Bijlage 5 bomen effect analyse e230039906
Tekst van het document
SmitsRinsma
Advies- en ingeriieursbureau
Bomen Effect Analyse BEHORENDE BIJ HET VOORLOPIG ONTWERP D.D. MAART 2023 VOOR DE MARKT 2.0 TE ERMELO
Opdrachtgever: Gemeente Ermelo Huis van Ermelo Raadhuisplein 2 Ermelo Adviseur: SmitsRinsma Advies- en ingenieursbureau Coehoornsingel 6 7201 AB Zutphen
Status Datum
: Definitief, A1.0 : 17-05-2023
Auteur(s) Gecontroleerd Goedgekeurd
: Daisy van Boven : Chris Kobes : Chris Kobes
Paraaf
BOMEN EFFECT ANALYSE MARKT 2.0 ERMELO
Inhoud 1
INLEIDING............................................................................................................................................................ 3 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5
2
Aanleiding en doelstelling.................................................................................................................................... 3 Onderzoeksvraag......................................................................................................................................... 3 Huidige situatie...................................................................................................................................................... 3 Beleidsstatus gebied............................................................................................................................................... 4 Documenten ten grondslag.......................................................................................................................... 5
PLANVORMING....................................................................................................................................................6 2.1
3
Voorlopig ontwerp............................................................................................................................................... 6
OPNAME BOMEN............................................................................................................................................... 7 3.1 3.2
4
Individuele bomen.................................................................................................................................................. 7 Boomgroepen........................................................................................................................................................ 7
ANALYSE VOORGENOMENWERKZAAMHEDEN.................................................................................................9 4.1 4.2 4.3 4.4
5
Impact bovengronds ruimtegebruik..................................................................................................................... 9 Impact ondergronds ruimtegebruik..................................................................................................................... 9 Impact uitvoering................................................................................................................................................ 15 Bomenbalans........................................................................................................................................................16
CONCLUSIE EN RANDVOORWAARDEN.............................................................................................................17 5.1 5.2 5.3 5.4
6
Ontwerpaanpassingen.........................................................................................................................................17 Voorafgaand de uitvoering................................................................................................................................ 19 Gedurende de uitvoering.................................................................................................................................... 20 Na de uitvoering.................................................................................................................................................. 20
ADVIESMAATREGELEN......................................................................................................................................21 6.1 6.2
Opwaarderen plantplaats herdenkingsbeuken (boom 8, 53 en 60)................................................................... 21 Verplanten treurbeuk (boom 69)....................................................................................................................... 21
Bijlagen Nr.
Type
Bestandsnaam
Bladen
Formaat
Schaal
Datum
1 2 3 4 5 6 7 8
Tekening PDF-lijst Foto's Tekening Tekening Rapportage Rapportage PDF
20220022-BI A1.0 20220022-Lijst houtopstanden A1.0 Foto's van de bomen en omgeving 20220022-V0-01 B1.1 - variant 1 20220022-V0-01 B1.1 + te kappen bomen BEA-Pius Floris 28-05-2021 BEA-Bomenwacht Nederland 28-07-2016 Conditiebeoordelingsmethode van dr. Roloff
3 2 133 stuks 1 1 36 6 1
A3 A3 n.v.t. A1 A1 A4 A4 A4
1:500 n.v.t. n.v.t. 1:500 1:500 n.v.t. n.v.t. n.v.t.
16-05-2023 16-05-2023 09-03-2023 02-03-2023 09-03-2023 28-05-2021 08-07-2016 Onbekend
Colofon Auteur:
Daisy van Boven European Tree Technician
Collegiale toets: Chris Kobes Projectleider
Beeldmateriaal: (Foto's) SmitsRinsma, (Kaarten) SmitsRinsma, (Illustraties) zie bronvermelding
2
BOMEN EFFECT ANALYSE MARKT 2.0 ERMELO
1
Inleiding
1.1 Aanleiding en doelstelling Deze Bomen Effect Analyse (BEA) is geschreven in het kader van de herinrichting van de Markt in Ermelo. Het opnieuw in te richten gebied ligt naast het Huis van Ermelo. Tussen de Stationsstraat, de Burgemeester Langmanstraat en de Chevallierlaan. Door de nieuwe inrichting komt er een beter evenwicht in het centrum. Er ontstaat een looproute door de Stationsstraat, het Raadhuisplein en de Burgemeester Langmanstraat. Dit rapport omvat een Bomen Effect Analyse (BEA). Het doel van een BEA is dat de bomen, met de waarde en functie die deze vertegenwoordigen, een evenwichtige plek krijgen in de planvoorbereiding en besluitvorming bij activiteiten in de buitenruimte. Deze rapportage beschrijft de verwachte effecten, van de activiteiten op de bomen, objectief en onderbouwd. De analyse geeft duidelijk weer welke bomen behoudbaar zijn, welke enkel behoudbaar zijn met de juiste maatregelen en welke bomen niet behoudbaar zijn. De BEA is geschreven middels de verschillende bouwstenen uit de Richtlijn Bomen Effect Analyse van de Bomenstichting en het Kennisplatform CROW (2018). Deze BEA geeft enkel mogelijke knelpunten en adviezen over de aanwezige bomen, andere beplantingen zoals struweel, heesters en vaste planten zijn geen onderdeel van deze BEA.
1.2 Onderzoeksvraag Om te kunnen inschatten of de bomen duurzaam behouden kunnen blijven, zijn de volgende hoofd- en deelvragen opgesteld: Kunnen de te behouden bomen in het projectgebied van de Markt 2.0 met de voorgenomen werkzaamheden duurzaam in stand worden gehouden? * "
1.3
Is behoud van de boomtechnische kwaliteit mogelijk? Is behoud van de functie of waarden van de bomen mogelijk?
Huidige situatie
1.3.1 Locatie In afbeelding 1 is het projectgebied zichtbaar, de rode stippellijn markeert de werkgrens van de herinrichting. Voor deze BEA zijn er 19 bomen en 3 boomgroepen inhoudelijk beoordeeld.
Afbeelding 1: Locatie van de te beoordelen bomen
3
BOMEN EFFECT ANALYSE MARKT 2.0 ERMELO
1.4
Beleidsstatus gebied
1.4.1 Monumentale en waardevolle bomen De gemeente Ermelo heeft een interactieve web-kaart (toegankelijk middels de website van de gemeente Ermelo), waarin de bomen monumentale of waardevolle bomen zijn opgenomen. Dit betreffen bomen met de volgende eigenschappen of kenmerken: " Herdenkingsbomen. " Cultuurhistorisch belangrijke bomen (hoort bij de geschiedenis van een plek of gebouw). " Beeldbepalende bomen (karakteristiek in het landschap of het wijk- of straatbeeld). " Bomen die betekenis hebben voor flora en fauna als “ Permanente verblijfplaats. “ Of standplaats. " Bomen met een bijzondere vorm en grootte. Of bomen van een bijzonder soort. " Daarnaast moeten de bomen gezond zijn en nog minstens 10 jaar meegaan. De bomen die zijn aangeduid als zijnde monumentale of waardevolle boom zijn incl. boomnummer weergegeven in afbeelding 2. Van de 19 beoordeelde bomen zijn 11 bomen monumentaal en/of waardevol.
NZ-093 NZ-094
NZ-322
aJ NZ-323
V.. O
NZ-095 NZ-097 Legenda
NZ 098
Waardevolle bomen
NZ-075b Monumentale bomen groepen
NZ 096
BornenriJ of bosje gemeente Bornenrij of bosje op eigen grond Monumentale bomen 0 Boom gemeente Boom gemeente opgeromer bestemmingsplan Bomenrij gemeente opgeroi bestemmingsplan 0 Bomenrij of bosje gemeente Herdi
B3 7
s
965
®''23
ƒ
i 763
^34321
NZ-103
Afbeelding 2: Waardevolle of monumentale bomen, gemeente Ermelo https://geo.ermelo.nl/geoinformatie/erm 120 MonumentaleBomen.html
4
BOMEN EFFECT ANALYSE MARKT 2.0 ERMELO 1.4.2 Groenvisie gemeente Ermelo In juli 2018 is de groenvisie van de gemeente Ermelo vastgesteld, de groenvisie beschrijft hoe de gemeente Ermelo in de periode van 2018-2028 omgaat met alle vormen van groen. De groenvisie is vertaald in de groenstructuurkaart, deze groenstructuurkaart geeft belangrijke, te beschermen, groene elementen weer. Hierin staat een gedeelte van het projectgebied aangeduid als zijnde 'ontwikkelingsgebied'. Het ontwikkelingsgebied is een aanduiding vanuit de Groenvisie, de ontwikkelingsgebieden betreffen ruimtelijke ordeningsprojecten uit de periode 2017-2019, dit is weergegeven middels de rode stippellijn in afbeelding 3.
Hoofdgroenstructuur Groenvlakken inclusief waardevolle bomen Lijnvormig groen inclusief waardevolle bomen Te ontwikkelen
Nevengroenstructuur Groenvlakken inclusief waardevolle bomen Lijnvormig groen inclusief waardevolle bomen Te ontwikkelen
Afbeelding 3: Uitsnede groenvisie Ermelo
1.5
Documenten ten grondslag
Door de Bomenwacht Nederland en Pius Floris zijn in het verleden reeds Bomen Effect Analyses geschreven voor de toenmalige ontwerpen. Omdat deze ontwerpen in de tussentijd zijn aangepast en gewijzigd wordt er nu opnieuw een BEA geschreven voor het huidige ontwerp (d.d. maart 2023). De volgende documenten liggen ten grondslag van deze BEA: " Bomen Effect Analyse Markt 2.0 Ermelo, Bomenwacht Nederland (Fidder, E.), 28 juli 2016; " Bomen Effect Analyse Markt Ermelo, Pius Floris (van de Hoef, T.), 28 mei 2021;
5
BOMEN EFFECT ANALYSE MARKT 2.0 ERMELO
2
Planvorming
De gemeente Ermelo is voornemens om de Markt om te vormen als onderdeel van het opwaarderen van het centrum van Ermelo. In het project is de uitbreiding van winkelruimte opgenomen, door deze uitbreiding verdwijnen er parkeerplaatsen, dit terwijl de parkeerbehoefte juist toeneemt. In de nieuwe situatie worden er daarom ook meer parkeerplaatsen aangelegd en worden de fietsparkeerplaatsen fors uitgebreid (+162 stuks). In de bestaande situatie zijn er ca. 235 parkeerplaatsen beschikbaar, in de nieuwe situatie worden dit er 367. Bij de inrichting van de Markt is er ook aandacht voor meer groen en het behoud van waardevolle en monumentale bomen. Onder de parkeerplaatsen wordt ruimte gemaakt voor waterberging.
2.1 Voorlopig ontwerp Voor deze BEA is het meest recente voorlopige ontwerp als uitgangspunt genomen. Dit betreft het ontwerp van 2 maart 2023-variant 1, verkleind zichtbaar in afbeelding 4 en bijgevoegd in bijlage 4. Op het moment van schrijven is ook het VO-variant 2 in omloop. De verschillen tussen variant 1 en variant 2 zijn getoetst en hebben geen andere effecten op het bestaande, te handhaven, bomenbestand.
Afbeelding 4: VO, d.d. 02-03-2023 Variant 1
2.1.1 Laadpalen bij parkeerplaatsen In het voorlopig ontwerp zijn op enkele plekken laadpalen ingetekend. De ondergrondse infrastructuur van deze laadpalen wordt aan de rijwegzijde aangelegd. Er komen geen kabels t.b.v. de laadpalen aan de kopse zijden van de parkeerplaatsen.
6
BOMEN EFFECT ANALYSE MARKT 2.0 ERMELO
3 Opname bomen Op 9 maart 2023 zijn de te behouden bomen opnieuw in het veld beoordeeld op basis van conditie, toekomstverwachting en eventuele bijzonderheden.
3.1
Individuele bomen
De lijst houtopstanden met de gegevens per boom zijn in de bijlagen toegevoegd (bijlage 2). In totaal zijn er 149 bomen ingemeten en als boompunt aangeduid op de tekeningen. Deze 149 bomen zijn tevens meegenomen in de lijst houtopstanden. Van deze bomen zijn: " 10 bomen niet meer aanwezig; " 61 bomen op de nominatie om te worden verwijderd t.b.v. de nieuwe inrichting; " 59 bomen niet beoordeeld omdat deze onderdeel zijn van een boomgroep of buiten de projectinvloedssfeer staan; " 19 bomen beoordeeld in deze BEA; 3.1.1 Conditie De conditie van de 19 beoordeelde bomen is bepaald op basis van de conditiebepalingsmethode van dr. Roloff (zie bijlage 8). De cirkeldiagram, grafiek 1, laat de verdeling van de conditieklassen zien van het bomenbestand van de te behouden bomen op de Markt.
Conditieklassen in st.
m Afgestorven
" Zeer slecht
Zoals zichtbaar heeft ca. 75% van de bomen een normale tot verminderde conditie.
3.2
Boomgroepen
Sterk verminderd m Verminderd
" Normaal
Rondom de Markt staan enkele boomgroepen gesitueerd. Dit zijn boomgroepen met niet individueel-beoordeelbare bomen. De conditie, vitaliteit en andere omstandigheden worden per Grafiek 1: Conditieklassen bomen boomgroep gedefinieerd. Onderstaande afbeelding geeft de beoordeelde boomgroepen weer, naar deze boomgroep-nummers wordt verderop in de BEA ook gerefereerd:
Afbeelding 5: Boomgroepen rondom Markt 2.0 Ermelo
7
BOMEN EFFECT ANALYSE MARKT 2.0 ERMELO 3.2.1 Boomgroep 1 Boomgroep 1 kent als hoofdsoorten de Noorse esdoorn, zomereik en hazelaar. De conditie van de bomen in deze boomgroep varieert van verminderd, sterk verminderd tot zeer slecht. Er is een duidelijke onderhoudsachterstand zichtbaar. Daarnaast is er sprake van scheefstand (geen scheefgroei) langs de rand van de boomgroep, in het maaiveld zijn oneffenheden geconstateerd die duiden op een eerdere kluitkanteling. Tevens is er relatief veel dood hout geconstateerd, het merendeel van de bomen zijn ook begroeid met Hedera. 3.2.2 Boomgroep 2 Boomgroep 2 kent als hoofdsoort de Amerikaanse eik, met een dichte struiklaag van Amerikaanse eik, laurierkers en Noorse Esdoorn. De bomen staan vrij dicht op elkaar waardoor de individuele boom weinig kroon heeft gevormd. Dit maakt de bomen ook kwetsbaar voor windbelasting. Op het naastgelegen perceel (EML00, F, 11430) staan zomereiken (Quercus robur), deze zomereiken komen in de huidige situatie met het kronendek in de verdringing met de Amerikaanse eiken. De Amerikaanse eik voegt t.o.v. de zomereik niets toe aan ecologische waarden en waarde voor de biodiversiteit. Het is een uitheemse boomsoort die zich flink kan uitzaaien.
3.2.3 Boomgroep 3 Boomgroep 3 kent als hoofdsoorten de zomereik met enkele gewone beuken, de bomen staan erg dicht op elkaar en hebben als randbomen een eenzijdige kroon gevormd. De conditie van de bomen is voldoende, plaatselijk is er dood hout geconstateerd in de bomen.
Afbeelding 6: Boomgroep 1
Afbeelding 7: Boomgroep 2
Afbeelding 8: Boomgroep 3
8
BOMEN EFFECT ANALYSE MARKT 2.0 ERMELO
4 Analyse voorgenomen werkzaamheden Veel onderdelen van het ontwerp zijn al, voorlopig, technisch gespecificeerd. Hierdoor zijn onderdelen zoals funderingsopbouw van verhardingen en hemelwaterafvoeren meegenomen in de analyse van de voorgenomen werkzaamheden. In de volgende paragrafen worden per fase in het planproces de kansen en knelpunten benoemd ten aanzien van de voorgenomen herinrichting.
4.1
Impact bovengronds ruimtegebruik
Parkeerplaats rondom mammoetboom (boom 55) 4.1.1 Rondom de mammoetboom (Sequoiadendron giganteum) wordt een parkeerplaats aangelegd. In de huidige situatie voldoet de opkroonhoogte van de mammoetboom niet aan de wettelijk vastgestelde vrije doorgang van 4,20 meter. Afbeelding 9 en 10 geven inzicht in de situering van de mammoetboom t.o.v. de parkeerplaats.
Afbeelding 9: situering Sequoiadendron en trompetboom
Afbeelding 10: Mammoetboom met piketpaal ter hoogte van de hoek van de toekomstige parkeerplaats
4.1.2 Dood hout trompetboom boven wandelpad (boom 62) Aan de rechterzijde van de trompetboom (Catalpa bignonioides) wordt een wandelpad aangelegd (zie uitsnede afbeelding 9). In de trompetboom is veel zwaar dood hout geconstateerd. Dit hout kan afbreken en op het wandelpad kunnen vallen. Dit takbreukrisico is ongewenst gezien de nieuwe herinrichting en het bijbehorende gebruik.
4.2 Impact ondergronds ruimtegebruik 4.2.1 Parkeerplaats en rijweg in wortelzone zomereik (boom 70) Rondom de zomereik (Quercus robur) wordt in het huidige voorlopig ontwerp een parkeerplaats en een rijweg aangelegd. Deze parkeerplaats krijgt een funderingsdikte van ca. 0,40 meter en de parkeerplaats wordt aangelegd op ca. 1,30 meter vanaf de stam van de eik (zie afbeelding 11). Wanneer dit ontwerp wordt aangehouden zullen de wortels van de zomereik zwaar beschadigd raken. De schatting is dat dit tenminste ca. 30% van het wortelpakket betreft, een aanzienlijk volume waarvan de eik niet zal herstellen. Afbeelding 11: Afstand rijweg tot boom Daarnaast wordt de maaiveldhoogte van de rijweg gewijzigd, in de huidige situatie is dan +12,48 in de toekomstige situatie is het peil +12,25. Indien de rijweg wordt aangelegd conform afbeelding 11 wordt het bestaande maaiveld nog verder afgegraven. Hiermee wordt niet enkel schade aangericht aan oppervlakkige wortels (bovenste 40 cm), maar ook de dieper gelegen wortels.
9
BOMEN EFFECT ANALYSE MARKT 2.0 ERMELO 4.2.2 Keermuur in vermoedelijke wortelzone es (boom 119) In de wortelzone van de gewone es (Fraxinus excelsior) wordt een keermuur aangelegd om het hoogteverschil van het plantvak t.o.v. de rijweg te compenseren. Deze keermuur zal vermoedelijk wortels beschadigen. Tijdens de veldopname is de verdichtingsweerstand van de bodem gemeten op diverse plekken waar de nieuwe keermuur zal komen. Hieruit bleek dat de verdichting ter plaatse van de toekomstige keermuur op alle plekken vanaf ca. 0,40 m t.o.v. maaiveld meer dan 3 MegaPascal (MPa) betreft. Dit is een indringingsweerstand waarin het voor een boom niet mogelijk is om wortels te laten groeien. Aan de linkerzijde van de boom, de zijde die in de toekomstige situatie ongemoeid blijft, is de indringingsweerstand ca. 1,50 MPa. Dit is zeer gunstig voor de wortelkluit van de es. Gesteld wordt dan ook dat het merendeel van de hoofdwortels (stabilisatiewortels) zich bevinden aan de linkerzijde van de stam.
Afbeelding 12: Kroon es, snoeiachterstand zichtbaar aan dichtheid van de kroon
De verwachte wortelschade bij de aanleg van de keermuur zal gering zijn. Echter wordt wel geadviseerd om de kroon van de boom iets te dunnen (deze heeft in de huidige situatie een snoeiachterstand, zie ook afbeelding 12). Wanneer de kroon verkleind wordt, zal de boom ook minder voeding en vocht nodig hebben waardoor wortelschade ook minder impact heeft op de boom. Een positief aspect van de herinrichting is dat het plantvak aan de noordzijde vergroot wordt (afbeelding 13). De hoogte van de nieuwe keermuur rondom de boom blijft in de nieuwe situatie gelijk aan de oude keermuur (+12,50).
Afbeelding 13: Ontwerp + bestaande situatie in het rood
Afbeelding 14 laat de locatie van de boringen zien t.o.v. de nieuwe situatie. Ter hoogte van P1 (zie afbeelding 16) is de indringingsweerstand gunstig voor de wortelgroei, deze ondergrondse groeiruimte blijft in de nieuwe situatie ook beschikbaar voor de boom. Ter hoogte van P2 (zie afbeelding 16) is de indringingsweerstand te hoog om wortelgroei mogelijk te maken. De verwachting is dat hier ook weinig belangrijke wortels gevestigd zijn.
Afbeelding 14: Locatie metingen t.o.v. nieuwe situatie
10
BOMEN EFFECT ANALYSE MARKT 2.0 ERMELO
Afbeelding 15: Indringingsweerstandsmeting P1
11
BOMEN EFFECT ANALYSE MARKT 2.0 ERMELO 4.2.3 Fietspad in wortelzone beuken (boom 53 en 60) Ter hoogte van de herdenkingsbeuken (Fagus sylvatica) wordt een fietspad aangelegd, zie ook afbeelding 16. Dit fietspad heeft een geringe funderingsopbouw, er zal ca. 5 centimeter ontgraven dienen te worden t.b.v. de aanleg. Voor boom 53 zal dit geen risico opleveren. Boom 60 heeft, zoals zichtbaar in afbeelding 17 echter erg oppervlakkige wortels die niet behouden kunnen blijven met de aanleg van het fietspad. Echter wordt verwacht dat de boom gezien de goede conditie en levensfase wel zal herstellen van de geringe wortelschade die aangericht wordt bij de aanleg van het fietspad. Hierbij is het wel van belang dat de ondergrond niet zwaar wordt verdicht (maximaal 2,5 MPa). Daarnaast biedt deze nieuwe inrichting ook de kans om de ondergrondse groeiruimte van de herdenkingsbeuken sterk te verbeteren. Deze staan in de huidige situatie in een voedingsarme zanderige groeiplaats. In de nieuwe situatie kan de grond verbeterd worden door organische stof toe te voegen met een hoog vochtvasthoudend vermogen. Dit kan bijvoorbeeld worden gedaan middels het beluchten en tegelijkertijd bemesten van de bodem.
Afbeelding 18: Situering nieuw fietspad t.o.v. boom 53 en 60, rode pijl betreft fotorichting afbeelding 15
Afbeelding 17: Oppervlakkige wortels boom 60
4.2.4 Verruimen ondergrondse groeiplaats zomereik (boom 1) Een positieve impact van de werkzaamheden is dat de groeiplaats rondom de zomereik (Quercus robur) wordt verruimd. In de huidige situatie staat de boom vrijwel tegen de trottoirband aan en heeft deze diverse wurgwortels gemaakt (zie afbeelding 19). In de nieuwe situatie krijgt de boom een grotere groeiplaats omdat de rijweg verlegd wordt, deze wijziging is tevens zichtbaar in bijlage 4.
Afbeelding 19: Wurgwortels boom 1 Afbeelding 20: Situering nieuwe plantplaats rondom boom 1
12
BOMEN EFFECT ANALYSE MARKT 2.0 ERMELO
4.2.5 Aanleg parkeerplaats rondom bomen westzijde bij boomgroep 1 De nieuwe parkeerplaats bij boomgroep 1 wordt aangelegd in de boomgroep. De bestaande bomen aan de rand van boomgroep 1 kunnen niet behouden blijven met het oog op de voorgenomen werkzaamheden. Dit betreft een strook met bomen waarvan de breedte varieert van ca. 5,00 meter tot ca. 15 meter. Hiermee is in het ontwerp deels al rekening gehouden, zie afbeelding 21. Echter is de afstand van de bestaande, te behouden, bomen t.o.v. de verharding in het nieuwe ontwerp niet voldoende. Op basis van het huidige ontwerp is het aannemelijk dat er wortelschade wordt aangericht aan twee te behouden bomen. Daarnaast bestaat het risico dat deze situatie in de toekomst niet te handhaven is, de twee te behouden bomen in deze boomgroep staan dusdanig dicht (binnen 1,50 m) op de parkeerplaatsen dat de verwachting is dat er regelmatig randsnoei/opkronen snoei benodigd is. De conditie van deze bomen in de boomgroep varieert van sterk verminderd tot zeer slecht. Daarnaast is er, zoals eerder beschreven, scheefstand geconstateerd in de rand van de boomgroep (let op, geen scheefgroei). Het risico op stambreuk of het kantelen van een boom nabij de nieuw aan te leggen parkeerplaatsen als gevolg van ondergrondse wortelschade is groot.
Afbeelding 21: VO met in het rood de lijn van de bestaande boomgroep
Afbeelding 22: Nieuwe situatie met het oppervlak van de bestaande bomen
4.2.6 Aanleg laadpalen bij parkeerplaatsen Op diverse plekken in het terrein worden er parkeerplaatsen met laadpalen aangelegd. De ondergrondse voorzieningen van deze laadpalen (kabels) worden aan de rijwegzijde van de parkeerplaats aangelegd. Daarnaast worden deze voorzieningen ook al voorbereid voor andere parkeerplaatsen zodat de gemeente de gelegenheid heeft om in de toekomst meer laadpalen aan te leggen. In de fundering van de parkeerplaats wordt de kabel gelegd naar de laadpaal. Door de kabels aan de rijwegzijde van de parkeerplaats aan te leggen, heeft de aanleg van laadpalen bij de parkeerplaatsen geen effect op de bomen.
13
BOMEN EFFECT ANALYSE MARKT 2.0 ERMELO 4.2.7
Aanleg parkeerplaats noordwestzijde Chevalierlaan bij boomgroep 2 Ter hoogte van boomgroep 2 wordt in het huidige ontwerp een parkeerplaats en een rijweg aangelegd. Deze parkeerplaats komt ter hoogte van bestaande bomen (de Amerikaanse eiken), zoals rechts afgebeeld, die hierom met het oog op het huidige ontwerp niet te behouden zijn. De verharding t.b.v. de parkeerplaatsen wordt aangelegd met een funderingsdikte van ca. 0,40 meter. Om de parkeerplaats aan te kunnen leggen dienen tenminste 13 Amerikaanse eiken verwijderd te worden, hier is in het ontwerp reeds rekening mee gehouden. Met het oog op het huidige ontwerp kunnen de bomen binnen ca. 4 meter van de nieuwe parkeerplaats niet behouden blijven. Door de diepte van de te graven parkeerplaats worden belangrijke wortels van de bestaande bomen beschadigd.
Afbeelding 23: Boomgroep 2 met in het rood de stippen van de te verwijderen bomen
4.2.8 Parkeerplaats verleggen bij boomgroep 3 De bestaande parkeerplaats aan de noordzijde wordt in de nieuwe inrichting met maximaal 1,00 meter verlegd richting het noorden. Het is niet mogelijk om deze parkeervakken in te korten. In het huidige ontwerp is reeds gebruik gemaakt van de minimale parkeervak lengte conform de ASVV2021: 4,65 meter (15.1.3 Terreinindeling bij haaksparkeren) De funderingsdikte van de parkeerplaats betreft ca. 0,40 meter. In de bestaande situatie is er een greppel gesitueerd achter de parkeerplaatsen. Het hoogteverschil tussen de greppel en de bestaande maaiveldhoogte, aan de noordzijde waar de bomen wortelen, varieert van 30 tot 60 centimeter. De verwachting is dan ook dat wortelschade als gevolg van het verleggen van de parkeerplaats niet tot nauwelijks optreedt bij boomgroep 3 wanneer de beoogde funderingsdiepte van ten hoogste 0,40 cm aangehouden wordt. De werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd zonder aanvullende randvoorwaarden of aanpassingen.
Afbeelding 24: Boomgroep 3 in de nieuwe situatie
14
BOMEN EFFECT ANALYSE MARKT 2.0 ERMELO
4.3
Impact uitvoering
De knelpunten tijdens de uitvoering worden ingeschat op basis van de verwachtte werkzaamheden, transportmogelijkheden en ervaring uit soortgelijke projecten. De benoemde knelpunten bij de uitvoering kunnen van invloed zijn op alle te behouden bomen die in de projectinvloed van de planvorming gesitueerd staan en zijn niet boom-specifiek benoemd. 4.3.1
Verdichting van de bodem als gevolg van bouwverkeer Door met zwaar materieel binnen de kwetsbare boomzone te rijden kan er verdichting ontstaan van de bodem. De kwetsbare boomzone is de kroonprojectie + 1,5 meter buiten de kroon. Dit is ook weergegeven in afbeelding 25.
De huidige verdichtingswaarde van de bodem is niet overal onderzocht. Echter dienen bomen in een groeiplaats te staan met een maximale verdichting van 2,50 MPa. Bij een hogere Afbeelding 25: Kwetsbare boomzone (Norminstituut verdichtingswaarde wordt de groei van het wortelstelsel bomen) geremd. Bij een verdichting van 3,50 MPa of meer kan er zelfs permanente wortelschade optreden. De verdichting van de bodem kan ook leiden tot wortelopdruk bij verhardingen. 4.3.2 Bewegingsruimte bouwverkeer Bovengronds kan er schade ontstaan aan de bomen doordat er niet voldoende afstand van de bomen wordt gehouden. Deze schade kan aan zowel de kronen als de stam ontstaan, bijvoorbeeld door het schuren van machines of materiaal langs de boom. 4.3.3 Bouwplaatsinrichting De inrichting van de bouwplaats is nog niet gedefinieerd. Wanneer de opslag van materialen plaatsvindt binnen de kwetsbare boomzone kan er zowel bovengronds als ondergronds schade aan de boom worden aangericht. Ondergronds kan er verdichting ontstaan. Bovengronds kan er schade aan de bomen worden aangericht door het plaatsen van materialen tegen de bomen of door hijsbewegingen. 4.3.4 Bronbemaling Eventuele bronbemaling zal niet plaatsvinden binnen de kwetsbare boomzone van de te behouden bomen en heeft dan ook geen effect op de grondwaterstand rondom de bomen.
Indien er gebruik wordt gemaakt van bronbemaling, zal dit bestaan uit retour-bemaling: het opgepompte grondwater wordt direct weer terug geleverd aan de bodem. Bomen die onder invloed van bronbemaling komen, kunnen bij wateronttrekking individueel van water worden voorzien. Met peilbuizen kan de grondwaterstand in de gaten worden gehouden. De hoeveelheid water hangt af van de omvang van de kroon en de weersgesteldheid. 4.3.5 Verontreiniging bodem Het is mogelijk dat vuile bouwstoffen op de bouwplaats worden geloosd. Dit kan bijvoorbeeld lekkende olie of brandstof zijn van het materieel. Deze stoffen kunnen resulteren in verontreiniging van de bodem waardoor er onder andere zuurstofgebrek kan ontstaan. Dit zuurstofgebrek kan leiden tot bladverkleuringen, vroegtijdige bladval van de boom, verminderde groei en zelfs tot het afsterven van de boom.
15
BOMEN EFFECT ANALYSE MARKT 2.0 ERMELO
4.4 Bomenbalans Er is reeds gekeken naar welke bomen niet houdbaar zijn t.o.v. het nieuwe ontwerp. Dit is in samenspraak met een European Tree Technician bepaald. De bomen zijn niet houdbaar verklaard om diverse redenen: " Locatie boom in nieuwe rijweg; " Hoogteverschil nieuwe/oude situatie is te groot; " Locatie boom ter plaatse van nieuwe bebouwing. De kaart met de te verwijderen bomen is toegevoegd aan de bijlagen en zichtbaar in onderstaande verkleinde uitsnede:
Afbeelding 26: Te verwijderen bomen
Daaropvolgend is vanuit deze BEA bepaald welke bomen aanvullend niet houdbaar zijn en welke bomen houdbaar zijn met aanvullende maatregelen. Tevens is bepaald dat de treurbeuk (boom 69) potentieel behouden kan blijven indien deze verplant wordt en inpassing krijgt in het nieuwe ontwerp. Dit resulteert in de volgende voorlopige bomenbalans op basis van het ontwerp: Huidige situatie
Nieuwe situatie
149 71
96 0
Kwantitatief verschil -53 -71
Waarvan reeds verwijderd Nog te verwijderen bomen
10 61
-
-
Beoordeelde, te behouden, bomen
19
19
0
Te handhaven bomen zonder specifieke maatregel tot behoud Te handhaven bomen met specifieke maatregel tot behoud
13
13
0
6
6
0
11
11
0
59 1 0
59 -
0 +1 +18
Totaal aantal bomen Te verwijderen bomen
Waarvan monumentale en/of waardevolle bomen Niet beoordeelde, te behouden, bomen Potentieel te verplanten bomen Nieuw aan te planten bomen Tabel 1: Bomenbalans
18
In totaal worden er 18 bomen gecompenseerd, de overige 53 bomen kunnen gecompenseerd worden door herplanting op boomarme locaties. Over de locatie voor de compensatie van deze 53 bomen dient door opdrachtgever nog een keuze te maken.
16
BOMEN EFFECT ANALYSE MARKT 2.0 ERMELO
5 Conclusie en randvoorwaarden Met het oog op het huidige ontwerp zijn niet alle bomen op de Markt duurzaam in stand te houden zonder aanvullende maatregelen en randvoorwaarden. In de volgende paragrafen worden diverse randvoorwaarden benoemd die ertoe leiden dat de bomen te handhaven zijn. Deze randvoorwaarden hebben betrekking op het huidige ontwerp, maatregelen die uitgevoerd dienen te worden voor de uitvoering, randvoorwaarden gedurende de uitvoering en randvoorwaarden voor na de uitvoering. In deze randvoorwaarden worden geen adviezen gegeven over het wel of niet behouden van bomen ten behoeve van de (ecologische) waarde van het bomenbestand. De randvoorwaarden betreffen enkel de maatregelen t.b.v. het behoud van de bomen wanneer deze op basis van conditie en toekomstverwachting als behoudbaar worden geacht.
5.1 Ontwerpaanpassingen 5.1.1 Mammoetboom, boom 55 (Sequoiadendron giganteum) In plaats van het opkronen van de Sequoiadendron (boom 55) is het ook mogelijk om de parkeerplaatsen op te schuiven en het wandelpad iets aan te passen zodat de boom niet opgekroond dient te worden. Hierbij wordt geadviseerd om de parkeerplaatsen ca. 1,50 meter op te schuiven, zie hiervoor ook afbeelding 27. Het voordeel van deze maatregel is dat de Sequoiadendron in de huidige vorm behouden kan blijven.
Afbeelding 27: Resultaat van het opschuiven van de parkeerplaatsen
5.1.2 Zomereik, boom 70 (Quercus robur) De zomereik (boom 70) kan niet behouden blijven t.a.v. het huidige ontwerp. Om de eik te behouden dienen de twee parkeerplaatsen te komen vervallen en dient de rijweg eerder te stoppen. Zie ook afbeelding 28. De verwachting is dat hierbij nog maar ca. 5 à 10% van het wortelvolume beschadigd raakt. Gezien de goede conditie van de boom zal de boom hier goed van kunnen herstellen.
Afbeelding 28: Te vervallen parkeerplaats en rijweg rondom boom 70
17
BOMEN EFFECT ANALYSE MARKT 2.0 ERMELO 5.1.3 Boomgroep 2 Met het oog op het huidige ontwerp kan boomgroep 2 (Amerikaanse eiken) niet behouden blijven. De nieuwe parkeerplaatsen en de rijweg komen ter plaatse van boomgroep 2 in dit ontwerp. Om dit knelpunt op te lossen zijn twee opties beschikbaar. Deze opties worden hieronder verder uitgewerkt:
Optie 1: verwijderen bomen tot op 1,50 meter t.o.v. de parkeerplaats Boomgroep 2 dient met het oog op het huidige ontwerp fors gedund te worden, de bomen (Amerikaanse eiken) aan de rand van deze boomgroep zijn niet houdbaar. Om het oppervlak te verwijderen bos te beperken wordt geadviseerd om de parkeerplaats aan te leggen met een open water- en luchtdoorlatende groene verharding, hierdoor wordt de funderingsdikte verminderd en wordt er minder schade aan de wortels aangericht. Vervolgens dient er nog ca. 1,50 meter begroeiing vanaf de rand van de parkeerplaats verwijderd te worden i.v.m. veiligheid (zie afbeelding 29). Afbeelding 29: Dunning boomgroep 2 en parkeerplaats van grasbetonstenen
Optie 2: Niet aanleggen parkeerplaatsen, enkel rijweg aanleggen Optie 2 is om enkel de rijweg aan te leggen, dit in plaats van een rijweg en een parkeerplaats in boomgroep 2. In dit geval moeten er nog steeds bomen worden verwijderd ter plaatse van de rijweg en dienen de bomen binnen 1,50 meter t.o.v. de rand van de rijweg verwijderd te worden. Deze optie heeft als effect dat er 5 parkeervakken minder aangelegd worden, maar dat er een oppervlak van ca. 5,10 x 12,75 meter aan bomen/struweel bespaard kan blijven.
Afbeelding 30: Ontwerpoptie 2
18
BOMEN EFFECT ANALYSE MARKT 2.0 ERMELO
5.2
Voorafgaand de uitvoering " "
" " " " " " "
Voorafgaand aan de werkzaamheden een nulmeting uitvoeren om schade aan bomen als gevolg van de bouw te kunnen kwantificeren; In nader overleg zal de bouwlogistiek worden afgestemd en daaruit voortvloeiende maatregelen worden besproken, waar vervolgens bij de opdrachtnemer een inspanningsverplichting ligt om zo correct mogelijk om te gaan met de bestaande bomen. De opdrachtnemer dient hierbij een werfinrichtingsplan op te stellen. Hierin dient rekening te worden gehouden met voldoende afstand tot de bomen. Daarnaast dienen de volgende aspecten in het werfinrichtingsplan te worden opgenomen: “ Transportroutes; “ Opslag van materialen; “ Boombeschermingsmaatregelen. Het werfinrichtingsplan dient te worden goedgekeurd door een European Tree Technician (of gelijke). Bewustzijn creëren bij de opdrachtnemer door de meest recente versie van de bomenposter 'Werken rondom bomen' van het Norminstituut Bomen op de bouwplaats op te hangen. Dood hout uit de te behouden bomen verwijderen om schades aan materiaal of mensen te voorkomen. Opkronen Sequoiadendron (boom 55) t.b.v.
wettelijke vrije doorgang (4,20 m), de punt van de parkeerplaats aan de noordzijde van de Sequoia wordt onder de boomkroon aangelegd; Verwijderen dood hout trompetboom (boom 62); Verwijderen dood hout en scheefstaande bomen uit de boomgroepen; Uitlichten kroon van de gewone es (boom 119), om de wortelschade te compenseren dient de kroon met ca. 5 tot 10% uitgelicht te worden. Verwijderen van alle houtachtige vegetatie in boomgroep 1 die met de stamvoet binnen 1,5 meter van de nieuwe verhardingslijn gesitueerd zijn. Dit zijn twee bomen en enkele heesters, zie hiervoor ook afbeelding 31.
Afbeelding 31: Begroeiingsvrije zone van 1,50 meter t.o.v. parkeerplaats.
19
BOMEN EFFECT ANALYSE MARKT 2.0 ERMELO
5.3 Gedurende de uitvoering "
" " "
5.4
Bij, ten minste, bomen 8, 95, 96, 97, 104 en 105 dient de kwetsbare boomzone te worden afgezet waar de vakken grenzen aan het werkterrein of de transportroutes. De kwetsbare boomzone is de zone onder de kroon + 1,50 meter uit te de kroon. Dit voorkomt betreding onder de kroon; Bij, ten minste, bomen 1, 44, 53, 55, 60, 62, 70 en 119 dient stamommanteling te worden aangebracht. Keuze voor het type stamommanteling is vrij te laten voor de opdrachtnemer; De boomgroepen 1, 2 en 3 dienen afgeschermd te worden middels hekwerken om beschadigingen aan de stammen te voorkomen; Tijdens de werkzaamheden dient er gewerkt te worden volgens de meest recente uitgave van de 'Werken rondom bomen' poster van Norminstituut Bomen.
Na de uitvoering "
Na oplevering dient er opnieuw een nulmeting te worden uitgevoerd. Bij deze nulmeting wordt gecontroleerd of er gedurende de werkzaamheden ondergronds of bovengronds schade is aangericht aan de bomen. In de nulmeting dienen de volgende aspecten te worden opgenomen/geactualiseerd: “ Verdichting van de bodem (in MPa); “ Eventuele nieuwe boomschades; “ Actualiseren van de conditie van de bomen.
20
BOMEN EFFECT ANALYSE MARKT 2.0 ERMELO
6
Adviesmaatregelen
Deze paragraaf beschrijft aanvullende adviserende maatregelen om de bestaande bomen te behouden en eventueel de conditie en toekomstverwachting van de bomen zelfs te verbeteren.
6.1 Opwaarderen plantplaats herdenkingsbeuken (boom 8, 53 en 60) In de bestaande situatie staan de herdenkingsbeuken in arme zandgrond die verdicht is. De bomen blijven behouden en de ondergrondse groeiruimte blijft vrijwel gelijk. Om de conditie, toekomstverwachting en de groei van de bomen te bevorderen wordt geadviseerd om de groeiplaatsen te verbeteren. Hierbij dient te worden gedacht aan de volgende maatregelen: " Opheffen verdichting, uitgangspunt 1,50 MPa; " Toevoegen voedingsstoffen; " Opwaarderen vochtvasthoudend vermogen (bijv. door toevoegen kleikorrels); " Toepassen circulair beheer in plantplaats om een natuurlijke cyclus van voedingsstoffen mogelijk te maken.
6.2 Verplanten treurbeuk (boom 69) De treurbeuk in het grasveld naast het gemeentehuis is verplantbaar. Deze jonge boom heeft een goede conditie en gezien de standplaats wordt verwacht dat de boom een goed ontwikkelde kluit heeft. De boom kan vervolgens een goede inpassing krijgen in het nieuwe ontwerp. De verplanting dient te worden uitgevoerd conform volgende randvoorwaarden: " De boom dient twee groeiseizoen voorafgaand de verplanting te worden voorbereid op de verplanting, dit wordt gedaan door de kluit van de boom rond te steken en de wortels te behandelen met een wortelgroeistimulerend middel. De exacte afmetingen van de afmetingen van de kluit en de periode van uitvoering dient nader te worden bepaald. " De boom dient in dezelfde stand t.o.v. de zon en wind geplaatst te worden als in de bestaande situatie. De zuidzijde van de kroon dient dus in de nieuwe situatie op dezelfde plek te staan. " Na het verplanten dient de boom opnieuw verankerd te worden middels, bij voorkeur, ondergrondse groeiplaatsverankering. Daarnaast wordt er t.b.v. het watergeven een gietrand aangebracht. 6.2.1 "
"
Richtlijnen nazorg Indien noodzakelijk snoeien, opdrachtnemer dient dit in te schatten aan de hand van hoeveelheid wortelverlies (maximaal 40% van de bladmassa mag, afhankelijk van de soort, in totaal gesnoeid worden). Nazorgperiode 3 jaar, incl. watergeven. Na 3 jaar gietrand verwijderen en ondergrondse groeiplaatsverankering (afhankelijk van type) losmaken.
Afbeelding 32: verplantbare treurbeuk (boom 69)
21