Bijlage Kopie TDT BV 13.10.2025
Tekst van het document
Gemeente Ermelo T.a.v. het college Postbus 500 De Bestuursrechtjurist
3850 AM ERMELO
Rob Scholten Weegbreemeen 17 3844 VP Harderwijk 06 20267152 robscholten@debestuursrechtjurist.com Uw kenmerk
Datum
14 oktober 2025 Onderwerp
www.debestuursrechtjurist.com
Zaaknummer 02330000068510
Zienswijze aspecten van ruimtelijke ordening (VVGB)
Geachte college, In uw voorstel aan de raad d.d. 2 september 2025 stelt u de raad het volgende voor:
·
“De verklaring van geen bedenkingen (hierna: vvgb) voor de aangevraagde omgevingsvergunning ten behoeve van Tomassen Duck-To B.V., voor de locaties aan de Fokko Kortlanglaan 112, 116 en 122 te Ermelo van 30 januari 2018, gewijzigd op 29 februari 2024, te weigeren in het belang van een goede ruimtelijke ordening.” U bent namelijk van mening dat uw beoordeling van de aanvraag omgevingsvergunning voor Tomassen Duck-To B.V. (TDT B.V.) van 30 januari 2018, gewijzigd op 29 februari 2024, voor de locatie Fokko Kortlanglaan 112, 116 en 122, ertoe leidt dat de vergunning niet kan worden verleend gezien het ontbreken van een goede ruimtelijke ordening. Graag reageer ik in de vorm van een aanvullende zienswijze, en dan specifiek op uw aanvullend ontwerpbesluit weigering aangevraagde vergunningen en intrekking vigerende revisievergunningen d.d. 3 september 2025. Zienswijzemogelijkheid U hebt ervoor gekozen om een ‘aanvullend ontwerpbesluit weigering aangevraagde vergunningen en intrekking vigerende revisievergunningen’ ter inzage te leggen. Een aanvullend ontwerpbesluit dat ziet op weigering van de aangevraagde én intrekking van de huidige vergunningen op basis van de Wet Bibob. Daar waar op 6 februari 2025 een ontwerpbesluit tot weigering van de vergunning ter inzage is gelegd, louter op basis van gronden die zien op de ruimtelijke aanvaardbaarheid.
Rob Scholten - De Bestuursrechtjurist Weegbreemeen 17 3844 VP Harderwijk KVK-nummer 71339450
14 oktober 2025
Bladnummer
2
U meent nu voor dit deel cliënt “buitenspel te kunnen zetten” door enkel voor de weigering en intrekking op grond van Bibob een aanvullend besluit ter inzage te leggen. Doch in het raadsvoorstel d.d. 2 september 2025, dat moet leiden tot een definitieve weigering van de te verlenen vvgb, wijst u vervolgens wederom op aangetroffen omissies t.a.v. de ruimtelijke aanvaardbaarheid. De constructie die u nu kiest kan geen standhouden, het is uw doel om één besluit te nemen, weigering van de aanvraag en intrekking van de vigerende vergunningen. Reden voor weigering: Omdat volgens u de deugdelijke ruimtelijke ordening niet is aangetoond én Bibob (u stelt immers dat het weigeringsbesluit ingeval van een weigering van de vvgb door de raad tevens berust op redenen van goede ruimtelijke ordening). Reden voor intrekking: de Wet Bibob. Feit is dat het thans bestreden ontwerpbesluit in het kader van een zorgvuldige procedure ook de ruimte moet bieden om inhoudelijk in te gaan op uw afwijsgronden, zoals vervat in het raadsvoorstel. In onderhavig stuk, onderdeel van deze zienswijze, vindt u de gronden die gericht zijn tegen uw overduidelijk onjuiste conclusies ten aanzien van die ruimtelijke aanvaardbaarheid. Ruimtelijke aspecten VVGB a.
Cumulatie van geur “In het kader van een goede ruimtelijke ordening moet rekening worden gehouden met de cumulatie van geur (lees: de totale geurbelasting ter plaatse van geurgevoelige objecten). Er is alleen sprake van een goede ruimtelijke ordening als ter plaatse van geurgevoelige objecten sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Daarvoor moet inzichtelijk worden gemaakt wat de gevolgen van de aanvraag zijn voor de totale geurbelasting op geurgevoelige objecten en moet worden onderbouwd waarom de totale geurbelasting aanvaardbaar is. Relevant is dat in de nabije omgeving van de locatie Fokko Kortlanglaan 112, 116 en 122, meerdere geurrelevante activiteiten plaatsvinden of planologisch gezien plaats kunnen vinden. Zo is aan de Oude Nijkerkerweg 159 een agrarisch bedrijf (kalvermesterij) gevestigd. Deze locatie ligt direct achter de locatie van Tomassen Duck-To B.V. Daarom is het noodzakelijk om de cumulatie van geur te beoordelen. In de vergunningaanvraag en de daarbij behorende stukken is de cumulatie van geur niet inzichtelijk gemaakt en is niet onderbouwd dat en waarom er voor wat betreft het aspect geur sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Daarom staat niet vast dat de gevolgen van de luchtwasser, de bloed- en slibtank en de verenopslagplaats in ruimtelijke opzicht aanvaardbaar zijn.
Dat sprake is van een goede ruimtelijke ordening is niet aangetoond.”
Rob Scholten - De Bestuursrechtjurist Weegbreemeen 17 3844 VP Harderwijk KVK-nummer 71339450
14 oktober 2025
Bladnummer
3
Reactie Het cumuleren van agrarische geur (de kalverhouderij) en industriële geur (TDT B.V.) is niet gebruikelijk omdat de geuren totaal verschillend zijn. De geuren worden ook niet gecumuleerd ervaren. Er zijn ook geen goede handvatten voor de beoordeling daarvan. In het kader van een goede ruimtelijke ordening wordt soms wel verzocht om geur te cumuleren. In dit geval is een cumulatieve beschouwing echter niet aan de orde. Het vigerende bestemmingsplan maakt de activiteiten (qua aard en doorzet) van TDT B.V. mogelijk. Bij het vaststellen van het bestemmingsplan is het aspect geur reeds cumulatief beschouwd en is het optredende geurniveau in de omgeving acceptabel geacht. Dit wordt daarna geborgd door bij vergunningverlening de activiteiten te toetsen aan het geldende geurbeleid. Uitgangspunt is dan dat als de activiteiten passen binnen het geurbeleid de optredende geurbelasting ook ruimtelijk acceptabel wordt geacht. De nu aangevraagde afwijkingen (o.a. luchtwasser, bloed- en slibtank buiten bouwvlak, afwijking hoogte luchtwasser) veroorzaken geen extra geuremissie. Daarnaast maken deze afwijkingen niet dat de activiteiten van TDT B.V. niet inpasbaar zijn binnen het bestemmingsplan. De activiteit (het slachten van eenden) is immers al mogelijk binnen het bestemmingsplan. Wel zorgen de afwijkingen ervoor, specifiek m.b.t.
de luchtwasser, dat de optredende geurbelasting in de omgeving afneemt. Omdat de geurbelasting, dankzij de afwijkingen van het bestemmingsplan, afneemt in de omgeving is een gecumuleerde beschouwing niet nodig. Het wordt immers alleen maar beter. Dat de totale geurbelasting van TDT B.V. (gecumuleerd) acceptabel wordt geacht volgt al uit het feit dat de totale activiteiten inpasbaar zijn conform het geurbeleid (bron bovenstaande: geurdeskundige Peutz). Verder nog het volgende: Met betrekking tot de cumulatie van geur merkt het college op dat alleen kan worden getoetst of sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat, indien inzichtelijk wordt gemaakt wat de gevolgen van de aanvraag zijn voor de totale geurbelasting op geurgevoelige objecten. Van belang is dat bij het toetsingskader voor geur in het kader van een omgevingsvergunning voor het afwijken van het bestemmingsplan kan worden aangesloten bij het toetsingskader zoals opgenomen in de Handreiking Bedrijven en milieuzonering uit 2009 (gebaseerd op de Wet ruimtelijke ordening). Volledigheidshalve wordt opgemerkt dat in het geuronderzoek van Peutz van 18 maart 2025 (hierna: het “geuronderzoek”) eveneens bij dit stappenplan is aangesloten.
Rob Scholten - De Bestuursrechtjurist Weegbreemeen 17 3844 VP Harderwijk KVK-nummer 71339450
14 oktober 2025
Bladnummer
4
De omgeving komt het meest overeen met een “gemengd gebied”. De activiteiten van de inrichting zijn voornamelijk dienstverlenend ten behoeve van vervaardigen voedingsmiddelen en dranken onder ‘slachterijen en pluimveeslachterijen’. Om aan te tonen dat de milieueffecten voldoen is getoetst aan een richtafstand van 30 meter (categorie 3.1 in gemengd gebied). Conform stap 2 van het stappenplan gelden voor verspreid liggende woningen in het buitengebied (categorie A), in het geval van niet hinderlijke gekwalificeerde geur, streefwaarden van 1,5 ouE/m3 als 98-percentiel. Dit betreft dus de toets of wordt voldaan aan een bepaalde maximumgeurbelasting op het geurgevoelig object. Indien daaraan wordt voldaan, volstaat een geuronderzoek. Uit pagina 5 van het geuronderzoek volgt dat de Gedeputeerde Staten van Gelderland hebben bepaald dat de streefwaarde voor woningen in de gebiedscategorie “wonen” is vastgesteld op 1,5 ouE/m³. Uit de rekenresultaten blijkt dat wordt voldaan aan deze door de GS gestelde streefwaarde.
Ook indien de maximumgeurbelasting zoals opgenomen in het stappenplan zelf, namelijk 1 ouE/m³, wordt gehanteerd, moet worden geconcludeerd dat de geurbelasting daarbinnen blijft. Een geuronderzoek volstaat dan eveneens. Indien deze stap niet toereikend blijkt, dient vervolgens specifiek te worden gemotiveerd waarom de geurbelasting in de concrete situatie acceptabel wordt geacht. Daarbij moet tevens de cumulatie met eventueel reeds bestaande geurbelasting worden betrokken. Maar, omdat hier niet aan wordt toegekomen, is onderzoek naar de cumulatie van geurbelasting niet nodig. Dat dit niet nodig is, is gelegen in het feit dat de geurbelasting relatief laag is en de cumulatieve belasting dus eveneens als laag wordt beschouwd.
Rob Scholten - De Bestuursrechtjurist Weegbreemeen 17 3844 VP Harderwijk KVK-nummer 71339450
14 oktober 2025
Bladnummer
5
Het huidige standpunt van het college, dat het ontbreken van inzicht in de cumulatie van geur aanleiding geeft om de VVGB te weigeren, kan gelet op het voorgaande niet worden gevolgd want is onjuist. b.
Omgevingsvisie Ermelo
“Uw raad heeft op 26 januari 2022 de Omgevingsvisie Ermelo vastgesteld. Op basis van de Omgevingsvisie Ermelo valt de locatie binnen het deelgebied ‘Tonsel & Veldzicht’. Voor dit deelgebied formuleert de Omgevingsvisie Ermelo een aantal opgaven/wensen. Eén van de opgaven is om hinder te beperken en om een kwaliteitsslag te leveren. Zoals gezegd is (de gevolgen voor) de cumulatie van geur niet inzichtelijk gemaakt. Daardoor staat niet vast dat de hinder wordt beperkt en dat er een kwaliteitsslag wordt geleverd. Kortom: er is niet aangetoond dat de aanvraag in overeenstemming is met de Omgevingsvisie Ermelo.” Reactie Verwezen wordt naar de opmerkingen onder a, eventuele geurhinder wordt overduidelijk beperkt door de bouwwerken die in afwijking van het bestemmingsplan zijn opgericht, specifiek de luchtwasser. De opgave uit de Omgevingsvisie waar in casu door het college op gewezen wordt is het beperken van hinder en het leveren van een kwaliteitsslag. Gezien het beperken van geurhinder is hier overduidelijk sprake van, en is het in kaart brengen van eventuele cumulatie van geur niet nodig. De conclusie is dus dat het initiatief, het oprichten van de bouwwerken, ruimtelijk gezien past binnen de Omgevingsvisie Ermelo. c.
Verkeersbewegingen
“Voor de verkeersbewegingen is gesteld dat de aanvraag niet leidt tot een significante toename van de verkeersbewegingen. Dit is onvoldoende toegelicht. Het blijft onduidelijk in welke mate de verkeersbewegingen specifiek als gevolg van de aangevraagde activiteiten zullen toenemen.” Reactie Bij de verzoeken om aanvullingen is ook op dit onderwerp uitvoerige aanvullende informatie aangedragen (nadat TDT B.V. eerder op tekortkomingen was gewezen). Naar de mening van TDT B.V. is dan ook voldoende toegelicht wat de relatie met de aangevraagde activiteiten is. In de aanvraag is o.a. hierover gesteld: ““De ontwikkelingen uit voorliggende onderbouwing dragen niet significant bij aan een toename van het aantal verkeersbewegingen. De ruimtelijke ontwikkelingen maken de uitbreiding van de bedrijfsactiviteiten echter wel mogelijk en zorgen daarmee voor een verkeer aantrekkende werking.
Rob Scholten - De Bestuursrechtjurist Weegbreemeen 17 3844 VP Harderwijk KVK-nummer 71339450
14 oktober 2025
Bladnummer
6
Het aantal vrachtwagenbewegingen neemt wel af in de nieuwe vergunning (van 45 naar 40) maar het aantal personenauto's neemt toe (van 120 naar 180).” (Bron: Haskoning, deskundige op dit gebied). d.
Uitvoerbaarheid; stikstof
“Op 22 juli 2019 heeft Tomassen Duck-To B.V. bij Gedeputeerde Staten van Gelderland een natuurvergunning aangevraagd. Omdat een natuurvergunning is aangevraagd, haakt de natuurtoestemming niet aan bij de aanvraag om omgevingsvergunning. Dat betekent dat de aanvraag om natuurvergunning in principe losstaat van de procedure over de aanvraag om omgevingsvergunning. Echter, uit de rechtspraak volgt dat een omgevingsvergunning om af te wijken van het bestemmingplan niet mag worden verleend indien en voor zover op voorhand in redelijkheid moet worden onderkend dat het gebiedsbeschermingsregime van de Wet natuurbescherming aan de uitvoerbaarheid van het project in de weg staat. In dat verband moet voor de aanvraag om omgevingsvergunning wél getoetst worden aan het natuurbeschermingsregime. Tomassen Duck-To B.V. wil voor het beoogde project intern salderen. Dat betekent dat beoordeeld moet worden of Tomassen Duck-To B.V. beschikt over een referentiesituatie met voldoende stikstofruimte voor het beoogde project. Daarvoor is het volgende van belang. Op 13 mei 2022 is aan Tomassen Duck-To B.V. een natuurvergunning verleend. Tegen deze natuurvergunning is door derden beroep ingesteld. Bij brief van 14 augustus 2024 hebben Gedeputeerde Staten aan de rechtbank aangeven de natuurvergunning te willen intrekken, omdat de referentiesituatie van Tomassen onjuist was vastgesteld.
Uit deze brief volgt dat Gedeputeerde Staten vinden dat de referentiesituatie niet ontleend wordt aan de revisievergunning van 8 oktober 2002, maar aan een Hinderwetvergunning van 29 juni 1992. De op 13 mei 2022 verleende natuurvergunning is op 12 februari 2025 door de rechtbank vernietigd. Dat is gebeurd vanwege de vergunningplicht voor intern salderen die sinds 18 december 2024 geldt. Aan het antwoord op de vraag waaraan de referentiesituatie moet worden ontleend, is de rechtbank niet toegekomen. De rechtbank heeft Gedeputeerde Staten opgedragen opnieuw op de aanvraag te beslissen. Tomassen Duck-To B.V. beschikt daarom op dit moment niet over een natuurvergunning. Ons college heeft Tomassen Duck-To B.V. meerdere keren de gelegenheid gegeven om te onderbouwen dat zij over een toereikende referentiesituatie beschikt. Volgens Tomassen Duck-To B.V. wordt haar referentiesituatie ontleend aan een milieutoestemming van 8 oktober 2002. De reden hiervoor zou zijn dat met de milieutoestemming van 8 oktober 2002 minder zou zijn vergund dan met de Hinderwetvergunning van 29 juni 1992. Echter, dit standpunt is onvoldoende onderbouwd.
Rob Scholten - De Bestuursrechtjurist Weegbreemeen 17 3844 VP Harderwijk KVK-nummer 71339450
14 oktober 2025
Bladnummer
7
Tomassen Duck-To B.V. heeft niet aannemelijk gemaakt wat met de Hinderwetvergunning van 1992 is vergund en waarom die vergunning leidt tot minder gevolgen voor Natura 2000-gebieden dan de Hinderwetvergunning. Bovendien is de stikstofonderbouwing tegenstrijdig met de toelichting in de ruimtelijke onderbouwing. Zo wordt in de stikstofonderbouwing aangegeven dat het aantal vrachtwagens per dag 29 stuks bedraagt. In de ruimtelijke onderbouwing staat dat het gaat om 40 vrachtwagens per dag. Omdat Tomassen Duck-To B.V. niet voldoende heeft onderbouwd dat zij een toereikende referentiesituatie heeft, moet op voorhand in redelijkheid worden onderkend dat het gebiedsbeschermingsregime in de Wet natuurbescherming aan de uitvoerbaarheid van het project in de weg staat.” Reactie Zoals gesteld tijdens de beeldvormende tafel is de intrekking van de eerder verleende natuurvergunning het gevolg van een uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State van 18 december 2024. Door deze uitspraak zijn enorm veel bedrijven in Nederland nu gedupeerd. Immers daar waar eerder in bepaalde gevallen geen vergunning nodig was (intern salderen) is dat nu alsnog met terugwerkende kracht wel het geval.
Tomassen heeft momenteel al een nieuwe aanvraag in voorbereiding (volledig in overleg met de provincie, het bevoegd gezag) en volgens de zeer recente berekeningen is sprake van een vergunbare situatie. In overleg met de provincie is besloten om de aanvraag niet vóór 7 oktober 2025 in te dienen omdat op die datum de nieuwe AERIUS Calculator (update) beschikbaar is gekomen en de provincie daarop zal toetsen. Uit bijlage 11, welke ziet op het onderzoek naar stikstofdepositie, volgt dat de natuurvergunning voor TDT BV gewoon vergunbaar is middels intern salderen, met inachtneming van de afroming van 35% als gevolg van de beleidsregels van de provincie. Daar waar uw college in al haar uitingen altijd heeft gesteld dat de aangevraagde revisievergunning onuitvoerbaar zou zijn gezien het feit dat een natuurvergunning niet kan worden verleend. Dat is geenszins het geval. De aanvraag, thans nog voorliggend bij GS, wordt uiteraard op zeer korte termijn aangepast, waarbij tevens aandacht zal zijn voor een ecologische beoordeling. 1 Rapport Stikstofdepositie onderzoek Tomassen Duck-To
Rob Scholten - De Bestuursrechtjurist Weegbreemeen 17 3844 VP Harderwijk KVK-nummer 71339450
14 oktober 2025
Bladnummer
8
Voor wat betreft de vermeende tegenstrijdigheden in het aantal vrachtwagens, zoals opgemerkt door het college, benadrukt Haskoning nog het volgende: In de tekst van de stikstofonderbouwing is in 2021 aangegeven dat het 29 vrachtwagens waren. Daarbij is van uitgegaan dat de vrachtwagens voor ophalen eenden dezelfde zijn als die van de aanvoer van eenden. Oftewel er vertrekken er 11 naar de eendenhouders en er komen 11 terug met eenden. Zie in de onderstaande tabel de eerste 2 regels als 1 vrachtwagen. Dus 11 vrachtwagens eenden + 8 voor afvoer bevroren eenden + 10 overig = 29 vrachtwagens (stikstofonderbouwing). Voor de Ruimtelijke onderbouwing (RO) is uitgegaan van alle in de tabel genoemde bewegingen waar ophalen en aanvoer apart benoemd zijn, dus 29 + 11 maakt 40.
Het is overigens niet alleen relevant hoeveel het er zijn omdat met name de afgelegde afstanden de stikstofemissies bepalen. In de stikstofberekeningen zijn daarom precies dezelfde aantallen en rijlijnen gehanteerd als in het akoestische onderzoek waar bovenstaande tabel uit komt. Daarnaast is deze tabel tevens opgenomen in de ruimtelijke onderbouwing van maart 2025. Dus in alle onderzoeken zijn dezelfde gegevens gebruikt. Deelconclusies 1. Het aspect geur is voldoende onderbouwd in de ruimtelijke onderbouwing, cumulatie is geen onderdeel in deze gezien het geuronderzoek. Voor dit aspect is de goede ruimtelijke ordening aangetoond. 2. Het aspect geur is voldoende onderbouwd in de ruimtelijke onderbouwing, cumulatie is geen onderdeel in deze gezien het geuronderzoek. De kwaliteitsslag die wordt beoogd met de Omgevingsvisie Ermelo wordt geleverd gezien de afname van eventuele geurhinder. 3. Er is specifiek genoeg geduid in welke mate de verkeersbewegingen zullen veranderen ten opzichte van wat is vergund.
Rob Scholten - De Bestuursrechtjurist Weegbreemeen 17 3844 VP Harderwijk KVK-nummer 71339450
14 oktober 2025
Bladnummer
9
4. De natuurvergunning is losgekoppeld, doch het college doet nog steeds verwoede pogingen dat onderdeel mee te nemen in deze beoordeling. Hierbij wordt het standpunt gehanteerd dat de natuurvergunning niet wordt verleend, doch de meest actuele berekening geeft echter een uitkomst op grond waarvan gewoon een natuurvergunning aan TDT B.V. kan worden verleend. Hoofdconclusie Het voorstel van het college aan de raad de VVGB niet te verlenen is gestoeld op onjuiste opvattingen qua ruimtelijke onderbouwing, en op onjuiste informatie voor wat betreft de natuurvergunning. Er bestaat geen aanleiding voor de conclusie dat de thans aangehaalde punten zoals • cumulatie van geur, • qua geur niet kunnen voldoen aan de Omgevingsvisie Ermelo, • verkeersbewegingen en • het ontbreken van een natuurvergunning, ten grondslag kunnen worden gelegd aan een weigering van de VVGB. Zie hiervoor ook de notitie van Van der Feltz advocaten (bijlage 2).2 Hoogachtend,
De Bestuursrechtjurist Rob Scholten
Bijlagen: 1. Stikstofdepsoitie onderzoek 2. Notitie Van der Feltz advocaten 2 Van der Feltz advocaten N.V. is een gespecialiseerd advocatenkantoor, gevestigd in Den Haag. Het kantoor is
gespecialiseerd in o.a. bouwrecht, aanbestedingsrecht, energierecht en het omgevingsrecht in de ruimste zin van het woord. Met kennis en ervaring in zowel de publieke als de private sector. Dit kantoor is gevraagd een opinie te vormen en in de vorm van een notitie op papier te zetten, deze is bijgevoegd. De notitie is opgesteld door mr. P. Ligtenberg (advocaat), gespecialiseerd in onder meer het ruimtelijke ordeningsrecht en mr. W. Bosma (advocaat en partner), gespecialiseerd in onder meer het ruimtelijke ordeningsrecht en het inrichtingengebonden milieurecht.
Rob Scholten - De Bestuursrechtjurist Weegbreemeen 17 3844 VP Harderwijk KVK-nummer 71339450