkant. De binnenzijde, de zijde gericht naar het hof, heeft een zekere geslotenheid terwijl de buitenzijde, zicht opent naar het omringende landschap. Wonen en groen vermengen zich zoveel mogelijk. Cluster ‘hof in hooi 2’ bestaat uit grotere gebouwen waarbinnen zich meerdere woningen bevinden. Deze gebouwen staan rond een gezamenlijk erf en tussen weiden, elzensingels en een boomgaard. Parkeren gebeurt op twee grote gezamenlijke parkeerplaatsen.
De grootste van de twee parkeerplaatsen is omzoomd met elzensingels en wordt daarmee deels aan het oog onttrokken.
34
BEELDKWALITEITPLAN Horsterhoeve - Ermelo
inspiratiebeelden
SFEERBEELDEN HOOILAND
Het deelgebied Hooiland betreft het zuidelijke lager gelegen deel van het plangebied. Het bestaat uit drie architectonisch samenhangende delen (ensembles). De ensembles zijn ‘wonen langs de drift’ en ‘hof in hooi 1’ en 'hof in hooi 2'.
Hooiland - hof in hooi 1
Structuur en situering • • • •
Woningen gelegen aan het hof. Openbare ruimte tot kort aan de gevel om eenheid te benadrukken. Samenhangend beeld van de binnenzijde van het hof. Contrast tussen binnenzijde en buitenzijde: binnenzijde toont zich als robuuste eenheid met relatief gesloten gevel, de buitenzijde opent zich naar het landschap.
onische ontwerp opgave van het hoofdgebouw, in compositie, bouwkundige detaillering en materiaalgebruik.
Materiaal, kleur en detail • • • • •
Massa en hoofdvorm •
• • • •
•
Het zadeldak is de basis kapvorm, aangevuld met andere vormen (zoals de mansarde) ter verbijzondering. Goothoogte varieert, conform ‘Hooiland 2’. Goothoogte is maximaal 7 meter hoog, op delen gaat deze omlaag (zie de tabel op p25). Woningen op hoeken hebben ook een representatieve kopgevel en daarmee een dubbele oriëntatie. Bijgebouwen in tuinen die grenzen aan openbaar groen worden mogelijk bij de woning mee opgeleverd, in een samenhangend beeld met de architectuur. Plaatsing bij voorkeur tegen de achtergevel of opgenomen in een integraal ontworpen (landschappelijke) overgang tussen privé en openbaar. Bijgebouwen bij hoekwoningen, inclusief de zijdelingse perceelgrens maken deel uit van de architect-
• •
Kleurpalet ‘Hooiland’ . Materiaal: conform ‘Hooiland-Hof in hooi’. Hoogwaardig materiaalgebruik. Dak gedekt met keramische dakpannen, zwart of rood, leien, metaal of riet. Contrast tussen binnen- en buitenzijde van het hof tonen in gevelbeeld. Bijvoorbeeld door het gevelbeeld van de binnenzijde van het hof met grote vlakken in te delen, als eigentijdse uitvergroting van de schuurdeur. De buitenzijde reageert op de landschappelijke context, de overgang van woning naar groen. De entree van de woning wordt architectonisch benadrukt. Kopgevels grenzend aan openbare ruimte hebben een open structuur, zijn voorzien van gevelopeningen en hebben een representatieve uitstraling.
inspiratiebeelden
35
Hooiland - wonen aan de drift
Structuur en situering
Materiaal, kleur en detail
• •
• •
• • •
Woningen georiënteerd op de drift. Architectonisch een versmelting van de 'dorpse buurt' met 'hof in hooi', als ‘burgerwoningen in het buitengebied’. Ingetogen beeld, eenvoud in vormgeving. Passend in de natuurlijke context. Ruime voortuin cq woning op afstand van de drift (>5 mtr). Iedere woning is uniek.
Massa en hoofdvorm •
• •
• •
inspiratiebeelden
36
BEELDKWALITEITPLAN Horsterhoeve - Ermelo
Het zadeldak is de basis kapvorm aangevuld met andere vormen (plat, lessenaar, mansarde) ter verbijzondering. Overwegend met de kap haaks op de drift. De goothoogte varieert, conform ‘Hooiland 2’. Goothoogte is maximaal 7 meter hoog, op delen gaat deze omlaag (zie de tabel op p25). Incidenteel kan een deel plat of met hogere goot gerealiseerd worden om een accent te kunnen maken. De meest zuidelijke vrijstaande woning heeft overwegend een lagere goot. Een bijgebouw, maakt deel uit van de architectonische ontwerp opgave van het hoofdgebouw, in compositie, bouwkundige detaillering en materiaalgebruik.
•
• •
Kleurpalet ‘Hooiland’. Afwijkend kleur en materiaalgebruik t.o.v. Hof in hooi. Bijvoorbeeld door donkerder kleuren of lichtere kleuren toe te passen. Wit als gevelkleur wordt beperkt toegepast. Materiaal: conform ‘Hooiland-wonen aan de drift’. Baksteen, hout, aan te vullen met overige materialen als stuc, leem of natuursteen ter verbijzondering. Dak gedekt met keramische dakpannen, rood of zwart, leien, riet of metaal. De entree van de woning wordt architectonisch benadrukt.
Hooiland - hof in hooi 2
Structuur en situering
Materiaal, kleur en detail
• • • •
• • • •
•
Grotere volumes rond een erf. Samenhangend ontworpen geheel. De gebouwen hebben een alzijdige oriëntatie. Openbare ruimte tot kort aan de gevel om eenheid van het erf te benadrukken. Gezamenlijke buitenruimte voor de appartementen wordt voorzien in de omringende openbare ruimte (erf/boomgaard).
Massa en hoofdvorm • • •
•
•
Eenvoudige basisvorm met sculpturale vormen. Goothoogte passend binnen ‘Hooiland 1 en 2’. Goothoogte wordt (optisch) zo laag mogelijk gehouden. De kap is een beeldbepalend onderdeel van de gebouwen. Bijgebouwen/bergingen worden opgenomen in de hoofdmassa of als losse schuren rondom ef gesitueerd. Buitenruimte bij rug-aan-rug woningen wordt vormgegeven in samenhang met architectonisch ontwerp en inrichting openbare ruimte en vormt daarmee een integraal onderdeel van de architectuur en het gebouw.
• •
Kleurpalet ‘Hooiland’ Materiaal: conform ‘Hof in hooi 2’. Hoogwaardig materiaalgebruik. Dak gedekt met keramische dakpannen, zwart, leien, metaal of riet. De entree van de gebouwen wordt architectonisch benadrukt en is gelegen aan het gezamenlijke erf. Rug-aan-rug-woningen mogen qua kleurstelling afwijken van het kleurpalet, mits een donkerdere steen toegepast wordt.
inspiratiebeelden
37
gemengde hagen (hoog en laag)
overgang 'de hoeve'
rondom parkeerhoven
haagsoort 3
Gemengde haag, laag Gemengde haag, hoog
haagsoort 1
Overgang 'de Hoeve', mee-ontworpen met arch. Hekwerk met klimplant
haagsoort 2
gemengde hagen (hoog en laag)
Haagsoort 1, laag (bijvoorbeeld Veldesdoorn) Haagsoort 1, hoog (bijvoorbeeld Veldesdoorn) Haagsoort 2, laag (bijvoorbeeld Ligustur) Haagsoort 2, hoog (bijvoorbeeld Ligustur)
38
BEELDKWALITEITPLAN Horsterhoeve - Ermelo
Haagsoort 3, laag (bijvoorbeeld Haagbeuk)
gemengde haag
Groene erfafscheidingen deelgebied dekzandrug Op de erfgrenzen staan gemengde hagen. In de mix zitten soorten als meidoorn, sleedoorn, lijsterbes, hazelaar, spork, kardinaalsmuts, hondsroos of rode kornoelje. Rondom de intern gesitueerde parkeerhoven wordt voorzien in een robuuste erfafscheiding in de vorm van een dubbelstaafmat hekwerk (zwart gecoat) met klimop. Groene erfafscheidingen deelgebied hooiland Per cluster wordt 1 haagsoort gebruikt. In deelgebied 'Hof in hooi' grenzen de tuinen aan de omringende bloemenweiden/wadi's. Op de zijdelingse perceelgrenzen wordt de haag aangeplant en opgeleverd samen met de woning. Haagsoorten zijn bijvoorbeeld veldesdoorn, liguster en haagbeuk. De achterperceelgrens (overgang 'hof in hooi') wordt gevormd door een lage haag. Het bloemrijke grasland ligt rondom. Samen vormt dit een geleidelijke overgang richting het landschap.
Dubbelstaafsmat hekwerk (zwart gecoat) met klimop
Overgang 'de hoeve': lamellenwand - haag/heesters
OVERGANGEN - HOOILAND
Daar waar erfafscheidingen grenzen aan openbaar gebied gelden de bepalingen uit deze paragraaf. Op bijgaande afbeelding is weergegeven hoe de overgang van privé naar openbaar is vormgegeven.
OVERGANGEN -DEKZANDRUG
Overgang privé - openbaar
Per ensemble een andere haagsoort
bloemrijk grasland als achterperceelgrens
39
40 BEELDKWALITEITPLAN Horsterhoeve - Ermelo
Inspiratiebeelden bijgebouwen bij hoekwoningen
Bij tussenwoningen (rij) staat de berging in de achtertuin. Daar waar de tuin grenst aan openbaar gebied dient er speciaal aandacht te worgen gegeven aan de inpassing en vormgeving van het geheel aan erfafscheidingen en bijgebouwen, in onderlinge samenhang. De berging wordt opgeleverd met de woning, passend bij de architectonische vormgeving ervan. Indien mogelijk wordt de berging gekoppeld aan de woning. De gekozen oplossing is robuust in de zin dat de oplossing het dagelijks gebruik ondersteunt en niet makkelijk weg te nemen is. Het doel is te garanderen dat het beoogde beeld in stand blijft.
Inspiratiebeelden bijgebouwen bij rijwoningen
Bijgebouwen Bijgebouwen bij hoekwoningen, inclusief de zijdelingse perceelgrens maken deel uit van de architectonische ontwerp opgave van het hoofdgebouw, in compositie, bouwkundige detaillering en materiaalgebruik.
Ter plaatse van ensemble 'de hoeve' grenzen de achtertuinen bij de rijwoningen aan de hoofdrijbaan. De overgang bestaat uit een combinatie van beplanting en een haag in de openbare ruimte en een gebouwde voorziening, bijvoorbeeld in de vorm van een 1,50 meter hoge erfafscheiding, mee ontworpen met de architectuur van de woning. Bijvoorbeeld een houten lamellen schutting. Bergingen zijn geplaatst tegen de achtergevel cq deel van het hoofdvolume of maken deel uit van de erfafscheiding zoals hierboven beschreven.
41
Geluidscherm Tussen de A28 en de Spijkweg wordt voorzien in een geluidwerende voorziening met een lengte van 520 meter. In de bijlage zijn begeleidende tekeningen opgenomen. De inpassing van het scherm is als volgt voorzien. In de huidige situatie (afbeelding hiernaast) is een met Hedera helix begroeid laag (anti-verblindings) scherm aanwezig van circa 1,5 meter hoog met daarnaast in een verspringend patroon de Ulmus Dodoens (Iep). De bomen staan afwisselend voor en achter het lage verblindingsscherm. In de nieuwe situatie wordt het verblindingsscherm verwijderd en een geluidscherm geplaatst. Het geluidscherm is 4,5 meter hoog. De kokosvezels zorgen voor een hechtende ondergrond voor klimplanten. Het wordt voorzien van Hedera helix (6 stuks per meter) en aangevuld (30%) met Parthenocissus quinquefolia (Wilde Wingerd), in groepen geplaatst.
Huidige situatie Spijkweg
De bestaande Iepen worden ingepast. Voor een belangrijk deel kunnen ze blijven staan op hun huidige positie. De Iepen die achter het verblindingsscherm staan worden verplant naar een nieuwe positie. De Iepen begeleiden de Spijkweg. Daarnaast zijn er een drietal soorten bomen die toegevoegd worden. Dit betreft de Alnus glutinosa (Zwarte Els) en de Ulmus leavis (Fladderiep) rondom de rotonde. Een solitaire Fladderiep, geflankeerd door groepen Zwarte elzen markeren de entree van Horsterhoeve.
Geluidscherm met hedera (inzet wilde wingerd)
42
BEELDKWALITEITPLAN Horsterhoeve - Ermelo
A
Ulmus leavis
A Uitsnede, rondom de rotonde
Alnus glutinosa
De bermen rond de rotonde, opgespannen tussen 2 sloten worden ingezaaid met een bloemrijk bermen mengsel (van sloot tot sloot). Rondom de rotonde is de ruimte beperkt, de Iepen maken hier plaats voor de bomen op de rotonde. Vervolgens zet de begeleiding zich voort richting het noorden. In de bijlage is de uitwerking opgenomen, zowel als 2d tekening als in 3d visualisatie.
Principe profiel A-A, nabij rotonde
43
de Meent
44
BEELDKWALITEITPLAN Horsterhoeve - Ermelo
OPENBARE RUIMTE In dit hoofdstuk gaan we in op het beoogde beeld van de openbare ruimte, voor zover dat een relatie heeft met beeldkwaliteit. We gaan daarbij in op de bomenstructuur, overige beplanting en verharding. Deze behandelen we per deelgebied.
Algemeen De nieuwe groenstructuur (bomen en overige beplanting) is voor een groot deel gebaseerd op de bestaande structuren en bomen. Het huidige bomenbestand is zo veel mogelijk ingepast. De nieuwe groenstructuur kent een grote diversiteit aan kruiden, planten, hagen, heesters en bomen en zal resulteren in een hoge belevingswaarde voor de bewoners en een positief effect op de gezondheid, de biodiversiteit en het klimaat. Het groen zal daarnaast bijdragen aan voldoende voedsel voor insecten, kleine zoogdieren en vogels. In een nader op te stellen inrichtingsplan voor de openbare ruimte zullen de definitieve keuzes gemaakt worden en details verder worden uitgewerkt. dekzandrug
hooiland
De twee landschappelijke eenheden binnen het plan (namelijk 'dekzandrug' en 'hooiland') bepalen ook het beeld van de openbare ruimte en de groenstructuur. Binnen het deelgebied dekzandrug ligt een de centrale plek, de Meent. De Meent is de centrale plek voor Horlo. De verschillende wegen en paden in de omgeving komen hier op uit. Deze plek is een speciaal onderdeel in de openbare ruimte, als ook in de groenstructuur. Het gehele ontwerp sluit daarmee aan op de landschappelijke kenmerken van de omgeving en zet in op een versterking van de verschillen tussen de twee landschapstypen. Het landschap en de ecologische waarden worden samengebracht en versterken elkaar.
De groen- en ook de waterstructuur heeft meerdere belangrijke functies, het draagt bij aan; de woonkwaliteit (zicht op groen en water, recreatieve mogelijkheden), klimaatadaptatie (schaduw, verkoeling, water vasthouden en bergen) en de natuurwaarden (natuurinclusiviteit en biodiversiteit). Daarnaast nodigt groen uit om naar buiten te gaan en kan het indirect een positief effect hebben op onze gezondheid. In dit hoofdstuk worden de ontwerpprincipes voor de openbare ruimte uiteengezet. Dit is nadrukkelijk een voorzet en zal verder uitgewerkt moeten worden in het nader op te stellen inrichtingsplan.
Groenstructuur Dekzandrug Boomstructuren In deelgebied Dekzandrug sluiten we zoveel mogelijk aan op bestaande structuren van het landschap en het huidige bomenareaal. We zien in dit gebied enkele aaneengesloten structuren met zware bomen zoals eiken en beuken. Dit geeft het gebied een lommerrijk karakter. Dit beeld wordt verder aangevuld en uitgebreid. Dit zijn de zware boomstructuren. Deze geleden en omkaderen het deelgebied dekzandrug. De structuren sluiten aan op de bestaande structuren op het hoger gelegen deel van de dekzandrug en daarmee is dit deel verankerd met de omgeving. De aaneengesloten structuren versterken de ecologische waarde van dit gebied. De solitaire bomen die verspreid in het noordelijke deelgebied terugkomen bestaan uit dezelfde soorten of zijn bestaande bomen die (waar mogelijk) ingepast worden. Verspreid door dit deelgebied zullen eiken en beuken afgewisseld met enkele berken het nieuwe groene beeld tussen de drie architectonisch samenhangende delen (ensem-
45
bles) vormen. De soorten zijn inheems en gebiedseigen en kennen ook enige variatie. Dit is belangrijk voor zowel de ecologische waarde, de landschappelijke waarde als ook de biodiversiteit. Op het erf bij ensemble de hoeve zien we een afwijkende boom. Hier komt een erfboom, centraal gelegen op het erf. Hierbij kan gedacht worden aan een noot.
grasbermen
zware boomstructuren omzoming Hoeve
erfboom
plantvak
Overige beplanting De overige beplanting in deelgebied dekzandrug wordt gevormd door grasbermen met hagen, een langgerekte wadistructuur, enkele plantvakken, de omzoming van de hoeve en natuurlijk de Meent. De grasbermen samen met een relatief smal profiel voor de verharding geeft dit deelgebied een landelijk karakter, passend bij de sfeer in de omgeving. Gemengde hagen op de overgang van privé naar openbaar maken het geheel compleet. In het noordelijke deel bestaan deze hagen uit een mix van meerdere soorten. Denk aan een mix van een aantal van de volgende soorten: meidoorn, sleedoorn, lijsterbes, hazelaar, spork, kardinaalsmuts, hondsroos of rode kornoelje. Een gemengde haag is goed voor vele insecten, goed voor vogels vanwege de insecten en bessendracht, geeft vanwege
Gemengde haag
46
BEELDKWALITEITPLAN - ERMELO -HORSTERHOEVE
solitaire bomen
wadi
Meent takkenril
ZWARE BOOMSTRUCTUUR Eik
ERFBOOM
SOLITAREN
Lommerrijk met (zomer)eiken
Beuk
Noot op het erf
47
De plantvakken worden in het inrichtingsplan verder uitgewerkt. De plantvakken liggen in beiden deelgebieden en voornamelijk op de erven (deelgebieden de hoeve en hof in hooi). De Meent is een bijzonder plek binnen deze nieuwe woonwijk en zorgt voor samenhang binnen het gehele buurtschap Horlo. Het is een plek die het geheel een eigen identiteit geeft. Een plek voor ontmoeten, een plek voor samenkomen en verblijven en een plek met gemeenschappelijke voorzieningen. Op de Meent is ook plaats voor een grotere natuurspeelplaats, eventueel met plek voor educatie. De Meent refereert in zijn inrichting aan het historische landgebruik van dit gebied met open zand(verstuivingen), droge heide, pijpenstrootje, heesters zoals brem en jeneverbes en wat verspreide bomen zoals een berk of een den. Als er dood hout blijft liggen op de heide, dan schept dat ook geschikte milieus voor allerlei diersoorten. Hiertoe worden ook takkenrillen aangelegd. De inrichting van de Meent is een onderdeel van het leefgebied van de in het gebied aanwezige steenuil.
Wadi mengsel zware grond
PLANTVAK
De wadi’s worden ingezaaid met bloemrijke mengsels. De wadi’s zijn in eerste instantie bedoeld voor het bergen van water, maar bieden daarnaast ook plek voor groen (bloemenmengsels), die bijdragen aan de biodiversiteit. De taluds van de wadi’s worden ingezaaid met een bloemrijk mengsel dat speciaal samengesteld is voor korte periodes van overstroming en droogte en passend is bij de bodem en het landschapstype. Om het verschil tussen deelgebieden dekzandrug en hooiland te benadrukken worden verschillende bloemenmengsels toegepast in de wadi’s. Dergelijke beplanting kan de afwatering van een wadi verbeteren doordat er een meer gevarieerde doorworteling ontstaat en ook het bodemleven beter bediend wordt.
Wadi mengsel lichte grond
Plantvak op een erf
Heide
DE MEENT
De omzoming van het ensemble van de hoeve bestaat ook uit mix van bovengenoemde soorten. Het verschil is dat deze meer uit kan groeien terwijl de hagen rond de woningen vaker geschoren zullen worden. Deze beplanting staat op openbaar gebied en daarmee ligt het onderhoud en instandhouding bij de gemeente Ermelo.
WADI
zijn grillige karakter vele schuilmogelijkheden en heeft dus een positief effect op de biodiversiteit. Daarnaast is het gemakkelijk in onderhoud en geeft een fraaie bloemenpracht in het voorjaar.
Brem en jeneverbes
48
BEELDKWALITEITPLAN Horsterhoeve - Ermelo
Groenstructuur Hooiland Boomstructuren De bomenstructuur in deelgebied het Hooiland sluit aan bij het huidige beeld van het gebied. Dit beeld bestaat voor een groot deel uit elzensingels. Deze singels vormen een decor van groene kamers in het lagergelegen landschap. Deze kamerstructuur loopt door in het deelgebied Hooiland. De structuur met elzensingels deelt het zuidelijk deelgebied op in drie kamers. Het bestaande bomenareaal die in deze kamerstructuur liggen zijn hierin opgenomen en maken onderdeel uit van de nieuwe en versterkte landschappelijke structuur. Ook de waterstructuur sluit hierbij aan. Greppels langs de elzensingels en wadi’s rondom de woonclusters verzorgen de waterbergingsopgave. In extreme situaties is er een overstort naar de Tweelingbeek die langs de zuidrand loopt. De singels hebben ook een belangrijke ecologische functie, omdat het een grote verscheidenheid aan plant- en diersoorten herbergt. De dichte structuur van een singel biedt nest- en schuilgelegenheid aan vogels, kleine diersoorten en insecten. Bovendien spelen deze singels, net als andere lijnvormige elementen, een belangrijke rol bij de migratie van dieren in het landschap. Denk hierbij aan de das, een belangrijke en beschermde soort die leeft in de omgeving.