Bijlage Wat is-wat wordt lijst e240058214
Tekst van het document
Wat is-wat wordt lijst inzake wijziging Centrumregeling meten en monitoren afvalwater en grondwater Vallei en Veluwe. d.d. 29 augustus 2024
Bestaande regeling
Voorgestelde nieuwe regeling
Artikel 1. Begripsbepaling In deze gemeenschappelijke regeling wordt verstaan onder: a. centrumregeling: de Centrumregeling Meten en Monitoren Afvalwaterketen en Grondwater Vallei en Veluwe;
Artikel 1. Begripsbepaling In deze gemeenschappelijke regeling wordt verstaan onder: a. centrumregeling: de Centrumregeling Meten en Monitoren Afvalwaterketen en Grondwater Vallei en Veluwe;
b. deelnemende gemeenten: de gemeenten die mandateren als bedoeld in artikel 8 lid 4 Wgr, te weten Amersfoort, Baarn, Barneveld, Bunschoten, Brummen, Ede, Epe, Ermelo, Leusden, Nijkerk, Putten, Renkum, Renswoude, Rhenen, Scherpenzeel, Soest, Veenendaal, Woudenberg;
b. deelnemende gemeenten: de gemeenten die mandateren als bedoeld in artikel 8 lid 4 Wgr, te weten Amersfoort, Baarn, Barneveld, Bunschoten, Brummen, Ede, Epe, Ermelo, Leusden, Nijkerk, Putten, Renkum, Renswoude, Rhenen, Scherpenzeel, Soest, Veenendaal, Woudenberg;
c. waterschap: Waterschap Vallei en Veluwe;
c. waterschap: Waterschap Vallei en Veluwe;
d. Wgr: Wet gemeenschappelijke regelingen;
d. Wgr: Wet gemeenschappelijke regelingen;
e. centrumorganisatie: Waterschap Vallei en Veluwe, waarbij het de taken uitvoert overeenkomstig artikel 61 lid 1 en 2 Wgr en artikel 4 van deze regeling;
e. centrumorganisatie: Waterschap Vallei en Veluwe, waarbij het de taken uitvoert overeenkomstig artikel 61 lid 1 en 2 Wgr en artikel 4 van deze regeling;
f. bestuurlijk overleg: overleg tussen de gezamenlijke portefeuillehouders van de deelnemende gemeenten en de heemraad van het waterschap;
f. bestuurlijk overleg: overleg tussen de gezamenlijke portefeuillehouders van de deelnemende gemeenten en de heemraad van het waterschap;
g. uitvoeringsteam (UVT): het team dat door de centrumorganisatie wordt ingericht voor de uitvoering van de taken waarop de centrumregeling ziet.
g. uitvoeringsteam (UVT): het team dat door de centrumorganisatie wordt ingericht voor de uitvoering van de taken waarop de centrumregeling ziet.
Artikel 2. Doelstelling en uitgangspunten van de centrumregeling De deelnemende gemeenten en het waterschap werken door middel van deze centrumregeling aan de doelstellingen zoals verwoord onder lid 1 tot en met lid 3 en uitgangspunten zoals verwoord onder lid 4 tot en met lid 6: 1. Het regulier aan gemeenten en waterschap verschaffen van op meet- en monitoringsgegevens gebaseerde informatie over en inzicht in hoe de gemeentelijke rioolstelsels, het systeem van de afvalwaterketen als geheel, het stedelijk oppervlaktewatersysteem en het grondwater functioneren.
Artikel 2. Doelstelling en uitgangspunten van de centrumregeling De deelnemende gemeenten en het waterschap werken door middel van deze centrumregeling aan de doelstellingen zoals verwoord onder lid 1 tot en met lid 3 en uitgangspunten zoals verwoord onder lid 4 tot en met lid 6: 1. Het regulier aan gemeenten en waterschap verschaffen van op meet- en monitoringsgegevens gebaseerde informatie over en inzicht in hoe de gemeentelijke rioolstelsels, het systeem van de afvalwaterketen als geheel, het stedelijk oppervlaktewatersysteem en het grondwater functioneren.
2. Het in opdracht van een deelnemende gemeente of van het waterschap op basis van de verzamelde data uitbrengen van advies met betrekking tot de afvalwaterketen, het stedelijk oppervlaktewatersysteem en het grondwater.
2. Het in opdracht van een deelnemende gemeente of van het waterschap op basis van de verzamelde data uitbrengen van advies met betrekking tot de afvalwaterketen, het stedelijk oppervlaktewatersysteem en het grondwater.
3. Door de taken van gemeenten en waterschap te bundelen wordt de kwaliteit
3. Door de taken van gemeenten en waterschap te bundelen wordt de kwaliteit
Toelichting wijziging Geen wijziging
Geen wijziging
geborgd, wordt er bespaard op kosten en wordt de kwetsbaarheid bij de partners ten aanzien van de personele inzet verminderd. Ook wordt door deze aanpak de innovatie in de uitvoering van het beheer en onderhoud bevorderd.
geborgd, wordt er bespaard op kosten en wordt de kwetsbaarheid bij de partners ten aanzien van de personele inzet verminderd. Ook wordt door deze aanpak de innovatie in de uitvoering van het beheer en onderhoud bevorderd.
4. Deze centrumregeling is gericht op meten, monitoren en daaraan verbonden advisering zoals omschreven in artikel 4 ten behoeve van de deelnemende gemeenten en het waterschap.
4. Deze centrumregeling is gericht op meten, monitoren en daaraan verbonden advisering zoals omschreven in artikel 4 ten behoeve van de deelnemende gemeenten en het waterschap.
5. De samenwerking wordt zodanig ingericht dat zij garant staat voor continuïteit en duurzaamheid van de informatievoorziening met betrekking tot het functioneren van de gemeentelijke rioolstelsels, het systeem van de afvalwaterketen als geheel, het stedelijk oppervlaktewatersysteem en het grondwater.
5. De samenwerking wordt zodanig ingericht dat zij garant staat voor continuïteit en duurzaamheid van de informatievoorziening met betrekking tot het functioneren van de gemeentelijke rioolstelsels, het systeem van de afvalwaterketen als geheel, het stedelijk oppervlaktewatersysteem en het grondwater.
6. De deelnemende gemeenten en het waterschap behouden hun eigen bestuurlijke structuur, bevoegdheden en verantwoordelijkheden, gericht op een goede invulling van hun zorgplicht met betrekking tot de inzameling en afvoer van afvalwater, het transport en de verwerking van afvalwater, het stedelijk oppervlaktewaterbeheer en het grondwaterbeheer.
6. De deelnemende gemeenten en het waterschap behouden hun eigen bestuurlijke structuur, bevoegdheden en verantwoordelijkheden, gericht op een goede invulling van hun zorgplicht met betrekking tot de inzameling en afvoer van afvalwater, het transport en de verwerking van afvalwater, het stedelijk oppervlaktewaterbeheer en het grondwaterbeheer.
Artikel 3. Centrumconstructie 1. De centrumorganisatie is verantwoordelijk voor de uitvoering van de taken zoals deze zijn genoemd in artikel 4 van deze regeling.
Artikel 3. Centrumconstructie 1. De centrumorganisatie is verantwoordelijk voor de uitvoering van de taken zoals deze zijn genoemd in artikel 4 van deze regeling.
2. In het kader van hetgeen is bepaald in het eerste lid verlenen de deelnemende gemeenten de centrumorganisatie mandaat.
2. In het kader van hetgeen is bepaald in het eerste lid verlenen de deelnemende gemeenten de centrumorganisatie mandaat.
3. De centrumorganisatie aanvaardt de opdracht tot uitvoering van de in het eerste lid genoemde taken onder mandaat en richt daartoe een uitvoeringsteam (UVT) in binnen de eigen organisatie.
3. De centrumorganisatie aanvaardt de opdracht tot uitvoering van de in het eerste lid genoemde taken onder mandaat en richt daartoe een uitvoeringsteam (UVT) in binnen de eigen organisatie.
Artikel 4. Taken van de centrumorganisatie 1. De taken van de centrumorganisatie omvatten het meten en monitoren van de gemeentelijke rioolstelsels, het systeem van de afvalwaterketen als geheel, het stedelijk oppervlaktewatersysteem en het grondwater, alsmede daaraan verbonden advisering in opdracht, voor in ieder geval de volgende onderdelen:
Artikel 4. Taken van de centrumorganisatie 1. De taken van de centrumorganisatie omvatten het meten en monitoren van de gemeentelijke rioolstelsels, het systeem van de afvalwaterketen als geheel, het stedelijk oppervlaktewatersysteem en het grondwater, alsmede daaraan verbonden advisering in opdracht, voor in ieder geval de volgende onderdelen:
a. basistaken, waaronder: - het invullen van een helpdeskfunctie voor het functioneel beheer van de meet- en monitoringsystemen die door de samenwerkende partners worden gebruikt; - data-validatie, data-controle, dataanalyse en gestandaardiseerde
a. basistaken, waaronder: - het invullen van een helpdeskfunctie voor het functioneel beheer van de meet- en monitoringsystemen die door de samenwerkende partners worden gebruikt; - data-validatie, data-controle, dataanalyse en gestandaardiseerde
Geen wijziging
Geen wijziging
rapportages voor de meetnetten van de afvalwaterketen; - inzet ten behoeve van optimalisatie van het beheer van de meetnetten van de afvalwaterketen; - inzet ten behoeve van doorontwikkeling van de systemen voor inwinning, beheer en analyse van gegevens en voor informatievoorziening, onder meer met betrekking tot uniformering, standaardisering, cyber security en analysemethoden.
rapportages voor de meetnetten van de afvalwaterketen; - inzet ten behoeve van optimalisatie van het beheer van de meetnetten van de afvalwaterketen; - inzet ten behoeve van doorontwikkeling van de systemen voor inwinning, beheer en analyse van gegevens en voor informatievoorziening, onder meer met betrekking tot uniformering, standaardisering, cyber security en analysemethoden.
b. aanvullende dienstverlening in opdracht, waaronder: - aanvullende assistentie met betrekking tot meetapparatuur, inrichting van het meetnet, en inwinning en beheer van data met betrekking tot de afvalwaterketen en het grondwater; - aanvullende analyses, hydraulische berekeningen en rapportages betreffende de afvalwaterketen, het oppervlaktewatersysteem en het grondwater ter ondersteuning van werken planprocessen van gemeenten en waterschap.
b. aanvullende dienstverlening in opdracht, waaronder: - aanvullende assistentie met betrekking tot meetapparatuur, inrichting van het meetnet, en inwinning en beheer van data met betrekking tot de afvalwaterketen en het grondwater; - aanvullende analyses, hydraulische berekeningen en rapportages betreffende de afvalwaterketen, het oppervlaktewatersysteem en het grondwater ter ondersteuning van werken planprocessen van gemeenten en waterschap.
2. De basistaken worden uitgevoerd voor alle deelnemende gemeenten en het waterschap. Voor adviestaken als genoemd in lid 1 onder b van dit artikel dient een gemeente of het waterschap een aanvullende opdracht te verstrekken.
2. De basistaken worden uitgevoerd voor alle deelnemende gemeenten en het waterschap. Voor adviestaken als genoemd in lid 1 onder b van dit artikel dient een gemeente of het waterschap een aanvullende opdracht te verstrekken.
Artikel 5. Bestuurlijk overleg 1. Het bestuurlijk overleg wijst uit zijn midden een voorzitter aan. De voorzitter stelt een ambtelijk secretaris aan. De voorzitter, de secretaris en de coördinator (van het door de centrumorganisatie voor de in artikel 4 van deze regeling genoemde taken ingerichte team (UVT)) bereiden de bijeenkomsten van het bestuurlijk overleg voor. De secretaris draagt zorg voor het verslag van het bestuurlijk overleg.
Artikel 5. Bestuurlijk overleg 1. Het bestuurlijk overleg wijst uit zijn midden een voorzitter aan. De voorzitter stelt een ambtelijk secretaris aan. De voorzitter, de secretaris en de coördinator (van het door de centrumorganisatie voor de in artikel 4 van deze regeling genoemde taken ingerichte team (UVT)) bereiden de bijeenkomsten van het bestuurlijk overleg voor. De secretaris draagt zorg voor het verslag van het bestuurlijk overleg.
2. Tenminste twee keer per jaar vindt er bestuurlijk overleg plaats over de uitvoering van de in artikel 4 van deze regeling genoemde taken. Het overleg is gericht op: a. het monitoren van de uitvoering van de taken door de centrumorganisatie, zoals omschreven in artikel 4 van deze regeling en het bespreken van eventuele knelpunten die zich daarin voordoen; b. informatie-uitwisseling over activiteiten van de deelnemende gemeenten en het waterschap op het terrein van deze regeling die voor de uitvoering van de in artikel 4 van deze regeling genoemde taken van belang zijn of kunnen zijn; c. afstemming en het ontwikkelen van voorstellen over eventuele aanpassingen en verbeteringen die gewenst of nodig zijn in het belang van een effectieve en efficiënte uitvoering van de in artikel 4 van deze regeling genoemde taken.
2. Tenminste twee keer per jaar vindt er bestuurlijk overleg plaats over de uitvoering van de in artikel 4 van deze regeling genoemde taken. Het overleg is gericht op: a. het monitoren van de uitvoering van de taken door de centrumorganisatie, zoals omschreven in artikel 4 van deze regeling en het bespreken van eventuele knelpunten die zich daarin voordoen; b. informatie-uitwisseling over activiteiten van de deelnemende gemeenten en het waterschap op het terrein van deze regeling die voor de uitvoering van de in artikel 4 van deze regeling genoemde taken van belang zijn of kunnen zijn; c. afstemming en het ontwikkelen van voorstellen over eventuele aanpassingen en verbeteringen die gewenst of nodig zijn in het belang van een effectieve en efficiënte uitvoering van de in artikel 4 van deze regeling genoemde taken.
Geen wijzigingen
3. Bestuurlijk overleg vindt voorts plaats wanneer één van de portefeuillehouders of heemraad, onder opgaaf van redenen, zulks te kennen geeft in een aan de voorzitter van het bestuurlijk overleg gericht, schriftelijk verzoek.
3. Bestuurlijk overleg vindt voorts plaats wanneer één van de portefeuillehouders of heemraad, onder opgaaf van redenen, zulks te kennen geeft in een aan de voorzitter van het bestuurlijk overleg gericht, schriftelijk verzoek.
Artikel 6. Jaarplan 1. De centrumorganisatie stelt jaarlijks een jaarplan op, om de afspraken over de uitvoering van taken door de centrumorganisatie concreet uit te werken en te actualiseren.
Artikel 6. Jaarplan 1. De centrumorganisatie stelt jaarlijks een jaarplan op, om de afspraken over de uitvoering van taken door de centrumorganisatie concreet uit te werken en te actualiseren.
2. In het jaarplan worden in ieder geval afspraken vastgelegd met betrekking tot: a. basistaken: - per taaksoort zoals genoemd in artikel 4 lid 1 onder a van deze regeling de daarvoor benodigde personele inzet en de daaraan verbonden kosten; - de kosten van licenties, beheer en onderhoud van specifieke systemen die de centrumorganisatie ten behoeve van de basistaken nodig heeft voor data-analyse en informatievoorziening; - de kostentoerekening aan de deelnemende gemeenten en het waterschap. b. aanvullende dienstverlening in opdracht: - voor de adviestaken in opdracht van deelnemende gemeenten en het waterschap per opdrachtgever de geplande personele inzet en de daaraan verbonden kosten.
2. In het jaarplan worden in ieder geval afspraken vastgelegd met betrekking tot: a. basistaken: - per taaksoort zoals genoemd in artikel 4 lid 1 onder a van deze regeling de daarvoor benodigde personele inzet en de daaraan verbonden kosten; - de kosten van licenties, beheer en onderhoud van specifieke systemen die de centrumorganisatie ten behoeve van de basistaken nodig heeft voor data-analyse en informatievoorziening; - de kostentoerekening aan de deelnemende gemeenten en het waterschap. b. aanvullende dienstverlening in opdracht: - voor de adviestaken in opdracht van deelnemende gemeenten en het waterschap per opdrachtgever de geplande personele inzet en de daaraan verbonden kosten.
3. Het jaarplan bevat tevens een beknopte doorkijk naar verwachte ontwikkelingen in eerstvolgende jaren.
3. Het jaarplan bevat tevens een beknopte doorkijk naar verwachte ontwikkelingen in eerstvolgende jaren.
4. De centrumorganisatie bespreekt het jaarplan ambtelijk met de individuele gemeenten, alvorens dit wordt goedgekeurd door het bestuurlijk overleg.
4. De centrumorganisatie bespreekt het jaarplan ambtelijk met de individuele gemeenten, alvorens dit wordt goedgekeurd door het bestuurlijk overleg.
5. Het jaarplan wordt elk jaar uiterlijk op 1 oktober voorafgaand aan het kalenderjaar waarop het jaarplan betrekking heeft goedgekeurd.
5. Het jaarplan wordt elk jaar uiterlijk op 1 oktober voorafgaand aan het kalenderjaar waarop het jaarplan betrekking heeft goedgekeurd.
Artikel 7. Dienstverleningshandvest Het bestuurlijk overleg stelt met betrekking tot de uitvoering van de in artikel 4 van deze regeling genoemde taken een dienstverleningshandvest vast, met in ieder geval de volgende onderdelen: a. verplichtingen van de centrumorganisatie en van de deelnemende gemeenten met betrekking tot de taakuitvoering; b. beschikbaarheid en gebruik van de data en de resultaten van analyses; c. informatie en verantwoording door de centrumorganisatie; d. kostentoerekening; e. facturering.
Artikel 7. Dienstverleningshandvest Het bestuurlijk overleg stelt met betrekking tot de uitvoering van de in artikel 4 van deze regeling genoemde taken een dienstverleningshandvest vast, met in ieder geval de volgende onderdelen: a. verplichtingen van de centrumorganisatie en van de deelnemende gemeenten met betrekking tot de taakuitvoering; b. beschikbaarheid en gebruik van de data en de resultaten van analyses; c. informatie en verantwoording door de centrumorganisatie; d. kostentoerekening; e. facturering.
Geen wijziging
Artikel 8. Toetreden
Artikel 8. Toetreden
Geen wijziging
Geen wijziging
1. Andere gemeenten kunnen toetreden tot deze centrumregeling indien daartoe door de deelnemende gemeenten en het waterschap met tenminste tweederdemeerderheid wordt besloten, door middel van gelijkluidende besluiten van de colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten en het college van dijkgraaf en heemraden van het waterschap.
1. Andere gemeenten kunnen toetreden tot deze centrumregeling indien daartoe door de deelnemende gemeenten en het waterschap met tenminste tweederdemeerderheid wordt besloten, door middel van gelijkluidende besluiten van de colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten en het college van dijkgraaf en heemraden van het waterschap.
2. Het college van dijkgraaf en heemraden van de centrumorganisatie regelt de gevolgen van de toetreding en kan hieraan voorwaarden verbinden.
2. Het college van dijkgraaf en heemraden van de centrumorganisatie regelt de gevolgen van de toetreding en kan hieraan voorwaarden verbinden.
Artikel 9. Wijzigen 1. De centrumregeling kan worden gewijzigd indien daartoe met tenminste tweederdemeerderheid wordt besloten, door middel van gelijkluidende besluiten van de colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten en het college van dijkgraaf en heemraden van het waterschap na daartoe verkregen toestemming van de desbetreffende raden en het algemeen bestuur van het waterschap.
Artikel 9. Wijzigen 1. De centrumregeling kan worden gewijzigd indien daartoe met tenminste tweederdemeerderheid wordt besloten, door middel van gelijkluidende besluiten van de colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten en het college van dijkgraaf en heemraden van het waterschap na daartoe verkregen toestemming van de desbetreffende raden en het algemeen bestuur van het waterschap.
2. Het college van dijkgraaf en heemraden van de centrumorganisatie regelt de gevolgen van de wijziging van de centrumregeling
2. Het college van dijkgraaf en heemraden van de centrumorganisatie regelt de gevolgen van de wijziging van de centrumregeling
Artikel 10. Uittreden 1. Een aan de centrumregeling deelnemende gemeente kan uit de centrumregeling treden door een daartoe strekkend besluit van het college van burgemeester en wethouders van die gemeente en na verkregen toestemming van de desbetreffende raad. Deze besluiten worden direct ter kennisname van de andere colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten en het college van dijkgraaf en heemraden van het waterschap gebracht.
Artikel 10. Uittreden 1. Een aan de centrumregeling deelnemende gemeente kan uit de centrumregeling treden door een daartoe strekkend besluit van het college van burgemeester en wethouders van die gemeente en na verkregen toestemming van de desbetreffende raad. Deze besluiten worden direct ter kennisname van de andere colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten en het college van dijkgraaf en heemraden van het waterschap gebracht.
2. Een deelnemende gemeente kan uitsluitend per 1 januari van een kalenderjaar uittreden. Het voornemen tot uittreding wordt door de deelnemende gemeente minimaal zes maanden van tevoren schriftelijk kenbaar gemaakt aan de centrumorganisatie.
2. Een deelnemende gemeente kan uitsluitend per 1 januari van een kalenderjaar uittreden. Het voornemen tot uittreding wordt door de deelnemende gemeente minimaal zes maanden van tevoren schriftelijk kenbaar gemaakt aan de centrumorganisatie.
3. De centrumorganisatie regelt in overleg met de deelnemende gemeenten de financiële gevolgen en de overige gevolgen van uittreding. De directe en indirecte kosten die rechtstreeks voortvloeien uit de uittreding komen ten laste van de uittredende gemeente(n).
3. De centrumorganisatie regelt in overleg met de deelnemende gemeenten de financiële gevolgen en de overige gevolgen van uittreding. De directe en indirecte kosten die rechtstreeks voortvloeien uit de uittreding komen ten laste van de uittredende gemeente(n).
Artikel 11. Tussentijdse opheffing of definitieve beëindiging 1. De centrumregeling kan tussentijds worden opgeheven of definitief worden beëindigd indien daartoe wordt besloten bij unanimiteit, door middel van gelijkluidende besluiten van de colleges
Artikel 11. Tussentijdse opheffing of definitieve beëindiging 1. De centrumregeling kan tussentijds worden opgeheven of definitief worden beëindigd indien daartoe wordt besloten bij unanimiteit, door middel van gelijkluidende besluiten van de colleges
Geen wijziging
Geen wijziging
Geen wijziging
van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten en het college van dijkgraaf en heemraden van het waterschap na daartoe verkregen toestemming van de desbetreffende raden en het algemeen bestuur van het waterschap.
van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten en het college van dijkgraaf en heemraden van het waterschap na daartoe verkregen toestemming van de desbetreffende raden en het algemeen bestuur van het waterschap.
2. De centrumorganisatie regelt in overleg met de deelnemende gemeenten de financiële gevolgen en overige gevolgen van tussentijdse opheffing of definitieve beëindiging. De directe en indirecte kosten die rechtstreeks voortvloeien uit de tussentijdse opheffing of definitieve beëindiging worden gezamenlijk gedragen en aan de deelnemende partijen toegerekend volgens de kostenverdeelsleutel volgens het door het bestuurlijk overleg vastgestelde dienstverleningshandvest
2. De centrumorganisatie regelt in overleg met de deelnemende gemeenten de financiële gevolgen en overige gevolgen van tussentijdse opheffing of definitieve beëindiging. De directe en indirecte kosten die rechtstreeks voortvloeien uit de tussentijdse opheffing of definitieve beëindiging worden gezamenlijk gedragen en aan de deelnemende partijen toegerekend volgens de kostenverdeelsleutel volgens het door het bestuurlijk overleg vastgestelde dienstverleningshandvest
Artikel 12. Looptijd 1. Deze centrumregeling treedt in werking op 1 januari 2021 en heeft een looptijd tot en met 31 december 2025.
Artikel 12. Looptijd 1. Deze centrumregeling treedt in werking op 1 januari 2021 en heeft een looptijd tot en met 31 december 2025.
2. De centrumregeling wordt daarna behoudens uittreding, tussentijdse opheffing of definitieve beëindiging stilzwijgend met telkens een periode van 5 jaar verlengd.
2. De centrumregeling wordt daarna behoudens uittreding, tussentijdse opheffing of definitieve beëindiging stilzwijgend met telkens een periode van 5 jaar verlengd.
Gewijzigd, lid 3 is toegevoegd aan de regeling . Het betreft hier een wetstechnische wijziging die voortvloeit uit artikel 11a van de Wgr
3. De centrumregeling wordt iedere vijf jaar geëvalueerd na inwerkingtreding van dit besluit, uiterlijk voor 1 oktober van dat vijfde jaar. De evaluatie vindt plaats onder gemeenschappelijk opdrachtgeverschap van de deelnemers. De resultaten van deze evaluatie zullen worden verstrekt aan de vertegenwoordigende bestuurders van alle deelnemende gemeenten en het waterschap. Artikel 13. Kennisgeving Gemeente Barneveld draagt zorg voor het bepaalde in artikel 62a Wgr. Artikel 14. Geschillen Onverminderd het bepaalde in artikel 28 Wgr, verplichten de deelnemende gemeenten en het waterschap zich om in geval van geschillen over de inhoud en uitvoering van deze regeling met elkaar in overleg te treden, waarbij zal worden getracht dergelijke geschillen in der minne te beslechten. Artikel 15. Slotbepaling In alle gevallen waarin deze regeling niet voorziet, treden de deelnemende gemeenten en het waterschap met elkaar in overleg. Artikel 16. Citeertitel Deze centrumregeling wordt aangehaald als: Centrumregeling Meten en Monitoren Afvalwaterketen en Grondwater Vallei en Veluwe.
Artikel 13. Kennisgeving Gemeente Barneveld draagt zorg voor het bepaalde in artikel 62a Wgr. Artikel 14. Geschillen Onverminderd het bepaalde in artikel 28 Wgr, verplichten de deelnemende gemeenten en het waterschap zich om in geval van geschillen over de inhoud en uitvoering van deze regeling met elkaar in overleg te treden, waarbij zal worden getracht dergelijke geschillen in der minne te beslechten. Artikel 15. Slotbepaling In alle gevallen waarin deze regeling niet voorziet, treden de deelnemende gemeenten en het waterschap met elkaar in overleg. Artikel 16. Citeertitel Deze centrumregeling wordt aangehaald als: Centrumregeling Meten en Monitoren Afvalwaterketen en Grondwater Vallei en Veluwe.
Geen wijziging Geen wijziging
Geen wijziging
Geen wijziging