Adviesnota e240051652
Tekst van het document
ADVIESNOTA
AAN VAN TELEFOON OPSTELLER CONTROLEUR KENMERK PROJECTNUMMER STATUS VERSIE ONDERWERP DATUM
Johan Ebbers Arnold WJ (Wessel) 06-51624416 Wessel Arnold Joost Cornelissen -W.J.-HS-ADV-23003695 M0004953 Vrijgegeven 2.0 Ontheffingsaanvraag art 22a wet VET verkabeling Ermelo 7 juli 2023 1.1 Aanleiding TenneT TSO handelt namens Netbeheerder Liander en heeft, conform artikel 22a lid 4 van de E-wet 1998, op verzoek van de gemeente Ermelo een haalbaarheidsstudie laten uitvoeren naar het ondergronds brengen van de lijnverbinding tussen mast 99 en 104 binnen de bevolkingskern van Ermelo. De resultaten van deze haalbaarheidsstudie staan beschreven in het rapport: “Haalbaarheidsstudie 150 kV verkabeling 99-104/105 te Ermelo; projectnr: 002.729.20.S13.002, versie 2.0, d.d. 28 september 2022”, opgesteld door Movares. Uit deze studie is gebleken dat er slechts twee routes mogelijk zijn waar de circuits (zwart en wit) ondergronds gebracht zouden kunnen worden, alsmede dat waar dat eventueel zou kunnen er een groot aantal conflicten optreedt met de vigerende weten regelgeving alsook met de door TenneT in programma’s van eisen (PvE’s) vastgelegde eisen waaraan de ligging van een kabelverbinding dient te voldoen. Tevens blijkt dat bij een kabelverbinding, via één van de twee mogelijke routes, een veelheid aan omwonenden effecten van deze kabelverbinding gaan ondervinden.
Op basis van de resultaten van de haalbaarheidsstudie rezen bij TenneT vraagtekens bij de haalbaarheid van het ondergronds brengen van dit lijngedeelte. Daarom is besloten tot het aanvragen van een ontheffing voor de verkabeling van dit aangewezen deel van de lijnverbinding Ede-Harderwijk tussen mast 99 en 104. In paragraaf 1.3 is een onderbouwing aangedragen voor deze ontheffingsaanvraag.
1/10
ADVIESNOTA 1.2 Regelgeving Elektriciteitswet In de Elektriciteitswet 1998 is in artikel 22a de volgende bepaling opgenomen: - Lid 1. Een netbeheerder verplaatst op verzoek van een college van burgemeester en wethouders of van gedeputeerde staten bovengrondse delen van netten die bestemd zijn voor transport van elektriciteit op een spanningsniveau van 50 kV of hoger of vervangt deze door ondergrondse delen voor zover; •
• -
A. Dat deel o
1°.ten minste 1.000 meter lang is, tenzij het een net betreft met een spanningsniveau van 50 kV of
o
2°.ten minste 500 meter lang is, voor zover het een deel betreft dat direct is verbonden met een transformator-, schakel-, verdeel- of onderstation, voor zover het een te vervangen deel betreft en
B. deze delen door Onze Minister zijn aangewezen.
Lid 2. Krachtens het eerste lid, onderdeel b, worden slechts delen aangewezen waarvoor vervanging of verplaatsing kostenefficiënt is. Bij de aanwijzing kan worden bepaald dat een deel wordt aangewezen voor verplaatsing of voor vervanging.
Besluit aanwijzing delen hoogspanningsnetten ex art. 22a Elektriciteitswet 1998 In het onderhavige geval is binnen de gemeente Ermelo het lijndeel tussen mast 99 en 104 aangewezen in Bijlage 1 Aangewezen delen van netten als bedoeld in artikel 1 eerste lid. Gemeente
Benaming tracé
Lijncode
Kv
Beheerder
Ermelo
Ede – Harderwijk
EDE-HSR-HD
150
TenneT
Van Mastnummer of station 99
Van code
Tot mastnummer of station
Tot code
STE-HD-150 099
104
STE-HD150 104
-
Lid 4. Een netbeheerder onderzoekt op verzoek van een college van burgemeester en wethouders of van gedeputeerde staten de technische haalbaarheid, de ruimtelijke aspecten en de investeringskosten van het verplaatsen of vervangen van een deel van het net dat op grond van het eerste lid is aangewezen.
-
Lid 5. Onze Minister kan op aanvraag van een netbeheerder ontheffing verlenen van de verplichting op grond van het eerste lid, aanhef, voor een in die ontheffing aangewezen deel van het net indien het vervangen of verplaatsen van dat deel technisch of ruimtelijk niet haalbaar is of strijdig is met het belang van leveringszekerheid.
Procedure aanvraag ontheffing In het Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden nr 359 “Besluit van 3 oktober 2018, houdende nadere regels met betrekking tot het verplaatsen of verkabelen van een hoogspanningsverbinding” staat in artikel 6 de procedure voor het aanvragen van een ontheffing bij het ministerie van EZK vermeld:
-W.J.-HS-ADV-23003695 / Vrijgegeven / Versie 2.0
2/10
ADVIESNOTA -
Artikel 6. Procedure aanvraag ontheffing. De aanvraag, bedoeld in artikel 22a, vijfde lid, van de wet, bevat een beschrijving waarin wordt onderbouwd dat het vervangen of verplaatsen van dat deel technisch of ruimtelijk niet haalbaar is of strijdig is met het belang van leveringszekerheid
1.3
Onderbouwing advies geen verkabeling of verplaatsing aangewezen lijndeel Ermelo Aan de hand van de overzichtskaart opgenomen in figuur 1.1 (tevens opgenomen als bijlage) is voor beide mogelijke routes voor een dubbelcircuit kabelverbinding en de benodigde opstijgpunten toegelicht welke knelpunten zich voordoen.
Figuur 1.1 │Lijnverbinding Ede-Harderwijk (rode lijn), route 1 kabelcircuits (licht blauwe lijn), route 2 kabelcircuits (paarse lijn)
De voor beide routes genoemde knelpunten vormen een technische uitdaging, en/of zijn ruimtelijk niet wenselijk of in strijd met beleid en/of wet- en regelgeving, dan wel leveren een groter risico op voor de leveringszekerheid, met afwijkingen op de PvE’s van TenneT.
-W.J.-HS-ADV-23003695 / Vrijgegeven / Versie 2.0
3/10
ADVIESNOTA Route 1 (licht blauw) Bij de onderzochte route 1 wordt hoekmast 99 omgebouwd tot eindmast en opstijgpunt. De kabelcircuits gaan onder de Kolbaanweg richting Kalkoenweg. Vervolgens kruisen de circuits de spoorbaan en vervolgen de Kalkoenweg richting Harderwijkerweg (N303). De N303 wordt gekruist en de zijweg (ook Harderwijkerweg genaamd) wordt gevolgd. Als de kabelcircuits bij de Eendenparkweg aankomen buigen ze in noordelijke richting langs de Eendenparkweg tot het weiland ten noorden van Eendenparkweg 27 dan door het weiland, langs het zandpad naar een nieuw te plaatsen portaal als opstijgpunt tussen mast 104 en mast 105 (Natura 2000 gebied).
Figuur 1.2 │Route 1 kabelcircuits
Om langs bovengenoemd traject een tweetal kabelcircuits in te passen ontstaan de volgende knelpunten. 1. Opstijgpunt mast 99 Het ruimtebeslag van een opstijgpunt (OSP) is vele malen groter dan een hoekmast. Hier gaan de stroom voerende kabels van de lijn naar de grond, waardoor het opstijgpunt moet worden afgeschermd met een hekwerk. TenneT koopt de grond aan en verzoekt om een bestemmingsplanherziening waarmee het opstijgpunt wordt voorzien van de enkelbestemming “Bedrijf-Opstijgpunt”. Het hekwerk overlapt het fietspad langs de Kolbaanweg, waardoor deze oostelijk om het opstijgpunt heengeleid zou moeten worden. Daarnaast moeten de waterleiding (asbestcement) en overige ondergrondse infra worden omgelegd richting het spoor, met het fietspad mee. Gezien het feit dat dit een tweerichtingsfietspad betreft is dit verkeerskundig een zeer onwenselijke situatie en verlaagt dit de verkeersveiligheid (kans op frontale botsingen vanwege onoverzichtelijke bochten neemt toe). Verplaatsen van het opstijgpunt richting spoor is vanwege de EM-beïnvloeding geen optie. Daarnaast bevindt het hekwerk van dit opstijgpunt binnen een afstand van 40 meter vanaf een woonhuis met tuin (Julianalaan 80), waardoor deze situatie
-W.J.-HS-ADV-23003695 / Vrijgegeven / Versie 2.0
4/10
ADVIESNOTA niet zou voldoen aan de eis AM-Req-4236 uit het PvE van TenneT, waarin gestreefd wordt naar het hanteren van een vrije aanlegstrook van 40 m vanaf het hekwerk van het opstijgpunt. Verplaatsen van het opstijgpunt naar de westzijde van de Kolbaanweg is evenmin wenselijk, omdat de lijnen tussen mast 98 en 99 dan boven de gevoelige bestemming Julianalaan 84 (woning) zou komen. Ook is bij mast 98 de ruimte voor een opstijgpunt te beperkt om in te passen. 2. Opstijgpunt oostzijde (mast 104 of 105) Het eindpunt van de verkabeling conform de ministeriële aanwijzing betreft mast 104. Bij inspectie van de locatie van mast 104 is gebleken dat het ruimtebeslag van een opstijgpunt ter plaatse niet inpasbaar is, vanwege gebrek aan ruimte. Daarnaast zou het opstijgpunt direct naast woonhuis, Eendenparkweg 33 komen te staan en vlak naast vakantiewoningen van “Camping onder de Iep”, wat niet overeenkomstig de TenneT-beleidseis AM-Req-4236 is, waarin gestreefd wordt naar het hanteren van een vrije aanlegstrook van 40 m vanaf het hekwerk van het opstijgpunt, zie figuur 1.3. Daarom is de optie meegenomen om te verkabelen tot mast 105. Deze mast staat echter middenin een Natura2000-gebied dat een hoge mate van bescherming geniet.
Het ruimtebeslag van een opstijgpunt en de aanleg van een kabelcircuit tot aan dat opstijgpunt zou een groot deel van Natura2000 verstoren en waarschijnlijk een onacceptabele stikstofdepositie veroorzaken als gevolg van de realisatiefase, waardoor niet voldaan wordt aan de Wet natuurbescherming.
Figuur 1.3 │Mast 104, beoogde locatie opstijgpunt
Voor de verkabeling is de optie van een portaal als opstijgpunt tussen mast 104 en 105 derhalve beschouwd als mogelijk haalbare optie. Dit portaal is dan geprojecteerd aan de rand in het Natura2000 gebied, op de boomloze strook onder de lijnverbinding, langs het wandelpad ten westen van het Natura2000 gebied. Een opstijgpunt in de vorm van een portaal zou inhouden dat TenneT een oppervlakte van ca 720 m2 dient aan te kopen om het portaal en de omringende hekwerken te kunnen bouwen en onderhouden, die ruimte wordt dan geclaimd van het Natura2000 gebied, omdat dit portaal binnen de grenzen van het Natura2000gebied ligt. Vanuit het beheer van dit natuurgebied en het bevoegd gezag de provincie Gelderland zal dat als zeer onwenselijk worden beschouwd en een moeizaam traject worden. Daarnaast is de afstand tot de vakantiewoningen op -W.J.-HS-ADV-23003695 / Vrijgegeven / Versie 2.0
5/10
ADVIESNOTA Camping Onder de Iep circa 40 meter, hetgeen evenmin voldoet aan de eisen vanuit TenneT, waarin gestreefd wordt naar het hanteren van een vrije aanlegstrook van 40 meter vanaf het hekwerk van het opstijgpunt. 3. Parallelligging Spoorlijn Amersfoort-Zwolle Vanuit de beheerder van het spoorwegennet “ProRail” is het de verplichting van initiatiefnemers in het kader RLN000398 de eventuele beïnvloeding op het spoorsysteem te onderzoeken. Deze beïnvloeding van stroom voerende kabels is het kleinst als de kabels het spoor haaks kruisen en neemt toe bij toenemende parallelligging. Daarom wil ProRail een beoordeling als binnen een afstand van 700 meter uit het hart van de spoorlijn er stroomkabels parallel liggen/komen te liggen. In geval van route 1 komen de kabelcircuit vanaf mast 99 tot aan het weiland tegenover de Kalkoenweg (westzijde Kolbaanweg) over een lengte van ca 190 meter parallel aan het spoor te liggen op een afstand van nog geen 50 meter. Het risico is daarmee behoorlijk dat er beïnvloeding van het spoorsysteem en de beveiliging mogelijk is, waardoor aanpassingen noodzakelijk zijn aan het spoorsysteem. Dat is onwenselijk. 4. ZRO/belemmerde strook raakt woonbestemmingen De ZRO-strook (zakelijk recht van opstal) en belemmerde strook van twee circuits in Horizontal Directional Drilling (HDD)boringen is 17 meter breed.
Deze strook kan in open ontgraving worden verkleind naar 10 meter breedte. De breedte van de wegen waardoor de kabelcircuits aangelegd dienen te worden bedragen, tussen perceelgrens en perceelgrens: - Kalkoenweg: 10,5 m; - Zijpad Harderwijkerweg: 6 m; - Perceel kadastraal bekend onder sectie E nr 3783: 10 m; - Eendenparkweg: 20 m. Bovenstaande houdt in dat de ZRO-strook langs de Kalkoenweg valt over elk woonperceel langs de noordzijde van de Kalkoenweg. Bovendien zal de ZROstrook overlappen met het bedrijfsterrein van “Open Doors” aan de Harderwijkerweg 136 en zal een beperking vormen voorde beoogde nieuwbouw aan de Eendenparkweg. Het gaat hier om totaal meer dan 20 belanghebbenden met een woonhuis met tuin waarvan het perceel belemmerd zou worden door de ZRO-strook en de belemmerde strook van de hoogspanningskabel, hetgeen niet wenselijk is. 5. Kabelcircuits lopen door gebied met hoge archeologische waarde Het gehele gebied van de lijnverbinding en de kabelroute valt binnen een gebied met een hoge archeologische verwachtingswaarde. De kans dat een verstoring van de bodem impact heeft op historisch erfgoed is aanwezig. Om dat te voorkomen is het niet wenselijk om de lijnverbinding te verkabelen, aangezien dit een grote mate van grondverstoring met zich meebrengt. 6.
Kabelcircuits lopen door locaties met bodemverontreiniging Langs de Harderwijkerweg 130-136 bevindt zich een ernstige bodemverontreiniging tevens in het grondwater. Het tracé van de kabelcircuits volgens route 1 gaat door deze verontreiniging. Ter plaatse betreft dit een gedeelte in HDD-boringen. Als gevolg van de werkzaamheden kan er effect ontstaan op het verspreidingsgedrag
-W.J.-HS-ADV-23003695 / Vrijgegeven / Versie 2.0
6/10
ADVIESNOTA van deze ernstige verontreiniging. Dit vergt veel onderzoek en afstemming met bevoegd gezag. 7. Kabelcircuits en HDD-boringen vergen kap houtopstand Ten behoeve van de HDD boringen en het noodzakelijke werkterrein voor de boorinstallaties zal het beboste terrein in de zuidwesthoek van de kruising Kalkoenweg met de Harderwijkerweg vrijwel volledig gekapt moeten worden. Het uitzicht op het groen van de bewoners aan de Kalkoenweg 2 t/m 8 en aan het Arianehof, alsmede de Harderwijkerweg 128 en 130 zal daardoor beïnvloed worden. De kans is groot dat de betreffende bewoners hier bezwaar tegen zullen maken. Bovendien bestaat de kans dat deze bomenkap leidt tot verstoring van beschermde soorten, hetgeen waarschijnlijk strijdig is met de Wet natuurbescherming. Indien er een significant effect op Natura2000-gebied optreedt moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden: - Geen reëel alternatief beschikbaar (in stand houden lijnverbinding is dat wel); - Dat er een dwingend algemeen belang is (verkabeling heeft een algemeen belang, maar geen algemeen dwingend belang); - Het significante effect dient gecompenseerd te worden. 8. Kabelcircuits belemmeren potentiële bouwlocaties De beoogde kabelcircuits van route 1 lopen door de onbebouwde weilandpercelen tussen Eendenparkweg nr 25a en nr 27. In dit gebied bestaan plannen voor nieuwbouw van woningen.
Deze plannen worden waarschijnlijk eerder gerealiseerd, waardoor deze route onhaalbaar wordt vanwege schade en hinder tijdens de aanleg en de gebruiksbeperkingen vanuit de ZRO-strook en belemmerde strook in de beheerfase. 9. Kabelcircuits en opstijgpunt oostzijde raken Natura2000-gebied Het laatste deel van de kabelcircuits richting het portaal in Natura2000 gebied loopt parallel aan dit Natura2000 gebied. De werkzaamheden hebben daarom direct impact op dat gebied, wat onwenselijk is. 10. Kabelcircuits liggen parallel aan overige ondergrondse infra In de Kalkoenweg bevinden zich distributie netten van water en Gasleidingen, welke grotendeels parallel liggen aan de kabelcircuits conform route 1. Hierdoor zou een risico ontstaan op onwenselijke onderlinge beïnvloeding tussen hoogspanningskabels en overige ondergrondse infrastructuur.
-W.J.-HS-ADV-23003695 / Vrijgegeven / Versie 2.0
7/10
ADVIESNOTA Route 2 (paars) Bij route 2 wordt hoekmast 99 omgebouwd tot eindmast en opstijgpunt. De kabelcircuits gaan onder de Kolbaanweg richting rotonde met de Julianalaan. Vervolgens kruisen de circuits in oostelijke richting in HDD-boringen de Kolbaanweg, een bosperceel en de spoorbaan en vervolgen door de Prins Hendriklaan richting rotonde met de Harderwijkerweg te gaan. Daar vervolgen de circuits de Fazantlaan tot aan de Eendenparkweg. Deze weg wordt gekruist en vervolgens volgen de kabelcircuits het fietspad langs Park Horloo richting Natura2000-gebied. Daar buigen de circuits in noordelijke richting af naar het nieuw te bouwen opstijgpunt middels een portaal aan de rand in het Natura2000 gebied onder de bestaande lijn tussen mast 104 en 105.
Figuur 1.4 │Route 2 kabelcircuits
Om langs bovengenoemd traject een tweetal kabelcircuits in te passen ontstaan de volgende knelpunten. 1. Opstijgpunt mast 99 Idem als bij route 1. 2. Opstijgpunt oostzijde (mast 104 of 105) Idem als bij route 1. 3. Parallelligging Spoorlijn Amersfoort-Zwolle De route 2 gaan de kabelcircuit vanaf mast 99 in zuidelijke richting langs de Kolbaanweg schuin van het spoor af, maar wel parallel aan het spoor binnen een afstand van 700 m over een lengte van ca 200 m. De gemiddelde afstand tot het hart spoor bedraagt ca 85 m. Het risico is daarmee behoorlijk (maar minder dan bij route 1) dat er beïnvloeding van het spoorsysteem en de beveiliging mogelijk is, waardoor aanpassingen noodzakelijk zijn aan het spoorsysteem. Dat is onwenselijk. -W.J.-HS-ADV-23003695 / Vrijgegeven / Versie 2.0
8/10
ADVIESNOTA
4. ZRO/belemmerde strook raakt woonbestemmingen De ZRO-strook en de belemmerde strook van twee circuits in HDD-boringen is 17 meter breed. Deze strook kan in open ontgraving worden verkleind naar 10 meter breedte. De breedte van de wegen waardoor de kabelcircuits aangelegd dienen te worden bedragen, tussen perceelgrens en perceelgrens: - Prins Hendriklaan: 14 m; - Fazantlaan voor Ardoer Camping en bungalowpark De Haeghehorst: 14 m; - Fazantlaan vanaf “Het Veluwse Ros: 19 m; - Fietspad rond park Horloo, Parc Veluwerijck en Camping onder de Iep: 3 m, tussen de bomen door. Bovenstaande houdt in dat de ZRO-strook langs de Prins Hendriklaan valt over elk woonperceel langs de noord- en zuidzijde van deze weg. Het gaat hier om totaal meer dan 28 belanghebbenden met een woonhuis met tuin waarvan het perceel belemmerd zou worden door de ZRO-strook en de belemmerde strook van de hoogspanningskabel, hetgeen niet wenselijk is. 5. Kabelcircuits lopen door gebied met hoge archeologische waarde Idem als bij route 1. 6. Kabelcircuits lopen door locaties met bodemverontreiniging Bij route 2 is de kans op het raken van een ernstige bodemverontreiniging minder groot vanwege de ligging onder de openbare wegen. Op de percelen langs deze wegen bevinden zich meerdere potentiële bodemverontreinigingen. 7.
Kabelcircuits en HDD-boringen vergen kap houtopstand Ten behoeve van de boorapparatuur voor de HDD-boringen is een werkterrein nodig van ca 1.200 m2. Aan de noordzijde van de Plas van Beek aan de Prins Hendriklaan is een dergelijk werkterrein voorzien. Hiervoor zullen een aantal aanwezig bomen gekapt moeten worden. Dit geldt tevens voor een strook grond van minimaal 10 meter breedte langs het fietspad parallel aan het Natura2000 gebied. Het fietspad is slechts 3 meter breed, waardoor de bomen over een strook van tenminste 7 meter breedte en een lengte van circa 350 meter moeten wijken. Dat zijn veel bomen langs de genoemde campings en bungalowparken. De kans is zeer groot dat de betreffende bewoners hier bezwaar tegen zullen maken. Bovendien bestaat de kans dat deze bomenkap leidt tot verstoring van beschermde soorten. Indien er een significant effect op Natura2000-gebied optreedt moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden: - Geen reëel alternatief beschikbaar (in stand houden lijnverbinding is dat wel); - Dat er een dwingend algemeen belang is (verkabeling heeft een algemeen belang, maar geen algemeen dwingend belang); - Het significante effect dient gecompenseerd te worden. 8. Kabelcircuits belemmeren potentiële bouwlocaties Niet van toepassing op route 2.
-W.J.-HS-ADV-23003695 / Vrijgegeven / Versie 2.0
9/10
ADVIESNOTA 9. Kabelcircuits en opstijgpunt oostzijde raken Natura2000-gebied Het laatste deel van de kabelcircuits richting het portaal in Natura2000 gebied loopt parallel aan dit Natura2000 gebied. De werkzaamheden hebben daarom direct impact op dat gebied en vallen ook in dat gebied over een lengte van circa 350 meter, wat onwenselijk is. Er zal toestemming noodzakelijk zijn van de provincie Gelderland, hetgeen een lastig traject zal worden, mede gezien de verwachte stikstofdepositie tijdens de realisatiefase. 10. Kabelcircuits liggen parallel aan overige ondergrondse infra In de Prins Hendrikstraat en de Fazantlaan bevinden zich distributie netten van water- en Gasleidingen, welke grotendeels parallel liggen aan de kabelcircuits conform route 2. Hierdoor zou een risico ontstaan op onwenselijke onderlinge beïnvloeding tussen hoogspanningskabels en overige ondergrondse infrastructuur. 11. Kabelcircuits doorsnijden van onontplofte oorlogsresten verdacht gebied Rond de overweg van het spoor in de Julianalaan wordt de bodem verdacht van het voorkomen van onontplofte oorlogsresten. Route 2 doorkruist deze locatie, zodat bij de aanleg van de kabelcircuits ter plaatse rekening gehouden dient te worden met veiligheidsmaatregelen en aanvullend onderzoek naar onontplofte oorlogsresten.
Dat is niet wenselijk 1.4 Verzoek tot ontheffing Op grond van de bovenstaande onderbouwing kan geconcludeerd worden dat de verkabeling van de 150kV-hoogspanningslijn tussen mast 99 en portaal 104/105 te Ermelo ruimtelijk en technisch niet haalbaar is. Daarom vraagt TenneT, namens de Netbeheerder Liander, in de zin van artikel 1:3, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), ontheffing aan bij de Minister van EZK. Deze aanvraag behelst het advies om het aangewezen gedeelte tussen mast 99 en mast 104 te Ermelo niet ondergronds te brengen, op grond van artikel 22a lid 4 van de Elektriciteitswet 1998.
-W.J.-HS-ADV-23003695 / Vrijgegeven / Versie 2.0
10/10