CConstaterende datErmelo
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestuurlijk voornemen e250038567

Gemeenteraad 9 juli 2025, gemeente ErmeloBij agendapunt: Zienswijze Ontwerpvisie Nationaal Programma Ruimte voor Defensie2.933 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bestuurlijk voornemen gemeenten Barneveld, Ermelo, Apeldoorn, provincie Gelderland en Defensie 3 juli 2025 Intro De drie gemeenten Barneveld, Ermelo en Apeldoorn, de provincie Gelderland en het ministerie van Defensie hebben vroegtijdig de handen ineen geslagen en dit bestuurlijk voornemen opgesteld. In dit bestuurlijk voornemen is oog voor de behoeften van Defensie en regionale aandachtspunten op het gebied van o.a. mobiliteit, woningbouw, natuur, economie & onderwijs. Op hoofdlijnen worden de thema’s verkend, van waaruit afspraken op een later moment samenkomen in een overeenkomst. Dit bestuurlijk voornemen heeft betrekking op de intensivering van Ermelo en Stroe en de vestiging van een eskadron van de Militaire Politie op De Kleiberg in Apeldoorn, rekening houdend met de leefomgeving waarin deze ontwikkelingen terecht moeten komen. Dit bestuurlijk voornemen is gebaseerd op het Ontwerp Beleidsvisie Nationaal Programma Ruimte voor Defensie. Deze beleidsvisie ligt ter inzage en moet nog vastgesteld worden door het kabinet. Als de beleidsvisie op dit voor het bestuurlijk voornemen relevante onderwerpen wordt gewijzigd, dan leidt dit, in onderling overleg, tot aanpassing van dit bestuurlijk voornemen. De aanleiding De veiligheidssituatie in de wereld verslechtert. Defensie groeit om Nederland te beschermen en te voldoen aan NAVO verplichtingen.

Deze groei vraagt om voldoende ruimte en vastgoed om het opleiden, trainen en voorbereiden op inzet van de krijgsmacht te ondersteunen, vooral in Gelderland, waar veel defensiekazernes, oefenterreinen en luchtgebonden activiteiten zijn. Het vastgoed van Defensie voldoet al lange tijd niet meer aan de (milieu)eisen van deze tijd. Door jarenlange bezuinigingen is te weinig geïnvesteerd in modernisering en verduurzaming. De kazernes kunnen onvoldoende met de organisatie meegroeien. Dat belemmert de noodzakelijke doorontwikkeling van de krijgsmacht. De gemeenten Barneveld, Ermelo, Apeldoorn en provincie Gelderland willen bijdragen aan de opgave van Defensie door in samenwerking met Defensie het gebruik van de kazernes in Ermelo en Stroe te intensiveren en een eskadron van de Koninklijke Marechaussee te vestigen in Apeldoorn. Wij zijn ons ervan bewust dat de gemeenten Barneveld, Ermelo en Apeldoorn naast de groeiopgave van Defensie ook voor andere opgaven staan, zoals de verstedelijkingsopgave of de opgaven in het landelijk gebied. Partijen kijken vanuit dit perspectief in samenhang naar de ontwikkeling van de diverse kazerneterreinen en zien de intensivering van Defensie in dit gebied als een kans voor het realiseren van lokale en regionale opgaven. Driehoek op de Veluwe Defensie en de Veluwe zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden.

De aanwezigheid van de vele kazernes met bijbehorende (militaire) eenheden maakt dat Defensie echt onderdeel is van de Veluwse samenleving. Ook in de gemeenten Barneveld, Ermelo en Apeldoorn maakt Defensie een belangrijk onderdeel uit van de, ooit nog relatief kleine, gemeenschappen. Defensie is hierdoor bij de identiteit van de Veluwe gaan horen en de van oudsher nauwe banden tussen Defensie en de drie gemeenten worden nog altijd gekoesterd. In de driehoek Barneveld-Ermelo-Apeldoorn komen alle vier de onderdelen van de krijgsmacht bij elkaar: de landmacht in Ermelo/Stroe en Apeldoorn, het Korps Mariniers en het AOCS van de luchtmacht in Nieuw Milligen, het opleidingsinstituut van de Koninklijke Marechaussee en het onderdeel Militaire Politie van de Marechaussee in Apeldoorn. Aan de versterking van de krijgsmacht leveren de gemeenten Barneveld, Ermelo en Apeldoorn en provincie Gelderland al op korte termijn een belangrijke bijdrage. 1

Ondersteunende kazerne Stroe De legerplaats Stroe functioneert nu ook al als volwaardige kazerne waar circa 2000 mensen werken. Na het volgen van een basisopleiding in o.a. Ermelo volgen defensiemedewerkers een functieopleiding in Stroe, waar inlichtingen-, logistieke-, en verbindingseenheden zijn gevestigd, nu en in de toekomst. De insteek is om deze medewerkers voor langere tijd binnen dezelfde eenheid te laten werken waar ze na de opleiding worden geplaatst. Dat biedt een meer stabiele basis voor de defensiemedewerker en voor zijn/haar thuisfront. Defensie bouwt op Legerplaats Stroe op korte termijn een aantal nieuwe, multifunctionele gebouwen, zodat eenheden in afwachting van stationering op de nog te realiseren centrale kazerne zich richting het midden van het land kunnen verplaatsen. Gelet op de toekomstige groei van de landmacht is die ruimte nodig ook naar de toekomst toe. Zo blijft het nieuwe vastgoed op langere termijn benut.

Opleidingskazerne Ermelo Ermelo is de thuisbasis voor geneeskundige eenheden en de plek waar onderofficieren van de Landmacht worden opgeleid. Deze onderofficieren worden na hun opleiding geplaatst bij diverse eenheden in Nederland, waaronder in Stroe en de nog te realiseren kazerne centraal in het land. De Koninklijke Militaire School (KMS) moet uitbreiden vanwege de groeiende behoefte aan onderofficieren, manschappen en reservisten. Bovendien wordt het Dienjaar, dat jongeren de kans biedt om een jaar lang, betaald kennis te maken met Defensie, verder uitgebreid. Dienjaar militairen krijgen een opleiding, werkplek en salaris en kunnen persoonlijke en professionele vaardigheden verder ontwikkelen. Ook hiervoor is extra ruimte vereist. Legerplaats Ermelo wordt zo een opleidingskazerne die voorziet in het schaalbaar opleiden van militairen. Apeldoorn In Apeldoorn wordt er een nieuw eskadron van de Koninklijke Marechaussee (KMar) gevormd. Het eskadron zal bestaan uit circa 300 voltijdseenheden (VTE’s). Dit betreft de vaste populatie die gehuisvest wordt op de locatie Kleiberg. Mogelijk is deze tijdelijk op te schalen tot circa 500 VTE’s. Deze uitbreiding komt uit de bestaande organisatie (andere brigades) van Defensie en is bedoeld voor trainingen en inzet. De oefeningen en inzet vinden niet plaats op de locatie Kleiberg zelf.

Voor de volledigheid is het van belang te vermelden dat er in Apeldoorn reeds een defensieproject in uitvoering is; de herinrichting van Kamp Nieuw-Milligen voor het Korps Mariniers. Daarnaast wordt er verder gewerkt aan de ontwikkeling van twee belangrijke bestaande onderdelen van Defensie op de nabijgelegen Koning Willem III-kazerne/Frank van Bijnenkazerne. De eerste betreft het Operationeel Ondersteunings Commando Land (OOCL), de grootste eenheid binnen de Landmacht die zorg draagt voor alle operationele ondersteuningstaken, zoals logistiek, communicatieverbindingen en civielmilitaire samenwerking bij rampen en crises. De tweede betreft het Opleidings- en Trainingscentrum van de Koninklijke Marechaussee (OTC KMar), waar nieuwe marechaussees worden voorbereid op diverse taken binnen de organisatie, zoals de militaire politie, grenspolitie, bewaking en beveiliging. Waar we samen aan moeten werken Alle betrokken partijen, te weten de gemeenten Barneveld, Ermelo en Apeldoorn, de provincie Gelderland en Defensie (hierna: Partijen), zien de noodzaak van de groei van Defensie. We zien hierbij de volgende uitgangspunten bij de opgaven (A) en onderwerpen (B) waarover we met elkaar nog afspraken maken: A. Uitgangspunten bij diverse opgaven: • De kazernes Stroe en Ermelo: Op de Landmachtkazerne in Stroe werken nu ruim 2.000 mensen en in Ermelo zijn dat er 1.000.

Door de veranderende veiligheidssituatie in de wereld en de groei van Defensie zal dit aantal naar verwachting de komende jaren verdubbelen. Ook komt er met het eskadron van de Militaire Politie op De Kleiberg een defensielocatie bij, en speelt op de achtergrond de reeds bestaande ontwikkeling van Kamp Nieuw Milligen en de realisatie van een centrale kazerne. Buiten de werkgelegenheid die deze groei brengt, zal de toename van woon-werkverkeer en militair verkeer mobiliteitsvragen met zich meebrengen en zal de druk op de woningmarkt mogelijk vergroten. Partijen brengen dit samen, vanuit ieders rol en bevoegdheid, in beeld.

2

•

•

•

•

•

•

Realisatie en gebruik: De ontwikkeling van een nieuwe kazerne centraal in het land en de intensivering van de terreinen in de gemeenten Barneveld, Ermelo en Apeldoorn hangen nauw met elkaar samen, zowel in de realisatiefase als in de gebruiksfase. Partijen bezien de ontwikkeling van deze terreinen daarom in hun onderlinge samenhang en in samenhang met andere regionale opgaven op de Veluwe. Prettig wonen en werken: Defensie, provincie en de gemeenten vinden het van belang dat inwoners van de gemeenten, waaronder ook huidige en toekomstige defensiemedewerkers, prettig kunnen wonen in de omgeving van hun werk. Een woning die past bij de behoeftes en mogelijkheden, in de buurt van voorzieningen voor henzelf en hun families. Hierbij hebben alle partijen oog voor het realiseren van voldoende en betaalbare woningen, zodat alle woningzoekenden, waaronder nieuwe defensiemedewerkers, op lokaal en regionaal niveau een passende woning kunnen vinden. Mobiliteit en bereikbaarheid: De partijen zien het belang van het op orde brengen van de mobiliteitsinfrastructuur (zowel wegverkeer als openbaar vervoer) rondom en tussen de dorpskernen en de kazernes, waaronder de nieuwe centrale kazerne, om woon-werk verkeer en Defensieactiviteiten gerelateerde mobiliteit soepel te laten verlopen.

Hiervoor moeten ook regionale en lokale knelpunten worden aangepakt, wat ook de samenleving in de regio ten goede komt. Partijen spannen zich in om hier, met respect voor ieders rol en verantwoordelijkheid, waar mogelijk een positieve bijdrage aan te leveren. Natuur: De Veluwe behoort tot de grootste aaneengesloten natuurgebieden in Noordwest-Europa met een grote diversiteit aan dieren en planten. Deze biodiversiteit gaat achteruit; het herstellen, versterken en behouden van de natuurwaarden van de Veluwe is een belangrijke opgave waar de provincie gericht beleid op voert. Uitgangspunt is dat de intensivering van Defensie hand in hand gaat met deze waarden, zoals dat ook nu al gebeurt. De natuur op defensieterreinen heeft, ondanks en vaak ook dankzij het militaire gebruik, diverse unieke waarden. Defensie houdt zich aan de geldende wet- en regelgeving (het treffen van de benodigde mitigerende en compenserende maatregelen op de Veluwe) en zal als terreinbeheerder zorgdragen dat de natuurwaarden op haar kazernes en oefenterreinen niet verslechteren, en zich inzetten voor verbetering, zolang dit verenigbaar is met het militair gebruik. Opdat de bestaande natuuropgave van de Veluwe (inclusief de waterfunctie van de Veluwe) niet verder wordt vergroot. Lokale economie: We zien allen het belang van een sterke lokale economie.

Defensie levert een bijdrage aan de toekomstbestendigheid van de regio. Het lokale bedrijfsleven, onderwijs en Defensie versterken elkaar. Door slim samen te werken rondom het opleiden en inzetten van personeel, kan de regio zich ontwikkelen tot wervings-, selectie- en opleidingscentrum voor Defensie- en veiligheidspersoneel. Het lokale bedrijfsleven kan door slim samen te werken bijdragen aan bijvoorbeeld innovatievraagstukken binnen Defensie, zoals met het Centrum voor Veiligheid en Digitalisering (CVD). Tevens zien we mogelijk kansen voor de inzet van het lokale bedrijfsleven tijdens de realisatie en operatie van de (intensivering van) de kazernes. Opleiding: De driehoek biedt bij uitstek mogelijkheden om mensen op te leiden en in het grotere gebied van de Veluwe te plaatsen. Zo is Apeldoorn in 2020 gestart met het Centrum voor Veiligheid en Digitalisering: een strategisch samenwerkingsverband tussen de Universiteit Twente, Hogeschool Saxion, ROC Aventus, de Politieacademie, het Nationaal Instituut voor Publieke Veiligheid (NIPV) en de Regio Stedendriehoek. Hierbij wordt nauw samengewerkt met het OOCL en het opleidingsinstituut van de Koninklijke Marechaussee.

Dit biedt kansen voor verdere versterking van het (wetenschappelijke) onderwijsprofiel, als onderdeel van het Apeldoornse binnenstedelijk veiligheidscluster1, waar opleidingen op het gebied van digitalisering plaatsvinden. De kazerne van Stroe wordt benut om opgedane basiskennis verder in de praktijk te brengen met gerichte functieopleidingen op het gebied van inlichtingen, verbindingen en logistiek, terwijl de kazerne in Ermelo benut wordt om onderofficieren op te leiden. Hierdoor kan een militair een hele carrière, startend vanaf de opleiding, op de Veluwe doorbrengen.

B. Over deze uitgangspunten maken de partijen later afspraken 1. Overkoepelend: De mate waarin geïntensiveerd wordt, kent een bandbreedte om de draagbaarheid en acceptatie binnen de gemeenten niet te overschrijden. Voor de kazerne in Stroe bieden we ruimte voor circa 5.000 VTE’s, voor de kazerne in Ermelo bieden we ruimte voor circa 3.000 VTE’s en voor de Kleiberg bieden we ruimte voor circa 300 tot mogelijk 500 VTE’s voor militairen en burgermedewerkers. Voor mogelijke extra huisvestiging, van militairen en burgermedewerkers die momenteel niet uit de regio

Aan de westzijde het Hertzberger Park; een groot, iconisch gebouw met daarin mogelijk de Politie en de veiligheidsacademie van ROC Aventus met een focus op onderwijs en werving van veiligheidspersoneel. In het hart van het cluster komt het Lerend District met onder meer het Centrum voor Veiligheid en Digitalisering (CVD), Saxion (hbo), ROC Aventus (mbo), Wittenborgh en bedrijven gelieerd aan de (veiligheids)opleidingen. Aan de oostzijde komt in het Veiligheidscentrum het hoofdkwartier van de Veiligheidsregio Noord- en OostGelderland samen met andere publieke en private organisaties die samenwerken aan veiligheid, weerbaarheid en gezondheid. 1

3

afkomstig zijn, in deze gemeenten moeten ontwikkelingen draagbaar blijven en in goed overleg met de betreffende gemeente blijven plaatsvinden. 2. Toekomstbestendig: Wanneer defensiegebouwen niet langer nodig zijn of van functie veranderen, worden gezamenlijke afspraken gemaakt over hoe met deze leegstand of verandering omgegaan wordt. 3. Mobiliteit en bereikbaarheid: De keuze voor intensivering c.q. uitbreiding van Defensie op de Veluwe en de komst van de nieuwe kazerne centraal in het land leidt mogelijk tot een verergering van al bestaande verkeerskundige problemen in de provincie Gelderland op de rijkswegen A1/A28/A30/A50 (zie ook BO MIRT agenda), Nijkerkerbrug, provinciale N-wegen en mogelijk ook OV-verbindingen) en de lokale infrastructuur (alle modaliteiten). Defensie en het Ministerie van IenW brengen in overleg met de provincies Flevoland en Gelderland en de gemeenten Ermelo, Barneveld en Apeldoorn deze impact in kaart. Op basis daarvan worden mogelijke maatregelen en oplossingen verkend. 4. Duurzame mobiliteit: Defensie verkent de mogelijkheden voor duurzame personenmobiliteit van defensiemedewerkers zoals de fiets en OV-vervoer, naast het eigen en deelvervoer. Partijen verkennen, ieder vanuit eigen verantwoordelijkheid, in samenwerking met relevante partners, de (H)OVmogelijkheden in de gebieden op korte en middellange termijn. 5.

Nutsvoorzieningen: De intensivering van Defensie zorgt voor het vergroten van bestaande druk op nutsvoorzieningen. Dit geldt met name voor rioolwaterzuivering, drinkwatervoorzieningen en energie. Uitgangspunt hierbij is dat de rioolwaterzuivering in Harderwijk niet verder belast mag worden. In gezamenlijkheid wordt verkend hoe de impact van benodigde nutsvoorzieningen, zoals energie, riolering en drinkwater, op de omgeving kan worden beperkt of tegengaan. Defensie kan hier vanuit de verduurzamingsdoelstellingen mogelijk een bijdrage aan leveren. 6. Voldoende en betaalbare woningen: De plannen van Defensie hebben mogelijk consequenties voor de woningbehoefte in het gebied. De gemeenten brengen samen met Defensie en provincie in kaart wat de mogelijke gevolgen zijn van uitbreiding van Defensie op de Veluwe op de regionale woningmarkt zijn. Hierbij worden de effecten op de Regio Stedendriehoek, Regio Noord West Veluwe en Regio Foodvalley meegenomen. Afhankelijk van de resultaten van dit onderzoek gaan partijen gezamenlijk op zoek naar praktische oplossingen om te komen tot voldoende en betaalbare woningen, passend bij ieders verantwoordelijkheid en bij de regionale afspraken, en met oog voor de knelpunten rondom woningbouw zoals we die nu zien.

Hierbij behoeven de knelpunten rondom de permanente bewoning van recreatiewoningen en de gevolgen voor de bedrijfsvoering van Defensie ook aandacht. 7. Voorzieningen: We onderzoeken wat de impact van de intensivering is op de voorzieningen op het terrein van Defensie en daarbuiten. We verkennen passende koppelkansen om - onder voorwaarden en wanneer het de bedrijfsvoering en gereedheid van Defensie nu of in de toekomst niet belemmerd - slim het gebruik van elkaars faciliteiten te combineren, zoals het zwemmen van defensiepersoneel in lokale bestaande zwembaden en het sporten van burgers op defensievelden. 8. Natuur en recreatie: Defensie beheert, behoudt en versterkt indien mogelijk de bestaande unieke natuurwaarden op defensieterreinen en onderzoekt daarnaast of er als gevolg van intensivering of uitbreiding van het bestaande vergunde gebruik mitigerende en/of compenserende maatregelen moeten worden getroffen. Defensie kijkt passend binnen wettelijke verplichtingen waar er natuurcompensatie kan plaatsvinden, waarbij in het geval van natuurcompensatie buiten de hekken zoveel als mogelijk wordt aangesloten bij bestaande gemeentelijke doelstellingen, gebiedsprocessen en projecten, zoals natuurcompensatieprojecten binnen gebiedsproces GEUS (Garderen, Elspeet, Uddel en Speuld), het versterken van beken en groenstructuren en andere natuurherstelmaatregelen op de Veluwe.

Defensie heeft in het ontwerp van kazernes aandacht voor groen en natuur binnen de terreinen, waarmee defensiegebruik waar mogelijk bijdraagt aan natuurversterking ten behoeve van een duurzame staat en instandhouding van natuur. Recreatie is een belangrijke pijler voor de gehele Veluwe. Defensie behoudt daar waar dat kan de toegankelijkheid en beleving van de recreatiegebieden. Alle partijen erkennen dat recreatie voor dit gebied van belang is en onderzoeken via wederzijdse belangenbehartiging hoe zowel defensie- als regionale doelen op het gebied van recreatie kunnen worden behaald.. 9. Onderwijsimpuls: Vanuit de reeds lopende samenwerkingen verkennen partijen de mogelijkheid van gezamenlijke opleidingen voor Defensie- en veiligheidspersoneel op deze centrale locatie in Nederland, waarbij onder meer het veiligheidscluster in Apeldoorn (veiligheidsacademie ROC Aventus, Saxion, het Centrum voor Veiligheid en Digitalisering en het opleidingsinstituut van de KMar) en de Barneveldse Techniek Opleiding worden betrokken. De komst van Defensie kan de huidige arbeidsmarkt en economie versterken op onder meer het gebied van veiligheid en digitalisering. Dit kan onder meer door samen te werken met lokale bedrijven en opleidingsinstituten. 10. Economie impuls: Alle partijen onderschrijven het belang van de inzet van lokale en regionale bedrijven tijdens de bouw- en gebruiksfase.

Defensie onderzoekt de mogelijkheid hoe zij dat via regionale aanbesteding kan faciliteren. Partijen en het lokale bedrijfsleven dragen gezamenlijk bij aan de aanpak

4

van innovatievraagstukken en opschaling van de defensie-industrie en betrekken daarbij waar mogelijk start-ups. 11. Capaciteit: De intensivering van kazernes vraagt om aanzienlijke capaciteit van gemeenten en provincie. Partijen brengen dit nader in beeld en onderzoeken daarbij welke verdelingsafspraken hierover gemaakt kunnen worden. Daarbij wordt een relatie gelegd met de Gelderse procesaanpak voor de realisatiefase die in voorbereiding is. Hoe werken we samen We werken op de volgende wijze samen: • Dit gezamenlijke bestuurlijk voornemen is het startpunt voor de samenwerking. Partijen maken samen afspraken over de elf punten genoemd onder ‘B’. Deze afspraken willen we na vaststelling van de locaties van het NPRD door het Kabinet gereed hebben voor bestuurlijke akkoord (eind 2025- begin 2026); • Voor de ontwikkeling van de kazerneterreinen- en locaties volgt inzake de organisatie een separaat voorstel. Daarbij wordt een relatie gelegd met de Gelderse procesaanpak voor de realisatiefase die in voorbereiding is. • Bij de daadwerkelijke invulling en ontwerp van kazerneterreinen ontwikkelen de verantwoordelijke overheden in gezamenlijkheid een ruimtelijk kader, mogelijk per locatie, inclusief de inzet van beleid en regelgeving van de overheden benodigd voor deze planontwikkeling;

5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15757976/1